Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2020-2021nr. 34, item 3

3 Vragenuur: Vragen Postma

Vragen van het lid Postma aan de minister van Justitie en Veiligheid over een man die voor de zestiende keer in twee jaar tijd betrapt is op rijden zonder rijbewijs.

De voorzitter:

Dan zijn we toegekomen aan de vraag van mevrouw Postma, namens het CDA ook, aan de minister van Justitie en Veiligheid over een man die voor de zestiende keer in twee jaar tijd betrapt is op rijden zonder rijbewijs. Mevrouw Postma.

Mevrouw Postma (CDA):

Voorzitter, dank. Zestien keer aangehouden zonder rijbewijs, de laatste keer ook onder invloed van harddrugs. Ik heb onlangs een initiatiefnota ingediend over het aanpakken van verkeershufters. Sommige partijen vragen mij weleens: wat is nou een verkeershufter? Nou, dat is zo iemand. Iemand die willens en wetens in die auto stapt, gevaarlijk gedrag vertoont en een gevaar is voor anderen. Het CDA wil zo'n persoon echt van de weg af hebben voordat er ongelukken gebeuren, en niet daarna.

Voorzitter. Dit geval staat niet alleen. Ik was onlangs mee met de verkeerspolitie in Rotterdam. Ook zij vertelden mij dat zij dat jaar één iemand al zes keer van de weg hadden gehaald. Zij verwachtten dat hij volgende maand ook weer van de weg moest worden gehaald. Deze man had ook geen rijbewijs en maakte keer op keer ernstige overtredingen waardoor anderen gewond kunnen raken.

De minister heeft wel enkele dingen gedaan om te kijken hoe wij deze groep moeten aanpakken, zoals het verhogen van de strafeis voor ernstige verkeersdelicten. Ik zie alleen een grote discrepantie tussen wat er in de praktijk gebeurt en wat er in de wet kan. Mijn vraag aan de minister is de volgende. Hoe kan het nou dat de politie met de handen in het haar zit en niets denkt te kunnen doen om deze persoon aan te pakken? Is de minister bereid om met de politie in gesprek te gaan om te kijken hoe zij kunnen helpen om ervoor te zorgen dat deze mensen van de weg gehaald kunnen worden? Kan de minister mij uitleggen hoe vaak die nieuwe wet al gebruikt is en of die wel doelmatig is voor wat die moet doen, namelijk dit soort mensen van de weg afhalen en eigenlijk eventjes vastzetten, zodat ze goed over hun gedrag kunnen nadenken?

De voorzitter:

De minister.

Minister Grapperhaus:

Voorzitter. Rijden zonder rijbewijs is een ernstig verkeersdelict. Dat is duidelijk. Daarom heb ik in de per 1 januari jongstleden in werking getreden wet Aanscherping strafrechtelijke aansprakelijkheid ernstige verkeersdelicten de maximumstraf verhoogd van twee maanden naar zes maanden hechtenis. Bij herhaalde overtreders, zoals ook hier, vordert het Openbaar Ministerie ook volgens de richtlijn onvoorwaardelijke hechtenis. Daarnaast kan het voertuig in beslag worden genomen vanaf de derde overtreding. Dat is voor de meeste overtreders niet alleen een afschrikwekkend, maar ook een probaat middel. Er zijn er enkelen die desondanks toch nog overtredingen blijven begaan.

Ik kan niet nu — dat zal pas in de loop van het volgend jaar kunnen — iets zeggen over de cijfers naar aanleiding van deze per 1 januari ingevoerde wet. Ik kan wel zeggen dat het aantal staandehoudingen in 2019 met zo'n 30% is gestegen, van 400.000 naar 530.000. We zien dus dat de politie hier echt wel aanzienlijk meer en vaker op inzet. Ik begrijp heel goed de onvrede als je zoiets leest, maar over de individuele zaak kan ik verder niet oordelen, want ik weet niet wat de achtergronden daarvan precies zijn. Daar moet ik ook buiten blijven.

Mevrouw Postma (CDA):

Voorzitter, dank. Zoals ik al zei, gaat dit niet alleen om dat individuele geval. Dit kom ik ook tegen bij de verkeerpolitie in het district Rotterdam, die meerdere van dit soort mensen kent. Dus volgens mij hebben we hier een probleem te pakken dat groter is dan dat ene. Ik zou graag van de minister willen horen of hij in gesprek wil gaan met de politie om te kijken hoe zij meer handvatten kan krijgen om deze mensen toch wat langer van de weg af te houden, want, hoewel de inhechtenisneming verhoogd is van twee naar zes maanden, heb ik het idee dat er nauwelijks gebruik van wordt gemaakt. De minister deed net al de kleine toezegging dat hij kan kijken hoe vaak hier gebruik van wordt gemaakt, hoe het daarmee zit. Dat is eigenlijk al een soort evaluatie. Die zou ik dan graag begin volgend jaar zien, maar ik wil nog graag een reactie op de vraag hoe wij de politiepraktijk kunnen helpen om ervoor te zorgen dat die wet vaker wordt ingezet.

Minister Grapperhaus:

Ik haal uit het krantenbericht dat van deze "hardleerse" man al dertien voertuigen in beslag zijn genomen. Als iemand kennelijk een hele verzameling heeft of de auto's van zijn familie en weet ik veel wie allemaal hiervoor inzet en wij deze hechtenisregeling hebben, dan wordt het haast iets pathologisch. Ik had het over het aantal staandehoudingen. De politie is daar naar aanleiding van wensen van uw Kamer veel meer toe overgegaan. Dat blijft zich ook voortzetten. Je houdt dus kennelijk dit soort bizarre veelplegers — dat zie je overal — die dat blijven voortzetten ondanks de zware straffen, ondanks de vermogensstraf, die ze ook nog eens oplopen als hun auto wordt ingenomen, en die ook nog eens onder invloed van harddrugs was als ik de krant mag geloven.

Ik kan niet zeggen dat die getallen in de eerste maanden van volgend jaar komen. Dat hangt echt af van wanneer de verkeersmonitor los gaat komen, maar dat zal zeker de eerste helft van 2021 zijn.

De voorzitter:

Mevrouw Postma. U heeft nog anderhalve minuut.

Mevrouw Postma (CDA):

Dit is precies het probleem. Het voertuig is al meerdere malen in beslag genomen. Dat was ook het geval bij de casus die de politie Rotterdam aan mij liet zien, dus dit werkt blijkbaar niet. Blijkbaar werkt de wetgeving die wij nu hebben, waarbij de strafmaat verhoogd is, niet voldoende om dit soort gevaarlijke verkeershufters van de weg af te halen. Als we dan kijken wat er op zo'n weg kan gebeuren, dan is het heel reëel dat zo'n persoon een ongeluk gaat veroorzaken waarbij slachtoffers vallen, waarbij zwaargewonden vallen of, nog erger, mensen komen te overlijden. We zien liever dat we aan de voorkant gaan zitten dan aan de achterkant. Dus nogmaals mijn verzoek aan de minister om in gesprek te gaan met de politie om te kijken wat we nog kunnen doen om ervoor te zorgen dat we na zestien keer niet nog een zeventiende, achttiende, negentiende en twintigste keer moeten hebben voordat zo iemand stopt.

Minister Grapperhaus:

Ik zei al: we kunnen nog niet het oordeel vellen of die wet geholpen heeft. Er zullen altijd dit soort — excuseert u het Engelse woord — freakshows en dit soort figuren zijn die ondanks de sancties daar toch mee door blijven gaan. Dat zullen er wellicht enkelen zijn. We weten volgend jaar precies hoe die wet gewerkt heeft. Ik denk — en dat hoor ik ook van de politie — dat er heel veel ontmoediging van uitgaat als je dit één keer doet. Dat zijn heel veel van de gevallen waar het om gaat.

Mevrouw Postma (CDA):

Mag ik nog een keer?

De voorzitter:

Ja, natuurlijk. U heeft nog twintig seconden.

Mevrouw Postma (CDA):

Voorzitter, ik wou nog even. Ja, ik zie die handhavingscijfers gelukkig stijgen, maar we zijn we nog lang niet op het niveau van vijf jaar geleden. Je ziet in de verkeersongevallen ook een enorme stijging terug van het aantal zwaargewonden en het aantal dodelijke slachtoffers. Hulde voor de politie, die heel goed bezig is om het aantal staandehoudingen weer omhoog te krijgen, omdat we weten dat dat het meest effectief is om het gedrag te verbeteren, maar ik wil mij hier niet bij neerleggen. Ik wil de minister toch echt vragen om te kijken wat we hier nog meer aan kunnen doen.

Minister Grapperhaus:

Ik heb gezegd dat we eerst gewoon eens even de cijfers volgend jaar moeten gaan zien met elkaar en dan met uw Kamer moeten bespreken hoe we hiermee verdergaan. Wat betreft de stijging van de staandehoudingen: ik ben ervan overtuigd dat die lijn zich ook in 2020 blijft voortzetten.

De voorzitter:

Dank u wel, mevrouw Postma. De heer Remco Dijkstra namens de VVD. Ik zie ook mevrouw Van Brenk. De heer Remco Dijkstra.

De heer Remco Dijkstra (VVD):

De VVD vindt verkeersveiligheid belangrijk. Met veel moeite en met veel samenwerking met gemeentes en provincies hebben we heel veel geld vrijgemaakt voor verkeersveiligheid. Dat vinden wij belangrijk. En dan hoor je dit voorval. Als we verkeersveiligheid belangrijk vinden als het gaat om de infra, hoe kan het dan dat de sanctionering, of in ieder geval de pakkans of de handhaving, nog onvoldoende is? Want dan is het dweilen met de kraan open. Wat gaat de minister daaraan doen, naast de zaken die hij al heeft gedaan, om te voorkomen dat onschuldigen zo meteen het slachtoffer worden van zo'n verkeershufter, die straks wellicht voor de zeventiende keer met drugs opgepakt gaat worden?

Minister Grapperhaus:

Daar hebben de heer Dijkstra en ik natuurlijk vaker over gesproken met elkaar. Hij wees terecht op de pakkans en de staandehoudingen. Die staandehoudingen zijn echt substantieel toegenomen. Dat blijft ook zo. Daar blijft op worden ingezet. Nogmaals, deze strengere wetgeving zal er bij het overgrote deel van de overtreders toe leiden dat ze na een of twee keer zeggen: dit moeten we echt niet meer doen. Maar ja, het krantenbericht uit De Telegraaf, waar mevrouw Postma op heeft gewezen, laat zien dat er natuurlijk af en toe een figuur tussen zit die dertien keer zijn voertuigen in beslag heeft laten nemen en het dan nog een keertje probeert. Ik vind dat vrij bizar. Overigens kan de politie de auto bij drie overtredingen in drie jaar ook zelf innemen. Dat staat nog even los daarvan.

Mevrouw Van Brenk (50PLUS):

Ik kan me voorstellen dat je hier als politieagent moedeloos van wordt. Je doet iedere keer je best, maar zo iemand komt weer op straat. Ik vroeg me af of de minister mee kan denken. Is er nog een andere mogelijkheid? We praten hier over iemand met de Poolse nationaliteit. Kunnen we daar nog iets mee? Volgens mij zijn er ook landen die uitspreken dat iemand persona non grata is. Zulke mensen zouden we hier eigenlijk niet op de weg willen hebben. Kunnen we misschien nog iets in die richting?

Minister Grapperhaus:

Ik wil die dingen zeker nog eens meenemen als we echt een beeld hebben van hoe dit uitwerkt. Mevrouw Van Brenk is een vaste en scherpe analist in de overleggen die we met elkaar hebben. Ik vind echt dat we hier met elkaar naar moeten kijken. Als ik de politie en het OM hierover spreek, dan heb ik nog steeds het beeld dat deze wetgeving echt werkt, want het is een behoorlijke verzwaring. Maar goed, we weten dat in de loop van 2020 in ieder geval zeker, dus dan kunnen we met elkaar kijken of het nodig is om er toch nog andere dingen bij te doen.

De voorzitter:

Heeft u nog een vraag? De heer Remco Dijkstra namens de VVD.

De heer Remco Dijkstra (VVD):

We wachten eventjes af wat de verzwaring van de strafmaat gaat betekenen voor de cijfers. Het is op zich goed als het lukt om de pakkans omhoog te krijgen, maar dit is natuurlijk wel een idioot. Dit soort idioten wil je niet op de weg. Ik lees in het artikel dat er dertien auto's in beslag zijn genomen. Dat is vrij uniek. Ik vraag me af of dat geld niet verbeurd kan worden richting het Fonds Slachtofferhulp, want je hebt maar één idioot nodig om een heel leven of meerdere levens te verwoesten.

Minister Grapperhaus:

Het voertuig wordt dan inderdaad verbeurd verklaard, dus je krijgt het niet terug. Zoals de heer Dijkstra weet, wordt dat vervolgens aan de algemene middelen toegevoegd. Ik weet niet of het in dit geval een Lamborghini was, die een of twee ton kost, of een Ford Fiesta, die in de buurt van vijftien mille komt. Zeker als ze wat ouder zijn, dan zullen die bedragen wat lager liggen.

De voorzitter:

Hoe weet u dat zo precies? Vertel.

Minister Grapperhaus:

Dat weet ik zo precies omdat ik al drie jaar lang deze functie uitoefen. Ik zou uw Kamer graag uitnodigen om eens een keer langs rijksdomeinen te gaan. Dan kunt u zien wat er onder beslag ligt. Het is werkelijk waar. Daar staan een stuk of 40 van die hele dure bakken. Maar als je uit het raam kijkt, staan er wel 500 Ford Fiesta's. De heer Dijkstra herkent dat, want die is er weleens geweest. Er zijn ook een aantal hele mooie schilderijen van sommige mensen, maar dat is een ander verhaal. Daar ligt natuurlijk het punt. Het gaat nu naar de generale middelen, dus naar Financiën, maar ik denk dat het voor een volgend kabinet te overwegen zou zijn — daarover heb vaak van gedachten gewisseld met mevrouw Van Toorenburg — om die opbrengsten aan de gemeenschap ten goede te laten komen. Ik zou het voor een volgend kabinet een goed idee vinden om te zeggen: waarom laat je de opbrengsten van verkeersgekken en -hufters, zoals mevrouw Postma zegt, niet aan dat waarborgfonds? Dat zou dan uitgewerkt moeten worden.

Dank u wel.

De voorzitter:

Dank u wel. We wachten nog heel even, want de volgende vraag wordt gesteld aan de minister van Financiën, die nog moet binnenkomen.