Aan de orde is het debat naar aanleiding van een algemeen
overleg op 29 juni 2010 over de postsector.
Mevrouw Gesthuizen (SP):
Voorzitter. Ik dien één motie in tijdens dit VAO over de
postsector.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat reeds geruime tijd ernstige klachten van personeelsleden
van TNT wat betreft de wijze van omgang door leidinggevenden binnen het bedrijf
met ondergeschikten de ronde doen;
constaterende dat er aanwijzingen zijn dat regels en normen voor het voorkomen
van psychosociale arbeidsbelasting worden overtreden;
verzoekt de regering, de Arbeidsinspectie te vragen om een onderzoek in
te stellen naar de werkdruk en psychosociale arbeidsbelasting van werknemers
bij TNT-vestigingen in, in ieder geval, sorteercentra/vbg in Rotterdam, Zaltbommel,
Haarlem en Bilthoven en de maatregelen die de directie neemt om deze belasting
te voorkomen, en de Kamer over de uitkomsten van dit onderzoek te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Gesthuizen, Van Vliet en Van Gent.
Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.
Zij krijgt nr. 121(30536).
Mevrouw Vermeij (PvdA):
Voorzitter. Ook ik dien één motie in, mede namens collega
Van Gent van de fractie van GroenLinks.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat er aanzienlijk minder onder arbeidscontracten wordt
gewerkt bij de nieuwe postbedrijven dan de 14% die al in april behaald
had moeten zijn;
overwegende dat de overeenkomst van opdracht (OVO) omwille van financiële
onafhankelijkheid, onderhandelingspositie en feitelijke arbeidsverhoudingen
een onwenselijke contractvorm is voor postbezorgers;
verzoekt de regering, op korte termijn gebruik te maken van de mogelijkheden
die de Postwet 2009 en de AMvB Tijdelijk Besluit (Arbeidsovereenkomst post)
bieden om deze misstanden op de arbeidsmarkt voor postbezorgers op te lossen,
opdat bij alle in de sector actieve bedrijven voor 1 oktober 2012 minimaal
80% van de postbezorgers werkzaam is op basis van een arbeidsovereenkomst,
zoals ook het ingroeimodel ten doel heeft, en de Kamer schriftelijk te informeren
over de te nemen stappen en het daarmee behaalde resultaat voor 1 oktober
aanstaande,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Vermeij en Van Gent. Naar mij
blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.
Zij krijgt nr. 122(30536).
Minister Donner:
Voorzitter. Ik begin met de motie-Gesthuizen c.s. In het algemeen overleg
dat wij hebben gevoerd, heb ik uitvoerig stilgestaan bij de vraag of er aanwijzingen
zijn dat regels en normen worden overtreden. Ik heb aangegeven dat er weliswaar
krantenberichten met aanwijzingen daarvoor zijn, maar dat er bij de Arbeidsinspectie
geen klachten zijn binnengekomen. Er wordt overigens ook gesteld dat het ziekteverzuim
toeneemt, terwijl het ziekteverzuim bij TNT in ieder geval lager ligt dan
het gemiddelde en het zich in dezelfde richting ontwikkelt. Kortom: wij praten
over een onderzoek dat niet strikt uit de wet voortvloeit. Als men derhalve
onderzoeken wil, moet er een initiatiefwetsvoorstel worden ingediend om de
Arbeidsinspectie die bevoegdheden te geven.
Ik heb de Kamer al toegezegd, althans de aanwezige leden, dat als partijen
het eens zijn gelet op een principeakkoord tussen de ondernemingsraad van
TNT, de vakbonden en de betrokken partijen, er een commissie zal worden ingesteld
om de werkomstandigheden te onderzoeken. Als die commissie aan het werk is,
zal ik in contact treden met de Arbeidsinspectie, om daarbij aan te sluiten,
teneinde te zorgen dat er opgetreden kan worden als er inderdaad dit soort
aanwijzingen komen over overtreding van de Arbowetgeving. Kortom: dat doe
ik binnen de grenzen van wat er wettelijk mogelijk is. Om die reden zou ik
deze motie, zoals zij hier nu ligt, willen ontraden. Deze stelt een aantal
aanwijzingen, waarvan ik zeg: de basis daarvoor is er nog niet. Dan zijn wij
met een totaal ander onderzoek bezig. Er wordt gevraagd, een zelfstandig onderzoek
door de Arbeidsinspectie te organiseren, maar dat kan niet. Het kan wel op
de wijze zoals ik heb aangegeven, namelijk door een en ander te koppelen aan
de bestaande activiteiten. Als de motie in die zin moet worden begrepen dat
er een zelfstandig onderzoek moet worden gedaan, moet ik de motie ontraden.
Als de motie vraagt om, zoals ik heb toegezegd, aan te sluiten bij het bestaande
onderzoek naar de werkdruk, bevestigt deze motie wat ik de Kamer al heb toegezegd.
Mevrouw Gesthuizen (SP):
Ik bedoel een zelfstandig onderzoek.
Minister Donner:
Dan moet ik de aanneming van de motie ontraden, omdat de bevoegdheid daartoe
er naar mijn mening niet is.
Dan kom ik nu op de motie van de leden Vermeij en Van Gent. Ik heb u toegezegd
dat het kabinet zonder meer van zins is om het tijdelijk besluit te handhaven.
Van de mogelijkheden die de Postwet en het tijdelijk besluit bieden zal gebruik
gemaakt worden. Ik kan het niet eerder doen dan voorzien is in het tijdelijk
besluit. Als dat wordt gehandhaafd, zal er reeds lang voor 1 oktober
2012 sprake moeten zijn van 100% vaste arbeidsovereenkomsten. Als er
daarentegen opnieuw een cao is die voldoet aan het ingroeipad, zal daarmee
voldaan zijn aan de eisen van het tijdelijk besluit. Vervolgens is het een
kwestie van handhaving van de cao. Het is mij dus niet helemaal duidelijk
wat mevrouw Vermeij en mevrouw Van Gent bedoelen met de motie. Gaat het erom
dat ik nog iets anders doe dan de AMvB handhaven, of zijn zij het met mij
eens dat, als er geen cao ligt, de AMvB gehandhaafd zal moeten worden?
Mevrouw Vermeij (PvdA):
Dat bedoelen wij, maar met of zonder cao: er zullen altijd meer arbeidsovereenkomsten
moeten zijn dan nu het geval is, omdat er nu veel minder arbeidsovereenkomsten
staan in het tijdelijk besluit. Zonder cao moeten wij over een paar maanden
100% arbeidsovereenkomsten hebben, terwijl er nu van 0,5% sprake
is.
Minister Donner:
De bestaande cao, die niet werd nageleefd, is ingetrokken. Het is primair
een kwestie voor de partners bij de cao om de naleving ervan te verzekeren.
Nu de cao niet meer bestaat, is er inderdaad een situatie die over zes maanden
aanleiding zal geven tot handhaving van het besluit. Als u dat bedoelt, is
het ondersteuning van beleid en vind ik het een beetje een overbodige motie,
want deze vraagt van de regering om te doen waar de regering voor is, namelijk
de wet handhaven. Dat suggereert dat wij de wet normaal gesproken niet handhaven.
Het is geen drugsbeleid!
De voorzitter:
Er is eenheid van kabinetsbeleid, maar wij moeten elkaar niet in de wielen
gaan rijden; dan wordt het onoverzichtelijk.
De beraadslaging wordt gesloten.
De voorzitter:
Wij zullen vanavond over de ingediende moties stemmen.