Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-2012nr. 105, item 73

73 Gewetensbezwaarde (trouw)ambtenaar

Aan de orde is het debat naar aanleiding van een algemeen overleg op 5 juli 2012 over de positie van de gewetensbezwaarde (trouw)ambtenaar.

Mevrouw Van Gent (GroenLinks):

Voorzitter. Hartelijk dank. Dit is mijn laatste VAO en mijn laatste optreden in de Tweede Kamer en het is voor mij heel bijzonder dat het nou net over de gewetensbezwaarde trouwambtenaar gaat. Wij hebben hier vaak met elkaar over gediscussieerd. Vorig jaar november is een motie van mij aangenomen. Helaas is zij nog niet door het kabinet uitgevoerd. Ik hoop echter dat dit wel gaat gebeuren na de motie die ik vandaag indien en ik hoop dat ook deze motie een meerderheid krijgt.

Het waren 5162 fantastische dagen. Ik wil toch even mijn medewerkers en al het ondersteunend personeel van de Tweede Kamer bij dezen uit de grond van mijn hart heel erg bedanken voor al hun goede zorgen al die jaren. Heel erg bedankt! Zonder hen had het niet gekund.

Voorzitter. Dan dien ik nu mijn motie in.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat ambtenaren de wet dienen na te leven en uit te voeren en dat daartoe ook de verplichting behoort dat bij de uitvoering van taken niet in strijd gehandeld mag worden met het discriminatieverbod;

overwegende dat er desalniettemin nog altijd nieuwe gewetensbezwaarde trouwambtenaren worden aangenomen;

constaterende dat de Kamer met de motie-Van Gent (27017, nr. 77) de regering heeft opgeroepen met een wettelijke regeling snel een einde te maken aan het fenomeen van de weigerambtenaar;

overwegende dat de Commissie Gelijke Behandeling in haar advies uit 2008 aanbeveelt "bij Algemene Maatregel van Bestuur te regelen dat ambtenaren van de burgerlijke stand kunnen worden aangesteld voor al hun wettelijke taken, met uitzondering van de taken aangaande de huwelijksvoltrekking en het registreren van partnerschappen";

overwegende dat aanpassing van het besluit Burgerlijke stand via een AMvB in de rede ligt;

verzoekt de regering, conform te handelen en ervoor te zorgen dat de nieuwe regeling op 1 januari 2013 in werking kan treden,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Van Gent, Heijnen en Jasper van Dijk. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 38 (32550).

De heer Heijnen (PvdA):

Voorzitter. Ik spreek mijn waardering uit voor het scheidend Kamerlid Van Gent, die net voor mij haar laatste woorden in deze Kamer heeft gesproken, zoals het er nu naar uitziet. Ik heb ook inhoudelijk waardering voor datgene wat zij op dit onderwerp altijd heeft gedaan. Ik dien mede namens de heer Schouw, mevrouw Thieme, de heer Brinkman en de heer Van Dijk van de SP de volgende motie in.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat naar het oordeel van de Raad van State het aanstellen van nieuwe trouwambtenaren met gewetensbezwaren tegen het sluiten van huwelijken van mensen met hetzelfde geslacht nog steeds mogelijk is;

van mening dat dit ongewenst is;

overwegende dat de Kamer wetsvoorstellen in behandeling heeft die voorzien in nieuwe regelgeving voor deze "weigerambtenaren";

verzoekt de regering, gemeenten op te roepen intussen in ieder geval geen nieuwe trouwambtenaren met genoemde gewetensbezwaren aan te stellen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Heijnen, Schouw, Thieme, Brinkman en Jasper van Dijk.

Zij krijgt nr. 39 (32550).

Mevrouw Van Toorenburg (CDA):

Voorzitter. We hebben een gepolariseerd, maar toch goed debat gevoerd over de gewetensbezwaarde ambtenaar. De CDA-fractie heeft kunnen uitspreken dat zij trots is op homohuwelijken. Niets mag partners van gelijk geslacht in de weg staan om in het huwelijk te treden, dat hebben wij met elkaar verzekerd. Bij incidenten waaruit het tegendeel zou blijken, moet effectief worden opgetreden. Daarom en dan ook alleen daarom zien wij geen noodzaak om de godsdienstvrijheid in te perken. Met de Raad van State zijn wij daarom van mening dat er geen objectieve reden is om gewetensbezwaarden te sanctioneren. Dan zou de overheid zich schuldig maken aan discriminatie. Zoals is gebleken, wil niemand dat in deze zaal.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

Minister Spies:

Voorzitter. Ook vanaf deze plek durf ik toch wel hardop te zeggen dat ik mevrouw Van Gent misschien wel een beetje zal missen, maar ik dacht in 2010 ook dat ik nooit meer het woord in de Kamer zou voeren, dus je weet maar nooit. In dit geval ga ik niet in op het voorstel om te ruilen, want ik ga voor mijn eigen verantwoordelijkheid.

Mevrouw Van Gent heeft de motie op stuk nr. 38 ingediend. Deze verzoekt de regering om via een AMvB te regelen dat nieuwe gewetensbezwaarde trouwambtenaren niet meer kunnen worden aangenomen en om te komen met een wettelijke regeling die snel een einde moet maken aan het fenomeen van de weigerambtenaar. Ik heb vanmorgen in het debat al aangegeven dat de regering verdere stappen ten aanzien van het fenomeen gewetensbezwaarde trouwambtenaar overlaat aan een nieuw, missionair kabinet. Ik merk bij deze motie op dat het instrument dat mevrouw Van Gent vraagt, gebrekkig is. De AMvB waar mevrouw Van Gent om vraagt, kan alleen regelen dat een gewetensbezwaarde ambtenaar andere taken krijgt.

Als het mevrouw Van Gent erom te doen is, de aanstelling van nieuwe trouwambtenaren met gewetensbezwaren tegen te gaan en ontslag van zittende trouwambtenaren te regelen– zoals ik uit haar woorden heb begrepen en ook uit de overwegingen van de motie heb opgemaakt – dan kan dat niet met deze algemene maatregel van bestuur. Ook in die zin is de motie technisch niet uitvoerbaar. Datgene wat mevrouw Van Gent vraagt met deze AMvB kan in deze AMvB niet geregeld worden. Dat blijkt ook uit het advies van de Commissie Gelijke Behandeling. Deze motie op deze manier is echt niet uitvoerbaar, nog even los van het feit dat de regering verdere stappen op dit dossier overlaat aan een volgende missionaire regering.

De voorzitter:

Mevrouw Van Gent, zal ik u toch uw laatste interruptie toestaan?

Mevrouw Van Gent (GroenLinks):

Dat zou heel aardig van u zijn, voorzitter.

De voorzitter:

Bij dezen!

Mevrouw Van Gent (GroenLinks):

Ik wist eigenlijk wel dat u het in zich had.

De voorzitter:

Stijlvol tot het eind!

Mevrouw Van Gent (GroenLinks):

Hartelijk dank. Ik verwijs naar het advies van de Commissie Gelijke Behandeling uit 2008. Dat heb ik in mijn motie van november vorig jaar ook al gedaan. Ik heb een vraag aan de minister. Is hier nu sprake van politieke onwil of is het niet mogelijk? Ik denk dat die twee dingen door elkaar heen lopen. Als mijn motie vanavond wordt aangenomen – wat ik natuurlijk hoop – dan zal ik het gehele kabinet, inclusief de VVD-bewindslieden, vragen om een reactie. Die wacht ik dan af. Het lijkt er immers op dat dit kabinet geen zin heeft om een einde te maken aan het fenomeen weigerambtenaren. Ook de Commissie Gelijke Behandeling heeft iets over een AMvB gezegd. Of je het nu linksom of rechtsom regelt, ik wil gewoon dat het geregeld wordt. Wil de minister dat ook?

Minister Spies:

Het kan alleen geregeld worden in een AMvB voor bestaande gewetensbezwaarde ambtenaren die andere taken kunnen krijgen. Als mevrouw Van Gent beoogt te regelen, zoals zij in haar motie aangeeft, dat zij wil voorkomen dat er nieuwe gewetensbezwaarde ambtenaren worden aangesteld of dat buitengewone ambtenaren met gewetensbezwaren worden ontslagen, dan kan dat echt niet in de AMvB waar mevrouw Van Gent om vraagt. Dat is ook heel expliciet opgeschreven in het advies van de Commissie Gelijke Behandeling. Er kan geen wettelijke regeling per 1 januari 2013 worden gevraagd als in die wettelijke regeling technisch niet geregeld kan worden wat mevrouw Van Gent vraagt.

In de motie-Heijnen c.s. op stuk nr. 39 wordt de regering verzocht, gemeenten op te roepen geen nieuwe trouwambtenaren met genoemde gewetensbezwaren aan te stellen. In de overwegingen wordt heel nadrukkelijk aangegeven dat de Kamer wetsvoorstellen in behandeling heeft die voorzien in nieuwe regelgeving voor deze weigerambtenaren. Het is in mijn beleving goed gebruik dat niet vooruit wordt gelopen op de resultaten van welke parlementaire behandeling dan ook. Het lijkt mij dus ook niet aan de regering om, terwijl die parlementaire behandeling nog niet is afgerond en ook nog niet kan worden aangegeven wanneer dat wel het geval is, nu deze motie in uitvoering te nemen. Ik ontraad dus de motie.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:

De stemmingen vinden vanavond nog plaats.