Tegenwoordig zijn 71 leden, te weten:
Van de Beeten, Van den Berg, Bierman-Beukema toe Water, Biermans, Broekers-Knol,
Van den Broek-Laman Trip, Van Dalen-Schiphorst, Dees, Doek, Dölle, Van
Driel, Dupuis, Eigeman, Engels, Essers, Franken, Van Gennip, De Graaf, Hamel,
Hessing, Van Heukelum, Hoekzema, Ten Hoeve, Holdijk, Jurgens, Kalsbeek-Schimmelpenninck
van der Oije, Ketting, Klink, Kox, Van der Lans, Van Leeuwen, Leijnse, Lemstra,
Van der Linden, Linthorst, Luijten, Maas-de Brouwer, Meindertsma, Meulenbelt,
Middel, Van Middelkoop, Minderman, Nap-Borger, Noten, Van den Oosten, Platvoet,
Pruiksma, Putters, Van Raak, Rabbinge, Rosenthal, Russell, Schouw, Schuurman,
Schuyer, Slagter-Roukema, Swenker, Sylvester, Tan, Terpstra, Van Thijn, Thissen,
Timmerman-Buck, Vedder-Wubben, Wagemakers, Walsma, Werner, Westerveld, Witteman,
Woldring en De Wolff,
en mevrouw Van der Hoeven, minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
mevrouw Verdonk, minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie, en de heer
Van Hoof, staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
alsmede het Tweede Kamerlid Noorman-den Uyl.
De voorzitter:
Ik verzoek de leden te gaan staan voor de herdenking van de heer Rijnders.
Op 97-jarige leeftijd is op 7 november jongstleden oud-CHU-senator
Dirk Rijnders overleden. Hij was lid van deze Kamer van 1969 tot en met 1977.
Dirk Rijnders, zoon van een hervormde predikant en van een moeder uit
een geslacht van theologen, heeft een lange en intensieve bestuurlijke carrière
doorlopen. Hij begon in 1928 in de gemeente Hillegersberg, waar hij verschillende
functies heeft bekleed. In het begin van de oorlogsjaren was hij kort burgemeester
en gemeentesecretaris van Oude Tonge, tot hij in 1941 werd ontslagen op last
van de Duitse bezetter. Op verzoek van de Nederlandse regering in Londen werd
hij burgemeester van Woubrugge. Deze gemeente werd een schuilplaats voor onderduikers;
in eigen gezin werd een joodse stiefdochter opgenomen. Zijn volgende burgemeesterspost
was Middelharnis en Sommelsdijk, welke gemeente in 1953 zwaar werd getroffen
door de watersnoodramp. Hij had de opdracht het herstel te funderen en zette
zich daarvoor ten volle in. Daarop volgde zijn laatste gemeente Nieuwer-Amstel,
het huidige Amstelveen, dat tijdens zijn ambtsperiodes daar van 10.000 naar
55.000 inwoners groeide, met als een van de grote uitdagingen om werkgelegenheid
tot stand te brengen. In Nieuwer-Amstel was hij werkzaam van 1955 tot 1971.
In dat laatste jaar realiseerde hij zijn voornemen, een uitstap naar het
bedrijfsleven te maken. Tot 1974 was hij directeur, later president-directeur,
van Holding Polyzathe BV, een ontwikkelingsmaatschappij van Pakhoed-Nederhorst
Holding. Hij werd vervolgens – en dit gedurende drie jaar – directeur
van het Coördinatiebureau Noordelijk Deel Randstad, waar hij zich opnieuw
toelegde op de realisering van woningbouw.
In zijn lange werkzame leven vervulde Rijnders naast zijn hoofdfuncties
een groot aantal nevenfuncties. Hij was onder meer voorzitter van de Koninklijke
Nederlandse Brandweerbond, lid van het presidium van de Raad van Advies voor
de Ruimtelijke Ordening (de huidige VROM-raad) en voorzitter van de Federatie
Diaconieën Nederlands Hervormde Kerk. Eind jaren zestig trad hij op als
adviseur van de Surinaamse regering om een organisatie op te zetten voor de
volkshuisvesting daar.Voorzitter
Dirk Rijnders was al ruim 30 jaar lid van de CHU toen hij namens die partij
in 1960 politiek actief werd. Van 1960 tot 1969 was hij lid van provinciale
staten van Noord-Holland en aansluitend acht jaar lid van de Eerste Kamer,
waar met name zijn deskundigheid op het gebied van ruimtelijke ordening en
woningbouw tot zijn recht kwam. Naar eigen zeggen was hij meer bestuurder
dan politicus. Toen het CDA tot stand kwam, trad hij onmiddellijk toe. Van
hem zijn de woorden: "Als je toch in één hemel komt, waarom
zou je dan op aarde niet samenwerken?"
Hij was Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw, Commandeur in de Orde
van Oranje-Nassau en ereburger van de gemeente Amstelveen. Hij stond bekend
als een hardwerkende, doelgerichte man, humaan en toegerust met een open geest.
Hij bleef tot het eind een buitengewoon snelle denker en iemand die indringend
formuleerde. De Eerste Kamer herdenkt hem in dankbaarheid. Moge dit steun
zijn voor zijn familie bij het verwerken van haar verdriet.
Ik verzoek u om een moment van stilte.