Aan de orde is het debat naar aanleiding van een algemeen
overleg op 4 december 2008 over vliegveld Twente.
De voorzitter:
Ik geef het woord aan de haar Haverkamp van het CDA. Pardon, ik zie dat
de heer Vendrik al achter het spreekgestoelte staat.
Ik had u helemaal niet gezien, mijnheer Vendrik. Het spijt mij zo ontzettend
dat ik u over het hoofd heb gezien. Ga uw gang.
De heer Vendrik (GroenLinks):
Voorzitter. Namens de CDA-fractie zou ik graag de volgende motie willen
indienen.
Even serieus: namens de GroenLinksfractie dien ik de volgende motie in.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de ministers een duidelijke voorkeur hebben voor de
optie voor de gebiedsontwikkeling van Twente met luchthaven boven alternatieven
zonder luchthaven, zoals De Twentse Basis, die is uitgewerkt door de Stichting
Alternatieven Vliegveld Twente;
constaterende dat het vertrouwen van maatschappelijke organisaties, zoals
de Stichting Alternatieven Vliegveld Twente, in het afwegingsproces geschaad
is door deze wending en zij het vertrouwen in de Vliegwiel Twente Maatschappij
als procesbegeleider hebben opgeschort;
overwegende dat er een zakelijk afweging plaats moet vinden tussen uitgewerkte
modellen, op basis van reeds lopende onderzoeken en argumenten rond economie,
leefbaarheid en milieu;
overwegende dat het afwegingsproces beïnvloed wordt als er nu al
wordt voorgesorteerd op de wenselijkheid van een optie met luchthaven;
spreekt uit dat het kabinet er zorg voor draagt dat het model zonder luchthaven
een volwaardige kans krijgt binnen het gebiedsontwikkelingsproces ten opzichte
van het model met luchthaven en bewerkstelligt dat De Twentse Basis niet langer
onder regie van de VTM, maar onder eigen regie een volwaardig alternatief
kan ontwikkelen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Vendrik en Roemer. Naar mij blijkt,
wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.
Zij krijgt nr. 14(31700 IXB).
De heer Vendrik (GroenLinks):
Deze motie is meeondertekend door de heer Roemer en niet door de heer
Haverkamp, maar daar was ik al bang voor.
De heer Haverkamp (CDA):
Voorzitter. De CDA-fractie heeft toch besloten een eigen motie in te dienen.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het Ministerieel Opdrachtgeversberaad besloten heeft,
niet verder te gaan met de exploitatie van de luchthaven Twente gedurende
de interim-fase;
constaterende dat provinciale staten van Overijssel op 26 november
jongstleden hebben uitgesproken dat het gebiedsproces dient te worden voortgezet
en afgerond en dat op korte termijn de marktverkenning van vlekkenplan A en
B dient plaats te vinden;
verzoekt de regering:
- zich in te spannen, het gebiedsproces
samen met alle betrokken partijen versneld voort te zetten;
- beide
vlekkenplannen in de procedure gelijkwaardig uit te werken en versneld af
te wegen en tussentijds bij de Luchtvaartnota, maar in ieder geval voor 31 maart,
inzicht te bieden in de voortgang van de uitwerking van deze vlekkenplannen;
- daarbij tevens inzicht te bieden in de voortgang van gesprekken
met marktpartijen inzake beide vlekkenplannen, maar zeker inzake de haalbaarheid
van een langdurige exploitatie van de luchthaven waarbij door de gegadigde
marktpartijen recht gedaan wordt aan de door provinciale staten van Overijssel
geformuleerde uitgangspunten;
- een gedragen standpunt in de regio
zwaar te wegen;
- voor 15 juni met het Rijk en de regio tot een
besluit te komen en de Kamer daarvan onverwijld in kennis te stellen,
en gaat over tot de orde van de Haverkampdag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Haverkamp, Ten Broeke en Tang.
Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.
Zij krijgt nr. 15(31700 IXB).
Wij wachten even tot de minister beschikt over de teksten van de moties.
In verband met het kerstregime volstaan een kort antwoord en een kort adviesoordeel
over de motie. Dat zeg ik overigens al de hele dag, niet alleen tegen minister
Eurlings. Zo ben ik niet.
Minister Eurlings:
Voorzitter. Ik dank de geachte afgevaardigden voor hun bijdrage en ingediende
moties. Ik dank hen ook voor hun opmerkingen, hoewel zij – als zij mij
een beetje hebben leren kennen – in mijn optreden continu een uitvoering
van het kerstregime zien. Dus kort als altijd zal ik snel reageren op de ingediende
moties.
Ik snap dat de leden die de motie-Vendrik/Roemer hebben ingediend er een
probleem mee hebben dat mensen zijn weggelopen van het overleg. Dat gevoel
van teleurstelling onderschrijf ik. In het AO dat wij hierover hadden, heb
ik gezegd dat ik mijn uiterste best zou doen om iedereen terug te krijgen
aan de tafel. Dat is eerstens geprobeerd via het spoor van de regio. Ik heb
hierover overlegd met de regio, maar dat is niet gelukt. Ik kan hier formeel
melden dat ik mijn directeur luchthavens richting de regio zal sturen in een
ultieme poging om iedereen weer terug te krijgen in het overleg. Dat punt
ga ik op die manier vormgeven.
Voor het overige straalt deze motie te veel uit dat wij er niet gebalanceerd
in zouden zitten. Ik heb net in het debat mijn uiterste best gedaan om de
Kamer daarvan te overtuigen. Bovendien wordt in deze motie een verschil gemaakt
in regie tussen de verschillende vlekkenplannen. Dat vind ik niet wenselijk,
omdat ik de optie van een variant C wil openhouden. Daarom vind ik het van
belang dat de twee vlekkenplannen onder dezelfde regie worden ontwikkeld,
zodat zij onderling uitwisselbaar en vergelijkbaar zijn en hetzelfde traject
doorlopen. Ik vind het een teken van gelijkwaardigheid als je dat op dezelfde
manier oppakt. Daarom ontraad ik de aanneming van deze motie, maar ik heb
zojuist in de richting van de mensen die zijn weggelopen, gezegd dat door
iemand hoog in het apparaat van het ministerie namens mij actief wordt geprobeerd
om deze mensen terug te krijgen in het overleg. Ik hecht daar zeer aan
Dan kom ik op de tweede motie, die is ingediend door de leden Haverkamp,
Ten Broeke en Tang, waarin de wens wordt uitgesproken om beide vlekkenplannen
gelijkwaardig uit te werken en versneld af te wegen. Dat vind ik van belang,
want wij moeten nu versneld tot een afweging komen. Verder wordt gevraagd,
inzicht te bieden in de voortgang van gesprekken met marktpartijen inzake
beide vlekkenplannen en daarbij recht te doen aan de in de motie van provinciale
staten van Overijssel geformuleerde uitgangspunten. Dit lijkt mij de weg vooruit,
waarbij het proces op een eerlijke manier wordt doorlopen. Omdat ik de motie
van provinciale staten zelf ook als mijn marsroute heb aanvaard, kan ik deze
motie overnemen als ondersteuning van het beleid en bij dezen toezeggen dat
ik deze ga uitvoeren.
De heer Haverkamp (CDA):
Dan trek ik deze motie in.
De voorzitter:
Aangezien de motie-Haverkamp c.s. (31700-IXB, nr. 15) is ingetrokken,
maakt zij geen onderwerp van beraadslaging meer uit.
De beraadslaging wordt gesloten.
De voorzitter:
Ik dank de minister voor deze uitzonderlijk bondige wijze van beantwoorden.
Dat gaan wij onthouden. De stemming over de andere motie vindt vanavond plaats.