Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal1996-1997nr. 41, pagina 3369-3373

Aan de orde zijn de stemmingen over 32 moties, ingediend in het notaoverleg over de HSL-Zuid, te weten:

- de motie-Leers over de kruising van de HSL met de spoorlijn Lage Zwaluwe-Roosendaal (22026, nr. 27);

- de motie-Leers over verlegging van de A16 en bundeling met de HSL ten zuiden van Breda (22026, nr. 28);

- de motie-Leers over een tunnel bij Prinsenbeek (22026, nr. 29);

- de motie-Leers over het tracégedeelte ter hoogte van Effen (22026, nr. 30);

- de motie-Leers over een viersporige tunneloplossing voor Delft (22026, nr. 31);

- de motie-M.B. Vos over ontmoediging van vliegen op korte en middellange afstand (22026, nr. 33);

- de gewijzigde motie-M.B. Vos over financiering van de meerkosten van de HSL-Zuid (22026, nr. 59);

- de gewijzigde motie-Verbugt/Van Heemst over aansluiting van Den Haag op de HSL (22026, nr. 60);

- de motie-Verbugt/Van Heemst over een verdiepte kruising onder de spoorlijn Lage Zwaluwe-Roosendaal (22026, nr. 36);

- de gewijzigde motie-Verbugt c.s. over een strakke bundeling van HSL en de A16 (22026, nr. 61);

- de motie-Verbugt over een nadeelcompensatieregeling (22026, nr. 39);

- de gewijzigde motie-Versnel-Schmitz/Van Heemst over het alternatief FWB2 (22026, nr. 63);

- de motie-Versnel-Schmitz c.s. over een diepgefundeerde plaatconstructie (22026, nr. 41);

- de motie-Versnel-Schmitz c.s. over opneming van ondertunneling in Delft in het MIT (22026, nr. 43);

- de motie-Versnel-Schmitz/Van Heemst over de meerkosten van de HSL-Zuid (22026, nr. 44);

- de motie-Aiking-van Wageningen over de Dordtse Kilvariant (22026, nr. 45);

- de motie-Stellingwerf over de ontwerpsnelheid van 300 km/uur (22026, nr. 46);

- de motie-Stellingwerf over uitwerking van de varianten ten noorden van Rotterdam (22026, nr. 47);

- de motie-Stellingwerf over op de kortst mogelijke termijn oplossen van het knelpunt Delft door aanleg van een tunnel (22026, nr. 48);

- de motie-Van den Berg over nadere voorstellen op basis van de BLN+-variant (22026, nr. 49);

- de motie-Schutte over verankering van de positie van Den Haag in de PKB (22026, nr. 50);

- de motie-Poppe over een versnelde uitvoering van Rail 21 (22026, nr. 51);

- de motie-Leers/Stellingwerf over extra middelen om vertraging van MIT-projecten te voorkomen (22026, nr. 55);

- de motie-Leers over de bereikbaarheid van Den Haag (22026, nr. 56);

- de motie-Leers/Stellingwerf over het tracé in het gebied tussen Berkel en Rodenrijs en Bergschenhoek (22026, nr. 57);

- de motie-Leers/Stellingwerf over de Maasdamseweg in de Hoekse Waard (22026, nr. 58);

- de motie-Verbugt c.s. over de inpassing van het tracé bij Nieuwe Wetering en Berkel en Rodenrijs (22026, nr. 62);

- de motie-Stellingwerf/Leers over het tracé in de Haarlemmermeer (22026, nr. 64);

- de motie-Stellingwerf/Leers over een herverkaveling in de Haarlemmermeer (22026, nr. 65);

- de motie-Stellingwerf c.s. over een versterking van de groene functies in het Groene Hart (22026, nr. 66);

- de motie-Poppe over het opschorten van het HSL-besluit (22026, nr. 67);

- de motie-Leers over een strakke bundeling van de HSL met de A4-A13 (22026, nr. 68).

(Zie notaoverleg van 16 december 1996.)

De voorzitter:

Mevrouw Verbugt trekt de motie-Verbugt/Van Heemst (22026, nr. 36) in.

Mevrouw Aiking-van Wageningen trekt haar motie (22026, nr. 45) in.

Aangezien deze moties zijn ingetrokken, maken zij geen onderdeel meer uit van de stemmingen.

De motie-Stellingwerf c.s. (22026, nr. 66) is in die zin gewijzigd, dat zij thans luidt:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende, dat:

  • - het Groene Hart een essentiële functie vervult ten aanzien van de leefbaarheid en het vestigingsklimaat in de Randstad;

  • - met een keuze voor het A1-tracé voor de hogesnelheidstrein niet beoogd is het Groene Hart een verdere verstedelijkingsimpuls te geven;

van mening, dat de versterking van de groene functies in het Groene Hart de beste waarborg vormt tegen eventuele ongewenste stedelijke ontwikkeling;

verzoekt de regering een kwaliteitsimpuls in de groene functies (duurzame landbouw, natuur, recreatie) in het Groene Hart te realiseren en daartoe substantieel extra middelen vrij te maken in het kader van ICES,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt deze gewijzigde motie voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 71 (22026).

Ik neem aan, dat wij thans over deze gewijzigde motie kunnen stemmen.

Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen vooraf.

De heer Leers (CDA):

Voorzitter! Het CDA is het debat over de HSL ingegaan met een beargumenteerde voorkeur voor een tracé over het verbeterde bestaande spoor. Daarmee kan het Groene Hart worden gespaard, wordt de huidige verbinding tussen Amsterdam, Den Haag en Rotterdam versterkt en krijgt Den Haag een volwaardige HSL-aansluiting.

Helaas bleek hiervoor in de Kamer geen meerderheid te bestaan. Wij betreuren dat buitengewoon, omdat dit naar onze vaste overtuiging de beste tracékeuze zou zijn geweest. Ondanks een aantal niet onaanzienlijke bezwaren besloot de fractie van het CDA vervolgens om de voorkeur van de Partij van de Arbeid en D66 te steunen voor de zogenaamde Bosvariant. Deze tracévariant ontziet namelijk ook het Groene Hart, bundelt met bestaande infrastructuur en sluit niet uit dat Den Haag te zijner tijd een HSL-station krijgt.

Als gevolg van een niet uitgesproken machtswoord van het kabinet hebben de Partij van de Arbeid en D66 hun handen evenwel afgetrokken van de eigen Bosmotie. Hierdoor is de bereikte tweederde Kamermeerderheid weer komen te vervallen.

Wij hebben daaruit de ultieme politieke consequentie getrokken en de teruggetrokken motie van de Partij van de Arbeid en D66 opnieuw ingediend. Mocht deze motie geen meerderheid krijgen, wat te verwachten is, dan voelen wij ons vrij, zoals ik in het debat heb aangekondigd, om terug te vallen op onze eerste voorkeur, namelijk de verbeterde bestaande lijn. In dat geval zullen wij de motie van de heer Van den Berg op stuk nr. 49 steunen.

Het is evenwel te verwachten dat ook die motie het niet zal halen. Vanwege het feit dat de dan nog overblijvende variant het Groene Hart doorsnijdt, verstedelijking uitlokt en Den Haag links laat liggen, zullen wij die variant niet steunen. Dan zal de fractie van het CDA tegen de PKB stemmen.

Mevrouw Aiking-van Wageningen (groep-Nijpels):

Voorzitter! Ik heb mijn motie op stuk nr. 45 ingetrokken onder de overweging dat de motie op stuk nr. 63, die gaat over het tracé Develgebied en Hoekse Waard, uitvoerig is gemotiveerd en mag rekenen op brede steun. De door mij voorgestelde medeondertekening van de motie op stuk nr. 40 werd om mij onbekende redenen door collega Versnel ongewenst geacht. Desondanks zullen wij de motie op stuk nr. 40 steunen.

Onze fractie heeft haar voorkeur uitgesproken voor de RPF-variant.

De voorzitter:

Waarde collega's. Het lijkt mij beter als wij stil zijn als een van de collega's aan het woord is. Dat geldt temeer als de collega in kwestie wordt gehinderd door geroezemoes.

Mevrouw Aiking-van Wageningen (groep-Nijpels):

Dank u, voorzitter!

Onze fractie heeft haar voorkeur uitgesproken voor de RPF-variant. Wij blijven van mening dat deze variant uit een oogpunt van natuur- en landschapsbehoud verre te verkiezen is boven het in onze ogen ruwe en botte A1-tracé. Bovendien houdt de RPF-variant aanzienlijk beter rekening met het welzijn en de belangen van de betrokken bewoners. Nu echter de Tweede Kamer zich in meerderheid heeft uitgesproken voor het in feite reeds geruime tijd voor het Tweede-Kamerdebat onwrikbaar door het kabinet vastgelegde tracé, meent onze fractie zich, hoewel met tegenzin, te moeten neerleggen bij deze voldongen feiten. Als gevolg daarvan zal onze fractie alle moties die betrekking hebben op de verbetering van het gekozen tracé ondersteunen met terzijdelegging van de door de feiten achterhaalde moties. Dit betekent uiteraard niet dat wij niet welwillend staan tegenover deze moties. Ons stemgedrag zal dus in het teken staan van redden wat er te redden valt.

De heer Van Heemst (PvdA):

Voorzitter! Ik wil een stemverklaring afleggen bij een viertal moties. Er zijn enkele moties ingediend die beogen de positie van Den Haag in relatie tot het HSL-besluit zo goed mogelijk te waarborgen. Wij zullen dan ook stemmen voor de motie-Schutte die daaraan een bijdrage kan leveren en voor de motie-Leers op stuk nr. 56. Samen vullen zij goed de gewijzigde motie-Verbugt/Van Heemst op stuk nr. 60 aan.

Wij zullen voorts stemmen voor de motie op stuk nr. 65 van de heren Stellingwerf en Leers over de herverkaveling in de Haarlemmermeer. Ook wij vinden dat die inspanning het minste is wat gedaan kan worden om de mogelijke knelpunten in de bedrijfsvoering van een aantal agrarische bedrijven zo goed mogelijk weg te werken. Wij hebben begrepen dat de minister van VROM bereid is die inspanning te leveren.

Op de laatste plaats zullen wij stemmen voor de gewijzigde motie-Stellingwerf c.s., oorspronkelijke stuk nr. 66, over de versterking van de groene functies in het Groene Hart. Wij beschouwen die motie als een belangrijke aansporing om de komende maanden te komen tot een extra impuls om de functies natuur, recreatie en agrarische bedrijfsvoering in het Groene Hart te beschermen.

Mevrouw Versnel-Schmitz (D66):

Voorzitter! Voor de fractie van D66 is het belangrijkste dat de HSL er komt: juist vanwege het milieu moet er een aantrekkelijke trein komen in plaats van vliegtuig of auto. Door uiteindelijk te kiezen voor het A1-tracé met ondertunneling onder het Groene Hart, is Den Haag enigszins in de schaduw terechtgekomen. Dat is dan ook de reden waarom de D66-fractie voor alle moties zal stemmen die betrekking hebben op de positie van Den Haag als HST-station met een HST-omgeving en op een aanzienlijke verbetering van de verbinding tussen Den Haag HS en Den Haag CS. Dat betreft de gewijzigde motie-Verbugt c.s. op stuk nr. 60.

Voorts achten wij het met de heer Leers en met de motie op stuk nr. 56 van belang dat de frequentie van de treinen die Den Haag aandoen, ten minste gelijk blijft, dat de oude lijn onderdeel blijft van het hoofdnet van de spoorweginfrastructuur en dat het investeringsniveau daarop blijft afgestemd.

Met betrekking tot Den Haag steunen wij tot slot de motie van de heer Schutte op stuk nr. 50 tot wijziging van de PKB, waardoor er zekerheid komt voor de rechtstreekse hogesnelheidsverbindingen van Den Haag met het hogesnelheidsnet in binnen- en buitenland.

Mijnheer de voorzitter! Bij de behandeling van de begroting van het ministerie van VROM heeft de fractie van D66 al duidelijk aangegeven dat groene investeringen in het Groene Hart dringend noodzakelijk zijn. Dit hebben wij toen gedaan met het oog op de Kaderbrief van voorjaar 1997. De gewijzigde motie-Stellingwerf c.s., oorspronkelijk stuk nr. 66, richt zich met ditzelfde doel op ICES. Wij steunen deze toevoeging van een financieringsbron.

Tot slot: wij zullen de motie van de heren Stellingwerf en Leers over de herverkaveling van de Haarlemmermeer steunen. De fractie van D66 heeft overigens op een andere manier, namelijk door meer toepassing van paalconstructies, aangegeven dat de schuine doorsnijding in de Haarlemmermeer zo praktisch mogelijk moet worden opgelost.

Mevrouw Verbugt (VVD):

Voorzitter! De VVD-fractie is het debat over de HSL uitgekomen zoals zij het debat is ingegaan. Wij hebben een recht spoor gevolgd. Dat vraagt derhalve weinig toelichting.

Ik wil een stemverklaring afleggen ten aanzien van vier moties. Wij zullen tegen de motie-Versnel-Schmitz/Van Heemst op stuk nr. 44 stemmen, omdat in deze motie een verzoek tot een volgend kabinet wordt gericht. De motie loopt daarmee op de dingen vooruit.

Wij zullen tegen de motie op stuk nr. 58 van de leden Leers en Stellingwerf stemmen, niet omdat wij de aangedragen oplossing bij voorbaat afwijzen, maar omdat over de inpassing in de Hoekse Waard nog een onderzoek loopt. Uit dit onderzoek moet nog blijken of deze oplossing de beste is of dat een andere oplossing misschien beter zal zijn.

Wij zullen voor de gewijzigde motie op stuk nr. 63 van de leden Versnel-Schmitz en Van Heemst stemmen. Wij geven er de voorkeur aan dat de regering in het toegezegde onderzoek een bredere bandbreedte aanhoudt dan de FWB2-variant waarnaar de motie verwijst.

Tot slot: wij zullen tegen de gewijzigde motie-Stellingwerf c.s., oorspronkelijk stuk nr. 66, stemmen, omdat wij op de toekomstige positie van het Groene Hart in een breder verband apart terugkomen in het notaoverleg van 10 maart a.s.

Verder zullen wij voor de PKB stemmen.

Mevrouw Vos (GroenLinks):

Voorzitter! Ik wil eerst een stemverklaring afleggen over de motie op stuk nr. 56 van de heer Leers. Op zich delen wij de intentie van de motie, namelijk het behoud van voorzieningen op het bestaande spoor. Wij hebben alleen een probleem met het dictum, dat vraagt dat de frequentie van alle treinsoorten hetzelfde blijft. Dat lijkt ons wat te strikt. Dat betekent dat wij toch tegen deze motie zullen stemmen.

Verder zou mijn fractie vanavond overigens zeer graag voor de aanleg van de HSL stemmen. Wij hebben als eerste voorkeur gepleit voor een HSL langs het bestaande spoor, maar ook de gebundelde variant, langs de snelwegen, leek ons een redelijke oplossing. Er was ook een Kamermeerderheid voor deze motie, maar de fracties van de PvdA en D66 zijn helaas onder druk van het kabinet toch door de bocht gegaan. Dat spijt ons en dat betekent dat wij vanavond zeer waarschijnlijk tegen de aanleg van een hogesnelheidslijn zullen moeten stemmen, omdat wij de wijze waarop deze nu wordt aangelegd, door en onder het Groene Hart, niet voor onze rekening willen nemen. Bovendien vinden wij het feit dat deze HSL ten koste zou gaan van andere railinfrastructuurprojecten niet acceptabel en vinden wij ook het flankerend beleid en de intenties die het beleid daarover heeft neergelegd, met name ten aanzien van het afremmen van het vliegverkeer, onvoldoende. Kortom, zeer waarschijnlijk zullen wij vanavond een stem uitbrengen tegen de aanleg van de hogesnelheidslijn.

De voorzitter:

Dit leek iets op een pseudo-vierde termijn van de kant van de Kamer. Wij moeten wat dat betreft bij stemverklaringen een tandje meer terughoudendheid betrachten.

De volgorde van de stemmingslijst is aangepast aan de verstrekkendheid van de ingediende moties. Ik neem aan, dat tegen deze volgorde geen bezwaar bestaat.

In stemming komt de motie-Poppe (22026, nr. 67).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van de SP en de groep-Nijpels voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Stellingwerf (22026, nr. 46).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van de RPF, GroenLinks, de SP, het CDA, de groep-Nijpels, het AOV en de CD voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Stellingwerf (22026, nr. 47).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van de RPF, het CDA, de groep-Nijpels, het AOV en de CD voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Leers (22026, nr. 68).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, de groep-Nijpels, het AOV, de CD, de RPF, GroenLinks en de SP voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Van den Berg (22026, nr. 49).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van de SGP, de RPF, GroenLinks, de SP, het CDA, de groep-Nijpels, het AOV en de CD voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Leers/Stellingwerf (22026, nr. 55).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, de groep-Nijpels, het AOV, de CD, de RPF, de SGP, GroenLinks en de SP voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de gewijzigde motie-M.B. Vos (22026, nr. 59).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van GroenLinks, de SP, de RPF, de SGP, het GPV, de groep-Nijpels en het AOV voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Versnel-Schmitz/Van Heemst (22026, nr. 44).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van D66, de PvdA, GroenLinks, de SP, het GPV, de SGP, de RPF, het CDA, de groep-Nijpels en het AOV voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Leers (22026, nr. 28).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, de groep-Nijpels, het AOV, de CD, het GPV, de SGP, de RPF, GroenLinks en de SP voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Verbugt c.s. (22026, nr. 61).

De voorzitter:

Ik constateer, dat deze gewijzigde motie met algemene stemmen is aangenomen.

In stemming komt de motie-Leers (22026, nr. 30).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, de groep-Nijpels, het AOV, de CD, het GPV, de SGP, de RPF, GroenLinks en de SP voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Leers (22026, nr. 29).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, de groep-Nijpels, het AOV, de CD, de SGP, de RPF, GroenLinks en de SP voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Leers (22026, nr. 27).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, de groep-Nijpels, het AOV, de CD, het GPV, de SGP, de RPF, GroenLinks en de SP voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Versnel-Schmitz/Van Heemst (22026, nr. 63).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fractie van de CD tegen deze gewijzigde motie hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Leers/Stellingwerf (22026, nr. 58).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, de groep-Nijpels, het AOV, de CD, het GPV, de SGP, de RPF en de SP voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Leers/Stellingwerf (22026, nr. 57).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, de groep-Nijpels, het AOV, het GPV, de SGP, de RPF en de SP voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Verbugt c.s. (22026, nr. 62).

De voorzitter:

Ik constateer, dat deze motie met algemene stemmen is aangenomen.

In stemming komt de motie-Stellingwerf/Leers (22026, nr. 64).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van de RPF, de SGP, GroenLinks, de SP, het CDA, de groep-Nijpels, het AOV en de CD voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Stellingwerf/Leers (22026, nr. 65).

De voorzitter:

Ik constateer, dat deze motie met algemene stemmen is aangenomen.

In stemming komt de motie-Stellingwerf (22026, nr. 48).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van de RPF, de SGP, het GPV, GroenLinks, de SP, het CDA, de groep-Nijpels en het AOV voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Leers (22026, nr. 31).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van het CDA, de groep-Nijpels, het AOV, de CD, het GPV, de SGP, de RPF, GroenLinks en de SP voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Versnel-Schmitz c.s. (22026, nr. 43).

De voorzitter:

Ik constateer, dat deze motie met algemene stemmen is aangenomen.

In stemming komt de motie-Leers (22026, nr. 56).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fractie van GroenLinks tegen deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Schutte (22026, nr. 50).

De voorzitter:

Ik constateer, dat deze motie met algemene stemmen is aangenomen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Verbugt/Van Heemst (22026, nr. 60).

De voorzitter:

Ik constateer, dat deze gewijzigde motie met algemene stemmen is aangenomen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Stellingwerf c.s. (22026, nr. 71).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fractie van de VVD tegen deze gewijzigde motie hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Verbugt (22026, nr. 39).

De voorzitter:

Ik constateer, dat deze motie met algemene stemmen is aangenomen.

In stemming komt de motie-Versnel-Schmitz c.s. (22026, nr. 41).

De voorzitter:

Ik constateer, dat deze motie met algemene stemmen is aangenomen.

In stemming komt de motie-M.B. Vos (22026, nr. 33).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van GroenLinks, de SP, het GPV, de SGP, de RPF en de groep-Nijpels voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

In stemming komt de motie-Poppe (22026, nr. 51).

De voorzitter:

Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van de SP en de groep-Nijpels voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.