Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2007-2008nr. 73, pagina 5114-5133

Aan de orde is het spoeddebat over asielaanvragen van Chinese asielzoekers.

De voorzitter:

De staatssecretaris heeft mij laten weten dat zij een tijdsprobleem heeft. Dat doet zij nooit, dus ik neem aan dat wij allen hiervoor begrip hebben. Zij moet naar het buitenland en moet hier uiterlijk om 17.30 uur vertrekken. Ik hoop dat u allen daarmee rekening wilt houden.

De heer Kamp (VVD):

Voorzitter. Dat zal ik graag doen. Ik wens de staatssecretaris een goede reis heen en terug naar en van haar verre bestemming.

In een paar weken tijd hebben 850 illegaal in ons land verblijvende Chinezen zich gemeld voor een verblijfsvergunning. De achtergrond hiervan is dat het kabinet en staatssecretaris Albayrak een einde hebben gemaakt aan het restrictieve beleid dat in de vorige kabinetsperiode heeft geleid tot halvering van de immigratie. Met het generaal pardon werden in een klap 27.000 afgewezen asielzoekers van een verblijfsvergunning voorzien. Dat is net zoveel als de bevolking van Aalsmeer, Culemborg of Terneuzen.

"Het is een genereuze regeling," zei de staatssecretaris destijds, "maar wie er niet onder valt, moet nu ook echt weg." Niet dus! De Syrische familie Issa uit Groningen en de Chinese familie Yam uit Rotterdam zijn twee voorbeelden van afgewezen asielzoekers die veel aandacht kregen in de publiciteit, niet aan de voorwaarden voor het generaal pardon voldoen maar toch een verblijfsvergunning kregen om in ons land te blijven. In het geval van de familie Yam heeft de IND niet eens de moeite genomen om een reden te bedenken voor de vergunningverlening.

De honderdduizend tot tweehonderdduizend illegalen in ons land volgen vanzelfsprekend met grote belangstelling deze gang van zaken. Zij weten van het generaal pardon. Zij weten dat illegalen niet actief worden opgespoord en uitgezet. Zij weten dat wie niet in aanmerking kwam voor een burgemeestersverklaring voor het generaal pardon, zijn illegaal verblijf in Nederland ongestoord kan voortzetten. Dit zijn meteen ook de oorzaken voor de plotselinge toestroom van Chinezen. Het generaal pardon voor wie afgewezen was maar niet vertrok, verblijfsvergunningen voor wie – zoals de families Issa en Yam – niet onder het pardon vielen, niet optreden tegen illegalen. Dat alles heeft de toestroom veroorzaakt. Deze 850 Chinezen weten dat zij meedoen aan een loterij zonder nieten. Het is een loterij met altijd prijs. Of zij krijgen een verblijfsvergunning – VluchtelingenWerk en de asieladvocaten staan alweer te trappelen – of zij gaan voorlopig gewoon door als illegaal en wachten op het volgende generaal pardon of misschien op een partner met de Nederlandse nationaliteit.

Ik vraag de staatssecretaris of zij nu echt zelf niet ziet wat zij met haar wankelmoedigheid en toegeeflijkheid aanricht. Het aantal nieuwe asielzoekers is sinds mei vorig jaar meer dan verdubbeld van minder dan 400 tot meer dan 900 per maand. Ik tel daarbij de Chinezen niet mee. Afgewezen asielzoekers vertrekken niet meer. De staatssecretaris is bij haar neus genomen door de gemeenten en Vluchtelingenwerk door het onthouden van de gegevens van degenen die niet in aanmerking kwamen voor een burgemeestersverklaring.

Er is maar één manier om een einde te maken aan de loterij zonder nieten waaraan deze keer 850 Chinese illegalen deelnemen. Stop met het slappe beleid! Maak duidelijk dat er geen generaal pardon meer komt. Weiger onmiddellijk de verblijfsvergunningen aan de Chinezen die deze nu hebben gevraagd. Spoor illegalen op. Zet hen uit. Begin ermee door deze 850 illegalen Chinezen vast te houden en pas vrij te laten op het moment dat zij het vliegtuig kunnen instappen om het land te verlaten. Als wij nu krachtig optreden, kan het allemaal nog een keer ten goede keren.

De heer Fritsma (PVV):

Het klopt dat een groot deel van de ellende voortvloeit uit het generaal pardon. Maar het is niet alleen te wijten aan het laatste generaal pardon. Eind jaren negentig van de vorige eeuw hebben wij ook al twee van die verschrikkelijke generaalpardonregelingen gekend. Dat was onder paars. Daarvoor was de VVD dus mede verantwoordelijk. Vanwaar de selectieve verontwaardiging van de heer Kamp? De VVD veroordeelt de laatste pardonregeling, maar zegt niets over de minstens zo schadelijke pardonregelingen waarvoor de partij zelf verantwoordelijk was.

De heer Kamp (VVD):

Toen de heer Wilders en ik destijds deel uitmaakten van de VVD-fractie, hebben wij geprobeerd om er uit te slepen wat er inzat. Ik meen dat wij achteraf kunnen vaststellen dat hoe langer wij echte, harde maatregelen uitstellen, des te harder de maatregelen die wij uiteindelijk moeten nemen, zullen moeten worden. Ik veronderstel dat net als voor mijzelf ook voor de heer Wilders als voor de anderen die toentertijd deel uitmaakten van de VVD-fractie in de Kamer, geldt dat wij ons langzamerhand moeten realiseren dat de maatregelen steeds draconischer moeten worden naarmate wij ze langer uitstellen.

De voorzitter:

Ik stel de heer Fritsma in de gelegenheid tot het stellen van een afrondende vraag.

De heer Fritsma (PVV):

Ik stel een afrondende vraag, voorzitter. Mijn fractievoorzitter is niet voor niets uit de VVD-fractie gestapt. Het blijft een feit dat er bij de heer Kamp sprake is van selectieve verontwaardiging. Hij veroordeelt nu een pardonregeling terwijl de VVD-fractie zelf twee pardonregelingen mogelijk heeft gemaakt die even verschrikkelijk waren. Op deze opmerking heb ik nog geen goede reactie gehoord.

De heer Kamp (VVD):

U hebt wel degelijk een antwoord op uw vraag gehad, mijnheer Fritsma. Met de pardonregelingen had de breuk van de heer Wilders met de VVD-fractie bovendien helemaal niets te maken. Wij hebben immers na deze regelingen nog jaren in de fractie met hem samengewerkt. Daarover was dus echt geen enkel probleem.

De heer Fritsma (PVV):

Voorzitter...

De voorzitter:

Nee mijnheer Fritsma. Ik heb uw begrip gevraagd voor het tempo van dit debat en heb u gezegd dat u een afrondende vraag mocht stellen.

De heer Spekman (PvdA):

De heer Kamp en ik denken waarschijnlijk hetzelfde over de vraag wat er met deze Chinese asielzoekers moet gebeuren. Hij betrekt het generaal pardon hier echter weer bij. Het verbaast mij dat hij met een cijfer van 600 tot 800 mensen wil bewijzen dat er sprake is van een toename van asielaanvragen die wordt veroorzaakt door het generaal pardon. De VVD-fractie stelde indertijd dat er minimaal 200.000 mensen naar Nederland zouden komen. Hoe verhoudt het aantal van 600 zich met de voorspelde komst van 200.000 mensen?

De heer Kamp (VVD):

Ik heb gezegd dat het generaal pardon een aanzuigende werking zou hebben. Ik stel nu vast dat het aantal asielzoekers tussen mei vorig jaar en dit moment is gestegen van minder dan 400 naar 900 per maand. Als dit geen opmerkelijk feit is, dan weet ik het niet meer. Wij kunnen nu zeggen dat wij dit over onze kant laten gaan. Het is echter van belang dat wij ons realiseren dat deze Chinezen uit de illegaliteit komen. Als wij deze mensen nu weer laten lopen, zullen zij daarin terugkeren. Daarmee zou het bewijs geleverd zijn dat je kunt spelen met de Nederlandse overheid. Dat mag niet gebeuren. Het is verkeerd als mensen illegaal in Nederland verblijven. Als mensen vervolgens bij de overheid in beeld zijn en deze beschikt over een foto en vingerafdrukken van deze mensen, dan moet de overheid optreden en ervoor zorgen dat deze illegaal in Nederland verblijvende mensen het land verlaten. Hiervoor vraag ik nu steun.

De heer Spekman (PvdA):

Toch blijf ik een vraag houden over de voorspelde 200.000 asielaanvragen. De heer Zijlstra heeft tijdens het debat over het pardon in de Kamer gezegd dat het generaal pardon een aanzuigende werking zou hebben en dat wij daarbij moesten denken aan enkele honderdduizenden aanvragen. Mevrouw Verdonk heeft toentertijd hetzelfde gezegd in haar hoedanigheid van VVD-bewindsvrouw. Is de heer Kamp het met mij eens dat de huidige toename vooral wordt veroorzaakt door aanvragen van mensen uit Irak en Somalië en dat deze toename overal in Europa te constateren valt? Ook in de landen waar geen sprake in van een generaal pardon, is wel sprake van een toename van asielaanvragen van Irakezen en Somaliërs. Hoe verklaart de heer Kamp dit? Wat vindt hij van de aanzuigende werking op dit moment, afgezet tegen het aantal van 200.000 mensen waarover de VVD-fractie het indertijd had? Er zijn nu 600 asielaanvragen per maand.

De heer Kamp (VVD):

Mijn fractie heeft voortdurend gezegd dat er een aanzuigend effect van het generaal pardon uit zou gaan. De cijfers heb ik zojuist gepresenteerd en spreken voor zich. De aanvragen van deze 850 Chinezen kan de heer Spekman alleen in verband brengen met het feit dat er tussen de 100.000 en 200.000 mensen illegaal in Nederland verblijven. Je hebt al 850 mensen op je dak als er maar even een vaag gerucht is en er ergens iets in een krant zou hebben gestaan. Het is duidelijk dat wij moeten stellen dat je in Nederland een volwaardige burger bent als je een verblijfsvergunning hebt, maar dat je eruit moet als je geen verblijfsvergunning hebt. De overheid moet zich hiervoor inspannen. Ik zeg tegen de heer Spekman dat wij het niet kunnen hebben dat deze 850 Chinezen Ter Apel en de opvangcentra weer verlaten en terugkeren in de illegaliteit. De heer Spekman moet er met ons voor zorgen dat deze mensen het land verlaten.

De heer De Wit (SP):

Voorzitter. Nederland wordt geconfronteerd met een verhoogde instroom van asielzoekers. Er is al gezegd dat dit voor een deel te maken heeft met de komst van mensen uit Irak en Somalië. Voor een heel groot gedeelte gaat het echter om Chinezen. Ik begrijp van de staatssecretaris dat zij niet uit het buitenland zijn gekomen, maar al in Nederland waren. Ik begrijp ook dat de aanmelding van deze Chinezen niets te maken heeft met het pardon waarover wij in 2006 in de Kamer afspraken hebben gemaakt, maar met de verwachting dat er een pardon zou komen in verband met de troonsafstand van Hare Majesteit.

De heer Kamp (VVD):

Hoe kan de heer De Wit dit nu zeggen? Chinezen die in het jaar 2000 of 2001 asiel hebben aangevraagd en sindsdien in Nederland zijn gebleven, hebben op grond van het generaal pardon een verblijfsvergunning gekregen. Het is toch logisch dat andere Chinezen denken: als wij ook asiel aanvragen en er komt nog eens een generaal pardon, dan mogen wij eveneens blijven. Dat heeft toch met elkaar te maken?

De heer De Wit (SP):

Nee, dat heeft helemaal niets met elkaar te maken. Het gaat hierbij om mensen die wellicht al jarenlang in de illegaliteit in Nederland werken en u weet ook waar. De verklaring die gegeven wordt voor hun actie om naar Nederland te komen of, beter gezegd, om boven de grond te komen, is dat er een generaal pardon op handen zou zijn. Ik vraag de staatssecretaris wat zij hierover kan vertellen. Ik zie echter geen enkel verband. Als zij gebruik hadden willen maken van deze regeling, hadden zij zich al gemeld voor het generaal pardon van 2006. Zij zouden hiervoor niet in aanmerking zijn gekomen, omdat dit generaal pardon zo goed en strak geformuleerd was, waarbij duidelijk was aangegeven dat je aan bepaalde eisen moest voldoen. Zij vallen dus nooit en te nimmer onder het generaal pardon.

De heer Kamp (VVD):

Zij hebben vrienden en familie die destijds wel asiel hebben aangevraagd en die ook illegaal in Nederland zijn verbleven, maar nu wel een verblijfsvergunning hebben gekregen op grond van het generaal pardon. Zij denken: als wij nu hetzelfde doen als onze vrienden en familie destijds hebben gedaan en ook asiel aanvragen en er komt straks een generaal pardon, vallen wij hier ook onder en mogen wij eveneens blijven.

De heer De Wit (SP):

Er is absoluut geen sprake van ook maar een spat van bewijs voor aanzuigende werking van dat generaal pardon. Ik sta niet in voor de bewering van de heer Van de Camp dat al deze 850 Chinezen waarover wij spreken, relaties zouden zijn van mensen die wel voor de generaal pardonregeling in aanmerking gekomen zijn. Dit lijkt mij een bewijs uit het ongerijmde.

De voorzitter:

Het was de heer Kamp die dat gezegd heeft.

De heer De Wit (SP):

Pardon, wat zei ik?

De voorzitter:

U zei: Van de Camp.

De heer De Wit (SP):

Er is een duidelijk onderscheid, al was het alleen maar de eerste letter. Mijn excuus, ik bedoelde natuurlijk de heer Kamp.

Ik vraag de staatssecretaris of er enige grond is voor de veronderstelling dat een en ander samenhangt met het generaal pardon.

Ik neem aan – dit is gebruikelijk – dat deze mensen individueel gehoord worden, dat er individueel gekeken wordt naar hun verhaal en dat er een beslissing genomen wordt omtrent het al of niet verder mogen volgen van de procedure of over afwijzen. In het geval van afwijzing vraag ik de staatssecretaris welke zekerheid wij hebben dat deze mensen kunnen worden teruggestuurd. Ik heb het dan met name over Chinezen naar China. In het algemeen neemt China geen uitgeprocedeerde of afgewezen asielzoekers terug. Welke zekerheid is er dat zij worden teruggenomen door China? Welke gesprekken vinden hierover plaats? Voert de staatssecretaris hierover onderhandelingen? Wat gebeurt er met mensen die uitgezet zullen moeten worden?

Het COA is er weer in geslaagd – je zou zeggen voor de zoveelste keer – om mensen de stuipen op het lijf te jagen. Een kleine gemeenschap – wij hebben het over een gehucht – wordt opeens geconfronteerd met een heel groot aantal asielzoekers. Hoe je het ook wendt of keert en hoe je ook over asielzoekers denkt – ik ben over het algemeen geneigd heel positief over hen te denken – dit ontwricht de plaatselijke gemeenschap. Hoe kan dit gebeuren? Zijn hierover geen andere afspraken te maken dat je niet zo massaal een gemeenschap moet ontwrichten?

Ik neem aan dat het COA juist onder invloed van de zogenaamde krimpreorganisatie op alle mogelijke plekken huisvesting heeft afgestoten. Als COA moet je toch ook rekening houden met calamiteiten die kunnen gebeuren. Er kunnen burgeroorlogen uitbreken waardoor er een plotselinge toename kan zijn van instroom van asielzoekers in Nederland. Is het COA hierop wel of niet voorbereid? Zo ja, dan moet er een zekere buffer zijn voor huisvestingsmogelijkheden voor plotselinge toename van de instroom.

De heer Fritsma (PVV):

Voorzitter. Het aantal asielaanvragen stijgt weer en dat is natuurlijk niet los te zien van het generaal pardon waarmee het kabinet onze samenleving helaas heeft opgezadeld. Met dit pardon is immers bewezen dat het loont om niet vrijwillig uit Nederland weg te gaan, ook al voldoe je aan geen enkele voorwaarde. Het is weer bewezen dat je altijd op een verblijfsvergunning getrakteerd kunt worden, ook al ben je al 100 keer uitgeprocedeerd en is je aangezegd Nederland te verlaten. Natuurlijk blijven vreemdelingen hierdoor in Nederland rondhangen tot het volgende generaal pardon. Dat doen zij illegaal of middels het eindeloos doorlopen van eindeloos veel verblijfsprocedures. Na verloop van tijd wordt door naïeve linkse politici en allerlei actiebewegingen opnieuw gezegd dat deze vreemdelingen niet meer teruggestuurd kunnen worden naar hun land van herkomst, en wordt opnieuw een generaal pardon geëist. Nogmaals, dit is niet de eerste keer dat wij met zo'n pardonregeling te maken hebben. Dit gebed zonder einde moet ophouden. De PVV-fractie roept de staatssecretaris dan ook op om ervoor te zorgen dat het niet meer mogelijk is om verblijf toe te staan aan groepen vreemdelingen die niet aan de gebruikelijke toelatingsvoorwaarden voldoen. Zo'n generaalpardonverbod is echt hard nodig.

De toename van het aantal asielaanvragen en het feit dat vele aanvragers klaarblijkelijk allang in Nederland wonen, zeggen nog iets, namelijk dat illegaliteit niet hard genoeg wordt aangepakt. Het is echt de hoogste tijd om ook daarin verandering aan te brengen. Dat moet enerzijds gebeuren door het opvoeren van het aantal uitzettingen en anderzijds door het strafbaar stellen van illegaal verblijf in Nederland. Het aanmerken van illegaal verblijf in Nederland als misdrijf, heeft als gunstig gevolg dat vreemdelingen die zich hieraan schuldig maken, niet meer in aanmerking komen voor een verblijfsstatus. Daarvan gaat dus een ontmoedigend effect uit. Graag ontvang ik hierop een reactie van de staatssecretaris.

Ten slotte vind ik het schandalig dat honderden asielzoekers zonder overleg met gemeenten en omwonenden in een recreatiepark te Gulpen-Wittem zijn geplaatst. Met zo'n voldongen feit behoor je mensen niet te confronteren. Bovendien is een recreatiepark met voorzieningen zoals zwembad en sauna veel te luxe voor de opvang van asielzoekers, niet alleen omdat dit een aanzuigende werking kan veroorzaken, maar ook omdat het simpelweg te veel belastinggeld kost. Ook op deze punten wil ik graag een reactie van de staatssecretaris.

De heer Spekman (PvdA):

Ik stel de heer Fritsma ongeveer dezelfde vraag als ik aan de heer Kamp heb gesteld. Hij zegt eveneens dat dit weer een bewijs is van de aanzuigende werking. Ook de toename van de asielcijfers is dat volgens hem. Is hij het met mij eens dat de toename vooral zit in mensen uit Irak en Somalië en dat deze toename in zo'n beetje alle Europese landen valt waar te nemen, ook al die landen die geen generaal pardon hebben gehad?

De heer Fritsma (PVV):

Ik blijf erachter staan dat er een aanzuigende werking is. Los van de Iraki's en de Somaliërs hebben wij hiervan het levende bewijs in de vorm van die honderden Chinezen. Afgezien van de aanzuigende werking vind ik het minstens zo ernstig dat door het generaal pardon het vertrekbeleid wordt ondermijnd. Nogmaals, met dit generaal pardon wordt weer bewezen dat het loont om niet uit Nederland weg te gaan, ook al ben je honderd keer uitgeprocedeerd. Dat is de schade die het generaal pardon met zich meebrengt. Mensen blijven in Nederland in de hoop op een volgend generaal pardon. Het vertrekbeleid wordt daarmee ernstig ondermijnd. Daarmee hebben wij nu te maken.

De heer Spekman (PvdA):

In het betoog van de heer Fritsma zat de lijn dat er door het generaal pardon een toename is ontstaan van asielzoekers. Deze toename bestaat vooral uit mensen uit Irak en Somalië. Daarvan zegt de heer Fritsma dat zij nog niet eens het grootste probleem vormen. Vervolgens noemt hij andere problemen dan hij zo-even deed in zijn eigen verhaal. Dan constateer ik toch dat de heer Fritsma met mij van mening is dat de aanzuigende werking van het pardon er feitelijk niet is.

De heer Fritsma (PVV):

Die aanzuigende werking is er wel. De heer Spekman moet mij echter wel goed citeren. Ik had het over een toename van het aantal asielaanvragen. Die asielaanvragen worden natuurlijk mogelijk gemaakt doordat mensen in Nederland zijn en blijven, en niet vertrekken. Dat is natuurlijk ook een gevolg van het generaal pardon. Mensen blijven hier, vertrekken doen zij niet omdat zij hopen op een volgende verblijfsvergunning, en dus gaan zij herhaaldelijk aanvragen voor een verblijfsvergunning indienen. Dit punt heb ik zonet gemaakt.

Mevrouw Azough (GroenLinks):

Voorzitter. De feiten zijn bekend: 850 Chinezen hebben zich in de afgelopen twee weken massaal bij de IND en het COA gemeld in de hoop dat zij kans maken op een generaal pardon. Het zou gaan om een 1 aprilgrap. Dat is dan wel een heel zure 1 aprilgrap, waarvan de gevolgen nog niet helemaal te overzien zijn, noch voor de betrokken asielzoekers, noch voor het COA, noch voor bepaalde dorpen. Om bij het laatste punt te beginnen: Euverem bijvoorbeeld, is een van de dorpen waar nu plots vele asielzoekers worden opgevangen op ad-hocplekken in recreatieparken. Een klein dorp krijgt onverwachts een verdriedubbeling van het inwonertal, zonder enige waarschuwing of communicatie van het COA. Zelfs de gemeenteraad en de burgemeester wisten van niets. Ook zonder dat kan ik mij de consternatie in dat dorp goed voorstellen. De inwoners stellen niets tegen asielzoekers te hebben, maar willen niet dat deze plek een permanente opvang wordt. Kan de staatssecretaris zeggen of het inderdaad binnen de geplande zes maanden opgelost kan worden? Hoe kan het dat het COA nietéén telefoontje heeft gepleegd naar de betrokken gemeenten, terwijl wij al jaren discussiëren over de noodzaak van draagvlak onder en goed overleg met inwoners en bestuurders?

Het in paniek zoeken naar ruimte komt niet helemaal uit de lucht vallen. Er wordt al geruime tijd gewaarschuwd voor de prop tussen instroom en uitstroom. Er komen weliswaar minder asielzoekers naar Nederland, maar er stromen te weinig mensen uit de azc's. Er is nu eenmaal niet op stel en sprong woonruimte voor duizenden mensen te vinden. Waarom is er niet meer reservecapaciteit, een buffer, achter de hand gehouden, gezien juist die prop in het systeem?

Mijn volgende punt betreft de Chinese asielzoekers zelf. Het staat voor de GroenLinksfractie voorop dat zij vanzelfsprekend recht hebben op een fatsoenlijke, nette en individuele asielprocedure. Zal het voornemen van de staatssecretaris om deze procedures met voorrang te behandelen echter niet leiden tot vertraging bij andere asielaanvragen? Als de berichten kloppen dat het in hoofdzaak gaat om mensen die al jaren illegaal in Nederland werken en wonen en die niet om veiligheidsredenen China ontvlucht zijn, verwacht ik dat er weinig verzoeken zullen worden gehonoreerd. Dan geldt dat er ook uitzetting zal moeten volgen. Dat zal echter niet altijd zo makkelijk zijn als het klinkt, want als de betrokken personen geen uitreispapieren hebben, lopen wij helaas vaak tegen een Chinese muur aan, iets wat ook oud-minister Verdonk van de VVD kan beamen.

De heer Kamp (VVD):

Op dit moment kunnen de Chinezen zo weglopen en weer de illegaliteit ingaan. Mevrouw Azough vindt dat zij uitgezet moeten kunnen worden. Vindt zij ook dat deze mensen vastgehouden moeten worden om te voorkomen dat zij zo weer weggaan?

Mevrouw Azough (GroenLinks):

Dat gebeurt al. In de AC-procedure, bijvoorbeeld, worden zij vastgehouden.

De heer Kamp (VVD):

Deze groep wordt op dit moment niet vastgehouden. Als deze mensen willen, kunnen zij momenteel alle 850 zo weglopen. Mevrouw Azough vindt dat zij uitgezet moeten worden. Vindt zij dus ook dat zij vastgehouden moeten worden?

Mevrouw Azough (GroenLinks):

In eerste instantie staat een goede procedure voorop. Deze mensen horen individueel hun asielverzoek naar voren te kunnen brengen. Dat verzoek dient vervolgens zorgvuldig onderzocht te worden. Na afloop kan er dan eventueel geconcludeerd worden dat deze mensen uitgezet moeten worden. De heer Kamp gaat er per definitie al van uit dat alle 850 mensen als een soort groep over de grens gezet kunnen worden. Daar ga ik niet per se van uit.

De heer Kamp (VVD):

Het punt is dat deze mensen op dit moment zo weg kunnen lopen. Mevrouw Azough vindt dat als zij afgewezen worden, zij uitgezet moeten worden. Vindt zij dan ook dat deze mensen in afwachting van het besluit en het uitzetten vastgehouden moeten worden omdat zij anders door te vertrekken het gehele proces kunnen frustreren?

Mevrouw Azough (GroenLinks):

Ik heb begrepen dat de staatssecretaris een aantal voorstellen op dit punt heeft. Ik hoor graag van haar hoe zij hierover denkt. Daarna zal ik mijn mening over dit punt geven. Ik ben er echter niet voor om mensen achter tralies te zetten, enkel en alleen omdat zij een asielverzoek hebben gedaan. Het kan hierbij namelijk ook gaan om slachtoffers van mensenhandel: vrouwen en mannen die tot prostitutie of moderne slavernij worden gedwongen. Ik vraag de staatssecretaris, hier ook heel scherp op te letten en te zorgen dat deze mensen niet categoraal worden afgewezen, zonder dat hun verhaal, waarin misschien sprake kan zijn van mensenhandel, goed bekeken wordt.

Tot slot vind ik de wijze waarop sommigen, blind voor de feiten, dit aangrijpen om voor de zoveelste keer over het generaal pardon te beginnen wel heel erg sneu klinken. Er was geen aanzuigende werking en er is geen aanzuigende werking. Deze groep bewijst dat juist, aangezien deze mensen al langer in Nederland woonden en werkten. Of vergis ik mij, en zijn zij massaal in bootjes over de Noordzee naar Nederland komen varen, zoals destijds de waarschuwingen klonken?

De heer Fritsma (PVV):

Ik vind het op mijn beurt sneu om het verband niet te zien. Ziet mevrouw Azough werkelijk niet dat dit zoveelste generaal pardon ervoor zorgt dat er geen vreemdeling meer uit Nederland vertrekt?

Mevrouw Azough (GroenLinks):

Nee, dat zie ik niet.

De heer Fritsma (PVV):

Dan...

De voorzitter:

Niet door elkaar Azoughspreken.

Mevrouw Azough (GroenLinks):

Er is in niet minder dan drie interrupties naar voren gebracht dat de stijgende cijfers betrekking hebben op Irakezen en Somaliërs. Ik weet niet of de heer Fritsma wel eens het nieuws heeft bekeken, maar ik geloof dat er wel het een en ander gaande is in Irak. Er zijn dus veel landen rondom Irak waarin veel vluchtelingen zitten. Zij kunnen in de loop der tijd ook in Nederland belanden. Daarvan is momenteel sprake, niet alleen in Nederland, maar ook in heel veel andere Europese landen. Ik zou willen dat de heer Fritsma daar eens concreet antwoord op gaf. Hij brengt voortdurend een spookbeeld naar voren en verwacht van ons dat wij dat gaan becommentariëren. Welnu, dat gaat niet, want het is een spookbeeld, een mythe. Ik zou willen dat hij eens naar de feiten keek.

De heer Fritsma (PVV):

Dat doe ik juist. Mevrouw Azough begrijpt mijn vraag niet goed. Zij heeft het over de instroom van vluchtelingen uit landen zoals Irak. Ik heb het over de honderdduizenden mensen die hier procedure op procedure stapelen of die illegaal in Nederland zijn – zij zijn vaak afkomstig uit Marokko – en die heel moeilijk uit Nederland te verwijderen zijn omdat zij steeds de hoop houden op een nieuwe pardonregeling en omdat zij door eindeloos procedures te stapelen in aanmerking willen komen voor een verblijfsvergunning. Ik heb het dus over het verband met het generaal pardon en het ondermijnen van het vertrekbeleid.

Mevrouw Azough (GroenLinks):

Ik zie geen verband tussen de uitstroom en het generaal pardon. Vertrekbeleid als zodanig is lastig. Minister Verdonk heeft gedurende vier jaar gesproken over uitzetten en nog eens uitzetten. In haar termijn termijn is dat ook heel lastig gebleken. Wat mij betreft kunnen wij daar een serieus debat over voeren, maar niet op basis van mythes zoals u die voortdurend naar voren brengt.

De heer Van de Camp (CDA):

Mevrouw de voorzitter. Omwille van de tijd sluit ik mij allereerst aan bij de kritische vragen van de heer De Wit en mevrouw Azough over het CAO. Ik ken het COA als een professionele organisatie en het heeft mij zeer teleurgesteld dat men de gemeenschap Gulpen-Wittem zo heeft overvallen. Ik had altijd gedacht dat het COA een zekere sluimercapaciteit heeft; er kan immers altijd wat gebeuren in de wereld met betrekking tot asiel- en vluchtelingenstromen. Ik vind genoemde gang van zaken dan ook niet professioneel. Het heeft mij teleurgesteld en het roept de vraag op wat daar precies is gebeurd. Ik hoor nu dat hetzelfde speelt in de Drentse gemeente Westerveld. Hoe lost de staatssecretaris dit op? Ik had een iets meer vooruitziende blik van het COA verwacht.

Dan de vraag waar de Chinezen over wie wij nu spreken, vandaan komen. Uit de beantwoording van de schriftelijke vragen blijkt dat zij in de illegaliteit in Nederland verbleven. Het feit dat zij de Nederlandse taal min of meer machtig zijn, bevestigt dat. De vraag is dan ook of bekend is hoe zij het hoofd boven water kunnen houden. De veronderstelling van illegale arbeid ligt voor de hand. De volgende vraag is dan in welke sector van onze arbeidsmarkt. Waarschijnlijk de horeca. Is er al zicht op de werkgevers die van de diensten van deze illegalen gebruik hebben gemaakt? Wat gaat de staatssecretaris doen om ook deze werkgevers aan te pakken en te beboeten?

Een volgende vraag betreft de aanleiding van deze massale aanvragen. Het gaat blijkbaar om een gerucht, al of niet verband houdend met een komende troonswisseling. De staatssecretaris is dat op dit moment aan het onderzoeken. Wanneer is het resultaat van dat onderzoek bekend en wat kan worden ondernomen om het verspreiden van dit soort rare geruchten te voorkomen? Wij moeten oppassen voor het draagvlak van asiel- en vreemdelingenbeleid in Nederland. Als wij dan dit soort rare grappen ertussen door krijgen, is dat natuurlijk puur slecht.

Daarnaast vraag ik of er wel voldoende en voldoende gericht wordt gedaan om illegaliteit en illegale arbeid tegen te gaan. Het feit dat ineens zo massaal 850 Chinezen opduiken, leidt toch wel tot grote twijfel over de effectiviteit van het beleid op dit punt. Ik krijg daarover graag een duidelijk antwoord van de staatssecretaris.

Ten slotte, hoe snel gaat de afhandeling van de asielaanvragen verlopen? In de antwoorden wordt gesteld dat zij met enige voorrang worden behandeld. Wat houdt dat concreet in? Is er een speciale projectmatige aanpak? Er staat ook dat indien het asielrelaas zich daartoe leent, de aanvraag binnen de 48-uursprocedure wordt afgehandeld. De vraag is waarom het niet binnen 48 uur zou kunnen. De belangrijkste vraag is misschien wel hoe er wordt gehandeld na afwijzing van het asielverzoek. Hoe en hoe snel vinden de terugkeer en de uitzetting van de afgewezen asielzoekers plaats? Het antwoord in de trant van dat de uitzetting aan de orde kan zijn, is veel te vaag. Voorkomen moet worden dat deze groep vanavond weer de illegaliteit in Nederland ingaat. De staatssecretaris moet al het mogelijk doen om dat te voorkomen.

De heer Fritsma (PVV):

De heer Van de Camp merkt terecht op dat het de vraag is of illegaliteit wel goed genoeg wordt aangepakt. Ik kan het antwoord al geven: dat is natuurlijk niet het geval als er honderdduizenden illegalen in Nederland zijn die niet vertrekken. Hoe staat de CDA-fractie tegenover het strafbaar stellen van illegaal verblijf? De heer Van de Camp moet toch met mij eens zijn dat er nu echt iets nodig is om de illegaliteit wel aan te pakken. Het mooie van het strafbaar stellen van illegaal verblijf is het volgende: als de betrokken vreemdelingen dit misdrijf, het illegale verblijf, plegen, dan komen zij nooit meer in aanmerking voor een verblijfsvergunning. Daar gaat een mooi ontmoedigend effect van uit, omdat mensen niet hun eigen glazen willen ingooien.

De heer Van de Camp (CDA):

De CDA-fractie heeft het afgelopen decennium verschillende keren onderzocht of illegaal verblijf in Nederland strafbaar gesteld kan worden. Zij is echter tot de conclusie gekomen dat als illegaal verblijf strafbaar wordt gesteld en als dat vervolgens niet wordt gehandhaafd, er een nog vagere situatie ontstaat dan thans het geval is. Mijn fractie heeft absoluut geen behoefte aan een nieuwe semigedoog-semitolerantiepolitiek, die zeker ook naar de Nederlandse burgers toe weer veel verwarring zal scheppen.

De heer Fritsma (PVV):

Wie zegt dat wij moeten overgaan op een gedoogbeleid? Ik zeg dat illegaal verblijf strafbaar moet worden gesteld en dat dit ook moet worden gehandhaafd.

De heer Van de Camp (CDA):

De CDA-fractie heeft geen behoefte aan symboolwetgeving die niet is te handhaven. De heer Fritsma kent de consequenties van de handhaving van dit moeilijke punt.

De heer Spekman (PvdA):

Voorzitter. Wij debatteren vandaag over dit onderwerp dankzij een bizar, gek gerucht over een troonsoverdracht en een amnestie die daarmee gepaard zou gaan. Door het gerucht hebben 850 Chinezen zich aangemeld in de hoop dat zij voor die amnestieregeling in aanmerking komen. Die 850 mensen leefden echter al in Nederland, niet alleen vandaag, maar ook gisteren en eergisteren. Er is niets romantisch aan een illegaal bestaan. Ik ben daarom wel gelukkig dat deze mensen zich hebben gemeld en dat wij niet kunnen doen alsof onze neus bloedt op het punt van het illegalenvraagstuk.

Het is daarom goed dat – als ik het goed heb begrepen; dat hoor ik graag – het door ons gevraagde kwalitatieve onderzoek naar illegaliteit zo goed als afgerond is. Daarin moet de vraag beantwoord worden hoe het kan dat er in Nederland zo'n grote groep mensen zo langdurig illegaal verblijft. Wij zouden graag zien dat aan die groep mensen gevraagd wordt waar zij hebben verbleven. Waar waren zij gehuisvest en waar werkten zij? Illegaliteit moet immers worden aangepakt en uitbuiting van illegalen dient te worden voorkomen. Ook de mensen die hierachter zitten, moeten wij dus weten op te sporen. Ik hoor graag van de staatssecretaris of de Arbeidsinspectie hierbij betrokken is, want die heeft natuurlijk veel deskundigheid op het gebied van illegale arbeid.

Voorzitter: Van Beek

De heer Spekman (PvdA):

Voorzitter. Mijn tweede punt betreft de procedure. De procedure moet natuurlijk zorgvuldig zijn. Wat dat betreft, sluit ik mij aan bij de woorden van mevrouw Azough. De procedure moet wel kort zijn. De staatssecretaris heeft in haar brief gemeld dat waar mogelijk de 48-uurprocedure wordt gevolgd. Mijn vraag is hoeveel zaken er inmiddels door de IND zijn afgehandeld, want een aantal mensen zit ondertussen alweer vrij lang in het Limburgse land.

Het volgende punt is dat deze mensen natuurlijk moeten terugkeren naar hun land van herkomst. Zij kunnen hier niet blijven, want óf je bent hier legaal met alle rechten en plichten die erbij horen óf je keert terug naar je land van herkomst, want er is geen romantiek aan een illegaal bestaan. Dat betekent dat er een maximale inspanning nodig is om deze mensen te laten terugkeren, anders dan in het verleden gebeurde. In het verleden werden de mensen gelijk op straat gezet of verbleven in opvanglocaties waar zij als zij uitgeprocedeerd waren, uit vluchtten de illegaliteit in. Ik vind dat wij dat moeten voorkomen. Eerst een faire procedure en dan moeten wij ervoor openstaan om deze mensen vast te houden, want zij hebben ervaring in een illegaal bestaan. Zij hebben een hele tijd in de illegaliteit weten te overleven. Ik weet zeker dat zij eerder de illegaliteit in zullen vluchten dan dat zij terugkeren naar China, laat staat eigener beweging. Ik hoor graag de opvatting van de staatssecretaris hierover.

Wij willen ook graag dat deze kwestie wordt gemonitord. Wij willen echt weten hoe wij die aanpakken. Lukt het ons als Nederland nu eens om te bereiken dat mensen hier legaal blijven of teruggaan naar hun land van herkomst? Want nogmaals, er kleeft geen romantiek aan een illegaal bestaan. Hoe gaat de staatssecretaris regelen dat er een daadwerkelijke terugkeer naar China plaatsvindt? Gaat zij voor de terugkeer van uitgeprocedeerden een verbintenis aan met de Chinese ambassade? Tot nu toe houdt de Chinese ambassade op dat punt de deur voor Nederland gesloten, zoals ook in de vorige periode bleek. Welke verandering brengt de staatssecretaris aan?

De heer Anker (ChristenUnie):

Voorzitter. Wij staan hier inderdaad voor een uitermate bizar nieuwsfeit. Toen ik het hoorde, dacht ik, ik heb twee dingen gemist, namelijk dat er een troonswisseling aanstaande is én een tweede generaal pardon. Ik vind dat je als je Kamerlid bent, mag verwachten dat je dat soort dingen van tevoren weet. Ik wist het dus niet en het blijkt een behoorlijk uit de hand gelopen broodje-aapverhaal. Daar zitten vele kanten aan. Ik denk dat het voor die mensen vervelend is, hoewel ik mij ook afvraag hoe geweldig hun leven was in de illegaliteit in Nederland, maar wij zijn er wel mee geconfronteerd.

Ik ga niet mee met al diegenen die zeggen dat dit het bewijs is van de aanzuigende werking van het generaal pardon. Er zou sprake zijn van een aanzuigende werking indien vanaf bijvoorbeeld juni vorig jaar mensen van vele verschillende nationaliteiten deze kant op waren gekomen om te wachten op een tweede generaal pardon. Dat is helemaal niet het geval geweest. Het viel eigenlijk wel mee het afgelopen jaar. Er is wel een substantiële stijging van asielzoekers geweest vanuit Somalië en Irak, en met reden. Die stijging is er in meer landen geweest. Het is een ontzettende uitbijter dat zo'n gerucht wordt verspreid en dat binnen enkele dagen blijkbaar honderden mensen zijn gemobiliseerd die de Nederlandse asielprocedure in willen. Dat vind ik ook opmerkelijk. Ik vermoed ook dat daar wat achter zit. Een aantal sprekers heeft gezegd dat er misschien zoiets als mensenhandel achter zit of een groter netwerk. Wij moeten onderzoeken hoe zoiets zo snel in een gemeenschap gaat. Er moet wel heel veel contact onderling zijn. Mijn eerste vraag aan de staatssecretaris is dan ook of zij hierop een antwoord heeft, of al een antwoord heeft, omdat zij het heeft onderzocht. Of komt dat antwoord binnenkort naar ons toe?

Het is ook een afgebakende groep. Al meer sprekers hebben gezegd dat wij daar snel mee aan de gang moeten. Het is lastig om mensen terug te krijgen naar China. Het ziet ernaar uit dat wij ervan moeten uitgaan dat een heel aantal van deze mensen terugmoet, maar zij verdienen wel een eerlijke procedure. Ik vraag de staatssecretaris of het feit dat het om een zo grote groep gaat, betekent dat zij hiermee naar de Chinese overheid kan gaan met de vraag: ik zit hier met 850 mensen, kunt u ons helpen en kunt u eens wat toeschietelijker zijn? Het is in ieder geval heel belangrijk dat deze mensen niet meer terugkeren in de illegaliteit. Er moet echt een oplossing voor komen en dat is niet de illegaliteit, maar kunnen blijven in Nederland of terugkeren naar het land van herkomst.

De heer Kamp (VVD):

Is dit een vrome wens van mijn collega of vindt hij ook dat wij niet moeten toestaan dat zij nu weggaan uit de opvang en weer de illegaliteit in gaan, kortom, dat we hen moeten vasthouden nadat zij asiel hebben gevraagd totdat wij zekerheid hebben dat wij hen kunnen uitzetten?

De heer Anker (ChristenUnie):

Eerlijk gezegd vind ik dat beetje een gewetensvraag. Vreemdelingenbewaring vind ik een heel moeizaam middel, want er zit wel wat aan vast. Om mensen nu zomaar in de vreemdelingenbewaring te zetten, vind ik een heel stevige volgende stap. Ik vind het in ieder geval heel belangrijk dat wij met hen in contact blijven. Er zijn volgens mij verschillende regimes van dat in contact blijven. Ik hoor er graag de reactie van de staatssecretaris op. Wat is volgens haar de beste manier om met deze mensen in contact te blijven en met hen aan de gang te gaan?

De heer Kamp (VVD):

Maar het is toch echt een keuze tussen twee. Ze gaan naar de illegaliteit en dan hebben wij er geen grip meer op of we houden ze onder controle. Als je ze niet onder controle wilt houden, laat je ze dus weer weggaan naar de illegaliteit. Zo werkt dat toch?

De heer Anker (ChristenUnie):

Volgens mij is inderdaad de keuze tussen helemaal niets doen of er controle op houden, maar hoe die controle er precies uit moet zien, hoor ik graag van de staatssecretaris.

Voorzitter. Mijn laatste vraag gaat over de communicatie. Ik vond het allereerst heel vervelend om weer inspreekavonden te zien van mensen die bang zijn voor een asielzoekerscentrum. Dat doet het Nederlandse asielbeleid geen goed. Tegelijkertijd begreep ik ook wel dat die mensen er stonden. Het is toch wel heel wonderlijk dat de bevolking van een dorpje bijna verdubbelt als er een tijdelijke noodvoorziening komt. Ik sluit mij aan bij de woorden van de heer Van de Camp over de manier waarop dat is gegaan en vraag de staatssecretaris of er niet een fatsoenlijk communicatieplan is als dit soort maatregelen moet worden genomen. Als dat er niet is, zou het wat mij betreft er wel heel snel moeten komen!

De heer Pechtold (D66):

Voorzitter. D66 heeft het asielbeleid van deze staatssecretaris vanaf het begin gesteund: streng doch rechtvaardig. Haar realistische beleid vond ik een verademing na minister Verdonk. Die naam noemend, vraag ik mij af waar collega Verdonk is. Het is toch een debat dat haar zou moeten aanspreken. Misschien is haar website nog niet in de lucht en weet zij nog niet wat zij moet vinden, maar ik mis haar wel!

Weer terug naar deze staatssecretaris. De berichten van de afgelopen weken zijn slecht voor het draagvlak van haar beleid. Kleine gemeenten als Gulpen-Wittem, maar ook Westerveld werden overvallen door de plaatsing van honderden asielzoekers. Zo ga je niet met mensen om en zeker niet met lokale bestuurders. Staatssecretaris, dat zijn uw partners bij de uitvoering van onder andere de pardonregeling. Natuurlijk snap ik best dat het COA snel moet handelen, maar je kunt toch op zijn minst de burgemeester informeren. Het kan er bij mij niet in dat dit niet lukte. Samenwerking en goed overleg met de gemeenten zijn essentieel. Graag de toezegging van de staatssecretaris dat wij dit niet nog eens meemaken!

Bovendien lijkt Euverem geografisch toch wel een volstrekt ongelukkige keuze, namelijk ver van Ter Apel. Ik heb het even nagekeken: drie uur en vier minuten rijden. Als je binnen de Nederlandse grenzen wil blijven is het zelfs drie uur en veertig minuten en ik denk dat het met asielzoekers verstandig is om niet weer een ander land te gaan aandoen, maar dit terzijde.

Dan de 850 Chinese asielaanvragers die zich in drie weken tijd hebben gemeld. Dat kan geen toeval zijn, anderen zeiden dat ook al. Weet de staatssecretaris al meer van de redenen hierachter? Uit de media komt een beeld dat velen hier al geruime tijd waren. Het bewijs dat de PVV en de VVD meteen zagen voor de aanzuigende werking van het generaal pardon lijkt dus uit de spreekwoordelijke duim afkomstig. De asielvragers lijken uit de illegaliteit in Nederland te komen. De kern zit hem denk ik ook in die illegaliteit. Die problematiek moet worden opgelost, onder andere door voldoende legaal arbeidsaanbod te creëren, dus een Blue Card systeem invoeren en de kortzichtige opstelling tegenover werknemers uit de EU-staten al helemaal laten varen zeg ik maar tegen de collega's Fritsma en Kamp in plaats van gretig bovenop deze zaak te springen om vervolgens stokpaardjes te berijden.

Voorzitter. Ik vertrouw erop dat alle asielaanvragers een eerlijk maar ook vlotte procedure krijgen en dat zij als hun verzoek wordt afgewezen ook spoedig kunnen worden uitgezet. Maar hoe, vraag ik de staatssecretaris, reageert China inmiddels op uitgeprocedeerde asielzoekers?

De opstelling van het COA gedurende de afgelopen weken heeft de steun van mijn fractie aan de staatssecretaris onder grote druk gezet. Ik vraag vandaag hierover een helder standpunt, over zowel het geval Gulpen als het geval Westerveld.

De heer Van der Staaij (SGP):

Voorzitter. In de afgelopen weken was er een enorme toename van mensen met de Chinese nationaliteit die asiel aanvroegen, kennelijk op basis van geruchten dat er gemakkelijk een vergunning zou worden verstrekt. Wij hebben het antwoord van de staatssecretaris op de schriftelijke vragen over dit onderwerp gelezen. Is inmiddels meer bekend over hun herkomst? Gaat het inderdaad in belangrijke mate om een groep mensen die al in Nederland in de illegaliteit leefden of is er ook sprake van de komst van een aantal mensen uit China?

Is de besliscapaciteit toereikend om heel snel duidelijkheid te bieden? Dit lijkt mij iets krachtiger uitgedrukt dan de woorden "enige voorrang" die de staatssecretaris gebruikte. Het lijkt toch om een groep te gaan en daarom hechten wij eraan dat er zo snel mogelijk duidelijkheid wordt verschaft.

Ik sluit mij aan bij de vragen van de collega's over de opvang. Is de buffercapaciteit van het COA wel toereikend? Is het wel berekend op pieken in de instroom? Het plotseling plaatsen van mensen in recreatiecentra lijkt toch op een paniekmaatregel. Het draagvlak van het asielbeleid wordt geschaad als er niet wordt gecommuniceerd met de gemeenten en de bewoners.

De staatssecretaris schrijft dat alles volgens de regels is verlopen. Geldt voor dergelijke recreatiecentra ook dat het binnen de planologische mogelijkheden moet passen als ze een andere bestemming krijgen?

De SGP-fractie vindt het belangrijk dat helder wordt gemaakt dat er geen nieuw generaal pardon zal worden verstrekt. Ik denk dat het belangrijk is dat hierover geen enkel misverstand kan bestaan, zowel in het licht van recente pardon, als in het licht van eerder onderzoek in de jaren negentig van de vorige eeuw toen Nederland de naam had dat je als je hier maar lang genoeg bleef, legaal of illegaal, uiteindelijk wel op een verblijfsvergunning kon rekenen. Dit zijn schadelijke berichten. Er moet een eerlijke procedure zijn waardoor mensen een kans krijgen om hun verhaal getoetst te krijgen, maar als het antwoord nee is, moet ook duidelijk zijn dat uiteindelijk uitzetting zal volgen.

Voorkomen moet worden dat mensen ondanks een afwijzing, in de illegaliteit blijven hopen op betere tijden. Juist omdat het nu om een grote groep gaat, is het belangrijk om te volgen hoe het hen vergaat. Is de staatssecretaris bereid ons op een later tijdstip te informeren hoe het met deze groep verder is gegaan? Als het waar is dat er nu een grote groep mensen boven water is gekomen die eerder in de illegaliteit leefde, kan dit misschien een goed aangrijpingspunt zijn om gericht te weten te komen hoe hen een toekomst in het land van herkomst kan worden geboden, en de boodschap uit te zenden dat je als illegaal in Nederland in ieder geval geen toekomst hebt.

Staatssecretaris Albayrak:

Voorzitter. Het is goed om hier in de Kamer weer eens te spreken over een vreemdelingenonderwerp, over migratie. De laatste keer is al weer even geleden. Wij hebben veel met elkaar gesproken over het pardon. De uitvoering verloopt goed. Ik denk dat ik een jaar na dato een overzicht heb waardoor ik dit ook kan zeggen. Het verloopt gecontroleerd. Dit geldt zowel voor het aantal mensen dat een aanvraag heeft ingediend om in aanmerking te komen voor een verblijfsvergunning op basis van het pardon als voor de afwikkeling van die aanvragen.

Wij zijn nu een jaar verder en ruim 27.000 mensen hebben een verblijfsvergunning gekregen. De voorspelde aantallen, honderdduizenden mensen die met dit pardon over de grens naar Nederland gelokt zouden worden, zijn niet gekomen. Dat is een feit.

Ongeveer een jaar na de start van het pardon praten wij nu over een bijzonder voorval, zo mag ik het toch wel noemen. Binnen twee weken hebben 850 Chinezen bij het aanmeldcentrum in Ter Apel een asielaanvraag ingediend. De eerste vragen die wij ons stelden, waren: waar komen zij vandaan, wat zijn hun achtergronden, wat willen zij en waarom komen zij geconcentreerd tussen 12 maart en 7 april met hun aanvraag? Overigens heeft nog een enkeling zich na 7 april gemeld. Deze week zijn er geen aanmeldingen.

Laat ik iets zeggen over de feiten. De groep bestaat voor 70% uit mannen, onder wie ongeveer dertig minderjarigen. De aantallen die ik noem, zijn dagkoersen, maar volgens de laatste gegevens zijn 75 aanvragen van Chinezen in Ter Apel in behandeling genomen. Van deze 75 aanvragen bleek meer dan 75% alleenstaand en is 75% tussen de 15 en 35 jaar oud. Verder is iets meer dan drie kwart van de ingediende aanvragen inmiddels afgewezen. Dat laat wel zien dat wij snelheid wensen te betrachten, overigens natuurlijk zonder dat dit ten koste gaat van de zorgvuldigheid.

Uiteraard gaat het om individuele beoordelingen. Wij spreken wel over mensen die als groep gekomen zijn en als groep zullen vertrekken, maar dat laat onverlet dat hun aanvragen individueel worden beoordeeld. Het spreekt verder vanzelf dat wij onderzoeken of er slachtoffers van mensenhandel en mensensmokkel bij zitten. Op dit moment hebben drie mensen verzocht in aanmerking te komen voor de B9-regeling voor slachtoffers van mensenhandel en mensensmokkel.

Natuurlijk onderzoeken wij of er sprake is van vluchtelingschap. Wij onderzoeken met name of er Tibetanen tussen zitten die op basis van hun vluchtverhaal in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning asiel. Natuurlijk bekijken wij ook of er Oeigoeren bij zitten. Dat is eveneens een speciale groep mensen die je niet zomaar terug kunt sturen. Het gaat dus om individuele aanvragen die individueel worden beoordeeld. Op basis van de beschikbare gegevens kan ik al zeggen dat het daarbij om enkelingen zal gaan. Zoals ik al zei, hebben drie slachtoffers van mensenhandel zich gemeld. Daar komen enkele Tibetanen bij. Overigens verbleven zij al iets langer op het aanmeldcentrum en zijn zij nu naar de OC-fase doorgestroomd.

Wij onderzoeken nauwkeurig of er sprake is van vluchtelingschap. Het zijn immers mensen die om asiel vragen. Het is aan hen om te bewijzen dat hun vluchtrelaas geloofwaardig is en aan ons om hen een zorgvuldige en snelle procedure te geven.

Er zijn inderdaad aanwijzingen dat het grootste gedeelte van deze groep al langer in Nederland verbleef. Zo bevinden zich mensen in deze groep die redelijk Nederlands spreken. Verder vertellen zij vaak eerlijk wat ze in Nederland komen doen. Zo geven sommigen toe dat zij economische motieven hebben om voor een verblijfsvergunning in aanmerking te willen komen. Ik verwacht al met al dat de aanmeldprocedure van deze groep snel afgehandeld kan worden. Hoe snel het gaat, heeft alles te maken met capaciteit. Ik zal daar zo meteen nog iets over zeggen. Het is mijn streven om de aanvragen van deze groep snel en zorgvuldig af te handelen.

Het is een specifiek probleem dat in een specifieke periode is ontstaan. Overigens is deze instroom mij zeker een zorg. Het is namelijk de eerste keer na een periode van jarenlange afslanking dat wij met een piek worden geconfronteerd. 850 aanvragen is niet niks. Het is ook mijn diensten een zorg, de IND en de DT&V voorop. De DT&V moet immers een manier vinden om deze mensen vrijwillig of gedwongen naar China te laten terugkeren. Ten slotte is het natuurlijk ook een uitdaging voor het COA.

Zojuist werd een royaal verband gelegd tussen de pardonregeling en deze instroom. Sommigen zeiden in één adem dat de asielinstroom in de laatste maanden van het afgelopen is verdubbeld. Ik herhaal daarom nog maar een keer dat de totale instroom in 2007 lager is dan de totale instroom in 2006. De instroom is inderdaad gestegen. Dit werd bijna geheel veroorzaakt door twee groepen: Irakezen en Somaliërs. In de regio rondom Irak, met name in Jordanië en Syrië, zitten miljoenen mensen in kampen. Zij houden het daar niet langer uit. Een deel van hen gaat terug naar Irak, wat een positieve ontwikkeling is. Dit volg ik, want Nederland heeft zelf een beschermingsbeleid voor Irakezen. Ik ben erg benieuwd of een veilige terugkeer op enig moment mogelijk is; daaraan kunnen wij consequenties verbinden voor het nationale beleid. Een deel van de Irakezen beweegt richting Europa. Hierover praat ik met mijn Griekse en Cypriotische collega's. Deze landen zien als eerste de boten komen. Dit fenomeen is dus niet specifiek Nederlands en het wordt niet veroorzaakt door het pardon. Overal in de Europese Unie stijgt het aantal aanvragen van Irakezen en Somaliërs. Het is echt te ver gezocht om te zeggen: het bewijs is geleverd dat die instroom direct te maken heeft met het pardon.

Wat is de verklaring voor de 850 Chinezen die opeens in Ter Apel op de stoep staan? Wij onderzoeken dit nog om daarover zekerheid te krijgen. In een in Nederland uitgegeven Chinese krant stond heel veel informatie over de pardonregeling, maar dat waren gewoon de criteria van vorig jaar. In hetzelfde circuit is op enig moment wel een gerucht rondgegaan over de troonsopvolging. Die zou gepaard gaan met een amnestie voor illegalen: een generaal pardon. Eenieder die daarop hoopt of dat verwacht, kan ik meteen uit de droom helpen. Er komt geen generaal pardon en Nederland heeft dat in het verleden ook niet gekend. Nederland heeft een specifiek pardon gemaakt om de bestuurlijke en humanitaire problemen van de oude vreemdelingenwet op te lossen. Tegen mensen die denken dat zij met hun aanmelding in Ter Apel hun verblijfsvergunning veilig hebben gesteld, zeg ik: dat is totaal niet de werkelijkheid, er komt geen generaal pardon.

De heer Pechtold (D66):

Een spoeddebat kenmerkt zich door: kort, krachtig en to the point. Ik heb geen behoefte aan weer een debat over het generaal pardon; dat voeren wij hier al te vaak. Ik wil dat de staatssecretaris enige urgentie toont. Twee gemeenten zijn hierdoor overvallen. Een burgemeester zegt: ik moest het in de krant lezen. Ik wil graag het beleid van de staatssecretaris verdedigen, maar ik wil graag dat zij uitlegt hoe zij aankijkt tegen de door het COA gevolgde procedure. De afgelopen weken is die onder haar verantwoordelijkheid uitgevoerd.

Staatssecretaris Albayrak:

Jazeker, maar ik heb goed geluisterd naar de aanvrager van dit spoeddebat, de heer Kamp. Hij was de eerste die uitgebreid een verband legde tussen het "generaal pardon" en deze instroom. Ik hoop dat de heer Pechtold het mij niet kwalijk neemt dat ik daarop wil antwoorden en het wil ontkrachten. Het heeft echt niets te maken met de werkelijkheid zoals ik die van dag tot dag volg.

De heer Pechtold (D66):

Dat begrijp ik, maar ik wil graag dat de staatssecretaris een krachtig signaal geeft aan iedereen die meeluistert: hoe kijkt zij daartegenaan?

Staatssecretaris Albayrak:

Als de heer Pechtold mij toestaat om mijn beantwoording op te bouwen zoals ik dat graag wil, zal ik op alle vragen een concreet antwoord geven, dus ook op die over de overvallen gemeenten.

De heer Fritsma (PVV):

Sinds eind jaren negentig zijn er al drie generaalpardonregelingen geweest. Het waren steeds "eenmalige" regelingen, die elkaar opvolgden. Het is gewoon onzin dat de staatssecretaris stelt dat er geen link is tussen de pardonregeling en de ontstane situatie. Het verband dat ik leg met het generaal pardon, is dat mensen niet meer vrijwillig uit Nederland vertrekken. Zij hebben hoop gekregen om toch weer in aanmerking te komen voor een verblijfsvergunning. Dat uit zich bijvoorbeeld in een schrikbarende stagnatie van het vertrekcijfers. Hoe zet de staatssecretaris het vertrekbeleid weer op de rails, zodat mensen zonder verblijfrecht gewoon weggaan?

Staatssecretaris Albayrak:

Ik snap het ongeduld van de vragenstellers. U hebt die vragen in eerste termijn gesteld en ik ga ze beantwoorden.

De heer Kamp (VVD):

De staatssecretaris ziet geen verband tussen het generaal pardon en deze 850 aanvragen. De Chinezen die deze aanvraag hebben ingediend doen dat echter wel. Zij zeggen namelijk zelf dat zij asiel aanvragen vanwege het vermoeden van een generaal pardon. Er ligt dus glashelder een verband: één keer een generaal pardon, laten we het nog een keer proberen, want misschien komt er weer een generaal pardon! Als zij destijds eerder waren geweest, dan hadden zij onder het vorige generaal pardon gevallen. Nu hopen zij, door alsnog te komen, onder het volgende generaal pardon te vallen. U kunt wel zeggen dat dit niet zo is, maar die mensen denken dat het wel zo is en daar gaat het natuurlijk om.

Staatssecretaris Albayrak:

Ik weet werkelijk niet waar u dit vandaan haalt. Als deze mensen onder het generaal pardon vielen, dan zouden zij zich al een jaar geleden hebben gemeld, toen het generaal pardon met een aantal heldere criteria werd afgekondigd. Deze mensen gaan toch niet een jaar wachten, om vervolgens te zeggen dat zij in aanmerking willen komen voor een pardon? Ik heb u gezegd dat geruchten in de Chinese gemeenschap waarschijnlijk de basis vormen voor deze aanmeldingen. Ik heb u klip-en-klaar gezegd dat die geruchten niet op enige werkelijkheid zijn gebaseerd, dat er geen pardon aankomt en dat er op dit moment geen datum bekend is van de troonopvolging.

De heer Kamp (VVD):

U zegt dat er geen generaal pardon komt. Deze mensen komen echter in Ter Apel, waarna zij door de IND worden gehoord en dan zeggen dat zij het vermoeden hebben dat er een generaal pardon komt en dat dit te maken heeft met een vermoedelijke troonopvolging. Zij zeggen dat zij om die reden om een verblijfsvergunning vragen. Dat zeggen die mensen zelf. U kunt dan toch niet zeggen dat zij een verblijfsvergunning aanvragen in de verwachting dat er weer een generaal pardon komt en in een zin later zeggen dat het niets met het generaal pardon te maken heeft? U spreekt in volkomen onbegrijpelijke woorden.

Staatssecretaris Albayrak:

Nee, u wilt het niet begrijpen! Het is zo helder. Ik heb uitgebreid uitgelegd waarom deze groep Chinezen die zich een jaar later meldt, niets te maken heeft met de pardonregeling. Deze Chinezen hadden zich immers al een jaar lang voor de pardonregeling kunnen melden. Dat hebben zij niet gedaan.

De heer Kamp (VVD):

Deze Chinezen komen toch niet naar Ter Apel, omdat het zulk mooi weer is in Nederland? En ze vragen toch geen asielvergunning aan, omdat zij op een verschrikkelijke manier door een Chinese autoriteit achterna gezeten worden? Zij zeggen in Ter Apel gewoon dat zij gehoord hebben dat er een generaal pardon komt en dat zij om die reden graag een verblijfsvergunning willen. Ik weet het, omdat ikzelf in Ter Apel ben geweest.

Staatssecretaris Albayrak:

Het siert u dat u in Ter Apel bent geweest. Ik heb u ook alle gelegenheid gegeven om daar rond te kijken en alle informatie te krijgen die u daar kon krijgen. Dat is goed. Ik weet dat u een goed geïnformeerd Kamerlid bent, maar het feit dat u dit debat aangrijpt om nogmaals uw betoog, namelijk dat het generaal pardon slecht was, te herhalen, bewijst dat u in de marges van het pardondebat nog zoekt naar argumenten dat dit niet goed was. Dat mag u doen, bij herhaling zelfs, maar ik geloof dat alles wat ik heb verteld over de specifieke aard van deze instroom meer zegt dan alles wat u in de voorgaande zinnen hebt samengevat.

De heer Kamp (VVD):

Met alle respect voor de staatssecretaris; zij spreekt nu echt wartaal! Ik heb dit debat aangevraagd om duidelijk te maken dat het nu echt afgelopen moet zijn met het idee dat er een generaal pardon kan komen. De staatssecretaris moet dat namens de regering zeggen en wij moeten dat zeggen namens de Kamer. De tweede reden waarom ik het debat heb aangevraagd, is dat wij te maken hebben met 850 illegalen. Wij moeten ervoor zorgen dat zij het land uitgezet worden. Dat zijn beide redenen waarom ik het debat heb aangevraagd.

Staatssecretaris Albayrak:

Laten wij het dan vooral daarover hebben.

De heer De Wit (SP):

Voorzitter...

De voorzitter:

Gaat uw vraag nog over dit onderwerp? De staatssecretaris wil eigenlijk eerst haar eigen betoog houden.

De heer De Wit (SP):

Het gaat mij erom, precies te zijn over dit onderwerp. In de eerste termijn heb ikzelf de vraag opgeworpen wat er waar is van de geruchten over de troonsafstand. In mijn tweede vraag gaat het om de precieze woorden. Is het nu een generaal pardon? Dat zou eigenlijk niet kunnen. Als er in die sfeer iets wordt gedaan, is er sprake van het verlenen van amnestie. Hoe staat het met beide zaken, kan de staatssecretaris daarop een duidelijk antwoord geven?

Staatssecretaris Albayrak:

Het antwoord op de eerste vraag heb ik natuurlijk niet, maar ik snap dat u mij dit vraagt. Hoe het gerucht in de Chinese gemeenschap terecht is gekomen, weet ik niet. Als er al een verband was te leggen, zou er sprake zijn van amnestie, maar daarvan is absoluut geen sprake. Wat betreft het gedeelte waar ikzelf over ga, namelijk of er wel of niet nog een pardonregeling aankomt voor deze groep Chinezen, of voor wie dan ook, zeg ik: niet onder mijn verantwoordelijkheid.

Voorzitter. Dan kom ik op een concrete vraag van een aantal Kamerleden, die specifiek nog eens is herhaald door de heer Pechtold, namelijk hoe er is omgegaan met de recreatieparken en met de gemeenten waarin die parken liggen. Er is gewezen op het feit dat de gemeenten niet zijn ingelicht omtrent het voornemen. Het COA is ervoor bedoeld, flexibel en snel te reageren. De hele asiel- en instroomproblematiek heeft ermee te maken dat er fluctuaties optreden. Wij hebben de laatste jaren te maken gehad met een COA dat enorm is afgeslankt. Er is heel veel onroerend goed afgestoten. Wat als er van de ene dag op de andere iets gebeurt? Wat als er van de ene dag op de andere honderden mensen op de stoep staan die bed, bad en brood nodig hebben? Ik vind het een pluim waard dat het het COA gelukt is, die mensen onder te brengen. Het COA is dus in staat, zelfs als er ineens honderden mensen tegelijkertijd op de stoep staan, om te voorzien in bed, bad en brood.

Wat ik echter ook vind, is dat het snelle en flexibele reageren altijd gepaard moet gaan met zorgvuldigheid tegenover de gemeenten waar deze mensen gehuisvest worden en het COA is de eerste om daarmee in te stemmen. Dit is van 25 op 26 maart geregeld in Gulpen-Wittem. Op 25 maart is contact gelegd met het recreatiepark Euverem en vervolgens zijn de mensen daar op de avond van 26 maart geplaatst. Dat is ontzettend snel gegaan, omdat het snel moest. Achteraf is de burgemeester op de hoogte gesteld en het COA geeft zelf toe dat dit beter vooraf had kunnen gebeuren.

Ik denk dat het een bestuurlijke reflex dient te zijn om altijd ook het lokale bestuur mee te nemen, terwijl je nog bezig bent, het te regelen. In ben het namelijk met u eens dat dit ontzettend belangrijk is voor het draagvlak. Dat is dus nu zo gebeurd. Dit is ook weer de eerste keer sinds tijden dat er opeens zo'n piek optreedt, naar ik hoop een eenmalige piek. Ik acht het goed dat dit ons toch weer met de neus op het feit heeft gedrukt dat je snelheid niet ten koste van zorgvuldigheid moet laten gaan.

De voorzitter:

Hebt u daarmee dit stuk afgemaakt?

Staatssecretaris Albayrak:

Voor zover het gaat om het informeren van de gemeenten wel, ja.

De heer Pechtold (D66):

Voorzitter. Het siert de staatssecretaris dat zij opkomt voor haar ambtenaren. Dat is prima. Bij het compliment dat zij geeft omdat het zo snel is geregeld, sluit ik mij zelfs aan. Een burgemeester heeft 24 uur per dag een pieper op zak en is altijd bereikbaar. Ik wil van de staatssecretaris een iets stevigere uitspraak dat de bestuurders op zijn minst in dit geval geïnformeerd hadden moeten worden, maar dat voor het draagvlak in kleine gemeenschappen – wij praten in Limburg over 200 mensen, bijna meer mensen...

De voorzitter:

Wilt u uw vraag kort formuleren?

De heer Pechtold (D66):

Ja, voorzitter, maar de staatssecretaris is ook uitgebreid. Omdat zij uitgebreid antwoord geeft en niet gewoon kort zegt dat het anders had moeten gaan, wil ik die uitspraak hiermee alsnog voor elkaar krijgen.

De voorzitter:

Het probleem is dat wij nog een klein kwartiertje de tijd hebben en dan moet dit debat echt afgelopen zijn.

De heer Pechtold (D66):

Ik werk daar graag aan mee. Als de staatssecretaris zegt: dit had anders gemoeten, niet alleen de burgemeester dient geïnformeerd te worden, ook de bevolking moet de kans krijgen om dit niet uit de krant te ervaren en gastvrij te zijn, dan ben ik tevreden.

Staatssecretaris Albayrak:

Ik heb gezegd dat het hartstikke belangrijk is voor het draagvlak dat wij waar mogelijk niet alleen de burgemeester, maar natuurlijk ook de bevolking informeren, maar verwart u dat niet met instemming. Ik ken namelijk, ook naar aanleiding van deze zaak, eveneens voorbeelden waarin er toch bezwaren komen op het moment dat er wel van tevoren informatie wordt verschaft. Ik ben bereid om hier uit te spreken – sterker nog: ik heb hier al uitgesproken – dat het een kwestie van zorgvuldigheid is om niet achteraf, maar vooraf de burgemeester in te lichten dat er asielzoekers geplaatst worden in de gemeente. Dan maakt het voor mij niet uit of het een kleine of een grote gemeente is. De zorgvuldigheid vergt dat wij dat doen. In het voorliggende geval is dat nagelaten en dat is niet goed. Dat heb ik ook al gezegd, maar als u het nog een keer wilt horen, herhaal ik het graag. Het had vooraf moeten gebeuren en ik heb met het COA gesproken. Het is ook uitdrukkelijk de bedoeling dat dit in alle gevallen vooraf of tegelijkertijd gebeurt.

De heer Pechtold (D66):

In het kort: het wordt een nieuwe instructie of een aangescherpte instructie voor het COA dat het draagvlak gesteund wordt door het informeren van het lokale bestuur?

Staatssecretaris Albayrak:

U spreekt van draagvlak, maar hebt het over instemming. Zo werkt het COA niet.

De heer Pechtold (D66):

Ik bedoel informeren.

Staatssecretaris Albayrak:

Ja, maar het COA heeft altijd de bestuurlijke houding gehad dat het de gemeente informeerde zodra het wist dat het daar mensen moest gaan huisvesten. Ik heb u ook verteld dat er van 25 op 26 maart honderden mensen zijn ondergebracht. Dat is een prestatie van jewelste, al is op dat moment wel nagelaten, de burgemeester vooraf te informeren. Dat is achteraf gebeurd. De bestuurlijke verhoudingen zijn inmiddels goed. Het COA is in overleg. U moet niet doen alsof dit een probleem voor de eeuwigheid is. Ik heb u gezegd dat het niet goed was. Ik heb u gezegd dat het COA dat inmiddels heeft toegegeven. Ik heb u gezegd dat de bestuurlijke verhoudingen, ook met de burgemeester van Gulpen-Wittem, vanaf nu goed zijn en dat dit zich in de toekomst niet meer voordoet.

Mevrouw Azough (GroenLinks):

Ik ben blij om te horen dat de staatssecretaris zegt dat dit niet meer mag gebeuren en dat gemeenten altijd vooraf worden geïnformeerd, ook als er bezwaren rijzen. Die horen er helaas gewoon bij.

Dit dorp is klein. Het wordt zelfs een gehucht genoemd. Het telt een klein aantal inwoners en is geconfronteerd met een verdrievoudiging van dat aantal. Ik heb de staatssecretaris gevraagd of er inderdaad binnen een maximaal aantal maanden, bijvoorbeeld zes, voor een oplossing wordt gezorgd. Dat kan misschien een deel van de zorgen wegnemen.

Staatssecretaris Albayrak:

Misschien is het goed als ik nog even zeg waarom de mensen zo hals over kop geplaatst moesten worden. Zij konden niet meteen in de procedure opgenomen worden. Dat is de reden. Wij hebben het in dezen over tijdelijke noodvoorzieningen, waarin mensen geplaatst worden zodra zij zich met een asielverzoek bij de vreemdelingenpolitie melden. Dat doen wij opdat de IND de procedure zorgvuldig kan voorbereiden en ook de vluchteling zelf zich kan voorbereiden. Omdat dit zo massaal gebeurde, was de capaciteit, die wij hebben – wij hebben al noodvoorzieningen – ontoereikend. Wij hebben in de regio Ter Apel naar capaciteit gezocht, maar ook die was niet toereikend. Daarom is er binnen een dag uitgeweken naar een gemeente waar wel plekken voorhanden waren. Dat is gebeurd. Het gaat erom dat zij de procedure ingaan en na een korte procedure weten waar zij aan toe zijn: blijven of teruggaan. Dat ben ik allemaal aan het opschalen, zowel bij de vreemdelingenpolitie als bij de IND. Het is nadrukkelijk mijn bedoeling om dit niet langer dan zes maanden te laten duren.

De voorzitter:

Staatssecretaris, wilt u uw antwoord nu afronden? Dan krijgt de Kamer daarna nog een keer de kans om vragen te stellen.

Staatssecretaris Albayrak:

Terugkeer is in mijn ogen een van de hoofdonderwerpen van dit debat. Een aantal concrete verzoeken is gedaan. Zo heeft de heer Kamp gevraagd om alle 850 Chinezen gevangen te zetten, in detentie te nemen, opdat zij niet kunnen vertrekken. Ik wijs erop dat deze 850 mensen geenszins verschillen van duizenden andere mensen die ook asiel aanvragen. Ik voer niet het beleid dat ik asielaanvragers opsluit.

De heer Kamp (VVD):

Geenszins verschillen?

De voorzitter:

Nee, nee.

Staatssecretaris Albayrak:

Als mensen asiel Albayrakaanvragen, dus aan het begin van de procedure, checken wij of zij een vluchtverhaal hebben. Zolang ik niet heb aangetoond dat zij geen vluchtverhaal hebben, kan ik niet overgaan tot verwijderen. Zij krijgen dus een zorgvuldige procedure.

De heer Kamp (VVD):

Zij verschillen geenszins?

De voorzitter:

Nee, mijnheer Kamp, dit kan zo niet. Ik heb afgesproken dat de staatssecretaris eerst haar antwoord afmaakt. Daarna krijgt de Kamer de gelegenheid om nog een keer te reageren.

Staatssecretaris Albayrak:

Zodra deze mensen uitgeprocedeerd zijn en dus verwijderbaar en er zicht op vertrek is, zullen zij uiteraard in vreemdelingenbewaring ter fine van uitzetting worden genomen. Dat lukt, ook met China. Wij weten dat China een van de meest problematische landen is om mensen naar toe te laten terugkeren. Het lukt vaker als mensen vrijwillig terugkeren en niet gedwongen. Toch worden er ook mensen gedwongen naar China uitgezet. Op dit moment ben ik met de Internationale Organisatie voor Migratie, die ook bij deze groep betrokken is, aan het nagaan hoe wij de vrijwillige terugkeer van deze groep mensen kunnen stimuleren. Ook ben ik voornemens om met mijn meest betrokken collega's, dus die van Economische Zaken, voor Ontwikkelingssamenwerking en van Buitenlandse Zaken een bewindspersonenoverleg te plannen om te bezien hoe wij de terugkeer naar China kunnen lostrekken. Dat onderwerp vormt niet alleen voor mij, maar ook voor alle vorige kabinetten een structureel probleem. Dat bewindspersonenoverleg vindt zeer binnenkort plaats.

De opsporing van illegalen blijft een hoofdpunt van het kabinetsbeleid. Ik zeg u eerlijk dat ik vanwege de beperkte capaciteit en de beperkte hoeveelheid beschikbare middelen moet prioriteren. Ik doe dat al en zal dat altijd moeten blijven doen. Mijn eerste aandacht gaat daarom uit naar criminele illegalen die een grote overlast voor de samenleving betekenen. Daarop zal ik de meeste inzet plegen. Vervolgens is de bestrijding van illegaliteit in het algemeen een speerpunt van het beleid. De heer Van de Camp vroeg uitdrukkelijk daarnaar. Dit betreft bijvoorbeeld het aanpakken van de profiteurs, zoals werkgevers en huisbazen. Met vereende krachten van de VROM-inspecties en Arbeidsinspecties slagen wij eraan om ook Chinese illegalen aan te treffen. Vorig jaar waren dat er nog zeshonderd. Ook langs deze weg krijgen wij het probleem niet alleen in beeld, maar intensiveren wij de pogingen om hen uit te zetten.

De heer Fritsma heeft bij herhaling gevraagd om strafbaarstelling van de illegaliteit. Daarvoor voel ik niets. Hij weet dat illegaal verblijf in Nederland indirect al strafbaar is. Ik voel er helemaal niets voor om het loutere feit dat men illegaal in Nederland verblijft een strafbaar feit te maken. Ik meen dat dit geen zoden aan de dijk zou zetten. Je bent contraproductief als je mensen in de gevangenis nog langer in Nederland houdt. Als ik ze tegenkom, moet mijn doel zijn om hen uit te zetten, niet om hen door strafbaarstelling langer in Nederland te houden.

Ik meen redelijk compleet te zijn geweest in de beantwoording van de specifieke vragen.

De voorzitter:

Ik stel nu de Kamer in de gelegenheid vragen te stellen. Ik nodig de leden uit scherpe vragen te stellen waarop wij snelle antwoorden kunnen krijgen. Ik bespeur de behoefte aan verheldering op een aantal punten.

De heer Kamp (VVD):

Voorzitter. Met uw welnemen zal ik in de tweede termijn een aantal moties indienen. De staatssecretaris zegt dat deze 850 Chinezen in niets verschillen van andere asielzoekers. Dat kan zij echt niet menen. Dit zijn 850 illegalen die al jaren in Nederland hebben verbleven en die nu asiel vragen. Zij verschillen dus in alle opzichten van de gemiddelde asielzoeker. Als de staatssecretaris nu niets doet, zijn alle 850 binnen enkele dagen weer in de illegaliteit verdwenen. Daarvoor is zij dan verantwoordelijk. Wij kunnen er vandaag niet omheen draaien. Of ze staatssecretaris zet hen achter de tralies en houdt en vast, of zij laat hen weer lopen. Als zij dan straks weer weg zijn, is het haar verantwoordelijkheid.

De heer Van de Camp (CDA):

Omwille van de tijd wil ik hieraan een vraag koppelen. In haar beantwoording heeft de staatssecretaris verklaard dat de asielaanvragen van 80% inmiddels zijn afgewezen. Waar zijn die mensen nu en wat gaat met hen gebeuren? Vervolgens zei de staatssecretaris dat de Dienst Terugkeer & Vertrek een uitdaging heeft om hen uit te zetten. Dat acht ik een beetje verhullend taalgebruik. Ik sluit mij dus aan bij de vraag van collega Kamp. Waar zijn deze mensen nu? Wat gaat met hen gebeuren tot aan het moment van hun uitzetting?

De heer Spekman (PvdA):

Ik deel echt de mening van de heren Kamp en Van der Camp. Ook wij vinden dat deze mensen echt niet moeten terugkeren in de illegaliteit. Ik beluister uit het antwoord van de staatssecretaris dat zij uiteindelijk in vreemdelingenbewaring zullen komen. Dat geldt echter alleen voor de groep die uitzetbaar is. Ik veronderstel dat het grootste deel van de groep waarschijnlijk niet een-twee-drie uitzetbaar zal blijken. Zij komen dan dus niet in vreemdelingenbewaring en gaan dan dus weer terug in de illegaliteit. Daarom hebben wij meer vastigheid nodig. Deze groep mag niet terugkeren in de illegaliteit.

De heer Fritsma (PVV):

Ook ik wil nog een vraag stellen over het vertrekbeleid. De staatssecretaris stelt terecht dat dit heel erg belangrijk is. Zij zegt ook dat het een kwestie is van prioriteitstelling. De criminelen worden het eerst uitgezet. De situatie is echter heel zorgwekkend. Uit de recente beantwoording van Kamervragen door de staatssecretaris bleek dat twee derde van alle ongewenst verklaarde vreemdelingen niet is uitgezet. Zelfs op het terrein waar zij de prioriteit legt in het vertrekbeleid gaat het al niet goed. Ik vraag nogmaals om een stevig verhaal van de staatssecretaris hoe zij het vertrekbeleid op de rails wil zetten.

De heer De Wit (SP):

Ik wil mij aansluiten bij de opmerking van de heer Kamp. Ik heb het zelf in eerste termijn naar voren gebracht. De staatssecretaris heeft gesproken over de bereidheid van China om mensen terug te nemen. Daarover wil ik graag nadere informatie ontvangen. Bestaat al duidelijk zicht op uitzetting naar China? Dat zou mij verrassen, omdat het gaat om mensen die zijn afgewezen en die gedwongen zouden moeten worden uitgezet.

Staatssecretaris Albayrak:

Voorzitter. De heer Kamp zegt dat deze asielzoekers wel verschillen van andere mensen die asiel aanvragen. Dat hun achtergrond in Nederland ligt of dat zij uit Nederland komen, doet niets af aan het feit dat zij asiel aanvragen. Ook op grond van internationale verplichtingen ben ik ertoe gehouden om naar het asielrelaas van deze mensen te luisteren. Ik moet beoordelen of zij een vluchtverhaal hebben en of zij het slachtoffer zijn van mensenhandel of mensensmokkel. Elke individuele aanvraag verschilt in helemaal niets van de eerste aanvraag van mensen die rechtstreeks uit het buitenland komen. Ik kan ze waarschijnlijk wel sneller door de procedure krijgen en afwijzen. Dat gebeurt ook. Dat bewijs ik. Op het moment dat ik aanwijzingen heb dat zij rechtstreeks uit de illegaliteit in Nederland komen en geen vluchtmotief hebben, en het dus mensen blijken te zijn die geen bescherming behoeven, kan ik daar ook wat mee. Dit is in het verloop van de procedure relevant, maar niet aan het begin ervan. De mensen krijgen allemaal een kans om de vraag te beantwoorden of zij vluchteling zijn of niet. Daarom zei ik dat deze groep niet verschilt van andere groepen asielzoekers. Ik heb het daarbij dus over de asielaanvraag. Ik vind het overigens een pikant detail dat de heer Kamp er nu ineens van uit gaat dat de Chinezen niet uit het buitenland, maar uit Nederland komen, terwijl hij zojuist nog betoogde dat de aanmelding van deze Chinezen het bewijs was van de aanzuigende werking van de pardonregeling. Het is het een of het ander, mijnheer Kamp. Of deze mensen komen uit het buitenland, aangezogen door het pardon, of zij waren al in Nederland en vragen een jaar na de pardonregeling iets dat eigenlijk niet veel met deze regeling te maken heeft.

De heer Kamp (VVD):

U bent echt in de war, mevrouw de staatssecretaris. Uiteraard heb ik gezegd dat deze mensen uit de illegaliteit in Nederland afkomstig zijn en dat zij Nederlands spreken. Op grond van het gerucht over een generaal pardon zijn zij uit de illegaliteit gekomen en vragen zij nu asiel aan. Verder heb ik gezegd dat wij nu het risico lopen dat zij weer terugkeren naar de illegaliteit. Het spijt mij, maar u spreekt op dit moment wartaal.

Staatssecretaris Albayrak:

Als dat zo is, ben ik in de war gebracht door de taal die u hebt geuit. Misschien moet u dan iets consequenter argumenteren.

Ik zeg de heer Van de Camp dat het inderdaad niet alleen een uitdaging voor de Dienst Terugkeer & Vertrek is, maar vooral ook een taak om ervoor te zorgen dat mensen daadwerkelijk vertrekken als zij geen recht hebben op verblijf in Nederland. Wij zetten in op vrijwillig vertrek, maar wij zijn ook gedwongen om mensen gedwongen uit te zetten. Hierbij heb je in eerste instantie de medewerking van de persoon in kwestie nodig. Al veel langer is bekend dat veel Chinezen ongedocumenteerd in Nederland verblijven. Dit geldt ook voor veel mensen uit deze groep. Het blijft een uitdaging om in samenwerking met de Chinese autoriteiten te achterhalen wie zij zijn en waar zij vandaan komen. Als mensen zelf geen documenten hebben, zijn de Chinese autoriteiten immers alleen bereid om een laissez passer af te geven als de identiteit vaststaat. Ook dit is geen nieuw fenomeen maar bestaat al veel langer. Het zal dus ook voor mij de uitdaging blijven, er samen met de Chinese autoriteiten voor te zorgen dat wij aantonen dat dit mensen zijn die uit China komen. Wij moeten weten wat hun namen zijn.

Ook tegen de heer Spekman zeg ik dat het uiteraard niet de bedoeling is dat deze mensen linea recta de illegaliteit ingaan. Ik zeg daar echter bij dat asielzoekerscentra en noodvoorzieningen, waarin de Chinezen nu verblijven, geen gevangenissen zijn. Wij kunnen niet vaak genoeg zeggen dat er geen pardon komt. Als mensen deze centra willen verlaten en van zo'n kamp aflopen, bijvoorbeeld omdat zij uit mijn uitspraken horen en door dit debat hebben begrepen dat er geen pardon komt of omdat zij begrijpen dat zij niet moeten hopen op amnestie bij een troonopvolging, dan kunnen wij hen niet tegenhouden. Deze mensen zijn immers niet gedetineerd. Als zij ervoor kiezen om het centrum te verlaten, dan kunnen zij dit doen. Ook hierin verschillen zij niets van alle andere mensen in de asielopvang. Zolang wij asielzoekers van wie de procedure loopt – ik heb het dus niet over uitgeprocedeerden – niet in gevangenissen zetten, bestaat de kans dat zij de asielopvang verlaten. Ik kies er uitdrukkelijk niet voor om asielzoekers in gevangenissen te zetten. De kans bestaat dat mensen in Nederland blijven nadat zij zijn weggelopen. Wij hebben echter ook gegevens over mensen die in zo'n situatie toch kiezen voor het vragen van asiel in een ander land.

De heer Van de Camp (CDA):

Ik begrijp de mogelijkheden en onmogelijkheden van de staatssecretaris. Toch vind ik het erg raar dat wij nu dit debat voeren waarnaar deze mensen zullen luisteren. Zij zijn immers slim, spreken Nederlands en luisteren mee. Om zes uur zullen zij de tijdelijke noodvoorziening verlaten. Is er werkelijk geen enkele mogelijkheid om deze mensen vast te houden of om ze in ieder geval te volgen; ik probeer de staatssecretaris enigszins tegemoet te komen. Ik voel mij er vrij hopeloos onder dat er nu een debat wordt gevoerd en vervolgens deze 850 mensen weer terugkeren in de illegaliteit, alsof er niets is gebeurd.

De heer Spekman (PvdA):

Mijns inziens zijn wij een beetje naïef. Het gaat uiteraard om een andere groep. Deze mensen hebben immers al bewezen dat zij kunnen overleven in de illegaliteit. Soms hebben zij dat zelfs al een aantal jaren gedaan. Daarin verschilt deze groep van andere. Daarom ben ik het eens met de heer Van de Camp en de heer Kamp als zij zeggen dat wij deze mensen eigenlijk moeten vasthouden. Zij gaan immers uiteraard weer het leven opzoeken waar zij uit kwamen. Als wij hen alleen gebruik laten maken van de asielprocedure en alles wat daaromheen is georganiseerd, verandert er niets. Daarom dring ik er bij de staatssecretaris op aan, deze mensen toch in een wat ander regime onder te brengen. Als wij dit niet doen, laten wij bovendien de uitbuiters vrijuit gaan die achter deze mensen schuilgaan; de grote jongens en heren die een kapitaal verdienen aan de uitbuiting van illegalen. Zij krijgen dan hun illegalen weer terug.

Staatssecretaris Albayrak:

Ik heb gezegd hoe het systeem van de vreemdelingenbewaring in elkaar steekt en wat mijn mogelijkheden en onmogelijkheden zijn. Ik kan deze groepen op het moment dat zij uitgeprocedeerd zijn, geïntensiveerd in de vreemdelingenbewaring plaatsen. Ik zal bezien wat ik op dit punt nog meer kan doen dan ik op dit moment al doe. Het is uitdrukkelijk mijn doel om een en ander via korte procedures die kant op te sturen. Het is niet zo dat wij het met elkaar oneens zijn. Ik blijf zeggen dat wij niet de illusie moeten hebben dat vreemdelingenbewaring in alle gevallen leidt tot uitzetting. Uiteindelijk hebben wij in Nederland rechters die bezien of er zicht is op uitzetting. Als mensen ongedocumenteerd zijn en niet weg kunnen, wordt de vreemdelingenbewaring door rechters beëindigd. Zo werkt het systeem in Nederland. Aan mijn intentie hoeft de Kamer niet te twijfelen. Ik wil niemand in de illegaliteit. Ik wil maximaal gebruik maken van de mogelijkheden tot vreemdelingenbewaring. Ik ga echter uit van zorgvuldige asielprocedures die niet uitsluiten dat mensen wel een vluchtverhaal hebben op basis waarvan zij een verblijfsvergunning kunnen krijgen.

Mevrouw Azough (GroenLinks):

Ik heb nog geen antwoord gehoord op de vraag van de heer De Wit met betrekking tot de bereidheid van de Chinese autoriteiten om mensen op te nemen. Ik heb altijd begrepen dat er sprake is van een Chinese muur waarop alle handelingen van de Nederlandse overheid afketsen. Is deze Chinese muur nu plotseling verdwenen?

Staatssecretaris Albayrak:

Deze Chinese muur heeft in heel veel van de gevallen te maken met het feit dat de vreemdeling zelf niet wil meewerken. Op het moment dat hij zijn documenten zoekmaakt en zijn naam niet wil zeggen of een valse naam opgeeft, kan niet alleen ik niets, maar kunnen ook de Chinese autoriteiten niets. Ik heb gezegd dat het goed lukt om Chinezen op basis van vrijwilligheid te doen terugkeren. In de afgelopen vier jaar waren dat er 240. De Chinese autoriteiten zijn dus bereid om laissez passers af te geven. Het is niet zo dat sprake is van een absoluut blok waar men tegenaan loopt. In 2007 hebben wij veertien laissez passers gekregen voor vreemdelingen die enige vorm van documentatie hadden. Als wij in een soortgelijke positie zaten, zouden wij precies eender handelen. Je moet weten wat de nationaliteit en de identiteit van iemand is, voordat je hem een papiertje verstrekt om naar je land af te reizen. Ik ben hierover voldoende duidelijk geweest.

Mevrouw Azough (GroenLinks):

Voor mij is dit op zichzelf een nieuw feit. Ik had tot nu toe begrepen dat de Chinese autoriteiten vaak moeilijk deden. Als dat nu anders blijkt te zijn, is dit een verheugende ontwikkeling.

Staatssecretaris Albayrak:

Als de vreemdeling zelf meewerkt, ligt het meestal niet aan de ambassades.

De heer Fritsma (PVV):

Ik heb de staatssecretaris gevraagd hoe zij het vertrekbeleid weer op de rails krijgt. Zij geeft zelf aan dat prioriteit wordt gegeven aan criminelen. Alleen al van de ongewenst verklaarde criminelen wordt echter twee derde niet uitgezet. Op dit punt ligt een groot probleem. Hoe wordt dit opgelost?

Staatssecretaris Albayrak:

Op deze vraag van de heer Fritsma heb ik in de Kamer wellicht al acht keer geantwoord. Het is mijn bedoeling om vaker gebruik te maken van de ongewenstverklaring. Ik vind dat wij in Nederland de mogelijkheid hebben om mensen vaker uit te zetten waarvan wij niet voldoende gebruik hebben gemaakt. Ik heb de Kamer gezegd dat ik dit heb geconstateerd toen ik staatssecretaris werd en dat ik momenteel bezig ben met een pilot om deze ongewenstverklaring en het gebruik ervan te intensiveren opdat wij hiervan vaker gebruik kunnen maken bij het uitzetten van illegalen.

De heer Kamp (VVD):

Voorzitter. Ik wil de staatssecretaris een advies geven. Het lijkt mij niet verstandig om nu het land te verlaten en vervolgens te horen dat 850 illegalen die asiel hebben aangevraagd, in enkele dagen tijd weer teruggekeerd zijn in de illegaliteit. Ik denk dat zij hiermee een groot politiek probleem krijgt. Het lijkt mij onverstandig. Als ik haar was, zou ik proberen deze kwestie nu af te wikkelen. Ik denk dat het feit dat de staatssecretaris zegt dat er geen generaal pardon meer komt, belangrijk is. Het is belangrijk, maar het is niet voldoende. Het generaal pardon dat wij op dit moment kennen, is het gevolg van een uitspraak die de Kamer direct na de verkiezingen van november 2006 heeft gedaan. Ik denk dan ook dat het nodig is dat de Kamer hierover nu een uitspraak doet. Ik dien hiertoe de volgende motie in.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat in enkele weken tijd 850 vermoedelijk illegaal in Nederland verblijvende Chinezen asiel hebben gevraagd in afwachting van een volgend generaal pardon;

overwegende dat het niet verantwoord is, hieromtrent enige onduidelijkheid te laten bestaan;

spreekt uit van mening te zijn dat van een volgend generaal pardon geen sprake kan zijn en roept de regering op, dit ondubbelzinnig uit te dragen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Kamp en Fritsma. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1186(19637).

De heer Kamp (VVD):

Voorzitter. Mijn tweede motie is nog urgenter dan de eerste, omdat naar mijn overtuiging de Chinezen op ieder moment kunnen besluiten om weer in de illegaliteit onder te duiken. Ik denk dat er daarom nu moet worden opgetreden. Daarom wil ik ook dat er zo spoedig mogelijk over deze motie wordt gestemd.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat in enkele weken tijd 850 Chinezen Kampasiel hebben gevraagd;

overwegende dat het hier waarschijnlijk personen betreft die reeds eerder illegaal in Nederland verbleven;

voorts overwegende dat het risico groot is dat deze personen na afwijzing van hun asielaanvraag hun illegale verblijf in ons land zullen continueren;

roept de regering op, zeker te stellen dat betrokkenen ons land verlaten,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Kamp en Fritsma. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1187(19637).

De heer De Wit (SP):

Voorzitter. Wat betekent dat zeker stellen?

De heer Kamp (VVD):

Zeker stellen is dat de staatssecretaris die maatregelen moet nemen die effectief zijn om te voorkomen dat deze groep weer verdwijnt in de illegaliteit!

De heer Fritsma (PVV):

Voorzitter. Ik zal mij beperken tot de indiening van twee moties.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat zeer veel vreemdelingen die niet in aanmerking komen voor verblijf in Nederland toch op illegale basis in Nederland zijn of blijven;

constaterende dat illegaal verblijf van vreemdelingen de Nederlandse samenleving met grote problemen opzadelt, bijvoorbeeld op het terrein van de gezondheidszorg en de veiligheid, en dus veel effectiever moet worden ontmoedigd;

verzoekt de regering, illegaal verblijf in Nederland strafbaar te stellen en aan te merken als een misdrijf, waardoor de betreffende vreemdelingen niet meer in aanmerking kunnen komen voor een verblijfstatus,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Fritsma en Kamp. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1188(19637).

De heer De Wit (SP):

Volgens mij moet u nu eens voor eens en altijd een eind maken aan dat strafbaar stellen van illegaliteit. Wat creëert u nu? U creëert een strafbaar feit dat gewoon continu voortduurt! Iemand is wegens illegaliteit opgepakt en krijgt zes maanden. Dat is natuurlijk waanzin, maar zeg dat hij twee weken krijgt, maar dan? Hij komt vrij, is weer strafbaar en wordt weer opgesloten. Dus levenslang. Het is complete onzin! U hebt nog nooit antwoord gegeven op de onzin van het strafbaar stellen van illegaliteit. Het is een continuüm, het is het voortdurend strafbaar stellen en dus "belonen" met levenslang! Dat kan gewoon niet!

De heer Fritsma (PVV):

Het kan natuurlijk wel. Je kunt illegaal verblijf strafbaar stellen en je kunt het ook handhaven. Sterker nog, gelet op de problemen die illegaliteit voor de samenleving meebrengt, is het een pure noodzaak. Waar u aan voorbijgaat, is dat je met die strafbaarstelling er ook voor zorgt dat deze mensen niet meer in aanmerking kunnen komen voor een verblijfvergunning. Veel mensen die vandaag de dag een verblijfsvergunning krijgen, hebben ook een flinke periode van illegaal verblijf achter de rug in een minder ver of verder verleden. Dus ook op die wijze gaat er een ontmoedigend effect van uit!

De heer De Wit (SP):

U geeft weer geen antwoord op de vraag. Levenslang of niet. Dat is het punt.

De heer Fritsma (PVV):

Ik heb antwoord gegeven op de vraag: het strafbaar stellen van illegaal verblijf is een noodzaak, niet alleen om het harder aan te pakken, niet alleen om mensen vast te zetten waarna zij ook beter verwijderbaar zijn, maar ook om ervoor te zorgen dat zij niet meer in aanmerking komen voor een verblijfsvergunning!

Voorzitter. Dan mijn tweede motie.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat recentelijk gebleken is dat asielzoekers worden opgevangen in een recreatiepark te Gulpen-Wittem met diverse luxe voorzieningen als een zwembad en een sauna;

overwegende dat een dergelijke vorm van opvang onnodig veel belastinggeld kost;

overwegende dat van een dusdanige vorm van luxe opvang van asielzoekers een bijzonder ongewenste aanzuigende werking kan uitgaan;

verzoekt de regering, er zorg voor te dragen dat de opvang van asielzoekers op een correcte, doch zo sober mogelijke wijze plaatsvindt,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Fritsma en Kamp. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1189(19637).

De heer Van de Camp (CDA):

Voorzitter. Ik dank de staatssecretaris voor de gegeven antwoorden. Nogmaals, ik hoop dat in de toekomst de communicatie tussen de gemeenten en het COA wel volgens de goede regels zal plaatsvinden. De burgemeester waarschuwen is nog iets anders dan een hele inspraakprocedure arrangeren.

Gezien het belang van dit debat, heb ik er behoefte aan om een motie in te dienen.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat de recente massale Chinese asielaanvragen tot veel commotie hebben geleid;

van oordeel dat snelle afhandeling van deze asielaanvragen gewenst is, mede om "juridisering" van deze groep te voorkomen;

verzoekt de regering, de asielaanvragen van de groep Chinezen zo snel mogelijk en zorgvuldig af te handelen;

roept de regering op, alles in het werk te stellen om degenen uit deze groep die niet in Nederland mogen blijven daadwerkelijk te doen terugkeren naar hun land van herkomst,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Van de Camp, Spekman en Anker. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1190(19637).

De heer Van de Camp (CDA):

Mede gezien de tijdsdruk waaronder wij nu even zitten, beperk ik mij tot een enkele zin toelichting. Het woord "alles" omvat ook de uitgebreide mogelijkheden voor vreemdelingenbewaring, natuurlijk binnen de juridische kaders die de staatssecretaris thans heeft; laat daarover geen misverstand bestaan. Het woord "alles" omvat tevens de druk op de Chinese regering om via diplomatieke stappen het uitzetten van deze mensen mogelijk te maken.

De heer De Wit (SP):

Mijn vraag aan de heer Van de Camp gaat over de vreemdelingenbewaring. Noch in de motie van de heer Kamp noch in die van de heer Van de Camp wordt dit zo benoemd, maar de heer Van de Camp heeft in zijn interrupties uitdrukkelijk gezegd dat wij deze mensen moeten vastzetten. Vind hij nu dat de vreemdelingenbewaring moet worden opgerekt? Erkent hij dat vreemdelingenbewaring alleen dan kan worden toegepast als mensen een gevaar vormen voor de openbare orde en er zicht is op uitzetting? Dat houdt in dat iemand pas in vreemdelingenbewaring mag worden opgenomen worden als bekend is waar hij vandaan komt en waar hij naartoe gaat.

De heer Van de Camp (CDA):

Het is verleidelijk om hier een zeer groot debat te gaan voeren over de mogelijkheden van de vreemdelingenbewaring. De heer De Wit kiest blijkbaar toch voor meer illegaliteit. Collega Spekman, collega Anker en ik hebben bij interruptie gezegd dat wij deze mensen bij voorkeur moeten vastzetten teneinde hen te kunnen uitzetten. In de toelichting op de motie heb ik gezegd: binnen de juridische kaders van dit moment. Dat er in een later stadium een uitgebreider debat volgt over vreemdelingenbewaring ter bestrijding van illegaliteit, kan ik de heer De Wit nu reeds aankondigen.

De heer De Wit (SP):

Ik kan nu reeds aankondigen dat het mij er niet om te doen is, nog meer illegaliteit te kweken, maar dat het erom gaat om zuiver te zijn en mensen niet in strijd met wat wij in Nederland aan regels hebben en in strijd met de jurisprudentie, mensen op te sluiten in vreemdelingenbewaring en dan na zes maanden tot de conclusie te komen dat er geen uitzicht is op uitzetting. In dat geval had het, heel simpel, niet mogen gebeuren.

De heer Van de Camp (CDA):

Mijnheer De Wit, u en ik hebben vaak een verschillende politieke invalshoek op dit dossier, maar de zuiverheid delen wij.

De heer Kamp (VVD):

Ik begrijp van de heer Van de Camp dat het zijn bedoeling is, te voorkomen dat 850 Chinezen in de illegaliteit verdwijnen. Zou hij misschien kunnen aangeven wat het verschil is tussen mijn motie, waarin ik aan de regering vraag om zeker te stellen dat de betrokkenen ons land verlaten, en de motie die hij zo-even met de collega's Anker en Spekman heeft ingediend? Wat is het verschil tussen deze moties?

De heer Van de Camp (CDA):

Ik denk dat er materieel weinig verschil is tussen deze moties. De heer Kamp heeft zijn motie superstrak geformuleerd. Ik heb mijn motie iets uitgebreider gemotiveerd en ik heb met name het woord "alles" aangegrepen om toe te lichten wat er moet gebeuren. Ik deel zijn basisstelling.

Mevrouw Azough (GroenLinks):

Voorzitter. Ik dank de staatssecretaris voor haar beantwoording. Het is belangrijk dat zij de Kamer goed op de hoogte houdt van de afhandeling van deze kwestie. Ik heb toch nog twee vragen. De eerste gaat over de communicatie. Kan de staatssecretaris helder en ondubbelzinnig toezeggen dat het COA in de toekomst wel dat telefoontje pleegt om de desbetreffende gemeenten en bestuurders te informeren? Dit hoort standaard te zijn en is essentieel voor het behoud van draagvlak. Ik hoor graag een toezegging in de Kamer op dit punt.

Mijn tweede vraag gaat over de prop en de noodzakelijke buffercapaciteit. Ik heb hier al eerder over gesproken. Vindt de staatssecretaris de gang van zaken van de afgelopen tijd een reden om toch te kijken of die 1700 plekken waaraan zij refereert bij de beantwoording van schriftelijke vragen voldoende zijn? Ik ontvang graag meer informatie over deze kwestie.

De heer Spekman (PvdA):

Voorzitter. Ik heb twee punten. Er is geen romantiek aan een illegaal bestaan. De staatssecretaris is niet ingegaan op het punt van onderzoek en aanpak van de uitbuiters achter deze illegalen. Deze 850 zijn in Nederland gekomen. Ik wil vanuit de Kamer zicht houden op hoe wij ervoor zorgen dat die uitbuiters echt worden aangepakt, vooral in relatie met de Arbeidsinspectie. Anders gaat het maar door.

Mijn tweede punt betreft de daadwerkelijke terugkeer. Ik onderstreep de motie die ik samen met collega's Van de Camp en Anker heb ondertekend. Uiteindelijk vinden wij dat de staatssecretaris alle creativiteit die zij in zich heeft moet benutten om te voorkomen dat het beeld toch anders wordt en deze mensen weer op straat belanden. De staatssecretaris kan volgens mij veel en met elkaar kunnen wij meer dan wij soms denken. Het doel, het van de straat afhouden van deze 850 mensen, is zeer belangrijk.

De heer Anker (ChristenUnie):

Voorzitter. In mijn eerste termijn heb ik vragen gesteld over de wereld die achter dit probleem zit, over het netwerk dat erachter zit met de belanghebbenden bij wie deze illegalen wellicht in dienst waren. Dat netwerk moeten wij ook aanpakken. Dat moet prioriteit krijgen. Wellicht dat de staatssecretaris hierover moet overleggen met de minister van Justitie, mocht die meer over dit punt gaan, maar ik zou haar graag horen ingaan op de vraag hoe wij hiermee moeten omgaan. Het is namelijk wel een wonderlijke situatie om opeens zo veel illegalen van Chinese afkomst te hebben.

Mijn tweede opmerking gaat over de ingediende motie. De staatssecretaris heeft gedurende de eerste termijn kunnen horen dat ik vreemdelingenbewaring een lastig onderwerp vind. Ik hecht erg aan de woorden die de heer Van de Camp bij het indienen van de motie sprak, dat wij binnen de momenteel geldende juridische kaders blijven.

De heer Pechtold (D66):

Voorzitter. Ik dank de staatssecretaris voor de beantwoording. Ik volg de moeilijke afweging die zij heeft te maken ten aanzien van de kwestie hoe er met deze mensen moet worden omgegaan. Zelfs al zouden zij vastgezet worden, dan nog zou de rechter hen denk ik inderdaad snel vrijlaten. Dat soort uitspraken van de Kamer leidt dus nergens toe. Ik vind het jammer dat ik niet een heel heldere uitspraak heb gekregen over de werkwijze van het COA. Daarom dien ik de volgende motie in, die ik graag in tweede termijn intrek als de staatssecretaris aan de vraag van mevrouw Azough tegemoet komt.

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat het draagvlak voor het asielbeleid is afgenomen door de onzorgvuldige handelwijze van het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (COA) bij de plaatsing van een paar honderd asielzoekers;

voorts overwegende dat samenwerking en goed overleg met gemeenten essentieel zijn voor een goede uitvoering van het asielbeleid;

verzoekt de regering, te bewerkstelligen dat het COA een adequaat communicatieplan opstelt zodat de situatie van de afgelopen weken zich niet zal herhalen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Pechtold. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 1191(19637).

De heer Pechtold (D66):

Voorzitter, nogmaals, één heldere zin van de staatssecretaris en ik trek deze motie alsnog in.

Staatssecretaris Albayrak:

Voorzitter. Ik heb niet één heldere zin nodig, maar slechts één helder woord, mijnheer Pechtold. Het antwoord is "ja". Het is de norm dat het COA op voorhand gemeenten informeert over de komst van asielzoekers naar die gemeenten.

De heer Pechtold (D66):

Ik trek de motie in.

De voorzitter:

Aangezien de motie-Pechtold (19637, nr. 1191) is ingetrokken, maakt zij geen onderwerp van beraadslaging meer uit.

Staatssecretaris Albayrak:

Ik begin met het beantwoorden van een aantal vragen en sluit af met een reactie op de ingediende moties.

Op de vraag van mevrouw Azough over het informeren van burgemeesters en de gemeenten is mijn antwoord dus "ja". Zij vraagt ook naar de buffercapaciteit. Het is ook in mijn belang dat de capaciteit flexibel en snel wordt uitgebreid op het moment dat dit nodig is. Alleen dan kan je ervoor zorgen dat de procedures kort duren. Niemand heeft er baat bij dat wij mensen tot het einde der dagen in de procedures gevangen houden, met alle consequenties van dien, namelijk na een lang verblijf uitgeprocedeerd zijn en dus minder snel weggaan. Het is dus zeker van belang om na te gaan of de buffercapaciteit volstaat, niet alleen bij de tijdelijke noodvoorzieningen maar ook bij de IND. Wij hebben een paar reguliere units omgevormd tot asielunits. Met de huidige instroom heb ik niet de indicatie dat wij er tussen nu en korte tijd mee in de problemen komen. Die uitbreiding gaat gestaag, maar als je mensen aanneemt moet je hen ook nog scholen; verder moet je mensen die van regulier naar asiel gaan, omscholen. Dat doen wij allemaal en dat doen wij ook snel.

De heer Spekman heeft gevraagd om een onderzoek naar de uitbuiters van de onderhavige groep Chinezen. In eerste instantie zouden wij dan eerst moeten nagaan of het allemaal om uitgebuite Chinezen gaat. Ik heb al gezegd dat ik de individuele asielverzoeken zorgvuldig in behandeling neem om te kijken wat er achter steekt. Natuurlijk komt er dan heel veel informatie boven tafel, ook over de achtergronden van hun verblijf alhier, teneinde na te gaan of er op grote schaal sprake is van uitbuiting in de illegaliteit. Wij kennen de exploitatie in de seksindustrie maar wij kunnen ook denken aan de horeca, waar met name deze groep wellicht werkzaam in is geweest. Als er aanknopingspunten blijken te zijn, zullen wij nagaan of wij er nader onderzoek naar kunnen gaan doen. Omdat wij echter nog niet zo ver in de procedure zijn, heb ik nu nog geen zicht op wat de achtergronden van deze groep zijn. De heer Spekman ziet deze groep als mensen die uitgebuit zijn. Dat inzicht heb ik op dit moment nog niet.

De heer Spekman (PvdA):

Ik wil uiteraard woordverwarring voorkomen. Uitbuiting beschouw ik wat breder. Het maakt heel veel uit of je slachtoffer van mensenhandel bent – dat is echt heel zware mishandeling en uitbuiting – maar ik vind dat iemand die illegaal werkt tegen zelfs een redelijk salaris maar zonder rechten of plichten te hebben, wel degelijk ook uitgebuit wordt. De Arbeidsinspectie is heel geschikt om de gesprekken te voeren met deze mensen.

Staatssecretaris Albayrak:

Wij hebben de Arbeidsinspectie niet voor niets deze heel belangrijke taak gegeven als het gaat om bestrijding van illegaal verblijf. De Arbeidsinspectie is ook uitgebreid. Wij verhogen de pakkans voor illegale tewerkstelling en wij verhogen de boetes. Niet alleen in Nederland maar ook via Europese afspraken wordt geprobeerd degenen die mensen illegaal te werk stellen en daarmee vaak veel geld verdienen, aan te pakken. Wij proberen op die manier eigenlijk de oorzaak van de uitbuiting weg te nemen.

De heer Kamp heeft een motie ingediend over een volgend generaal pardon. Eenieder die dit debat heeft gehoord, behoeft het niet te verbazen dat ik aanvaarding van deze motie met kracht ontraad. De motie legt een verband tussen deze groep Chinezen en de pardonregeling van vorig jaar. Er is geen sprake geweest van een generaal pardon voor illegalen, waaraan de heer Kamp lijkt te refereren, maar van een specifiek pardon ter afwikkeling van de oude Vreemdelingenwet. Ik heb in dit debat al vele malen gezegd dat er onder mijn verantwoordelijkheid geen sprake zal zijn van welk volgende pardon dan ook. In dat verband en met deze argumenten ontraad ik het aannemen van de motie.

De heer Kamp (VVD):

Er staan twee dingen in de motie. In de eerste plaats dat er 850 Chinese illegalen zijn die asiel hebben aangevraagd in afwachting van een volgend generaal pardon. Dat is gewoon een feit; als u belt met Ter Apel, zult u dat horen. In de tweede plaats vraag ik de Kamer hetzelfde te zeggen als wat u hebt gezegd. Dat is toch heel verstandig, omdat de Kamer het generaal pardon dat nu aan de orde is, heeft veroorzaakt? Als u zegt dat er geen generaal pardon meer komt, heeft het toch extra veel kracht als de Kamer hetzelfde zegt? Hoe kunt u daartegen zijn?

Staatssecretaris Albayrak:

Ik ben ertegen met de argumenten die ik uitgebreid in dit debat heb genoemd en die ik zojuist ook kort heb herhaald. Als u mij vraagt om hier uit te spreken dat er van een volgend generaal pardon geen sprake kan zijn, vraagt u mij ook om niet alleen verantwoordelijkheid te nemen voor de komende drie jaar die ik nog staatssecretaris ben, maar ook voor de toekomst. Ik heb u gezegd dat er onder dit kabinet geen pardon komt. Punt.

De heer Kamp (VVD):

U laat dus open dat bijvoorbeeld uw eigen partij in haar volgende verkiezingsprogramma opneemt dat er nogmaals een generaal pardon komt. Een pardon is dan in de volgende periode wat u betreft een mogelijkheid?

Staatssecretaris Albayrak:

Voorzitter, staat u mij toe dat ik deze vraag van de heer Kamp gewoon niet beantwoord. Ik heb geantwoord als staatssecretaris in dit kabinet, dat nog drie jaar te gaan heeft. Dat is mijn verantwoordelijkheid.

De heer Kamp roept in zijn tweede motie de regering op om zeker te stellen dat betrokkenen ons land verlaten. Ik heb uitgebreid gereageerd op de vragen die te maken hebben met de terugkeer van deze groep Chinezen. Ik heb goed aangegeven welke ruimte ik heb, welke ruimte ik verder kan nemen, wat mijn doelen zijn en wat de beperkingen zijn als het bijvoorbeeld gaat om ongedocumenteerde Chinezen en het niet verkrijgen van documenten om mensen het land uit te krijgen. Gelet op de stellige bewoordingen van de motie, moet ik het aannemen ervan ontraden. Ik voel meer voor de bewoordingen van de motie van de heer Van de Camp, die eigenlijk over hetzelfde gaat. In die motie wordt de regering opgeroepen om alles in het werk te stellen om degenen die niet in Nederland mogen blijven, daadwerkelijk te laten terugkeren naar hun land van herkomst. Ik heb gezegd dat ik dat langs een paar lijnen doe: snelle, korte procedures; in de AC-procedure deze mensen van een antwoord voorzien; snel duidelijkheid of zij blijven of gaan; als het een afwijzing is, het vertrek ter hand nemen, vrijwillig als het even kan, gedwongen als het moet; en ter fine van die uitzetting overgaan tot vreemdelingenbewaring. Ik heb gezegd dat ik met het IOM eraan werk om de vrijwillige terugkeer nog verder te stimuleren.

Dat zijn de middelen die ik heb en die ik intensiveer bovenop wat de vorige kabinetten aan mogelijkheden hadden. Ik voorzie dat ik daarmee ook voor deze groep, binnen de beperkingen die er altijd zijn op het punt van terugkeerbeleid, daadwerkelijke terugkeer kan realiseren.

De heer Kamp (VVD):

Het is dus, schat ik in, een Albayrakreële mogelijkheid dat de hele groep van 850 vanavond weer de illegaliteit in verdwijnt?

De voorzitter:

Wilt u de laatste twee moties kort behandelen?

Staatssecretaris Albayrak:

Ja. De motie van de heer Fritsma verzoekt de regering om ervoor zorg te dragen dat de opvang van asielzoekers op een correcte, maar zo sober mogelijke wijze plaatsvindt. Volgens mij is dat wat wij doen. Ik zou het niet durven om de opvang van asielzoekers in Nederland "een luxevoorziening" te noemen. Derhalve moet ik de aanneming van deze motie ontraden.

De heer Fritsma (PVV):

Het recreatiepark waarover wij het hier hebben, heeft voorzieningen zoals een zwembad en een sauna. De meeste Nederlanders kunnen zich dat alleen tijdens een vakantie veroorloven, maar u biedt dat nu aan asielzoekers aan. Ik vind dat een kromme situatie. Het is zonde van het belastinggeld en het is ook niet goed voor de daadkracht van het asielbeleid, waarvoor u zegt te staan. Het kan natuurlijk veel soberder. Waarom geen leegstaande kazerne of leegstaande kantoorgebouwen die worden omgebouwd? Waarom moet het een recreatiepark met dit soort voorzieningen zijn?

Staatssecretaris Albayrak:

De meest concrete reden die daarvoor te geven is, is dat dit recreatiepark alle vergunningen al had om dezelfde dag mensen daar te laten slapen op basis van "bed, bad en brood". Als de heer Fritsma de indruk heeft dat mensen daar de hele dag in het zwembad liggen, moet hij er morgen maar eens gaan kijken. De werkelijkheid is echt anders.

In de laatste motie van de heer Fritsma wordt strafbaarstelling gevraagd van illegaal verblijf. Ik weet niet de hoeveelste keer het is dat de heer Fritsma deze motie indient, maar met dezelfde argumenten als ik alle andere keren heb gebruikt, moet ik aanneming van deze motie ontraden.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:

Ik dank de staatssecretaris voor haar beantwoording en maak nog eens expliciet melding van het feit dat de motie die is ingediend door de heer Pechtold is ingetrokken en derhalve geen onderdeel meer uitmaakt van de beraadslaging.

Het woord is aan de heer Kamp voor een opmerking over de orde.

De heer Kamp (VVD):

Voorzitter. Omdat het gevaar reëel is dat de hele groep over enkele uren weer in de illegaliteit verdwijnt, vraag ik onmiddellijke stemming over de moties die aan de orde zijn.

De voorzitter:

Ik was er al bang voor dat die vraag zou worden gesteld. Op het ogenblik wordt onderzocht of dat zou kunnen. Het meest voor de hand liggend is dat wij onmiddellijk na de avondschorsing stemmen, maar ik weet niet welke technische problemen dat met zich brengt, omdat de fracties niet op stemmingen hebben gerekend.

De heer Pechtold (D66):

Voorzitter. Ik ben het met de heer Kamp eens dat er snel moet worden gestemd, maar ik zie niet in waarom wij dat na de avondschorsing moeten doen. Fracties zijn in huis of niet. Dus ik zou zeggen: laten wij binnen een uur stemmen.

De heer Van de Camp (CDA):

Voorzitter. Ik begrijp de opvatting van de heer Kamp, maar de staatssecretaris heeft gezegd dat zij op dit moment bezig is met de procedures. Gezien het feit dat vanavond stemmen technische problemen kan opleveren, zoals u zelf al zei, hebben wij er een sterke voorkeur voor om morgen meteen na de lunchpauze te stemmen. Dan houden wij de druk erop, maar veroorzaken wij niet onnodig paniek.

De heer Fritsma (PVV):

Voorzitter. Ik zie de urgentie van nu stemmen in. Ik heb de moties van de heer Kamp medeondertekend en steun zijn verzoek.

Mevrouw Azough (GroenLinks):

Ik steun het voorstel van de heer Van de Camp. Wat mij betreft, stemmen wij er morgenmiddag over.

De heer Spekman (PvdA):

Voorzitter. Ik steun ook het voorstel van de heer Van de Camp. Het lijkt mij dat deze mensen ook de afgelopen dagen al hadden kunnen verdwijnen, want toen wisten zij al precies hoe de politiek erover dacht. Wat dat betreft, is de situatie niet zo dringend dat de stemming niet kan wachten tot morgen.

De heer De Wit (SP):

Ik sluit mij geheel bij deze woorden aan, voorzitter. Het voorstel van de heer Van de Camp lijkt mij volstrekt redelijk.

De heer Anker (ChristenUnie):

Ook ik sluit mij erbij aan. Dat geldt waarschijnlijk ook voor de rest van mijn fractie.

De voorzitter:

Ik constateer dat er een ruime meerderheid is voor het voorstel van de heer Van de Camp om morgen meteen na de lunchpauze te stemmen. De stemmingen zullen voor morgen worden geagendeerd.

Voorzitter: Cramer