Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2007-2008nr. 31, pagina 2420

Aan de orde is de stemming over een motie, ingediend bij het debat over de opdrachtomschrijving voor de commissies-Elverding en -Ruding, te weten:

- de motie-De Krom/Koopmans over snellere besluitvorming over infrastructurele projecten (29385, nr. 12).

(Zie vergadering van 27 november 2007.)

De voorzitter:

De motie-De Krom/Koopmans is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat infrastructuurprojecten nodeloos worden vertraagd;

constaterende dat deze problematiek speelt bij de voorgenomen aanleg van meerdere infrastructurele projecten;

overwegende dat Nederland is gebaat bij een snellere besluitvorming over infrastructurele projecten;

verzoekt de regering, met voorstellen te komen tot aanpassing van de Tracéwet en de Algemene Wet Bestuursrecht onder andere door invoering van het relativiteitsvereiste,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening van deze gewijzigde motie voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 14 (29385).

Ik stel vast dat wij hierover nu kunnen stemmen.

In stemming komt de gewijzigde motie-De Krom/Koopmans (29385, nr. 14).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de PvdA, de VVD, de ChristenUnie, de SGP, het CDA, de PVV en het lid Verdonk voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.