Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2007-2008nr. 76, pagina 5298-5301

Vragen van het lid Madlener aan de minister van Verkeer en Waterstaat over het bericht dat de effecten van een joint in het verkeer onderschat zijn.

De heer Madlener (PVV):

"Joint riskanter dan alcohol", zo luidde de kop van het artikel in De Telegraaf afgelopen zaterdag. Hoewel het Nederlands Forensisch Instituut geen algemene uitspraken hierover doet, is al jaren bekend dat rijden onder invloed van drugs zeer gevaarlijk is en absoluut niet kan worden getolereerd. Het gedoogbeleid voor softdrugs en harddrugs heeft er in Nederland toe geleid dat het gebruik van drugs heel gewoon is geworden. Veel te gewoon eigenlijk.

Ouders die hun kinderen waarschuwen voor de gevaren van drugsgebruik worden niet gesteund door het Nederlandse gedoogbeleid. De meeste jonge mensen denken dat het gebruik van hasj en marihuana geen kwaad kan, terwijl de softdrugs steeds sterker zijn geworden. De jongeren worden nauwelijks gewaarschuwd dat het zeer slecht voor de gezondheid is om drugs te gebruiken en door het grootschalige drugsgebruik in Nederland komen drugs ook in het verkeer veel te vaak voor. Er vallen jaarlijks vele gewonden en doden in het verkeer door het drugsgebruik. Van de minister zou ik graag willen weten hoeveel het er precies zijn.

Bij de presentatie van de verkeersveiligheidscijfers in 2006, alweer één jaar geleden, heeft de regering bij monde van minister Eurlings gezegd dat er snel een goede drugstest komt. Ook heeft minister Eurlings aangekondigd dat er een zerotolerancebeleid voor drugs in het verkeer moet komen. Mijn vraag is: ferme taal, minister, maar hoe staat het eigenlijk met de uitvoering van deze voornemens? Nu weet ik dat deze regering er een gewoonte van heeft gemaakt om vooral doelen te stellen voor 2020, als deze regering allang op wachtgeld staat of burgemeester is geworden of commissaris van de Koningin of een ander leuk baantje heeft in de publieke sector. Ik wil van de minister weten of die drugstest er nog dit jaar komt of pas in 2020. Komt dat zerotolerancebeleid dat hij heeft aangekondigd nog dit jaar of pas in 2020?

Voorzitter. Ik zou graag heldere antwoorden willen op deze vragen.

Minister Eurlings:

Voorzitter. Ik kan heel helder en ook heel kort zijn. Drugs en verkeer gaan voor mij niet samen. Dat heeft iets te maken met veiligheid en ook iets met beschaving. Laat ik het veiligheidsvraagstuk maar direct bij de horens vatten. Wij hebben in Nederland geen post mortem onderzoek en toch is het onze inschatting dat minimaal 10% van de verkeersslachtoffers per jaar drugsgerelateerd zijn. Dat zijn dus in Nederland minstens 80 mensen per jaar. In landen waar men wel post mortem onderzoek heeft en waar men dus doden onderzoekt om te achterhalen of zij onder invloed van drugs waren toen zij in het verkeer stierven, komt men op aantallen tot aan 30%. Als je dat vertaalt naar Nederland, kom je op een bereik van tussen de 80 en 240 doden per jaar wegens drugs in het verkeer. En ik zeg u: dat kan niet, dat is echt onacceptabel.

Al jaren maakt uw Kamer daar een punt van. Ik heb zelf als Kamerlid ooit nog een motie door de Kamer gehaald die drugs en verkeer van elkaar wilde scheiden. De heer De Rouwe, ik zie hem hier zitten, heeft heel erg zijn best gedaan, samen met velen van u. Ik zal daar in deze periode mijn voordeel mee doen. Dit is niet iets van de lange termijn. Wij komen na de zomer met de concrete grootschalige proeven met de zogenaamde Australische methode, een methode die echt kansrijk is en waarmee agenten vrij snel aan de hand van het speeksel van een chauffeur kunnen zien of hij drugs gebruikt heeft of niet. Daar kunnen wij vervolgens grootschalig mee gaan experimenteren. Als die methode zeker is, zal de politie haar breed in Nederland gaan invoeren.

In de tussentijd staat de politie niet stil. Op kleine schaal worden andere soorten tests gedaan. Ik noem de test die in Twente nu voor de tweede keer in twee jaar is gebruikt, de zogenaamde impairment-methode, waarin je kijkt of iemand stabiel kan lopen, of hij helder uit de ogen kijkt. Het probleem van die methode is dat zij veel tijd kost. Als mensen verdacht worden, moet hun bloed getest worden. Dat is in verband met de inbreuk op de integriteit van het lichaam en vanwege de tijdrovendheid niet de meest aantrekkelijke methode. Ik hoop dat wij met die grootschalige experimenten na de zomer snel kunnen bewijzen dat de Australische methode ook in Nederland toepasbaar is. Als dat het geval, zullen wij er geen gras over laten groeien. Dan worden drugs in het verkeer formeel verboden. Dan zal ook worden gehandhaafd op basis van zero-tolerance. Dat betekent dat je strafbaar bent als je één joint neemt en vervolgens het verkeer ingaat. Drugs en verkeer gaan niet met elkaar samen. Dat is mijn lijn.

De heer Madlener (PVV):

Voorzitter. Ik blijf controleren of de minister zijn woorden waarmaakt en of zijn voornemens nog dit jaar worden omgezet in beleid. Ik dank de minister voor zijn heldere toezegging. Ik hoop dat het nemen van maatregelen op dit punt sneller gaat dan het aanleggen van nieuwe wegen in dit land.

De heer De Rouwe (CDA):

Voorzitter. Wat mijn fractie betreft is het glashelder: Drugs zijn in dat opzicht al verboden. Er worden goede methoden ontwikkeld. Er is ook al sprake van veroordelingen. Wij kunnen de testen nog wel verbeteren. Met het oog daarop hebben wij onze motie ingediend. De testen moeten snel worden ingevoerd, zodat drugs snel kunnen worden meegenomen in het puntenrijbewijs.

Ik steun de minister in zijn goede, duidelijke, harde en snelle aanpak. De testen zijn op dit moment al in gang. Nu de zomer bijna aanbreekt en er weer grote dance-parties op de agenda staan, verzoek ik de minister de komende maanden ook daar extra te controleren met behulp van de testen. Helaas moeten wij constateren dat veel drugsgebruik in het weekend plaatsvindt, helaas ook bij de doelgroep die juist extra grote risico's loopt. De minister sprak al over een cursus asociaal rijden en alcohol, maar ik verzoek hem ook te komen met een educatieve maatregel waarin drugs worden meegenomen. Het probleem is namelijk gigantisch groot.

Minister Eurlings:

Voorzitter. Naar aanleiding van de CDA-motie die in februari is ingediend, heb ik de Kamer toegezegd dat, als de nieuwe methode blijkt te werken, het puntenrijbewijs ook gaat gelden voor drugs. Daarover geen onduidelijkheid. Met het oog op de Australische proef kijkt een werkgroep momenteel naar de randvoorwaarden die moeten gelden bij het uitvoeren van de grootschalige proef. Na de zomer zal deze van start gaan. Ik heb goede hoop dat de uitkomsten positief zullen zijn.

De heer De Rouwe weet dat er een educatieve cursus alcohol komt. Als mensen zich niet kunnen inhouden als het gaat om alcohol, krijgen ze een cursus opgelegd, waarbij ze figuurlijk door elkaar worden gerammeld, de vraag krijgen voorgelegd of ze weten waar ze mee bezig zijn en meegedeeld krijgen dat ze een groot risico nemen wat betreft de weggebruikers om hen heen. Ik zal bezien hoe het gevaar van drugs in die cursus kan worden meegenomen.

Ik ben het met de heer De Rouwe eens dat, willen wij de test goed op zijn merites beoordelen, wij vooral daar moeten testen waar veel drugsgebruikers worden verwacht, dus inderdaad bij dance-parties en koffieshops. Daar heeft Twente het onderzoek ook gedaan.

De heer Teeven (VVD):

Voorzitter. Als je de minister zo hoort spreken, zou je kunnen denken dat sprake is van krachtdadig beleid. Eind vorige week hoorde ik de heer Spee, de landelijke verkeersofficier spreken. Hij is degene die moet uitvoeren wat de minister zo krachtig in de Kamer naar voren brengt. Hij had tot het eind van het jaar twee prioriteiten, maar daar kwam het gestelde door de minister niet in voor.

De heer Spee sprak over kleine snelheidsovertredingen, in die zin dat er op autosnelwegen nog meer op snelheid moet worden gecontroleerd. Dat had prioriteit. Daarnaast had hij het over het omruilen van rijbewijzen. Mensen die nog geen puntenrijbewijs hebben, moeten hun rijbewijs omruilen, zodat heel Nederland eind 2008 een puntenrijbewijs heeft. Ik heb de heer Spee niet horen spreken over de punten die de minister nu aandraagt, terwijl hij degene is die het moet gaan doen. De minister zegt dit wel, maar ik heb het van de heer Spee niet gehoord. Zit het kabinetsbeleid op één spoor, of is sprake van verschillende sporen?

Minister Eurlings:

Het is goed dat de heer Teeven die vraag stelt, want ik kan hem geruststellen. Het politiële apparaat vermag meer dan het realiseren van twee prioriteiten in een jaar. Ik heb de afgelopen weken contact gehad met de dossierhouders bij de KLPD, precies over deze kwesties. Men is bereid, als de Australische test werkt, om een en ander veelvuldig, samen met alcohol, te gaan testen. Wij hebben er open over gesproken en men heeft die bereidheid. Het grote belang van het weren van drugs in het verkeer wordt ook gezien door de toezichthoudende instanties en dat is maar goed ook.

De heer Roemer (SP):

Voorzitter. De minister stelt terecht dat drugs en verkeer niet samen gaan. Laat dat klip en klaar zijn. Ook mijn fractie is die mening toegedaan. De Stichting wetenschappelijk onderzoek verkeersveiligheid schrijft echter al van af 1997 dat dit een ernstig probleem is, maar sinds die tijd is er nauwelijks iets gebeurd. De minister stelt met krachtige termen dat er na de zomer van alles en nog wat aankomt, maar ik word zo langzamerhand een beetje wantrouwig. Wat hebt u tot dusver echt gedaan? Waarom zit er zo weinig schot in als het zo'n groot probleem is? Hebt u bijvoorbeeld al wettelijk vastgelegd wat de limieten zijn? Als dat nodig is, is dat prima, maar het zal wel wettelijk moeten worden vastgelegd. Na de zomer komen wij, zegt de minister, maar dat kan ook volgend jaar zijn. Wil de minister wat concreter zijn? Zo duurt het wel heel erg lang.

Minister Eurlings:

Dat het lang duurt, weet ik, want ik ben zelf de schrijver geweest van de eerste motie die op dit vlak door de Kamer ging. Hoewel ik nog steeds niet al te oud ben, is het toch al weer heel wat jaren geleden dat ik Kamerlid op het vlak van verkeer mocht zijn. Waar zit het hem in? Daar hebben wij het vaak met elkaar over gehad. Als je drugs uit het verkeer wil weren, moet je ook wel een betrouwbare en werkbare testmethode hebben. Daar zit het hem in. Wij willen natuurlijk voorkomen dat u, mijnheer Roemer, aangehouden wordt, een test krijgt en dat de uitkomst daarvan ten onrechte is dat u drugs hebt gebruikt en dat daarom uw rijbewijs wordt ingenomen, terwijl u nooit drugs hebt gebruikt. Die test moet dus wel betrouwbaar zijn. Daar zijn wij al heel lang mee bezig. Europa is nog steeds met een groot onderzoek naar tal van testmethoden bezig. Ik wil dat niet afwachten. Daarom ben ik blij dat ik in Australië een test heb gevonden die daar goed blijkt te werken. Ik wil op Europa vooruitlopen en in het najaar op grote schaal testen of die test ook in Nederland betrouwbaar genoeg is. Als dat is gebleken, voer ik hem onmiddellijk grootschalig in. Daar hoort bij dat wij dan moeten kiezen voor zero tolerance. Dat betekent dat één joint te veel is. Zoals ik eerder heb gezegd, wijst de test niet uit of iemand twee of drie joints heeft gebruikt; de test zegt alleen dat er niet of wel is gebruikt. Dat betekent dus zero tolerance. Dat vind ik eigenlijk helemaal zo gek niet. Drugs en verkeer gaan immers niet samen, dus dan kun je ook maar beter de grens heel nadrukkelijk bij een joint trekken: één joint iséén te veel.

De heer Van der Ham (D66):

Voorzitter. Natuurlijk mag iemand die onder invloed van wat dan ook is, niet achter het stuur gaan zitten. Daar zijn wij het over eens. De vraag is wel wanneer die ene joint die blijkt te zijn gebruikt, is gebruikt. Is dat een uur geleden? Dan mag je niet in de auto gaan zitten. Is dat de vorige dag geweest? Dat maakt natuurlijk wel uit. Bedoelt de minister dit met het woord zorgvuldigheid dat hij in de mond nam?

Voorlichting over softdrugs en harddrugs in het verkeer is moeilijk te geven. De regering waar de minister deel van uitmaakt, wil namelijk niet dat coffeeshops extra informatie aan klanten over de werking van softdrugs en harddrugs in het verkeer verstrekken. Wil de minister met zijn collega's van Justitie en van Volksgezondheid overleggen over een aan coffeeshops op te leggen plicht om klanten bij de verkoop van softdrugs te informeren over het feit dat die niet te combineren zijn met verkeer? Er wordt ook voorlichting over alcohol gegeven.

Minister Eurlings:

Over uw laatste vraag kan ik het volgende zeggen. Ik hoop dat het experiment succesvol zal zijn en dat de Australische methode ook in Nederland kan worden gehanteerd. Aan het einde van dat experiment zal ik nadrukkelijk aandacht besteden aan voorlichting. Die zal bepaald niet alleen in coffeeshops worden gegeven. Mensen halen hun drugs uit allerlei richtingen. Het gaat erom dat iedere jongere en iedere verkeersgebruiker in Nederland weet dat drugs en verkeer niet samengaan. Die boodschap moet echt tussen de oren. De voorlichting zal dus op een grotere schaal dan alleen in coffeeshops moeten worden gegeven. Ik kom daar graag bij u op terug.

Hoe lang iets doorwerkt, bespreken wij naar aanleiding van het experiment. Voor mij is de vraag leidend hoe lang een joint op iemands gestel doorwerkt. Als iemand de ochtend erna nog steeds zo suf is als hij maar zijn kan, moet hij niet achter het stuur kruipen. Veiligheid gaat voor alles.

De voorzitter:

Dank u wel. Mevrouw Bouwmeester hoeft geen vraag meer te stellen?

Mevrouw Bouwmeester (PvdA):

Mijn vragen zijn inmiddels al gesteld.

De voorzitter:

Dan hebt u een punt. Het woord is aan de heer Van der Staaij.

De heer Van der Staaij (SGP):

Voorzitter. De minister zegt terecht dat drugs en verkeer niet samengaan. Hij heeft al aangehaald dat het helaas ontzettend lang heeft geduurd. Ik ken die geschiedenis ook. Wij hebben er met meerdere partijen voor gestreden om het geregeld te krijgen. Wij zien dat het telkens lastig blijkt te zijn om echt vooruitgang op dit vlak te boeken. Hoe is nu gewaarborgd dat wij niet verzanden in een traject van allerlei testen en proeven? Hoe waarborgt de minister dat er snel een duidelijke uitslag komt en dat er daadwerkelijk tot invoering wordt overgegaan?

Minister Eurlings:

Ik ben echt gemotiveerd om in Nederland op grote schaal te gaan controleren op druggebruik in het verkeer. Ik vind het echt niet kunnen dat wij door druggebruik minstens tachtig doden per jaar te betreuren hebben. Dat is niet uit te leggen. Dat kan niet meer. Wij hebben jarenlang moeten wachten op een methode die betrouwbaar genoeg werkte. De Australische methode werkt in Australië goed en is voor een agent goed te hanteren. De kans dat je ten onrechte als schuldig uit die test komt, bestaat niet. Dit geeft mij goede hoop om te denken dat het Nederlandse experiment met deze test goed kan uitpakken. Ik zal er in elk geval op toezien dat de experimentfase intensief is en kort duurt. Wij moeten niet ellenlang testen. Ik hoop snel met resultaat naar de Kamer te komen. Ik heb goede hoop dat dit resultaat goed zal zijn en dat wij deze test vervolgens in heel Nederland kunnen inzetten.

Mevrouw Agema (PVV):

Voorzitter. De minister spreekt duidelijke, krasse taal en hij laat duidelijke cijfers zien: 80 doden in het verkeer door het gebruik van drugs. Na de zomer komt de minister met een test. Wat doet de minister op dit moment al? Wat doet hij als er nooit een test zou komen? Als deze Australische test er niet zou zijn, zou de minister dan nooit in actie zijn gekomen? Moeten wij dan tot die tijd al die verkeersdoden maar voor lief nemen? Wat gaat de minister doen totdat hij deze test heeft?

Minister Eurlings:

Deze test wordt nu voorbereid. Veel staat of valt bij een goede test. Wij kunnen drugs in het verkeer wel afwijzen, maar dan moeten wij ook kunnen testen of iemand drugs heeft gebruikt. Als dat niet is te bewijzen, dan kunnen wij hier wel grote woorden gebruiken, maar dan komen wij uiteindelijk nergens. Dat kan ik weten, want ik ben zelf een van de mensen geweest die dit punt jaren geleden in dit huis hebben aangezwengeld. De Australische test is zo belangrijk omdat hij betrouwbaar blijkt te zijn en er geen kans bestaat dat iemand als schuldige wordt aangewezen terwijl hij geen drugs heeft gebruikt. Wij willen geen van allen dat iemand ten onrechte als drugscrimineel achter het stuur wordt weggehaald. Bovendien is de test voor de politie goed uit te voeren. De Twentse methode die in de laatste twee jaar twee keer is gebruikt, is heel omslachtig. Mensen moeten over een lijntje wandelen om te bekijken of zij recht kunnen lopen of niet. Vervolgens moet een bloedtest worden gehouden. Dit is een heel moeilijke methode. Iets kan pas worden afgedwongen als een werkende testmethode bestaat. Deze methode is de eerste in de wereld waarvan wij echt het idee hebben dat het die werkende test kan zijn. Daarom wachten wij niet op Europees onderzoek waarin allerlei Europese methoden worden uitgevlooid. Als de Australische methode werkt, zal dat de methode zijn waarmee wij de zaak in Nederland zo snel mogelijk zullen aanpakken.

Mevrouw Bouwmeester (PvdA):

Voorzitter. Ook de PvdA is tegen drugs en alcohol in het verkeer. Volgens mij kan ik namens de hele Kamer spreken: daar zijn wij allemaal tegen. Ik vind het heel goed dat de minister hiertegen maatregelen neemt. Wij zijn erg benieuwd wat de resultaten van de test uit Australië zijn. De minister geeft heel terecht aan dat het testen ingewikkeld is. Alcohol verdwijnt redelijk snel uit het bloed, maar drugs kunnen drie dagen in het bloed blijven zitten zonder dat dit invloed heeft op de rijvaardigheid. Dat maakt het heel ingewikkeld. Toch is er in Twente al een test gaande. Daarbij worden mensen dus al aangehouden. De minister zegt tegelijkertijd dat wij eigenlijk niet weten of de drugs nog in het bloed zitten en welk effect die hebben. Dat vind ik tegenstrijdig.

Minister Eurlings:

Ons beeld is dat drugs een bepaald effect zullen hebben als zij in het bloed waarneembaar zijn. Tegen de heer Van der Ham heb ik zojuist gezegd dat wij na de beëindiging van het experiment zullen ingaan op de door hem gestelde vraag waar de grens ligt. Dan is daarmee ook in de preventie en de communicatie wat te doen, zodat mensen weten hoe lang zij moeten wachten voordat zij achter het stuur kruipen als zij aan de joint zijn geweest. Daarvan vind ik overigens dat mensen dat liever niet moeten doen; de heer Van der Ham denkt daar wellicht anders over. Dit moet in ieder geval wel duidelijk zijn. De Twentse methode werkt redelijk goed maar is heel omslachtig, zoals ik zojuist zei. Mensen moeten over een lijntje wandelen. Lopen zij scheef, dan zijn zij verdacht. Vervolgens kijkt men in hun ogen: kijkt deze persoon een beetje fris of niet? Uiteindelijk kan dit ertoe leiden dat men bij sommige mensen bloed afneemt. Vorig jaar heeft men 74 mensen aangehouden en bij vier mensen bloed afgenomen; uiteindelijk zijn drie mensen veroordeeld. Ergo, bij een van de vier mensen bij wie bloed is afgenomen, bleek het vals alarm te zijn. Bij mensen wordt dus ten onrechte bloed afgenomen. Dit alles proberen wij te voorkomen. De Australische methode werkt veel sneller. Zij werkt puur met speeksel en heeft dus veel minder bezwaren. Zij schijnt ook zeker te zijn. Daarom zetten wij op die methode in. Op de vraag hoe lang het duurt voordat het spul uit het bloed is, kom ik graag aan het eind van de testperiode terug.

De voorzitter:

Ik deel aan de Kamer mee dat de volgende leden zich hebben afgemeld:

Azough, Luijben, Vietsch, Jonker, Omtzigt en Van Geel;

Koşer Kaya, alleen voor de middagvergadering;

Atsma, Koopmans, Waalkens en Blom, de gehele week.

Deze mededeling wordt voor kennisgeving aangenomen.

De voorzitter:

Ingekomen is de volgende brief, gedateerd 10 april 2008:

"Geachte mevrouw Verbeet,

Hierbij deel ik u mede dat ik in verband met persoonlijke redenen genoodzaakt ben met onmiddellijke ingang mijn werkzaamheden als Tweede Kamerlid voor de Socialistische Partij te beëindigen. Ik wens u allen het beste toe en dank u voor de plezierige samenwerking.

Met vriendelijke groet,

Ron Abel

  • Tweede Kamerlid voor de Socialistische Partij"

Van dit ontslag heb ik mededeling gedaan aan de voorzitter van het Centraal Stembureau en aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

De brief wordt voor kennisgeving aangenomen.

De voorzitter:

Ik zal de heer Abel namens u een brief sturen om hem te groeten.

Op de tafel van de griffier ligt een lijst van ingekomen stukken. Op die lijst staan voorstellen voor de behandeling van deze stukken. Als voor het einde van de vergadering daartegen geen bezwaar is gemaakt, neem ik aan dat daarmee wordt ingestemd.