Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2020-2021nr. 59, item 5

5 Stand van zaken voorbereiding Tweede Kamerverkiezing

Aan de orde is het VSO Stand van zaken voorbereiding Tweede Kamerverkiezing (35165, nr. 30).

De voorzitter:

Dan is nu aan de orde het VSO Stand van zaken voorbereiding Tweede Kamerverkiezing (35165, nr. 30). Ik heet natuurlijk alle woordvoerders van harte welkom en in het bijzonder de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Ik geef mevrouw Özütok namens GroenLinks het woord. Zij is de eerste spreker. Goedemorgen! We hebben eigenlijk al een halve dag achter de rug hè, vanwege de commissie.

Mevrouw Özütok (GroenLinks):

Ja. Dank u wel, voorzitter. Over drie weken zijn de verkiezingen. De verkiezingen vinden in een bijzondere tijd plaats. Voor de democratie is het van groot belang dat iedereen die dat wil, gaat stemmen. De minister heeft gelukkig samen met gemeenten veel maatregelen genomen om het stemmen veilig te laten verlopen, maar er is één groep mensen met een kwetsbare gezondheid die helaas niet per brief kan stemmen, omdat zij jonger dan 70 jaar zijn. GroenLinks heeft veel signalen ontvangen van mensen die zich zorgen maken over hun gezondheid. Wij vinden dat deze mensen zo veel mogelijk gefaciliteerd moeten worden om hun stem coronaproof te kunnen uitbrengen. Daarom de volgende motie.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat mensen met een kwetsbare gezondheid die jonger zijn dan 70 jaar niet per brief kunnen stemmen;

overwegende dat een deel van deze mensen zich grote zorgen maken over de vraag of zij wel op een veilige manier kunnen stemmen;

van mening dat het kiesrecht een grondrecht is dat door iedere kiesgerechtigde persoon die dat wil op een veilige manier uitgeoefend moet kunnen worden;

verzoekt de regering om samen met gemeenten en belangenorganisaties ervoor te zorgen dat iedereen veilig een stem kan uitbrengen door bijvoorbeeld buitenstemlocaties aan te moedigen, alle stembureauleden goed te informeren over hoe zij personen met een kwetsbare gezondheid zo goed mogelijk kunnen helpen bij het veilig uitbrengen van hun stem en de informatie over coronaproof stemmen op een zichtbare wijze via toegankelijke informatiekanalen te verspreiden,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Özütok. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 33 (35165).

De voorzitter:

Dank u wel, mevrouw Özütok. Dan geef ik nu het woord aan de heer Van Otterloo namens 50PLUS.

De heer Van Otterloo (50PLUS):

Dank u wel, voorzitter. Er is een brief van de minister gekomen naar aanleiding van een vraag van mij om een debat te houden. Bij de brief hebben we een aantal vragen gesteld, waarop we helaas geen antwoorden hebben gekregen omdat nog steeds niet duidelijk wordt wat nou de maatstaven zijn om te bepalen of het wel of niet doorgaat. Het lijkt heel sterk op: kop naar beneden, verstand op nul en gaan met de banaan. Dat kan niet met verkiezingen, want de verkiezingen zijn — althans voor mij als democraat — een heilig goed dat je moet koesteren en in zo optimaal mogelijke omstandigheden moet doen.

Ik werd vanochtend verblijd met de stempas, omdat ik 70-plus ben. Maar ik dacht wel: het is voor de meeste mensen die niet zo digitaal vaardig zijn straks nog wel een hele klus om eruit te komen. De pas die ik heb gekregen, moet ik bewaren voor als er straks een nieuwe pas komt. De gemeente Den Haag vindt dat ik op de site moet kijken waar ik op maandag en dinsdag moet gaan stemmen en neemt niet de moeite om dat op een andere manier duidelijk te maken. Volgens mij schort er dus nog het nodige aan.

Ik las vanochtend in de Volkskrant het verhaal van de bestuurder van PostNL, die zich erover verbaasde dat Kamerleden nog niet langsgekomen waren. Ik heb in het vorige debat de nodige kritiek geuit op en twijfels over de wijze waarop PostNL ermee omgaat. Ik had een uitnodiging ontvangen en ga graag in op de uitnodiging die mij via de Volkskrant heeft bereikt vanuit PostNL, omdat ik de vorige keer de grote problemen voorzag met de reguliere postbestelling.

Dat leidt nu tot de volgende motie.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende de dreigende derde golf in de coronapandemie;

overwegende dat de regeringsmaatregelen erop gericht zijn zo veel mogelijk samenkomsten en vervoersbewegingen te beperken;

overwegende het feit dat bij landelijke verkiezingen zeer veel mensen op zeer veel plekken samenkomen, en er ondanks alle voorzorgsmaatregelen risico's bestaan van verspreiding van het virus;

verzoekt de regering nader te expliciteren welke criteria er gelden voor het al dan niet laten doorgaan van de verkiezingen, bijvoorbeeld voor wat betreft het aantal besmettingen en het beroep op zorg;

verzoekt voorts te expliciteren welke nevenschade de regering acceptabel acht qua gezondheidsgevolgen en mogelijk lagere opkomst,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Otterloo. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 34 (35165).

Dank u wel. De volgende keer ... Volgens mij is het de laatste keer. Nou ja, dank u wel.

De heer Van Otterloo (50PLUS):

Wat moet ik de volgende keer doen?

De voorzitter:

Gewoon binnen de spreektijd blijven. Dat wist u toch wel, meneer Van Otterloo? Dan moet u het niet op een andere manier proberen. Maar goed. U kunt ook gewoon beginnen met de motie, want dat is wat u wilde.

Dan nu de heer Snoeren namens de VVD. Daarna krijgt u het woord, meneer Öztürk.

De heer Snoeren (VVD):

Voorzitter, dank u wel. Toen ik hier begon als Kamerlid, betrof mijn eerste onderwerp deze verkiezingen. Nu sluit ik deze Kamerperiode daar ook weer mee af.

Ik heb geen motie, maar ik heb nog wel een aantal vragen aan de minister. Ik wil de minister ten eerste bedanken voor de antwoorden op de door ons gestelde vragen. Er is heel veel werk verzet. We proberen in deze bijzondere tijd de verkiezingen zo goed mogelijk veilig te laten verlopen. We hebben dat geregeld via verschillende wetten en het is mooi dat mijn motie en de evaluatie van de herindeling bruikbare informatie hebben opgeleverd.

Mijn fractie is nog wel benieuwd wanneer we de volgende schriftelijke inbreng kunnen ontvangen, met name over de voorbereidingen bij de gemeentes. Lopen zij nog tegen problemen aan? Misschien kan de minister daar even op ingaan.

Het CBS heeft een statistische berekening gemaakt op basis van een hackscenario waarin de optelsoftware van alle 355 gemeentes is gehackt. De uitkomst is dat dit onwaarschijnlijk is, zeker als we ook nog die controle doen bij die drie grote partijen. Dan zal zoiets snel aan het licht komen. In onze inbreng hebben wij ook gevraagd of er rekening is gehouden met een aanval op een of twee grote gemeentes, iets wat mogelijk minder goed en minder snel aan het licht komt. Op die vraag is eigenlijk niet ingegaan in de schriftelijke inbreng. Ik vraag de minister, daar toch nog nader op in te gaan. Zo'n hack kan immers ook al een grote impact hebben op de uitslag.

Daar wil ik het bij laten, voorzitter.

De voorzitter:

Dank u wel, meneer Snoeren. Dan geef ik tot slot het woord aan de heer Öztürk namens DENK. Gaat uw gang.

De heer Öztürk (DENK):

Voorzitter. Het worden bijzondere verkiezingen. Het kabinet-Rutte paait de kiezers door de maatregelen te verzachten. Heel veel burgers zeggen gewoon: na de verkiezingen zullen ze keihard terugkomen met keiharde maatregelen, met keiharde bezuinigingen. Er is heel veel wantrouwen jegens het kabinet. 5% zegt niet te gaan stemmen. Er is een groep mensen die bang zijn om te gaan stemmen vanwege mogelijke besmetting. Heeft de minister er alles aan gedaan om iedereen ervan te overtuigen om toch naar de stembus te gaan?

Verkiezingen zijn heel belangrijk. De toekomst van Nederland wordt mede door de verkiezingen bepaald. Het is een grondrecht. Iedere burger moet in alle vrijheid kunnen stemmen. 70-plussers mogen voor het eerst in de geschiedenis van Nederland per brief stemmen. Er is een experiment geweest, naar ik heb begrepen in Den Haag. Dat is niet goed gegaan. Welke maatregelen heeft de minister allemaal genomen om te zorgen dat alle 70-plussers, 2,4 miljoen mensen, toch op een goede manier kunnen stemmen en dat er weinig fouten worden gemaakt?

Wij maken ons er zorgen over dat door die papiermolen heel veel mensen hun stemrecht niet goed kunnen gebruiken en dat dat uiteindelijk effect zal hebben op de verkiezingsuitslag. Dat zou zonde zijn, dat zou niet mogen gebeuren.

Als je met je stembrief naar de brievenbus gaat, wat gebeurt er dan met je stem?

De voorzitter:

Heeft u moties?

De heer Öztürk (DENK):

Nee. Ik rond af. Ik dacht: wanneer komt ze?

De voorzitter:

Nou, nu dus. Ik wilde voorkomen dat u met uw spreektijd in de knel komt. Ik wilde u helpen.

De heer Öztürk (DENK):

Dank u wel.

De voorzitter:

Dat had u niet verwacht.

De heer Öztürk (DENK):

Dank u wel. Het is ook een van uw taken, voorzitter.

Het gaat erom dat 2,4 miljoen mensen niet echt weten wat er met hun stem gebeurt. Ik wil nogmaals de minister vragen om dat heel goed inzichtelijk te maken.

Dank u wel.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan kijk ik even naar de minister. Ik zie dat zij gelijk kan reageren en geef haar het woord.

Minister Ollongren:

Dank, voorzitter. Ik ga graag in op de vragen en opmerkingen. We hebben hier al vaak en geruime tijd met elkaar over gesproken. Bijna aan de vooravond van de verkiezingen, nota bene in het verkiezingsreces, zien we dat het goed is dat wij dit zorgvuldige proces als wetgever samen hebben doorlopen, zodat wij deze bijzondere verkiezingen in deze bijzondere tijd toch op een verantwoorde wijze kunnen laten doorgaan. Het is natuurlijk echt een heel groot goed in onze democratische rechtsstaat dat er vrije verkiezingen worden gehouden. Wij faciliteren die verkiezingen, maar die verkiezingen zijn natuurlijk niet van ons. Ze zijn er in de eerste plaats voor de meer dan 13 miljoen kiesgerechtigde Nederlanders, die er gewoon recht op hebben om zich uit te spreken.

Voorzitter, dan de vragen. Eerst de vraag van mevrouw Özütok over de kwetsbare mensen onder de 70. Zij vraagt terecht aandacht voor die groep. Net als zij vind ik het belangrijk dat ook die kwetsbare kiezers de stembus weten te vinden en dat zij bekend zijn met de speciale maatregelen die we voor hen hebben getroffen. Ik heb heel uitvoerig gesproken met de organisatie Ieder(in), die de belangen behartigt van mensen met een kwetsbaarheid, een chronische ziekte of wat dan ook. Samen met de organisatie heb ik gezegd: voor iedereen toegankelijke verkiezingen zijn cruciaal. We hebben deze kiezers ook echt in het vizier. We besteden nu en we zullen ook in de publiekscampagne die nog loopt nadrukkelijk aandacht besteden aan de mogelijkheden die er voor hen zijn.

Dat zijn er dus drie. Ten eerste het vervroegd stemmen op 15 en 16 maart in de speciaal daartoe opengestelde stemlokalen. We roepen iedereen in de doelgroep van mensen die extra kwetsbaar zijn voor het coronavirus, op om juist op maandag of dinsdag te gaan stemmen. Tegelijk roepen we alle andere mensen op om vooral gewoon op woensdag te gaan stemmen, zodat die stemlokalen op die dag rustig zijn en dat we vooral de ruimte geven aan de kwetsbare kiezers. Dat is ook een vorm van solidariteit die we samen kunnen betrachten om het voor deze groep mogelijk te maken om gewoon zelf naar het stembureau te gaan. De organisatie Ieder(in) zegt dat, maar ik ben me er zelf ook van bewust dat er mensen zijn die eigenlijk al sinds het uitbreken van het coronavirus zichzelf in zelfisolatie hebben geplaatst en die het huis niet meer uit komen. Voor niks, hè! Dat is natuurlijk onvoorstelbaar naar voor deze mensen, maar die hebben een kwetsbaarheid waar ze zich om medische redenen zo grote zorgen om maken dat ze dat niet doen. Voor die groep bestaat dan de mogelijkheid om iemand te machtigen. Daarvoor hebben we samen besloten om eenmalig het aantal machtigingen te verhogen van twee naar drie. Ik denk dus dat we er alles aan doen.

We hebben natuurlijk ook andere organisaties, het Longfonds, Diabetesvereniging Nederland, de ouderenbond. Die hebben onderzoek gedaan in de achterbannen van hun organisaties en daaruit blijkt gelukkig dat verreweg de meeste mensen heel erg gemotiveerd zijn om wel hun stem uit te brengen. De stemintentie is er, zij het misschien net iets lager dan bij de gewone groep.

Sorry, voorzitter, dat ik het zo lang maak, maar ik vind het een heel belangrijk punt. Maar ik kom nu op de motie van mevrouw Özütok op stuk nr. 33. Die komt er, denk ik, op neer dat we vooral heel erg goed moeten communiceren en mensen heel goed moeten informeren. De stembureauleden worden geïnformeerd via de instructie. Gaan we de informatie verder verspreiden? Ja. Dat doen we dus op allerlei manieren, ook via die belangenorganisaties. Om die reden wil ik deze motie graag oordeel Kamer geven.

Dan kom ik bij de heer Van Otterloo. Hij zei één ding dat ik echt even moet corrigeren. Hij suggereerde namelijk dat wij met z'n allen, iedereen die graag die verkiezingen wil hebben op 15, 16 en 17 maart, het verstand op nul hebben gezet en gewoon doorgaan. Nou, de heer Van Otterloo weet heel goed dat dat niet het geval is. Dat is bij mij niet het geval, dat is niet het geval bij het ministerie van BZK, dat is niet het geval bij de gemeenten en dat is zeker ook niet het geval bij alle stembureauleden die straks aan het werk zullen zijn. Met andere woorden, er is een hele grote groep mensen op een heel verantwoorde manier bezig om de verkiezingen te organiseren. Daar neem ik dus echt afstand van.

De heer Van Otterloo refereerde aan de helderheid van de instructie en de communicatie. Misschien is het goed om op dat punt even te markeren dat de mensen die mogen briefstemmen, dus de mensen van 70 jaar en ouder, op geen enkele manier afhankelijk zijn van digitale uitleg. Zij kunnen gewoon op basis van hetgeen ze in de brievenbus aantreffen en op basis van het telefoonnummer dat op die brief staat, zonder enige vorm van digitale uitleg voldoende geïnstrueerd worden over hoe ze die briefstem moeten uitbrengen. Dat vind ik wel belangrijk, omdat we allemaal weten dat deze groep niet helemaal digitaal vaardig is. Voor uw informatie zeg ik toch ook maar dat het erop lijkt dat zo'n 30% van deze groep inderdaad die briefstem wil gaan gebruiken. Dat betekent dus dat een groot deel van deze 70-plussers er de voorkeur aan zou geven om toch naar het stemlokaal te gaan, wat natuurlijk ook gewoon hun goed recht is.

Wat de heer Van Otterloo wel of niet met PostNL wil, kunnen we via de Volkskrant en deze Kamer met elkaar communiceren, maar ik neem aan dat dat ook gewoon gefaciliteerd wordt en dat het aanbod nog staat.

De tweede motie is de motie van de heer Van Otterloo op stuk nr. 34. Hier hebben we al echt vaak over gesproken. Ik heb steeds gezegd: we hebben niet afgesproken dat we voor het doorgaan van de verkiezingen kijken naar een x-aantal besmettingen of een x-aantal ic-opnames. We organiseren de verkiezingen veilig. Dat is ons uitgangspunt. Veilige verkiezingen, zodat iedereen zijn of haar stem kan uitbrengen. Dat is het criterium. Om die reden ontraad ik de motie, voorzitter.

De voorzitter:

Een korte vraag, meneer Van Otterloo.

De heer Van Otterloo (50PLUS):

De opmerking "kop naar beneden en verstand op nul" gold voor het door laten gaan en de beslissing om niet een moment in te lassen waarop er wordt gekeken naar de betekenis van het stijgende aantal besmettingen.

De minister maakte de opmerking dat het niet via internet gaat, maar ik zie vanochtend op die stempas staan dat ik op het internet van de gemeente Den Haag moet kijken om te zien welke bureaus vroeger, op maandag en dinsdag, open zijn.

Minister Ollongren:

Ja, maar uitleg ging over het briefstemmen. Dat heb ik ook expliciet gezegd. Als 70-plussers willen briefstemmen, dan hoeven zij niet op welke site dan ook te kijken hoe dat moet. De heer Van Otterloo had het inderdaad ook over hoe hij kan weten welke stemlocaties in zijn gemeente open zijn op 15 en 16 maart. Dat is per gemeente verschillend. Maar ik heb gisteren nog een overleg gehad met de VNG en het Nederlands Genootschap van Burgemeesters. Heel veel of eigenlijk alle gemeenten zorgen ook bijvoorbeeld via huis-aan-huisbladen voor maximale communicatie hierover. Het zal dus zelden de enige manier zijn.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan zijn wij … Ja?

Minister Ollongren:

Voorzitter, ik moet nog even afronden. Er zijn veel vragen gesteld.

De voorzitter:

Dat is waar.

Minister Ollongren:

Dan ga ik naar de heer Snoeren van de VVD. Hij vond dat ik onvoldoende was ingegaan op de kwestie rond de optelsoftware en wat voor problemen daarmee zouden kunnen ontstaan, bijvoorbeeld als er bij een of twee gemeenten problemen zijn. Dat is echt een punt voor de Kiesraad. De Kiesraad stelt de uitslag vast. De Kiesraad zorgt er ook voor dat op de juiste wijze hiermee wordt gewerkt en dat het veilig is. De Kiesraad stuurt een controleprotocol naar de gemeenten toe en neemt er ook van tevoren de verantwoordelijkheid voor dat dit op een veilige manier zal gebeuren. Zo zit dat in elkaar.

Dan kom ik bij DENK. Volgens mij was de kern van de vraag of wij voldoende doen om ervoor te zorgen dat mensen ook echt gaan stemmen. Dat blijven we natuurlijk doen tot de verkiezingen. De campagne Elke stem telt loopt gewoon door. Misschien heeft u er al wat uitingen van gezien, met het grote rode potlood. Daar gaan we gewoon mee door. We doen dat gericht op doelgroepen, leeftijdsdoelgroepen, de doelgroepen waar mevrouw Özütok het over had, kwetsbaren, jongeren: iedereen krijgt daarin zijn eigen behandeling, zou ik bijna zeggen. Dus ja, daar gaan we mee door om iedereen te overtuigen om gewoon te gaan stemmen en ook om uit te leggen dat het veilig is om te gaan stemmen. Dat is heel belangrijk.

Over het experimentje in Den Haag heb ik ook Kamervragen beantwoord. De allerbelangrijkste les uit alle eigen onderzoeken die we hebben gedaan, is dat we kiezers echt moeten uitnodigen om nadrukkelijk even te lezen hoe het moet. De meest gemaakte fout was namelijk dat mensen iets te snel dachten: ik heb het goed gedaan. Overigens leidt dat zelden tot het niet-goedkeuren of niet-meetellen van een stem. Maar het is wel belangrijk dat zowel de stempas als het stembiljet worden opgestuurd, net zoals wanneer je naar het stembureau gaat: je levert je stempas in, daar krijg je je stembiljet voor terug en dat doe je weer in de bus. Dat is hetzelfde.

Voorzitter. Volgens mij was dat wat nog gevraagd werd.

De voorzitter:

Dank u wel. Een korte vraag van de heer Snoeren.

De heer Snoeren (VVD):

Ik heb nog geen antwoord gehad op de vraag over gemeentes en de voorbereidingen, wanneer we een update kunnen krijgen.

Minister Ollongren:

O, sorry. Die vraag ben ik vergeten. Ik had de Kamer beloofd eind februari, maar dat is zondag. Ik ga u niet op zondag een brief sturen, maar wel begin volgende week. Dan krijgt u een update en daar staat ook in wat de stand van zaken is bij de gemeenten. Die brief komt er dus aan.

De voorzitter:

Ook een korte vraag van de heer Özütok. Nee, niet de heer Özütok natuurlijk: de heer Öztürk.

De heer Öztürk (DENK):

U wordt ook een dagje ouder, voorzitter.

De voorzitter:

Nou, gelukkig maar, toch?

De heer Öztürk (DENK):

Bij het briefstemmen zijn er ook mensen die vergeten te tekenen. Ze denken: de stem is toch door mij opgestuurd. Wordt zo'n stem dan ongeldig verklaard? Heeft u daar al een uitspraak over gedaan?

Minister Ollongren:

Ja. Daar hebben we het ook in het debat over gehad, maar het kan zijn dat dat in de Eerste Kamer was. Een niet-getekende stempas leidt níét tot het niet-meetellen. Het verzoek aan iedereen is wel om de stempas wel te tekenen, maar mocht die ongetekend in de envelop zitten, dan geldt de stem toch. Dat is de afspraak en zo staat het ook in de wet.

De voorzitter:

Dank u wel. Daarmee zijn we ook aan eind gekomen van dit VSO.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:

Over de ingediende moties zullen we aan het eind van de middag of begin van de avond stemmen.