Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2013-2014nr. 102, item 29

29 Ontwerpbesluit beheer verpakkingen 2014

Aan de orde is het VSO over het ontwerpbesluit beheer verpakkingen 2014 (28694, nrs. 115 en 116). 

Mevrouw Cegerek (PvdA):

Voorzitter. Op dit moment wil de Partij van de Arbeid statiegeld niet afschaffen, omdat de prestatieafspraken in de raamovereenkomst niet zijn gehaald. Dit VSO gaat over het ontwerpbesluit beheer verpakkingen. Daarin staan een aantal artikelen met betrekking tot het statiegeld. Wij willen dat deze artikelen in het besluit teruggeplaatst worden en niet geschrapt worden. D66 zal namens ons een motie daarover indienen. 

De heer Van Gerven (SP):

Voorzitter. Ik dien de volgende moties in. 

Motie

De Kamer, 

gehoord de beraadslaging, 

constaterende dat een legal opinion, gedateerd 4 april 2014, is opgesteld — in opdracht van de Stichting Ons Statiegeld, de milieubeweging vertegenwoordigd door Recycling Nederland en een emballageproducent — betreffende de Raamovereenkomst Verpakkingen, die is gesloten door de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu, een meerderheid van het verpakkende bedrijfsleven en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten; 

constaterende dat een inhoudelijke reactie van de staatssecretaris op deze legal opinion ontbreekt; 

constaterende dat in de brief van 10 april 2014 gesteld is dat de afschaffing van statiegeld geen doorgang zou vinden als er één prestatiegarantie niet is nagekomen; 

constaterende dat met de Raamovereenkomst Verpakkingen een totaalpakket van afspraken is geformuleerd, waarmee gewaarborgd zou (moeten) worden dat het bedrijfsleven forse, afdwingbare stappen zou nemen ter zake van de verduurzaming van verpakkingen en hoogwaardige recycling; 

constaterende dat in de legal opinion is weergegeven dat er — naast de prestatieafspraken ex artikel 11, lid 1, van de Raamovereenkomst — nog veel meer afspraken zijn neergelegd in de Raamovereenkomst, welke in belangrijke mate niet zijn nagekomen; 

verzoekt de regering, te komen met een reactie op de in de legal opinion benoemde tekortkomingen en/of niet nakoming ter zake de Raamovereenkomst, 

en gaat over tot de orde van de dag. 

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Gerven. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. 

Zij krijgt nr. 119 (28694). 

Motie

De Kamer, 

gehoord de beraadslaging, 

constaterende dat het inzamelresultaat voor plastic grote statiegeldflessen voor frisdranken en water met 95% hoog is; 

constaterende dat op kleine plastic flesjes in Nederland nog geen statiegeld zit, waardoor meer dan de helft van de flesjes niet apart worden ingezameld; 

constaterende dat honderden miljoenen flesjes nog "gewoon" de vuilnisbak ingaan en daarna worden verbrand en tientallen miljoenen flesjes op straat of in de natuur worden weggegooid; 

constaterende dat kleine plastic flesjes daarmee hoge opruimkosten voor gemeenten veroorzaken, dierenleed veroorzaken en veel plastic terechtkomt in de plastic soep in de oceanen; 

constaterende dat voor statiegeld groot maatschappelijk draagvlak bestaat; 

constaterende dat met een statiegeldsysteem alle kunststof wordt gerecycled en het recyclaat van hoge kwaliteit is, waardoor er veel milieuwinst is; 

verzoekt de regering, in het Verpakkingenbesluit een artikel op te nemen dat verplicht tot statiegeld op kleine plastic flesjes, 

en gaat over tot de orde van de dag. 

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Gerven. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. 

Zij krijgt nr. 120 (28694). 

Mevrouw Ouwehand (PvdD):

Ik heb een soortgelijke motie voorbereid. Alleen, ik wil er ook blikjes onder brengen. Kan ik meedoen met de motie van de heer Van Gerven en het uitbreiden naar blikjes of zal ik mijn eigen motie indienen? 

De heer Van Gerven (SP):

Ik stel voor dat u uw eigen motie indient en dat we hopen dat beide moties worden aangenomen. 

Mevrouw Van Veldhoven (D66):

Voorzitter. In het verpakkingenakkoord staat een heel duidelijke als-danbepaling: als aan alle voorwaarden is voldaan, dan wordt statiegeld vrijgegeven. Op dit moment geeft het nog geen pas om die bepaling voor statiegeld alvast te schrappen, nog voordat aan alle voorwaarden is voldaan. Daarom dien ik de volgende motie in. 

Motie

De Kamer, 

gehoord de beraadslaging, 

constaterende dat niet volledig aan de prestatiegaranties uit de Raamovereenkomst is voldaan en dat daarom op dit moment statiegeld niet wordt vrijgegeven; 

verzoekt de regering, de procedure voor het ontwerpbesluit voort te zetten, en hierbij de artikelen 8 tot en met 11 (met betrekking tot statiegeld) terug te plaatsen, 

en gaat over tot de orde van de dag. 

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Van Veldhoven, Cegerek, Dik-Faber, Van Tongeren en Ouwehand. 

Zij krijgt nr. 121 (28694). 

Mevrouw Ouwehand (PvdD):

Voorzitter. Alle prachtige overwegingen die de SP zojuist verwoord heeft in haar motie, maar dan in een kortere versie. 

Motie

De Kamer, 

gehoord de beraadslaging, 

constaterende dat flesjes en blikjes een groot deel van het zwerfafval uitmaken; 

verzoekt de regering, het statiegeldsysteem uit te breiden met kleine PET-flesjes en blikjes, 

en gaat over tot de orde van de dag. 

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Ouwehand. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. 

Zij krijgt nr. 122 (28694). 

Ik vond deze een stuk puntiger dan de motie van de heer Van Gerven. Misschien kunt u nog wat overleg plegen. 

De heer Remco Dijkstra (VVD):

Voorzitter. De VVD gaat voor een aantal toezeggingen. Als de staatssecretaris kan knikken, hoef ik wellicht geen moties in te dienen. Ten eerste wil ik graag dat zij de toezegging doet dat het ontwerpbesluit inzake verpakkingen niet wordt vertraagd. Als zij daarop kan knikken, hoef ik geen motie in te dienen. Verder wil ik graag dat zij onderstreept dat de bepalingen die nu geschrapt worden, helemaal niets met statiegeld te maken hebben, want het statiegeld werd via een andere verordening geregeld. Misschien kan zij dat de rest van de Kamer ook vertellen. Dan wil ik graag de toezegging van de staatssecretaris dat de raamovereenkomst niet van tafel is, omdat deze de motor is van onze verduurzamingsagenda. Tot slot wil ik heel helder hebben van de staatssecretaris dat er wordt gezegd: afspraak is afspraak, als er wordt getoetst in 2015. Als dan wel is voldaan aan de verwachtingen en de eisen die destijds gesteld zijn, zou het statiegeld alsnog per 1 januari 2016 kunnen worden vrijgegeven. 

De voorzitter:

Straks zal de staatssecretaris antwoorden. 

Staatssecretaris Mansveld:

De tweede vraag van de heer Dijkstra ontging mij. 

De heer Remco Dijkstra (VVD):

De tweede vraag betrof de raamovereenkomst die de motor is van onze verduurzamingsagenda. De staatssecretaris zou de afspraken die daarin staan, van overheidswege moeten respecteren. We moeten op de ingezette lijn doorgaan. De overheid moet de doelen stellen, terwijl het bedrijfsleven en de gemeenten de middelen mogen bepalen. Dat wil ik hier in de Kamer bekrachtigd zien. 

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):

Voorzitter. Ik dien de volgende motie in. 

Motie

De Kamer, 

gehoord de beraadslaging, 

overwegende dat niet aan de voorwaarden is voldaan om over te gaan tot afschaffing van het statiegeld; 

overwegende dat het Verpakkingenbesluit per 1 januari aanstaande moet ingaan, maar dat het afschaffen van het statiegeld hiervan geen onderdeel uitmaakt; 

overwegende dat de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu tijdens het algemeen overleg heeft aangegeven dat de borging van het statiegeld niet in het Verpakkingenbesluit 2015 zit en er daarmee geen sprake is van de mogelijkheid, het statiegeld af te schaffen; 

constaterende dat het Productschap Dranken dat de inzameling van statiegeldflessen bij Algemene Maatregel van Bestuur regelt, per 1 januari 2015 wordt opgeheven; 

constaterende dat de Stichting Afvalfonds Verpakkingen op grond van de raamovereenkomst privaatrechtelijk gehouden is om deze taak over te nemen van het productschap na opheffing; 

verzoekt de regering, voor 1 oktober 2014 met een uitwerking te komen op welke wijze de Stichting Afvalfonds Verpakkingen deze inzameling via statiegeld algemeen bindend kan afdwingen per 1 januari 2015, 

en gaat over tot de orde van de dag. 

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Tongeren. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. 

Zij krijgt nr. 123 (28694). 

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):

Voorzitter. Ik dien de volgende motie in. 

Motie

De Kamer, 

gehoord de beraadslaging, 

constaterende dat gewerkt wordt aan het op korte termijn opheffen van de productschappen en dat daarmee de huidige statiegeldverordening voor bierflesjes komt te vervallen; 

overwegende dat een andere, niet-wettelijke borging van statiegeld op bierflesjes ongewenste risico's met zich brengt voor de kwaliteit en de kracht van deze statiegeldverplichting; 

verzoekt de regering, in het Besluit beheer verpakkingen 2014 een artikel op te nemen dat verplicht tot statiegeld op bierflesjes, 

en gaat over tot de orde van de dag. 

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Dik-Faber. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. 

Zij krijgt nr. 124 (28694). 

Motie

De Kamer, 

gehoord de beraadslaging, 

constaterende dat in het eerste Verpakkingenbesluit dat in 2006 van kracht werd niet alleen hergebruiksverplichtingen waren opgenomen, maar ook inzamelverplichtingen voor bepaalde verpakkingen; 

overwegende dat zulke inzamelverplichtingen bruikbaar zijn om hoogwaardige inzameling en daarmee hoogwaardig hergebruik zeker te stellen; 

overwegende dat monitoring en handhaving van inzamelverplichtingen aanzienlijk eenvoudiger zijn dan monitoring en handhaving van verplichtingen in de vorm van hergebruikpercentages; 

verzoekt de regering, een artikel op te nemen in het Besluit beheer verpakkingen 2014 dat de regering de bevoegdheid geeft inzamelverplichtingen in te voeren voor nader te bepalen categorieën verpakkingen, 

en gaat over tot de orde van de dag. 

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Dik-Faber. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. 

Zij krijgt nr. 125 (28694). 

Tot zover de bijdragen van de leden van de Kamer. Ik las een pauze van enkele minuten in opdat de staatssecretaris de moties kan lezen. 

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst. 

Staatssecretaris Mansveld:

Voorzitter. Ik ga in op de eerste motie van de heer Van Gerven, de motie op stuk nr. 119. Ik heb kennisgenomen van de legal opinion. Die is betrokken bij de besluitvorming. Volgend jaar wordt deze ook betrokken bij het bezien van de situatie voor het definitieve besluit. Ik ontraad de motie. 

In zijn motie op stuk nr. 120 verzoekt de heer Van Gerven de regering om in het Verpakkingenbesluit een artikel op te nemen dat verplicht tot statiegeld op kleine plastic flesjes. Ik betrek hierbij gelijk de motie op stuk nr. 122 van mevrouw Ouwehand over het statiegeld op petflesjes en blikjes. Ik heb al vaker gezegd dat ik stuur op doelen en niet op middelen. Statiegeld is voor mij een middel. De doelen zijn meer recyclen en zwerfafval bestrijden. Het voorstel om statiegeld op kleine flesjes en blikjes te heffen veronderstelt dat dit het beste middel is om het doel te halen. Over zwerfafval zijn afspraken gemaakt. Daar heb ik in het algemeen overleg ook toezeggingen over gedaan. Met de gemeenten en Natuur & Milieu neem ik nu ook het initiatief om het gebruik van kansrijke inzamelsystemen met een positieve prikkel op lokaal niveau te stimuleren. Ik verwacht daar veel van. Gescheiden inzamelgedrag willen wij stimuleren zonder een middel voor te schrijven. Om die reden ontraad ik beide moties. 

De voorzitter:

Een korte verduidelijkende vraag van mevrouw Ouwehand. 

Mevrouw Ouwehand (PvdD):

Jammer dat de staatssecretaris minder overtuigd is van statiegeld dan wij, maar ik wilde zeggen dat mevrouw Dik-Faber mijn motie op stuk nr. 122 heeft medeondertekend … 

De voorzitter:

Dat voegen wij toe. 

Mevrouw Ouwehand (PvdD):

… en dat wij die motie in stemming brengen. 

Staatssecretaris Mansveld:

Dan ga ik in op de motie van mevrouw Van Veldhoven en vele anderen op stuk nr. 121. Met het ontwerpbesluit wordt uitvoering gegeven aan de gemaakte afspraken. In het ontwerpbesluit zijn geen artikelen over statiegeld meer opgenomen. Dit vloeit voort uit de gemaakte afspraken, zowel via de aangenomen motie-Leegte als in de door de Kamer gesteunde raamovereenkomst. In mijn brief van 16 juni heb ik de Kamer toegelicht hoe een en ander is geborgd. De Kamer vraagt mij nu niet in werking zijnde artikelen op te nemen. Ik zou hiermee de uitvoering op verzoek van de Kamer van de motie-Leegte verbreken en de gemaakte afspraken in de raamovereenkomst zouden daardoor niet worden nagekomen. Om die reden ontraad ik deze motie. 

Mevrouw Van Veldhoven (D66):

De raamovereenkomst zegt: als ..., dan ... . De motie-Leegte kwam daaroverheen. Dit gaat inderdaad rechtstreeks in tegen de motie-Leegte, die daarmee dus ook van tafel is. 

Staatssecretaris Mansveld:

Ik weet niet of ik degene ben die beoordeelt of moties van tafel zijn. Ik heb de Kamer mijn argumentatie gegeven. Ik ontraad deze motie om de gegeven redenen. 

Nu de vijfde motie, op stuk nr. 123. Ik heb al in het AO aangegeven hoe een en ander is geborgd. De motie vraagt om met een uitwerking te komen van de wijze waarop de Stichting Afvalfonds Verpakkingen de inzameling via statiegeld algemeen bindend kan afdwingen per 1 januari 2015. Ik heb het toegelicht. Blijkbaar zijn er nog vragen over. Ik zal een en ander nogmaals opschrijven in een brief, maar ik laat het oordeel over deze motie aan de Kamer. 

De motie op stuk nr. 124 verzoekt de regering een artikel op te nemen dat verplicht tot statiegeld op bierflesjes. Ik ontraad deze motie en ik heb daar twee redenen voor. Er is een positieve businesscase voor het systeem. Het huidige systeem voor bierflesjes is gericht op het hervullen van flesjes. Het werkt nu prima. Ik wil geen zaken gaan regelen die al goed zijn geregeld. 

De zevende motie, op stuk nr. 125, verzoekt de regering een artikel op te nemen in het Besluit beheer verpakkingen. Ik ontraad deze motie. We sturen op recycledoelen. De opname in het besluit leidt tot vertraging van de inwerkingtreding van het ontwerpbesluit. 

Er zijn nog een aantal vragen van de heer Dijkstra. Ik sta achter de raamovereenkomst. De doelen die we als totaalpakket hebben afgesproken, zijn voor mij belangrijk. Ik heb dat ook steeds aangegeven. Ik wil op doelen sturen en ik wil graag op ambitieuze doelen sturen. Op de voorzet van mevrouw Cegerek heb ik gezegd dat ik opnieuw in gesprek zal gaan met de branche, want ook daar zie ik ambities. Ik zie dat de branche in het kader van de drankkartonnen zelf in gesprek is met de gemeenten en dat zij daarvoor middelen aan de gemeenten beschikbaar stelt. Dat vind ik goede ontwikkelingen. Er is ook ruimte in die branche. Ik stuur op doelen, ik stuur niet op middelen. Daarom is als onderdeel van de raamovereenkomst een afspraak gemaakt over het vrijgeven van statiegeld, onder voorwaarden. Ik blijf voor die afspraken staan. Mijn voorganger heeft daar een handtekening onder gezet en ik vind dat de overheid betrouwbaar moet zijn. Daarom vind ik dit een sympathieke gedachte. Tegelijker beluister ik dat een deel van de Kamer behoefte heeft aan aanvullende informatie. Daarom heb ik in het AO van 18 juni gezegd dat volgend jaar de prestatiegaranties opnieuw zullen worden getoetst en dat ik een onderzoek naar de milieueffecten van de raamovereenkomst zal doen. Volgend jaar rond de zomer, direct na het beschikbaar komen van alle relevante informatie en na consultatie van de raamovereenkomstpartijen, zal ik de Kamer informeren over de uitkomsten en mijn conclusies. Ik hoop dat ik hiermee heel duidelijk ben geweest voor de heer Dijkstra. 

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):

Ik probeerde al enkele moties terug het woord te krijgen. Dat is nu dan toch gelukt. 

Het gaat over de vijfde motie, op stuk nr. 123. Ik hoorde van de staatssecretaris de toezegging dat wij een verheldering zullen krijgen. Ik wil deze motie daarom aanhouden. 

De voorzitter:

Op verzoek van mevrouw Van Tongeren stel ik voor, haar motie (28694, nr. 123) aan te houden. 

Daartoe wordt besloten. 

Mevrouw Dik-Faber (ChristenUnie):

De staatssecretaris wil sturen op doelen. De zevende motie, op stuk nr. 125, doet dat ook, namelijk met een inzamelverplichting die heel eenvoudig is te monitoren en te handhaven. Ik begrijp niet waarom dat tot vertraging zou leiden. Volgens mij is dit precies wat de staatssecretaris nodig heeft en leidt dit niet tot vertraging. 

Staatssecretaris Mansveld:

Opname in het besluit leidt wel tot vertraging van de inwerkingtreding van het ontwerpbesluit. Als dat voor mevrouw Dik-Faber heel onduidelijk is, wil ik dat met alle plezier schriftelijk toelichten, maar ik ontraad deze motie. 

De heer Remco Dijkstra (VVD):

We kijken volgend jaar opnieuw naar de afspraken. Dan toetsen we opnieuw. Kunnen wij het statiegeld per 1 januari 2016 vrijgeven als aan de afspraken is voldaan? 

Staatssecretaris Mansveld:

Die vraag is veelvuldig door de Kamer gesteld. Ik heb gezegd dat ik eerst wil weten hoe de prestatie-indicatoren uitpakken. Er is gevraagd naar het milieueffect van de raamovereenkomst. Voorts is gevraagd hoe de zaken in omringende landen gaan. Er is gevraagd om een heel pakket informatie. Ik heb toegezegd dat ik die informatie zal leveren. Ik heb gezegd dat ik dan ook mijn brede afweging zal maken. Ik vind het belangrijk dat we even alles verzamelen. Daarmee geef ik eigenlijk een half "ja" op uw vraag. Omdat er in het algemeen overleg om zoveel informatie is gevraagd, wil ik die gegevens eerst allemaal bij elkaar voegen. Dan zal ik ook kijken naar de prestatie-indicatoren en de stand van zaken met betrekking tot het vrijgeven van statiegeld. 

De beraadslaging wordt gesloten. 

De voorzitter:

Tot zover dit VSO. Vanavond of vannacht gaan we hierover stemmen. Wij gaan door met het VAO luchtvaart. De eerste spreker van de Kamer is de heer Graus van de fractie van de Partij voor de Vrijheid.