10 Stemmingen Investeringsfonds scholenbouw

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij het notaoverleg over de initiatiefnota "Investeringsfonds scholenbouw",

te weten:

  • - de motie-Beertema over het huisvestingsbudget (32764, nr. 4);

  • - de motie-Jadnanansing over een investeringsfonds (32764, nr. 5);

  • - de motie-Van der Ham/Smits over renovatie (32764, nr. 6).

(Zie notaoverleg van 14 november 2011.)

De voorzitter:

De motie-Beertema (32764, nr. 4) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat scholen in Nederland in staat gesteld moeten worden om alle middelen die beschikbaar zijn ook daadwerkelijk in te zetten;

constaterende dat dit ten aanzien van de huisvestingsmiddelen niet voldoende gebeurt, getuige het feit dat gemeenten jaarlijks honderden miljoenen euro's voor onderwijshuisvesting uit het Gemeentefonds onbenut laten of voor andere doelen inzetten;

verzoekt de regering om het onderwijshuisvestingsbudget van scholen rechtstreeks en geoormerkt beschikbaar te stellen aan de schoolbesturen die dat willen en die de competenties hebben om die middelen adequaat te beheren, net zoals dat gebeurt met de middelen voor buitenonderhoud,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 7 (32764).

De motie-Jadnanansing (32764, nr. 5) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Kamer niet alleen een groot belang hecht aan kwalitatief goed onderwijs maar ook aan veilige en goed functionerende schoolgebouwen;

constaterende dat de bouw van dergelijke geschikte schoolgebouwen in Nederland, binnen de gemeentelijke verantwoordelijkheden, moeizaam tot stand komt door achterblijvende financiering;

stelt vast dat de minister in haar beleidsreactie op de Initiatiefnota investeringsfonds scholenbouw heeft aangegeven dat de gedachte van de initiatiefnemer voor een investeringsfonds meerwaarde zou kunnen bieden voor scholenbouw en ook kansrijk zou kunnen zijn;

overwegende dat het van belang is dat er voortgang blijft op het betrekken van partijen voor de totstandkoming van een dergelijk investeringsfonds voor scholenbouw;

verzoekt de regering om na afronding van het kwartier maken geïnteresseerde pensioenfondsen, scholen en gemeenten bij elkaar te brengen en zo te bevorderen dat zij een investeringsfonds scholenbouw op gaan richten;

verzoekt de regering voorts om de Kamer over de verdere voortgang te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 8 (32764).

Ik stel vast dat wij nu over de gewijzigde moties kunnen stemmen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Beertema (32764, nr. 7).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van D66, de VVD, de SGP, de ChristenUnie, het CDA en de PVV voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Jadnanansing (32764, nr. 8).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de PvdD, de PvdA, D66, de VVD, de SGP, de ChristenUnie en het CDA voor deze gewijzigde motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-Van der Ham/Smits (32764, nr. 6).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdD, de PvdA, GroenLinks, D66, de SGP en de ChristenUnie voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.

Naar boven