Tegenwoordig zijn 136 leden, te weten:
Aasted Madsen-van Stiphout, Agema, Albayrak, Algra, Anker, Aptroot, Arib,
Atsma, Azough, Bashir, Van Beek, Besselink, Bilder, Biskop, Blanksma-van den
Heuvel, Blok, Blom, Van Bochove, Boelhouwer, Van Bommel, Bosma, Bouchibti,
Bouwmeester, Brinkman, Ten Broeke, Van der Burg, Çörüz, Cramer,
Van Dam, Dezentjé Hamming-Bluemink, Dibi, Tony van Dijck, Jan Jacob
van Dijk, Jasper van Dijk, Van Dijken, Dijsselbloem, Eijsink, Elias, Eski,
Ferrier, Fritsma, Van Gent, Gerkens, Van Gerven, Gesthuizen, Graus, Griffith,
Van der Ham, Hamer, Harbers, Haverkamp, Heerts, Heijnen, Van Hijum, Ten Hoopen,
Irrgang, Jacobi, Jager, Joldersma, Kalma, Kant, Karabulut, Knops, Koopmans,
Koppejan, Koşer Kaya, Kraneveldt-van der Veen, De Krom, Laaper, Langkamp,
Leerdam, Van Leeuwen, Leijten, Lempens, Linhard, Luijben, Marijnissen, Mastwijk,
Van Miltenburg, De Mos, Neppérus, De Nerée tot Babberich, Nicolaï,
Omtzigt, Ormel, Ortega-Martijn, Ouwehand, De Pater-van der Meer, Pechtold,
Pieper, Polderman, Poppe, Van Raak, Remkes, Roefs, Roemer, De Roon, De Roos-Consemulder,
De Rouwe, Rutte, Samsom, Schermers, Schinkelshoek, Schippers, Schreijer-Pierik,
Smeets, Smilde, Smits, Spekman, Spies, Van der Staaij, Sterk, Tang, Thieme,
Timmer, Van Toorenburg, Uitslag, Ulenbelt, Van der Veen, Van Velzen, Vendrik,
Verbeet, Verdonk, Vietsch, Van der Vlies, Voordewind, Vos, Jan de Vries, Waalkens,
Weekers, Wiegman-van Meppelen Scheppink, Wilders, Willemse-van der Ploeg,
De Wit, Wolbert en Yücel,
en de heer Balkenende, minister-president, minister van Algemene Zaken,
de heer Verhagen, minister van Buitenlandse Zaken, minister voor Ontwikkelingssamenwerking,
de heer Hirsch Ballin, minister van Justitie, minister van Binnenlandse Zaken
en Koninkrijksrelaties, de heer Donner, minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
en de heer Klink, minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
De voorzitter:
Ik verzoek iedereen in de zaal en op de tribune die daartoe in staat is,
om te gaan staan.
Waarde medeleden. In de loop van woensdag 12 mei jongstleden werd
duidelijk dat de vliegramp die eerder die ochtend had plaatsgevonden nabij
Tripoli, het leven had gekost aan tientallen Nederlanders. Bij deze ramp,
waarbij in totaal 103 mensen het leven lieten, zijn 70 Nederlandse slachtoffers
te betreuren.
We voelden ons geschokt en verslagen. Voor veel mensen braken uren van
grote onzekerheid aan. Zaten geliefden, naasten of vrienden op deze rampvlucht?
Toen bleek dat Ruben de enige overlevende was, kregen ook zij zekerheid. De
zekerheid, die zij zozeer hadden gevreesd.
De beelden, die ons vanaf die bewuste woensdag via de media bereikten,
waren onwerkelijk: een gebroken souvenir, de omslag van een boek met een Nederlandse
titel, een vakantieverslag van een kind, een knuffel.
De hulpverlening kwam op gang, zowel in Tripoli, in samenwerking met de
Libische autoriteiten, als in ons eigen land. Hulp neemt echter niet de pijn
weg, die nu zo velen in hun hart voelen. Die pijn slijt slechts met de tijd
of zal voor altijd blijven.
Wij voelen ons als volksvertegenwoordigers zeer betrokken bij de gevolgen
van deze ramp. Een betrokkenheid die velen met ons delen, in ons land, maar
ook op de Nederlandse Antillen en Aruba en in het buitenland.
Wij voelen mee met Ruben, die de ramp als enige overleefde. Wij hopen
dat hij spoedig mag herstellen en dat hij de kracht zal vinden en de rust
zal krijgen om te kunnen omgaan met het verlies van zijn ouders en zijn broer.
Bij deze ramp hebben ook mensen uit andere landen het leven gelaten. Daarom
denken wij vandaag aan alle nabestaanden. Wij leven met hen mee. Wij delen
het verdriet. Wij wensen hen sterkte in deze voor hen zo moeilijke tijd.
Ik geef het woord aan de minister-president.
Minister Balkenende:
Voorzitter. Op 12 mei werd ons land in het hart geraakt. Onder de
103 slachtoffers die omkwamen bij de ramp met het toestel van Afriqiyah Airways,
waren maar liefst 70 Nederlanders. 70 landgenoten die met één
harde klap het leven verloren. Dat is menselijkerwijs bijna niet te bevatten.
In heel Nederland rouwen mensen om familieleden en vrienden, om klasgenootjes
en collega's, om bekenden uit de buurt of leden van dezelfde vereniging. En
wij rouwen Voorzittermet hen.
Nederland is dezer dagen één in zijn verdriet. Namens het
kabinet wil ik hier ons diepe medeleven betuigen aan alle nabestaanden. Enkele
bewindspersonen en ik hebben persoonlijk met een aantal van hen gesproken
op Hemelvaartsdag. Het was een ontmoeting waar heel veel menselijk
leed samenkwam. Het ongeloof en de onzekerheid van ouders die hun kinderen
verloren. Kinderen die hun ouders nooit meer terug zullen zien. Mensen die
een geliefde voor altijd kwijt zijn. Hier past slechts de stilte.
Nog verdoofd van de schok en het verdriet waren er tegelijkertijd ook
meteen zo veel vragen. Hoe kon dit gebeuren? Hoe zagen de laatste momenten
van onze geliefden eruit? En wanneer kunnen wij afscheid nemen? Daar moet
op dit moment de prioriteit liggen: bij het antwoord op deze vragen en het
wegnemen van zo veel mogelijk onzekerheden. Het kabinet zal er dan ook alles
aan doen om nabestaanden zo zorgvuldig en zo snel mogelijk te blijven informeren
en alle steun te bieden die nodig is.
Op dit moment zijn enkele tientallen hulpverleners ter plaatse om de slachtoffers
te identificeren en andere, meer praktische zaken te regelen. Hun moeilijke
werk verdient ons groot respect en onze dank, net als de inzet van hun Libische
collega's en de lokale autoriteiten. Er wordt goed en intensief samengewerkt
om de oorzaken van deze ramp te achterhalen en om zo snel mogelijk duidelijkheid
te kunnen bieden aan nabestaanden. Daarvoor spreken wij onze waardering uit.
Een bijzonder woord van troost en medeleven wil ik uitspreken in de richting
van Ruben, het negenjarige jongetje uit Tilburg dat deze ramp als enige overleefde.
Je hart breekt bij zijn verhaal. Ik hoop vurig dat Ruben de komende tijd in
alle rust kan herstellen en samen met zijn familie het verlies van zijn ouders
en broer kan verwerken. Ik doe een dringend beroep op de media om Ruben en
alle nabestaanden die rust ook te gunnen.
Voorzitter. Een ramp van deze omvang maakt stil. Er is een diep gat geslagen
in de levens van heel veel mensen die in hun directe omgeving iemand hebben
verloren. Laten wij aan hen denken, met hen meeleven en troost en hulp bieden
in deze moeilijke tijd. Vanaf deze plaats wil ik tegen hen zeggen: weet dat
heel velen om u heen willen staan. Ik wens alle nabestaanden heel veel kracht
toe bij de verwerking van dit grote verlies.