49 Vessel Protection Detachments

Aan de orde is het VAO Vessel Protection Detachments (VPD's) (AO d.d. 04/07).

De voorzitter:

Het staat onder deze naam op de agenda, dus ik heb het zo voorgelezen. Ik geef als eerste het woord aan mevrouw Hachchi. Wij hanteren spreektijden van twee minuten, voor alles wat u te zeggen hebt, inclusief het indienen van moties. Ik wens u veel succes.

Mevrouw Hachchi (D66):

Voorzitter, ik begin meteen met de moties.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het kabinet overweegt de wet te wijzigen om private beveiligers toe te staan in aanvulling op de marine-inzet ter bescherming van de koopvaardij voor de kust van Afrika;

overwegende dat Defensie in 2013 de beleidsdoorlichting "Bescherming kwetsbare scheepvaart nabij Somalië" zal uitvoeren, met als doel te onderzoeken in hoeverre het beleid van Defensie ter bescherming van de scheepvaart tegen piraterij nabij Somalië doeltreffend en doelmatig is geweest;

verzoekt de regering, te wachten met het voorbereiden van een wetsvoorstel om private beveiligers toe te staan, totdat de beleidsdoorlichting uitgevoerd is en de Kamer met de regering daarover van gedachten heeft kunnen wisselen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Hachchi en Jasper van Dijk. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 52 (32706).

Mevrouw Hachchi (D66):

Ik lig op schema. Ik kom bij mijn tweede motie.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het kabinet overweegt de wet te wijzigen om private beveiligers toe te staan in aanvulling op de marine-inzet ter bescherming van de koopvaardij voor de kust van Afrika;

verzoekt de regering, te wachten met het voorbereiden van een wetsvoorstel om private beveiligers toe te staan, totdat een degelijke juridische verkenning uitgevoerd is over de daarbij te maken keuzes, en de Kamer met de regering daarover van gedachten heeft kunnen wisselen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Hachchi en Jasper van Dijk. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 53 (32706).

Dank u zeer. Ik geef het woord aan de heer Knops. Voor hem gelden dezelfde restricties inzake de tijd.

De heer Knops (CDA):

Voorzitter, ik heb één motie.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat Defensie met succes Vessel Protection Detachments (VPD's) inzet ter beveiliging van koopvaardijschepen in de wateren bij Somalië;

overwegende dat op het gebied van flexibiliteit nog verbeteringen mogelijk en wenselijk zijn, om zo meer en beter te voorzien in de behoefte aan beveiliging bij de koopvaardij;

constaterende dat landen als Frankrijk en Italië ook VPD's inzetten;

overwegende dat permanente stationering van mariniers in de regio van de Golf van Aden mogelijk kan bijdragen aan een snellere en flexibeler inzet van VPD's;

overwegende dat Frankrijk een grote militaire basis heeft in Djibouti, een land dat grenst aan de Golf van Aden;

verzoekt de regering, onderzoek te doen naar de mogelijkheden voor het stationeren van mariniers in de regio van de Golf van Aden, om ingezet te worden in het kader van VPD's, en daarbij ook mogelijkheden van Europese samenwerking te betrekken,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Knops en Hachchi. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 54 (32706).

Er zijn geen verdere sprekers. Ik zag de minister fronsend luisteren naar de heer Knops. Mede daaruit leid ik af dat zij enige tijd nodig heeft om de moties te beoordelen. Daarom schors ik de vergadering voor drie minuten.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

Minister Hennis-Plasschaert:

Voorzitter, ik zal in sneltreinvaart antwoorden.

Over wat in de motie op stuk nr. 52 wordt gevraagd, hebben wij vanmiddag uitgebreid met elkaar gesproken. Ik heb toen al aangegeven dat de aard en oorsprong van de beleidsdoorlichting en de wetsvoorbereiding verschillen. In de beleidsdoorlichting wordt gekeken naar het verleden, als onderdeel van de beleidsverantwoording over álle instrumenten ter bestrijding van de piraterij. De wetsvoorbereiding betreft één instrument en is gericht op verbetering van de nu reeds bekende tekortkomingen. Het kabinet neemt daarvoor dan ook graag de verantwoordelijkheid. Wanneer er een incident plaatsvindt zoals op 1 juli en we kunnen geen VPD inzetten, dan zou ik heel wat uit te leggen hebben in de Kamer. Daarom wil ik hierbij niet vertragen.

De voorzitter:

En wat is uw oordeel over de motie?

Minister Hennis-Plasschaert:

Stellig ontraden.

De motie op stuk nr. 53 gaat over de juridische verkenning. Ook daarover hebben wij vanmiddag gesproken. Ik heb toen uitgelegd dat de wetsverkenning, of juridische verkenning, deel uitmaakt van het wetgevingstraject. De voorwaarden waaronder gewapende particuliere beveiligers zullen worden toegestaan op koopvaardijschepen, zijn onderdeel van het onderzoek in het gestarte wetgevingstraject. Ook heb ik gezegd dat van onomkeerbare stappen geen sprake zal zijn. Bovendien is de Kamer medewetgever; we gaan er nog uitgebreid met elkaar over spreken. Dan zal blijken of de Kamer zich voldoende bediend voelt bij het wegnemen van de zorgen en het invullen van de voorwaarden, zoals die vanmiddag aan de orde zijn gesteld.

De voorzitter:

En wat is uw oordeel over deze motie?

Minister Hennis-Plasschaert:

Ontraden.

Op wat mij wordt gevraagd in de motie op stuk nr. 54, heb ik in feite al vanmiddag gereageerd. Hierover heb ik ook een toezegging gedaan. De overwegingen in de motie zijn iets te stellig geformuleerd. Daarom stel ik voor om "wellicht" toe te voegen voor "verbeteringen mogelijk". Als de indieners van de motie daarmee instemmen, kan ik het oordeel aan de Kamer laten.

Voorzitter, dank u wel.

De voorzitter:

De minister stelt voor om de motie te wijzigen. Kan de indiener zich daarin vinden? En als dat zo is: waar gebeurt dat precies in de motie? Er luisteren en kijken namelijk ook nog een aantal mensen mee.

De heer Knops (CDA):

De indiener kan zich daarin "wellicht" vinden. De formulering wordt dan: "overwegende dat op het gebied van flexibiliteit wellicht nog verbeteringen mogelijk en wenselijk zijn". Ik kan daarmee akkoord gaan.

De voorzitter:

De motie wordt dan aldus op dit moment gewijzigd.

De voorzitter:

De motie-Knops/Hachchi (32706, nr. 54) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat Defensie met succes Vessel Protection Detachments (VPD's) inzet ter beveiliging van koopvaardijschepen in de wateren bij Somalië;

overwegende dat op het gebied van flexibiliteit wellicht nog verbeteringen mogelijk en wenselijk zijn, om zo meer en beter te voorzien in de behoefte aan beveiliging bij de koopvaardij;

constaterende dat landen als Frankrijk en Italië ook VPD's inzetten;

overwegende dat permanente stationering van mariniers in de regio van de Golf van Aden mogelijk kan bijdragen aan een snellere en flexibeler inzet van VPD's;

overwegende dat Frankrijk een grote militaire basis heeft in Djibouti, een land dat grenst aan de Golf van Aden;

verzoekt de regering, onderzoek te doen naar de mogelijkheden voor het stationeren van mariniers in de regio van de Golf van Aden, om ingezet te worden in het kader van VPD's, en daarbij ook mogelijkheden van Europese samenwerking te betrekken,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 55, was nr. 54 (32706).

Wat is dan het oordeel van de minister?

Minister Hennis-Plasschaert:

Oordeel Kamer.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:

Daarmee zijn wij gekomen aan het eind van de beantwoording door de minister. Ik sluit de beraadslaging over dit onderwerp. Wij zullen hedenavond nog over de ingediende moties stemmen.

Aangezien we eigenlijk met hetzelfde gezelschap voortgaan bij het volgende verslag, schors ik slechts enkele ogenblikken.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

Naar boven