Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-2012nr. 68, item 16

16 Stemmingen Staat hoger onderwijs

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het debat over de staat van het hoger onderwijs,

te weten:

  • - de motie-Klaver over het loskoppelen van bekostiging en diploma-aantallen (31288, nr. 267);

  • - de motie-Klaver/Jadnanansing over de professionele ruimte van docenten (31288, nr. 269);

  • - de motie-Van der Ham/Beertema over afspraken over de overhead (31288, nr. 271);

  • - de motie-Dijkgraaf/Schouten over een wetsvoorstel over prestatieafspraken (31288, nr. 272);

  • - de motie-Schouten/Dijkgraaf over afzien van een reviewcommissie en de prestatiebekostiging (31288, nr. 273);

  • - de motie-Schouten/Dijkgraaf over het selectieve budget (31288, nr. 274);

  • - de motie-Jadnanansing over het instellen van een controlecommissie (31288, nr. 275);

  • - de motie-Jadnanansing over vrijstelling langstudeerdersboete (31288, nr. 276);

  • - de motie-Jasper van Dijk over het schrappen van rendement als criterium (31288, nr. 277);

  • - de motie-Jasper van Dijk/Jadnanansing over een onderzoek naar genadezesjes (31288, nr. 278);

  • - de motie-Jasper van Dijk over een actieplan voor schaalverkleining (31288, nr. 279);

  • - de motie-De Rouwe over een kwaliteitscode voor raden van toezicht (31288, nr. 280);

  • - de motie-Beertema over de kwaliteit van hbo-diploma's (31288, nr. 281).

(Zie vergadering van 22 maart 2012.)

De voorzitter:

De motie-Dijkgraaf/Schouten (31288, nr. 272) is in die zin gewijzigd (31288, nr. 282) en nader gewijzigd dat zij thans luidt:

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat deugdelijkheidseisen op grond van artikel 23, lid 5, van de Grondwet bij wet gesteld dienen te worden;

verzoekt de regering, met het oog op de invoering van de voorgestelde voorwaardelijke bekostiging op grond van prestatieafspraken de Kamer in staat te stellen te beslissen of het nodig is een wetsvoorstel bij de Kamer aanhangig te maken indien de Raad van State overwegende juridische bezwaren heeft ten aanzien van de vraag of de voorgestelde prestatiebekostiging zonder wetswijziging kan geschieden;

verzoekt de regering tevens, met het oog op de invoering van de voorgestelde voorwaardelijke bekostiging op grond van prestatieafspraken een wetsvoorstel bij de Kamer aanhangig te maken indien de Raad van State fundamentele juridische bezwaren heeft ten aanzien van de vraag of de voorgestelde prestatiebekostiging zonder wetswijziging kan geschieden,

en gaat over tot de orde van de dag.

Deze nader gewijzigde motie is voorgesteld door de leden Dijkgraaf, Schouten en De Rouwe. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 284 (31288).

De motie-Beertema (31288, nr. 281) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat de kwaliteit van hbo-diploma's boven elke twijfel verheven moet zijn;

constaterende dat hogescholen nu de eigen kwaliteitsnormen vaststellen, willekeurig aanpassen en in eigen beheer toetsen;

constaterende dat dit ernstige schade heeft toegebracht aan de landelijke erkenning (het zogenaamde civiel effect) van diploma's;

overwegende dat kwaliteitsbewaking en accreditatie binnen de sector niet zal leiden tot een onomstreden, eenduidige kwaliteitsnorm;

verzoekt de regering, per opleiding of cluster van opleidingen samen met het bedrijfsleven of betrokken werkveld kernvakken te laten vaststellen, landelijke eindtermen te bepalen voor de kenniscomponent van deze kernvakken en die te examineren via landelijke toetsing die onafhankelijk wordt geborgd,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 283 (31288).

Ik stel vast dat wij nu over deze gewijzigde moties kunnen stemmen.

In stemming komt de motie-Klaver (31288, nr. 267).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, GroenLinks, D66 en de ChristenUnie voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Klaver/Jadnanansing (31288, nr. 269).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, de PvdA en GroenLinks voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Van der Ham/Beertema (31288, nr. 271).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, de PvdA, GroenLinks, D66, de PVV en het lid Brinkman voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de nader gewijzigde motie-Dijkgraaf/Schouten (31288, nr. 284).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, de PvdA, GroenLinks, D66, de VVD, de SGP, de ChristenUnie en het CDA voor deze nader gewijzigde motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Schouten/Dijkgraaf (31288, nr. 273).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, D66, de SGP en de ChristenUnie voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Schouten/Dijkgraaf (31288, nr. 274).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de PvdA, GroenLinks, D66, de SGP en de ChristenUnie voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Jadnanansing (31288, nr. 275).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, de PvdA, GroenLinks en D66 voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

De heer Klaver (GroenLinks):

Voorzitter. De fractie van GroenLinks wenst geacht te worden voor de motie op stuk nr. 273 te hebben gestemd.

De voorzitter:

De motie blijft verworpen.

In stemming komt de motie-Jadnanansing (31288, nr. 276).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, de PvdA, GroenLinks en D66 voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Jasper van Dijk (31288, nr. 277).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, GroenLinks, D66, de SGP en de ChristenUnie voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Jasper van Dijk/Jadnanansing (31288, nr. 278).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD en de PvdA voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Jasper van Dijk (31288, nr. 279).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD en de PvdA voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-De Rouwe (31288, nr. 280).

De voorzitter:

Ik constateer dat deze motie met algemene stemmen is aangenomen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Beertema (31288, nr. 283).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, D66, de VVD, de PVV en het lid Brinkman voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.