Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-2012nr. 105, item 69

69 Ruimtevaart

Aan de orde is de behandeling van:

  • - het verslag van een schriftelijk overleg over ruimtevaart ( 24446, nr. 47 ).

De beraadslaging wordt geopend.

De heer Verhoeven (D66):

Voorzitter. We hebben een schriftelijk overleg gehad over de ruimtevaartsector. Als één sector zich in de afgelopen tijd heeft bewezen, dan is het de ruimtevaartsector, die heeft laten zien dat Nederland niet alleen hoog in de ruimte kan komen, maar dat dit ook heel veel banen en innovatiekracht oplevert. D66 vindt het met een aantal andere partijen van groot belang dat deze sector zich kan blijven ontwikkelen. Daarom hebben wij de volgende motie opgesteld.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat voor Nederland door de aanwezigheid van ESTEC de investeringen in ruimtevaart extreem goed renderen met een ratio van 1:5;

overwegende dat de ESA-contributie bij de taakstellingen dezelfde behandeling kreeg als subsidies;

overwegende dat de aanwezigheid van ESTEC voortkomt uit een stevige Nederlandse bijdrage aan ruimtevaartprogramma's en de toekomstige positie hier zeker ook mee samenhangt;

overwegende dat er nu voor 2015 en verder een korting van 33 mln. is ingeboekt op de Nederlandse ESA-bijdrage;

overwegende dat de minister in de beantwoording van het schriftelijk overleg Ruimtevaart expliciet stelt dat hij bereid is extra middelen voor ruimtevaart in overweging te nemen;

spreekt de wens uit dat de korting op ruimtevaart ongedaan gemaakt wordt;

verzoekt de regering om geen onomkeerbare stappen te zetten en te blijven zoeken naar een oplossing die de voorgenomen korting kan repareren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Verhoeven, Koppejan, Gesthuizen, Braakhuis en Dijksma.

Zij krijgt nr. 48 (24446).

Mevrouw Schaart (VVD):

Voorzitter. De VVD wil de bezuinigingen op ruimtevaart heel graag terugdraaien. De minister gaf duidelijk aan in zijn brief van vorige week dat de Kamer aan zet is. Samen met de heer Van Vliet van de PVV hebben wij een dekking gevonden: 33 mln. in een ongebruikt subsidiepotje voor energiebeleid van maar liefst 1.5 mld. Het zou toch mogelijk moeten zijn om dit aan te wenden voor de ruimtevaart. De Nederlandse kennis op het gebied van weersatellieten, atmosfeeranalyse en routeringstechnologie draagt sterk bij aan brandstofbesparing in zee- en luchtvaart, en is dus ook goed voor het energiebeleid. Daarom dienen de heer Van Vliet en ik de volgende motie in.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat voor Nederland investeringen in ruimtevaart zeer kosteneffectief zijn, doordat die leiden tot veel extra opdrachten voor het bedrijfsleven;

overwegende dat door korting op de investeringen in ruimtevaart 2700 banen bij het Europees centrum voor ruimtevaart (ESTEC) in Noordwijk in gevaar komen;

overwegende dat de structurele korting van 33 mln. op ruimtevaart voor de sector een groot verlies is, maar op de begroting van EL&l in hel niet valt ten opzichte van andere budgetten;

constaterende de bereidheid van de minister – in zijn beantwoording van het schriftelijk overleg ruimtevaart – om alternatieven in overweging te nemen;

overwegende dat onder artikel 14.3 op de begroting van EL&I "Bevorderen van een duurzame en veilige energievoorziening" voor de komende jaren bedragen zijn gereserveerd oplopend tot 1,5 mld. in 2015, waarvan bijna de helft nog niet is toegerekend;

verzoekt de regering om de structurele korting van 33 mln. op ruimtevaart ongedaan te maken en deze financiering te compenseren op bovengenoemd artikel 14.3,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Schaart en Van Vliet. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 49 (24446).

Er zijn twee moties ingediend. Er hebben zich geen andere woordvoerders gemeld. We wachten even tot de minister beide moties heeft.

Minister Verhagen:

Voorzitter. In de motie-Verhoeven c.s. op stuk nr. 48 worden eigenlijk twee dingen verzocht. Wij zijn het allemaal eens over het belang van de ruimtevaart. In de motie wordt allereerst de wens uitgesproken om de korting op ruimtevaart ongedaan te maken. Voorts wordt de regering verzocht, geen onomkeerbare stappen te zetten. Ik heb de Kamer aangegeven dat ik me heb te houden aan de afspraken die gemaakt zijn in het regeerakkoord en vervolgens door vijf fracties in het Lenteakkoord, waaronder de handtekening staat van bijna alle fracties in de Kamer die ook de motie hebben ondertekend, met uitzondering van mevrouw Dijksma. Volgens mij wilde mevrouw Dijksma absoluut niet met dat begrotingsakkoord geafficheerd worden. De Kamer had de kans om bij dat begrotingsakkoord afspraken te maken, maar zij heeft dat niet gedaan. In de motie wordt een voorstel gedaan om de korting ongedaan te maken. Dat voorstel is echter ongedekt. Ik voel dan ook geen mandaat om van de afspraken van de vijf fracties af te wijken. Ik ontraad de motie dus op dat punt.

In de motie wordt voorts verzocht om geen onomkeerbare stappen te zetten. Dat kan ik rustig toezeggen, want het staat de Kamer vrij om bij de algemene beschouwingen een alternatief voorstel in te dienen. Het gaat immers om middelen ten behoeve van 2013 en volgende jaren. Ik roep de indieners op om bij de algemene beschouwingen een dekking aan te geven, zodat steun voor de ruimtevaart niet alleen bij een woord blijft, maar ook een daad wordt.

Ik kom te spreken over de motie op stuk nr. 49, van mevrouw Van Schaart en de heer Van Vliet. De indieners vinden de dekking bij de middelen voor hernieuwbare energie. In het regeerakkoord, waaraan de heer Van Vliet zich weliswaar niet gebonden acht maar mevrouw Schaart wel – daar ga ik althans van uit; anders belooft dat nog veel goeds – is voor hernieuwbare energie structureel 1,4 mld. per jaar aan kasmiddelen opgenomen. Die zijn nodig om in te zetten op het realiseren van de doelstellingen, waaronder de Europese verplichte doelstelling van 14% duurzame energie. Het Planbureau voor de Leefomgeving heeft al aangegeven dat met de huidige middelen maximaal 12% zal worden gehaald. Elke euro minder maakt de kans dus kleiner dat wij de doelstelling halen. De indieners willen de ruimtevaart financieren vanuit de SDE, maar dat mag juridisch gezien zelfs niet. Op basis van middelen mag je de heffing die wordt geleverd ten aanzien van de energiehuishoudens in dit land alleen besteden ten behoeve van duurzame energie. Met alle respect: een raket in de lucht schieten kan ik niet zien als duurzame energie. Dit staat los van het feit dat ruimtevaart als zodanig buitengewoon nuttig is in het kader van technologische ontwikkelingen. Deze dekking is dus ondeugdelijk; derhalve ontraad ik de motie.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:

Ik dank de minister voor de beantwoording.

Wij stemmen over de ingediende motie bij de eindstemming.