Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-2016nr. 39, item 45

45 Stemmingen moties Energie

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het VAO Energie,

te weten:

  • -de motie-Van Tongeren c.s. over de optie bij- en meestook van biomassa in kolencentrales (30196, nr. 372);

  • -de motie-Van Tongeren over overschotten van de SDE+ (30196, nr. 373);

  • -de motie-Van Tongeren/Dik-Faber over het opschorten van de toekenning van subsidie voor CCS bij kolencentrales (30196, nr. 374);

  • -de motie-Agnes Mulder over energiebesparing in de energie intensieve industrie (30196, nr. 375);

  • -de motie-Jan Vos/Van Tongeren over het openstellen in de SDE+ van de bij- en meestook van biomassa (30196, nr. 376);

  • -de motie-Smaling over de toegevoegde waarde van sport in relatie tot het SDE+-subsidiekader (30196, nr. 377).

(Zie vergadering van heden.)

De voorzitter:

Op verzoek van mevrouw Van Tongeren stel ik voor, haar motie (30196, nr. 372) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:

De motie-Jan Vos/Van Tongeren (30196, nr. 376) is in die zin gewijzigd dat zij thans is ondertekend door de leden Jan Vos, Van Tongeren, Smaling, Van Veldhoven en Dik-Faber, en luidt:

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat in de SDE+-regeling voor 2016 bij- en meestook van biomassa (BMS) in kolencentrales is opgenomen dat de eerste fase begin maart 2016 wordt opengesteld en de tweede fase in september 2016;

constaterende dat de Kamer de motie-Jan Vos c.s. (32813, nr. 115) heeft aangenomen, waarin de Kamer uitspreekt dat alle maatregelen moeten worden onderzocht om de uitspraak in de Urgenda-zaak te kunnen naleven, die inhoudt dat de CO2-uitstoot in 2020 25% lager moet zijn dan in 1990, waaronder nadrukkelijk ook de sluiting van de Nederlandse kolencentrales, en daarnaast de motie-Van Veldhoven/Van Weyenberg (34302, nr. 99), die voorziet in de uitfasering van de Nederlandse kolencentrales, alsmede de motie-Klaver c.s. (34300, nr. 24), waarin de Kamer uitspreekt dat het kabinet in 2016 moet starten met de uitvoering van aanvullende maatregelen om de uitstoot van broeikasgassen te reduceren;

constaterende dat het kabinet een ibo-CO2 laat opstellen, waarin wordt onderzocht welke maatregelen nodig zullen zijn om invulling te geven aan de uitspraak van de rechter in de klimaatzaak;

overwegende dat het kabinet heeft besloten dat de uitspraak in de Urgenda-zaak zal worden gehonoreerd;

overwegende dat een halfjaar uitstel van de beschikking van BMS het duurzaamheidsdoel van 14% voor 2020 niet in gevaar brengt;

overwegende dat het langdurig voortzetten van de kolencentrales leidt tot langdurig stilzetten van de veel schonere en soms splinternieuwe gascentrales;

spreekt uit dat met het toekennen van SDE+ aan biomassa bijstook, de mogelijkheid van uitfasering van de kolencentrales niet negatief mag worden beïnvloed;

verzoekt de regering om de optie bij- en meestook van biomassa in kolencentrales in de SDE+-regeling pas open te stellen nadat:

  • -er overeenstemming is over de wijze waarop tegemoetgekomen zal worden aan de uitspraak van de rechter om meer CO2-reductie te realiseren;

  • -er helderheid is over de uitfasering van de kolencentrales, en daarmee uitvoering is gegeven aan de motie-Jan Vos c.s. en de motie-Van Veldhoven/Van Weyenberg en Klaver c.s.;

verzoekt de regering tevens, daarbij een helder tijdpad in acht te nemen en de uitvoering van de moties met de Kamer te bespreken alvorens tot implementatie hiervan over te gaan,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 378, was nr. 376 (30196).

De voorzitter:

Op verzoek van de heer Jan Vos stel ik voor, zijn gewijzigde motie (30196, nr. 378, was nr. 376) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

In stemming komt de motie-Van Tongeren (30196, nr. 373).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, de PvdA, GroenLinks, D66, de Groep Kuzu/Öztürk, de ChristenUnie en het CDA voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Van Tongeren/Dik-Faber (30196, nr. 374).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, GroenLinks, D66, 50PLUS, de SGP en de ChristenUnie voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Smaling (30196, nr. 377).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, de PvdA, GroenLinks, D66, de Groep Kuzu/Öztürk en de SGP voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.