Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal1996-1997nr. 57, pagina 4171-4174

Regeling van werkzaamheden

De voorzitter:

Ik stel voor, de stemmingen over het wetsvoorstel Regeling van het overleg over de integratie van minderheden (Wet overleg minderhedenbeleid) (24835) uit te stellen tot de toegezegde brief van de minister van Binnenlandse Zaken is ontvangen.

Voorts stel ik op verzoek van de heer Stellingwerf voor, heden niet te stemmen over de moties inzake voertuigtechniek en brandstoffen, agendapunt 11 (24884, nrs. 3 en 4).

Overeenkomstig de voorstellen van de voorzitter wordt besloten.

De voorzitter:

Het woord is aan mevrouw Nijpels-Hezemans.

Mevrouw Nijpels-Hezemans (groep-Nijpels):

Voorzitter! De laatste weken bereiken ons via de media en anderszins wederom vele berichten dat grote groepen ouderen in armoede leven. Dat het zover gekomen is, heeft allerlei oorzaken, die inmiddels wel bij iedereen bekend zijn. Het kabinet neemt zo nu en dan een ad-hocmaatregel om de ergste nood te lenigen, maar de lasten blijven stijgen. De AOW is zeker voor alleenstaanden zonder aanvullend pensioen te laag en ouderen die het nodig hebben, kunnen de weg naar aanvullende voorzieningen en regelingen nauwelijks vinden. Daarentegen houden gemeenten 400 mln. over aan de WVG...

De voorzitter:

Wat is uw vraag? U houdt een hele inleiding, maar voor de regeling is van belang wat uw vraag is.

Mevrouw Nijpels-Hezemans (groep-Nijpels):

Mijn vraag is een brief te mogen ontvangen van de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken, mevrouw Van de Vondervoort, maar ik denk dat zij graag zal willen weten waarover ik een brief wil hebben.

De voorzitter:

Dat mag u vragen, maar daar was u niet zo erg mee bezig, zo had ik de indruk.

Mevrouw Nijpels-Hezemans (groep-Nijpels):

Voorzitter! Ik was er al aan toe.

In december heeft de Kamer een motie die mijn naam draagt, aangenomen, ertoe strekkende gemeenten aan te sporen ouderen actief te benaderen om hen op hun rechten te wijzen. Staatssecretaris Van de Vondervoort beloofde met de VNG te overleggen om zodoende uitvoering aan die motie te geven. Mijn fractie zou graag een brief van de staatssecretaris willen hebben, waarin zij de Kamer mededeelt of zij daarover al overleg heeft gehad met de VNG en, zo ja, wat het resultaat van dit overleg is. Met andere woorden: op welke wijze denkt de VNG gemeenten aan te sporen, zoals in de motie bedoeld? Staatssecretaris Terpstra geeft de ouderenbonden hierin een rol en dat is op zichzelf een manier, maar de belangrijkste rol is naar onze mening toch weggelegd voor de overheid; zij beschikt immers over persoonsgegevens zoals leeftijd en adres.

Voorzitter! Ik ga er vooralsnog niet van uit dat de staatssecretaris dit nog niet bij de VNG heeft aangekaart, maar mocht dat onverhoopt het geval zijn, dan wil mijn fractie graag weten waarom het niet gebeurd is en op welke termijn dit overleg wel zal plaatsvinden.

De voorzitter:

Ik stel voor, het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:

Het woord is aan mevrouw Vliegenthart.

Mevrouw Vliegenthart (PvdA):

Voorzitter! Wij zijn de afgelopen weken met een groot aantal problemen in de thuiszorg geconfronteerd. Ik zou graag de beide bewindslieden van VWS daar een brief over willen vragen. Het betreft in feite drie hoofdpunten.

Er is per 1 januari een zogenaamde knip in de thuiszorg ingevoerd en er is onduidelijkheid ontstaan over wie verantwoordelijk is voor de financiering van de huishoudelijke hulp bij ontslag uit het ziekenhuis. Daar zijn eerder vragen over gesteld en het probleem leek opgelost, maar nu heeft de minister ingegrepen en blijkt dat er nog steeds sprake is van een probleem.

Het tweede onderwerp is de situatie rondom de inning van de eigen bijdrage. Daarover stond vanochtend het bericht in de Volkskrant dat de invoering een chaos lijkt.

Het derde punt is dat er onduidelijkheid bestaat over de zogenaamde contracteerplicht van de instellingen. Afgesproken was continuering van de situatie in het afgelopen jaar. Daar lijkt geen sprake van te zijn. Sommige instellingen worden met 80% reductie geconfronteerd.

Kortom, drie onderwerpen die het verdienen om nader in de Kamer besproken te worden. Ik zou dus graag een brief van de regering krijgen, opdat wij daarover zo spoedig mogelijk een debat kunnen voeren.

Mevrouw Oedayraj Singh Varma (GroenLinks):

Voorzitter! Mijn vragen van 30 januari over de toegangsbijdrage aan de thuiszorg van ƒ 55, waarbij de thuiszorg zelf de kosten heeft verhoogd van ƒ 69 naar ƒ 75, zou ik graag mede beantwoord willen hebben. Ik zou ook graag opheldering willen hebben van de onduidelijkheid over de kosten die nu berekend worden. Als mensen hulp krijgen voor twee uur en vijf minuten, moeten zij dan een bedrag voor drie uur betalen? Ik zou hierop graag een antwoord krijgen, evenals een uitleg van de weigering van verzekeraars om ziekenhuisgerelateerde zorg te vergoeden.

De heer Marijnissen (SP):

Voorzitter! Ik wil graag het verzoek van mevrouw Vliegenthart ondersteunen. Het is duidelijk dat de problemen in de thuiszorg enorm toenemen. Ik zou dan ook op spoed willen aandringen, zodat wij daarover snel een debat kunnen hebben. Ik wil er alleen twee dingen aan toevoegen.

Op 24 maart moet namelijk de eigenbijdrageregeling voor de wijkverpleging ingaan en alles wat ons nu ter ore komt over de puinhoop die nu al is ontstaan, brengt mij ertoe de minister om een snelle reactie te vragen op mijn suggestie om die datum wederom uit te stellen.

Het tweede punt betreft de achterstand bij het versturen van de rekeningen. Er schijnt een conflict te zijn tussen het centrale administratiekantoor en de thuiszorginstellingen over welk telefoonnummer er op de rekening moet. Het is zo'n puinhoop dat niemand het meer snapt. Mijn suggestie aan de staatssecretaris is om het telefoonnummer van het ministerie erop te zetten, dan kunnen de mensen met hun vragen daar terecht.

De heer Fermina (D66):

Voorzitter! Ik sluit mij aan bij het voorstel van mevrouw Vliegenthart en ik zou graag helderheid van de staatssecretaris willen hebben over de relatie tussen thuiszorg en het CAK op dit moment. Er blijken onderling grote problemen te bestaan.

Mevrouw Mulder-van Dam (CDA):

Voorzitter! Ik sluit mij graag aan bij het verzoek van mevrouw Vliegenthart en ik zou de staatssecretaris willen vragen om in die brief aan te geven hoe de uitwerking is van de eigenbijdrageregeling op basis van het belastbaar inkomen. Dat leidt, in tegenstelling tot de uitspraken van staatssecretaris Terpstra, tot forse verhogingen die de mensen in de problemen brengen.

Mevrouw Nijpels-Hezemans (groep-Nijpels):

Voorzitter! Ik sluit mij op de eerste plaats aan bij het verzoek van mevrouw Vliegenthart en ik wil daarbij betrekken de antwoorden op vragen die ik de vorige week woensdag, 26 februari, gesteld heb over budgetoverschrijdingen die nu al bij sommige thuiszorgorganisaties plaatsvinden.

De heer Stellingwerf (RPF):

Voorzitter! Ik sluit mij, mede namens de heer Van der Vlies, nadrukkelijk aan bij de vragen van mevrouw Vliegenthart. Naar mijn mening is er nu al sprake van een onaanvaard bare situatie, met name wat betreft de contracteerplicht.

De voorzitter:

Ik stel voor, het stenogram van dit deel van de vergadering door te zenden naar het kabinet met het verzoek om spoed te betrachten met de behandeling hiervan.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:

Het woord is aan de heer Valk.

De heer Valk (PvdA):

Voorzitter! Mijn fractie maakt zich op dit moment grote zorgen over de ontwikkelingen in Albanië. Er dreigt daar een niets ontziende burgeroorlog die niet alleen een drama voor het land zelf zal betekenen, maar die ook de omliggende landen in vuur en vlam kan zetten. Wat dat betreft is een horrorscenario als van wat elders op de Balkan heeft plaatsgevonden, voor Albanië absoluut niet denkbeeldig. Griekenland en Italië hebben gevraagd om een actief beleid van de Europese Unie en om het bijeenroepen van de Algemene Raad. Een actief beleid van de Europese Unie heeft de hoogste prioriteit en kan wellicht een ramp voorkomen. Om die reden vraagt mijn fractie mede namens de fracties van GroenLinks en D66 de minister van Buitenlandse Zaken in een brief aan te geven welke stappen Nederland als voorzitter van de Europese Unie op korte termijn wil zetten om deze levensgevaarlijke crisis het hoofd te bieden.

De heer Gabor (CDA):

Voorzitter! De CDA-fractie sluit zich van harte aan bij de verzoeken, om verschillende redenen.

De heer Janmaat (CD):

Voorzitter! Dat doet de CD ook. Wij willen bovendien de minister van Buitenlandse Zaken vragen er bij de Europese Unie op aan te dringen om mogelijke asielzoekers gelijk in de regio op te vangen.

De heer Weisglas (VVD):

Voorzitter! De heer Valk zou het verzoek ook namens ons hebben kunnen doen. Met andere woorden, de VVD-fractie sluit zich graag bij het belangrijke verzoek aan.

De voorzitter:

Ik stel voor, het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:

Het woord is aan mevrouw Dankers.

Mevrouw Dankers (CDA):

Voorzitter! De CDA-fractie wil graag via u op zo kort mogelijke termijn een reactie van de regering krijgen op voorstellen die wij in de pers hebben kunnen lezen vanuit het Nederlands centrum buitenlanders om in de toekomst de etnische afkomst te vermelden bij de registratie van misdrijven. Het is op zichzelf al pikant dat een belangenbehartigingsorganisatie van allochtonen in ons land dat initiatief neemt. Kennelijk vindt men dat er te weinig actie wordt ondernomen sinds bij de IRT-enquête de stof is opgewaaid. Wij willen in die brief graag drie elementen terugzien:

  • 1. de aspecten van de privacywetgeving en ons algemene gevoelen van terughoudendheid om persoonskenmerken te registreren;

  • 2. de vraag of de regering extra mogelijkheden ziet tot het voeren van preventief beleid als er zo'n registratie zou zijn;

  • 3. een weging van kansen en bedreigingen.

Een kans zou kunnen zijn dat er preventief beleid voor jongeren wordt ontwikkeld, maar een bedreiging is toch altijd nog dat er elementen ontstaan van stigmatisering van allochtone groepen in hun totaliteit. Die onderwerpen willen wij graag daarin behandeld zien.

De heer Dittrich (D66):

Voorzitter! Ik ben het heel erg eens met een brief over dit punt. Ik wil er graag aan toegevoegd hebben de vraag in hoeverre de huidige mogelijkheden gegevensverzameling over criminaliteit bij etnische groepen in de weg staan. In het rapport van het WODC staan toch zaken die naar mijn mening ook in de brief moeten terugkomen.

De heer Janmaat (CD):

Voorzitter! Wij zouden graag zien dat de minister, als zij daarop gaat antwoorden, er eveneens mededeling van doet dat allochtonen die tot die groepen behoren en geen Nederlander zijn, versneld kunnen worden uitgezet.

De heer Rabbae (GroenLinks):

Voorzitter! Is de minister bereid om aan te geven welke meerwaarde deze etnische identificatie of registratie heeft boven het huidige systeem?

De voorzitter:

Ik stel voor, het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:

Het woord is aan de heer Terpstra.

De heer Terpstra (CDA):

Voorzitter! Als lid van een oppositiepartij weet ik niet precies wat er allemaal in het regeerakkoord staat, maar ik dacht mij te kunnen herinneren dat de minister en de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ook zouden nadenken over de herziening van de sociale zekerheid. Nu blijkt uit een interview in NRC Handelsblad dat de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de heer De Grave, sterk bezig is met de herziening van het belastingstelsel. Op grond daarvan wil ik graag de staatssecretaris van Financiën, de heer Vermeend, vragen zijn visie weer te geven op de sociale zekerheid. Daardoor krijgen wij een evenwichtig beeld van alle ideeën die binnen het kabinet leven.

De voorzitter:

Ik stel voor, het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:

Het woord is aan de heer Van der Linden.

De heer Van der Linden (CDA):

Voorzitter! Vorige week is bekend geworden dat er toch met varkenspest besmette biggen naar Italië zijn geëxporteerd, waarbij, naar de berichten verluiden, een aantal Europese regels is overtreden. Ik vraag de minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij om de Kamer opheldering te geven over de gang van zaken, met name omdat de gevolgen van een dergelijke verspreiding van de varkenspest buiten onze grenzen zeer verstrekkend zijn, niet alleen voor de handelsactiviteiten van Nederland, maar ook voor de boeren zelf.

Ik wil bovendien een commentaar van de minister van LNV hebben op de opvattingen van de Belgische minister van landbouw, die zich beklaagt over een gebrekkige informatie over de herkomst van de varkens in België vanuit Nederland.

Tot slot wil ik de minister van LNV vragen om de Kamer te informeren over de stand van zaken met betrekking tot uitvoering van de knelpunten en de uitbetalingen voor de getroffen boeren.

De heer Van der Vlies (SGP):

Voorzitter! Ik ondersteun dit verzoek en voeg er nog een vraag aan toe. In het laatstgehouden algemeen overleg terzake is door mij een plan aan de minister aangereikt ten behoeve van bonafide ondernemers boven de rivieren, opdat zij onder voorwaarden hun biggen nog kunnen exporteren. Ik zou daarover graag het oordeel van de minister vernemen.

De voorzitter:

Ik stel voor, het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:

Het woord is aan mevrouw Lambrechts.

Mevrouw Lambrechts (D66):

Voorzitter! Vijf maanden geleden is de fractie van D66 een uitwerkingsnotitie toegezegd over de verzelfstandiging van het openbaar onderwijs en de belemmeringen waar gemeenten tegen aanlopen. Afgelopen donderdag ontstond daarover verwarring in een debat met de staatssecretaris. Ik heb het nog eens nagelezen in de Handelingen en daaruit blijkt toch echt dat ons een dergelijke notitie is toegezegd. Ik vraag u er bij de staatssecretaris op aan te dringen ons die notitie ten spoedigste te doen toekomen. Er zijn echt grote problemen bij de gemeenten.

De voorzitter:

Ik stel voor, het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:

Het woord is aan de heer De Hoop Scheffer.

De heer De Hoop Scheffer (CDA):

Voorzitter! Afgelopen weekend is er wederom, zij het nu regulier, een vliegtuig op Schiphol geland waaruit een aantal Tamils zijn gestapt die asiel hebben gevraagd. Op zichzelf is dat minder bijzonder dan datgene wat wij vorige week meemaakten. Aangezien wij aanstaande donderdag een algemeen overleg hebben over een rapport van de Rekenkamer, dat zich onder meer met de buitengrenzen bezighoudt, zouden wij naar aanleiding van kritiek die is geuit op de onderbezetting op Schiphol in het afgelopen weekend, van de regering graag een korte brief ontvangen, die dan donderdag bij de besprekingen kan worden betrokken. In die brief moet worden ingegaan op de positie van de regering ten aanzien van de kritiek op de geringe bezetting op Schiphol.

De voorzitter:

Ik stel voor, het stenogram van dit deel van de vergadering door te geleiden naar het kabinet.

Daartoe wordt besloten.