Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2009-2010nr. 39, pagina 3871

Aan de orde zijn de stemmingen over een aangehouden motie, ingediend bij het debat over SDE-regeling, te weten:

- de motie-Spies c.s. over corrigeren van het aantal vollasturen bij vergistingsinstallaties (31239, nr. 80).

(Zie vergadering van 15 december 2009.)

De voorzitter:

De motie Spies c.s. (31239, nr. 80) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat een aantal vergistinginstallaties met een OVMEP- of SDE-2009-beschikking 7000 vollasturen hebben gekregen en hierdoor de productie van duurzame energie gedurende een deel van het jaar stopzetten;

overwegende dat het gewenst is, de mogelijkheid te geven, een uitbreiding tot 8000 vollasturen aan te vragen binnen het SDE-budget voor 2010 omdat dit tot een onmiddellijke verhoging van de geproduceerde hoeveelheid duurzame energie leidt;

verzoekt de regering, de beschikkingen die in het kader van de OVMEP zijn afgegeven voor vergistingsinstallaties en afgetopt zijn tot maximaal 7000 vollasturen te herzien door het aantal vollasturen op te trekken naar 8000;

verzoekt de regering, de financiële dekking voor deze herziening te zoeken binnen de voor biomassa gereserveerde middelen in de SDE,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening van deze gewijzigde motie voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 88 (31239).

Ik stel vast dat wij hierover nu kunnen stemmen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Spies c.s. (31239, nr. 88).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, D66, de VVD, de ChristenUnie, de SGP, het CDA en het lid Verdonk voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.