Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2017-2018nr. 103, item 55

55 Luchtkwaliteit

Aan de orde is het VAO Luchtkwaliteit (AO d.d. 05/07).

De voorzitter:

Aan de orde is het VAO Luchtkwaliteit. Een hartelijk woord van welkom. We hebben vijf sprekers van de zijde van de Kamer. De eerste spreker is mevrouw Van Eijs van de fractie van D66. Zij heeft, zoals iedereen, twee minuten spreektijd.

Mevrouw Van Eijs (D66):

Voorzitter. Allereerst zou ik graag willen benoemen dat de fractie van D66 erg blij is dat de staatssecretaris gekomen is met een aanpak van de knelpunten van luchtkwaliteit in de binnensteden, zodat die als het goed is voor het einde van het jaar allemaal verholpen zijn. Dat is hartstikke mooi nieuws voor de mensen in de binnenstad die de lucht moeten inademen. Om hun gezondheid gaat het.

Maar naast een nationale aanpak hebben we natuurlijk ook een internationale aanpak nodig, aangezien lucht zich niet aan de grenzen van ons land houdt, vandaar deze motie.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat luchtvervuiling niet ophoudt bij de grens en de luchtkwaliteit van Nederland mede wordt bepaald door de omringende landen;

constaterende dat Nederland voor een goede luchtkwaliteit en daarmee de gezondheid van zijn inwoners mede afhankelijk is van de maatregelen die worden genomen in omringende landen;

overwegende dat daarmee een gezamenlijke aanpak in binnen- en buitenland om de luchtkwaliteit te verbeteren noodzakelijk is;

verzoekt de regering om een internationale schoneluchtsamenwerking op te zetten met omringende landen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Van Eijs en Dik-Faber. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 300 (30175).

Dank u wel. Dan de heer Von Martels van de fractie van het CDA.

De heer Von Martels (CDA):

Dank u wel, voorzitter.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat op basis van de resultaten van onderzoek de geurreductiepercentages van combiwassers in de Regeling geurhinder en veehouderij worden aangepast;

verzoekt de regering in overleg te treden met IPO en VNG over de consequenties voor lopende vergunningprocedures en bestaande bedrijven met een combiluchtwasser, en oplossingen in kaart te brengen;

verzoekt voorts de Kamer voor de begrotingsbehandeling 2019 te informeren over de uitkomsten van het overleg,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Von Martels, Geurts en Ziengs. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 301 (30175).

Er is een korte vraag van de heer Futselaar.

De heer Futselaar (SP):

Had de staatssecretaris dit niet al toegezegd in het AO en is deze motie daarmee niet overbodig?

De heer Von Martels (CDA):

Ik heb dat niet gehoord, maar de staatssecretaris zal dat ongetwijfeld zelf aangeven als dat zo is.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan de heer Wassenberg van de fractie van de Partij voor de Dieren.

De heer Wassenberg (PvdD):

Dank u wel, voorzitter. Vijf heel korte moties.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering om in het Schone Lucht Akkoord afrekenbare doelen op te nemen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Wassenberg. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 302 (30175).

Dat is nog eens snel.

De heer Wassenberg (PvdD):

Voorzitter, de klok loopt door, zie ik.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat houtstook slecht is voor zowel het milieu als de gezondheid, omdat er bij de verbranding een verscheidenheid aan schadelijke en/of kankerverwekkende stoffen vrijkomt, waaronder roet, koolmonoxide, fijnstof, benzeen en polycyclische aromatische koolwaterstoffen;

constaterende dat er geen regels of criteria zijn voor de installatie en het gebruik van hout- en pelletkachels;

verzoekt de regering om deze criteria te ontwikkelen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Wassenberg. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 303 (30175).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de luchtkwaliteit in gebieden met veel intensieve veehouderij achterblijft bij de rest van Nederland;

overwegende het belang van de gezondheid van omwonenden van intensieve veehouderijbedrijven;

constaterende dat het kabinet de knelpunten in luchtkwaliteit in steden in 2018 wil laten voldoen aan de NSL-normen, maar dat dit voor het buitengebied pas in 2023 het geval zal zijn;

verzoekt de regering om te bekijken hoe de knelpunten in de luchtkwaliteit in het buitengebied eerder kunnen worden opgelost, bij voorkeur in de huidige kabinetsperiode,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Wassenberg. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 304 (30175).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat PM2,5-fijnstofdeeltjes vele malen kleiner zijn dan PM10 en dat deze daardoor veel dieper doordringen in de longen en zelfs de long-bloedbarrière kunnen passeren;

verzoekt de regering om meer aandacht te besteden aan de negatieve gezondheidseffecten van PM2,5 en dit mee te nemen in het Schone Lucht Akkoord,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Wassenberg. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 305 (30175).

De heer Wassenberg (PvdD):

En de laatste, voorzitter. Ruim binnen de tijd.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat houtstook slecht is voor zowel het milieu als de gezondheid, omdat er uit de verbranding een verscheidenheid aan schadelijke en/of kankerverwekkende stoffen vrijkomt;

spreekt uit dat het daarom onwenselijk is om houtstook te scharen onder duurzame energie,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Wassenberg. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 306 (30175).

De heer Wassenberg (PvdD):

Dank u wel.

De voorzitter:

Netjes gedaan. Dan mevrouw Kröger van de fractie van GroenLinks. Op mijn lijstje staat ook nog mevrouw Van Brenk, maar die is er niet. Dat zou betekenen dat mevrouw Kröger de laatste spreker is van het parlementaire jaar.

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

Dan krijg ik er twee minuten bij.

De voorzitter:

Nee, dan krijgt u veel minder tijd!

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

Dank u wel, voorzitter. Twee moties op dit late uur.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat veel potentiële beleidsmaatregelen voor verbetering van de luchtkwaliteit op meerdere manieren gezondheidsbaten kunnen realiseren, maar ook positieve effecten zouden kunnen hebben op het klimaat, geluidsoverlast, leefbaarheid, verkeerveiligheid, natuur, innovatie, ruimtelijke ontwikkeling en andere beleidsterreinen;

verzoekt de regering om bij het inventariseren van mogelijke luchtkwaliteitsmaatregelen over de departementale grenzen heen te kijken, deze extra baten en effecten te onderzoeken en zo mogelijk gezamenlijk uit te voeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Kröger. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 307 (30175).

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

En een tweede motie.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat milieuzones een effectief beleidsinstrument zijn in de verbetering van de luchtkwaliteit;

overwegende dat zero-emissiezones een belangrijke rol in het stimuleren van duurzame mobiliteit kunnen zijn;

verzoekt de regering om aan het systeem van milieuzones ook een zero-emissiemilieuzone als mogelijkheid toe te voegen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Kröger. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 308 (30175).

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

Ik wil de staatssecretaris graag bedanken voor het debat over alle maatregelen met betrekking tot luchtkwaliteit. We zien echt uit naar een ambitieus plan in het SLA dat vooral ook kijkt naar al die terreinen waar de luchtkwaliteitseffecten en vooral de gezondheidseffecten nu onvoldoende in kaart zijn gebracht. Daar zit wat ons betreft echt de uitdaging.

Dank u wel.

De voorzitter:

U was inderdaad de laatste spreker van dit parlementaire jaar. Tot zover de termijn van de Kamer. Kan de staatssecretaris nu reeds antwoorden? Dat is het geval. Het woord is aan haar.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Voorzitter, ik heb de laatste twee moties van GroenLinks nog niet. Ik zal mogelijk nog een momentje nemen om naar de beantwoording te kijken.

Ik begin met de eerste motie, van mevrouw Van Eijs op stuk nr. 300. Deze vraagt om ook samen te werken met omliggende landen. Ik ben daar voorstander van, dus ik laat het oordeel over deze motie aan de Kamer.

Dan kom ik bij de motie op stuk nr. 301 van de heren Von Martels, Geurts en Ziengs over de combiwassers, om te kijken naar de lopende procedures en met IPO en VNG te overleggen. Wat er specifiek wordt toegevoegd, is om voor de begrotingsbehandeling 2019 te informeren over de uitkomsten van dat overleg en niet alleen naar de lopende vergunningsprocedures te kijken, maar ook de oplossingen in kaart te brengen. Dat maakt het toch allemaal wat explicieter, dus ik kan deze motie overlaten aan het oordeel van de Kamer.

Dan de moties van de heer Wassenberg. De motie-Wassenberg op stuk nr. 302 vraagt om afrekenbare doelen. Ik heb in het AO toegezegd dat we daarnaar zullen kijken. Daarvoor moeten we wel als eerste stap het ontwikkelen van de gezondheidsindicator hebben, naar aanleiding van de motie van mevrouw Kröger. Ik vind deze motie daar niet zoveel aan toevoegen, dus daarom ontraad ik de motie.

De motie-Wassenberg op stuk nr. 303 verzoekt de regering om te komen tot criteria voor de installatie en het gebruik van houtstook- of pelletkachels. Ik stel voor dat de heer Wassenberg deze motie aanhoudt tot het gereedkomen van het Schone Lucht Akkoord, want daarin heb ik al aangegeven dat ik naar verschillende opties zal kijken, anders loopt het erop vooruit en zou ik de motie moeten ontraden.

De heer Wassenberg (PvdD):

Dan houd ik deze vooralsnog aan.

De voorzitter:

Meneer Wassenberg, dit is een vraag aan u.

De voorzitter:

Op verzoek van de heer Wassenberg stel ik voor zijn motie (30175, nr. 303) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Dan de vraag in de motie van de heer Wassenberg op stuk nr. 304 om knelpunten in het buitengebied eerder op te lossen. Mijn aanpak die ik net aan de Kamer heb gestuurd, is om zo snel mogelijk, want dat was ook de opdracht, de resterende knelpunten weg te nemen. Dat gaat al uit van zo snel mogelijk realiseren. Uiterlijk 2023 hopen we die laatste knelpunten te hebben opgelost. Nog sneller dan zo snel mogelijk gaat niet. Daarom moet ik deze motie ontraden.

Dan de voorlaatste motie van de heer Wassenberg, op stuk nr. 305, die gaat over PM2,5. Als ik zijn motie zo mag interpreteren dat we dit meenemen in het Schone Lucht Akkoord, dan kan ik het oordeel over deze motie overlaten aan de Kamer.

De voorzitter:

Dat is een vraag aan de heer Wassenberg. Ik zie hem knikken, dus dat is bij dezen bevestigd. Hij wil het ook nog even zeggen.

De heer Wassenberg (PvdD):

Er staat expliciet in om dit mee te nemen in het Schone Lucht Akkoord, dus het staat er zo in.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Prima, dan zullen we er in die context op terugkomen.

De voorzitter:

En dan is deze oordeel Kamer.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Dan is deze oordeel Kamer.

En dan de laatste motie van de heer Wassenberg, op stuk nr. 306, waarin hij zegt dat het onwenselijk is om houtstook te scharen onder duurzame energie. Dat kan zijn mening zijn, maar op dit moment valt houtstook onder de richtlijn voor duurzame energie. Daarom zou deze motie daarmee in strijd zijn, dus ik moet deze motie ontraden.

Dan ben ik zo snel gegaan dat ik even kijk naar de twee laatste moties van mevrouw Kröger.

De voorzitter:

Traditie is dat de laatste moties van het jaar altijd oordeel Kamer zijn.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Is dat waar?

De voorzitter:

Nee.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Ik zal mijn best doen. Ik ga ze in omgekeerde volgorde doen. Als eerste behandel ik de motie-Kröger op stuk nr. 308, om nu al een bord voor zero-emissiezones voor personenauto's op te nemen. Daar hebben we uitgebreid over gewisseld in het debat. Ik vind dat te vroeg en daarom ontraad ik de motie.

Dan de motie van mevrouw Kröger op stuk nr. 307, de laatste motie van dit parlementaire jaar, om de gezondheidsbaten van andere beleidsterreinen ook over de grenzen heen te bekijken. In het kader van het SLA kijk ik breed naar welke maatregelen effectief zijn. Ik betrek hierbij ook andere departementen. Als ik die motie zo mag interpreteren, dan kan ik deze overlaten aan het oordeel van de Kamer.

De voorzitter:

Dank u wel dat u deze eeuwenoude traditie in stand heeft gehouden.

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Als ik u daarmee een plezier kan doen, doe ik dat natuurlijk graag.

De voorzitter:

Dank u wel. Fijn dat u bij ons was, zeg ik tegen u als laatste bewindspersoon. Doet u ook de stemmingen voor ons?

Staatssecretaris Van Veldhoven:

Jazeker.

De voorzitter:

Boft u even! Ik hoop dat u een oppas heeft geregeld voor de kinderen. Ik ga drie kwartier schorsen. Om 2.15 uur gaan we stemmen. Ik dank de staatssecretaris voor haar aanwezigheid bij het debat en ook alvast voor haar aanwezigheid bij het stemmen.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:

Om 2.15 uur gaan we over alle moties tot dusverre stemmen.

De vergadering wordt van 01.32 uur tot 02.19 uur geschorst.

Voorzitter: Arib