33 Externe veiligheid / handhaving

Aan de orde is het VAO Externe veiligheid / handhaving (AO d.d. 12/12).

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):

Voorzitter. Ik dien de volgende moties in.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat Brzo-bedrijven zelf verantwoordelijk zijn voor het in goede staat houden van bedrijventerrein en opstallen, maar dat het toch voorkomt dat overheden opdraaien voor de saneringskosten bij een faillissement;

verzoekt de regering, mogelijkheden te onderzoeken zodat bedrijven zelf zorg dragen voor de saneringskosten van een failliet Brzo-bedrijf via bijvoorbeeld een verplichte verzekering of een waarborgfonds, en de Kamer daarover te informeren vóór de Voorjaarsnota,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Tongeren. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 185 (26956).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

verzoekt de regering, een informatieprotocol vast te leggen zodat, indien het bevoegd gezag het advies van handhaving van de Brzo-RUD niet volgt, het bevoegd gezag de ILT daarover onmiddellijk op de hoogte stelt,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Tongeren. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 186 (26956).

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat Brzo-bedrijven die herhaaldelijk in de fout gaan, een extra risico vormen voor de veiligheid van werknemers en omwonenden;

constaterende dat toezicht nu vooral bestaat uit "inspectie op papier";

verzoekt de regering, meer fysieke inspecties uit te voeren bij bedrijven die herhaaldelijk in de fout gaan, het bedrijf in kwestie zo nodig te laten meebetalen aan de extra kosten die dat met zich meebrengt en in de bestaande rapportages aan te geven hoeveel papieren en hoeveel fysieke controles zijn uitgevoerd,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Tongeren. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 187 (26956).

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):

Mijn laatste motie.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat het Rijk met de Wet generiek toezicht beschikt over de mogelijkheid om namens het bevoegd gezag op te treden bij Brzo-bedrijven;

overwegende dat het huidige handhavingssysteem ingewikkelder wordt als een RUD onder politieke verantwoordelijkheid komt te staan van meerdere bestuursorganen;

verzoekt de regering, voorlopig geen nieuwe wettelijke interventiebevoegdheden voor het Rijk in te voeren, maar de bestaande mogelijkheden beter te benutten,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Tongeren. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 188 (26956).

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):

Dan heb ik dat precies binnen twee minuten gered, voorzitter. Dank u wel.

De heer Remco Dijkstra (VVD):

Voorzitter. De VVD-fractie vindt veiligheid belangrijk. Daarom zijn wij tevreden met de toezegging dat er één integrale rapportage komt, de Staat van de veiligheid, in plaats van telkens over de drie ministeries versnipperde rapporten.

De VVD-fractie vindt het ook goed dat er transparantie komt over welke vergunning op welk moment van kracht is. De VVD-fractie vindt het ook goed dat de staatssecretaris onze vraag over de voors en tegens van een verplichte bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering op een rij zal zetten. De VVD-fractie wil echter niet tornen aan de structuur van de Brzo-RUD's. Wij zijn van mening dat er geen nieuwe regels nodig zijn, maar dat beter gebruik moet worden gemaakt van de bestaande regels.

Ten slotte is de VVD-fractie blij met de toezegging dat er een actieplan komt vanwege de werkzaamheden aan het spoor in Duitsland, waarbij het goederenvervoer moet worden omgeleid.

Ik dien één motie in.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de Brzo-RUD-structuur feitelijk pas net van start is gegaan;

overwegende dat deze structuur een kans moet krijgen zich te ontwikkelen en de ILT in de dagelijkse praktijk geen vierde toezichtslaag moet worden;

overwegende dat het succes van de regionale uitvoeringsdiensten (inclusief Brzo's) voor eind 2014 geëvalueerd dient te zijn conform de motie-Houwers c.s.;

verzoekt de regering, geen nieuwe wettelijke interventiebevoegdheden voor het Rijk te creëren voordat de geplande evaluatie van de RUD's in 2014 is afgerond,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Remco Dijkstra en Van Tongeren. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 189 (26956).

De heer Van Gerven (SP):

Voorzitter. Ik wil het nog even hebben over de Zeeuwse boog. In het debat zei de staatssecretaris dat zij niet helemaal begreep wat die met duurzaamheid te maken heeft. Het punt is dat er allerlei materieel van Vlissingen naar Antwerpen moet. Het merkwaardige doet zich voor dat zo'n trein met goederen eerst helemaal naar Dordrecht moet, alwaar de zaak wordt omgedraaid en het weer naar het zuiden gaat. Dat lijkt mij niet erg duurzaam, want het kost heel veel extra tijd. Daarom dien ik de volgende motie in.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat er op de lijn Vlissingen-Dordrecht sprake is van een hoog risico door het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor;

overwegende dat minstens 30% van het risico kan worden verlaagd door de aanleg van de zogenaamde VEZA-boog, vanuit Zeeland rechtstreeks naar Antwerpen;

verzoekt de regering, de Kamer voor de Voorjaarsnota in 2014 te berichten over de stand van zaken in de onderhandelingen tussen de provincies Noord-Brabant en Zeeland met België en de mogelijkheden voor de aanleg van de spoorboog die Vlissingen direct met Antwerpen verbindt,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door het lid Van Gerven. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 190 (26956).

Mevrouw Cegerek (PvdA):

Voorzitter. De Partij van de Arbeid hecht veel waarde aan de naleving van milieu- en veiligheidsregels bij gevaarlijke bedrijven. Odfjell behoort tot de categorie bedrijven die gevaarlijk zijn. In vorige discussies is herhaaldelijk aan de orde gesteld dat daar heel veel is misgegaan. Een dergelijk bedrijf is niet een opzichzelfstaand iets. Bedrijven werken vaak samen met andere partners. Wij vinden daarom ook dat opdracht verlenende partijen kritisch zouden moeten zijn op het veiligheidsbeleid van de gehele keten. Dit kan alleen als er voldoende openheid is. Als bedrijf moet je kunnen weten of je contractpartner er een potje van maakt. Daarom dien ik de volgende motie in.

Motie

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat ketenverantwoordelijkheid een belangrijke voorwaarde is voor duurzame, schone en veilige productie en dat voor een effectieve ketenverantwoordelijkheid informatie over inspectie en handhaving cruciaal is;

verzoekt de regering, de inspectie- en handhavingsrapporten van Brzo-bedrijven openbaar toegankelijk te maken, zodat ketenpartners kunnen controleren of aan alle wettelijke vereisten is voldaan,

en gaat over tot de orde van de dag.

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Cegerek en Remco Dijkstra. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.

Zij krijgt nr. 191 (26956).

Alhoewel dit niet uw eerste optreden was in een AO, mevrouw Cegerek, en dit ook niet uw maidenspeech was, was dit wel uw eerste VAO. Gefeliciteerd daarmee!

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

Staatssecretaris Mansveld:

Voorzitter. Ik ga de moties een voor een af. De motie-Van Tongeren op stuk nr. 185 beschouw ik als ondersteuning van beleid. Het onderzoek wordt zo spoedig mogelijk gestart, maar ik zit even met de termijn. Ik kijk heel vriendelijk naar mevrouw Van Tongeren, via u, voorzitter. De Voorjaarsnota lijkt zeer krap en de vraag is wat mij betreft of mevrouw Van Tongeren akkoord kan gaan met "voor de zomer".

De voorzitter:

Ik zie mevrouw Van Tongeren knikken. Dat kunnen wij interpreteren als een "ja" van GroenLinks. Het mag voor de zomer.

Staatssecretaris Mansveld:

In de motie-Van Tongeren op stuk nr. 186 wordt de regering verzocht, een informatieprotocol vast te leggen. Wij hebben een landelijke Brzo-handhavingsstrategie. Wij hebben straks ook een landelijke handhavingsstrategie voor de reguliere omgevingsdiensten. Ik zou deze motie willen ontraden, want de motie is overbodig, omdat een en ander via de landelijke strategie zal plaatsvinden.

De voorzitter:

Mevrouw Van Tongeren heeft daar een vraag over, of zij is wellicht overtuigd. Dat zou ook nog kunnen.

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):

Ik begrijp dat er een landelijke strategie is, maar het probleem is nu juist dat de ILT niet tijdig wordt geïnformeerd als er wordt afgeweken van het advies van de directeur Brzo-RUD. De bedoeling is dat de ILT tijdig op de hoogte is, alleen als er wordt afgeweken door de directeur Brzo-RUD. Sorry voor alle afkortingen.

Staatssecretaris Mansveld:

In de hele strategie worden afspraken gemaakt over de wijze waarop met elkaar wordt omgegaan en samengewerkt. Wij doen dat het liefst landelijk zo uniform mogelijk, binnen alle Brzo-plusbedrijven volgens dezelfde strategie en ook volgens de andere RUD's. Dit wordt daarin meegenomen. Ik zou het niet verstandig noemen om naast de strategie een extra informatieprotocol in te richten. Daarom ontraad ik de aanneming van de motie.

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):

Ik geloof dat ik het nu wel begrijp. De staatssecretaris gaat het wel doen, maar wil het niet een informatieprotocol noemen, maar een strategie.

Staatssecretaris Mansveld:

Wij willen dat de Brzo-RUD, het bevoegd gezag en de ILT zo effectief en efficiënt mogelijk en zo uniform mogelijk met elkaar gaan communiceren. Een informatieprotocol met deze specifieke vraag valt daarbinnen en daarin wordt meegenomen hoe er gecommuniceerd wordt. Ik vind het niet verstandig om naast die strategie iets te laten voortbestaan. Overigens krijg ik net het bericht dat de Brzo-handhavingsstrategie morgen in uw postbus ligt.

De voorzitter:

Voor de mensen die zich afvragen wat de afkorten betekenen: bij Brzo gaat het om bedrijven met risico's op zware ongevallen. RUD staat voor regionale uitvoeringsdienst.

Staatssecretaris Mansveld:

Het is goed dat u mij daarop wijst, voorzitter. Ik zal proberen het voluit te zeggen.

De voorzitter:

Als het één keer gezegd is, kunnen wij de afkortingen weer gebruiken.

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):

Ik houd de motie aan tot nadat de Kamer heeft kennisgenomen van de strategie. Dan kan ik beoordelen of het er al dan niet in zit.

De voorzitter:

Op verzoek van mevrouw Van Tongeren stel ik voor, haar motie (26956, nr. 186) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

Staatssecretaris Mansveld:

De motie-Van Tongeren op stuk nr. 187 gaat over de fysieke inspecties en het meebetalen. "Meer fysieke inspecties" doet vermoeden dat wat er nu gebeurt, niet voldoende is. Ik denk dat dit niet een verstandige invalshoek is. De ILT inspecteert soms onverwacht en soms aangekondigd en heeft daarvoor haar eigen strategie. Ik denk dat er op dit moment voldoende inspecties zijn. Ik wil het aan de ILT overlaten om van voldoende meer te maken. Het volgende punt is het bedrijf in kwestie zo nodig laten meebetalen. Mevrouw Van Tongeren heeft mij daar al eerder in geprikkeld. Zij weet dat wij de inspectieraad hebben gevraagd om met een advies te komen. Ook gaan wij het rapport Maat houden, dat al enkele jaren bestaat, opnieuw bekijken. In die zin wordt een deel van de motie al uitgevoerd. Een ander deel zou ik willen ontraden en daarmee ontraad ik eigenlijk de hele motie.

Dan de motie van mevrouw Van Tongeren op stuk nr. 188. Daarin wordt de regering verzocht om voorlopig geen nieuwe wettelijke interventiebevoegdheden voor het Rijk in te voeren, maar de bestaande mogelijkheden beter te benutten. Wij hebben lang van gedachten gewisseld over de rol die ik de ILT wil geven. Wij hebben bewust niet gekozen voor een verstorende rol in het stelsel. Er is geen rol aan de voorkant bij de vergunningverlening en er is geen doorslaggevende rol bij de accordering van de vergunning. Wel laten wij de adviesrol bestaan; daar moet over gesproken worden. Mede op verzoek van de Kamer ben ik gaan bekijken waarom ik niet kan ingrijpen. Gesteund door de Onderzoeksraad Voor Veiligheid heb ik daarop een antwoord gezocht. De raad heeft mij in een van de adviezen de mogelijkheid aangereikt om dat voor de externe veiligheid zelf te doen. Ik wil dat de ILT daarin zelf kan ingrijpen. In de motie wordt gepleit tegen nieuwe wettelijke interventiebevoegdheden, maar ik ga daarvoor wel de wet voorbereiden. Daarmee kom ik tegelijk op de motie van de heer Dijkstra op stuk nr. 189. Daarin wordt ook gepleit tegen nieuwe wettelijke interventiebevoegdheden, maar daaraan wordt toegevoegd: voordat de geplande evaluatie van de RUD's in 2014 is afgerond. Die motie zie ik als ondersteuning van beleid. De motie van mevrouw Van Tongeren op stuk nr. 188 ontraad ik, omdat ik de weg op wil van het voorbereiden van de wet. Die wet zal niet voor de evaluatie komen. Bij die evaluatie kunnen wij weer van gedachten wisselen. Ik ben dan al ver op weg met de wet en kan die ook naar de Kamer sturen. Dus ik ontraad de motie op stuk nr. 188 en ik zie de motie op stuk nr. 189 als ondersteuning van beleid.

Ik kom op de motie van de heer Van Gerven op stuk nr. 190. Wij hebben over de stand van zaken gesproken. Er is gezegd wat er is gezegd. De samenvatting van de heer Van Gerven over duurzaamheid en mijn woorden herken ik niet helemaal, maar dat ter zijde. Ik laat de motie over aan het oordeel van de Kamer. Voor de Voorjaarsnota zal ik melden wat de stand van zaken is.

De heer Van Gerven (SP):

Ik interpreteer de woorden van de staatssecretaris zo dat zij feitelijk de motie overneemt, althans wil uitvoeren. Dan hoef ik de motie natuurlijk niet in stemming te brengen.

De voorzitter:

Volgens mij heeft de staatssecretaris daarnet bevestigd dat zij die stand van zaken aan de Kamer wil sturen. Ik geef graag nog een keer het woord aan de staatssecretaris als zij hier iets aan toe te voegen heeft.

Staatssecretaris Mansveld:

Nee, wat u zegt klopt.

De heer Van Gerven (SP):

Dan trek ik de motie in.

De voorzitter:

Aangezien de motie-Van Gerven (26956, nr. 190) is ingetrokken, maakt zij geen onderwerp van beraadslaging meer uit.

Staatssecretaris Mansveld:

Ik kom op de motie van mevrouw Cegerek en de heer Dijkstra op stuk nr. 191. Ik beschouw deze motie als ondersteuning van beleid. In de motie wordt de regering verzocht om de inspectie- en handhavingsrapporten van Brzo-bedrijven openbaar toegankelijk te maken. Hiermee kunnen bedrijven inzicht krijgen in de veiligheidsperformance van andere bedrijven. Het gaat om de samenvattingen van inspectierapporten. Waarom om samenvattingen? Het zijn dikke, zeer stevige rapporten. Wij zorgen voor openbaarmaking. Daarmee zie ik de motie als ondersteuning van beleid.

De beraadslaging wordt gesloten.

De voorzitter:

Ik dank de staatssecretaris voor haar antwoorden. Wij zullen aanstaande donderdag over de moties stemmen.

Naar boven