Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2008-2009nr. 61, pagina 4894-4895

Aan de orde zijn de stemmingen in verband met het wetsvoorstel Wijziging van de Werkloosheidswet in verband met het vergroten van kansen op werk voor langdurig werklozen (31767), en over:

- de motie-Ortega-Martijn over een werkaanbod van minimaal drie functies door het UWV (31767, nr. 8);

- de motie-Ortega-Martijn over het begrip "redelijkheid" in het kader van passende arbeid (31767, nr. 9);

- de motie-Koşer Kaya over het opstellen van controleerbare doelen (31767, nr. 10).

(Zie vergadering van 3 maart 2009.)

De voorzitter:

De motie-Ortega-Martijn (31767, nr. 8) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat langdurig werklozen na 52 weken onafgebroken werkloosheid van UWV een werkaanbod krijgen, dat ze niet mogen weigeren;

overwegende dat dit verplichte werkaanbod van invloed kan zijn op de motivatie van werknemers;

van mening dat werk te verkiezen is boven een uitkering, maar dat het ook in het belang van werkgevers is om over gemotiveerd personeel te beschikken;

van mening dat de motivatie van werknemers vergroot kan worden door ze een keuze te bieden bij het werkaanbod en hen daarbij maximaal te betrekken;

verzoekt de regering, het UWV op te dragen een maatwerkaanbod te doen dat in het voortraject goed is afgestemd met de betrokken klant,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening van deze gewijzigde motie voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 11 (31767).

De motie-Ortega-Martijn (31767, nr. 9) is in die zin gewijzigd dat zij thans luidt:

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat op grond van de Richtlijn passende arbeid 2008 het UWV dient na te gaan of het aangeboden werk in redelijkheid van de betrokkene kan worden gevraagd;

van mening dat het begrip "redelijkheid" ertoe leidt dat er een belangenafweging plaatsvindt en dit van groot belang is;

van mening dat het UWV intern zodanig moet werken dat in gelijke gevallen ook gelijke behandeling plaatsvindt;

verzoekt de regering, te bevorderen dat het UWV via interne richtlijnen bovenstaande werkwijze hanteert voor werkzoekenden bij de start van het traject naar passende arbeid, zodat hier helderheid over bestaat, en de Kamer hierover nader te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

Naar mij blijkt, wordt de indiening van deze gewijzigde motie voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 12 (31767).

Ik stel vast dat wij nu over de gewijzigde moties kunnen stemmen.

Op verzoek van mevrouw Koşer Kaya stel ik voor, haar motie (31767, nr. 10) van de agenda af te voeren.

Daartoe wordt besloten.

In stemming komt het wetsvoorstel.

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdA, GroenLinks, de ChristenUnie, de SGP, het CDA, de PVV en het lid Verdonk voor dit wetsvoorstel hebben gestemd en de aanwezige leden van de overige fracties ertegen, zodat het is aangenomen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Ortega-Martijn (31767, nr. 11).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fractie van de VVD tegen deze gewijzigde motie hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de gewijzigde motie-Ortega-Martijn (31767, nr. 12).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fractie van de VVD tegen deze gewijzigde motie hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat zij is aangenomen.