Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-2013nr. 104, item 88

88 Sluiting

De voorzitter:

Voordat ik de laatste vergadering voor het zomerreces sluit heb ik nog een stichtelijk woord. Beste medeleden. Nog even, en dan begint het zomerreces. Achter ons ligt een bewogen jaar vol bijzondere momenten en gebeurtenissen. Het vorige zomerreces ging als vanzelf over in een verkiezingsreces en na de verkiezingen op 12 september nam de Kamer voor het eerst zelf de verantwoordelijkheid voor de formatie van een nieuw kabinet. De dag na Prinsjesdag was de eerste en tevens laatste werkdag van de oude Kamer. Een week later, op 19 september, trad de nieuwe Kamer aan. Het debat over de regeringsverklaring viel samen met de algemene politieke beschouwingen. In januari kondigde koningin Beatrix haar abdicatie aan. Op 30 april huldigden wij in Amsterdam de koning in. De meesten van u legden toen voor de tweede keer in één parlementair jaar de eed of de belofte af.

Ook binnen de Tweede Kamer passeerden bijzondere en soms ook indrukwekkende momenten. Twee keer stonden we in deze zaal gezamenlijk stil bij het overlijden van een medewerker. Voor de betrokken familieleden en collega's zijn deze herdenkingen kostbare herinneringen. Ze onderstrepen dat de bewoners van het Binnenhof ondanks soms onoverbrugbare verschillen ook behoren tot een warme gemeenschap. Er zijn mensen getrouwd, er werden baby's geboren en twee van onze collega-Kamerleden, mevrouw Karabulut en mevrouw Cegerek, zijn na het zomerreces met zwangerschapsverlof. Ik moet in het algemeen vaststellen dat de zwangerschapsverlofregeling voor Kamerleden een groot succes is. Ik wil vanaf deze plek collega Manja Smits van harte beterschap toewensen. Ik hoop heel erg dat zij na het reces weer helemaal gezond in ons midden kan plaatsnemen.

Ook in dit jaar koos u mij uit uw midden tot uw Voorzitter. Ik ben u daar nog steeds dankbaar voor. Dat wil ik hier graag nog een keer gezegd hebben. Ik zie terug op een goed jaar, al verheel ik niet te zeggen dat daarin ook spanningen optraden. We gaan het reces in met nog een aantal debatten op de wachtlijst: 20 dertigledendebatten en 27 meerderheidsdebatten. Van die in totaal nog 47 te voeren debatten wachten er 5 al meer dan een jaar op behandeling. Wij vinden allemaal dat de samenhang tussen een actueel maatschappelijk vraagstuk en het daarover te voeren debat niet te ver uiteen mogen liggen. Ondanks de goede wil van ons allemaal gebeurt dat toch. Uit uw midden verneem ik inmiddels geluiden die kunnen leiden tot een onderlinge discussie hierover. Dat moedig ik van harte aan.

Ik sprak eerder van spanningen. Als je kijkt naar de berg werk die wij hier de afgelopen negen maanden hebben verzet, is dat ook niet heel vreemd. Alleen al tijdens het kabinet-Rutte/Asscher zijn hier 394 plenaire debatten gehouden, 1.216 commissievergaderingen en 60 rondetafelgesprekken en hoorzittingen. Ik noem in dit kader met nadruk ook nog tien initiatiefwetsvoorstellen van leden, waarvan er zeven werden behandeld. Vanmiddag nog werd een eerste termijn gehouden van een debat over een initiatiefwetsvoorstel. Het recht om zelf wetten te initiëren is lang niet aan alle parlementen gegeven. U waardeert en materialiseert dat recht. Het vergt tijd, inzet en doorzettingsvermogen om zelf een wetsvoorstel te maken. Ik heb daar grote waardering en bewondering voor.

Naast het gebruikelijke werk, dat ik net heb opgenoemd, lopen er ook voortdurend parlementaire onderzoeken en enquêtes. Het afgelopen jaar betroffen dat het inmiddels afgeronde onderzoek naar de huizenprijzen, het nog lopende onderzoek naar ICT-projecten bij de overheid en de onlangs opgestarte parlementaire enquête naar de woningcorporaties. Nog vanmiddag installeerde ik een commissie die de enquête naar de Fyra voorbereidt. Onvermeld in dit rijtje mag niet blijven de enquêtecommissie-De Wit, waaraan onlangs door de Kamer decharge is verleend en die ondanks verkiezingen zo'n knap rapport heeft gemaakt. Ik wil de nog zittende leden, de heer De Wit, mevrouw Neppérus en mevrouw Vermeij, nogmaals bedanken voor hun tomeloze inzet.

(Geroffel op de bankjes)

De voorzitter:

Dat was zeer verdiend.

In de samenleving zijn er steeds weer nieuwe zaken die de nadrukkelijke aandacht van het parlement vragen. Ik wil graag met u mijn zorg delen. Zijn ook de kleinere fracties in onze Kamer in staat om aan alle door u gewenste activiteiten voldoende deel te nemen? Kan de Kamer al het werk dat zij wil doen, goed en zorgvuldig blijven doen? Neemt zij niet te veel hooi op haar vork?

Geachte medewerkers, werkzaam bij de Kamer en bij de fracties; bodes, beveiligers, gastvrouwen, restaurantmedewerkers, griffiers en iedereen die ik hier dan weer vergeten ben op te noemen. U staat altijd voor ons klaar, ook bij nacht en ontij. U bent de doping voor Kamerleden. Onze prestaties worden door uw ondersteuning, vriendelijkheid en bereidwilligheid sterk verbeterd. Namens iedereen in de Kamer wil ik u daarvoor hartelijk danken.

(Geroffel op de bankjes)

De voorzitter:

Rest mij, u allen te danken voor uw eigen inzet en inbreng, voor uw vasthoudendheid, maar ook voor uw lankmoedigheid, uw originaliteit en uw wijsheid. Ik dank u vooral voor de aanmoediging die u elkaar, bewust en onbewust, geeft om uw werk met enthousiasme en overtuiging te doen.

Ik hoop van harte dat het komende reces ontspannend en leerzaam zal zijn. Ik zie uit naar het moment waarop u hier terugkeert; uitgerust, gebruind en vol inspiratie en energie. Ik verheug me op de frisse, nieuwe ideeën om ons werk zorgvuldig, maar ook met plezier te kunnen blijven doen. Ik wens u allen een heel prettige vakantie, een goede recesperiode en een behouden terugkeer.

Sluiting 22.46 uur.