Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Eerste Kamer der Staten-Generaal2013-2014nr. 9, item 7

7 Stemmingen

Aan de orde zijn de stemmingen in verband met het wetsvoorstel Wijziging van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek in verband met het juridisch ouderschap van de vrouwelijke partner van de moeder anders dan door adoptie (33032) en het wetsvoorstel Wijziging van de Rijkswet op het Nederlanderschap in verband met de wijziging van Boek 1 van het Nederlandse Burgerlijk Wetboek betreffende het ontstaan van het juridisch ouderschap van de vrouwelijke partner van de moeder anders dan door adoptie (33514 (R1998)),

en over:

  • - de motie-Quik-Schuijt c.s. over installatie van een brede multidisciplinaire staatscommissie over de verhouding tussen juridische, biologische en sociale ouders en de kinderen die door hen worden verzorgd en opgevoed (33032, letter G).

(Zie vergadering van 12 november 2013.)

De voorzitter:

Ik geef het woord aan mevrouw Quik-Schuijt.

Mevrouw Quik-Schuijt (SP):

Voorzitter. Wij danken de staatssecretaris voor de toezegging om op ons verzoek en dat van praktisch de hele Kamer een staatscommissie tot herziening van het familierecht in stellen. De staatssecretaris heeft ook toegezegd om de opzet van die staatscommissie met ons te bespreken. Wij stellen voor dat hij aan de slag gaat en zullen de motie aanhouden totdat wij meer duidelijkheid hebben over hoe de commissie er gaat uitzien.

De voorzitter:

Op verzoek van de indieners stel ik voor, de motie-Quik-Schuijt c.s. (33032, letter G) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.

De voorzitter:

Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen vooraf over wetsvoorstel 33032.

De heer Franken (CDA):

Voorzitter. De CDA-fractie is van oordeel dat de regering op korte termijn een ander wetsvoorstel met betrekking tot de regeling van het ouderschap zal moeten indienen dan het voorstel dat nu voorligt, waarin niet aan het afstammingsrecht dat is gebaseerd op bloedverwantschap, wordt getornd maar waarin zelfstandig sui generis gelijke rechten worden geformuleerd voor paren van verschillend geslacht en paren van gelijk geslacht. Het nu voorliggende wetsvoorstel heeft een verkeerde insteek. Het schrijft de vader/donor weg en stimuleert anoniem donorschap. Dat is niet in het belang van het kind. De CDA-fractie zal daarom tegen dit wetsvoorstel stemmen. Eén lid van de fractie neemt hieromtrent een ander standpunt in.

De heer Kuiper (ChristenUnie):

Voorzitter. Mijn fractie heeft vorige week bij monde van de heer Holdijk deelgenomen aan het debat. Toch hecht ik aan een eigen stemverklaring namens de ChristenUnie-fractie. Het wetsvoorstel over juridisch ouderschap doorbreekt een belangrijk familierechtelijk uitgangspunt dat afstamming verbindt met biologisch ouderschap. Ook gelet op de belangen van betrokken kinderen moet dat uitgangspunt zwaar wegen. Dit wetsvoorstel verandert belangrijke beginselen van ons familierecht en snijdt de band tussen het kind en zijn of haar biologische vader door. Onze fractie zal tegen dit wetsvoorstel stemmen en straks ook tegen het andere wetsvoorstel, de Rijkswet op het Nederlanderschap. Dat doet zij niet omdat het niet logisch zou zijn dat er vervolgens een regeling wordt getroffen, maar omdat de werking ook wordt uitgebreid naar de BES-eilanden. Dus er zit nog een dimensie bij.

Onze fractie steunt het voorstel dat de staatssecretaris zelf heeft overgenomen of gedaan, om een staatscommissie in te stellen, vooral in het licht van de onoverzichtelijkheid die nu in het familierecht gaat ontstaan. Wij zouden de motie-Quik c.s. dus hebben gesteund. Dat geldt niet voor alle overwegingen maar wel voor het bredere doel. Wij hopen dat bij de samenstelling van deze commissie gelet zal worden op een afspiegeling van alle geledingen van de samenleving en dat ook de deskundigheid van ethici hierbij betrokken zal worden.

De voorzitter:

Dank u wel, mijnheer Kuiper. U hebt meteen een stemverklaring afgegeven over het tweede wetsvoorstel.

Mevrouw Quik-Schuijt (SP):

Voorzitter. De SP-fractie blijft van mening dat de keuze die in het voorliggend wetsvoorstel is gemaakt om het erfrecht en de nationaliteit van de duomoeder via het afstammingsrecht te regelen, een ongelukkige keuze is. Er wordt immers een stelselwijziging van het afstammingsrecht geïntroduceerd waarbij het uitgangspunt dat het juridisch ouderschap het biologisch ouderschap volgt, op praktische gronden wordt verlaten. Wij danken alle deskundigen en belangstellenden die met ons hebben meegedacht en ons van adviezen hebben voorzien. In het vertrouwen dat de staatscommissie zal komen tot een eenduidige regeling voor alle sociale ouders waarin het belang van het kind wordt gewaarborgd, zullen wij thans voor het voorstel stemmen.

De voorzitter:

Dank u wel, mijnheer Kuiper. U hebt meteen een stemverklaring afgegeven over het tweede wetsvoorstel.

In stemming komt wetsvoorstel 33032.

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de PVV, de VVD, de PvdA, GroenLinks, de SP, D66, de PvdD, de OSF, 50PLUS en het lid Hoekstra voor het wetsvoorstel hebben gestemd en de aanwezige leden van de fracties van de SGP, de ChristenUnie en het CDA minus het lid Hoekstra ertegen, zodat het is aangenomen.

In stemming komt wetsvoorstel 33514 (R1998).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van 50PLUS, de OSF, de PvdD, D66, de PvdA, de VVD, de SP, GroenLinks, de PVV en het lid Hoekstra voor het wetsvoorstel hebben gestemd en de aanwezige leden van de fracties van de SGP, de ChristenUnie en het CDA minus het lid Hoekstra ertegen, zodat het is aangenomen.