Voorzitter. Ik dien de volgende twee moties in.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat er veel maatschappelijke onrust bestaat bij het plaatsen
van windturbines en dat bij burgers de indruk bestaat dat de bescherming afneemt
bij de invoering van een nieuwe normstelling;
overwegende dat een bepaald geluidsniveau in de avond en de nacht als
hinderlijker wordt ervaren dan het geluid van overdag;
verzoekt de regering, te onderzoeken of er mogelijkheden bestaan voor
introductie van Lnight in aanvulling op de normstelling voor Lden om zodoende voldoende bescherming in de nacht te bieden en de aanbouw
van nieuwe windmolens te staken tot dit onderzoek is afgerond en aan de Kamer
voorgelegd,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door het lid Neppérus. Naar mij blijkt,
wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.
Zij krijgt nr. 106(31209).
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat de Beleidsregel voor het plaatsen van windturbines op,
in of over rijkswaterstaatswerken dateert uit mei 2002;
overwegende dat in deze Beleidsregel windmolens bij een rotordiameter
van meer dan 60 meter op een afstand van ten minste de halve rotordiameter
van rijkswegen geplaatst mogen worden;
overwegende dat deze Beleidsregel geen eisen stelt aan de afstand tot
spoorwegen;
overwegende dat de afmetingen van windmolens sinds 2002 aanzienlijk zijn
toegenomen;
overwegende dat recent ter hoogte van Moordrecht een viertal windmolens
met een ashoogte van 75 meter en een rotordiameter van 90 meter geplaatst
zijn op minder dan circa 60 meter van de A12 en op korte afstand van de spoorlijn
Den Haag-Gouda, beide behorend tot de meest intensief gebruikte infrastructuur
van Nederland;
overwegende dat uit casuïstiek van incidenten is gebleken dat afgewaaide
wieken verder dan viermaal de diameter van de rotor terecht kunnen komen;
overwegende dat het Ontwerpbesluit Wijziging milieuregels windturbines
niets regelt over het groepsrisico van windmolens, terwijl er sprake lijkt
van substantiële groepsrisico's bij opstellingen nabij snelwegen en drukke
spoorlijnen;
verzoekt de regering om binnen zes maanden een voorstel tot wijziging
van het Ontwerpbesluit Wijziging milieuregels windturbines aan de Kamer voor
te leggen, waarin een helder beoordelingskader en normstelling voor het groepsrisico
bij windmolens zijn opgenomen,
en gaat over tot de orde van de dag.
De voorzitter:
Deze motie is voorgesteld door de leden Neppérus, Jansen en Van
Leeuwen. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund.
Zij krijgt nr. 107(31209).