7 Regionale luchthavens

Aan de orde is het tweeminutendebat Regionale luchthavens (CD d.d. 08/06).

De voorzitter:

De minister is gearriveerd. Welkom; fijn dat u bij ons bent. Aan de orde is thans het tweeminutendebat Regionale luchthavens. Het commissiedebat vond plaats op 8 juni. Wij hebben zes sprekers van de zijde van de Kamer. De eerste spreker is de heer Van Haga van de Groep Van Haga. Het woord is aan hem.

De heer Van Haga (Groep Van Haga):

Voorzitter. BVNL staat voor de regionale luchthavens, die de regio een economische impuls geven en van belang zijn om Schiphol te ontlasten. Daarom hebben wij twee moties.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de besluitvorming omtrent de opening van Lelystad Airport wederom is uitgesteld;

overwegende dat een snelle opening van Lelystad Airport gezien de chaos op Schiphol in het belang van Nederland is;

verzoekt de regering zich maximaal in te spannen om een snelle opening van Lelystad Airport mogelijk te maken,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Van Haga en Smolders.

Zij krijgt nr. 964 (31936).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de minister van IenW aangeeft dat hij geen middelen op de begroting heeft ter ondersteuning van regionale luchthavens;

constaterende dat een aantal regionale luchthavens in de toekomst wellicht om financiële steun zal vragen bij het Rijk;

overwegende dat regionale luchthavens van nationaal belang zijn en daarom behouden dienen te worden;

verzoekt de regering op de begroting van IenW voor het jaar 2023 financiële middelen voor regionale luchthavens te reserveren, zodat financiële steun voor regionale luchthavens in ieder geval een mogelijkheid is,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Van Haga en Smolders.

Zij krijgt nr. 965 (31936).

Dank u wel. Dan de heer Koerhuis van de VVD.

De heer Koerhuis (VVD):

Voorzitter. Eerder is een motie van mij aangenomen om te onderzoeken hoe Eelde economisch rendabel kan worden gemaakt, hoe de continuïteit kan worden gewaarborgd en welke rol Schiphol hierbij kan spelen. Ik wil de minister vragen wat de stand van zaken is en hoe de gesprekken gaan met Eelde en Noord-Nederland. Hierop heb ik dus nog geen motie van mij.

Een andere eerder aangenomen motie van mij ging over het regie pakken op het overplaatsen van vakantievluchten van Schiphol naar Eelde en Maastricht. Wat is de stand van zaken? Ik schrok van een bericht vorige week dat TUI vakantievluchten wilde overplaatsen naar Eelde, maar dat het ministerie niet mee leek te willen werken. Kan de minister hierop ingaan? Ook hierover heb ik nog geen motie.

Dank u wel.

De voorzitter:

Heel goed. Dank u wel. Dan mevrouw Kröger van GroenLinks.

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

Voorzitter, ik heb een tweetal moties.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat met het afhaken van de bewonersvertegenwoordigers en de omliggende gemeenten het participatieproces voor de toekomst van Rotterdam The Hague Airport is mislukt;

overwegende dat hiermee niet is voldaan aan een van de belangrijkste voorwaarden;

verzoekt de regering om de uitkomst van het nu lopende proces te negeren en Rotterdam The Hague Airport mede te delen dat een door de omgeving gedragen proces een voorwaarde is voor besluiten over de toekomst van de luchthaven,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Kröger en Van Raan.

Zij krijgt nr. 966 (31936).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering de regionale luchthavens, zoals Eelde, Maastricht en Rotterdam, niet financieel te ondersteunen met subsidies, giften, leningen, gratis diensten, kortingen op tarieven, leningen en belastingen, of het overnemen van kosten, direct of via medeoverheden,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Kröger en Van Raan.

Zij krijgt nr. 967 (31936).

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

Dank u wel.

De voorzitter:

Dank u wel. Dan de heer Van Raan van de fractie van de Partij voor de Dieren.

De heer Van Raan (PvdD):

Voorzitter, dank u wel. We struikelen in dit land over luchthavens die hun vergunningen niet op orde hebben. Daarom gaan wij een eerder aangehouden motie ook in stemming brengen, namelijk de motie op stuk nr. 957.

Dan heb ik nog wat andere moties.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat vanwege de drukte op Schiphol er vluchten verplaatst worden van Schiphol naar de regionale luchthavens;

constaterende dat er nog passende natuurvergunningen nodig zijn voor Schiphol, Rotterdam The Hague Airport, Maastricht Aachen Airport en Eindhoven Airport;

constaterende dat er nog luchthavenbesluiten nodig zijn voor Rotterdam The Hague Airport, Maastricht Aachen Airport en Groningen Eelde Airport;

van mening dat regionale luchthavens zonder passende natuurvergunning of actueel luchthavenverkeersbesluit in ieder geval geen extra vluchten kunnen overnemen;

verzoekt de regering op zijn minst te voorkomen dat de genoemde luchthavens meer vluchten gaan uitvoeren of vluchten overnemen van Schiphol,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Van Raan en Kröger.

Zij krijgt nr. 968 (31936).

De heer Van Raan (PvdD):

Ik dacht dat deze mede-ingediend was door mevrouw Kröger, maar ik ben even de kluts kwijt. Klopt dat? Ja? De motie op stuk nr. 968 is mede-ingediend door mevrouw Kröger. Dank je wel.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de bewonersvertegenwoordigers het participatieproces rondom Rotterdam The Hague Airport hebben verlaten, omdat men weigerde om over krimp van de luchthaven te spreken;

constaterende dat de gemeente Rotterdam om die reden het voorlopig pakket niet wil ondertekenen;

constaterende dat de Provinciale Staten van Zuid-Holland uitspreken dat het proces als mislukt moet worden beschouwd en dat inwoners nu gelijkwaardig betrokken moeten worden;

verzoekt de regering om de directie van Rotterdam The Hague Airport te vragen een krimpscenario uit te werken en de bewonersvertegenwoordigers daar volwaardig bij te betrekken;

verzoekt de regering tot dit scenario is uitgewerkt, geen luchthavenverkeersbesluit voor Rotterdam The Hague Airport vast te stellen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Van Raan en Kröger.

Zij krijgt nr. 969 (31936).

De heer Van Raan (PvdD):

Ook deze motie is mede-ingediend door mevrouw Kröger, die ik wel even aankijk. Ja, ik zie geknik.

Dank u wel, voorzitter. Dat waren ze. Ik heb ook de aangehouden motie.

De voorzitter:

De aangehouden motie?

De heer Van Raan (PvdD):

Ik wil de motie op stuk nr. 957 in stemming brengen voor een appreciatie.

Dank u wel.

De voorzitter:

Oké. Heel goed. Dank u wel. Dan de heer Graus van de fractie van de Partij voor de Vrijheid.

De heer Graus (PVV):

Dank u wel, meneer de voorzitter. Ik heb drie moties.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering alle regionale luchthavens (inclusief Lelystad Airport) in te zetten ten behoeve van het ontlasten van Schiphol en ter voorkoming van verplaatsing van vluchten naar het buitenland,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Graus en Koerhuis.

Zij krijgt nr. 970 (31936).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering als medeverantwoordelijke partij in samenwerking met de provincie Limburg zorg te dragen dat de benodigde basisinfrastructuur van Maastricht Aachen Airport als luchthaven van nationaal belang zo spoedig mogelijk toekomstbestendig wordt,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Graus.

Zij krijgt nr. 971 (31936).

De heer Graus (PVV):

Want het nationaal belang, dat dienen wij. Voor de Dienst Verslag en Redactie: dat "dat dienen wij" hoort niet bij de motie.

De laatste motie is ook ten behoeve van mijn echte vaderland, Limburg. Want dát is mijn echte vaderland. Het is een achtergesteld gebied hier in de Tweede Kamer, ook als het gaat om de coronasteun aan het watersnoodgebied en ook aan de ondernemers. We zullen dat vanmiddag bij de stemmingen weer kunnen zien, hopelijk niet.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat Maastricht Aachen Airport een essentieel onderdeel is van de Limburgse basisinfrastructuur;

voorts constaterende dat Maastricht Aachen Airport een luchthaven betreft van nationaal belang inzake luchtvracht, overflow in dezen vanuit Schiphol, en hiermede van groot economisch belang, bijdragend aan een beter vestigingsklimaat;

verzoekt de regering waar en indien mogelijk bij te dragen aan de samenwerking met, en eventuele participatie in, Maastricht Aachen Airport door Schiphol,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Graus en Koerhuis.

Zij krijgt nr. 972 (31936).

Dank u wel. Mag ik u nog een prettig reces wensen?

De heer Graus (PVV):

U ook, als ik u niet meer zie. Dank u wel, meneer de voorzitter.

De voorzitter:

De laatste spreker van de zijde van de Kamer is de heer Eerdmans van de fractie van JA21.

De heer Eerdmans (JA21):

Voorzitter. Dat kan langer, want ik dacht dat we vandaag nog niet klaar waren, meneer Graus. Of bent u zover om al richting Limburg te verkassen?

De voorzitter:

We zijn nog lang niet klaar met de heer Graus.

De heer Eerdmans (JA21):

Nee, we zijn nog niet klaar, zeker niet met de heer Graus.

Ik heb vandaag ook twee voorstellen aan de Kamer. Dat doe ik met eer en genoegen ook namens collega Eppink en meneer Koerhuis, dus dat belooft wat te worden. De eerste.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de minister van Infrastructuur en Waterstaat aangeeft in gesprek te gaan met de regionale luchthavens op het gebied van het opstellen van een gezamenlijke luchthavenstrategie;

overwegende dat informatievoorziening hierover richting de Kamer zeer wenselijk is;

verzoekt de regering de Kamer tweemaal per jaar per brief op de hoogte te stellen van de voortgang van deze gesprekken,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Eerdmans en Koerhuis.

Zij krijgt nr. 973 (31936).

De heer Eerdmans (JA21):

De tweede gaat als volgt.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat veel jonge aspirant-piloten niet durven te starten met de pilotenopleiding door de hoge kosten;

constaterende dat de overheid de toegankelijkheid van opleidingen wil stimuleren;

constaterende dat er een tekort is aan piloten binnen de luchtvaartsector;

overwegende dat de Nederlandse Staat een bijdrage doet aan andere kostbare praktijkopleidingen die van cruciaal belang zijn voor de veiligheid en de gezondheid;

overwegende dat de pilotenopleidingen een enorme boost geven aan regionale luchthavens en de omliggende regio;

verzoekt de regering om met de betrokkenen in overleg te gaan en te onderzoeken of het mogelijk is om:

  • -een situatie te creëren waarin jonge piloten niet langer met onredelijke financiële risico's worden geconfronteerd;

  • -als Staat een bijdrage te doen aan de kosten van de pilotenopleiding;

  • -inzichtelijk te maken waarom de kosten van een pilotenopleiding in Nederland hoger zijn dan in de ons omringende landen,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Eerdmans en Eppink.

Zij krijgt nr. 974 (31936).

Ik schors twee minuten en dan gaan we luisteren naar de minister.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

De voorzitter:

Het woord is aan de minister.

Minister Harbers:

Dank u wel, voorzitter. Eerst de vragen van de heer Koerhuis. De stand van zaken wat betreft de besprekingen met Groningen Airport Eelde legde ik in het commissiedebat van enkele weken geleden al uit. Er wordt actief gesproken tussen Schiphol Group aan de ene kant en Airport Eelde aan de andere kant. Ook de regio speelt een belangrijke rol, want die is als eerste aan zet om de visie op de toekomst van Groningen Airport Eelde te bepalen en aan de hand daarvan een verzoek te doen voor het luchthavenbesluit. Dus dat is gewoon de stand van zaken. Daar is men druk mee bezig. Schiphol kijkt daarbij mee en is aangehaakt bij die gesprekken.

De voorzitter:

Eén korte vraag van de heer Koerhuis.

De heer Koerhuis (VVD):

Heel kort; ik weet dat het de laatste dag is. De motie vraagt ook dat het ministerie meedoet aan die gesprekken, dus nogmaals dat verzoek. Ik ga de motie niet nog een keer indienen, maar het ministerie moet wel meedoen aan die gesprekken.

Minister Harbers:

Dat gaf ik ook aan. Ook het ministerie kijkt in ieder geval mee, is betrokken/aanwezig bij die gesprekken. Maar het is in de eerste plaats niet aan ons om dat in te vullen.

Dan het uitplaatsen van vluchten naar Groningen Airport Eelde. Ik informeer u periodiek over de drukte op Schiphol. Het is een zelfstandige beslissing van luchtvaartmaatschappijen om vluchten te verplaatsen naar Eelde. Dat moet wel binnen de bestaande vergunningen en openingstijden. Specifiek lag er een verzoek om de nachturen behoorlijk op te rekken, al dan niet tijdelijk. Er was juridisch geen ruimte en ook geen instrument om dat op deze termijn mogelijk te maken, nog los van de principiële vraag of je dat zou willen.

Dan de moties. Eerst de motie van de heer Van Haga en de heer Smolders op stuk nr. 964. Ik heb in mijn brief van twee weken geleden aangegeven dat het kabinet in 2024 een besluit neemt over de eventuele opening van Lelystad. Dat is het staand kabinetsbeleid. Ik ga er zomaar van uit dat deze motie zegt dat het sneller moet, want er staat ook "een snelle opening van Lelystad Airport". Dat is niet realistisch. Om die reden ontraad ik de motie.

De motie op stuk nr. 965 verzoekt om middelen op de begroting voor het jaar 2023. Die ruimte is er niet op de IenW-begroting en zit ook niet als dekkingsvoorstel in deze motie. Financiële steun van de overheid voor de exploitatie van luchthavens is daarnaast vanwege Europese regelgeving nagenoeg uitgesloten. Het is in de eerste plaats aan luchthavens en aandeelhouders om de exploitatie rond te krijgen door een sluitende businesscase te maken. Om die reden ontraad ik de motie.

De motie op stuk nr. 966 van mevrouw Kröger en de heer Van Raan ontraad ik ook, want die motie vraagt mij om vooruit te lopen op de uitkomst van een proces dat nog niet afgerond is. Bij Rotterdam The Hague Airport ligt wel de opdracht om zich in te spannen om bij de uiteindelijke aanvraag rekening te houden met alle belangen. Dat heeft Rotterdam The Hague Airport ook toegezegd. Ik zal te zijner tijd beoordelen of de aanvraag daaraan voldoet.

De voorzitter:

Eén korte vraag van mevrouw Kröger.

Mevrouw Kröger (GroenLinks):

Het participatieproces loopt nu helemaal spaak. Is de minister bereid om aan te geven dat het proces zoals het er nu voorstaat, niet kan leiden tot zorgvuldige besluitvorming?

Minister Harbers:

Dat laatste is jumping to conclusions. Het is de taak van Rotterdam The Hague Airport om met een gedragen participatieproces tot een aanvraag voor het luchthavenbesluit te komen, dus dat is al onderdeel van de opdracht aan Rotterdam The Hague Airport. Het proces is niet afgerond en dat er wat vlot te trekken is, is ook evident.

De voorzitter:

Motie op stuk nr. 967.

Minister Harbers:

De motie op stuk nr. 967 verzoekt geen financiële steun te geven aan regionale luchthavens. Die ontraad ik ook. Het is staand beleid. Het is de verantwoordelijkheid van luchthavens om de exploitatie rond te krijgen. Voor de duurzaamheidstransitie krijgen verschillende vervoersmodaliteiten financiële ondersteuning. Daar moeten we de luchtvaart niet van uitzonderen.

De motie-Van Raan/Kröger op stuk nr. 968 ontraad ik ook. Luchthavens kunnen verkeer accommoderen binnen de vergunning die ze hebben. Dat is voor mij het kader. Ik heb geen instrumenten om daarbinnen het verkeer verder te sturen of te beperken.

De heer Van Raan (PvdD):

Misschien moet de minister zijn eigen woorden nog even terugluisteren. Hij zegt dat hij geen mogelijkheden heeft om binnen de vergunningen te spelen met die getallen, maar het hele punt is, ook van de motie, dat er in sommige gevallen helemaal geen vergunningen zijn. Dan kun je op z'n minst zeggen: niet meer vluchten, want je hebt niet eens een vergunning. Mij lijkt toch dat de minister daar weinig moeite mee kan hebben.

Minister Harbers:

Ik handel binnen het geldende kader dat de luchthavens tot 2024 hebben om tot de bijbehorende natuurbeschermingsvergunning te komen, en het luchthavenbesluit. Dat is voor mij het kader.

Dan de motie-Graus op stuk nr. 970. Hiervoor geldt ook dat het aan de luchthavens en de luchtvaartmaatschappijen zelf is om eventueel vluchten van Schiphol naar andere luchthavens te verplaatsen. We hebben geen instrumenten om dat te bewerkstelligen. De motie is vrij strikt. Het dictum verzoekt de regering om alle regionale luchthavens in te zetten. Dat kunnen wij niet bewerkstelligen. Dat zou een reden zijn om de motie te ontraden. Als de heer Graus wil dat we in ieder geval de mogelijkheden van regionale luchthavens onder de aandacht brengen, dan zou het oordeel Kamer zijn, want dat is precies wat we hebben gedaan. Maar er is geen enkel instrument om actief te bewerkstelligen wat de heer Graus vraagt.

De voorzitter:

De heer Graus knikt ja en daarmee is het een feit.

Minister Harbers:

De motie-Graus op stuk nr. 971 gaat over Maastricht Aachen Airport als luchthaven van nationaal belang. Die motie ontraad ik, want dit is echt wat we bij alle regionale luchthavens doen. Exploitatie, instandhouding en onderhoud zijn de verantwoordelijkheid van de luchthavens en de aandeelhouders, en niet van het Rijk. Het Rijk wil in de uitwerking van de toekomstvisie komen tot een nieuw luchthavenbesluit en daarin Maastricht Aachen Airport ondersteunen, maar dat betekent wel dat de regio daar een positief besluit over moet nemen en al die input aan het Rijk dient te verstrekken. Maar we hebben geen middelen om financieel bij te dragen aan de exploitatie van de luchthaven.

De heer Graus (PVV):

Van oudsher draagt de regering bij aan bepaalde infrastructuur die van nationaal belang kan zijn. De regering draagt ook bij aan de wegen, om maar wat te noemen, en aan de luchthaven. Dat gebeurt door heel Europa, hoor. Het is allemaal één Europa, maar dan is het opeens weer niet één Europa. Overal dragen regeringen en staten bij aan de basisinfrastructuur van regionale luchthavens.

De voorzitter:

Helder.

Minister Harbers:

Ik wijs kort op de Luchtvaartnota, waarin we dat besluit niet hebben genomen. Dat geldt overigens evenzeer voor Schiphol. Men moet zelf op commerciële wijze in de financiering van de hele infrastructuur voorzien.

Dan de motie-Graus/Koerhuis op stuk nr. 972. Daar staat in wat wij al doen. Om die reden zou ik de motie kunnen overnemen.

De voorzitter:

Bestaat daar bezwaar tegen? Ik stel vast dat dat niet het geval is. Dan wordt de motie overgenomen en gaan we er dus niet over stemmen.

De motie-Graus/Koerhuis (31936, nr. 972) is overgenomen.

Minister Harbers:

De motie-Eerdmans/Koerhuis op stuk nr. 973 verzoekt om twee keer per jaar te informeren over de gezamenlijke luchthavenstrategie. Dat is ook onderdeel van de Luchtvaartnota. Ik informeer de Kamer al periodiek over de samenwerking. Dat zou ik vaker kunnen doen dan twee keer per jaar, maar laat ik afspreken dat ik in ieder geval twee keer per jaar de stand van zaken aangeef in de verzamelbrief luchtvaart. Als de heer Eerdmans daarmee kan leven, kan ik de motie oordeel Kamer geven.

De voorzitter:

De heer Eerdmans steekt zijn duim omhoog, dus bij dezen.

Minister Harbers:

De motie-Eerdmans/Eppink op stuk nr. 974 gaat wel te ver, omdat die ook uitspreekt om een bijdrage te leveren aan de kosten van de pilotenopleidingen. We hebben het in het debat niet gehad over het vraagstuk daarachter. De motie zelf ontraad ik. Ik kan de heer Eerdmans wel toezeggen dat ik in kaart zal brengen hoe het zit met de pilotenopleidingen. Wat betreft de andere delen van de motie waarin hij hint op een onderzoek: ik kan de Kamer toezeggen dat ik voor het einde van het jaar een brief zal sturen met daarin wat meer inzicht in hoe het staat met de pilotenopleidingen in Nederland.

De voorzitter:

Heel goed. We krijgen die brief, maar ...

Minister Harbers:

De motie zelf ontraad ik, want die gaat twee stappen te ver.

De voorzitter:

De motie zelf is ontraden. Helder, helder. We gaan er gewoon over stemmen. Er is nog een aangehouden motie van de heer Van Raan, maar die hebben wij niet en die heeft de minister ook niet. Het woord is aan de heer Van Raan.

De heer Van Raan (PvdD):

Wij trekken de motie op stuk nr. 966 in. Die gaat over Rotterdam The Hague Airport.

De voorzitter:

Aangezien de motie-Kröger/Van Raan (31936, nr. 966) is ingetrokken, maakt zij geen onderwerp van beraadslaging meer uit.

De heer Graus (PVV):

Allereerst dank aan de minister voor het overnemen van de motie op stuk nr. 972. Die participatie aan die gesprekken zou eerst geen taak van de regering zijn, vandaar dat ik de motie toch heb ingediend. Maar bedankt voor dat herziene inzicht. Ten slotte. De motie op stuk nr. 970 wordt medeondertekend door meneer Koerhuis.

De voorzitter:

Dat voegen we toe.

De heer Graus (PVV):

Dank u wel, meneer de voorzitter.

De voorzitter:

Tot zover. Vanavond … De heer Van Raan nog? Kort, kort, kort.

De heer Van Raan (PvdD):

Ik heb pardoes een motie van collega Kröger ingetrokken. Dat is natuurlijk niet de bedoeling. Ik bedoelde de motie op stuk nr. 969 en niet de motie op stuk nr. 966.

De voorzitter:

Oké, dus de motie-Van Raan op stuk nr. 969 wordt ingetrokken, en de motie-Kröger/Van Raan op stuk nr. 966 wordt niet ingetrokken. Het wordt tijd voor vakantie voor u, meneer Van Raan, stel ik vast.

Aangezien de motie-Van Raan/Kröger (31936, nr. 969) is ingetrokken, maakt zij geen onderwerp van beraadslaging meer uit.

Goed. Tot zover dit debat.

De beraadslaging wordt gesloten.

Naar boven