Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal1996-1997nr. 39, pagina 3206

Aan de orde is de stemming over een motie, ingediend in het debat over bewegingsonderwijs, te weten:

- de motie-Cornielje c.s. over bewegingsonderwijs in het lang en kort MBO en het beroepsbegeleidend onderwijs (25000 VIII, nr. 58).

(Zie vergadering van 12 december 1996.)

De voorzitter:

Voor een korte heropening van de beraadslaging geef ik het woord aan de heer Cornielje.

De heer Cornielje (VVD):

Voorzitter! Gelet op de toezegging die de minister heeft gedaan tijdens het tweeminutendebat, om met de landelijke organen te gaan overleggen en de Kamer daarover voor 1 februari te berichten, wil ik de motie tot 1 februari aanhouden.

De voorzitter:

Op verzoek van de heer Cornielje stel ik voor, zijn motie (25000-VIII, nr. 58) van de agenda af te voeren.

Daartoe wordt besloten.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:

Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen achteraf.

Meerjarenprogramma Infrastructuurfonds en Transport

Mevrouw Verbugt (VVD):

Voorzitter! De VVD-fractie heeft voor de motie-Rosenmöller c.s. (25003, nr. 11), ingediend bij de behandeling van het MIT, gestemd. Zij heeft deze motie geïnterpreteerd als een verzoek om een onderzoek naar de haalbaarheid van een spoorverbinding Breda-Utrecht, dit in het licht van de ontwikkeling van de HSL-Zuid.

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

Mevrouw Kalsbeek-Jasperse (PvdA):

Voorzitter! Wij hebben tegen de motie-De Jong (25000-XV, nr. 22) gestemd. Wij waren het zeer eens met de intentie van deze motie; wij zijn ervoor, een substantiële discussie te voeren over het inkomensbeleid in meer brede zin. Maar wij hebben moeite met de vorm die in de motie wordt voorgesteld, namelijk een aparte nota, en met het tijdstip waarop dat zou moeten geschieden, voor de zomer van 1997. De minister heeft toegezegd dat hij aan dit onderwerp aandacht zal besteden in de Sociale nota, zodat bij de begroting over dit onderwerp kan worden gesproken. Dit heeft onze volle steun; wij rekenen erop dat dit onderwerp in de Sociale nota een substantieel onderdeel zal zijn.

Meerjarenprogramma Infrastructuurfonds en Transport

De heer Hendriks:

Voorzitter! Ik heb voor de motie-Verbugt c.s. (25003, nr. 15) gestemd, omdat verbreding van het Wilhelminakanaal bij Tilburg van fundamenteel belang is voor de oost-westverbinding, dus vanaf de Noordzee tot aan de Oeral.