Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2009-2010nr. 39, pagina 3852

Aan de orde is de stemming over een motie, ingediend bij het spoeddebat over de inzet van bijzondere bevoegdheden door de AIVD bij journalisten, te weten:

- de motie-Griffith over onrechtmatigheid van de toestemming tot inzet van bijzondere opsporingsmiddelen (30977, nr. 27).

(Zie vergadering van heden.)

De voorzitter:

De motie Griffith (30977, nr. 27) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de toestemming tot inzet van bijzondere opsporingsmiddelen door de AIVD na publicatie van het artikel over Irak, niet proportioneel is geweest;

spreekt uit dat de gegeven initiële toestemming van de minister van Binnenlandse Zaken op deze wijze en op deze gronden er een is van eens en nooit weer,

en gaat over tot de orde van de dag.

Deze gewijzigde motie is ondertekend door de leden Griffith, Van Raak en Azough. Naar mij blijkt, wordt de indiening van deze gewijzigde motie voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 28 (30977).

Ik stel vast dat wij hierover nu kunnen stemmen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Griffith c.s. (30977, nr. 28).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, GroenLinks, D66, de PvdD en de VVD voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.