10 Raad voor het concurrentievermogen

Aan de orde is het VSO Raad voor het concurrentievermogen d.d. 29 februari 2016. 

De voorzitter:

De spreektijd is twee minuten per fractie, inclusief het indienen van moties. 

Mevrouw Gesthuizen (SP):

Voorzitter. De Europese Commissie bereidt een beslissing voor over de markteconomiestatus van China. Mogelijk wordt dat een status met mitigerende maatregelen, waarbij nog steeds hoge importtarieven opgelegd kunnen worden, in ieder geval hoger dan bij een volledige markteconomiestatus. De vraag is of dit uiteindelijk in de polder zulke sterke maatregelen worden, want het Europees krachtenveld is flink verdeeld. 

China verkoopt volgens Morgan Stanley staal voor bijna 100 dollar per ton onder de kostprijs. Hierdoor daalt de wereldmarktprijs zo ver dat staalproducenten overal ter wereld in de problemen komen. Sancties tegen deze dumping door China helpen de staalproducenten tot nu toe. Die worden binnenkort geëvalueerd door de Europese Commissie. Toch staan in heel Europa duizenden banen in de staalindustrie op de tocht, niet in de laatste plaats in ons eigen IJmuiden, van waaruit afgelopen maandag zo'n 300 mensen naar Brussel gingen om te protesteren. In dat licht dien ik de volgende motie in. 

Motie

De Kamer, 

gehoord de beraadslaging, 

constaterende dat de Europese Commissie momenteel een beslissing voorbereidt om de Volksrepubliek China de markteconomiestatus te verlenen, al dan niet met mitigerende maatregelen; 

voorts constaterende dat de Europese Commissie meerdere malen heeft onderzocht of China voldoet aan vijf criteria die voorwaarde zijn voor het verlenen van deze markteconomiestatus maar dat het land telkens niet aan het grootste deel van deze criteria voldoet; 

van mening dat de markteconomiestatus niet moet worden toegekend aan landen die niet aan deze criteria voldoen omdat dit zal leiden tot een ongelijk speelveld en mogelijk grote nadelen voor niet-Chinese bedrijven tot gevolg zal hebben; 

verzoekt de regering, zich binnen de Raad van Ministers hard te maken voor het weigeren van de markteconomiestatus aan China zolang dit land niet aan de door de Commissie gestelde criteria voldoet, 

en gaat over tot de orde van de dag. 

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Gesthuizen. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. 

Zij krijgt nr. 372 (21501-30). 

De heer Van Veen (VVD):

Voorzitter. Ik wil meteen mijn motie indienen. 

Motie

De Kamer, 

gehoord de beraadslaging, 

constaterende dat de Wereldhandelsorganisatie (WTO) geen criteria kent om een land een markteconomiestatus (MES) te geven; 

constaterende dat er wat China betreft geregeld discussies opspelen omtrent (vermeende) dumping van goederen, zoals van staal; 

overwegende dat de antidumpingwetgeving voor landen met een markteconomiestatus beduidend lichter is dan voor landen die deze status niet hebben; 

verzoekt de regering om het proces over het toekennen van de markteconomiestatus van China proactief en zeer kritisch te volgen en het gelijke speelveld voor industriële sectoren een doorslaggevende plek te geven in de totale afweging; 

verzoekt de regering tevens, de Kamer hier nauwgezet bij te betrekken, 

en gaat over tot de orde van de dag. 

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Veen. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. 

Zij krijgt nr. 373 (21501-30). 

Mevrouw Jacobi (PvdA):

Voorzitter. Dit is de eerste keer dat ik als woordvoerder consumentenmarkt het woord ga voeren. Ik wens de minister en alle collega's alle sterkte. Het lijkt mij een heel mooie portefeuille. Ik neem die over van mijn collega Mei Li Vos. Zij heeft zich jaren ingezet voor goede consumentenbescherming. Voor haar is dit de afronding, voor mij de start. 

Wij hebben een motie over de verschillen die er op dit moment zijn in de consumentenbescherming. 

Motie

De Kamer, 

gehoord de beraadslaging, 

constaterende dat de Europese Commissie een voorstel heeft gedaan voor een richtlijn betreffende online verkopen voor geharmoniseerde consumentenbescherming; 

constaterende dat de regels voor de productconformiteit, die de consument beschermen tegen ondeugdelijke producten, volledig geharmoniseerd zouden moeten worden, waarbij voor alle producten een termijn van twee jaar gaat gelden; 

constaterende dat de regels voor de productconformiteit alleen gelden voor onlineverkoop en andere verkoop of afstand; 

overwegende dat in Nederland een productconformiteit geldt die voor ieder product verschilt, en vaak langer is dan twee jaar; 

van oordeel dat het onwenselijk is als op deze manier de Nederlandse consumentenbescherming wordt teruggebracht; 

van oordeel dat het onwenselijk is als op deze manier verschillende regels gelden voor online- en offlinewinkels; 

roept de regering op, alles in het werk te stellen om de consumentenbescherming in Nederland op ten minste hetzelfde niveau te houden als nu; 

roept de regering op, te bewerkstelligen dat dezelfde regels gehanteerd worden voor zowel online- als offlinewinkels; 

verzoekt de regering, de Kamer te rapporteren over de belangrijke ontwikkelingen in dit dossier, 

en gaat over tot de orde van de dag. 

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Jacobi en Mei Li Vos. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. 

Zij krijgt nr. 374 (21501-30). 

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst. 

Minister Kamp:

Voorzitter. Aan de problematiek die door de woordvoerders aan de orde is gesteld, zitten natuurlijk verschillende kanten. De woordvoerders zullen zich dat ook realiseren. Mevrouw Gesthuizen zegt dat China het staal al 100 dollar onder de kostprijs verkoopt. Als je in Europa regelt dat dat niet meer kan, betekent dat dat Europese bedrijven die staal afnemen, niet meer voor die goedkope prijs in China kunnen kopen. Als Nederlands bedrijf moet je dan dus concurreren met bedrijven elders in de wereld die het staal wel veel goedkoper kunnen inkopen dan jijzelf. Dan word je dus uit de markt gedrukt. We moeten ons realiseren dat dat heel negatieve effecten voor de bedrijven en de werkgelegenheid in Nederland kan hebben. Aan dit soort zaken zitten altijd verschillende kanten. 

De woordvoerders hebben ook gesproken over de markteconomiestatus. Uiterlijk vijftien jaar na het toetreden van China tot de World Trade Organization zou deze status aan China worden toegekend. Dat betekent dat dat op 11 december van dit jaar zou moeten gebeuren. De woordvoerders lieten in hun inbreng al doorschemeren dat er verschillende varianten qua besluitvorming mogelijk zijn. We hebben kunnen vaststellen dat de Commissie heeft aangekondigd eerst een diepgaand impactassessment naar de verschillende opties uit te voeren, teneinde per december aanstaande te reageren op het verzoek van China om de markteconomiestatus te verkrijgen. Er is al een publieke consultatie gestart. Half maart is er een bijeenkomst met alle stakeholders, zodat alle inbreng ook face to face goed kan worden overgebracht. Vervolgens gaat de Commissie dat verder onderzoeken en komt zij na de diepgaande impact assessment met een wetsvoorstel. Er is namelijk een wetsvoorstel nodig om die status aan China toe te kennen; de Europese Unie moet daarover dus een standpunt innemen. Er moet dus nog een volledig wetgevingsproces worden doorlopen. 

Kortom: er moet nog een heleboel gebeuren voordat het zover is. Ik vind dat de motie op stuk nr. 372 van mevrouw Gesthuizen, waarin de regering wordt verzocht om zich hard te maken voor het weigeren van die status, te vroeg komt. We moeten eerst kijken wat het impactassessment inhoudt. Vervolgens kunnen we dat beoordelen en onze inzet in het wetgevingsproces inbrengen. Door daar nu al, aan het begin van dat proces, zonder rekening te houden met de nuances, een harde uitspraak over te doen, lijkt me niet bevorderlijk. Daarom ontraad ik de motie van mevrouw Gesthuizen. 

Mevrouw Gesthuizen (SP):

Misschien leest de minister de motie niet goed. Ik heb toch heel duidelijk gesteld dat de markteconomiestatus geweigerd moet worden aan landen die zich niet aan de criteria houden die daar nota bene mede door onszelf voor zijn opgesteld. 

Minister Kamp:

Ik heb de motie gelezen in de korte tijd die daarvoor beschikbaar was. De regering wordt opgeroepen om zich binnen de Raad van Ministers hard te maken voor het weigeren van de markteconomiestatus aan China, zolang dit land niet aan de door de Commissie gestelde criteria voldoet. In hoeverre dat wel of niet het geval is, en hoe we daarop moeten reageren, kan uit dat impactassessment blijken. Vervolgens moet de Europese Commissie daarover een standpunt innemen, dat in een wetsvoorstel aan de landen en het Europees Parlement wordt voorgelegd. Dan kunnen we conclusies trekken. Ik ben van mening dat er vanwege de situatie op de staalmarkt snel actie moet worden ondernomen. Ik ben er ook blij mee dat de Europese Commissie afgelopen vrijdag het besluit heeft genomen om aan alle heffingen op staal uit China nog een drietal toe te voegen. Ik zal er ook voor pleiten om de processen, om tot conclusies over die antidumpingheffingen te komen, zo snel mogelijk te doorlopen; daar zal ik zo meteen nog iets over zeggen in het kader van de motie van de heer Van Veen. Vanwege de wijze waarop mevrouw Gesthuizen het heeft verwoord, moet ik haar motie over de markteconomiestatus echter ontraden. 

Mevrouw Gesthuizen (SP):

Moet ik dan concluderen dat de minister zegt: het is wel in orde om de markteconomiestatus toe te kennen, ook als landen zich niet aan die mede door onszelf opgestelde criteria houden? 

Minister Kamp:

Voordat ik mij in de Raad van Ministers hard ga maken voor iets, wil ik graag dat het dagelijks bestuur van de Europese Unie, zijnde de Europese Commissie, de verschillende invalshoeken beziet van waaruit je zo'n probleem moet bekijken en dat zij ook bekijkt wat de consequenties zijn. Dat noemen we in Europa "een impactassessment". Als dat impactassessment er is — de Commissie heeft gezegd dat dat een grondige wordt — wil ik die, net als het voorstel van de Commissie, beoordelen. Dan wil ik mijn inbreng in het wetgevingsproces hebben. Het lijkt mij niet goed om nu al vooraf die uitspraak te doen als Kamer. Daarom heb ik dat ontraden. 

De voorzitter:

Afrondend, mevrouw Gesthuizen. 

Mevrouw Gesthuizen (SP):

Dit is geen interruptie meer. Ik voel de bui al hangen, vooral omdat de VVD een motie heeft ingediend die hier een beetje bij in de buurt komt. Ik houd mijn eigen motie dus aan. 

De voorzitter:

Op verzoek van mevrouw Gesthuizen stel ik voor, haar motie (21501-30, nr. 372) aan te houden. 

Daartoe wordt besloten. 

Minister Kamp:

In de motie op stuk nr. 373 van de heer Van Veen wordt de regering verzocht om het proces over het toekennen van de markteconomiestatus aan China proactief en kritisch te volgen en de Kamer daarbij te betrekken. Ik denk dat dat moet gebeuren. Kijkend naar de impact voor Europa van de door China gehanteerde prijzen, is het volgens mij terecht dat Europa al een aantal heffingen heeft opgelegd. We doen dat niet voor staal in het algemeen, maar steeds voor categorieën. Er zijn nu drie belangrijke categorieën bij gekomen, waaronder warmgewalst staal. Dat is op dit moment een belangrijk knelpunt. Ik vind dat goed en ik vind ook dat die procedure zo snel mogelijk doorlopen moet worden. Er is al gezegd dat dit in Amerika in een periode van acht maanden helemaal afgerond kan zijn. In Europa duurt dat gemiddeld vijftien maanden. Dat moet dus echt versneld worden. Daar heb ik afgelopen week in Brussel bij diverse gelegenheden al met de Commissaris en met collega's over gesproken. Dat betekent dat ik het ook nodig vind om dat te doen. Ik zie de motie van de heer Van Veen als een ondersteuning van het beleid en ik laat het oordeel daarover graag aan de Kamer. 

De motie op stuk nr. 374 is van mevrouw Jacobi en mevrouw Vos. Het is voor mij een voorrecht om nu te maken te krijgen met mevrouw Jacobi. Ik maak mijn borst alvast nat. 

Mevrouw Jacobi (PvdA):

Ik ben best wel lief, hoor. 

Minister Kamp:

Daar twijfel ik absoluut niet aan, mevrouw Jacobi. 

Mevrouw Jacobi vraagt de regering om alles in het werk te stellen om de consumentenbescherming in Nederland op ten minste hetzelfde niveau te houden als nu en om te bewerkstelligen dat dezelfde regels gehanteerd worden voor zowel offline- als onlinewinkels. Dat gaat mij net wat te ver. Tot nu toe hebben wij in Europa een minimumharmonisatie. De Europese Commissie heeft een voorstel gedaan om daar een normale harmonisatie van te maken, zodat die consumentenbescherming op hetzelfde niveau komt. Ik wil graag streven naar wat in de motie staat, namelijk dat die harmonisatie gerealiseerd wordt en dat offline- en onlinewinkels allebei in beeld komen, maar ik kan dat niet bewerkstelligen. Op dat punt gaat de motie te ver. Om die reden moet ik deze motie ontraden. Daar komt nog bij dat wij volgens mij al consequent rapporteren over iedere belangrijke ontwikkeling in dit dossier, want met de geannoteerde agenda's voor de Raad Concurrentievermogen wordt de Kamer volledig op de hoogte gehouden van de belangrijke zaken en ontwikkelingen. Het laatste punt is dus overbodig; het punt daarvoor kan ik niet doen en ik ben bereid om het punt daarvoor te doen, ook zonder motie van mevrouw Jacobi of mevrouw Vos. Dat betekent dat ik deze motie in deze bewoordingen ontraad. 

De beraadslaging wordt gesloten. 

De voorzitter:

Over de ingediende moties zullen we vanavond stemmen. 

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst. 

Naar boven