66 Dierenwelzijn buiten de veehouderij

Aan de orde is het VAO Dierenwelzijn buiten de veehouderij (AO d.d. 29/09).

De voorzitter:

We gaan met gezwinde spoed door naar het VAO Dierenwelzijn buiten de veehouderij. Ik geef graag het woord aan de heer Wassenberg als eerste spreker van de zijde van de Kamer. Heel veel sprekers hebben zich gemeld, maar we hebben toch maar twintig minuten voor dit VAO. Dat betekent dus dat we als een dolle stier aan de slag moeten.

De heer Wassenberg (PvdD):

Voorzitter. Ik heb vier moties. Ik hoop dat ik ze allemaal kan doen. We gaan het zien.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat onder meer het RIVM, de Wageningen Universiteit en de WHO stellen dat 75% van de nieuwe infectieziektes afkomstig is van dieren;

constaterende dat op dierenbeurzen en dierenmarkten gehandeld wordt in wilde en exotische dieren, waaronder reptielen en amfibieën;

overwegende dat deze dieren ziekteverwekkers bij zich kunnen dragen die mogelijk mensen kunnen besmetten;

constaterende dat volgens virologen overal waar in (wilde en exotische) dieren wordt gehandeld een risico bestaat dat zoönoses worden overgedragen van dier op mens;

verzoekt de regering om de handel in dieren en het tentoonstellen van dieren via dierenbeurzen en dierenmarkten te verbieden,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Wassenberg. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1142 (28286).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de minister de malafide hondenhandel wil aanpakken door het identificatie- en registratiesysteem te verbeteren en een paspoortplicht in te voeren;

overwegende dat malafide handelaren de honden vaak wel registreren, maar dat er wordt gefraudeerd met de leeftijd en de herkomst van de honden;

overwegende dat de NVWA meer dan de helft van de meldingen niet controleert;

overwegende dat het verbeteren van het I&R-systeem dweilen met de kraan open is zolang het capaciteitsprobleem bij de NVWA niet wordt opgelost;

verzoekt de regering de taskforce hondenhandel genoeg capaciteit te geven om iedere melding van vermoede malafide hondenhandel te kunnen controleren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Wassenberg. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1143 (28286).

De heer Wassenberg (PvdD):

Die motie is vooral belangrijk omdat we vandaag in NRC lazen dat er sinds maart überhaupt al niet meer wordt gecontroleerd op de hondenhandel.

Dan mijn laatste motie.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het Dolfinarium over een dierentuinvergunning voor onbepaalde tijd beschikt;

constaterende dat de visitatiecommissie dierentuinen buitengewoon kritisch oordeelde over het Dolfinarium en constateerde dat de dolfijnen en zeeleeuwen onnatuurlijk gedrag moeten vertonen, dat de focus ligt op entertainment en niet op educatie en dat de dierenverblijven op een enkele uitzondering na niet voldoen aan standaards van dierenwelzijn;

constaterende dat het Dolfinarium in 2017 en 2019 gemaakte afspraken over een verbetering van de dierenverblijven en het aanpassen van de shows met dieren niet is nagekomen;

constaterende dat het ook in 2020 in het Dolfinarium nog steeds draait om de shows met dolfijnen en zeeleeuwen;

constaterende dat het Dolfinarium per 1 januari 2019 uit de Vereniging van Dierentuinen gestapt is en aangaf zich te willen ontwikkelen in de richting van "een vrijetijdspark met een breder aanbod dan dat van een traditioneel dierenpark" omdat de "gasten meer vermaakt willen worden";

overwegende dat het Dolfinarium daarmee niet voldoet aan de voorwaarden voor een dierentuinvergunning;

verzoekt de regering om de dierentuinvergunning van het Dolfinarium in te trekken,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Wassenberg. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1144 (28286).

Dank u wel. Dan bent u door uw tijd heen.

De heer Wassenberg (PvdD):

En de vierde zal ik een andere keer moeten indienen.

De voorzitter:

Ja. Ik kijk even naar meneer De Groot. Heeft hij ook moties of spreektijd voor dit VAO? U bent al meteen aan de beurt. Dierenwelzijn, jazeker. Buiten de veehouderij ook nog.

De heer De Groot (D66):

Dit is buiten de veehouderij?

De voorzitter:

Ja.

De heer De Groot (D66):

Voorzitter, dank u wel. Ik dien een motie in over een positieve staat van dierenwelzijn.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat de huidige definitie van de intrinsieke waarde van een dier negatief is opgesteld;

overwegende dat wetenschappelijke inzichten inmiddels in staat zijn om meer ruimte te bieden aan het positieve welzijn van het dier;

constaterende dat uit de evaluatie van de Wet dieren is gebleken dat met de huidige definitie de intrinsieke waarde niet goed tot zijn recht komt;

verzoekt de regering om de Raad voor Dierenaangelegenheden om een zienswijze te vragen over de randvoorwaarde voor een integraal duurzame veehouderij waarin het dier een positieve staat van welzijn ervaart,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid De Groot. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1145 (28286).

Dank u wel. De volgende spreker heeft zich nog niet gemeld. Daarna komt de heer Von Martels van het CDA.

De heer Von Martels (CDA):

Voorzitter, dank u wel. Ik wil het graag hebben over de e-collar, misschien tot vervelens toe van de minister, maar er is voldoende wetenschappelijk bewijs geleverd dat een algeheel verbod veel te ver gaat. Daarom dien ik de volgende motie in.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat er een werkgroep van experts door het ministerie van LNV is geconsulteerd om de gevolgen van een verbod op het gebruik van de e-collar in kaart te brengen;

constaterende dat er zonder deugdelijke onderbouwing en communicatie richting de werkgroep, in 2019 besloten is om tot een algeheel verbod op de e-collar over te gaan;

constaterende dat er ruimschoots voldoende wetenschappelijk bewijs is dat het nut van de e-collar in specifieke situaties onderschrijft;

verzoekt de minister om de werkgroep opnieuw te consulteren en deze te laten rapporteren in welke gevallen een algeheel verbod van de e-collar onwenselijk is,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Von Martels. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1146 (28286).

Ik zie de heer Graus binnenwandelen. Had u nog een motie voor dit VAO? Eigenlijk had u namelijk net uw spreektijd. Nou, kijk, dan ga ik u toch nog even het woord geven. Het komt eigenlijk doordat wij net twee minuten eerder begonnen dan we eigenlijk zouden moeten beginnen. Gaat uw gang.

De heer Graus (PVV):

Dank u wel, mevrouw de voorzitter.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering om geleedpotigen op te nemen in het Besluit houders van dieren, zeker ten tijde van covid, evenals het voorkomen van verspreiding van dierziekten, nu het gif en de zoönosen ook voor terroristische doeleinden kunnen worden ingezet,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Graus. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1147 (28286).

Mevrouw Bromet heeft een vraag voor u.

Mevrouw Bromet (GroenLinks):

Ik probeer het tot me door te laten dringen, maar ik weet echt niet waar dit over gaat. Dus misschien kan de heer Graus een toelichting geven.

De heer Graus (PVV):

Maar daar hebben we nu geen tijd voor.

Mevrouw Bromet (GroenLinks):

We moeten toch weten waar we over stemmen?

De heer Graus (PVV):

Weet u wat het verhaal is? De geleedpotigen worden niet opgenomen. Daar vallen dus ook bijvoorbeeld vogelspinnnen onder, en ook giftige spinnen. Die kúnnen worden ingezet voor terroristische doeleinden en voor andere doeleinden. Vandaar dat ik dit vraag.

De voorzitter:

Oké.

De heer Graus (PVV):

Hoe ik aan de informatie kom en hoe ik aan de waarschuwing kom? Daar kan ik u helaas niks over zeggen, maar dit is een zeer ernstige zaak.

Mevrouw Bromet (GroenLinks):

Ik wist het niet.

De heer Graus (PVV):

Nee. Dank u wel.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering tot harde aanpak van dierenbeulen binnen (brood)fokkerijen, slachthuizen, dierhoudende en/of -verwerkende industrie middels hoge boetes, gevangenisstraffen, houd- en beroepsverbod, en sluiting van bedrijf voor recidivisten,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Graus. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1148 (28286).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering om betere voorlichting ten behoeve van de aanschaf en het waardig houden van hobby- en/of gezelschapsdieren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Graus. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1149 (28286).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering de mogelijkheden en haalbaarheid te onderzoeken voor één nationale, professionele 144 Dierenambulanceorganisatie met uitrijverplichting en voorzien van (para)veterinaire bemanning die ter plekke noodhulp en stabilisatie kan bieden alvorens het dier wordt getransporteerd,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Graus. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1150 (28286).

De heer Graus (PVV):

De meeste dieren overlijden in shock, mevrouw de voorzitter. Een veterinair, een paraveterinair mag een dier uit shock halen. Zo kun je tienduizenden dierenlevens per jaar redden, die nu vaak in de ambulance sterven.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering alle dieronvriendelijke hulp- en trainingsmiddelen in kaart te laten brengen door (veterinair) ter zake deskundigen en deze uit te faseren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Graus. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1151 (28286).

De heer Graus (PVV):

Ik prijs deze minister, want ze is al begonnen met die verschrikkelijke stroomhalsband, die alleen de heer Von Martels nog nodig blijkt te hebben. Ik ben haar heel dankbaar dat ze dat doet. Zeker in de paardensport en zo moeten we daar ook mee gaan beginnen. Want die dieren daar worden ook niet goed behandeld met die hulp- en trainingsmiddelen.

Tot zo meteen.

De voorzitter:

Dank u wel. Wij gaan door. De volgende spreker van de zijde van de Kamer is de heer Moorlag. Hij spreekt namens de PvdA. De heer Graus sprak namens de PVV.

De heer Moorlag (PvdA):

Dank.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat het chippen van katten het dierenwelzijn bevordert, de druk op dierenasiels vermindert en de schade door en overlast van zwerfkatten vermindert;

verzoekt de regering een chipplicht voor katten te introduceren,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Moorlag. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1152 (28286).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat onder meer in Zeeland en op Texel succesvolle projecten zijn ontwikkeld om de schade en overlast van zwerfkatten te verminderen;

overwegende dat deze projecten door veel partijen, onder meer de landbouworganisaties, de jagers en de natuur- en dierenwelzijnsorganisaties, breed worden gedragen;

verzoekt de regering te bevorderen dat deze aanpak en dit type projecten op bredere schaal wordt toegepast,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Moorlag en De Groot. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1153 (28286).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat het doodschieten van zwerfkatten wreed is en bovendien gepaard gaat met het doodschieten van katten die als huisdier worden gehouden;

overwegende dat de overlast en schade door zwerfkatten op minder ingrijpende wijze dan afschieten kan worden bestreden door de inzet van vangkooien;

verzoekt de regering met de medeoverheden in overleg te treden hoe de afschot van katten in de regelgeving zo veel mogelijk voorkomen kan worden,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Moorlag en De Groot. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1154 (28286).

De heer Moorlag (PvdA):

Voorzitter. Als aanvulling op de laatste motie wil ik zeggen dat in Utrecht blijkt dat die alternatieve benadering heel goed werkt. Ik denk dat dat echt toepassing in meer provincies vraagt. De minister overlegt regelmatig met de provincies, dus ik zou een actieve opstelling van de minister hier zeer op prijs stellen.

Dank u wel.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan geef ik als laatste spreker van de zijde van de Kamer graag het woord aan de heer Futselaar. Hij spreekt namens de SP.

De heer Futselaar (SP):

Dank u, voorzitter. Ik heb één motie, maar voordat ik die indien, wil ik kort even uiting geven aan mijn teleurstelling. We hebben het er vaak over gehad dat het houdverbod pas nu naar de Raad van State is gestuurd. Je kunt erover discussiëren of dat aan Justitie ligt of aan LNV of aan corona, maar het kabinet als geheel heeft daar toch wel een beetje een steek laten vallen. Dat betekent in de praktijk dat we het niet voor de verkiezingen zullen kunnen behandelen en dat vind ik jammer.

Dat gezegd hebbende:

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat slechts 8% van de taakindeling van de NVWA het domein van dierenwelzijn beslaat;

overwegende dat de NVWA is belast met een omvangrijk takenpakket en kampt met structurele personeelstekorten waardoor de uitvoering van dit takenpakket onder druk staat;

van mening dat het nut van de bestaande dierenwelzijnsteams, taakaccenthouders bij de politie en de LID buiten kijf staat en deze diensten behouden en verder versterkt dienen te worden;

constaterende dat de minister is gestart met gesprekken met gemeentes om te bezien in hoeverre in dienst zijnde boa's kunnen bijdragen aan het verbeteren van de handhaving op het gebied van dierenwelzijn;

verzoekt de regering om deze verkennende gesprekken voort te zetten en met een plan van aanpak te komen waarin staat omschreven of en hoe gemeentelijke boa's kunnen worden betrokken bij versterking van de handhaving op het domein dierenwelzijn,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Futselaar. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1155 (28286).

De heer Futselaar (SP):

Dank u, voorzitter.

De voorzitter:

Dank u wel. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de zijde van de Kamer. We hebben veertien moties, dus ik schors de vergadering in ieder geval voor drie minuten. Dan heeft de minister de moties en kan zij ze van een appreciatie voorzien.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

De voorzitter:

Wij gaan heel goed luisteren. De minister heeft de moties, dus ik ga toch proberen om jullie allemaal mee te krijgen als de minister de moties van een appreciatie voorziet. Gaat uw gang.

Minister Schouten:

Voorzitter. Over de eerste motie, op stuk nr. 1142, hebben we al uitgebreid gesproken in het AO en volgens mij heb ik ook Kamervragen van de heer De Groot hierover beantwoord. Ik heb daarin al aangegeven wat de onmogelijkheden zijn om een verbod op te nemen. Daarom moet ik deze motie ontraden.

Dan de tweede motie, op stuk nr. 1143, over de taskforce hondenhandel. Ik heb inderdaad gemeld dat we die hebben ingesteld. Dat is een samenwerkingsverband van de NVWA, de LID en de politie, waarbij de expertise vanuit de drie partijen wordt ingezet om illegale hondenhandel te bestrijden. Het gaat erom dat bestaande capaciteit efficiënt wordt ingezet door samen te werken op operationeel, tactisch en strategisch niveau. Dat betekent dat het bij de samenwerking dus niet zozeer om meer handhaving maar om effectievere handhaving gaat. Dus ik ontraad deze motie.

De voorzitter:

Kort, meneer Wassenberg.

De heer Wassenberg (PvdD):

Over effectieve handhaving gesproken: op de site van NRC las ik vandaag dat sinds maart überhaupt niet meer is gecontroleerd op de hondenhandel, vanwege corona.

Minister Schouten:

Zeker.

De heer Wassenberg (PvdD):

Dat bericht klopt dus? Maar zou je dan niet moeten zeggen dat die handhaving een stuk effectiever en dus gewoon plaats moet vinden?

Minister Schouten:

Met het oog op corona doet de NVWA op dit moment geen huisbezoeken. Daarom vinden daar nu ook geen controles op de hondenhandel plaats. Het betekent wel dat we gewoon in het geheel moeten kijken hoe we effectiever naar bepaalde zaken rondom hondenhandel kunnen kijken. Dat doet deze taskforce. Maar het artikel van NRC sloeg op de hondenhandel thuis. Daar komt de NVWA nu niet vanwege corona.

De voorzitter:

We gaan nu naar de derde motie.

Minister Schouten:

Dat is de motie op stuk nr. 1144 over het Dolfinarium. Daar hebben we ook al vaker over gesproken. Ik ken ook de passie van de heer Wassenberg ten aanzien van de dolfijnen. We hebben het Dolfinarium ook een verbetertraject aangezegd. Zij moeten dan ook de kans krijgen om te verbeteren. Dat is ook een voorwaarde om te bepalen of ze aan de regels voldoen en, zo niet, wat dan de vervolgstappen zijn. Ik spreek ze daar ook over. In het eerste kwartaal van 2021 informeer ik u ook over de afspraken die worden gemaakt. Kortom, deze motie moet ik ontraden, maar we zijn er wel mee bezig om te zorgen dat het welzijn daar verbeterd wordt.

De voorzitter:

Korte vraag.

De heer Wassenberg (PvdD):

Dan hoop ik inderdaad dat we in het eerste kwartaal van 2021 daarover geïnformeerd worden. Dan houd ik de motie in elk geval tot die tijd aan.

De voorzitter:

Op verzoek van de heer Wassenberg stel ik voor zijn motie (28286, nr. 1144) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:

Dan de vierde motie.

Minister Schouten:

De motie op stuk nr. 1145 gaat over de vraag of wij de RDA om een zienswijze kunnen vragen voor de randvoorwaarden voor een integraal duurzame veehouderij, met name gericht op de staat van welzijn van het dier. Ik heb al eerder laten weten aan uw Kamer wat het uitgangspunt is van mijn beleid, namelijk dat de dieren zo veel mogelijk gevrijwaard moeten worden van ongerief, dat ze soorteigen gedrag moeten kunnen vertonen en ook dat ze in staat moeten worden gesteld om positieve ervaringen op te doen. Als deze motie wordt aangenomen, zal ik de RDA vragen om een zienswijze op te stellen over de randvoorwaarden daarvoor. Ik kan deze motie dus oordeel Kamer geven.

De motie op stuk nr. 1146 betreft ook een onderwerp dat steeds weer terugkomt. Ik zou bijna willen zeggen: Wag the dog. Het is duidelijk waar de passie van de heer Von Martels ligt, maar die delen we niet in dit geval. Dus ik ga deze motie weer ontraden.

De voorzitter:

Dan de zesde motie.

Minister Schouten:

Ik hoor de heer Graus vanuit de bankjes een appreciatie geven over de manier waarop de heer Von Martels zijn honden houdt. Dat mogen ze samen uitvechten.

De voorzitter:

Dan de motie op stuk nr. 1147 over de geleedpotigen.

Minister Schouten:

Ja, de geleedpotigen. De motie vraagt om die op te nemen in het Besluit houders van dieren. Het Besluit houders van dieren ziet op het welzijn en de gezondheid van dieren. In de motie is de reden dat ze ingezet zouden kunnen worden voor andere, bijvoorbeeld terroristische, doeleinden. Daar ziet het Besluit houders van dieren niet op. Eigenlijk biedt dit besluit daar dus geen grondslag voor en moet ik deze motie ontraden.

De voorzitter:

De heer Graus heeft een vraag daarover.

De heer Graus (PVV):

Ik kan dat natuurlijk ook eruit halen. Als ze maar worden opgenomen, want dan wordt voorkomen waar ik voor waarschuw. Dan haal ik dat gewoon allemaal weg. Dan krijgt de motie waarschijnlijk "oordeel Kamer". Ik haal die hele zin gewoon wel weg. Het verzoek is dus om "geleedpotigen op te nemen in het Besluit houders van dieren". Dat wordt 'm dan. Dan ben ik heel dankbaar, want ik denk dat de minister dat ook heel graag wil.

Minister Schouten:

Nee. Voordat we iets opnemen in het Besluit houders van dieren willen we er natuurlijk wel wat meer zicht op hebben wat het allemaal concreet betekent.

De voorzitter:

Oké, de motie op stuk nr. 1147 is aangehouden.

Op verzoek van de heer Graus stel ik voor zijn motie (28286, nr. 1147) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:

Dan de motie op stuk nr. 1148.

Minister Schouten:

Ik ga de Kamer daarover niet heel actief informeren. Ik heb de indruk dat de heer Graus daar nu op hint, maar …

De voorzitter:

Volgens mij gaat de heer Graus er gewoon even goed over nadenken wat hij daarmee wil.

De heer Graus (PVV):

Maar ik heb informatie dat gaat gebeuren wat ik in die motie heb gezet. Daarom baart het me zorgen. Maar als die geleedpotigen worden opgenomen, ben ik ook al tevreden. Begrijpt u wat ik bedoel? Want het wordt door de landen al meegenomen. Daar gaat het mij namelijk om. Dan laat ik de rest even weg, dus covid, ziekten, dingen waar mensen dood aan kunnen gaan en terroristische doeleinden. Dat is allemaal niet onbelangrijk, maar dat kan ik weghalen als ik de minister daarmee kan helpen.

Minister Schouten:

Mijn punt is dat iets opnemen in het Besluit houders van dieren ook consequenties heeft. Dat doen we niet even snel; daar moet wel echt breed over nagedacht worden. Daarom ontraad ik deze motie.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan de motie op stuk nr. 1148.

Minister Schouten:

De motie op stuk nr. 1148 gaat over de aanpak van dierenbeulen op allerlei plekken. We hebben natuurlijk een houdverbod in de pijplijn zitten; de heer Futselaar refereerde daaraan. Ik weet wat uw Kamer van de snelheid vindt, maar het wetsvoorstel is al wel naar de Raad van State gestuurd. In die zin komt het er dus aan. Ik zou zeggen: betrek de discussie daarover bij dit houdverbod, ook om te zien of u dat afdoende vindt of niet. Ik ontraad deze motie dus.

De voorzitter:

Wilt u ook deze motie aanhouden, meneer Graus? Begrijp ik dat goed?

De heer Graus (PVV):

Ik laat de motie gewoon in stemming komen, want de VVD heeft het houd- en beroepsverbod zelfs in haar verkiezingsprogramma staan, dus die motie gaat het halen.

Maar nog even over de motie op stuk nr. 1147. Ik wil daar toch graag een brief over hebben. Dat zou ik toch fijn vinden. Ik merk ook dat ik best wel wat steun daarvoor krijg van Kamerleden. Als het dus mogelijk is dat we wel een brief of een reactie over de geleedpotigen ontvangen, zou ik dat toch wel belangrijk vinden. Een paar regels …

De voorzitter:

U had de motie aangehouden, maar u wilt graag een brief daarover.

De heer Graus (PVV):

Ja, precies, dank u wel.

Minister Schouten:

Dat is ook een hele grote, algemene vraag. Ik vind echt dat we dit gewoon even in een debat met elkaar moeten wisselen in plaats van nu te zeggen: dit moet even gaan gebeuren. Ik stel echt voor dat we dit op de geëigende manier via een debat een keer aan de orde stellen.

De voorzitter:

Of u stelt de vraag via de procedurevergadering iets concreter namens de commissie, als u zegt dat u er draagvlak voor heeft. Dan weet de minister goed waar ze op moet reageren. Zullen we het zo doen?

Minister Schouten:

Ja, het is nu wel heel open.

De voorzitter:

Dan krijgt de minister via de commissie voor Landbouw en Visserij gewoon een verzoek om iets op papier te zetten. En de motie is aangehouden. Prima. Dan gaan we door.

De motie op stuk nr. 1148 is ontraden, maar de heer Graus houdt haar niet aan. We gaan naar de motie op stuk nr. 1149.

Minister Schouten:

Ja. De motie op stuk nr. 1149 vraagt de regering om meer voorlichting te geven over het houden van dieren. Er wordt al veel gedaan aan voorlichting, bij het Landelijk InformatieCentrum Gezelschapsdieren, het LICG, en ook op andere plekken. De Dierenbescherming doet het natuurlijk zelf ook vaak. We hebben nu ook gezegd dat we moeten zorgen dat er op Marktplaats geen dieren kunnen worden aangeboden op een verkeerde manier en vanuit verkeerde plekken. Ik heb nu geen aanleiding om hier nog meer op te gaan doen, dus ik ontraad deze motie.

De voorzitter:

Een korte vraag van de heer Graus.

De heer Graus (PVV):

Ja, een korte vraag. Kijk, als je een konijntje gaat halen, vragen ze niet: heeft u misschien nog een mannetje thuis, want die bijten elkaar verrot. Daar wordt totaal geen voorlichting over gegeven. Alle dieren worden maar verkocht en meegegeven alsof het broodjes zijn, terwijl mensen helemaal niet in de gaten hebben dat je bijvoorbeeld van bepaalde dieren nooit twee mannetjes bij elkaar kan houden en bij sommige dieren zelfs geen twee vrouwtjes. Daar wordt totaal geen voorlichting over gegeven. Je ziet het ook als je een vis wilt kopen. Daar wordt totaal geen voorlichting bij gegeven. Die dieren tellen niet eens mee. Schakel dus mensen in die gaan uitzoeken hoe we betere voorlichting kunnen geven. Dat kan de minister dan toch ook toezeggen?

Minister Schouten:

Ik heb mijn mening al gegeven. Er wordt op verschillende plekken voorlichting gegeven. Mensen kunnen echt informatie vinden, op wat voor plek dan ook, over hoe ze met dieren om zouden moeten gaan. Wij gaan hierop nu geen nadere actie ondernemen.

De voorzitter:

Nee. En daarmee is de motie op stuk nr. 1149 ontraden. We gaan naar de motie op stuk nr. 1150, over de dierenambulance.

Minister Schouten:

Ja. Dat zit natuurlijk ook weer op het terrein van mijn collega van JenV, want 144 hoort bij JenV. Dat gaat ook over zaken als een uitrijverplichting. We hebben een systematiek voor de opvang en het vervoer van dieren. Die werkt in de praktijk en ik zie nu geen aanleiding om daar nog allerlei zaken aan toe te voegen, zoals deze motie verzoekt. Ik ontraad deze motie dus.

De heer Graus (PVV):

De minister gaat wel over de dierenambulances en de bemanning ervan. Als je een aangereden dier, of dat nou een hondje, katje, konijn, ree of weet ik wat is, Solu-Delta-Cortef toedient — dat is een snelwerkend corticon — dan haal je het uit shock en heeft dat dier een overlevingskans om veilig bij een dierenarts terecht te komen. Nu sterven heel veel dieren in shock omdat ze niet gestabiliseerd worden. Een mens wordt eerst gestabiliseerd en dan pas getransporteerd. Waarom gebeurt dat bij dieren niet? Zo'n prikkie kost niks. Het moet wel door paraveterinairen gebeuren. Daar kan de minister toch een toezegging op doen?

Minister Schouten:

Maar dat ga ik niet doen, dus ik ontraad deze motie.

De voorzitter:

De motie is ontraden.

Minister Schouten:

Dan de motie op stuk nr. 1151 over het in kaart laten brengen van alle dieronvriendelijke hulp- en trainingsmiddelen. Dat is wel een heel brede vraag en een heel breed verzoek. In potentie kunnen er heel veel trainingsmiddelen gebruikt worden die dieronvriendelijk zijn. Deze motie gaat een beetje buiten scope, dus ik ontraad de motie.

De heer Graus (PVV):

Ik heb de minister al bedankt voor die verschrikkelijke stroomhalsband, die alleen de heer Von Martels nog gebruikt en nog een paar kneuzen die niet met honden kunnen omgaan. Waar het me om gaat is dat er bijvoorbeeld ook in de paardensport dingen gebeuren met dieren die echt niet goed zijn. Zelfs dierenartsen trekken daarover bij mij aan de bel. Ik vraag gewoon om dat eens met een team van deskundigen, want die heeft de minister, te bekijken. Ik heb ze zelf ook en wil ze graag ter beschikking stellen vanuit mijn denktank. Maar ga nou iets doen om dat in beeld te brengen en om het te kunnen uitfaseren. Er gebeuren in verschillende takken van dierensport en de dierhouderij verschrikkelijke dingen met trainings- en hulpmiddelen. De stroomhalsband is een goed begin.

Minister Schouten:

Ik ontraad nog steeds de motie.

Dan de motie op stuk nr. 1152 over de chipplicht voor katten. Op verzoek van de heer De Groot en anderen zijn we al aan het kijken hoe we de pilot vormgeven met een aantal gemeenten, die dan lokaal het chippen verplicht stellen. Die pilot loopt dus. Over de bredere context heb ik het met mevrouw Bromet gehad rond de gemeentelijke bevoegdheden rond dierenwelzijn. Daarover werkt de RDA nu aan een zienswijze. Die heb ik toen ook toegezegd aan haar. Er lopen dus al de nodige zaken, daarom ontraad ik deze motie.

De voorzitter:

Dan gaan we naar de motie op stuk nr. 1153.

Minister Schouten:

De motie op stuk nr. 1153 gaat over de projecten in Zeeland en op Texel om de schade van overlast door zwerfkatten te verminderen. Ik heb inderdaad gehoord dat dit op onderdelen interessante experimenten zijn. Ik heb zelf ook naar Zeeland verwezen in mijn brief. Maar ik zie en constateer dat het een bevoegdheid van de provincies is. Ik zie gelukkig ook dat een aantal provincies die ook oppakken. Ik vind het echt aan de provincies om te bepalen wat past in hun regio en welke aanpak zij wenselijk vinden. Met het oog daarop ontraad ik deze motie.

De voorzitter:

De heer Moorlag met een korte vraag.

De heer Moorlag (PvdA):

Ik had gedacht dat ik de motie genuanceerd had gemaakt met "te bevorderen". De minister spreekt regelmatig met de provincies over natuur. Een iets minder lijdzame opstelling van de minister zou ik wel op prijs stellen, zeker als je bekijkt hoe breed dit gedragen wordt. Het hele veld is hartstikke gepolariseerd, maar dit zijn initiatieven die gedragen worden door jagers, landbouworganisaties en natuur- en milieuorganisaties. Dan denk ik: ietsje meer …

De voorzitter:

Dank u wel, meneer Moorlag.

Minister Schouten:

Juist als het zo gedragen wordt, zou ik die groepen willen oproepen naar hun provinciebestuur te gaan. Dat zijn degenen die hierover gaan en die hierover kunnen beslissen. Ik zou hen echt daarheen willen verwijzen om daar het gesprek aan te gaan. Als er dan ook nog eens mooie voorbeelden in een aantal provincies bestaan, zouden die ook nog eens ter ondersteuning ingebracht kunnen worden. Dit is echt een bevoegdheid van de provincies en die wil ik daar ook laten.

De voorzitter:

De motie op stuk nr. 1153 blijft dus ontraden. Dan de motie op stuk nr. 1154.

Minister Schouten:

Dan kom ik weer op hetzelfde argument. Ook hier is het de bevoegdheid van de provincies om hierin een afweging te maken. Overigens worden huiskatten niet gedood, zwerfkatten wel in sommige provincies. Een jager die zijn jachtveld kent, ziet ook wel het verschil tussen een huiskat en een zwerfkat. Maar het is aan de provincies, dus ik ontraad deze motie.

Dan kom ik bij de motie op stuk nr. 1155, waarin wordt gevraagd de verkennende gesprekken voort te zetten en met een plan van aanpak te komen waarin staat omschreven of en hoe gemeentelijke boa's kunnen worden betrokken bij versterking van de handhaving op het domein dierenwelzijn. Ik heb al gezegd dat ik inderdaad met de gemeente Amsterdam hierover in gesprek ben. We gaan dit ook bekijken.

Voorzitter, ik kan twee dingen doen. Ik kan de motie oordeel Kamer geven of ik kan haar overnemen, want eigenlijk past dit bij hetgeen ik aan het doen ben. Ik wil de motie ook overnemen, als de heer Futselaar …

De voorzitter:

Heeft u bezwaar tegen het overnemen van deze motie? Daar is geen bezwaar tegen.

De motie-Futselaar (28286, nr. 1155) is overgenomen.

De heer Futselaar heeft een vraag over … Sorry, de heer Wassenberg.

De heer Wassenberg (PvdD):

We zijn allebei Frank, maar ik ben Wassenberg, en daar zit Futselaar.

De voorzitter:

I know. Gaat uw gang.

De heer Wassenberg (PvdD):

Toch even een vraag. De minister zei dat jagers het verschil zien tussen zwerfkatten en huiskatten, maar daar is geen verschil tussen. Ik weet het niet, maar waarschijnlijk bedoelt de minister de wilde kat. Ik doe het even uit mijn hoofd: de zwerfkat of de huiskat is catus cattus, en de wilde kat is catus silvestris. Ik doe het uit mijn hoofd. Maar er zijn geen verschillen. Een kat op straat kan een huiskat of een zwerfkat zijn. Een kat in het bos kan een huiskat zijn of een zwerfkat zijn, dus een jager kan het verschil niet zien. En als een jager erop schiet, kan hij of een zwerfkat schieten, of een huiskat. Maar dat is echt iets anders dan de wilde kat. De Partij voor de Dieren heeft ooit een motie ingediend over het verbieden van het afschieten van huiskatten of verwilderde huiskatten.

Minister Schouten:

Dank voor het college over wat voor soort katten er zijn. De heer Wassenberg heeft daar veel meer verstand van dan ik. Hij heeft daar vanuit zijn achtergrond heel veel kennis over opgedaan. Ik bedoel de wilde katten en de andere katten. Laat ik het dan maar zo benoemen. Daar gaat het natuurlijk echt over. Daar zit verschil tussen. Een jager moet dat verschil wel kunnen zien.

De voorzitter:

Dank u wel. Ik ga niet het debat overdoen, meneer Wassenberg. We gaan door naar het volgende VAO. We zijn aan het eind gekomen van het VAO over dierenwelzijn buiten de veehouderij.

De beraadslaging wordt gesloten.

Naar boven