Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2007-2008nr. 73, pagina 5113

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het spoeddebat over de uitzetting van homoseksuele Iraanse asielzoekers, te weten:

- de motie-Van der Ham c.s. over het informeren van de Kamer over de asielprocedure in het Verenigd Koninkrijk (19637, nr. 1184);

- de motie-Azough c.s. over een pleidooi voor het bieden van adequate bescherming aan homoseksuele Iraanse asielzoekers (19637, nr. 1185).

(Zie vergadering van 3 april 2008.)

De voorzitter:

Ik geef gelegenheid tot het afleggen van een stemverklaring vooraf.

De heer Kamp (VVD):

Voorzitter. De motie op stuk nr. 184 van collega Van der Ham is bijna Kamerbreed meeondertekend. De motie vraagt informatie over de afhandeling van een asielaanvraag in Engeland, in dit geval van een jonge man uit Iran. Uit de toelichting van de heer Van der Ham tijdens het debat bleek echter dat het hem vooral ging om zijn opvatting dat betrokkene een verblijfsvergunning moet krijgen, zo niet in Engeland dan wel in Nederland. Het steunen van die motie kan uitgelegd worden als het steunen van deze opvatting, en de opvatting van de VVD-fractie is een andere. Het is onverstandig om vooraf een uitspraak te doen als parlement over een lopende procedure, zeker als het gaat om een procedure in Engeland. Het is ook onverstandig om als Nederlands parlement te treden in de bevoegdheden van een Engelse bewindspersoon. Bovendien is dat in strijd met de afspraak die in dit verband tussen Europese landen is gemaakt, om elkaars asielprocedures niet over te gaan doen. Wij stemmen daarom tegen deze motie.

In stemming komt de motie-Van der Ham c.s. (19637, nr. 1184).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, D66, de PvdD, de ChristenUnie, de SGP, het CDA en de PVV voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Azough c.s. (19637, nr. 1185).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, D66, de PvdD, de ChristenUnie, de SGP en het CDA voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.