Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-2011nr. 89, item 8

8 Regeling van werkzaamheden

Regeling van werkzaamheden

De voorzitter:

Ik stel voor, hedenmiddag ook te stemmen over de aangehouden motie-Ortega-Martijn (32500-XV, nr. 47) en de aangehouden motie-Schouten (31288, nr. 179).

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:

Op verzoek van de PVV-fractie benoem ik in de commissie voor de Rijksuitgaven het lid Kortenoeven tot lid in plaats van het lid Van den Besselaar.

Op verzoek van de vaste commissies voor Defensie en voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap stel ik voor om de wens te kennen te geven nadere inlichtingen te ontvangen over de oprichting van de Stichting Wetenschappelijk Onderwijs en Onderzoek NLDA (32775).

Ik stel voor, toestemming te verlenen tot het houden van wetgevings- c.q. notaoverleg met stenografisch verslag op maandag 20 juni van 10.00 uur tot 16.00 uur van de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken over de raming der voor de Tweede Kamer in 2012 benodigde uitgaven, alsmede aanwijzing en raming van de ontvangsten (32745).

Ik stel voor, het VAO dierhouderij toe te voegen aan de agenda, met als eerste spreker het lid Thieme.

Voorts stel ik voor, toe te voegen aan de agenda voor het zomerreces het VSO Contracteren zelfstandigen in de zorg, met als eerste spreker het lid Omtzigt.

Overeenkomstig de voorstellen van de voorzitter wordt besloten.

De voorzitter:

Het woord is aan de heer Klaver.

De heer Klaver (GroenLinks):

Voorzitter. Ik wil graag een debat aanvragen met minister Donner en staatssecretaris De Krom over de uitkomsten van het VNG-congres.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie):

Het lijkt mij wat vroeg om nu al een debat aan te kondigen. Laten wij eerst de stemming op het VNG-congres afwachten. Het lijkt mij goed om na afloop van de stemming een brief van de minister te ontvangen met zijn reactie op de uitslag van die stemming. Dan kunnen wij eventueel een debat plannen.

De heer Schouw (D66):

Nu het bestuursakkoord dreigt te ontploffen in de handen van de heer Donner, is het verstandig om daarover heel snel met de Kamer in gesprek te raken. Wij steunen dit verzoek.

De heer Azmani (VVD):

Ik ken de heer Klaver als zijnde proactief en dat siert hem. Volgens mij is dat echter op dit moment iets te snel voor de ontwikkeling en de belasting van de agenda. Laten wij eerst de stemming morgen afwachten en kijken wat de ontwikkelingen daar zijn. Wij kunnen altijd nog bepalen of wij daarover een debat gaan voeren.

Mevrouw Karabulut (SP):

Wij willen wel een debat met de minister van Binnenlandse Zaken, de heer Donner, die zulke dreigende taal uitslaat, maar dan na het VNG-congres van morgen. Ik zou ook het VAO over de wet werken naar vermogen willen verplaatsen tot een tijdstip na het congres.

De voorzitter:

Dat is een ander verzoek. Wij komen daar nog op terug.

Mevrouw Sterk (CDA):

Ik sluit mij gemakshalve aan bij de VVD.

De heer Klaver (GroenLinks):

Ik ben zojuist schromelijk vergeten de PvdA-fractie te noemen als medeaanvrager van dit debat.

De voorzitter:

U hebt geen meerderheid. U hebt wel de steun van meer dan 30 leden.

De heer Klaver (GroenLinks):

Dan maak ik er graag een dertigledendebat van. Ik hoop dat het debat op zo kort mogelijke termijn kan worden gevoerd, want het congres is morgen. Er dreigt een enorme botsing tussen de verschillende overheden in Nederland. Daar moet snel over gedebatteerd worden.

De voorzitter:

Het debat komt op de lijst. De spreektijd zal drie minuten per fractie zijn.

Het woord is aan mevrouw Dezentjé Hamming-Bluemink.

Mevrouw Dezentjé Hamming-Bluemink (VVD):

Voorzitter. Aanstaande donderdag zal de commissie voor Financiën een algemeen overleg voeren met de minister van Financiën. Daarin zal het leningenprogramma Griekenland aan de orde komen. Ik verzoek u om er op de agenda van donderdagavond rekening mee te houden dat er behoefte zal zijn aan een VAO met de minister van Financiën. Dat heeft mede te maken met zijn reis de week erop.

De voorzitter:

Geen stemming?

Mevrouw Dezentjé Hamming-Bluemink (VVD):

Stemmingen zouden volgende week dinsdag kunnen plaatsvinden.

De voorzitter:

Ik constateer dat u sprak als voorzitter van de commissie. Wij zullen op de agenda rekening houden met dit verzoek.

Het woord is aan de heer Koopmans.

De heer Koopmans (CDA):

Voorzitter. De Nederlandse glastuinbouw wordt ontzettend geraakt door de enorme schade die ontstaat door de problemen met de EHEC-bacterie. De CDA-fractie wil graag een dertigledendebat aanvragen, waarin wij met het kabinet spreken over de schade, de schaderegeling, de vraag wat Brussel betaalt, de wijze waarop wij Duitsland aansprakelijk stellen en allerlei andere aspecten.

Mevrouw Arib (PvdA):

Vorige week heeft collega Voortman van de GroenLinksfractie, mede namens de PvdA-fractie, een dertigledendebat over de EHEC-bacterie aangevraagd. Als het goed is, wordt dat gepland. Ik stel voor dit onderwerp daaraan toe te voegen, want het maakt deel uit van dat debat.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie):

Plaatsing op de lijst met dertigledendebatten doet geen recht aan de ernst van de situatie, want dan komt het ergens achter in de rij. Het is slimmer om met spoed een algemeen overleg te organiseren waarin wij de problemen kunnen bespreken.

Mevrouw Snijder-Hazelhoff (VVD):

Er is volgens mij net een brief binnengekomen. Mijn voorstel aan de CDA-fractie is om er een spoed-AO van te maken, want dan doen wij recht aan het onderwerp.

De heer Van Gerven (SP):

Ik zou graag een nadere precisering willen van het probleem, van het aantal boeren waar het om gaat en van het probleem in financiële zin. Ik ben voor een debat, hoe dan ook, een AO of plenair. Het valt mij wel op dat de CDA-fractie nu pleit voor overheidsingrijpen en anders altijd heel erg voor de markt is.

De voorzitter:

U spreekt over de inhoud. Dat is niet de bedoeling van de regeling van werkzaamheden.

De heer Van Gerven (SP):

Het is een constatering.

De voorzitter:

Het is ook van mij een constatering.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):

De Partij voor de Dieren zou de voorkeur geven aan een algemeen overleg. Ik kan mij ook voorstellen dat het handig is om de bestaande algemeen overleggen over de Landbouw- en Visserijraad waarin de Europese component ook wordt besproken uit te breiden. Ik stel de heer Koopmans voor om het in de commissie te brengen. Dan kunnen wij het op die manier afhandelen.

Mevrouw Voortman (GroenLinks):

Het zou inderdaad betrokken kunnen worden bij het spoeddebat van GroenLinks en de PvdA hierover. Wij hebben vorige week gevraagd om daarvan een spoed-AO te maken. Dat verzoek werd toen niet gesteund, maar ik wil het voorstel best nog een keer doen.

Mevrouw Gerbrands (PVV):

Bij voorkeur een AO.

De heer Dijkgraaf (SGP):

Daarbij sluit ik mij aan.

De voorzitter:

Mijnheer Koopmans, u hebt volgens mij heel snel een AO als u dat zou willen.

De heer Koopmans (CDA):

Voorzitter. Nog even twee opmerkingen. Het debat waarom vorige week gevraagd is, ging er vooral over dat de schuld bij de komkommers lag. De wereld is gelukkig veranderd. Daarom is het, denk ik, heel verstandig dat wij bekijken hoe snel wij een AO kunnen organiseren. Wij zien ook dat sommige dertigledendebatten een andere prioriteit krijgen dan andere, dus wij bekijken even met u wat het snelst is, voorzitter.

De voorzitter:

Dat lijkt mij een goede zaak.

Het woord is aan de heer Beertema.

De heer Beertema (PVV):

Voorzitter. Het debat van aanstaande donderdag over het afschaffen van de verblijfsduurbeperking voortgezet onderwijs is zo laat aangevraagd dat ik mede namens de VVD en het CDA wil verzoeken om dat door te schuiven naar een ander moment.

De voorzitter:

U spreekt namens een meerderheid, dus dat lijkt mij dan duidelijk. Dan zullen wij dat maar doen.

Het woord is aan mevrouw Karabulut.

Mevrouw Karabulut (SP):

Voorzitter. Ik wil het VAO hoofdlijnennotitie "Werken naar vermogen" van de agenda van morgenochtend afvoeren omdat er dan een congres plaatsvindt en gemeenten zich uitspreken over de uitvoering van deze wet. Dus ik verzoek om uitstel naar donderdag of volgende week.

De voorzitter:

De aanvrager van het VAO, mijnheer Klaver.

De heer Klaver (GroenLinks):

Ik steun dat verzoek om uitstel tot na het VNG-congres.

Mevrouw Sterk (CDA):

Volgens mij is het aangevraagd door de hele commissie. Daar zit ik ook in. Ik zou het wel graag willen laten plaatsvinden om 11.00 uur omdat wij het AO immers ook al hebben gehouden terwijl er nog werd gesproken over het bestuursakkoord en wij eraan hechten om dit VAO tijdens het VNG-congres te houden.

De heer Azmani (VVD):

De VVD steunt het CDA in dezen.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie):

De ChristenUnie steunt het verzoek van mevrouw Karabulut.

Mevrouw Hamer (PvdA):

Wij steunen ook het verzoek van mevrouw Karabulut. Het lijkt ons heel vreemd om op het moment dat de vergadering bezig is hierover een VAO te gaan houden.

De voorzitter:

Ik heb nog geen meerderheid om het van de agenda af te halen.

Mevrouw Koşer Kaya (D66):

Wat D66 betreft kan het ook van de agenda gehaald worden, want dat spoeddebat komt er, het bestuursakkoord lijkt op ontploffen te staan en dan kunnen wij daarna een VAO houden.

De voorzitter:

Ik heb nog steeds geen meerderheid om het van de agenda te halen. Kan ik misschien nog de opvatting van de PVV horen?

De heer De Jong (PVV):

Dit is al een hele tijd geleden naar voren gebracht, dus ik ga mee in het verzoek van de VVD en het CDA.

De voorzitter:

Dan blijft het op de agenda staan.

Mevrouw Karabulut (SP):

Voorzitter. Mag ik dan tenminste een inhoudelijke afweging? Het is gewoon niet handig. Wij gaan dan over iets debatteren waarover de gemeenten nog met elkaar in discussie zijn. Eén dag wachten kan toch wel? Hetzelfde geldt ook voor mevrouw Sterk.

De voorzitter:

Ik geef mevrouw Sterk kort de gelegenheid om iets te zeggen. Wij gaan hier geen debat voeren.

Mevrouw Sterk (CDA):

Ik heb net aangegeven dat ik een reden heb om morgen de motie in te dienen. Wij hebben daar ook al over gesproken tijdens het algemeen overleg. Voor mij is het wel relevant dat dit gebeurt voor het einde van de besluitvorming.

De voorzitter:

Dan handhaven wij het agendapunt.

De heer Klaver (GroenLinks):

Dan vraag ik om heropening van het debat.

De voorzitter:

Het is besproken in een algemeen overleg. Dit moet u in de procedurevergadering van de commissie bespreken. Dat wordt gewoon een nieuw debat.

Mevrouw Hamer (PvdA):

Voorzitter. Wij steunen dit en zullen het voorstel mee terugnemen naar de procedurevergadering vanmiddag.

De voorzitter:

Dat lijkt mij het beste. Daarna merk ik het wel weer.

De heer Roemer (SP):

Voorzitter. Ik heb een punt van orde in uw richting. Wij mogen het allemaal met elkaar oneens zijn over alle dingen. Daarvoor zijn wij de Kamer. Maar nu gebeurt er het volgende. Er moet per se op woensdag alsnog een motie worden ingediend. Het maakt echter niet uit of dat op woensdag of donderdag gebeurt, want wij stemmen er dinsdag over. Ik heb namelijk niet gehoord dat er meteen gestemd zou moeten worden. Hierbij gaat het dus om collegialiteit. Ik doe een beroep op de voorzitter om ervoor te waken dat wij in de Kamer een sfeer creëren waarbij zelfs de collegialiteit tussen fracties onder vuur komt te liggen.

De voorzitter:

Ik denk dat ik alle gelegenheid heb gegeven om de standpunten hierover te wisselen. Waarvan akte.

De heer Roemer (SP):

Kan hierop nog worden gereageerd?

De voorzitter:

Nee. Uiteindelijk wordt de Kameragenda door een meerderheid van de Kamer bepaald. Dat is nu eenmaal zo.

Het woord is aan de heer Bashir.

De heer Bashir (SP):

Voorzitter. Donderdag hebben wij een algemeen overleg over de Transportraad. Ik vraag u om rekening te houden met de mogelijkheid dat wij dit debat in deze zaal plenair willen afronden.

De voorzitter:

Geen stemmingen, neem ik aan?

De heer Bashir (SP):

Nee, maar wel donderdagavond het VAO. De stemmingen kunnen dan dinsdag worden gehouden.

De voorzitter:

Daar gaat het om. Dan weten wij of de mensen in huis moeten zijn of niet.

Het woord is aan de heer Çelik.

De heer Çelik (PvdA):

Voorzitter. Vanmiddag is gesproken over de uitkomsten van het rapport van het Centraal Planbureau over de staat van het onderwijs. Mijn fractie heeft behoefte aan een uitgebreide reactie van het kabinet hierop, zodat wij hierover mede aan de hand van die reactie in een dertigledendebat met elkaar kunnen debatteren.

De voorzitter:

Vraagt u om een reactie of om een debat?

De heer Çelik (PvdA):

Ik vraag om een dertigledendebat, maar wel met een reactie van het kabinet.

De voorzitter:

Ik ga het verzoek knippen. Ik kijk eerst of er behoefte is aan een reactie.

Mevrouw Smits (SP):

Voorzitter. Bij de SP is er absoluut behoefte aan een reactie.

De voorzitter:

Ik constateer dat er geen anderen zijn voor wie dit geldt. Ik zal het stenogram doorsturen naar het kabinet. Daarna zal ik horen of u naar aanleiding van de brief behoefte hebt aan een debat. Als u nu al zeker weet dat u een debat wilt, is de brief daaraan dus ondergeschikt.

De heer Çelik (PvdA):

Ik wil graag een dertigledendebat, omdat ik het onderwerp te belangrijk vind om op een reactie te wachten, nu daarvoor geen meerderheid in de Kamer is. Dat valt mij erg tegen, maar het is niet anders. Dan maar een debat met de minister hierover.

De voorzitter:

Ik zal het toevoegen aan de lijst. De spreektijd is drie minuten per fractie.

De heer Elias (VVD):

Voorzitter. Mede naar aanleiding van wat de heer Roemer zonet zei, wil ik graag zeggen waarom ik dat debat niet steun. De reden is dat wij hier nog voor de zomer drie belangrijke onderwijsnotities behandelen, waarin de zorgen die zijn geuit door het CPB alle worden geadresseerd. Dit is dus een inhoudelijke reden waarom ik het verzoek van de heer Çelik niet steun.

De voorzitter:

Het woord is aan de heer Van Bemmel.

De heer Van Bemmel (PVV):

Voorzitter. Ik wil nogmaals uitstel aanvragen voor de stemmingen over de wijziging van de Meststoffenwet. Dit houdt verband met de aanpassing van een amendement. Daarmee zijn wij nu bezig. Het kan dus zo spoedig mogelijk.

De voorzitter:

Volgende week?

De heer Van Bemmel (PVV):

Prima.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):

Voorzitter. De Partij voor de Dieren heeft daar bezwaar tegen. Wij hebben dit wetsvoorstel op 25 mei behandeld. Toen had de PVV een motie. Daarvan moest zij van het CDA een amendement maken. Vervolgens ontstond er verwarring over de vraag of wij dit op tijd zouden kunnen afhandelen om er dinsdag over te stemmen. Wij hebben toen afgesproken dat wij er die dinsdag over zouden stemmen. Vorige week is daarvoor uitstel aangevraagd. Toen dacht ik: een week erbij moet kunnen. Maar nu begin ik het echt vervelend te vinden. Het is ook tegen de afspraak. De Partij voor de Dieren stemt hier dan ook niet mee in. Ik zou aan de PVV willen voorstellen om het amendement in te trekken en er alsnog een motie van te maken, zoals aanvankelijk het plan was. Dan kunnen wij gewoon door.

De voorzitter:

Mijnheer Van Bemmel, we gaan bekijken of u steun hebt.

De heer Van Bemmel (PVV):

Mijn verzoek is namens de CDA- en VVD-fractie. We hebben dus sowieso een meerderheid.

De voorzitter:

Dan hebt u inderdaad een meerderheid.

Mevrouw Van Veldhoven (D66):

Kan de heer Van Bemmel mij namens diezelfde meerderheid garanderen dat we volgende week wel gaan stemmen? Als dat zo is, heb ik geen bezwaar tegen het uitstel.

De voorzitter:

Hij knikt bevestigend.

Mevrouw Jacobi (PvdA):

Het is waarschijnlijk mosterd na de maaltijd, maar op voorwaarde dat het volgende week echt doorgaat, stem ik uit collegialiteit in met het verzoek.

De voorzitter:

Dat is een mooie afsluiting.

Het woord is aan de heer Timmermans.

De heer Timmermans (PvdA):

Voorzitter. Op mijn verzoek is vorige week het verslag van het algemeen overleg modernisering Nederlandse diplomatie op de plenaire agenda geplaatst. Ik verzoek u, dit verslag er weer van af te halen.

De voorzitter:

Als daar geen bezwaar tegen is, zullen we het van de agenda afhalen.

De heer Ormel (CDA):

Van de agenda afhalen is iets anders dan opschuiven.

De voorzitter:

Ik heb "afhalen" gehoord.

De heer Ormel (CDA):

Oké.

Mevrouw Peters (GroenLinks):

Ik heb eigenlijk wel behoefte aan een debat over het verslag van dit algemeen overleg op de plenaire agenda. Ik verzoek u daarom om dit erop te laten staan.

De voorzitter:

Ik begrijp dat u moties wilt indienen. De heer Timmermans verzoekt namens de commissie om het VAO in ieder geval morgenochtend niet te laten plaatsvinden.

Mevrouw Peters (GroenLinks):

Daar heb ik geen bezwaar tegen.

De voorzitter:

Dan zoeken we een ander moment.

Het woord is aan de heer Pechtold.

De heer Pechtold (D66):

Voorzitter. Dat het kabinet iets wil met de Hedwigepolder is wel duidelijk. Dat ik nu echter moet rappelleren over een rapport, waarnaar mijn fractiegenoot al sinds 12 april vraagt, vind ik absurd. Ik vind niet dat een fractievoorzitter het moet overpakken, omdat een Kamerlid het niet voor elkaar krijgt. Dit raakt aan artikel 68 van de Grondwet. Het rapport ligt op het ministerie. Er is vier keer naar gevraagd. De kranten beschikken er inmiddels over. Het wordt toch niet zo gek dat ik een WOB-verzoek moet gaan indienen om een rapport te krijgen? Kan het kabinet het rapport over de alternatieven voor de Hedwigepolder vandaag nog naar de Kamer sturen?

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie):

Mijn fractie staat achter dit rappel. Het kabinet zegt dat het dit rapport niet openbaar wil maken. Het kabinet kan dit rapport toch ook vertrouwelijk ter inzage leggen? Ik vind dat de Kamer hier kennis van moet kunnen nemen, simpelweg omdat het rapport er is.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):

Voorzitter. Vorige week was dit onderwerp bij het vragenuur ook aan de orde. Ik weet nog goed dat ik er toen op wees dat het de dag erna 1 juni zou zijn en dat in de brief van 20 april de toezegging was gedaan dat de Kamer uiterlijk 1 juni geïnformeerd zou worden over de uitkomsten van het onderzoek. Ik vraag u daarom, een heel dringende herinnering aan die toezegging aan het kabinet te sturen. Dit kan zo echt niet.

Mevrouw Sap (GroenLinks):

Het zou niet nodig moeten zijn, maar ik wil het verzoek van de heer Pechtold kracht bijzetten. Ik wil het rapport graag vandaag in de Kamer hebben.

De heer Cohen (PvdA):

Ik heb geen andere tekst. Ik vind het jammer dat het op deze manier moet, maar ik krijg het rapport graag zo spoedig mogelijk.

De heer Pechtold (D66):

Ik ben heel blij dat de collega's dit verzoek breed steunen. Ik zie geen reden waarom het rapport vertrouwelijk ter inzage zou moeten worden gelegd. Er is duidelijk over alternatieven gesproken. Daarom vind ik dat het rapport openbaar moet zijn. Als er nog geen kabinetsreactie is, komt die maar later. Het rapport dient wat mij betreft openbaar aan de Kamer gestuurd te worden.

De voorzitter:

We zullen het stenogram doorgeleiden naar het kabinet.

Wij kunnen nu gaan stemmen.

Mevrouw Sterk heeft echter nog een nabrander. Het woord is aan haar.

Mevrouw Sterk (CDA):

Voorzitter. Ik verzoek u om het mogelijk te maken dat we morgen onmiddellijk na het VAO over het bestuursakkoord en de hoofdlijnennotitie "Werken naar vermogen" kunnen stemmen over de moties die tijdens dit VAO worden ingediend.

De voorzitter:

De stemmingen zullen na de middagpauze plaatsvinden.

Mevrouw Ouwehand (PvdD):

Voorzitter. Ik zou mevrouw Sterk willen vragen of het een heel groot probleem is als wij donderdag bij aanvang van de middagvergadering over de moties stemmen, nog even los van wat ik van dit voorstel vind. Praktisch gezien moet dit mogelijk zijn.

Mevrouw Hamer (PvdA):

Voorzitter. Zeven jaar geleden is de motie-Hamer aangenomen waarin staat dat de Kamer op dinsdag stemt. Alleen in uiterste noodzaak, als het echt niet anders kan, wordt er op andere momenten gestemd. Wij hebben het goede gebruik om op donderdag te stemmen als er internationale zaken zoals Europese raden aan de orde zijn. U plant dat altijd netjes, conform de motie. Ik zou niet weten om welke reden wij morgen over die moties moeten stemmen. Ik vraag de voorzitter om ons aan de regel te houden dat wij onze eigen moties serieus nemen.

De voorzitter:

Dat moet zeker zo zijn, maar ook in dit geval geldt dat een Kamermeerderheid uiteindelijk bepaalt. Als regel komen wij tegemoet aan verzoeken van leden, maar als een Kamermeerderheid dat niet wil, dan doen wij het niet.

Mevrouw Van Gent (GroenLinks):

Voorzitter. Hier is een motie over aangenomen, daar heeft mevrouw Hamer groot gelijk in. Ik vraag u als voorzitter om in overleg te treden om erachter te komen wat het spoedeisende karakter is en waarom er op donderdag of op een ander moment deze week gestemd moet worden. Dit verzoek is buiten wat wij met elkaar hebben afgesproken. Ik wil een onderbouwde motivering waarom er per se op dat tijdstip gestemd moet worden.

Mevrouw Wiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie):

Voorzitter. Ook de fractie van de ChristenUnie onderstreept de bijdrage van mevrouw Hamer. Wij willen graag weten wat de urgentie is om morgen te stemmen.

De heer Schouw (D66):

Mevrouw de voorzitter. Ik zie geen enkele reden voor een vluggertje morgen rondom een aantal moties die met het bestuursakkoord te maken hebben. Ik ben het helemaal met mevrouw Hamer eens. Daar moeten wij ons echt aan houden.

De voorzitter:

Mevrouw Sterk, uw fractie staat altijd pal voor het stemmen op dinsdag.

Mevrouw Sterk (CDA):

Ja, maar in dit geval gaat het om een urgente zaak. Niet de coalitie, maar de oppositie heeft een debat over het bestuursakkoord aangevraagd. De motie die ik wil indienen, is relevant voor het VNG-congres van morgen. Daarom wil ik graag morgen onmiddellijk na het indienen van de moties stemmen.

Mevrouw Hamer (PvdA):

Op het moment dat wij dan gaan stemmen, is het VNG-congres over dat agendapunt afgelopen. Sorry dat ik het zeg, maar dit slaat dus nergens op. Als dat belangrijk was, hadden we het naar voren moeten halen. De commissie heeft een VAO aangevraagd. Op dat moment heb ik er zelfs nog bij gezegd: na afloop van het VNG-congres. Dit is helemaal niet gewisseld. Ik hoor geen enkele reden waarom dit morgen zou moeten.

Mevrouw Sterk (CDA):

Ik doe het tussenvoorstel om het VAO vandaag te houden. Iedereen is binnen. Voor ons is het belangrijk om morgen voor het einde van het VNG-congres – dat eindigt om 12.00 uur – om 11.00 uur het VAO te houden, moties in te dienen en te stemmen.

De voorzitter:

Ik zal apart contact opnemen met de CDA-fractie om te kijken wat er mogelijk is. Ik zal proberen om de mooie traditie te handhaven van het stemmen op dinsdag en alleen voor internationale zaken op andere dagen. Ik heb het idee dat mevrouw Sterk pas tijdens deze vergadering op deze briljante gedachte kwam, want dit was niet aangemeld voor de regeling.

Mevrouw Sterk (CDA):

Voorzitter, met alle respect, maar het VAO stond gewoon voor morgen 11.00 uur gepland.

De voorzitter:

Maar niet de stemming.

Mevrouw Sterk (CDA):

De oppositie wil het VAO uitstellen omdat het niet urgent genoeg is. Ik geef daarop de urgentie daarvan aan. Het VNG-congres is belangrijk en daarom koppel ik daar nu ook de stemmingen aan.

De voorzitter:

U kunt niet ontkennen dat u dit ter plekke heeft bedacht, want u kwam pas laat naar voren. Dat doet er overigens niet toe. Tijdens de regeling van werkzaamheden mag elk voorstel worden gedaan. Ik zal kijken of wij met elkaar tot een oplossing kunnen komen die voor iedereen te billijken is. Ik wil deze discussie sluiten.

De heer Schouw (D66):

Met welke conclusie sluiten wij dan af? Dit is ontzettend belangrijk. Er wordt een afspraak gemaakt tussen de gemeenten en het kabinet. De Kamer heeft daar aan de voorkant geen rol in. Eventueel heeft zij daarin een rol aan de achterkant, maar niet aan de voorkant en al helemaal niet een kwartier voor de stemming op het VNG-congres.

De voorzitter:

Ik heb nog geen meerderheid voor het verzoek van mevrouw Sterk.

Mevrouw Karabulut (SP):

Dat is fijn, want mevrouw Sterk heeft dit punt helemaal niet gemaakt in het debat.

De voorzitter:

Mevrouw Karabulut, doet u nu een beetje verstandig.

Mevrouw Karabulut (SP):

Dat doe ik altijd, althans dat probeer ik te doen. Maar ik kon het niet laten. Mevrouw Sterk verzint dit ter plekke.

De voorzitter:

Dank u wel, mevrouw Karabulut, ik wilde uw microfoon niet uitzetten.

Mevrouw Van Miltenburg (VVD):

Voorzitter. Wij steunen het verzoek van mevrouw Sterk.

Mevrouw Agema (PVV):

Idem dito.

De voorzitter:

Ja, soms kun je te lang blijven staan.

We gaan nu stemmen.

Mevrouw Van Gent (GroenLinks):

Ik heb een punt van orde. Ik zou hierover dan graag hoofdelijk willen stemmen.

De voorzitter:

Mevrouw Van Gent, ik snap de behoefte, maar ik had het volgende agendapunt al aangekondigd en het staat niet op de stemmingslijst.

Mevrouw Van Gent (GroenLinks):

Dat klopt, maar het voorstel stond ook niet aangemeld. Volgens het Reglement van Orde kan ik nu een hoofdelijke stemming aanvragen en dat doe ik bij dezen op dit punt. Nu.

De heer Cohen (PvdA):

Ik vind het een waardeloos voorstel, maar ik steun het. Het spijt mij ontzettend dat we dit op deze manier moeten doen.

De heer Pechtold (D66):

Wij steunen het voorstel van mevrouw Van Gent.

De voorzitter:

Willen de fractievoorzitters even bij mij komen?

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.

De voorzitter:

Dames en heren, het is opgelost. We houden het VAO zo meteen aansluitend op de stemmingen. We gaan de bewindspersoon nu zoeken. We doen het zo snel mogelijk. We gaan nu stemmen. Na de stemmingen is er een VAO over de hoofdlijnennotitie Werken naar vermogen en aansluitend daarop zijn er weer stemmingen. Dat lijkt mij een mooi compromis. Ik heb het ter plekke bedacht.

Dan gaan wij nu snel stemmen.