Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Eerste Kamer der Staten-Generaal2015-2016nr. 15, item 22

22 Stemming Elektriciteits- en gaswet

Aan de orde is de stemming in verband met het wetsvoorstel Voorstel van wet houdende regels met betrekking tot de productie, het transport, de handel en de levering van elektriciteit en gas (Elektriciteits- en gaswet) (34199). 

(Zie vergadering van heden.) 

De voorzitter:

Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen vooraf. 

Mevrouw Meijer (SP):

Voorzitter. Ik leg deze stemverklaring af namens de SP, het CDA, de PVV, de ChristenUnie, de Partij voor de Dieren, 50PLUS en de OSF. Uit de zojuist aangenomen motie blijkt dat zij allen ernstige bezwaren hebben tegen de continuering van het groepsverbod. Wij staan voor een dilemma. Stemmen wij voor de wet, dan krijgen wij het net op zee, maar ook het groepsverbod, dat wij niet willen. Stemmen wij tegen, dan is eveneens het groepsverbod van kracht en loopt het net op zee vertraging op. Echter, wij hebben de minister bij herhaling gevraagd om de inwerkingtreding van het groepsverbod in de nieuwe wet uit te stellen, maar hij heeft op geen enkele wijze aan onze verzoeken tegemoet willen komen. Daarom rest ons geen andere keuze dan tegen de wet te stemmen. Wij willen daarmee een signaal geven aan de regering, dat de mening van een meerderheid van deze Kamer, zoals zojuist verwoord in de motie, niet zomaar genegeerd kan worden. Voor de PVV geldt dat zij hoe dan ook tegen de wet zal stemmen. 

Mevrouw Vos (GroenLinks):

Voorzitter. De minister heeft net kort en krachtig gezegd dat hij een breed gedeelde wens in deze Kamer negeert en de motie niet uitvoert. Mijn fractie vindt dat buitengewoon teleurstellend. Wij vinden dat een breed politiek debat nodig is over de toekomst van een duurzame energievoorziening en de betekenis die geïntegreerde bedrijven daar al dan niet in kunnen hebben. De motie die oproept om de invoering van het groepsverbod uit te stellen en op z'n minst daarmee de ruimte te creëren om een dergelijk debat te voeren, wordt door de minister naast zich neergelegd. Hij is op geen enkele wijze tegemoetgekomen aan de vele handreikingen die ik heb gedaan tijdens dit debat om tot elkaar te komen. Hoe dan ook zal deze motie volgens de fractie van GroenLinks een vervolg moeten hebben, want zij is aangenomen en dus politieke realiteit. 

Wij staan voor een groot dilemma. Er is hier een wet aan de orde die cruciaal is voor wind op zee, maar die tevens nog steeds het groepsverbod bevat. De minister is er duidelijk over; hij gaat dat gewoon doorzetten. Een tegenstem tegen de wet is een duidelijk politiek signaal, maar laat ons ook achter met lege handen, namelijk vertraging van wind op zee en een groepsverbod dat blijft. Wij zullen daarom — en dat is met pijn in het hart — voor de wet stemmen. 

De voorzitter:

Ik stel voor, te stemmen bij zitten en opstaan. 

Daartoe wordt besloten. 

In stemming komt het wetsvoorstel. 

De voorzitter:

Ik constateer dat de leden van de fracties van de SGP, de VVD, de PvdA, GroenLinks en D66 voor dit wetsvoorstel hebben gestemd en de leden van de fracties van de ChristenUnie, het CDA, de PvdD, 50PLUS, de OSF, de SP en de PVV ertegen, zodat het is verworpen. 

We hebben het nog even nageteld. Het is 37 voor en 38 tegen, dus met één stem verschil is de wet verworpen. Vandaar dat we het voor de zekerheid nog even extra gecontroleerd hebben.