Aan de orde zijn de stemmingen in verband met het
wetsvoorstel Wijziging van de Waterleidingwet (eigendom waterleidingbedrijven)
(28339),
- over:
- de motie-Van
Lith over productie en levering van ander water (28339, nr.
19).
(Zie vergadering van 2 december 2003.)
De voorzitter:
Ik deel mee dat de heer Van Lith zijn amendement op stuk nr. 14 intrekt.
Artikel I, de onderdelen A en B, wordt zonder stemming aangenomen.
In stemming komt het amendement-Geluk (stuk nr. 15).
De voorzitter:
Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de VVD en D66
voor dit amendement hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen,
zodat het is verworpen.
In stemming komt het amendement-Van Lith (stuk nr. 11) tot het invoegen
van een nieuw hoofdstuk IB.
De voorzitter:
Ik constateer dat de aanwezige leden van de fractie van de LPF tegen dit
amendement hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat het
is aangenomen.
Onderdeel C wordt zonder stemming aangenomen.
De onderdelen D en E worden zonder stemming aangenomen.
Het gewijzigde artikel I wordt zonder stemming aangenomen.
De artikelen II en III worden zonder stemming aangenomen.
In stemming komt het amendement-Geluk (stuk nr. 18) tot invoeging van
een nieuw artikel IIIA.
De voorzitter:
Ik constateer dat de aanwezige leden van de fractie van de PvdA tegen
dit amendement hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat
het is aangenomen.
In stemming komt het amendement-Geluk (stuk nr. 16).
De voorzitter:
Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de LPF en de
VVD voor dit amendement hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen,
zodat het is verworpen.
Artikel IV wordt zonder stemming aangenomen.
De beweegreden wordt zonder stemming aangenomen.
De voorzitter:
Voordat wij over het wetsvoorstel stemmen, geef ik gelegenheid tot het
afleggen van stemverklaringen vooraf.
De heer Geluk (VVD):
Voorzitter. Vanaf het begin heeft de VVD-fractie laten weten niet erg
enthousiast te zijn over dit wetsvoorstel. De motie-Feenstra die aan dit wetsvoorstel
ten grondslag ligt, had dan ook geen steun van de VVD-fractie.
Tijdens de plenaire behandeling van het voorstel hebben wij reeds aangegeven
dat het de wens van de VVD-fractie is dat het wetsvoorstel wordt aangehouden
of beter nog wordt ingetrokken. Het grootste probleem dat mijn fractie met
dit wetsvoorstel heeft, is dat het voorstel alleen het eigendom van de waterleidingbedrijven
regelt en niet het toezicht.
Wie ziet op basis van welke criteria toe op het functioneren van het levensgrote
monopolie dat via deze wet gevestigd wordt? De VVD-fractie wil een integrale
benadering van het eigendomsvraagstuk in de herziening van de Waterleidingwet.
Onze amendementen moesten ervoor zorgen dat het monopolie niet groter
wordt dan nodig om het waterleidingbedrijf een openbare nutsvoorziening te
laten zijn en dat het wetsvoorstel niet eerder in werking zou treden dan nadat
het toezicht op de waterleiding bedrijven geregeld is. Helaas zijn deze amendementen
verworpen en daarom blijven wij van mening dat het wetsvoorstel onacceptabel
is. Zij zal daaraan dan ook geen steun verlenen.
In stemming komt het wetsvoorstel.
De voorzitter:
Ik constateer dat de aanwezige leden van de Voorzitterfractie van de VVD
tegen dit wetsvoorstel hebben gestemd en die van de overige
fracties ervoor, zodat het is aangenomen.
In stemming komt de motie-Van Lith (29339, nr. 19).
De voorzitter:
Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van GroenLinks, D66,
de VVD, het CDA, de ChristenUnie en de SGP voor deze motie hebben gestemd
en die van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.