Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2020-2021nr. 34, item 6

6 Beëdiging van de heer J.H. de Vree (PVV)

Aan de orde is de beëdiging van de heer J.H. de Vree (PVV).

De voorzitter:

Ik geef het woord aan mevrouw Leijten tot het uitbrengen van verslag namens de commissie voor het onderzoek van de Geloofsbrieven.

Mevrouw Leijten, welkom.

Mevrouw Leijten, voorzitter der commissie:

Voorzitter, excuses dat ik te laat ben hiervoor, terwijl het natuurlijk een heuglijke dag is voor de heer De Vree. Vanaf deze plek wil ik in ieder geval mevrouw Maeijer alle goeds wensen in de komende tijd, waarin zij hier even afwezig is.

Voorzitter. De commissie voor het onderzoek van de Geloofsbrieven heeft de stukken onderzocht die betrekking hebben op de heer J.H. de Vree te Hardinxveld-Giessendam.

De commissie is eenparig tot de conclusie gekomen dat de heer De Vree te Hardinxveld-Giessendam terecht benoemd is verklaard tot lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal. De commissie stelt u daarom voor om hem toe te laten als lid van de Kamer.

Daartoe dient hij wel eerst de verklaringen en beloften zoals die zijn voorgeschreven bij de Wet beëdiging ministers en leden Staten-Generaal van 27 februari 1992, Staatsblad nr. 120, af te leggen.

De commissie verzoekt u tot slot de Kamer voor te stellen het volledige rapport in de Handelingen op te nemen.

De voorzitter:

Dank u wel, mevrouw Leijten. Ik dank de commissie voor haar verslag en stel voor dienovereenkomstig te besluiten.

Daartoe wordt besloten.

(Het rapport is opgenomen aan het eind van deze editie.)

De voorzitter:

Ik verzoek de leden en de overige aanwezigen in de zaal en op de publieke tribune — ik zie maar één iemand op de publieke tribune — om voor zover dat mogelijk is te gaan staan.

De heer De Vree is in het gebouw der Kamer aanwezig om de voorgeschreven verklaringen en beloften af te leggen.

Ik verzoek de Griffier hem binnen te leiden.

Nadat de heer De Vree door de Griffier is binnengeleid, legt hij in handen van de Voorzitter de bij de wet voorgeschreven verklaringen en beloften af.

De voorzitter:

Dan wens ik u van harte geluk met het lidmaatschap van onze Kamer. U krijgt bloemen, denk ik. Van harte welkom. Het is een beetje ongemakkelijk met corona, maar dat weet u al. Kijk, de heer Wilders heeft bloemen voor u. Dat is heel lief.

Ik zou zeggen: neem plaats. We hebben 250 moties waarover we gaan stemmen. Welkom!

Ik wacht nog heel even totdat we een andere microfoon hebben.