Besluit van 10 juli 2014, tot wijziging van het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen in verband met het wijzigen van bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en het introduceren van nieuwe decentralisatie- en integratie-uitkeringen (2012)

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 19 december 2013, nr. 2013002626, DCB CZW/S&B, gedaan mede namens de Staatssecretaris van Financiën;

Gelet op artikel 13, eerste lid, van de Financiële-verhoudingswet;

De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 6 februari 2014, nr. W04.13.0462/I);

Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 4 juli 2014, nr.2014-0000036765, uitgebracht mede namens de Staatssecretaris van Financiën;

Hebben goedgevonden en verstaan:

ARTIKEL I

Het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen wordt als volgt gewijzigd:

A

De artikelen 2f, 2j, 2k, 2l, 2m, 3, 29l, 29m, 29v, 29x, 29ee, 29nn, 29qq, 29rr, 31a, 31f, 31h en 31l vervallen.

B

Aan artikel 2c. Regionale luchthavens, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 4. In het jaar 2012 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 2c-4, de in die bijlage genoemde uitkering.

C

Artikel 2i. Externe veiligheid, wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. In het jaar 2012 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 2i-2, de in die bijlage genoemde uitkering.

D

Artikel 2n. Waddenfonds, wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. In het jaar 2012 ontvangt de provincie Fryslân € 95.369.000.

E

Artikel 2o. Werkmaatschappij Markermeer-IJmeer, wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. 2. In het jaar 2012 ontvangt de provincie Flevoland € 210.000.

F

Na artikel 2o worden de volgende artikelen ingevoegd:

Artikel 2p. Asbest en zonnepanelen

In het jaar 2012 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 2p, de in die bijlage genoemde uitkering.

Artikel 2q. Beter benutten

In het jaar 2012 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 2q, de in die bijlage genoemde uitkering.

Artikel 2r. DU Ontwikkel / OEM-variabel

In het jaar 2012 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 2r, de in die bijlage genoemde uitkering.

Artikel 2s. Julianasluis

In het jaar 2012 ontvangt de provincie Zuid-Holland € 2.700.000.

Artikel 2t. Kwaliteitsakkoord basisonderwijs

In het jaar 2012 ontvangt de provincie Groningen € 200.000.

Artikel 2u. Monumenten

In het jaar 2012 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 2u, de in die bijlage genoemde uitkering.

Artikel 2v. Programmatische aanpak stikstof

In het jaar 2012 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 2v, de in die bijlage genoemde uitkering.

Artikel 2w. Zwemwaterrichtlijn EU

In het jaar 2012 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 2w, de in die bijlage genoemde uitkering.

Artikel 2x. Natuur

In het jaar 2012 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 2x, de in die bijlage genoemde uitkering.

G

Aan artikel 14. Nationaal actieplan sport en bewegen, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 14-4, de in die bijlage genoemde uitkering.

H

Artikel 23. Taalcoaches, wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. Bijlage 23 vervalt en wordt vervangen door de in dit besluit opgenomen bijlage 23a.

I

Aan artikel 27. Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO), worden twee onderdelen toegevoegd, luidende:

  • e. Bijlage 27d vervalt en wordt vervangen door de in dit besluit opgenomen bijlage 27e.

  • f. De gemeenten, genoemd in bijlage 27f, ontvangen voor het jaar 2010 op basis van de in onderdeel b genoemde maatstaven het in die bijlage genoemde bedrag.

J

Aan artikel 29a. Aanpak Marokkaans-Nederlandse probleemjongeren, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 4. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29a-4, de in die bijlage genoemde uitkering.

K

Aan artikel 29c. Antillianengemeenten, wordt een lid wordt toegevoegd, luidende:

  • 4. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29c-4, de in die bijlage genoemde uitkering.

L

Aan artikel 29i. Herbestemming aandachtswijken, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 4. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29i-4, de in die bijlage genoemde uitkering.

M

Aan artikel 29j. Herstructurering bedrijventerreinen, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 4. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29j-4, de in die bijlage genoemde uitkering.

N

Aan artikel 29k. Impuls brede scholen combinatiefuncties, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 4. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29k-4, de in die bijlage genoemde uitkering.

O

Aan artikel 29o. Spoorse doorsnijdingen, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 4. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29o-4, de in die bijlage genoemde uitkering.

P

Aan artikel 29y. Gezond in de stad, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29y-3, de in die bijlage genoemde uitkering.

Q

Aan artikel 29dd. Jeugd, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29dd-3, de in die bijlage genoemde uitkering.

R

Aan artikel 29hh. Rolstoelvoorzieningen Arnhem, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In het jaar 2012 ontvangt de gemeente Arnhem € 300.000.

S

Aan artikel 29ii. Vadercentra, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29ii-3, de in die bijlage genoemde uitkering.

T

Aan artikel 29jj. Versterking peuterspeelzaalwerk, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29jj-3, de in die bijlage genoemde uitkering.

U

Aan artikel 29kk. Vrouwenopvang, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29kk-3, de in die bijlage genoemde uitkering.

V

Artikel 29oo. Bestaand Rotterdams gebied, wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. In het jaar 2012 ontvangt de gemeente Rotterdam € 2.527.000.

W

Artikel 29pp. Eigen kracht, wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29pp-2, de in die bijlage genoemde uitkering.

X

Na artikel 29rr worden de volgende artikelen ingevoegd:

Artikel 29ss. Centra voor Jeugd en Gezin

Voor de Centra voor Jeugd en Gezin ontvangen de gemeenten: Met ingang van 2012 jaarlijks via een decentralisatie-uitkering uit het gemeentefonds een bedrag waarbij de verdeelmaatstaven genoemd in bijlage 29ss-a worden gehanteerd voor de verdeling van het totale beschikbare bedrag voor de uitkering.

Artikel 29tt. Focusgemeenten

In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29tt, de in die bijlage genoemde uitkering.

Artikel 29uu. IODS kwaliteitsprojecten

In het jaar 2012 ontvangt de gemeente Midden-Delfland € 9.665.000.

Artikel 29vv. Kwaliteitssprong Zuid

In het jaar 2012 ontvangt de gemeente Rotterdam € 1.400.000.

Artikel 29ww. LHBT emancipatiebeleid

In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29ww, de in die bijlage genoemde uitkering.

Artikel 29xx. Maatschappelijke opvang

Voor de maatschappelijke opvang ontvangen de gemeenten:

  • a. Met ingang van 2010 jaarlijks via een decentralisatie-uitkering uit het gemeentefonds een bedrag waarbij de verdeelmaatstaven genoemd in bijlage 29xx-a worden gehanteerd voor de verdeling van het totale beschikbare bedrag voor de uitkering.

  • b. In het jaar 2010 de in bijlage 29xx-b genoemde bedragen.

Artikel 29yy. Nationaal Actieprogramma Rotterdam Zuid

In het jaar 2012 ontvangt de gemeente Rotterdam € 30.000.000.

Artikel 29zz. Platform Woonoverlast

In het jaar 2012 ontvangt de gemeente Amersfoort € 50.000.

Artikel 29aaa. Quick wins binnenhavens

In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29aaa, de in die bijlage genoemde uitkering.

Artikel 29bbb. Vsv-programmagelden RMC-regio’s G4

In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29bbb, de in die bijlage genoemde uitkering.

Artikel 29ccc. We Can Young

In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten, genoemd in bijlage 29ccc, de in die bijlage genoemde uitkering.

Y

Aan artikel 31b. Bedrijventerreinen, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In het jaar 2012 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 31b-3, de in die bijlage genoemde uitkering.

Z

Aan artikel 31c. Bodemsanering, wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten en provincies, genoemd in bijlage 31c-3, de in die bijlage genoemde uitkering.

AA

Aan artikel 31e. Zuiderzeelijn,wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 3. In het jaar 2012 ontvangen de gemeente en provincies, genoemd in bijlage 31e-3, de in die bijlage genoemde uitkering.

BB

Artikel 31i. Investeringsbudget stedelijke vernieuwing (ISV), wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten en provincies, genoemd in bijlage 31i-2, de in die bijlage genoemde uitkering.

CC

Artikel 31j. Nationale gebiedsontwikkelingen, wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten en provincies, genoemd in bijlage 31j-2, de in die bijlage genoemde uitkering.

DD

Artikel 31k. Green Deal, wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten en provincies, genoemd in bijlage 31k-2, de in die bijlage genoemde uitkering.

EE

Artikel 31m. Sterke regio’s, wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. In het jaar 2012 ontvangen de provincies, genoemd in bijlage 31m-2, de in die bijlage genoemde uitkering.

FF

Na artikel 31 m wordt het volgende artikel ingevoegd:

Artikel 31n. Invoeringskosten Jeugdzorg

In het jaar 2012 ontvangen de gemeenten en provincies, genoemd in bijlage 31n, de in die bijlage genoemde uitkering.

GG

De bijlagen behorend bij het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen worden als volgt gewijzigd:

1. De bijlagen 2k, 2l, 2m, 3, 3-2, 6, 13, 23, 29l, 29l-2, 29l-3, 29m, 29m-2, 29m-3, 27d, 29v, 29v-2, 29x, 29x-2, 29ee, 29ee-2, 29nn, 29nn-2, 29qq, 31a, 31a-2, 31f, 31f-2, 31h, en 31l vervallen.

2. Na bijlage 2c-3 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 2c-4.

3. Na bijlage 2i wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 2i-2.

4. Na bijlage 2m worden ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlagen 2p, 2q, 2r, 2u, 2v, 2w en 2x.

5. Na bijlage 14-3 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 14-4.

6. Na bijlage 23 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 23A.

7. Na bijlage 27c worden ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlagen 27e en 27f.

8. Na bijlage 29a-3 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 29a-4.

9. Na bijlage 29c-3 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 29c-4.

10. Na bijlage 29i-3 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 29i-4.

11. Na bijlage 29j-3 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 29j-4.

12. Na bijlage 29k-3 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 29k-4.

13. Na bijlage 29o-3 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 29o-4.

14. Na bijlage 29y-2 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 29y-3.

15. Na bijlage 29dd-2 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 29dd-3.

16. Na bijlage 29ii-2 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 29ii-3.

17. Na bijlage 29jj-2 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 29jj-3.

18. Na bijlage 29kk-2 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 29kk-3.

19. Na bijlage 29pp wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 29pp-2.

20. Na bijlage 29qq worden ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlagen 29ss-a, 26tt, 29ww, 29xx-a, 29xx-b, 29aaa, 29bbb en 29ccc.

21. Na bijlage 31b-2 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 31b-3.

22. Na bijlage 31c-2 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 31c-3.

23. Na bijlage 31e-2 wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 31e-3.

24. Na bijlage 31i wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 31i-2.

25. Na bijlage 31j wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 31j-2.

26. Na bijlage 31k wordt ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlage 31k-2.

27. Na bijlage 31m worden ingevoegd de bij dit besluit behorende bijlagen 31m-2 en 31n.

ARTIKEL II

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2012, met dien verstande dat:

  • a. artikel I, onderdeel H, terugwerkt tot en met 1 januari 2008;

  • b. artikel I, onderdeel I, terugwerkt tot en met 1 januari 2009;

  • c. artikel I, onderdeel X artikel 29xx, terugwerkt tot en met 1 januari 2010.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.histnoot

Wassenaar, 10 juli 2014

Willem-Alexander

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, R.H.A. Plasterk

De Staatssecretaris van Financiën, E.D. Wiebes

Uitgegeven de vijfde september 2014

De Minister van Veiligheid en Justitie, I.W. Opstelten

Bijlagen behorend bij artikel I van het Besluit van 10 juli 2014 tot wijziging van het Besluit decentralisatie- en integratie-uitkeringen in verband met het wijzigen van bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en het introduceren van nieuwe decentralisatie- en integratie-uitkeringen (2012)

Bijlage 2c-4, genoemd in artikel 2c. Regionale luchthavens

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 56.437

 

Flevoland

€ 20.739

 

Fryslân

€ 130.823

 

Gelderland

€ 164.177

 

Groningen

€ 38.489

 

Limburg

€ 49.756

 

Noord-Brabant

€ 123.942

 

Noord-Holland

€ 86.649

 

Overijssel

€ 45.569

 

Utrecht

€ 41.479

 

Zeeland

€ 66.109

 

Zuid-Holland

€ 109.135

 

Totaal

€ 933.304

 

Bijlage 2i-2, genoemd in artikel 2i. Externe veiligheid

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 498.000

 

Flevoland

€ 334.000

 

Fryslân

€ 771.000

 

Gelderland

€ 2.314.000

 

Groningen

€ 896.000

 

Limburg

€ 1.481.000

 

Noord-Brabant

€ 3.374.000

 

Noord-Holland

€ 2.249.000

 

Overijssel

€ 1.252.000

 

Utrecht

€ 961.000

 

Zeeland

€ 904.000

 

Zuid-Holland

€ 4.966.000

 

Totaal

€ 20.000.000

 

Bijlage 2p, genoemd in artikel 2p. Asbest en zonnepanelen

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 1.044.000

 

Flevoland

€ 523.000

 

Fryslân

€ 1.590.000

 

Gelderland

€ 3.418.000

 

Groningen

€ 928.000

 

Limburg

€ 1.365.000

 

Noord-Brabant

€ 3.568.000

 

Noord-Holland

€ 1.387.000

 

Overijssel

€ 2.464.000

 

Utrecht

€ 813.000

 

Zeeland

€ 896.000

 

Zuid-Holland

€ 2.004.000

 

Totaal

€ 20.000.000

 

Bijlage 2q, genoemd in artikel 2q. Beter benutten

Provincie

Uitkering 2012

 

Groningen

€ 750.000

 

Overijssel

€ 520.000

 

Totaal

€ 1.270.000

 

Bijlage 2r, genoemd in artikel 2r. DU Ontwikkel / OEM-variabel

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 25.252.850

 

Flevoland

€ 21.887.693

 

Fryslân

€ 23.197.475

 

Gelderland

€ 6.743.816

 

Groningen

€ 17.260.966

 

Limburg

€ 27.094.848

 

Noord-Brabant

€ 50.283.421

 

Noord-Holland

€ 65.848.597

 

Overijssel

€ 26.331.489

 

Utrecht

€ 42.868.977

 

Zeeland

€ 20.063.311

 

Zuid-Holland

€ 91.633.680

 

Totaal

€ 418.467.123

 

Bijlage 2u, genoemd in artikel 2u. Monumenten

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 494.185

 

Flevoland

€ 118.541

 

Fryslân

€ 1.463.888

 

Gelderland

€ 1.670.808

 

Groningen

€ 902.832

 

Limburg

€ 1.777.234

 

Noord-Brabant

€ 1.722.352

 

Noord-Holland

€ 4.717.863

 

Overijssel

€ 1.249.181

 

Utrecht

€ 1.526.928

 

Zeeland

€ 1.327.425

 

Zuid-Holland

€ 3.028.763

 

Totaal

€ 20.000.000

 

Bijlage 2v, genoemd in artikel 2v. Programmatische aanpak stikstof

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 2.070.000

 

Flevoland

€ 460.000

 

Fryslân

€ 575.000

 

Gelderland

€ 2.300.000

 

Groningen

€ 345.000

 

Limburg

€ 4.370.000

 

Noord-Brabant

€ 5.750.000

 

Noord-Holland

€ 1.840.000

 

Overijssel

€ 3.220.000

 

Utrecht

€ 460.000

 

Zeeland

€ 115.000

 

Zuid-Holland

€ 1.495.000

 

Totaal

€ 23.000.000

 

Bijlage 2w, genoemd in artikel 2w. Zwemwaterrichtlijn EU

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 77.007

 

Flevoland

€ 56.991

 

Fryslân

€ 89.873

 

Gelderland

€ 119.896

 

Groningen

€ 85.584

 

Limburg

€ 71.288

 

Noord-Brabant

€ 139.911

 

Noord-Holland

€ 169.934

 

Overijssel

€ 54.132

 

Utrecht

€ 49.843

 

Zeeland

€ 105.600

 

Zuid-Holland

€ 179.941

 

Totaal

€ 1.200.000

 

Bijlage 2x, genoemd in artikel 2x. Natuur

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 5.070.000

 

Flevoland

€ 14.340.000

 

Fryslân

€ 23.420.000

 

Gelderland

€ 43.980.000

 

Groningen

€ 5.790.000

 

Limburg

€ 16.380.000

 

Noord-Brabant

€ 33.220.000

 

Overijssel

€ 19.400.000

 

Utrecht

€ 84.790.000

 

Zuid-Holland

€ 62.020.000

 

Totaal

€ 308.410.000

 

Bijlage 14-4, genoemd in artikel 14. Nationaal actieplan sport en bewegen

Gemeente

Uitkering 2012

 

Achtkarspelen

€ 66.286

 

Alkmaar

€ 149.199

 

Almelo

€ 127.096

 

Appingedam

€ 34.374

 

Assen

€ 119.391

 

Bedum

€ 31.202

 

Bergen op Zoom

€ 120.440

 

Borger-Odoorn

€ 62.594

 

Coevorden

€ 70.000

 

De Marne

€ 31.508

 

Den Helder

€ 7.500

 

Deventer

€ 151.617

 

Doesburg

€ 33.186

 

Dordrecht

€ 164.271

 

Franekeradeel

€ 25.625

 

Geertruidenberg

€ 2.500

 

Goes

€ 50.000

 

Groningen

€ 195.807

 

Hardenberg

€ 112.158

 

Harlingen

€ 40.930

 

Heerenveen

€ 89.164

 

Heerlen

€ 145.537

 

Hengelo O

€ 93.500

 

Hoorn

€ 123.174

 

Landgraaf

€ 83.299

 

Leek

€ 48.380

 

Leeuwarden

€ 41.250

 

Lelystad

€ 127.252

 

Lemsterland

€ 36.868

 

Meppel

€ 71.631

 

Neder-Betuwe

€ 54.618

 

Noord-Beveland

€ 21.801

 

Ooststellingwerf

€ 62.448

 

Opmeer

€ 32.424

 

Opsterland

€ 94.166

 

Peel en Maas

€ 49.092

 

Pekela

€ 36.608

 

Reusel-De Mierden

€ 7.500

 

Schiedam

€ 130.162

 

’s-Gravenhage

€ 341.971

 

Sittard-Geleen

€ 151.245

 

Skarsterlan

€ 64.102

 

Smallingerland

€ 40.000

 

Stede Broec

€ 52.690

 

Stein

€ 12.500

 

Sudwest Fryslan

€ 74.659

 

Terneuzen

€ 30.000

 

Tholen

€ 60.310

 

Utrecht

€ 249.201

 

Vaals

€ 29.877

 

Veendam

€ 66.234

 

Vlaardingen

€ 126.461

 

Vlagtwedde

€ 37.500

 

Vlissingen

€ 92.535

 

Wageningen

€ 78.520

 

Weststellingwerf

€ 61.000

 

Zaanstad

€ 175.701

 

Totaal

€ 4.689.064

 

Bijlage 23a, genoemd in artikel 23. Taalcoaches

Gemeente

Uitkering 2008

Uitkering 2009

Uitkering 2010

Uitkering 2011

Aa en Hunze

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Aalsmeer

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Alkmaar

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Almelo

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Almere

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Alphen aan den Rijn

€ 112.500

€ 67.500

€ 22.500

€ 22.500

Amersfoort

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Amstelveen

€ 90.000

€ 54.000

€ 18.000

€ 18.000

Amsterdam

€ 168.750

€ 101.250

€ 33.750

€ 33.750

Apeldoorn

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Arnhem

€ 168.750

€ 101.250

€ 33.750

€ 33.750

Assen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Asten

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Baarn

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Barneveld

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Beesel

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Bellingwedde

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Bergeijk

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Bergen op Zoom

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Berkelland

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Bernheze

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Best

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Beuningen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Beverwijk

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Bladel

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Bloemendaal

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Bodegraven

 

€ 11.250

€ 6.750

 

Bodegraven-Reeuwijk

     

€ 4.500

Borger-Odoorn

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Borsele

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Boxmeer

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Breda

€ 168.750

€ 101.250

€ 33.750

€ 33.750

Bronckhorst

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Brummen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Brunssum

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Bunnik

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Buren

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Capelle aan den IJssel

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Castricum

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Coevorden

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Cuijk

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Culemborg

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Dalfsen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Dantumadiel

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

De Bilt

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

De Ronde Venen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Delft

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Delfzijl

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Den Helder

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Deurne

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Deventer

€ 168.750

€ 101.250

€ 33.750

€ 33.750

Doesburg

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Doetinchem

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Dongeradeel

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Dordrecht

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Drechterland

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Drimmelen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Dronten

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Duiven

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Echt-Susteren

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Ede

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Eersel

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Eindhoven

€ 168.750

€ 101.250

€ 33.750

€ 33.750

Emmen

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Enschede

€ 168.750

€ 101.250

€ 33.750

€ 33.750

Epe

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Ermelo

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Etten-Leur

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Geertruidenberg

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Geldermalsen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Geldrop-Mierlo

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Gemert-Bakel

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Gilze en Rijen

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Goes

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Goirle

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Gouda

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Groningen

 

€ 75.000

€ 45.000

€ 30.000

Haaksbergen

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Haarlem

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Haarlemmermeer

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Halderberge

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Harderwijk

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Hattem

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Heemskerk

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Heemstede

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Heerde

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Heerlen

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Helden

 

€ 22.500

   

Hellendoorn

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Hellevoetsluis

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Helmond

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Hengelo

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Heusden

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Hillegom

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Hilversum

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Hoogeveen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Hoogezand-Sappemeer

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Hoorn

€ 56.250

€ 33.750

€ 11.250

€ 11.250

Hulst

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Kaag en Braassem

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Kampen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Kerkrade

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Landgraaf

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Langedijk

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Leek

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Leeuwarden

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Leiden

€ 168.750

€ 101.250

€ 33.750

€ 33.750

Leiderdorp

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Leidschendam-Voorburg

€ 56.250

€ 33.750

€ 11.250

€ 11.250

Lelystad

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Leudal

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Leusden

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Lingewaard

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Loppersum

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Maarssen

 

€ 11.250

€ 6.750

 

Maasdriel

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Maasgouw

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Maassluis

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Maastricht

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Menterwolde

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Meppel

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Middelburg

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Midden Drenthe

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Moerdijk

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Montferland

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Neder-Betuwe

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Nederweert

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Neerijnen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Nieuwegein

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Nijkerk

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Nijmegen

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Noordenveld

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Oegstgeest

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Oirschot

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Oisterwijk

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Oldambt

   

€ 20.250

€ 13.500

Oldenzaal

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Ommen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Oosterhout

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Oss

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Ouder-Amstel

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Overbetuwe

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Peel en Maas

   

€ 13.500

€ 9.000

Purmerend

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Raalte

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Reiderland

 

€ 11.250

   

Renkum

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Reusel-De Mierden

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Rheden

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Rhenen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Ridderkerk

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Rijnwaarden

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Rijssen-Holten

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Rijswijk

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Roermond

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Roosendaal

€ 168.750

€ 101.250

€ 33.750

€ 33.750

Rotterdam

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 24.000

Rozenburg

 

€ 22.500

€ 13.500

 

Scheemda

 

€ 11.250

   

Schiedam

€ 168.750

€ 101.250

€ 33.750

€ 33.750

Schijndel

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Schoonhoven

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Schouwen-Duiveland

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

’s-Gravenhage

€ 168.750

€ 101.250

€ 33.750

€ 33.750

’s-Hertogenbosch

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Sint-Michielsgestel

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Sittard-Geleen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Smallingerland

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Soest

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Someren

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Spijkenisse

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Staphorst

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Steenwijkerland

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Stichtse Vecht

     

€ 4.500

Terneuzen

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Tiel

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Tilburg

€ 112.500

€ 67.500

€ 22.500

€ 22.500

Tynaarlo

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Tytsjerksteradiel

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Uden

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Uithoorn

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Utrecht

€ 168.750

€ 101.250

€ 33.750

€ 33.750

Utrechtse Heuvelrug

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Valkenburg aan de Geul

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Veendam

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Veenendaal

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Veghel

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Velsen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Venlo

€ 168.750

€ 101.250

€ 33.750

€ 33.750

Venray

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Vianen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Vlaardingen

€ 37.500

€ 22.500

€ 7.500

€ 7.500

Vlagtwedde

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Vlist

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Voorst

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Vught

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Waalwijk

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Waddinxveen

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Wageningen

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Weert

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Werkendam

 

€ 45.000

€ 27.000

€ 18.000

West Maas en Waal

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Westervoort

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Westland

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Westvoorne

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Wijchen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Wijdemeren

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Wijk bij Duurstede

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Winschoten

 

€ 11.250

   

Winterswijk

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Woensdrecht

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Woerden

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Zaanstad

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Zaltbommel

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Zeewolde

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Zeist

 

€ 22.500

€ 13.500

€ 9.000

Zevenaar

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Zijpe

 

€ 75.000

€ 45.000

€ 30.000

Zoetermeer

€ 75.000

€ 45.000

€ 15.000

€ 15.000

Zutphen

 

€ 11.250

€ 6.750

€ 4.500

Zwolle

 

€ 37.500

€ 22.500

€ 15.000

Totaal

€ 4.215.000

€ 5.589.000

€ 2.679.000

€ 2.067.000

Bijlage 27e, genoemd in artikel 27. Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO)

Gemeente

Uitkering 2009

 

Aa en Hunze

€ 2.529.512

 

Aalburg

€ 851.306

 

Aalsmeer

€ 2.075.822

 

Aalten

€ 2.941.208

 

Abcoude

€ 605.032

 

Achtkarspelen

€ 2.585.619

 

Alblasserdam

€ 1.904.128

 

Albrandswaard

€ 1.339.868

 

Alkmaar

€ 9.524.519

 

Almelo

€ 8.048.388

 

Almere

€ 10.088.965

 

Alphen aan den Rijn

€ 5.457.072

 

Alphen-Chaam

€ 653.075

 

Ameland

€ 264.954

 

Amersfoort

€ 11.275.613

 

Amstelveen

€ 8.871.030

 

Amsterdam

€ 69.394.958

 

Andijk

€ 543.046

 

Anna Paulowna

€ 1.021.381

 

Apeldoorn

€ 15.927.188

 

Appingedam

€ 1.867.387

 

Arcen en Velden

€ 771.844

 

Arnhem

€ 14.495.062

 

Assen

€ 6.582.881

 

Asten

€ 1.339.258

 

Baarle-Nassau

€ 693.811

 

Baarn

€ 3.248.649

 

Barendrecht

€ 2.520.663

 

Barneveld

€ 3.058.673

 

Bedum

€ 1.007.273

 

Beek

€ 1.885.844

 

Beemster

€ 817.222

 

Beesel

€ 1.228.701

 

Bellingwedde

€ 1.270.820

 

Bergambacht

€ 736.752

 

Bergeijk

€ 1.347.207

 

Bergen L

€ 1.351.169

 

Bergen NH

€ 3.343.488

 

Bergen op Zoom

€ 6.731.833

 

Berkelland

€ 4.102.044

 

Bernheze

€ 2.018.324

 

Bernisse

€ 858.925

 

Best

€ 1.941.457

 

Beuningen

€ 1.673.339

 

Beverwijk

€ 4.238.403

 

Binnenmaas

€ 2.186.807

 

Bladel

€ 1.384.220

 

Blaricum

€ 810.051

 

Bloemendaal

€ 2.241.093

 

Boarnsterhim

€ 1.479.113

 

Bodegraven

€ 1.407.967

 

Boekel

€ 744.034

 

Bolsward

€ 1.195.532

 

Borger-Odoorn

€ 2.524.610

 

Borne

€ 1.979.238

 

Borsele

€ 1.841.543

 

Boskoop

€ 1.076.915

 

Boxmeer

€ 2.285.168

 

Boxtel

€ 2.806.051

 

Breda

€ 16.284.991

 

Breukelen

€ 1.175.872

 

Brielle

€ 1.056.288

 

Bronckhorst

€ 3.594.339

 

Brummen

€ 2.116.938

 

Brunssum

€ 4.334.482

 

Bunnik

€ 1.042.806

 

Bunschoten

€ 1.097.383

 

Buren

€ 1.659.413

 

Bussum

€ 3.897.054

 

Capelle aan den IJssel

€ 6.108.912

 

Castricum

€ 3.096.626

 

Coevorden

€ 3.804.990

 

Cranendonck

€ 1.628.483

 

Cromstrijen

€ 979.422

 

Cuijk

€ 2.147.894

 

Culemborg

€ 2.132.547

 

Dalfsen

€ 1.987.272

 

Dantumadiel

€ 2.117.566

 

De Bilt

€ 4.838.165

 

De Marne

€ 1.165.543

 

De Ronde Venen

€ 2.274.944

 

De Wolden

€ 2.241.473

 

Delft

€ 8.764.016

 

Delfzijl

€ 3.181.317

 

Den Helder

€ 5.921.669

 

Deurne

€ 2.694.124

 

Deventer

€ 10.001.328

 

Diemen

€ 2.011.923

 

Dinkelland

€ 1.995.231

 

Dirksland

€ 720.387

 

Doesburg

€ 1.177.716

 

Doetinchem

€ 6.009.805

 

Dongen

€ 2.065.898

 

Dongeradeel

€ 2.532.142

 

Dordrecht

€ 12.362.029

 

Drechterland

€ 1.416.871

 

Drimmelen

€ 2.059.802

 

Dronten

€ 2.653.068

 

Druten

€ 1.404.290

 

Duiven

€ 1.706.356

 

Echt-Susteren

€ 3.763.512

 

Edam-Volendam

€ 1.852.616

 

Ede

€ 8.755.797

 

Eemnes

€ 542.388

 

Eemsmond

€ 1.898.041

 

Eersel

€ 1.608.300

 

Eijsden

€ 918.899

 

Eindhoven

€ 23.373.979

 

Elburg

€ 1.617.678

 

Emmen

€ 13.040.020

 

Enkhuizen

€ 1.851.580

 

Enschede

€ 17.817.731

 

Epe

€ 3.576.437

 

Ermelo

€ 2.612.180

 

Etten-Leur

€ 3.248.748

 

Ferwerderadiel

€ 809.304

 

Franekeradeel

€ 2.152.718

 

Gaasterlan-Sleat

€ 1.086.649

 

Geertruidenberg

€ 1.732.280

 

Geldermalsen

€ 1.830.333

 

Geldrop-Mierlo

€ 3.520.421

 

Gemert-Bakel

€ 2.245.641

 

Gennep

€ 1.927.299

 

Giessenlanden

€ 946.065

 

Gilze en Rijen

€ 1.989.298

 

Goedereede

€ 781.786

 

Goes

€ 4.583.158

 

Goirle

€ 1.783.563

 

Gorinchem

€ 3.673.681

 

Gouda

€ 6.503.352

 

Graafstroom

€ 538.952

 

Graft-De Rijp

€ 510.674

 

Grave

€ 1.152.489

 

Groesbeek

€ 2.325.253

 

Groningen

€ 15.857.468

 

Grootegast

€ 1.016.121

 

Gulpen-Wittem

€ 1.434.366

 

Haaksbergen

€ 2.048.207

 

Haaren

€ 1.265.889

 

Haarlem

€ 16.110.590

 

Haarlemmerliede Spaarnw

€ 464.592

 

Haarlemmermeer

€ 8.245.026

 

Halderberge

€ 2.366.773

 

Hardenberg

€ 4.743.639

 

Harderwijk

€ 3.620.923

 

Hardinxveld-Giessendam

€ 1.375.729

 

Haren

€ 2.309.125

 

Harenkarspel

€ 1.254.738

 

Harlingen

€ 1.723.106

 

Hattem

€ 1.063.390

 

Heemskerk

€ 3.795.024

 

Heemstede

€ 3.372.301

 

Heerde

€ 1.741.895

 

Heerenveen

€ 5.177.484

 

Heerhugowaard

€ 3.255.043

 

Heerlen

€ 13.306.737

 

Heeze-Leende

€ 1.406.554

 

Heiloo

€ 2.196.857

 

Helden

€ 1.659.353

 

Hellendoorn

€ 3.201.136

 

Hellevoetsluis

€ 2.873.591

 

Helmond

€ 8.039.656

 

Hendrik-Ido-Ambacht

€ 1.558.466

 

Hengelo O

€ 8.571.757

 

Het Bildt

€ 1.126.281

 

Heumen

€ 1.185.371

 

Heusden

€ 3.231.323

 

Hillegom

€ 1.945.606

 

Hilvarenbeek

€ 1.011.367

 

Hilversum

€ 9.669.444

 

Hof van Twente

€ 3.349.596

 

Hoogeveen

€ 6.124.778

 

Hoogezand-Sappemeer

€ 4.384.666

 

Hoorn

€ 6.207.967

 

Horst aan de Maas

€ 2.270.665

 

Houten

€ 2.378.668

 

Huizen

€ 3.729.405

 

Hulst

€ 3.286.075

 

IJsselstein

€ 2.180.802

 

Kaag en Braassem

€ 1.722.842

 

Kampen

€ 4.230.272

 

Kapelle

€ 1.008.624

 

Katwijk

€ 4.564.707

 

Kerkrade

€ 7.014.387

 

Kessel

€ 366.602

 

Koggenland

€ 1.481.052

 

Kollumerland en Nwkruisl

€ 1.272.044

 

Korendijk

€ 821.261

 

Krimpen aan den IJssel

€ 2.423.313

 

Laarbeek

€ 1.712.106

 

Landerd

€ 1.110.798

 

Landgraaf

€ 4.753.163

 

Landsmeer

€ 898.325

 

Langedijk

€ 1.774.741

 

Lansingerland

€ 2.353.836

 

Laren

€ 1.424.520

 

Leek

€ 2.151.274

 

Leerdam

€ 2.008.222

 

Leeuwarden

€ 10.819.887

 

Leeuwarderadeel

€ 843.451

 

Leiden

€ 9.789.108

 

Leiderdorp

€ 2.193.364

 

Leidschendam-Voorburg

€ 8.713.082

 

Lelystad

€ 5.260.331

 

Lemsterland

€ 1.097.457

 

Leudal

€ 3.009.589

 

Leusden

€ 2.013.753

 

Liesveld

€ 595.915

 

Lingewaal

€ 724.049

 

Lingewaard

€ 3.225.553

 

Lisse

€ 2.009.150

 

Lith

€ 434.699

 

Littenseradiel

€ 783.348

 

Lochem

€ 3.501.890

 

Loenen

€ 712.383

 

Loon op Zand

€ 1.901.788

 

Lopik

€ 832.503

 

Loppersum

€ 1.057.462

 

Losser

€ 2.250.950

 

Maarssen

€ 2.708.356

 

Maasbree

€ 844.717

 

Maasdonk

€ 828.343

 

Maasdriel

€ 1.780.441

 

Maasgouw

€ 2.714.271

 

Maassluis

€ 3.061.659

 

Maastricht

€ 14.864.471

 

Margraten

€ 1.129.523

 

Marum

€ 827.593

 

Medemblik

€ 2.197.717

 

Meerlo-Wanssum

€ 546.938

 

Meerssen

€ 1.907.433

 

Meijel

€ 474.179

 

Menameradiel

€ 1.189.510

 

Menterwolde

€ 1.178.297

 

Meppel

€ 3.238.169

 

Middelburg

€ 5.364.562

 

Middelharnis

€ 1.757.082

 

Midden Drenthe

€ 3.141.020

 

Midden-Delfland

€ 1.058.164

 

Mill en Sint Hubert

€ 912.088

 

Millingen aan de Rijn

€ 554.028

 

Moerdijk

€ 2.950.617

 

Montferland

€ 3.368.786

 

Montfoort U

€ 798.812

 

Mook en Middelaar

€ 728.074

 

Moordrecht

€ 504.407

 

Muiden

€ 523.364

 

Naarden

€ 1.653.386

 

Neder-Betuwe

€ 1.509.779

 

Nederlek

€ 1.334.965

 

Nederweert

€ 1.359.377

 

Neerijnen

€ 859.608

 

Niedorp

€ 811.292

 

Nieuwegein

€ 4.394.273

 

Nieuwerkerk a/d IJssel

€ 1.309.524

 

Nieuwkoop

€ 1.901.885

 

Nieuw-Lekkerland

€ 528.829

 

Nijefurd

€ 1.139.167

 

Nijkerk

€ 2.665.995

 

Nijmegen

€ 16.076.409

 

Noord-Beveland

€ 673.359

 

Noordenveld

€ 3.136.183

 

Noordoostpolder

€ 4.070.822

 

Noordwijk

€ 2.474.659

 

Noordwijkerhout

€ 1.352.652

 

Nuenen c.a.

€ 1.477.455

 

Nunspeet

€ 2.319.245

 

Nuth

€ 1.700.852

 

Oegstgeest

€ 1.781.214

 

Oirschot

€ 1.233.729

 

Oisterwijk

€ 2.288.425

 

Oldebroek

€ 1.477.138

 

Oldenzaal

€ 3.240.778

 

Olst-Wijhe

€ 1.654.121

 

Ommen

€ 1.594.740

 

Onderbanken

€ 903.725

 

Oost Gelre

€ 2.537.607

 

Oosterhout

€ 4.658.112

 

Oostflakkee

€ 887.627

 

Ooststellingwerf

€ 2.948.904

 

Oostzaan

€ 714.470

 

Opmeer

€ 824.213

 

Opsterland

€ 2.900.319

 

Oss

€ 7.287.580

 

Oud-Beijerland

€ 1.715.134

 

Oude IJsselstreek

€ 3.909.017

 

Ouder-Amstel

€ 1.135.910

 

Ouderkerk

€ 640.349

 

Oudewater

€ 823.676

 

Overbetuwe

€ 2.903.192

 

Papendrecht

€ 2.481.551

 

Pekela

€ 1.796.077

 

Pijnacker-Nootdorp

€ 2.201.974

 

Purmerend

€ 7.591.191

 

Putten

€ 1.834.339

 

Raalte

€ 3.309.562

 

Reeuwijk

€ 902.320

 

Reiderland

€ 1.021.074

 

Reimerswaal

€ 1.781.157

 

Renkum

€ 4.371.082

 

Renswoude

€ 298.414

 

Reusel-De Mierden

€ 882.294

 

Rheden

€ 6.095.714

 

Rhenen

€ 1.675.440

 

Ridderkerk

€ 4.808.456

 

Rijnwaarden

€ 966.179

 

Rijnwoude

€ 1.225.644

 

Rijssen-Holten

€ 2.913.861

 

Rijswijk

€ 6.765.754

 

Roerdalen

€ 2.017.031

 

Roermond

€ 6.299.395

 

Roosendaal

€ 7.660.632

 

Rotterdam

€ 67.072.867

 

Rozenburg

€ 1.030.821

 

Rozendaal

€ 151.361

 

Rucphen

€ 2.141.848

 

Schagen

€ 1.947.942

 

Scheemda

€ 1.550.860

 

Schermer

€ 345.081

 

Scherpenzeel

€ 657.942

 

Schiedam

€ 8.334.518

 

Schiermonnikoog

€ 149.492

 

Schijndel

€ 1.860.550

 

Schinnen

€ 1.256.617

 

Schoonhoven

€ 1.017.620

 

Schouwen-Duiveland

€ 3.317.641

 

Sevenum

€ 584.233

 

’s-Gravenhage

€ 47.986.788

 

’s-Hertogenbosch

€ 12.620.627

 

Simpelveld

€ 1.195.218

 

Sint-Anthonis

€ 992.484

 

Sint-Michielsgestel

€ 2.233.631

 

Sint-Oedenrode

€ 1.503.143

 

Sittard-Geleen

€ 12.023.549

 

Skarsterlan

€ 2.384.018

 

Sliedrecht

€ 2.837.287

 

Slochteren

€ 1.220.504

 

Sluis

€ 2.987.440

 

Smallingerland

€ 6.140.771

 

Sneek

€ 3.721.821

 

Soest

€ 4.644.744

 

Someren

€ 1.579.539

 

Son en Breugel

€ 1.257.951

 

Spijkenisse

€ 5.676.385

 

Stadskanaal

€ 4.777.026

 

Staphorst

€ 888.930

 

Stede Broec

€ 1.622.786

 

Steenbergen

€ 1.964.643

 

Steenwijkerland

€ 4.561.257

 

Stein

€ 2.758.743

 

Strijen

€ 744.175

 

Ten Boer

€ 582.270

 

Terneuzen

€ 6.230.316

 

Terschelling

€ 412.287

 

Texel

€ 1.184.313

 

Teylingen

€ 2.594.018

 

Tholen

€ 2.202.590

 

Tiel

€ 3.402.193

 

Tilburg

€ 19.057.215

 

Tubbergen

€ 1.409.563

 

Twenterand

€ 2.743.968

 

Tynaarlo

€ 3.269.652

 

Tytsjerksteradiel

€ 3.150.580

 

Ubbergen

€ 1.069.691

 

Uden

€ 3.465.677

 

Uitgeest

€ 791.899

 

Uithoorn

€ 2.295.084

 

Urk

€ 739.109

 

Utrecht

€ 21.859.122

 

Utrechtse Heuvelrug

€ 5.140.140

 

Vaals

€ 1.268.867

 

Valkenburg aan de Geul

€ 2.145.807

 

Valkenswaard

€ 3.225.711

 

Veendam

€ 3.705.112

 

Veenendaal

€ 5.044.569

 

Veere

€ 1.772.419

 

Veghel

€ 2.830.859

 

Veldhoven

€ 3.771.326

 

Velsen

€ 7.135.536

 

Venlo

€ 10.231.200

 

Venray

€ 3.401.290

 

Vianen

€ 1.310.684

 

Vlaardingen

€ 8.779.357

 

Vlagtwedde

€ 2.358.161

 

Vlieland

€ 123.024

 

Vlissingen

€ 5.499.313

 

Vlist

€ 798.676

 

Voerendaal

€ 1.224.718

 

Voorschoten

€ 2.112.383

 

Voorst

€ 2.410.603

 

Vught

€ 2.409.738

 

Waalre

€ 1.490.835

 

Waalwijk

€ 4.004.500

 

Waddinxveen

€ 1.967.045

 

Wageningen

€ 2.874.920

 

Wassenaar

€ 2.837.222

 

Waterland

€ 1.371.488

 

Weert

€ 4.605.517

 

Weesp

€ 1.809.127

 

Werkendam

€ 1.857.421

 

Wervershoof

€ 674.947

 

West Maas en Waal

€ 1.572.042

 

Westerveld

€ 2.131.259

 

Westervoort

€ 1.083.942

 

Westland

€ 7.251.177

 

Weststellingwerf

€ 3.154.704

 

Westvoorne

€ 1.123.189

 

Wierden

€ 1.706.441

 

Wieringen

€ 963.032

 

Wieringermeer

€ 1.105.224

 

Wijchen

€ 3.036.630

 

Wijdemeren

€ 1.818.183

 

Wijk bij Duurstede

€ 1.342.154

 

Winschoten

€ 3.227.700

 

Winsum

€ 1.106.581

 

Winterswijk

€ 3.273.006

 

Woensdrecht

€ 1.647.856

 

Woerden

€ 3.231.280

 

Wormerland

€ 1.293.928

 

Woudenberg

€ 958.367

 

Woudrichem

€ 1.045.509

 

Wunseradiel

€ 931.538

 

Wymbritseradiel

€ 1.097.564

 

Zaanstad

€ 14.040.731

 

Zaltbommel

€ 1.915.481

 

Zandvoort

€ 2.445.641

 

Zederik

€ 940.208

 

Zeevang

€ 450.098

 

Zeewolde

€ 891.445

 

Zeist

€ 7.084.695

 

Zevenaar

€ 3.064.783

 

Zevenhuizen-Moerkapelle

€ 757.867

 

Zijpe

€ 770.461

 

Zoetermeer

€ 8.676.207

 

Zoeterwoude

€ 808.765

 

Zuidhorn

€ 1.339.039

 

Zundert

€ 2.094.613

 

Zutphen

€ 4.944.235

 

Zwartewaterland

€ 1.508.256

 

Zwijndrecht

€ 4.857.627

 

Zwolle

€ 10.374.119

 

Totaal

€ 1.535.349.553

 

Bijlage 27f, genoemd in artikel 27. Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO)

Gemeente

Uitkering 2010

 

Aa en Hunze

€ 2.512.027

 

Aalburg

€ 877.139

 

Aalsmeer

€ 2.074.495

 

Aalten

€ 2.931.926

 

Abcoude

€ 634.487

 

Achtkarspelen

€ 2.654.404

 

Alblasserdam

€ 1.910.914

 

Albrandswaard

€ 1.350.897

 

Alkmaar

€ 9.707.329

 

Almelo

€ 8.099.821

 

Almere

€ 10.127.773

 

Alphen aan den Rijn

€ 5.436.735

 

Alphen-Chaam

€ 672.455

 

Ameland

€ 275.219

 

Amersfoort

€ 11.166.069

 

Amstelveen

€ 8.660.463

 

Amsterdam

€ 67.748.948

 

Andijk

€ 554.189

 

Anna Paulowna

€ 1.035.929

 

Apeldoorn

€ 16.041.950

 

Appingedam

€ 1.883.493

 

Arnhem

€ 14.429.473

 

Assen

€ 6.531.275

 

Asten

€ 1.377.428

 

Baarle-Nassau

€ 714.888

 

Baarn

€ 3.031.345

 

Barendrecht

€ 2.553.624

 

Barneveld

€ 3.092.498

 

Bedum

€ 1.050.482

 

Beek

€ 1.849.053

 

Beemster

€ 792.157

 

Beesel

€ 1.257.786

 

Bellingwedde

€ 1.329.129

 

Bergambacht

€ 725.206

 

Bergeijk

€ 1.347.922

 

Bergen L

€ 1.357.316

 

Bergen NH

€ 3.375.726

 

Bergen op Zoom

€ 6.761.549

 

Berkelland

€ 4.186.647

 

Bernheze

€ 2.066.149

 

Bernisse

€ 837.275

 

Best

€ 1.970.017

 

Beuningen

€ 1.739.207

 

Beverwijk

€ 4.213.256

 

Binnenmaas

€ 2.272.701

 

Bladel

€ 1.489.180

 

Blaricum

€ 808.849

 

Bloemendaal

€ 2.301.782

 

Boarnsterhim

€ 1.556.794

 

Bodegraven

€ 1.427.792

 

Boekel

€ 775.555

 

Bolsward

€ 1.236.898

 

Borger-Odoorn

€ 2.526.718

 

Borne

€ 2.046.134

 

Borsele

€ 1.833.346

 

Boskoop

€ 1.101.824

 

Boxmeer

€ 2.403.651

 

Boxtel

€ 2.799.520

 

Breda

€ 15.967.739

 

Breukelen

€ 1.231.467

 

Brielle

€ 1.083.681

 

Bronckhorst

€ 3.653.948

 

Brummen

€ 2.135.252

 

Brunssum

€ 4.302.756

 

Bunnik

€ 1.111.169

 

Bunschoten

€ 1.144.683

 

Buren

€ 1.669.599

 

Bussum

€ 3.945.225

 

Capelle aan den IJssel

€ 6.094.874

 

Castricum

€ 3.112.194

 

Coevorden

€ 3.882.507

 

Cranendonck

€ 1.726.467

 

Cromstrijen

€ 967.083

 

Cuijk

€ 2.174.790

 

Culemborg

€ 2.120.304

 

Dalfsen

€ 2.099.732

 

Dantumadiel

€ 2.094.692

 

De Bilt

€ 5.153.668

 

De Marne

€ 1.158.022

 

De Ronde Venen

€ 2.373.467

 

De Wolden

€ 2.285.029

 

Delft

€ 8.683.826

 

Delfzijl

€ 3.421.856

 

Den Helder

€ 5.886.745

 

Deurne

€ 2.809.559

 

Deventer

€ 9.859.167

 

Diemen

€ 2.040.251

 

Dinkelland

€ 2.040.647

 

Dirksland

€ 772.161

 

Doesburg

€ 1.228.175

 

Doetinchem

€ 6.047.771

 

Dongen

€ 2.077.788

 

Dongeradeel

€ 2.601.353

 

Dordrecht

€ 12.411.205

 

Drechterland

€ 1.423.297

 

Drimmelen

€ 2.111.849

 

Dronten

€ 2.768.245

 

Druten

€ 1.413.568

 

Duiven

€ 1.751.293

 

Echt-Susteren

€ 3.748.735

 

Edam-Volendam

€ 1.818.701

 

Ede

€ 8.749.827

 

Eemnes

€ 563.262

 

Eemsmond

€ 1.928.662

 

Eersel

€ 1.605.068

 

Eijsden

€ 906.639

 

Eindhoven

€ 22.927.838

 

Elburg

€ 1.624.806

 

Emmen

€ 13.319.386

 

Enkhuizen

€ 1.884.669

 

Enschede

€ 17.843.563

 

Epe

€ 3.588.426

 

Ermelo

€ 2.654.194

 

Etten-Leur

€ 3.205.713

 

Ferwerderadiel

€ 847.723

 

Franekeradeel

€ 2.192.806

 

Gaasterlan-Sleat

€ 1.118.910

 

Geertruidenberg

€ 1.736.264

 

Geldermalsen

€ 1.900.346

 

Geldrop-Mierlo

€ 3.555.394

 

Gemert-Bakel

€ 2.342.985

 

Gennep

€ 1.958.216

 

Giessenlanden

€ 972.195

 

Gilze en Rijen

€ 2.054.170

 

Goedereede

€ 783.365

 

Goes

€ 4.517.632

 

Goirle

€ 1.719.642

 

Gorinchem

€ 3.800.931

 

Gouda

€ 6.460.664

 

Graafstroom

€ 544.842

 

Graft-De Rijp

€ 498.857

 

Grave

€ 1.168.612

 

Groesbeek

€ 2.333.408

 

Groningen

€ 15.872.250

 

Grootegast

€ 1.027.587

 

Gulpen-Wittem

€ 1.498.274

 

Haaksbergen

€ 2.191.282

 

Haaren

€ 1.248.244

 

Haarlem

€ 15.845.886

 

Haarlemmerliede Spaarnw

€ 451.221

 

Haarlemmermeer

€ 8.497.623

 

Halderberge

€ 2.428.774

 

Hardenberg

€ 4.833.469

 

Harderwijk

€ 3.653.725

 

Hardinxveld-Giessendam

€ 1.396.041

 

Haren

€ 2.305.641

 

Harenkarspel

€ 1.233.579

 

Harlingen

€ 1.733.427

 

Hattem

€ 1.089.740

 

Heemskerk

€ 3.902.700

 

Heemstede

€ 3.373.349

 

Heerde

€ 1.735.321

 

Heerenveen

€ 5.168.485

 

Heerhugowaard

€ 3.325.042

 

Heerlen

€ 13.464.792

 

Heeze-Leende

€ 1.429.899

 

Heiloo

€ 2.197.714

 

Hellendoorn

€ 3.243.669

 

Hellevoetsluis

€ 2.870.513

 

Helmond

€ 8.141.850

 

Hendrik-Ido-Ambacht

€ 1.689.168

 

Hengelo O

€ 8.585.924

 

Het Bildt

€ 1.113.040

 

Heumen

€ 1.251.435

 

Heusden

€ 3.305.439

 

Hillegom

€ 1.910.835

 

Hilvarenbeek

€ 1.033.801

 

Hilversum

€ 9.549.228

 

Hof van Twente

€ 3.297.810

 

Hoogeveen

€ 6.256.066

 

Hoogezand-Sappemeer

€ 4.486.489

 

Hoorn

€ 6.271.770

 

Horst aan de Maas

€ 3.076.444

 

Houten

€ 2.349.543

 

Huizen

€ 3.854.251

 

Hulst

€ 3.266.557

 

IJsselstein

€ 2.151.288

 

Kaag en Braassem

€ 1.719.341

 

Kampen

€ 4.281.566

 

Kapelle

€ 1.034.437

 

Katwijk

€ 4.583.772

 

Kerkrade

€ 6.994.020

 

Koggenland

€ 1.536.212

 

Kollumerland en Nwkruisl

€ 1.293.393

 

Korendijk

€ 781.453

 

Krimpen aan den IJssel

€ 2.505.131

 

Laarbeek

€ 1.700.704

 

Landerd

€ 1.136.910

 

Landgraaf

€ 4.813.144

 

Landsmeer

€ 922.857

 

Langedijk

€ 1.810.857

 

Lansingerland

€ 2.456.759

 

Laren

€ 1.455.774

 

Leek

€ 2.112.410

 

Leerdam

€ 2.080.242

 

Leeuwarden

€ 10.643.457

 

Leeuwarderadeel

€ 860.856

 

Leiden

€ 9.714.189

 

Leiderdorp

€ 2.213.190

 

Leidschendam-Voorburg

€ 8.572.907

 

Lelystad

€ 5.427.401

 

Lemsterland

€ 1.109.260

 

Leudal

€ 3.159.498

 

Leusden

€ 2.064.070

 

Liesveld

€ 610.613

 

Lingewaal

€ 763.828

 

Lingewaard

€ 3.329.517

 

Lisse

€ 2.102.028

 

Lith

€ 451.413

 

Littenseradiel

€ 790.184

 

Lochem

€ 3.544.501

 

Loenen

€ 716.046

 

Loon op Zand

€ 1.943.010

 

Lopik

€ 853.750

 

Loppersum

€ 1.052.620

 

Losser

€ 2.380.453

 

Maarssen

€ 2.659.446

 

Maasdonk

€ 837.878

 

Maasdriel

€ 1.820.878

 

Maasgouw

€ 2.684.834

 

Maassluis

€ 3.077.145

 

Maastricht

€ 14.644.062

 

Margraten

€ 1.130.386

 

Marum

€ 823.863

 

Medemblik

€ 2.293.691

 

Meerssen

€ 1.911.617

 

Menameradiel

€ 1.191.279

 

Menterwolde

€ 1.190.564

 

Meppel

€ 3.193.176

 

Middelburg

€ 5.336.768

 

Middelharnis

€ 1.710.896

 

Midden Drenthe

€ 3.198.589

 

Midden-Delfland

€ 1.032.486

 

Mill en Sint Hubert

€ 1.003.795

 

Millingen aan de Rijn

€ 575.999

 

Moerdijk

€ 2.909.843

 

Montferland

€ 3.518.623

 

Montfoort U

€ 797.408

 

Mook en Middelaar

€ 759.899

 

Muiden

€ 546.829

 

Naarden

€ 1.686.504

 

Neder-Betuwe

€ 1.554.390

 

Nederlek

€ 1.295.913

 

Nederweert

€ 1.384.822

 

Neerijnen

€ 849.447

 

Niedorp

€ 816.824

 

Nieuwegein

€ 4.400.516

 

Nieuwkoop

€ 1.901.006

 

Nieuw-Lekkerland

€ 547.254

 

Nijefurd

€ 1.189.079

 

Nijkerk

€ 2.755.286

 

Nijmegen

€ 16.279.176

 

Noord-Beveland

€ 691.441

 

Noordenveld

€ 3.147.762

 

Noordoostpolder

€ 4.026.050

 

Noordwijk

€ 2.447.058

 

Noordwijkerhout

€ 1.374.087

 

Nuenen c.a.

€ 1.568.054

 

Nunspeet

€ 2.294.864

 

Nuth

€ 1.704.205

 

Oegstgeest

€ 1.843.922

 

Oirschot

€ 1.247.560

 

Oisterwijk

€ 2.445.144

 

Oldambt

€ 5.673.912

 

Oldebroek

€ 1.513.978

 

Oldenzaal

€ 3.238.715

 

Olst-Wijhe

€ 1.664.104

 

Ommen

€ 1.589.525

 

Onderbanken

€ 935.222

 

Oost Gelre

€ 2.611.096

 

Oosterhout

€ 4.680.828

 

Oostflakkee

€ 937.902

 

Ooststellingwerf

€ 2.935.571

 

Oostzaan

€ 741.934

 

Opmeer

€ 847.913

 

Opsterland

€ 2.932.520

 

Oss

€ 7.458.729

 

Oud-Beijerland

€ 1.735.136

 

Oude IJsselstreek

€ 4.100.621

 

Ouder-Amstel

€ 1.199.737

 

Ouderkerk

€ 664.102

 

Oudewater

€ 799.643

 

Overbetuwe

€ 2.920.122

 

Papendrecht

€ 2.558.815

 

Peel en Maas

€ 3.207.124

 

Pekela

€ 1.802.006

 

Pijnacker-Nootdorp

€ 2.263.779

 

Purmerend

€ 7.570.445

 

Putten

€ 1.903.720

 

Raalte

€ 3.257.814

 

Reeuwijk

€ 919.493

 

Reimerswaal

€ 1.882.103

 

Renkum

€ 4.363.809

 

Renswoude

€ 287.954

 

Reusel-De Mierden

€ 947.405

 

Rheden

€ 6.031.680

 

Rhenen

€ 1.693.157

 

Ridderkerk

€ 4.856.036

 

Rijnwaarden

€ 1.005.514

 

Rijnwoude

€ 1.271.847

 

Rijssen-Holten

€ 2.890.230

 

Rijswijk

€ 6.755.880

 

Roerdalen

€ 2.029.727

 

Roermond

€ 6.327.716

 

Roosendaal

€ 7.712.899

 

Rotterdam

€ 66.487.259

 

Rozenburg

€ 1.043.978

 

Rozendaal

€ 153.385

 

Rucphen

€ 2.141.181

 

Schagen

€ 2.034.661

 

Schermer

€ 362.096

 

Scherpenzeel

€ 665.507

 

Schiedam

€ 8.189.169

 

Schiermonnikoog

€ 148.342

 

Schijndel

€ 1.895.483

 

Schinnen

€ 1.356.869

 

Schoonhoven

€ 1.073.006

 

Schouwen-Duiveland

€ 3.346.402

 

’s-Gravenhage

€ 47.205.660

 

’s-Hertogenbosch

€ 12.697.761

 

Simpelveld

€ 1.203.945

 

Sint-Anthonis

€ 1.032.025

 

Sint-Michielsgestel

€ 2.296.572

 

Sint-Oedenrode

€ 1.501.289

 

Sittard-Geleen

€ 12.190.041

 

Skarsterlan

€ 2.432.831

 

Sliedrecht

€ 2.833.006

 

Slochteren

€ 1.255.529

 

Sluis

€ 2.972.780

 

Smallingerland

€ 6.235.453

 

Sneek

€ 3.758.603

 

Soest

€ 4.635.163

 

Someren

€ 1.567.923

 

Son en Breugel

€ 1.315.429

 

Spijkenisse

€ 5.633.511

 

Stadskanaal

€ 4.791.390

 

Staphorst

€ 912.445

 

Stede Broec

€ 1.677.187

 

Steenbergen

€ 2.065.827

 

Steenwijkerland

€ 4.603.445

 

Stein

€ 2.849.875

 

Strijen

€ 739.582

 

Ten Boer

€ 576.156

 

Terneuzen

€ 6.376.538

 

Terschelling

€ 392.289

 

Texel

€ 1.180.294

 

Teylingen

€ 2.552.926

 

Tholen

€ 2.230.402

 

Tiel

€ 3.377.763

 

Tilburg

€ 18.928.430

 

Tubbergen

€ 1.629.863

 

Twenterand

€ 2.811.394

 

Tynaarlo

€ 3.211.501

 

Tytsjerksteradiel

€ 3.195.463

 

Ubbergen

€ 1.065.920

 

Uden

€ 3.511.173

 

Uitgeest

€ 820.264

 

Uithoorn

€ 2.373.877

 

Urk

€ 777.893

 

Utrecht

€ 21.453.816

 

Utrechtse Heuvelrug

€ 5.143.636

 

Vaals

€ 1.308.579

 

Valkenburg aan de Geul

€ 2.194.429

 

Valkenswaard

€ 3.312.587

 

Veendam

€ 3.683.783

 

Veenendaal

€ 5.062.548

 

Veere

€ 1.764.122

 

Veghel

€ 2.878.659

 

Veldhoven

€ 3.772.943

 

Velsen

€ 7.123.594

 

Venlo

€ 11.025.946

 

Venray

€ 3.669.179

 

Vianen

€ 1.364.658

 

Vlaardingen

€ 8.728.178

 

Vlagtwedde

€ 2.390.137

 

Vlieland

€ 132.773

 

Vlissingen

€ 5.365.270

 

Vlist

€ 825.084

 

Voerendaal

€ 1.239.074

 

Voorschoten

€ 2.086.206

 

Voorst

€ 2.377.344

 

Vught

€ 2.473.133

 

Waalre

€ 1.510.171

 

Waalwijk

€ 4.057.003

 

Waddinxveen

€ 2.012.370

 

Wageningen

€ 2.830.108

 

Wassenaar

€ 2.743.191

 

Waterland

€ 1.375.351

 

Weert

€ 4.773.854

 

Weesp

€ 1.796.686

 

Werkendam

€ 1.882.769

 

Wervershoof

€ 712.812

 

West Maas en Waal

€ 1.605.809

 

Westerveld

€ 2.150.940

 

Westervoort

€ 1.148.104

 

Westland

€ 7.323.873

 

Weststellingwerf

€ 3.000.292

 

Westvoorne

€ 1.183.141

 

Wierden

€ 1.754.404

 

Wieringen

€ 965.407

 

Wieringermeer

€ 1.155.471

 

Wijchen

€ 3.166.719

 

Wijdemeren

€ 1.814.166

 

Wijk bij Duurstede

€ 1.355.658

 

Winsum

€ 1.117.222

 

Winterswijk

€ 3.375.119

 

Woensdrecht

€ 1.649.229

 

Woerden

€ 3.291.622

 

Wormerland

€ 1.311.789

 

Woudenberg

€ 1.003.395

 

Woudrichem

€ 1.049.886

 

Wunseradiel

€ 922.262

 

Wymbritseradiel

€ 1.123.734

 

Zaanstad

€ 13.917.409

 

Zaltbommel

€ 1.924.946

 

Zandvoort

€ 2.469.062

 

Zederik

€ 976.379

 

Zeevang

€ 478.287

 

Zeewolde

€ 921.810

 

Zeist

€ 7.014.565

 

Zevenaar

€ 3.064.045

 

Zijpe

€ 786.717

 

Zoetermeer

€ 8.771.479

 

Zoeterwoude

€ 740.874

 

Zuidhorn

€ 1.389.604

 

Zuidplas

€ 2.483.507

 

Zundert

€ 2.123.214

 

Zutphen

€ 5.016.302

 

Zwartewaterland

€ 1.565.072

 

Zwijndrecht

€ 4.916.229

 

Zwolle

€ 10.157.028

 

Totaal

€ 1.540.963.628

 

Bijlage 29a-4, genoemd in artikel 29a. Aanpak Marokkaans-Nederlandse probleemjongeren

Gemeente

Uitkering 2012

 

Amersfoort

€ 131.386

 

Amsterdam

€ 4.344.672

 

Culemborg

€ 80.000

 

Ede

€ 80.000

 

Eindhoven

€ 161.876

 

Gorinchem

€ 80.000

 

Gouda

€ 201.918

 

Helmond

€ 104.944

 

Leiden

€ 155.803

 

Lelystad

€ 80.000

 

Maassluis

€ 80.000

 

Nijmegen

€ 101.592

 

Oosterhout

€ 80.000

 

Roosendaal

€ 123.542

 

Rotterdam

€ 2.566.388

 

Schiedam

€ 80.000

 

’s-Gravenhage

€ 1.743.835

 

’s-Hertogenbosch

€ 135.877

 

Tilburg

€ 157.638

 

Utrecht

€ 1.715.062

 

Veenendaal

€ 93.116

 

Zeist

€ 102.351

 

Totaal

€ 12.400.000

 

Bijlage 29c-4, genoemd in artikel 29c. Antillianengemeenten

Gemeente

Uitkering 2012

 

Almere

€ 220.000

 

Amersfoort

€ 85.000

 

Amsterdam

€ 522.500

 

Breda

€ 115.000

 

Capelle aan den IJssel

€ 92.500

 

Den Helder

€ 87.500

 

Dordrecht

€ 200.000

 

Eindhoven

€ 137.500

 

Groningen

€ 195.000

 

Hellevoetsluis

€ 45.000

 

Leeuwarden

€ 57.500

 

Lelystad

€ 92.500

 

Nijmegen

€ 107.500

 

Rotterdam

€ 1.172.500

 

Schiedam

€ 97.500

 

’s-Gravenhage

€ 570.000

 

Spijkenisse

€ 95.000

 

Tilburg

€ 257.500

 

Vlaardingen

€ 82.500

 

Vlissingen

€ 47.500

 

Zoetermeer

€ 122.500

 

Zwolle

€ 82.500

 

Totaal

€ 4.485.000

 

Bijlage 29i-4, genoemd in artikel 29i. Herbestemming aandachtswijken

Gemeente

Uitkering 2012

 

Amsterdam

€ 131.112

 

Arnhem

€ 22.500

 

Deventer

€ 4.660

 

Eindhoven

€ 19.000

 

Enschede

€ 8.750

 

Groningen

€ 20.000

 

Heerlen

€ 19.000

 

Rotterdam

€ 95.268

 

’s-Gravenhage

€ 40.375

 

Utrecht

€ 30.430

 

Zaanstad

€ 5.000

 

Totaal

€ 396.095

 

Bijlage 29j-4, genoemd in artikel 29j. Herstructurering bedrijventerreinen

Gemeente

Uitkering 2012

 

Beek

€ 271.000

 

Breda

€ 661.000

 

Eindhoven

€ 240.000

 

Emmen

€ 250.000

 

Etten-Leur

€ 252.779

 

Hengelo O

€ 240.000

 

Kampen

€ 275.000

 

Nijmegen

€ 250.947

 

Oss

€ 775.000

 

Rijnwoude

€ 145.635

 

Rotterdam

€ 952.802

 

’s-Hertogenbosch

€ 245.256

 

Zaanstad

€ 384.000

 

Totaal

€ 4.943.419

 

Bijlage 29k-4, genoemd in artikel 29k. Impuls brede scholen combinatiefuncties

Gemeente

Uitkering 2012

 

Aa en Hunze

€ 87.120

 

Aalburg

€ 52.560

 

Aalsmeer

€ 88.080

 

Achtkarspelen

€ 104.880

 

Alblasserdam

€ 61.000

 

Albrandswaard

€ 66.400

 

Alkmaar

€ 308.160

 

Almelo

€ 260.400

 

Almere

€ 653.800

 

Alphen aan den Rijn

€ 258.960

 

Alphen-Chaam

€ 28.600

 

Ameland

€ 24.000

 

Amersfoort

€ 543.120

 

Amsterdam

€ 1.845.600

 

Apeldoorn

€ 536.640

 

Appingedam

€ 38.160

 

Arnhem

€ 442.560

 

Assen

€ 241.200

 

Asten

€ 51.600

 

Baarle-Nassau

€ 15.800

 

Baarn

€ 53.280

 

Barendrecht

€ 145.000

 

Barneveld

€ 228.480

 

Bedum

€ 34.200

 

Beek

€ 36.320

 

Beemster

€ 25.600

 

Beesel

€ 39.400

 

Bellingwedde

€ 28.320

 

Bergambacht

€ 25.120

 

Bergeijk

€ 44.960

 

Bergen L

€ 23.760

 

Bergen NH

€ 81.400

 

Bergen op Zoom

€ 183.600

 

Berkelland

€ 162.480

 

Bernheze

€ 57.480

 

Bernisse

€ 36.000

 

Best

€ 94.200

 

Beuningen

€ 81.600

 

Binnenmaas

€ 48.000

 

Bladel

€ 59.000

 

Bloemendaal

€ 67.400

 

Boarnsterhim

€ 73.200

 

Bodegraven-Reeuwijk

€ 106.000

 

Boekel

€ 33.000

 

Borger-Odoorn

€ 90.000

 

Borne

€ 78.720

 

Borsele

€ 88.080

 

Boskoop

€ 30.240

 

Boxmeer

€ 53.520

 

Boxtel

€ 89.400

 

Breda

€ 565.680

 

Brielle

€ 27.000

 

Bronckhorst

€ 134.400

 

Brummen

€ 50.080

 

Brunssum

€ 72.800

 

Bunschoten

€ 40.920

 

Capelle aan den IJssel

€ 186.600

 

Castricum

€ 106.000

 

Coevorden

€ 61.680

 

Cranendonck

€ 67.440

 

Cromstrijen

€ 37.200

 

Cuijk

€ 88.560

 

Culemborg

€ 91.800

 

Dalfsen

€ 52.680

 

Dantumadiel

€ 73.920

 

De Bilt

€ 99.040

 

De Ronde Venen

€ 166.800

 

De Wolden

€ 86.640

 

Delft

€ 262.560

 

Delfzijl

€ 75.000

 

Den Helder

€ 190.320

 

Deurne

€ 95.200

 

Deventer

€ 339.600

 

Dinkelland

€ 106.080

 

Dirksland

€ 27.600

 

Doesburg

€ 35.200

 

Doetinchem

€ 99.720

 

Dongen

€ 90.480

 

Dongeradeel

€ 78.000

 

Dordrecht

€ 412.800

 

Drechterland

€ 70.800

 

Drimmelen

€ 76.800

 

Dronten

€ 129.000

 

Druten

€ 57.800

 

Duiven

€ 107.220

 

Echt-Susteren

€ 97.680

 

Edam-Volendam

€ 108.480

 

Ede

€ 209.040

 

Eemsmond

€ 51.000

 

Eersel

€ 54.400

 

Eijsden-Margraten

€ 39.400

 

Eindhoven

€ 622.560

 

Elburg

€ 88.080

 

Emmen

€ 366.480

 

Enkhuizen

€ 61.440

 

Enschede

€ 497.040

 

Epe

€ 92.200

 

Ermelo

€ 78.200

 

Etten-Leur

€ 118.800

 

Ferwerderadiel

€ 33.840

 

Franekeradeel

€ 37.440

 

Gaasterlan-Sleat

€ 37.920

 

Geertruidenberg

€ 57.600

 

Geldermalsen

€ 69.760

 

Geldrop-Mierlo

€ 65.760

 

Gemert-Bakel

€ 50.880

 

Gennep

€ 46.600

 

Giessenlanden

€ 46.800

 

Gilze en Rijen

€ 91.200

 

Goedereede

€ 35.200

 

Goes

€ 121.920

 

Goirle

€ 37.320

 

Gorinchem

€ 120.720

 

Gouda

€ 264.000

 

Graafstroom

€ 30.240

 

Graft-De Rijp

€ 16.960

 

Grave

€ 39.000

 

Groesbeek

€ 52.400

 

Groningen

€ 445.680

 

Grootegast

€ 33.600

 

Gulpen-Wittem

€ 22.320

 

Haarlem

€ 385.400

 

Haarlemmermeer

€ 446.400

 

Halderberge

€ 48.240

 

Hardenberg

€ 231.360

 

Harderwijk

€ 159.120

 

Hardinxveld-Giessendam

€ 61.000

 

Haren

€ 44.320

 

Harenkarspel

€ 62.640

 

Harlingen

€ 45.200

 

Hattem

€ 36.200

 

Heemskerk

€ 134.640

 

Heemstede

€ 59.040

 

Heerde

€ 64.080

 

Heerenveen

€ 122.200

 

Heerhugowaard

€ 160.400

 

Heerlen

€ 257.280

 

Heeze-Leende

€ 44.400

 

Heiloo

€ 64.400

 

Hellendoorn

€ 129.600

 

Hellevoetsluis

€ 68.400

 

Helmond

€ 317.520

 

Hendrik-Ido-Ambacht

€ 102.960

 

Hengelo O

€ 287.760

 

Heusden

€ 79.560

 

Hillegom

€ 57.400

 

Hilvarenbeek

€ 49.000

 

Hilversum

€ 135.600

 

Hof van Twente

€ 124.800

 

Hollands Kroon

€ 177.840

 

Hoogeveen

€ 127.520

 

Hoogezand-Sappemeer

€ 95.200

 

Hoorn

€ 206.200

 

Horst aan de Maas

€ 125.400

 

Houten

€ 201.360

 

Hulst

€ 90.960

 

IJsselstein

€ 141.360

 

Kaag en Braassem

€ 47.280

 

Kampen

€ 199.920

 

Kapelle

€ 48.240

 

Katwijk

€ 241.680

 

Koggenland

€ 84.240

 

Krimpen aan den IJssel

€ 87.600

 

Laarbeek

€ 65.200

 

Landgraaf

€ 95.200

 

Landsmeer

€ 17.880

 

Langedijk

€ 86.600

 

Lansingerland

€ 169.400

 

Leek

€ 58.800

 

Leerdam

€ 77.280

 

Leeuwarden

€ 280.560

 

Leiden

€ 284.600

 

Leiderdorp

€ 48.720

 

Leidschendam-Voorburg

€ 150.240

 

Lelystad

€ 273.120

 

Lemsterland

€ 49.920

 

Leudal

€ 132.000

 

Leusden

€ 89.000

 

Liesveld

€ 27.840

 

Lingewaal

€ 34.800

 

Lingewaard

€ 137.400

 

Lisse

€ 65.200

 

Littenseradiel

€ 37.600

 

Lochem

€ 111.120

 

Loon op Zand

€ 67.000

 

Lopik

€ 60.240

 

Loppersum

€ 19.440

 

Losser

€ 77.520

 

Maasdonk

€ 22.440

 

Maasgouw

€ 74.640

 

Maassluis

€ 52.560

 

Maastricht

€ 310.560

 

Marum

€ 32.800

 

Medemblik

€ 159.360

 

Meerssen

€ 32.040

 

Menterwolde

€ 36.600

 

Meppel

€ 91.800

 

Middelburg

€ 164.160

 

Middelharnis

€ 53.400

 

Midden Drenthe

€ 60.000

 

Midden-Delfland

€ 60.400

 

Mill en Sint Hubert

€ 40.080

 

Moerdijk

€ 104.000

 

Montferland

€ 102.800

 

Montfoort U

€ 55.680

 

Naarden

€ 57.400

 

Neder-Betuwe

€ 102.000

 

Nederlek

€ 43.200

 

Nederweert

€ 59.040

 

Neerijnen

€ 23.880

 

Nieuwegein

€ 201.600

 

Nieuwkoop

€ 50.760

 

Nieuw-Lekkerland

€ 29.920

 

Nijmegen

€ 461.760

 

Noord-Beveland

€ 18.200

 

Noordenveld

€ 90.600

 

Noordoostpolder

€ 157.600

 

Noordwijk

€ 64.400

 

Noordwijkerhout

€ 27.120

 

Nuenen c.a.

€ 83.040

 

Nunspeet

€ 89.400

 

Nuth

€ 39.800

 

Oegstgeest

€ 41.520

 

Oirschot

€ 33.480

 

Oisterwijk

€ 78.000

 

Oldambt

€ 103.800

 

Oldebroek

€ 74.400

 

Oldenzaal

€ 113.760

 

Olst-Wijhe

€ 54.800

 

Ommen

€ 41.120

 

Oost Gelre

€ 113.760

 

Oosterhout

€ 183.840

 

Oostflakkee

€ 28.800

 

Ooststellingwerf

€ 77.000

 

Oostzaan

€ 34.560

 

Opmeer

€ 45.360

 

Opsterland

€ 93.000

 

Oss

€ 296.880

 

Oud-Beijerland

€ 91.440

 

Ouder-Amstel

€ 47.040

 

Ouderkerk

€ 16.080

 

Oudewater

€ 19.320

 

Papendrecht

€ 56.040

 

Peel en Maas

€ 155.280

 

Pekela

€ 29.920

 

Pijnacker-Nootdorp

€ 158.600

 

Purmerend

€ 230.800

 

Putten

€ 76.000

 

Raalte

€ 118.000

 

Reimerswaal

€ 74.000

 

Renkum

€ 102.720

 

Reusel-De Mierden

€ 43.200

 

Rheden

€ 134.640

 

Rhenen

€ 57.800

 

Ridderkerk

€ 135.120

 

Rijnwoude

€ 34.680

 

Rijssen-Holten

€ 155.520

 

Rijswijk

€ 124.080

 

Roerdalen

€ 64.080

 

Roermond

€ 173.520

 

Roosendaal

€ 220.000

 

Rotterdam

€ 1.935.120

 

Schagen (oud)

€ 64.320

 

Scherpenzeel

€ 24.800

 

Schiedam

€ 207.200

 

Schiermonnikoog

€ 20.000

 

Schijndel

€ 81.840

 

Schinnen

€ 36.200

 

Schoonhoven

€ 36.400

 

Schouwen-Duiveland

€ 55.560

 

’s-Gravenhage

€ 1.577.280

 

’s-Hertogenbosch

€ 444.720

 

Simpelveld

€ 34.320

 

Sint-Anthonis

€ 46.320

 

Sint-Michielsgestel

€ 51.720

 

Sint-Oedenrode

€ 54.000

 

Sittard-Geleen

€ 298.800

 

Skarsterlan

€ 103.200

 

Sliedrecht

€ 71.200

 

Slochteren

€ 46.200

 

Sluis

€ 71.520

 

Smallingerland

€ 165.800

 

Son en Breugel

€ 28.920

 

Spijkenisse

€ 167.200

 

Stadskanaal

€ 94.200

 

Staphorst

€ 65.400

 

Steenbergen

€ 78.960

 

Steenwijkerland

€ 105.120

 

Stein

€ 66.800

 

Stichtse Vecht

€ 187.000

 

Strijen

€ 27.000

 

Sudwest Fryslan

€ 305.760

 

Ten Boer

€ 29.760

 

Terneuzen

€ 181.680

 

Terschelling

€ 24.000

 

Texel

€ 48.720

 

Teylingen

€ 115.800

 

Tholen

€ 102.480

 

Tiel

€ 133.200

 

Tilburg

€ 645.840

 

Tubbergen

€ 89.760

 

Twenterand

€ 131.040

 

Tynaarlo

€ 111.120

 

Tytsjerksteradiel

€ 117.600

 

Ubbergen

€ 30.720

 

Uden

€ 146.400

 

Uithoorn

€ 67.840

 

Urk

€ 105.120

 

Utrecht

€ 864.960

 

Utrechtse Heuvelrug

€ 143.400

 

Vaals

€ 18.240

 

Valkenburg aan de Geul

€ 40.000

 

Valkenswaard

€ 82.400

 

Veendam

€ 61.760

 

Veenendaal

€ 124.200

 

Veere

€ 65.000

 

Veldhoven

€ 124.400

 

Velsen

€ 163.040

 

Venlo

€ 328.080

 

Venray

€ 104.160

 

Vianen

€ 73.200

 

Vlaardingen

€ 224.400

 

Vlagtwedde

€ 26.640

 

Vlieland

€ 20.000

 

Vlissingen

€ 138.480

 

Vlist

€ 31.200

 

Voerendaal

€ 40.080

 

Voorschoten

€ 68.400

 

Voorst

€ 80.880

 

Vught

€ 45.840

 

Waalre

€ 51.800

 

Waalwijk

€ 153.600

 

Waddinxveen

€ 80.400

 

Wageningen

€ 48.840

 

Wassenaar

€ 61.280

 

Waterland

€ 39.840

 

Weert

€ 160.080

 

Weesp

€ 45.400

 

Werkendam

€ 100.560

 

West Maas en Waal

€ 64.800

 

Westerveld

€ 51.800

 

Westervoort

€ 59.040

 

Westland

€ 189.120

 

Weststellingwerf

€ 72.000

 

Westvoorne

€ 38.200

 

Wierden

€ 59.680

 

Wijchen

€ 149.520

 

Wijdemeren

€ 41.520

 

Wijk bij Duurstede

€ 61.920

 

Winsum

€ 45.400

 

Winterswijk

€ 52.080

 

Woensdrecht

€ 57.400

 

Woerden

€ 188.160

 

Wormerland

€ 48.400

 

Woudenberg

€ 46.800

 

Woudrichem

€ 44.800

 

Zaanstad

€ 408.400

 

Zaltbommel

€ 91.000

 

Zandvoort

€ 38.400

 

Zederik

€ 45.400

 

Zeevang

€ 20.400

 

Zeewolde

€ 96.480

 

Zeist

€ 207.120

 

Zevenaar

€ 52.680

 

Zijpe

€ 41.760

 

Zoetermeer

€ 425.760

 

Zoeterwoude

€ 15.720

 

Zuidhorn

€ 51.680

 

Zuidplas

€ 161.760

 

Zundert

€ 58.600

 

Zwartewaterland

€ 84.600

 

Zwijndrecht

€ 147.120

 

Zwolle

€ 402.720

 

Totaal

€ 47.231.940

 

Bijlage 29o-4, genoemd in artikel 29o. Spoorse doorsnijdingen

Gemeente

Uitkering 2012

 

Amsterdam

€ 2.000.000

 

Gouda

€ 2.082.974

 

Heerhugowaard

€ 2.541.690

 

Heerlen

€ 1.000.000

 

Maastricht

€ 104.980

 

Nijkerk

€ 1.720.789

 

Nijmegen

€ 664.959

 

’s-Hertogenbosch

€ 1.499.627

 

Zutphen

€ 79.989

 

Zwijndrecht

€ 227.200

 

Totaal

€ 11.922.208

 

Bijlage 29y-3, genoemd in artikel 29y. Gezond in de stad

Gemeente

Uitkering 2012

 

Alkmaar

€ 40.643

 

Almelo

€ 48.868

 

Amersfoort

€ 68.705

 

Amsterdam

€ 1.115.251

 

Arnhem

€ 110.315

 

Breda

€ 74.027

 

Deventer

€ 51.287

 

Dordrecht

€ 108.864

 

Eindhoven

€ 126.766

 

Emmen

€ 29.514

 

Enschede

€ 101.123

 

Groningen

€ 46.932

 

Haarlem

€ 79.350

 

Heerlen

€ 41.610

 

Helmond

€ 60.480

 

Hengelo O

€ 24.676

 

Leeuwarden

€ 35.804

 

Leiden

€ 62.415

 

Lelystad

€ 49.835

 

Maastricht

€ 41.126

 

Nijmegen

€ 76.931

 

Rotterdam

€ 1.162.183

 

Schiedam

€ 106.929

 

’s-Gravenhage

€ 688.504

 

’s-Hertogenbosch

€ 63.383

 

Sittard-Geleen

€ 22.740

 

Tilburg

€ 126.282

 

Utrecht

€ 277.724

 

Venlo

€ 58.545

 

Zaanstad

€ 87.575

 

Zwolle

€ 34.353

 

Totaal

€ 5.022.740

 

Bijlage 29dd-3, genoemd in artikel 29dd. Jeugd

Gemeente

Uitkering 2012

 

Alkmaar

€ 165.775

 

Almelo

€ 296.468

 

Almere

€ 457.617

 

Amersfoort

€ 128.380

 

Amsterdam

€ 4.209.153

 

Apeldoorn

€ 75.177

 

Arnhem

€ 565.178

 

Breda

€ 436.799

 

Deventer

€ 235.941

 

Dordrecht

€ 525.469

 

Ede

€ 58.600

 

Eindhoven

€ 422.920

 

Emmen

€ 82.888

 

Enschede

€ 793.023

 

Groningen

€ 553.998

 

Haarlem

€ 313.817

 

Heerlen

€ 277.192

 

Helmond

€ 264.084

 

Hengelo O

€ 74.792

 

Leeuwarden

€ 142.644

 

Leiden

€ 213.580

 

Lelystad

€ 463.015

 

Maastricht

€ 230.543

 

Nijmegen

€ 605.273

 

Rotterdam

€ 8.207.313

 

Schiedam

€ 316.901

 

’s-Gravenhage

€ 2.139.274

 

’s-Hertogenbosch

€ 340.803

 

Sittard-Geleen

€ 176.185

 

Tilburg

€ 826.949

 

Utrecht

€ 907.524

 

Venlo

€ 424.462

 

Zaanstad

€ 256.374

 

Zoetermeer

€ 104.477

 

Zwolle

€ 207.412

 

Totaal

€ 25.500.000

 

Bijlage 29ii-3, genoemd in artikel 29ii. Vadercentra

Gemeente

Uitkering 2012

 

Amersfoort

€ 50.000

 

Breda

€ 50.000

 

Deventer

€ 50.000

 

Eindhoven

€ 50.000

 

Groningen

€ 50.000

 

Haarlem

€ 50.000

 

Leeuwarden

€ 50.000

 

Leidschendam-Voorburg

€ 50.000

 

Nijmegen

€ 50.000

 

Oosterhout

€ 50.000

 

’s-Gravenhage

€ 50.000

 

Tilburg

€ 50.000

 

Vlaardingen

€ 50.000

 

Zoetermeer

€ 50.000

 

Totaal

€ 700.000

 

Bijlage 29jj-3, genoemd in artikel 29jj. Versterking peuterspeelzaalwerk

Gemeente

Uitkering 2012

 

Aa en Hunze

115.699,70

 

Aalburg

40.977,78

 

Aalsmeer

50.616,54

 

Aalten

69.067,38

 

Achtkarspelen

80.948,56

 

Alblasserdam

36.196,74

 

Albrandswaard

43.541,68

 

Alkmaar

146.371,84

 

Almelo

133.267,10

 

Almere

382.334,48

 

Alphen aan den Rijn

131.971,46

 

Alphen-Chaam

36.918,96

 

Ameland

18.297,72

 

Amersfoort

266.348,36

 

Amstelveen

128.976,56

 

Amsterdam

1.084.404,82

 

Apeldoorn

309.683,84

 

Appingedam

21.508,42

 

Arnhem

223.217,46

 

Assen

124.457,96

 

Asten

38.690,38

 

Baarle-Nassau

25.111,04

 

Baarn

45.436,80

 

Barendrecht

90.266,06

 

Barneveld

144.373,62

 

Bedum

27.986,64

 

Beek

32.021,16

 

Beemster

28.031,20

 

Beesel

27.967,70

 

Bellingwedde

46.283,94

 

Bergambacht

27.526,84

 

Bergeijk

56.271,14

 

Bergen L

50.910,82

 

Bergen NH

66.143,00

 

Bergen op Zoom

120.177,06

 

Berkelland

129.284,92

 

Bernheze

73.478,62

 

Bernisse

35.495,56

 

Best

58.355,86

 

Beuningen

59.217,04

 

Beverwijk

62.448,58

 

Binnenmaas

68.244,04

 

Bladel

51.479,66

 

Blaricum

19.778,20

 

Bloemendaal

47.398,54

 

Boarnsterhim

70.506,98

 

Bodegraven-Reeuwijk

91.753,76

 

Boekel

28.575,62

 

Borger-Odoorn

125.269,46

 

Borne

43.415,90

 

Borsele

86.745,60

 

Boskoop

35.675,16

 

Boxmeer

78.628,90

 

Boxtel

61.529,16

 

Breda

284.860,58

 

Brielle

34.023,52

 

Bronckhorst

123.692,86

 

Brummen

53.075,46

 

Brunssum

44.000,28

 

Bunnik

33.273,70

 

Bunschoten

44.279,98

 

Buren

88.088,50

 

Bussum

54.254,96

 

Capelle aan den IJssel

106.222,76

 

Castricum

71.241,32

 

Coevorden

130.679,94

 

Cranendonck

52.104,56

 

Cromstrijen

34.081,14

 

Cuijk

54.039,68

 

Culemborg

54.672,58

 

Dalfsen

81.880,02

 

Dantumadiel

57.840,12

 

De Bilt

90.534,64

 

De Marne

60.906,12

 

De Ronde Venen

121.591,16

 

De Wolden

98.179,14

 

Delft

135.530,16

 

Delfzijl

73.204,64

 

Den Helder

98.457,08

 

Deurne

74.496,74

 

Deventer

181.035,04

 

Diemen

40.685,38

 

Dinkelland

83.233,00

 

Dirksland

25.732,38

 

Doesburg

21.561,84

 

Doetinchem

108.949,84

 

Dongen

51.132,74

 

Dongeradeel

95.222,36

 

Dordrecht

199.100,92

 

Drechterland

53.900,72

 

Drimmelen

63.963,78

 

Dronten

116.045,96

 

Druten

43.825,34

 

Duiven

58.382,28

 

Echt-Susteren

73.538,48

 

Edam-Volendam

52.625,66

 

Ede

261.460,28

 

Eemnes

23.202,92

 

Eemsmond

67.600,64

 

Eersel

55.150,70

 

Eijsden-Margraten

71.982,42

 

Eindhoven

306.221,68

 

Elburg

55.355,50

 

Emmen

253.443,00

 

Enkhuizen

31.157,60

 

Enschede

264.170,36

 

Epe

88.771,54

 

Ermelo

60.841,56

 

Etten-Leur

73.910,64

 

Ferwerderadiel

37.297,88

 

Franekeradeel

63.099,58

 

Gaasterlan-Sleat

50.656,82

 

Geertruidenberg

37.624,38

 

Geldermalsen

68.141,26

 

Geldrop-Mierlo

66.468,36

 

Gemert-Bakel

73.015,96

 

Gennep

42.194,64

 

Giessenlanden

49.193,26

 

Gilze en Rijen

56.792,52

 

Goedereede

40.242,20

 

Goes

75.378,42

 

Goirle

42.615,72

 

Gorinchem

58.860,92

 

Gouda

124.465,38

 

Graafstroom

44.608,68

 

Graft-De Rijp

20.105,42

 

Grave

28.716,58

 

Groesbeek

45.153,16

 

Groningen

255.221,98

 

Grootegast

47.265,42

 

Gulpen-Wittem

61.474,76

 

Haaksbergen

60.810,58

 

Haaren

39.816,84

 

Haarlem

219.919,66

 

Haarlemmerliede Spaarnw

18.101,02

 

Haarlemmermeer

315.063,54

 

Halderberge

67.942,36

 

Hardenberg

173.754,02

 

Harderwijk

81.514,70

 

Hardinxveld-Giessendam

38.438,76

 

Haren

41.495,74

 

Harenkarspel

52.813,76

 

Harlingen

30.664,16

 

Hattem

25.850,14

 

Heemskerk

70.178,40

 

Heemstede

44.822,02

 

Heerde

51.077,34

 

Heerenveen

114.505,32

 

Heerhugowaard

99.638,62

 

Heerlen

127.765,90

 

Heeze-Leende

45.156,30

 

Heiloo

40.295,54

 

Hellendoorn

85.995,98

 

Hellevoetsluis

69.476,36

 

Helmond

152.487,56

 

Hendrik-Ido-Ambacht

49.846,50

 

Hengelo O

140.588,76

 

Het Bildt

43.781,06

 

Heumen

40.063,16

 

Heusden

87.646,84

 

Hillegom

36.383,36

 

Hilvarenbeek

46.421,44

 

Hilversum

135.975,34

 

Hof van Twente

92.293,10

 

Hollands Kroon

165.281,42

 

Hoogeveen

128.434,40

 

Hoogezand-Sappemeer

68.036,38

 

Hoorn

117.909,44

 

Horst aan de Maas

96.862,34

 

Houten

114.376,04

 

Huizen

80.158,68

 

Hulst

90.169,72

 

IJsselstein

67.180,16

 

Kaag en Braassem

73.241,62

 

Kampen

119.998,70

 

Kapelle

32.425,98

 

Katwijk

119.412,42

 

Kerkrade

64.261,14

 

Koggenland

77.546,58

 

Kollumerland en Nwkruisl

52.602,98

 

Korendijk

38.548,70

 

Krimpen aan den IJssel

50.526,00

 

Laarbeek

50.264,46

 

Landerd

41.159,72

 

Landgraaf

57.525,84

 

Landsmeer

28.579,66

 

Langedijk

54.883,50

 

Lansingerland

110.771,86

 

Laren

18.634,52

 

Leek

47.673,64

 

Leerdam

45.575,94

 

Leeuwarden

150.748,26

 

Leeuwarderadeel

29.501,80

 

Leiden

169.446,48

 

Leiderdorp

48.994,98

 

Leidschendam-Voorburg

109.507,46

 

Lelystad

156.033,42

 

Lemsterland

42.288,60

 

Leudal

101.315,82

 

Leusden

64.777,00

 

Liesveld

31.670,64

 

Lingewaal

37.842,98

 

Lingewaard

88.754,48

 

Lisse

42.493,30

 

Littenseradiel

72.699,66

 

Lochem

103.297,92

 

Loon op Zand

48.878,90

 

Lopik

62.160,24

 

Loppersum

54.572,52

 

Losser

56.018,46

 

Maasdonk

34.395,42

 

Maasdriel

68.411,10

 

Maasgouw

52.840,34

 

Maassluis

50.443,54

 

Maastricht

162.732,66

 

Marum

36.736,56

 

Medemblik

122.569,06

 

Meerssen

43.747,92

 

Menameradiel

48.074,88

 

Menterwolde

38.180,60

 

Meppel

65.572,66

 

Middelburg

87.681,82

 

Middelharnis

42.067,74

 

Midden Drenthe

140.817,98

 

Midden-Delfland

51.387,74

 

Mill en Sint Hubert

33.893,32

 

Millingen aan de Rijn

12.368,10

 

Moerdijk

107.874,40

 

Montferland

85.383,96

 

Montfoort U

36.060,22

 

Mook en Middelaar

21.840,10

 

Muiden

17.860,12

 

Naarden

36.645,90

 

Neder-Betuwe

71.291,30

 

Nederlek

36.431,26

 

Nederweert

47.254,02

 

Neerijnen

47.159,50

 

Nieuwegein

96.713,98

 

Nieuwkoop

83.205,38

 

Nieuw-Lekkerland

26.816,20

 

Nijkerk

92.019,00

 

Nijmegen

237.659,70

 

Noord-Beveland

40.890,74

 

Noordenveld

97.111,58

 

Noordoostpolder

155.268,24

 

Noordwijk

46.597,52

 

Noordwijkerhout

39.071,22

 

Nuenen c.a.

46.033,62

 

Nunspeet

79.342,96

 

Nuth

33.724,70

 

Oegstgeest

41.049,90

 

Oirschot

49.544,36

 

Oisterwijk

52.383,32

 

Oldambt

114.785,02

 

Oldebroek

63.464,60

 

Oldenzaal

55.636,48

 

Olst-Wijhe

56.995,22

 

Ommen

73.988,96

 

Onderbanken

21.162,00

 

Oost Gelre

74.669,30

 

Oosterhout

102.410,40

 

Oostflakkee

33.901,28

 

Ooststellingwerf

92.011,70

 

Oostzaan

21.789,70

 

Opmeer

38.435,44

 

Opsterland

110.058,92

 

Oss

177.046,08

 

Oud-Beijerland

46.699,96

 

Oude IJsselstreek

96.867,42

 

Ouder-Amstel

29.005,44

 

Ouderkerk

27.600,36

 

Oudewater

26.662,68

 

Overbetuwe

111.411,22

 

Papendrecht

53.902,10

 

Peel en Maas

107.907,62

 

Pekela

32.150,92

 

Pijnacker-Nootdorp

104.953,76

 

Purmerend

131.519,78

 

Putten

64.269,98

 

Raalte

98.697,18

 

Reimerswaal

68.653,04

 

Renkum

59.989,48

 

Renswoude

12.690,50

 

Reusel-De Mierden

38.217,38

 

Rheden

83.854,34

 

Rhenen

48.400,04

 

Ridderkerk

70.112,86

 

Rijnwaarden

31.695,04

 

Rijnwoude

52.894,80

 

Rijssen-Holten

94.230,26

 

Rijswijk

60.770,96

 

Roerdalen

57.045,72

 

Roermond

98.034,80

 

Roosendaal

148.517,40

 

Rotterdam

938.711,88

 

Rozendaal

7.044,10

 

Rucphen

44.574,40

 

Schagen (oud)

32.673,18

 

Schermer

29.320,20

 

Scherpenzeel

20.175,38

 

Schiedam

119.798,50

 

Schiermonnikoog

9.172,82

 

Schijndel

45.028,54

 

Schinnen

27.179,98

 

Schoonhoven

22.521,42

 

Schouwen-Duiveland

111.333,48

 

’s-Gravenhage

747.538,60

 

’s-Hertogenbosch

221.562,86

 

Simpelveld

20.457,44

 

Sint-Anthonis

41.478,82

 

Sint-Michielsgestel

63.934,70

 

Sint-Oedenrode

44.324,84

 

Sittard-Geleen

150.762,40

 

Skarsterlan

103.643,62

 

Sliedrecht

42.314,74

 

Slochteren

63.551,04

 

Sluis

98.057,46

 

Smallingerland

118.273,42

 

Soest

87.344,58

 

Someren

46.590,14

 

Son en Breugel

34.065,68

 

Spijkenisse

118.990,70

 

Stadskanaal

87.291,66

 

Staphorst

60.015,58

 

Stede Broec

40.360,12

 

Steenbergen

64.156,04

 

Steenwijkerland

153.233,72

 

Stein

43.440,76

 

Stichtse Vecht

149.549,26

 

Strijen

28.337,30

 

Sudwest Fryslan

270.451,06

 

Ten Boer

30.247,80

 

Terneuzen

148.576,98

 

Terschelling

32.352,02

 

Texel

75.455,64

 

Teylingen

81.927,28

 

Tholen

80.502,72

 

Tiel

80.684,66

 

Tilburg

325.224,10

 

Tubbergen

74.419,02

 

Twenterand

87.812,76

 

Tynaarlo

98.429,42

 

Tytsjerksteradiel

105.960,62

 

Ubbergen

27.442,80

 

Uden

78.361,68

 

Uitgeest

25.703,26

 

Uithoorn

50.205,04

 

Urk

51.646,52

 

Utrecht

446.855,20

 

Utrechtse Heuvelrug

118.050,80

 

Vaals

24.756,32

 

Valkenburg aan de Geul

35.933,08

 

Valkenswaard

55.818,96

 

Veendam

58.539,88

 

Veenendaal

118.637,48

 

Veere

78.059,26

 

Veghel

88.094,24

 

Veldhoven

74.350,22

 

Velsen

126.106,28

 

Venlo

189.062,90

 

Venray

122.308,90

 

Vianen

44.241,92

 

Vlaardingen

106.834,06

 

Vlagtwedde

64.779,20

 

Vlieland

10.579,80

 

Vlissingen

72.108,96

 

Vlist

34.811,66

 

Voerendaal

31.306,16

 

Voorschoten

40.482,30

 

Voorst

77.315,44

 

Vught

50.871,30

 

Waalre

32.108,52

 

Waalwijk

83.697,72

 

Waddinxveen

50.177,78

 

Wageningen

55.743,30

 

Wassenaar

52.587,24

 

Waterland

49.221,24

 

Weert

91.947,16

 

Weesp

32.532,76

 

Werkendam

73.967,76

 

West Maas en Waal

54.659,84

 

Westerveld

103.046,82

 

Westervoort

29.280,02

 

Westland

191.059,30

 

Weststellingwerf

94.770,30

 

Westvoorne

34.983,22

 

Wierden

59.290,26

 

Wijchen

86.758,44

 

Wijdemeren

62.526,26

 

Wijk bij Duurstede

52.357,68

 

Winsum

50.361,22

 

Winterswijk

76.595,14

 

Woensdrecht

51.280,32

 

Woerden

110.894,06

 

Wormerland

37.175,08

 

Woudenberg

27.298,50

 

Woudrichem

43.551,08

 

Zaanstad

246.645,86

 

Zaltbommel

76.295,10

 

Zandvoort

28.163,72

 

Zederik

51.065,94

 

Zeevang

33.601,90

 

Zeewolde

75.659,28

 

Zeist

113.633,92

 

Zevenaar

66.892,26

 

Zijpe

48.985,00

 

Zoetermeer

205.496,70

 

Zoeterwoude

24.965,88

 

Zuidhorn

69.774,14

 

Zuidplas

97.967,60

 

Zundert

52.673,40

 

Zutphen

83.056,78

 

Zwartewaterland

60.979,54

 

Zwijndrecht

74.629,80

 

Zwolle

210.337,18

 

Totaal

35.000.001,62

 

Bijlage 29kk-3, genoemd in artikel 29kk. Vrouwenopvang

Gemeente

Uitkering 2012

 

Alkmaar

€ 2.010.982

 

Almere

€ 1.924.472

 

Amersfoort

€ 1.842.031

 

Amsterdam

€ 8.578.877

 

Apeldoorn

€ 2.449.243

 

Arnhem

€ 5.709.032

 

Breda

€ 6.343.795

 

Delft

€ 1.797.302

 

Den Helder

€ 965.172

 

Dordrecht

€ 1.906.694

 

Ede

€ 1.333.778

 

Eindhoven

€ 2.773.480

 

Emmen

€ 2.179.977

 

Enschede

€ 3.186.364

 

Gouda

€ 2.123.575

 

Groningen

€ 3.922.742

 

Haarlem

€ 2.735.120

 

Heerlen

€ 1.356.326

 

Helmond

€ 1.045.495

 

Hilversum

€ 1.212.826

 

Leeuwarden

€ 4.383.631

 

Leiden

€ 4.250.635

 

Maastricht

€ 2.608.386

 

Nijmegen

€ 2.437.669

 

Rotterdam

€ 6.067.884

 

’s-Gravenhage

€ 5.435.711

 

’s-Hertogenbosch

€ 3.273.421

 

Spijkenisse

€ 1.314.403

 

Tilburg

€ 5.100.171

 

Utrecht

€ 5.358.515

 

Venlo

€ 2.297.716

 

Vlaardingen

€ 1.001.277

 

Vlissingen

€ 1.768.855

 

Zaanstad

€ 1.516.104

 

Zwolle

€ 3.340.396

 

Totaal

€ 105.552.057

 

Bijlage 29pp-2, genoemd in artikel 29pp. Eigen kracht

Gemeente

Uitkering 2012

 

Alkmaar

€ 50.000

 

Almere

€ 50.000

 

Amersfoort

€ 50.000

 

Breda

€ 50.000

 

Delft

€ 50.000

 

Deventer

€ 50.000

 

Doetinchem

€ 50.000

 

Eindhoven

€ 50.000

 

Enschede

€ 50.000

 

Groningen

€ 50.000

 

Haarlem

€ 50.000

 

Helmond

€ 50.000

 

Hengelo O

€ 50.000

 

Leeuwarden

€ 50.000

 

Nijmegen

€ 50.000

 

Tiel

€ 50.000

 

Tilburg

€ 50.000

 

Zeist

€ 50.000

 

Totaal

€ 900.000

 

Bijlage 29ss-a, genoemd in artikel 29ss. Centra voor Jeugd en Gezin

Maatstaf

Omschrijving maatstaf

Bron

Peildatum

een-ouder-huishoudens

De maatstaf uit algemene uitkering gemeentefonds

CBS

1 januari uitkeringsjaar

huishoudens met laag inkomen

De maatstaf uit algemene uitkering gemeentefonds

CBS

De meest recente op het uitkeringsjaar of een daarvóór gelegen jaar betrekking hebbende inkomensstatistiek, voor zover deze is bekendgemaakt op uiterlijk 1 september van het tweede jaar volgend op het uitkeringsjaar.

inwoners 0 t/m 18 jaar

Aantal inwoners van 18 jaar en jonger

CBS

1 januari uitkeringsjaar

minderheden

Bevolking naar herkomstgroepering (Marokko, voormalige Ned. Antillen en Aruba, Suriname en Turkije)

CBS

1 januari uitkeringsjaar

Bijlage 29tt, genoemd in artikel 29tt. Focusgemeenten

Gemeente

Uitkering 2012

 

Amsterdam

€ 148.000

 

Breda

€ 148.000

 

Eindhoven

€ 148.000

 

Emmen

€ 148.000

 

Enschede

€ 148.000

 

Hoogeveen

€ 148.000

 

Leeuwarden

€ 148.000

 

Pijnacker-Nootdorp

€ 74.000

 

Raalte

€ 148.000

 

Rotterdam

€ 148.000

 

Tynaarlo

€ 148.000

 

Zaanstad

€ 148.000

 

Zoetermeer

€ 74.000

 

Totaal

€ 1.776.000

 

Bijlage 29ww, genoemd in artikel 29ww. LHBT emancipatiebeleid

Gemeente

Uitkering 2012

 

Alkmaar

€ 20.000

 

Almere

€ 20.000

 

Amersfoort

€ 20.000

 

Amsterdam

€ 50.000

 

Arnhem

€ 20.000

 

Breda

€ 20.000

 

Capelle aan den IJssel

€ 20.000

 

Delft

€ 20.000

 

Deventer

€ 20.000

 

Dordrecht

€ 20.000

 

Eindhoven

€ 20.000

 

Enschede

€ 20.000

 

Goes

€ 20.000

 

Groningen

€ 20.000

 

Haarlem

€ 20.000

 

Heerlen

€ 20.000

 

Helmond

€ 20.000

 

Hengelo O

€ 20.000

 

Hoorn

€ 20.000

 

Leeuwarden

€ 20.000

 

Leiden

€ 20.000

 

Leidschendam-Voorburg

€ 20.000

 

Lelystad

€ 20.000

 

Maastricht

€ 20.000

 

Middelburg

€ 20.000

 

Nijmegen

€ 20.000

 

Oss

€ 20.000

 

Purmerend

€ 20.000

 

Rotterdam

€ 50.000

 

Schiedam

€ 20.000

 

’s-Gravenhage

€ 50.000

 

’s-Hertogenbosch

€ 20.000

 

Sittard-Geleen

€ 20.000

 

Sudwest Fryslan

€ 20.000

 

Tilburg

€ 20.000

 

Utrecht

€ 50.000

 

Vlissingen

€ 20.000

 

Westland

€ 20.000

 

Zoetermeer

€ 20.000

 

Zwolle

€ 20.000

 

Totaal

€ 920.000

 

Bijlage 29xx-a, genoemd in artikel 29xx. Maatschappelijke opvang

Maatstaf

Omschrijving maatstaf

Bron

Peildatum

aantal gemeenten per regio

Aantal gemeenten in de regio van de betreffende centrumgemeente

CBS

1 januari uitkeringsjaar

een-ouder-huishoudens

De maatstaf uit algemene uitkering gemeentefonds, omgezet naar centrumgemeente*

CBS

1 januari uitkeringsjaar

huishoudens met laag inkomen

De maatstaf uit algemene uitkering gemeentefonds, omgezet naar centrumgemeente*

CBS

De meest recente op het uitkeringsjaar of een daarvóór gelegen jaar betrekking hebbende inkomensstatistiek, voor zover deze is bekendgemaakt op uiterlijk 1 september van het tweede jaar volgend op het uitkeringsjaar.

Inwoners

Aantal inwoners, omgezet naar centrumgemeente

CBS

1 januari uitkeringsjaar

inwoners < 65 jaar

Aantal inwoners jonger dan 65 jaar, omgezet naar centrumgemeente*

CBS

1 januari uitkeringsjaar

inwoners ouder dan 10 jaar en jonger dan 25 jaar

Aantal inwoners tussen de 10 en 25 jaar, omgezet naar centrumgemeente*

CBS

1 januari uitkeringsjaar

inwoners ouder dan 15 jaar en jonger dan 65 jaar

Aantal inwoners tussen de 15 en 65 jaar, omgezet naar centrumgemeente*

CBS

1 januari uitkeringsjaar

inwoners ouder dan 18 jaar en jonger dan 45 jaar

Aantal inwoners tussen de 18 en 45 jaar, omgezet naar centrumgemeente*

CBS

1 januari uitkeringsjaar

klantenpotentieel regionaal

De maatstaf uit algemene uitkering gemeentefonds, omgezet naar centrumgemeente*

CBS

1 januari uitkeringsjaar

minderheden

De maatstaf uit algemene uitkering gemeentefonds, omgezet naar centrumgemeente*

CBS

1 januari uitkeringsjaar

uitkeringsontvangers

De maatstaf uit algemene uitkering gemeentefonds, omgezet naar centrumgemeente*

CBS, UWV, SZW, APG, Het Algemeen mijnwerkersfonds van de steenkolenmijnen Limburg

31 december voorafgaand aan het uitkeringsjaar

* omgezet naar centrumgemeente = som van alle gemeenten in de regio van de betreffende centrumgemeente.

Bijlage 29xx-b, genoemd in artikel 29xx. Maatschappelijke opvang

Gemeente

Uitkering 2010

 

Alkmaar

€ 3.029.282

 

Almelo

€ 2.470.147

 

Almere

€ 4.759.067

 

Amersfoort

€ 4.502.712

 

Amsterdam

€ 39.587.849

 

Apeldoorn

€ 6.079.426

 

Arnhem

€ 8.130.413

 

Assen

€ 3.961.410

 

Bergen op Zoom

€ 2.470.498

 

Breda

€ 6.207.797

 

Delft

€ 2.716.196

 

Den Helder

€ 1.445.670

 

Deventer

€ 3.061.782

 

Doetinchem

€ 3.039.146

 

Dordrecht

€ 6.377.469

 

Ede

€ 2.371.036

 

Eindhoven

€ 11.222.713

 

Emmen

€ 2.489.379

 

Enschede

€ 7.432.372

 

Gouda

€ 1.980.137

 

Groningen

€ 12.478.564

 

Haarlem

€ 6.534.602

 

Heerlen

€ 6.659.322

 

Helmond

€ 3.093.916

 

Hilversum

€ 2.858.503

 

Hoorn

€ 1.901.415

 

Leeuwarden

€ 13.962.008

 

Leiden

€ 5.621.892

 

Maastricht

€ 6.751.238

 

Nijmegen

€ 8.409.554

 

Oss

€ 3.273.651

 

Purmerend

€ 1.268.980

 

Rotterdam

€ 34.914.057

 

’s-Gravenhage

€ 20.805.625

 

’s-Hertogenbosch

€ 4.328.201

 

Spijkenisse

€ 2.953.333

 

Tilburg

€ 8.015.815

 

Utrecht

€ 15.523.508

 

Venlo

€ 6.642.921

 

Vlaardingen

€ 2.055.519

 

Vlissingen

€ 6.351.883

 

Zaanstad

€ 2.103.856

 

Zwolle

€ 7.985.251

 

Totaal

€ 307.828.115

 

Bijlage 29aaa, genoemd in artikel 29aaa. Quick wins binnenhavens

Gemeente

Uitkering 2012

 

Bergen op Zoom

€ 1.334.990

 

Oss

€ 3.828.000

 

Tiel

€ 851.250

 

Venray

€ 4.000.000

 

Totaal

€ 10.014.240

 

Bijlage 29bbb, genoemd in artikel 29bbb. Vsv-programmagelden RMC-regio’s G4

Gemeente

Uitkering 2012

 

Amsterdam

€ 2.000.000

 

Rotterdam

€ 1.925.000

 

’s-Gravenhage

€ 1.325.000

 

Utrecht

€ 875.000

 

Totaal

€ 6.125.000

 

Bijlage 29ccc, genoemd in artikel 29ccc. We Can Young

Gemeente

Uitkering 2012

 

Alkmaar

€ 20.000

 

Almere

€ 20.000

 

Amsterdam

€ 20.000

 

Apeldoorn

€ 20.000

 

Arnhem

€ 20.000

 

Breda

€ 20.000

 

Delft

€ 20.000

 

Dordrecht

€ 20.000

 

Eindhoven

€ 20.000

 

Groningen

€ 20.000

 

Helmond

€ 20.000

 

Leiden

€ 20.000

 

’s-Gravenhage

€ 20.000

 

Tilburg

€ 20.000

 

Zwolle

€ 20.000

 

Totaal

€ 300.000

 

Bijlage 31b-3, genoemd in artikel 31b. Bedrijventerreinen

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 1.101.576

 

Flevoland

€ 957.892

 

Fryslân

€ 1.245.259

 

Gelderland

€ 3.966.359

 

Groningen

€ 1.101.576

 

Limburg

€ 2.729.992

 

Noord-Brabant

€ 3.782.011

 

Noord-Holland

€ 3.232.885

 

Overijssel

€ 2.948.940

 

Utrecht

€ 1.197.365

 

Zeeland

€ 1.480.944

 

Zuid-Holland

€ 4.888.201

 

Totaal

€ 28.633.000

 

Bijlage 31c-3, genoemd in artikel 31c. Bodemsanering

Gemeente

Uitkering 2012

 

Alkmaar

€ 407.151

 

Almelo

€ 454.478

 

Amersfoort

€ 390.663

 

Amsterdam

€ 4.626.788

 

Arnhem

€ 457.287

 

Breda

€ 527.285

 

Deventer

€ 433.961

 

Dordrecht

€ 406.507

 

Eindhoven

€ 429.413

 

Emmen

€ 662.402

 

Enschede

€ 1.135.412

 

Groningen

€ 535.948

 

Haarlem

€ 945.011

 

Heerlen

€ 421.305

 

Helmond

€ 376.768

 

Hengelo O

€ 488.373

 

Leeuwarden

€ 448.081

 

Leiden

€ 422.322

 

Maastricht

€ 476.119

 

Nijmegen

€ 421.815

 

Rotterdam

€ 1.389.066

 

Schiedam

€ 388.450

 

’s-Gravenhage

€ 1.398.070

 

’s-Hertogenbosch

€ 361.169

 

Sittard-Geleen

€ 2.991

 

Tilburg

€ 668.837

 

Utrecht

€ 386.365

 

Venlo

€ 514.187

 

Zaanstad

€ 11.301.444

 

Zwolle

€ 450.051

 

Totaal

€ 31.327.719

 

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 1.249.894

 

Flevoland

€ 232.297

 

Fryslân

€ 3.669.812

 

Gelderland

€ 14.573.884

 

Groningen

€ 2.243.651

 

Limburg

€ 730.438

 

Noord-Brabant

€ 13.414.957

 

Noord-Holland

€ 6.152.234

 

Overijssel

€ 15.233.923

 

Utrecht

€ 1.395.694

 

Zeeland

€ 478.755

 

Zuid-Holland

€ 10.228.850

 

Totaal

€ 69.604.389

 

Bijlage 31e-3, genoemd in artikel 31e. Zuiderzeelijn

Gemeente

Uitkering 2012

 

Assen

€ 16.482.000

 

Totaal

€ 16.482.000

 

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 2.647.235

 

Flevoland

€ 1.130.930

 

Fryslân

€ 23.578.534

 

Groningen

€ 19.718.039

 

Totaal

€ 47.074.738

 

Bijlage 31i-2, genoemd in artikel 31i. Investeringsbudget stedelijke vernieuwing (ISV)

Gemeente

Uitkering 2012

 

Alkmaar

€ 1.316.200

 

Almelo

€ 955.555

 

Amersfoort

€ 1.055.889

 

Amsterdam

€ 41.465.483

 

Arnhem

€ 3.333.809

 

Breda

€ 1.359.184

 

Deventer

€ 1.350.441

 

Dordrecht

€ 2.080.849

 

Eindhoven

€ 2.336.042

 

Emmen

€ 794.309

 

Enschede

€ 2.560.494

 

Groningen

€ 6.807.296

 

Haarlem

€ 2.606.069

 

Heerlen

€ 2.242.405

 

Helmond

€ 584.085

 

Hengelo O

€ 1.086.503

 

Leeuwarden

€ 3.038.455

 

Leiden

€ 1.977.552

 

Lelystad

€ 52.930

 

Maastricht

€ 1.608.216

 

Nijmegen

€ 2.451.899

 

Rotterdam

€ 29.151.210

 

Schiedam

€ 2.426.344

 

’s-Gravenhage

€ 20.038.293

 

’s-Hertogenbosch

€ 751.984

 

Sittard-Geleen

€ 1.172.518

 

Tilburg

€ 2.202.352

 

Utrecht

€ 6.558.690

 

Venlo

€ 1.333.312

 

Zaanstad

€ 1.926.479

 

Zwolle

€ 1.186.524

 

Totaal

€ 147.811.371

 

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 2.202.242

 

Flevoland

€ 1.352.041

 

Fryslân

€ 4.079.551

 

Gelderland

€ 6.744.109

 

Groningen

€ 4.140.597

 

Limburg

€ 4.792.392

 

Noord-Brabant

€ 8.121.826

 

Noord-Holland

€ 6.336.267

 

Overijssel

€ 2.755.702

 

Utrecht

€ 2.405.414

 

Zeeland

€ 3.685.161

 

Zuid-Holland

€ 12.418.267

 

Totaal

€ 59.033.569

 

Bijlage 31j-2, genoemd in artikel 31j. Nationale gebiedsontwikkelingen

Gemeente

Project

Uitkering 2012

Amsterdam

Noordelijke IJ-overs

€ 4.888.000

Apeldoorn

Kanaalzone

€ 2.200.000

Culemborg

Hollandse Waterlinie

€ 500.000

’s-Gravenhage

Scheveningen boulevard

€ 4.430.000

Dordrecht

Westelijke Dordtse Oever

€ 2.000.000

Eindhoven

A2 zone

€ 2.720.000

Emmen

Dierenpark

€ 4.000.000

Enschede

Muziekkwartier

€ 560.000

Groningen

Centrale zone

€ 3.200.000

Groningen

Europark

€ 280.000

Heerlen

Oranje Park

€ 800.000

Hengelo

Hart van Zuid

€ 160.000

Leeuwarden

Nieuw Zaailand

€ 412.000

Rotterdam

Hart van Zuid

€ 5.032.000

Tilburg

Spoorzone

€ 631.000

Zaandam

Inverdan

€ 532.000

Zaltbommel

Station/vesting

€ 200.000

Zwartewaterland

Bedrijventerrein

€ 40.000

Totaal

 

€ 32.585.000

Provincie

Project

Uitkering 2012

Gelderland

Traverze Dieren

€ 23.365.000

Noord-Holland

Naardermeer

€ 480.000

Overijssel

IJsseldelta

€ 4.500.000

Utrecht

Fort Vechten

€ 282.000

Zeeland

Waterduinen

€ 1.500.000

Zeeland

Maintenance Value Park en Mobiliteitscentrum Zalco

€ 1.700.000

Zuid-Holland

Nieuw Reijerswaard

€ 12.750.000

Zuid-Holland

Oude Rijn zone

€ 11.300.000

Totaal

 

€ 55.877.000

Bijlage 31k-2, genoemd in artikel 31k. Green Deal

Gemeente

Uitkering 2012

 

Amsterdam

€ 550.034

 

Rotterdam

€ 60.000

 

Totaal

€ 610.034

 

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 84.000

 

Flevoland

€ 585.000

 

Groningen

€ 210.000

 

Limburg

€ 2.752.000

 

Noord-Brabant

€ 3.000.000

 

Overijssel

€ 2.000.000

 

Zeeland

€ 500.000

 

Totaal

€ 9.131.000

 

Bijlage 31m-2, genoemd in artikel 31m. Sterke regio’s

Provincie

Project

Uitkering 2012

Drenthe

Groen gas Wijster

€ 960.000

Fryslân

Verduurzaming Waddengas

€ 960.000

Noord-Holland

Verbinding Greenport

€ 4.470.000

Zuid-Holland

Coolport

€ 1.800.000

Totaal

 

€ 8.190.000

Bijlage 31n, genoemd in artikel 31n. Invoeringskosten Jeugdzorg

Gemeente

Uitkering 2012

 

Aa en Hunze

€ 18.871

 

Aalburg

€ 14.851

 

Aalsmeer

€ 22.473

 

Aalten

€ 20.402

 

Achtkarspelen

€ 21.367

 

Alblasserdam

€ 17.762

 

Albrandswaard

€ 19.686

 

Alkmaar

€ 45.157

 

Almelo

€ 40.748

 

Almere

€ 105.515

 

Alphen aan den Rijn

€ 40.642

 

Alphen-Chaam

€ 12.383

 

Ameland

€ 9.946

 

Amersfoort

€ 79.623

 

Amstelveen

€ 40.868

 

Amsterdam

€ 294.139

 

Apeldoorn

€ 73.720

 

Appingedam

€ 13.006

 

Arnhem

€ 66.283

 

Assen

€ 39.071

 

Asten

€ 15.655

 

Baarle-Nassau

€ 10.644

 

Baarn

€ 18.383

 

Barendrecht

€ 32.023

 

Barneveld

€ 37.240

 

Bedum

€ 12.970

 

Beek

€ 14.498

 

Beemster

€ 12.065

 

Beesel

€ 14.066

 

Bellingwedde

€ 11.719

 

Bergambacht

€ 13.136

 

Bergeijk

€ 16.286

 

Bergen L

€ 13.752

 

Bergen NH

€ 19.942

 

Bergen op Zoom

€ 34.552

 

Berkelland

€ 27.710

 

Bernheze

€ 22.235

 

Bernisse

€ 13.286

 

Best

€ 21.753

 

Beuningen

€ 19.742

 

Beverwijk

€ 24.494

 

Binnenmaas

€ 20.136

 

Bladel

€ 16.870

 

Blaricum

€ 12.007

 

Bloemendaal

€ 18.459

 

Boarnsterhim

€ 17.332

 

Bodegraven-Reeuwijk

€ 23.924

 

Boekel

€ 13.194

 

Borger-Odoorn

€ 18.989

 

Borne

€ 18.037

 

Borsele

€ 19.119

 

Boskoop

€ 15.555

 

Boxmeer

€ 20.876

 

Boxtel

€ 21.571

 

Breda

€ 78.893

 

Brielle

€ 14.717

 

Bronckhorst

€ 24.396

 

Brummen

€ 17.302

 

Brunssum

€ 18.563

 

Bunnik

€ 14.987

 

Bunschoten

€ 18.491

 

Buren

€ 20.012

 

Bussum

€ 23.330

 

Capelle aan den IJssel

€ 35.863

 

Castricum

€ 23.088

 

Coevorden

€ 23.434

 

Cranendonck

€ 16.494

 

Cromstrijen

€ 13.568

 

Cuijk

€ 19.175

 

Culemborg

€ 21.701

 

Dalfsen

€ 21.427

 

Dantumadiel

€ 16.928

 

De Bilt

€ 26.568

 

De Marne

€ 12.617

 

De Ronde Venen

€ 27.826

 

De Wolden

€ 18.697

 

Delft

€ 39.617

 

Delfzijl

€ 18.533

 

Den Helder

€ 30.318

 

Deurne

€ 21.919

 

Deventer

€ 51.222

 

Diemen

€ 18.131

 

Dinkelland

€ 20.922

 

Dirksland

€ 12.429

 

Doesburg

€ 13.256

 

Doetinchem

€ 32.219

 

Dongen

€ 19.105

 

Dongeradeel

€ 19.199

 

Dordrecht

€ 57.870

 

Drechterland

€ 17.240

 

Drimmelen

€ 19.163

 

Dronten

€ 27.588

 

Druten

€ 16.712

 

Duiven

€ 20.770

 

Echt-Susteren

€ 19.690

 

Edam-Volendam

€ 21.637

 

Ede

€ 59.613

 

Eemnes

€ 12.667

 

Eemsmond

€ 15.483

 

Eersel

€ 15.953

 

Eijsden-Margraten

€ 18.421

 

Eindhoven

€ 87.142

 

Elburg

€ 19.191

 

Emmen

€ 53.011

 

Enkhuizen

€ 15.977

 

Enschede

€ 70.324

 

Epe

€ 21.781

 

Ermelo

€ 19.349

 

Etten-Leur

€ 26.175

 

Ferwerderadiel

€ 12.521

 

Franekeradeel

€ 17.434

 

Gaasterlan-Sleat

€ 12.817

 

Geertruidenberg

€ 17.144

 

Geldermalsen

€ 21.070

 

Geldrop-Mierlo

€ 24.328

 

Gemert-Bakel

€ 20.988

 

Gennep

€ 15.459

 

Giessenlanden

€ 15.143

 

Gilze en Rijen

€ 19.431

 

Goedereede

€ 13.466

 

Goes

€ 22.903

 

Goirle

€ 17.852

 

Gorinchem

€ 23.640

 

Gouda

€ 40.224

 

Graafstroom

€ 13.890

 

Graft-De Rijp

€ 11.305

 

Grave

€ 14.032

 

Groesbeek

€ 15.597

 

Groningen

€ 65.525

 

Grootegast

€ 14.446

 

Gulpen-Wittem

€ 13.258

 

Haaksbergen

€ 19.135

 

Haaren

€ 14.360

 

Haarlem

€ 67.616

 

Haarlemmerliede Spaarnw

€ 10.740

 

Haarlemmermeer

€ 76.784

 

Halderberge

€ 19.956

 

Hardenberg

€ 36.960

 

Harderwijk

€ 28.927

 

Hardinxveld-Giessendam

€ 17.120

 

Haren

€ 16.213

 

Harenkarspel

€ 16.320

 

Harlingen

€ 15.067

 

Hattem

€ 13.710

 

Heemskerk

€ 24.428

 

Heemstede

€ 19.778

 

Heerde

€ 16.207

 

Heerenveen

€ 26.618

 

Heerhugowaard

€ 33.114

 

Heerlen

€ 38.159

 

Heeze-Leende

€ 14.755

 

Heiloo

€ 18.005

 

Hellendoorn

€ 24.240

 

Hellevoetsluis

€ 24.474

 

Helmond

€ 48.687

 

Hendrik-Ido-Ambacht

€ 22.045

 

Hengelo O

€ 43.436

 

Het Bildt

€ 13.418

 

Heumen

€ 15.919

 

Heusden

€ 27.130

 

Hillegom

€ 16.746

 

Hilvarenbeek

€ 15.127

 

Hilversum

€ 42.893

 

Hof van Twente

€ 23.690

 

Hollands Kroon

€ 55.030

 

Hoogeveen

€ 32.501

 

Hoogezand-Sappemeer

€ 22.529

 

Hoorn

€ 39.549

 

Horst aan de Maas

€ 26.786

 

Houten

€ 33.478

 

Huizen

€ 26.209

 

Hulst

€ 19.003

 

IJsselstein

€ 25.435

 

Kaag en Braassem

€ 19.641

 

Kampen

€ 33.506

 

Kapelle

€ 14.418

 

Katwijk

€ 37.582

 

Kerkrade

€ 22.865

 

Koggenland

€ 18.789

 

Kollumerland en Nwkruisl

€ 14.236

 

Korendijk

€ 13.224

 

Krimpen aan den IJssel

€ 21.006

 

Laarbeek

€ 17.706

 

Landerd

€ 15.117

 

Landgraaf

€ 21.429

 

Landsmeer

€ 12.507

 

Langedijk

€ 21.232

 

Lansingerland

€ 37.124

 

Laren

€ 12.795

 

Leek

€ 17.112

 

Leerdam

€ 17.706

 

Leeuwarden

€ 43.740

 

Leeuwarderadeel

€ 13.050

 

Leiden

€ 49.731

 

Leiderdorp

€ 19.942

 

Leidschendam-Voorburg

€ 35.535

 

Lelystad

€ 43.482

 

Lemsterland

€ 14.633

 

Leudal

€ 23.312

 

Leusden

€ 21.302

 

Liesveld

€ 13.426

 

Lingewaal

€ 13.366

 

Lingewaard

€ 29.007

 

Lisse

€ 17.866

 

Littenseradiel

€ 13.886

 

Lochem

€ 21.979

 

Loon op Zand

€ 17.862

 

Lopik

€ 15.539

 

Loppersum

€ 12.859

 

Losser

€ 17.852

 

Maasdonk

€ 13.562

 

Maasdriel

€ 18.977

 

Maasgouw

€ 17.002

 

Maassluis

€ 21.118

 

Maastricht

€ 43.960

 

Marum

€ 13.280

 

Medemblik

€ 27.944

 

Meerssen

€ 15.759

 

Menameradiel

€ 14.715

 

Menterwolde

€ 13.492

 

Meppel

€ 22.959

 

Middelburg

€ 28.465

 

Middelharnis

€ 16.139

 

Midden Drenthe

€ 22.799

 

Midden-Delfland

€ 17.122

 

Mill en Sint Hubert

€ 13.178

 

Millingen aan de Rijn

€ 10.894

 

Moerdijk

€ 23.698

 

Montferland

€ 22.767

 

Montfoort U

€ 15.187

 

Mook en Middelaar

€ 11.729

 

Muiden

€ 11.321

 

Naarden

€ 17.060

 

Neder-Betuwe

€ 20.738

 

Nederlek

€ 14.134

 

Nederweert

€ 15.183

 

Neerijnen

€ 14.252

 

Nieuwegein

€ 32.723

 

Nieuwkoop

€ 20.302

 

Nieuw-Lekkerland

€ 13.794

 

Nijkerk

€ 27.370

 

Nijmegen

€ 65.315

 

Noord-Beveland

€ 11.068

 

Noordenveld

€ 21.176

 

Noordoostpolder

€ 31.348

 

Noordwijk

€ 17.991

 

Noordwijkerhout

€ 14.865

 

Nuenen c.a.

€ 17.662

 

Nunspeet

€ 21.381

 

Nuth

€ 13.854

 

Oegstgeest

€ 18.711

 

Oirschot

€ 16.227

 

Oisterwijk

€ 19.109

 

Oldambt

€ 23.296

 

Oldebroek

€ 19.043

 

Oldenzaal

€ 22.597

 

Olst-Wijhe

€ 16.348

 

Ommen

€ 15.761

 

Onderbanken

€ 11.343

 

Oost Gelre

€ 22.237

 

Oosterhout

€ 30.852

 

Oostflakkee

€ 12.595

 

Ooststellingwerf

€ 19.205

 

Oostzaan

€ 12.389

 

Opmeer

€ 13.754

 

Opsterland

€ 22.335

 

Oss

€ 44.026

 

Oud-Beijerland

€ 19.219

 

Oude IJsselstreek

€ 25.517

 

Ouder-Amstel

€ 14.082

 

Ouderkerk

€ 12.273

 

Oudewater

€ 12.972

 

Overbetuwe

€ 30.814

 

Papendrecht

€ 22.249

 

Peel en Maas

€ 26.788

 

Pekela

€ 13.588

 

Pijnacker-Nootdorp

€ 35.387

 

Purmerend

€ 41.446

 

Putten

€ 19.672

 

Raalte

€ 24.767

 

Reimerswaal

€ 19.810

 

Renkum

€ 20.800

 

Renswoude

€ 10.944

 

Reusel-De Mierden

€ 13.522

 

Rheden

€ 24.973

 

Rhenen

€ 17.382

 

Ridderkerk

€ 24.741

 

Rijnwaarden

€ 13.020

 

Rijnwoude

€ 16.546

 

Rijssen-Holten

€ 27.982

 

Rijswijk

€ 23.466

 

Roerdalen

€ 15.973

 

Roermond

€ 29.545

 

Roosendaal

€ 40.162

 

Rotterdam

€ 248.155

 

Rozendaal

€ 9.039

 

Rucphen

€ 16.133

 

Schagen (oud)

€ 15.947

 

Schermer

€ 10.900

 

Scherpenzeel

€ 13.108

 

Schiedam

€ 38.817

 

Schiermonnikoog

€ 8.747

 

Schijndel

€ 18.063

 

Schinnen

€ 13.378

 

Schoonhoven

€ 13.598

 

Schouwen-Duiveland

€ 21.771

 

’s-Gravenhage

€ 212.923

 

’s-Hertogenbosch

€ 64.686

 

Simpelveld

€ 12.239

 

Sint-Anthonis

€ 13.780

 

Sint-Michielsgestel

€ 20.950

 

Sint-Oedenrode

€ 16.169

 

Sittard-Geleen

€ 42.437

 

Skarsterlan

€ 20.946

 

Sliedrecht

€ 18.887

 

Slochteren

€ 15.303

 

Sluis

€ 16.588

 

Smallingerland

€ 32.981

 

Soest

€ 28.277

 

Someren

€ 16.219

 

Son en Breugel

€ 15.697

 

Spijkenisse

€ 37.054

 

Stadskanaal

€ 21.733

 

Staphorst

€ 18.055

 

Stede Broec

€ 18.083

 

Steenbergen

€ 17.628

 

Steenwijkerland

€ 27.202

 

Stein

€ 17.622

 

Stichtse Vecht

€ 35.863

 

Strijen

€ 12.003

 

Sudwest Fryslan

€ 45.811

 

Ten Boer

€ 12.103

 

Terneuzen

€ 29.651

 

Terschelling

€ 10.086

 

Texel

€ 14.172

 

Teylingen

€ 25.237

 

Tholen

€ 20.856

 

Tiel

€ 27.448

 

Tilburg

€ 88.809

 

Tubbergen

€ 19.111

 

Twenterand

€ 24.687

 

Tynaarlo

€ 22.421

 

Tytsjerksteradiel

€ 22.725

 

Ubbergen

€ 12.113

 

Uden

€ 26.125

 

Uitgeest

€ 14.488

 

Uithoorn

€ 20.996

 

Urk

€ 21.953

 

Utrecht

€ 128.999

 

Utrechtse Heuvelrug

€ 29.355

 

Vaals

€ 11.433

 

Valkenburg aan de Geul

€ 13.988

 

Valkenswaard

€ 19.826

 

Veendam

€ 19.637

 

Veenendaal

€ 38.687

 

Veere

€ 17.690

 

Veghel

€ 25.213

 

Veldhoven

€ 26.133

 

Velsen

€ 37.024

 

Venlo

€ 47.232

 

Venray

€ 26.894

 

Vianen

€ 17.052

 

Vlaardingen

€ 35.511

 

Vlagtwedde

€ 14.611

 

Vlieland

€ 8.851

 

Vlissingen

€ 24.709

 

Vlist

€ 12.803

 

Voerendaal

€ 13.056

 

Voorschoten

€ 19.103

 

Voorst

€ 17.956

 

Vught

€ 19.642

 

Waalre

€ 15.705

 

Waalwijk

€ 27.014

 

Waddinxveen

€ 19.543

 

Wageningen

€ 20.578

 

Wassenaar

€ 19.619

 

Waterland

€ 15.373

 

Weert

€ 27.336

 

Weesp

€ 15.277

 

Werkendam

€ 20.536

 

West Maas en Waal

€ 16.139

 

Westerveld

€ 15.955

 

Westervoort

€ 14.911

 

Westland

€ 53.548

 

Weststellingwerf

€ 19.039

 

Westvoorne

€ 13.720

 

Wierden

€ 19.319

 

Wijchen

€ 26.574

 

Wijdemeren

€ 18.235

 

Wijk bij Duurstede

€ 18.931

 

Winsum

€ 14.989

 

Winterswijk

€ 20.830

 

Woensdrecht

€ 16.798

 

Woerden

€ 32.093

 

Wormerland

€ 15.225

 

Woudenberg

€ 14.494

 

Woudrichem

€ 14.875

 

Zaanstad

€ 70.922

 

Zaltbommel

€ 21.899

 

Zandvoort

€ 13.862

 

Zederik

€ 14.919

 

Zeevang

€ 11.263

 

Zeewolde

€ 20.416

 

Zeist

€ 34.544

 

Zevenaar

€ 21.092

 

Zijpe

€ 13.362

 

Zoetermeer

€ 60.732

 

Zoeterwoude

€ 11.837

 

Zuidhorn

€ 17.818

 

Zuidplas

€ 27.288

 

Zundert

€ 16.714

 

Zutphen

€ 29.409

 

Zwartewaterland

€ 20.606

 

Zwijndrecht

€ 26.099

 

Zwolle

€ 61.064

 

Totaal

€ 10.500.002

 

Provincie

Uitkering 2012

 

Drenthe

€ 100.000

 

Flevoland

€ 200.000

 

Fryslân

€ 100.000

 

Gelderland

€ 100.000

 

Groningen

€ 100.000

 

Limburg

€ 100.000

 

Noord-Brabant

€ 100.000

 

Noord-Holland

€ 100.000

 

Overijssel

€ 100.000

 

Utrecht

€ 100.000

 

Zeeland

€ 100.000

 

Zuid-Holland

€ 100.000

 

Totaal

€ 1.300.000

 

NOTA VAN TOELICHTING

A. Algemeen

Inleiding

Het voorliggende wijzigingsbesluit stelt de verdeling vast van een groot aantal decentralisatie- en integratie-uitkeringen uit het provinciefonds en het gemeentefonds (hierna: de fondsen) op grond van artikel 13, eerste lid, van de Financiële-verhoudingswet (hierna: Fv-wet) voor het jaar 2012. Het gaat hierbij om uitkeringen die uit de fondsen worden verstrekt, naast de algemene uitkering. Deze uitkeringen maken het mogelijk af te wijken van de verdeelmaatstaven die gelden voor de algemene uitkering uit de fondsen conform het Besluit financiële verhouding 2001.

Systematiek decentralisatie- en integratie-uitkeringen

Met de wijziging van de Fv-wet van 3 juli 2008 (Stb. 2008, 312) is er een belangrijke wijziging opgetreden ten aanzien van het verstrekken van uitkeringen uit de fondsen naast de algemene uitkering. In artikel 5, tweede lid, van de Fv-wet is, naast de al langer bestaande integratie-uitkering, de decentralisatie-uitkering toegevoegd. De decentralisatie-uitkering maakt het mogelijk om algemene financiële middelen te verstrekken aan provincies en gemeenten zonder gebruik te maken van de verdeelmaatstaven die voorgeschreven zijn voor de algemene uitkering en zonder dat integratie in de algemene uitkering op korte of langere termijn vast staat. De voorgeschreven verdeelwijze van de algemene uitkering was vaak de reden voor het verstrekken van specifieke uitkeringen. Nu kan het nastreven van een specifiek beleidsdoel worden bereikt met inzet van een decentralisatie-uitkering. In het terugdringen van het aantal specifieke uitkeringen heeft de decentralisatie-uitkering daarmee een belangrijke rol.

Duur

Een integratie-uitkering heeft als kenmerk dat de uitkering op een vooraf vastgestelde termijn wordt opgenomen in de algemene uitkering. Een decentralisatie-uitkering hoeft daarentegen niet op te gaan in de algemene uitkering. Van decentralisatie-uitkeringen dient wel op grond van artikel 13, vijfde lid, van de Fv-wet elk jaar te worden bezien of zij in een integratie-uitkering kunnen worden gewijzigd, dan wel of zij kunnen worden overgeheveld naar de algemene uitkering. In de begrotingen van het gemeentefonds en het provinciefonds wordt hiervan verslag gedaan. Omdat de decentralisatie-uitkering vaak wordt gebruikt voor tijdelijke uitkeringen, heeft deze in de praktijk veelal een korte looptijd van enkele jaren.

Besteding

Decentralisatie-uitkeringen worden toegevoegd aan de algemene middelen van de provincie of gemeente (artikel 13, tweede lid, van de Fv-wet). Het is daarom uitdrukkelijk de intentie van de regering om geen bestedingsvoorwaarden aan de decentralisatie-uitkeringen te koppelen. De gewenste situatie is dat de bestedings- en beleidsvrijheid niet wordt ingeperkt door nadere actieplannen, convenanten, kaders, etcetera. Het staat daarbij overheden vrij om in onderling overleg bestuurlijke afspraken te maken. Die kunnen niet het karakter krijgen van rechtens afdwingbare verplichtingen omdat dat in strijd is met de Fv-wet. Gemeenten moeten vrij zijn in het besteden van overschotten, net zo als zij tekorten uit eigen middelen moeten bijleggen. Zo kunnen ook uitkeringen niet worden teruggevorderd vanwege het niet nakomen van de afspraken. Het gaat hier immers om financiële middelen die voor een gemeente vrij besteedbaar zijn.

Verantwoording

Bij de verantwoording van de vrij besteedbare middelen staat de horizontale verantwoording centraal: gedeputeerde staten en het college van burgemeester en wethouders verantwoorden naar de staten respectievelijk de raad. Over de besteding van een decentralisatie- of integratie-uitkering wordt aan het Rijk dan ook geen financiële verantwoording afgelegd, dit in tegenstelling tot bij de specifieke uitkering. De decentralisatie-uitkering is daarmee ook een instrument om de administratieve lasten voor de overheden terug te dringen.

Uitkeringenstelsel

Er is een veelomvattend stelsel van uitkeringen aan medeoverheden ontstaan: naast de algemene uitkering en specifieke uitkeringen, zijn er de afgelopen jaren vele tussenvormen en varianten ontstaan, zoals decentralisatie-uitkeringen,integratie-uitkeringen, verzameluitkeringen en brede doeluitkeringen. Het is het voornemen om te komen tot een vereenvoudiging van het huidige stelsel, mede gelet op vermindering van bureaucratie en van verantwoordingslasten. In overleg met betrokken ministeries worden de mogelijkheden hiertoe onderzocht, mede gelet op de doelstellingen van deregulering en vermindering van bestuurlijke en ambtelijke drukte. Ook bij de ontwikkeling van nieuwe uitkeringen wordt ingezet op een beperking van de interbestuurlijke lasten en heldere financiële verhoudingen, waar het de onderlinge verantwoordelijkheidsverdeling betreft en de bijbehorende wijze van verantwoording en informatievoorziening.

De belangrijkste vorderingen die zijn gemaakt met betrekking tot het vereenvoudigen van het huidige uitkeringsstelsel houden verband met de ingrijpende sanering van het aantal specifieke uitkeringen. Uit het Onderhoudsrapport Specifieke Uitkeringen 2013 (OSU) blijkt dat het aantal uitkeringen is verminderd: van 101 in 2008 naar 45 in 2013.1 Uit het OSU 2014, dat op 13 mei aan de Tweede Kamer is aangeboden2, blijkt dat ook in het afgelopen jaar het aantal specifieke uitkering wederom is afgenomen tot 35. Gelet op het aantal uitkeringen waarvan nu reeds een einddatum bekend is, zal de komende jaren het aantal specifieke uitkeringen verder afnemen. Naast de sanering van specifieke uitkeringen vindt op dit moment een interdepartementaal onderzoek plaats naar nut en noodzaak van enkele andere uitkeringstypen, te weten de decentralisatie-uitkering en de verzameluitkering. De zogeheten «Onderhoudsagenda specifieke- en decentralisatie-uitkeringen» vormt daarvoor de basis. Kort na de zomer van 2014 zullen de resultaten daarvan bekend zijn.

Consultatie

Al deze uitkeringen zijn in een eerder stadium bekendgemaakt aan alle provincies en gemeenten middels de circulaires voor het provinciefonds en het gemeentefonds. Tevens zijn veel van deze uitkeringen een uitvloeisel van bestuurlijke afspraken tussen het Rijk, provincies en gemeenten. Provincies en gemeenten zijn ruimschoots betrokken geweest bij het vaststellen van deze uitkeringen. Een formele consultatieronde bij het Interprovinciaal overleg (IPO) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is daarom niet noodzakelijk geacht.

B. Artikelsgewijze toelichting

Artikel I

Onderdeel A

De artikelen 2f, 2j, 2k, 2l, 2m, 3, 29l, 29m, 29v, 29x, 29ee, 29nn, 29qq, 29rr, 31a, 31f, 31h en 31l vervallen.

De uitkeringen genoemd in de artikelen 2j, 2k, 2l, 2m, 29qq, 29rr, 31h en 31l waren eenmalige uitkeringen. De uitkeringen genoemd in de artikelen 2f, 3, 29l, 29m, 29v, 29x, 29ee, 29nn, 31a en 31f, zijn afgelopen.

Onderdeel B
Regionale luchthavens

Als gevolg van de wijziging van de Wet luchtvaart inzake vernieuwing van de regelgeving voor burgerluchthavens en militaire luchthavens en de decentralisatie van bevoegdheden voor burgerluchthavens naar het provinciaal bestuur (Stb. 2008, 561) zijn de provincies het bevoegd gezag geworden voor de gedecentraliseerde luchthavens. In 2006 zijn afspraken gemaakt over verdeling van de kosten tussen de provincies en het Rijk. Voor 2012 bedraagt de toevoeging aan het provinciefonds € 933.304. Verdeling over de provincies vindt plaats op basis van het aantal luchthavens per provincie zoals bij de berekening in 2005 is gehanteerd. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2c, vierde lid, en de daarbij behorende bijlage 2c-4 van het onderhavige besluit.

Onderdeel C
Externe Veiligheid

In het bestuursakkoord 2008–2011 tussen Rijk en provincies (Tweede Kamer, 2008–2009, 31 700-VII, nr. 44) is vastgelegd dat de provincies, na overleg met de VNG, afspraken maken met gemeenten over de professionalisering en de versterking van de externe veiligheidstaken en het oppakken van nieuwe taken zoals is vastgelegd in relevante externe veiligheidsbesluiten (Besluit externe veiligheid inrichtingen, Registratiebesluit externe veiligheid en het in voorbereiding zijnde Besluit transportroutes externe veiligheid en Besluit externe veiligheid buisleidingen). Hiervoor stellen de provincies capaciteit en of middelen beschikbaar aan gemeenten. De provincies ontvangen hiervoor in de periode 2011–2014 een bedrag van € 20 miljoen per jaar, door middel van een decentralisatie uitkering uit het provinciefonds. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2i, tweede lid, en de daarbij behorende bijlage 2i-2 van het onderhavige besluit.

Onderdeel D
Waddenfonds

Het kabinet heeft besloten om het Waddenfonds in 2012 te decentraliseren. Dat betekent dat de Waddenprovincies de bevoegdheid krijgen om de middelen te besteden voor het vergroten en versterken van natuur- en landschapwaarden van het waddengebied, het verminderen of wegnemen van externe bedreigingen van de natuurlijke rijkdom van de Waddenzee, een duurzame economische ontwikkeling in het waddengebied en een substantiële transitie naar een duurzame energiehuishouding in het waddengebied. Met het doel om op voorhand tussen de drie waddenprovincies afspraken te maken te maken over de doelen van het Waddenfonds en de financiering, verdeling en besteding van het geld hebben de drie waddenprovincies een bestuursakkoord opgesteld. Dit voorkomt elk jaar terugkerende discussies tussen de provincies onderling. Dit akkoord kan echter niet als een voorwaarde worden beschouwd voor het verkrijgen van de onderhavige decentralisatie-uitkering. Ook wordt er geen afzonderlijke financiële verantwoordingsinformatie gevraagd over de bestedingen noch kunnen de uitkeringen worden teruggevorderd. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2n, tweede lid, van het onderhavige besluit.

Onderdeel E
Werkmaatschappij Markermeer-IJmeer

De provincie Flevoland ontvangt in 2011 en 2012 € 210.000 per jaar als rijksbijdrage aan de werkmaatschappij Markermeer-IJmeer in de vorm van een decentralisatie-uitkering uit het provinciefonds. De natuur in Markermeer-IJmeer moet weer tegen een stootje kunnen om de gevolgen van klimaatverandering en menselijk medegebruik op te kunnen vangen. Om dat doel te verwezenlijken is de Werkmaatschappij Markermeer-IJmeer opgericht. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2o, tweede lid, van het onderhavige besluit.

Onderdeel F
Asbest en zonnepanelen

Het kabinet heeft besloten de Green Deal «Zonnepanelen voor Asbestdaken» met Land- en tuinbouworganisatie (LTO) te ondersteunen door in 2012 € 20 miljoen beschikbaar te stellen voor regionale regelingen in dit kader. De regelingen subsidiëren sanering van asbestdaken van agrarische ondernemers indien er ook zonnepanelen worden geplaatst. Overdracht van de middelen aan de provincies vindt plaats via een decentralisatie-uitkering. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2p en de daarbij behorende bijlage 2p van het onderhavige besluit.

Beter benutten

Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft in 2012 en 2013 budget ter beschikking gesteld voor de uitvoering van de 254 multimodale benuttingsmaatregelen . Het doel is om de files met eenvijfde terug te dringen en de programma’s bevatten maatregelen voor fiets, OV, spoor, binnenvaart en weg. Overdracht van de middelen aan de provincies vindt plaats via een decentralisatie-uitkering. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2q en de daarbij behorende bijlage 2q van het onderhavige besluit.

DU Ontwikkel / OEM-variabel

In het nieuwe verdeelmodel van het provinciefonds per 1 januari 2012 wordt onderscheid gemaakt tussen beheer- en ontwikkeltaken, omdat beide andere verdeelcriteria vragen. Het beheerdeel omvat de vaste jaarlijks terugkerende kosten, bijvoorbeeld het betalen van de salarissen, onderhoud provinciehuis, wegen, groen, etc. Het ontwikkeldeel van het provinciefonds betreft taken zoals aanleg van nieuwe wegen, integrale gebiedsontwikkeling in het landelijk gebied, natuur en bodemsanering, maar ook taken met betrekking tot buitengewone groei en krimp. Om verdeeltechnische redenen is er voor gekozen om een deel van het bedrag dat gemoeid is met de ontwikkeltaken via een decentralisatie-uitkering (DU Ontwikkel / OEM-variabel) uit te betalen aan de provincies. De decentralisatie-uitkering heeft een looptijd van een jaar en wordt elk jaar opnieuw uitgekeerd.

In het verdeelmodel wordt er ook rekening mee gehouden dat provincies in staat zijn een deel van de hun taken (ijkpunten) te financieren met eigen inkomsten uit de zogenaamde «overige eigen middelen» (OEM). De OEM in het nieuwe verdeelmodel wordt samengesteld uit twee onderdelen. Er is een vast deel van 5,48% dat wordt verondersteld voor alle provincies. Dit vaste deel is op voorhand in mindering gebracht op alle maatstaven en op de nieuwe decentralisatie-uitkering. Het variabele deel is bepaald op 35% van de inkomsten uit energiebedrijven (situatie in 2016), tegen een fictief rendement van 3%. Dit deel wordt in mindering gebracht op de bovenstaand beschreven bedragen van de decentralisatie-uitkering.

De op deze manier ontstane «DU Ontwikkel / OEM-variabel» bedraagt in 2012 € 418,467 miljoen. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2r en de daarbij behorende bijlage 2r van het onderhavige besluit.

Julianasluis

De Julianasluis (uit 1936) te Gouda ligt in de hoofdvaarweg De Gouwe en is onderdeel van de staande mast route. De provincie Zuid-Holland is eigenaar en beheerder van zowel de Julianasluis als De Gouwe. De Julianasluis is als verkenning opgenomen in het MIRT (Meerjarenprogramma Ruimte, Infrastructuur en Transport). Als basis voor verdere besluitvorming is er in 2008 door de provincie een verkenning uitgevoerd naar verschillende oplossingsrichtingen voor de capaciteit van de sluis. Het Rijk draagt op verzoek van de provincie Zuid-Holland € 2,7 miljoen bij aan de aanleg van de Tweede Kolk van de Julianasluis op basis van de verkenning en vanuit het belang dat het Rijk hecht aan een bereikbare mainport Rotterdam en een goed ontsloten Greenport (A4 over water). Deze bijdrage is in 2012 ter beschikking gesteld aan de provincie Zuid-Holland door middel van een decentralisatie-uitkering. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2s van het onderhavige besluit.

Kwaliteitsakkoord basisonderwijs

Via de decentralisatie-uitkering Kwaliteitsakkoord Basisonderwijs ontvangt de provincie Groningen in 2012 € 200.000 voor het instellen van een kwaliteitsfonds. Het doel van dit kwaliteitsfonds is er voor te zorgen dat goed onderwijs breed aangeboden wordt in de provincie Groningen. Het streven is dat geen enkele basisschool in de provincie zwak of zeer zwak is. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2t van het onderhavige besluit.

Monumenten

Vanaf 2012 is de regierol in het restauratiebeleid structureel gedecentraliseerd van het Rijk naar de provincies. Hiervoor is een decentralisatie-uitkering Monumenten gevormd. Deze uitkering verdeelt met ingang van 2012 € 20 miljoen per jaar over de provincies. De sleutel voor de verdeling van deze gelden is het aantal rijksmonumenten in een provincie. Provincies bepalen welke rijksmonumenten worden gerestaureerd. Zij verbinden geldstromen van regionale partners, waaronder gemeenten en particulieren. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2u en de daarbij behorende bijlage 2u van het onderhavige besluit.

Programmatische aanpak stikstof

In 2012 is € 27,8 miljoen beschikbaar gesteld voor de uitvoering van de Programmatische Aanpak Stikstof (PAS). Van dit bedrag is € 23 miljoen uitgekeerd via een decentralisatie-uitkering in het provinciefonds. Het resterende deel van € 4,8 miljoen kan via het BTW-compensatiefonds worden gedeclareerd. Met het onderhandelingsakkoord decentralisatie natuur zijn de provincies verantwoordelijk voor maatregelen in het kader van de PAS. Om natuurdoelen in een groot aantal gebieden te kunnen halen moet de neerslag van stikstof – de stikstofdepositie – minder worden. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2v en de daarbij behorende bijlage 2v van het onderhavige besluit.

Zwemwaterrichtlijn EU

Over de periode 2012–2015 wordt door het Rijk aan de provincies jaarlijks € 1,2 miljoen beschikbaar gesteld als financiële compensatie in verband met de invoering van de nieuwe Europese Zwemwaterrichtlijn en de nieuwe taken die daaruit volgen voor de provincies. Deze nieuwe taken zijn voornamelijk het informeren van de burgers over de zwemwaterkwaliteit op zwemwaterlocaties met behulp van borden en via het internet. In 2012 is deze nieuwe richtlijn in werking getreden. Het bedrag wordt uitgekeerd in de vorm van een decentralisatie-uitkering. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2w en de daarbij behorende bijlage 2w van het onderhavige besluit.

Natuur

Op grond van het op 20 september 2011 tussen het Rijk en het IPO gesloten natuurakkoord wordt de verantwoordelijkheid voor het natuurbeleid en het landelijk gebied overgedragen van Rijk aan provincies. Op 23 november 2012 hebben het Rijk en de afzonderlijke provincies de afrondingsovereenkomst Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG) ondertekend. Deze afrondingsovereenkomst vormt de basis voor de verdeling van de integratie-uitkering Natuur in de periode 2012–2014. In totaal bedraagt de integratie-uitkering in 2012 € 308,41 miljoen. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 2x en de daarbij behorende bijlage 2x van het onderhavige besluit.

Van het voornemen om bovengenoemde integratie-uitkering Natuur op termijn over te hevelen naar de algemene uitkering wordt bij nader inzien afgezien. Het betreft een eenmalige uitkering ter afronding van het ILG. Feitelijk is daarmee geen sprake van een integratie-uitkering, maar van een decentralisatie-uitkering. Het Ministerie van Economische Zaken heeft er daarom in haar correspondentie met onder meer de Eerste en Twee Kamer voor gekozen om de term «decentralisatie-uitkering» te hanteren. Omdat de integratie-uitkering voor 2012 reeds in de Slotwet van de begroting 2012 van het provinciefonds is vastgesteld, wordt deze term in onderhavig besluit nog gebruikt.

Onderdeel G
Nationaal actieplan sport en bewegen

Vanaf 2008 stelt het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport € 38 miljoen beschikbaar voor de Impuls Nationaal actieplan sport en bewegen (NASB). Hiervan is € 18 miljoen gereserveerd voor de 1e tranche (2008 t/m 2010) en € 20 miljoen voor de 2e tranche (2010 t/m 2012). Gemeenten die sport- en beweegactiviteiten gaan opzetten zullen in aanvulling op de Rijksbijdrage eenzelfde bedrag co-financieren vanuit eigen middelen, zodat er in totaal € 76 miljoen beschikbaar is voor een actievere leefstijl. De Rijksbijdrage komt in twee tranches beschikbaar voor in totaal 100 gemeenten met naar verwachting de grootste gezondheidsachterstand. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 14, derde lid, en de daarbij behorende bijlage 14-4 van het onderhavige besluit.

Onderdeel H
Taalcoaches

In het kader van het Deltaplan inburgering (Kamerstukken II, 2006–07, 31 143, nr. 1) is er in de periode 2008 tot en met 2011 een uitkering beschikbaar gesteld voor het opzetten van projecten voor taalcoaches. Taalcoaches zijn vrijwilligers die de inburgeraar helpen bij het leren van de Nederlandse taal, bijvoorbeeld door het samen oefenen met de taal of het gezamenlijk ondernemen van activiteiten. De verdeling is voor 2008 tot en met 2011 in artikel 23, tweede lid, en de daarbij genoemde bijlage 23a van onderhavig besluit vastgesteld.

Onderdeel I
Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO)

In artikel 27, het nieuwe onderdeel f, wordt de verdeling van het WMO-budget 2010 onder alle gemeenten vastgesteld. Daarnaast wordt in het nieuwe onderdeel e de verdeling van het WMO-budget 2009 gewijzigd. Vanaf 2008 wordt de verdeling van de middelen berekend aan de hand van objectieve criteria. Daarvoor zijn in onderdeel b van dit artikel maatstaven vastgelegd, die de WMO kostenstructuur van de gemeente weergeven. Het gaat hier om maatstaven als leeftijdsopbouw van de bevolking, huishoudensamenstelling, inkomen, aantal uitkeringsontvangers, aantal minderheden, aantallen bedden in verschillende zorginstellingen en de mate van stedelijkheid. Voor de vastgestelde uitkeringen in het jaar 2010 wordt hiervoor bijlage 27f toegevoegd en voor de wijziging van uitkeringen in het jaar 2009 wordt bijlage 27e toegevoegd.

Onderdeel J
Aanpak Marokkaans-Nederlandse probleemjongeren

Voor 2012 is een bedrag van € 12,4 miljoen beschikbaar gesteld ten behoeve van de inzet van straatcoaches en gezinsmanagers. Het doel is het terugdringen van de oververtegenwoordiging van de Marokkaans-Nederlandse jongeren bij voortijdige schoolverlaten, jeugdwerkloosheid, overlast en criminaliteit. De verdeling van de uitkering over gemeenten in 2012 is geregeld in artikel 29a, vierde lid, van onderhavig besluit en de daarbij behorende bijlage 29a-4.

Onderdeel K
Antillianengemeenten

De periode vanaf 2010 wordt gebruikt om enerzijds de problematiek van Antilliaanse risicojongeren verder terug te dringen en anderzijds de benodigde specifieke kennis en deskundigheid bij reguliere instanties onder te brengen. Hiervoor is in 2012 een bijdrage van € 4,485 miljoen beschikbaar gesteld. Het doel is het terugdringen van de oververtegenwoordiging van de Antilliaans-Nederlandse jongeren bij voortijdig schoolverlaten, jeugdwerkloosheid, overlast en criminaliteit. De verdeelsleutel is het aantal Antilliaans-Nederlandse jongeren onder de 25 jaar. De verdeling is voor 2012 in artikel 29c, vierde lid, en de daarbij genoemde bijlage 29c-4 van onderhavig besluit vastgesteld.

Onderdeel L
Herbestemming aandachtswijken

In de nota «Een cultuur van ontwerpen, visie architectuur en ruimtelijk ontwerp» is voor de periode 2009–2012 een impuls aangekondigd voor het stimuleren van herbestemming van waardevol en karakteristiek erfgoed en herontwikkeling van bijzondere terreinen in de veertig aandachtswijken. De impuls is bedoeld als financiële bijdrage in de planontwikkelingsfase van herbestemmings- en herontwikkelingsprojecten. 11 gemeenten ontvangen in 2012 op grond van artikel 29i, vierde lid, en de daarbij behorende bijlage 29i-4 in totaal € 396.095.

Onderdeel M
Herstructurering bedrijventerreinen

Voor de herstructurering van bedrijventerreinen ontvangen de gemeenten op grond van artikel 29j, vierde lid, van onderhavig besluit voor 2012 de in de daarbij behorende bijlage 29j-4 genoemde uitkeringen.

Onderdeel N
Impuls brede scholen combinatiefuncties

De Impuls brede scholen, sport en cultuur richt zich op de realisatie van combinatiefuncties. Met een combinatiefunctie wordt een functie aan school bedoeld waarbij de werknemer niet uitsluitend docent is, maar zich ook bezig houdt met sport en cultuur voor de leerlingen buiten de lesuren. Met de inzet van combinatiefuncties worden de volgende doelen beoogd:

  • de versterking van sportverenigingen met oog op hun maatschappelijke functie en de inzet van sportverenigingen voor het onderwijs, de naschoolse opvang en de wijk;

  • het stimuleren van een dagelijks sport- en beweegaanbod op en rond scholen voor alle leerlingen;

  • het bevorderen dat de jeugd tot 18 jaar vertrouwd raakt met één of meer kunst- en cultuurvormen en het onder jongeren stimuleren van actieve kunstbeoefening.

Deze uitkering wordt aan gemeenten verstrekt om zo uitbreiding van het aantal brede scholen met sport- en cultuuraanbod in het primair en voortgezet onderwijs te realiseren. Het totale bedrag dat op grond van artikel 29k, vierde lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29k-4, vanuit het Rijk beschikbaar is gesteld voor 2012, bedraagt € 47,232 miljoen.

Onderdeel O
Spoorse doorsnijdingen

Voor het opheffen of verminderen van de barrièrewerking van het spoor, ook wel spoorse doorsnijdingen genoemd, ontvangen gemeenten, genoemd in bijlage 29o-4, behorend bij artikel 29o, vierde lid, in 2012 de in die bijlage genoemde uitkering.

Onderdeel P
Gezond in de stad

De middelen van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport voor Gezond in de stad (totaal € 5,023 miljoen per jaar) zijn vanaf 2010 via een decentralisatie-uitkering voor de G31 beschikbaar gesteld. Hiermee blijven deze steden extra middelen ontvangen voor uitvoering van de gemeentelijke taken in het kader van de Wet publieke gezondheid. Daarmee kunnen de steden zich extra inzetten om gezondheidsachterstanden zoveel mogelijk terug te dringen via een wijkgerichte integrale aanpak gericht op gezonde bewoners, gezonde leefomgeving en een samenhangende eerstelijnszorg met preventief aanbod. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2012 is geregeld in artikel 29ij, derde lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29ij-3.

Onderdeel Q
Jeugd

Vanaf 2010 zijn de middelen voor het preventieve lokale jeugdbeleid gefaseerd aan het gemeentefonds toegevoegd via de decentralisatie-uitkering Jeugd (DU-Jeugd). Deze uitkering is vooralsnog bedoeld voor de G 31 aangevuld met vier van de vijf zogenoemde Ortega-gemeenten (Apeldoorn, Zoetermeer, Ede, Almere). Met de DU-Jeugd kan het preventieve lokale jeugdbeleid in brede zin vorm worden geven. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2012 (€ 25,5 miljoen) is geregeld in artikel 29dd, derde lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29dd-3.

Onderdeel R
Rolstoelvoorzieningen Arnhem

Betreft een uitkering aan de gemeente Arnhem voor extra uitgaven waarmee de gemeente zich geconfronteerd zag vanwege het verstrekken van rolstoelvoorzieningen aan bewoners in AWBZ-instellingen op grond van het per 1 april 2003 gewijzigde artikel 15 BZA/AWBZ. Vanwege de aanwezigheid van grootschalige AWBZ-instellingen voor zowel lichamelijk als verstandelijk gehandicapten neemt Arnhem voor wat betreft de gevolgen van de wijziging een uitzonderingspositie in. Arnhem ontvangt daarom € 1,4 miljoen in 2010 en € 0,3 miljoen in 2011 en 2012. De uitkering aan de gemeente Arnhem in 2012 is geregeld in artikel 29hh, derde lid, van het onderhavige besluit.

Onderdeel S
Vadercentra

Voor de realisatie van nieuwe vadercentra in Nederland en om de emancipatie en integratie van allochtone mannen en vaders te bevorderen, ontvangen 14 gemeenten een bijdrage van maximaal € 50.000 per jaar voor de periode 2010 tot en met 2012. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2012 is geregeld in artikel 29ii, derde lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29ii-3.

Onderdeel T
Versterking peuterspeelzaalwerk

Het Ministerie van SZW stelt middelen ter beschikking om voor jonge kinderen in peuterspeelzalen en kindercentra een veilige, stimulerende omgeving te creëren waarbij medewerkers in staat zijn om een risico op een taalachterstand in het Nederlands te signaleren en dat effectief aan te pakken. Door harmonisatie van de wet- en regelgeving over de kwaliteit van peuterspeelzalen met die van kindercentra ontstaat een kwaliteitsimpuls. Door deze investering worden peuterspeelzalen in een betere positie gebracht om de laagdrempelige voorziening te kunnen behouden. Er is € 35 miljoen per jaar voor kwaliteitsverbetering van peuterspeelzalen aan het gemeentefonds als decentralisatie-uitkering toegevoegd. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2012 is geregeld in artikel 29jj, derde lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29jj-3.

Onderdeel U
Vrouwenopvang

De specifieke uitkering vrouwenopvang is per 2011 omgevormd naar een decentralisatie-uitkering. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2012 van € 105, 552 miljoen is geregeld in artikel 29kk, derde lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29kk-3.

Onderdeel V
Bestaand Rotterdams gebied

In het kader van het Project Mainport Rotterdam ontvangt Rotterdam de decentralisatie- uitkering Bestaand Rotterdams gebied. Het gaat om het ontwikkelen van de Rotterdamse haven en het gelijktijdig verbeteren van het woon- en leefklimaat. De bijdrage van 2011 t/m 2015 bedraagt € 2.527.000 per jaar. De uitkering in 2012 aan de gemeente Rotterdam is geregeld in artikel 29oo, tweede lid, van het onderhavige besluit.

Onderdeel W
Eigen kracht

Ten behoeve van de uitvoering van het programma Eigen Kracht om vrouwen zonder startkwalificatie te begeleiden naar werk ontvangen 18 grote gemeenten in 2011, 2012 en 2013 € 50.000 per gemeente per jaar. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten in 2012 is geregeld in artikel 29pp, tweede lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 29pp-2.

Onderdeel X
Centra voor Jeugd en Gezin

De middelen voor de brede doeluitkering Centra voor Jeugd en Gezin zijn met ingang van 2012 toegevoegd aan het gemeentefonds. Voor de realisatie van de Centra voor Jeugd en Gezin heeft het kabinet Balkenende IV een aantal financieringstromen gebundeld tot een brede doeluitkering Centra voor Jeugd en Gezin (BDU CJG). Met ingang van 1 januari 2012 is de BDU CJG vervallen en zijn de middelen van € 368,137 miljoen conform de gemaakte afspraken aan het gemeentefonds toegevoegd. De verdeling van de decentralisatie-uitkering kent dezelfde parameters als die gebruikt zijn voor de verdeling BDU CJG. De bedragen BDU CJG waren gebaseerd op de geprognosticeerde aantallen jongeren, lage inkomens, minderheden en eenoudergezinnen voor het jaar 2010. Voor het jaar 2012 zijn de aantallen van de parameters per gemeente aangepast aan de actuele situatie. Hiervoor werden de meest recente gegevens van het CBS gebruikt. De gebruikte maatstaven in verdeelsysteem zijn opgenomen in artikel 29ss, onderdeel a, en bijbehorende bijlage 29ss-a van het onderhavige besluit.

Focusgemeenten

De zogenaamde focusgemeenten ontvangen in 2012 gezamenlijk een éénmalige bijdrage van in totaal € 1,776 miljoen voor het realiseren of doorontwikkelen van samenhangend onderwijs-zorg-arbeidsmarktbeleid op lokaal/regionaal niveau dat inwoners in staat stelt naar vermogen te participeren. In het kader van het project integrale aanpak gemeenten werken het Rijk en twaalf gemeenten (focusgemeenten) samen om kwalitatieve informatie te verwerven over (bedoelde en onbedoelde) effecten van de samenloop van maatregelen in het sociale domein voor gemeenten (en personen) en om innovatieve voorbeelden van integrale aanpakken te verzamelen en te verspreiden onder alle Nederlandse gemeenten. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 29tt en de daarbij behorende bijlage 29tt van het onderhavige besluit.

IODS kwaliteitsprojecten

De gemeente Midden-Delfland ontvangt in 2012 een bedrag van € 9,665 miljoen via een decentralisatie-uitkering. Het Rijk draagt hiermee bij aan het behoud van het karakteristieke landschap. De bijdrage is bestemd voor de zogenoemde IODS-kwaliteitsprojecten (Integrale Ontwikkeling Delft – Schiedam). Deze projecten richten zich op sanering van verspreid liggende glastuinbouw, groen ondernemen en nieuwe landbouw. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 29uu en de daarbij behorende bijlage 29uu van het onderhavige besluit.

Kwaliteitssprong Zuid

De gemeente Rotterdam ontvangt in het kader van het Nationaal Programma Kwaliteitsprong Zuid in de periode 2012–2015 € 1,4 miljoen per jaar via een decentralisatie-uitkering. Rotterdam-Zuid moet de komende 20 jaar de sprong maken naar het niveau van de vier grote steden in ons land. Dat betekent: meer werk, betere scholing en opleiding en de vestiging van ook mensen met hogere inkomens in een aantrekkelijk woongebied. Dit is de gezamenlijke ambitie waaraan de gemeente Rotterdam, het Rijk en alle overige bij Rotterdam-Zuid betrokken partijen zich hebben verbonden met het ondertekenen van het Nationaal Programma Kwaliteitsprong Zuid. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 29vv van het onderhavige besluit.

LHBT emancipatiebeleid

Via de decentralisatie-uitkering LHBT-emancipatiebeleid (LHBT: Lesbische vrouwen, Homoseksuele mannen, Biseksuelen en Transgender personen) ontvangen de gemeenten Rotterdam, Den Haag en Utrecht in 2012, 2013 en 2014 ieder € 50.000 per jaar. Daarnaast ontvangen 36 andere gemeenten in diezelfde jaren ieder € 20.000 per jaar. De doelstelling is de «veiligheid, weerbaarheid en sociale acceptatie van LHBT verder te bevorderen in Nederland en waar mogelijk ook internationaal». Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 29ww en de daarbij behorende bijlage 29ww van het onderhavige besluit.

Maatschappelijke opvang

In artikel 29xx, onderdeel b, en bijbehorende bijlage 29xx-b van het onderhavige besluit wordt de verdeling van het budget 2010 van de decentralisatie-uitkering Maatschappelijke opvang onder 43 centrumgemeenten vastgesteld. Met ingang van 1 januari 2010 ontvangen de 43 centrumgemeenten maatschappelijke opvang, openbare geestelijke gezondheidszorg en verslavingsbeleid via een decentralisatie-uitkering middelen ten behoeve van beleid op deze prestatievelden uit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Tot 1 januari 2010 ontvingen 16 centrumgemeenten voor uitvoering van dit beleid een specifieke uitkering op grond van de Wmo en de andere 27 centrumgemeenten via de Brede doeluitkering Sociaal, Integratie en Veiligheid. De middelen worden verdeeld op basis van het verdeelsysteem dat het bureau Cebeon in opdracht van VWS en de VNG heeft opgesteld. Hierover heeft de staatssecretaris van VWS de Kamer op 16 april 2009 geïnformeerd. (Kamerstukken II, 29 325, nr. 34). De gebruikte maatstaven in verdeelsysteem zijn opgenomen in artikel 29xx, onderdeel a, en bijbehorende bijlage 29xx-a van het onderhavige besluit.

Nationaal Actieprogramma Rotterdam Zuid

De gemeente Rotterdam ontvangt in 2012 éénmalig € 30 miljoen via de decentralisatie-uitkering Nationaal Actieprogramma Rotterdam-Zuid. Het doel van de bijdrage is de sloop en onteigening van woningen en is aanvullend op investeringen in de openbare ruimte en leefbaarheid in de betreffende wijken van Rotterdam. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 29yy van het onderhavige besluit.

Platform Woonoverlast

De gemeente Amersfoort ontvangt in 2012 incidenteel € 50.000 via de decentralisatie-uitkering «Platform Woonoverlast». Het doel van deze uitkering is de oprichting van een «Landelijk Platform Woonoverlast». Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 29zz van het onderhavige besluit.

Quick wins binnenhavens

Het restbudget van de regeling Quick wins Binnenvaart wordt primair ingezet voor een versterking van het landelijke netwerk van binnenhavens en inlandterminals langs achterlandverbindingen en hoofdvaarwegen. Hieraan wordt invulling gegeven door, op basis van cofinanciering, middelen beschikbaar te stellen via een decentralisatie-uitkering aan gemeenten voor een beperkt aantal havengerelateerde gebiedsontwikkelingen. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 29aaa en de daarbij behorende bijlage 29aaa van het onderhavige besluit.

Vsv-programmagelden RMC-regio’s G4

De vier grootste gemeenten ontvangen in 2012 in totaal € 6,125 miljoen voor de decentralisatie-uitkering voortijdig schoolverlaten (vsv) RMC-regio’s G4. Het schooljaar 2011–2012 is een overgangsjaar naar een nieuw vsv-instrumentarium dat vanaf schooljaar 2012–2013 in werking treedt om de aangescherpte doelstelling van maximaal 25.000 vsv-ers in 2016 te bereiken. Voor de RMC-regio’s G4 (Agglomeratie Amsterdam, Haaglanden/Westland, Rijnmond en Utrecht) wordt de bijdrage aan de G4 uitgekeerd. Deze uitkering wordt met één jaar verlengd, in de vorm van een éénmalige decentralisatie-uitkering. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 29bbb en de daarbij behorende bijlage 29bbb van het onderhavige besluit.

We Can Young

Via decentralisatie-uitkering We Can Young ontvangen 15 gemeenten in 2012, 2013 en 2014 elk € 20.000 euro per jaar. Het doel is de relationele en seksuele weerbaarheid van jongeren te vergroten en daarmee een bijdrage leveren aan de preventie van geweld tegen vrouwen. Voor 2012 is de bijdrage vastgesteld in artikel 29ccc en de daarbij behorende bijlage 29ccc van het onderhavige besluit.

Onderdeel Y
Bedrijventerreinen

In het kader van het bedrijventerreinenbeleid is afgesproken om de TOPPER-middelen te decentraliseren naar de gemeenten en provincies via een decentralisatie-uitkering in het gemeentefonds en het provinciefonds. De verdeling van de uitkering aan de provincies in 2012 is geregeld in artikel 31b, derde lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 31b-3.

Onderdeel Z
Bodemsanering

Het bodemontwikkelingsbeleid en de aanpak spoedlocaties wordt in de periode 2010–2014 tot uitvoer gebracht. Het bodembeleid is in die periode de verantwoordelijkheid van de provincies en gemeenten. De verdeling van het budget voor bodemsanering aan gemeenten en provincies in 2012 is geregeld in artikel 31c, derde lid, van onderhavig besluit en de daarbij behorende bijlage 31c-3.

Onderdeel AA
Zuiderzeelijn

De projecten uit het Regiospecifiek Pakket (RSP) Zuiderzeelijn richten zich op versterking van de ruimtelijke en economische structuur in Noord-Nederland en het verbeteren van de bereikbaarheid van deze regio, via openbaar vervoer en weg. De gelden voor de RSP onderdelen Ruimtelijk-economisch Programma en Concrete bereikbaarheidsprojecten worden uitgekeerd middels de decentralisatie-uitkering. Het doel van deze uitkering is tweeledig:

  • 1) overmaken vanuit het Provinciefonds van dat deel van de REP-middelen waarvoor de regio verantwoordelijk is. Het betreft de provincies Fryslân, Groningen, Drenthe en Flevoland;

  • 2) overmaken van het financiële deel van de concrete bereikbaarheidsprojecten waarvoor de betreffende decentrale overheid (provincie of gemeente) de contracterende partij is.

Naast de RSP is in 2012 aan deze decentralisatie-uitkering ook de REP-Zuiderzeelijn toegevoegd. Tot en met 2010 werd € 300 miljoen ingezet voor een Ruimtelijk Economisch Programma (REP), de helft daarvan rechtstreeks te beheren door de drie in het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN) samenwerkende noordelijke provincies, de andere helft te beschikken via de begroting van destijds het Ministerie van Economische Zaken, waartoe het toenmalige Ministerie van Verkeer en Waterstaat € 150 miljoen heeft overgedragen. Van dit zogenaamde «rijksREP» resteert thans nog € 107,055 miljoen aan niet-gecommitteerde financiële ruimte. In de context van de decentralisatie van het regionaal economisch beleid in het Regeerakkoord is in het bestuurlijk overleg van 18 januari 2012 door de Minister van Economische Zaken met het SNN afgesproken om ook dit rijksREP over te dragen aan de regio. Hiertoe strekt de toevoeging aan de decentralisatie-uitkering van het provinciefonds, waarbij de provincie Groningen als financieel loket fungeert voor het gehele SNN.

De uitkering aan de gemeente en provincies in 2012 is geregeld in artikel 31e, derde lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 31e-3.

Onderdeel BB
Investeringsbudget stedelijke vernieuwing (ISV)

In het coalitieakkoord van Balkenende IV (Tweede Kamer, 2006–2007, 30 891, nr. 4) is in het kader van de decentralisatie afgesproken de Wet stedelijke vernieuwing (Wsv) in te trekken. Dit is bij het afsluiten van de bestuursakkoorden met gemeenten en provincies in 2007 en 2008 herbevestigd. Het verstrekken van financiële middelen voor stedelijke vernieuwing door het Rijk aan gemeenten (de G-31, de zogenaamde rechtstreekse gemeenten) en provincies (ten behoeve van de zogenaamde niet-rechtstreekse gemeenten), vindt met ingang van 1 januari 2011 voor het tijdvak tot en met 2014 plaats via een decentralisatie-uitkering uit het gemeente- en provinciefonds. Voor de ISV zijn daarbij drie landelijke doelstellingen geformuleerd:

  • bevordering van de kwaliteit en differentiatie van de woningvoorraad voor zover nodig rekening houdend met een te verwachten afname van het aantal huishoudens;

  • bevordering van de fysieke kwaliteit van de leefomgeving;

  • bevordering van een gezonde en duurzame leefomgeving in het algemeen en meer in het bijzonder ten aanzien van bodem, geluid en binnenstedelijke luchtkwaliteit.

De zogenoemde rechtstreekse gemeenten hebben vanuit hun lokale opgaven hun gemeentelijke doelstellingen voor ISV-3 geformuleerd, waarbij deze landelijke doelstellingen als referentie dienden. Het Rijk heeft daarvoor geen prestatie-indicatoren verplicht gesteld. Dit laat gemeenten de ruimte om zelf binnen dit kader het zwaartepunt van hun afspraken te bepalen, waar tijdens vorige periodes ISV het Rijk tot in detail bepaalde waarover afspraken werden gemaakt. Door intrekken van de wet vervalt de specifieke verantwoording aan het Rijk. Er is nog slechts sprake van een horizontale verantwoording aan de gemeenteraad. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten en provincies in 2012 is geregeld in artikel 31i, tweede lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 31i-2.

Onderdeel CC
Nationale gebiedsontwikkelingen

In de bestuursafspraken 2011–2015 tussen het Rijk en de VNG/IPO/UvW (Tweede Kamer, 2010–2011, 29 544, nr. 336) is afgesproken dat de lopende nationale gebiedsontwikkelingen, projecten in het kader van het subsidiebesluit Investering Ruimtelijke Kwaliteit (BlRK) en Nota Ruimte, in aanmerking kunnen komen voor overdracht aan provincies en gemeenten. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten en provincies in 2012 is geregeld in artikel 31j, tweede lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 31j-2.

Onderdeel DD
Green Deal

Het Ministerie van BZK ondersteunt via een decentralisatie-uitkering uit het gemeente- en provinciefonds de uitvoering bij gemeenten en provincies van het Plan van Aanpak Energiebesparing Gebouwde Omgeving. Centraal in dit plan staat de voorbeeldrol van overheden ten aanzien van energiebesparing. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten en provincies in 2012 is geregeld in artikel 31k, tweede lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 31k-2.

Onderdeel EE
Sterke regio’s

Enkele regio’s en sectoren zijn economisch sterk ontwikkeld, maar extra inspanningen zijn nodig om de (internationale) concurrentiekracht van deze sterke regio’s te verstevigen. Via de decentralisatie-uitkering sterke regio’s in het gemeente- en provinciefonds ontvangen gemeenten en provincies voor een aantal projecten middelen. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten en provincies in 2012 is geregeld in artikel 31m, tweede lid, van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 31m-2.

Onderdeel FF
Invoeringskosten jeugdzorg

Voor de invoeringskosten voor de decentralisatie jeugdzorg is in 2012 € 16 miljoen beschikbaar. Hiervan wordt € 4,2 miljoen gebruikt voor de financiering van onderzoek, experimenten en het transitiebureau. € 11,8 komt via een decentralisatie-uitkering uit het gemeente- en provinciefonds ten goede aan de gemeenten en provincies voor reeds te maken invoeringskosten. De verdeling van de uitkering aan de gemeenten en provincies in 2012 is geregeld in artikel 31n van het onderhavige besluit en de daarbij behorende bijlage 31n.

Onderdeel GG

In onderdeel GG zijn de vervallen en gewijzigde bijlagen opgesomd.

Artikel II

Inwerkingtreding

Dit besluit werkt voor één uitkering terug tot en met 1 januari 2008, voor één uitkering terug tot en met januari 2009 en voor één uitkering terug tot en met 1 januari 2010. Dat zijn respectievelijk de uitkeringen die aan de gemeenten worden verstrekt ten behoeve van de Taalcoaches, ten behoeve van de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) en ten behoeve van de Maatschappelijke opvang (MO). Op grond van artikel 23 is de uitkering aan de gemeenten voor de periode 2008 tot en met 2011 voor de Taalcoaches vastgesteld (Artikel I, onderdeel H). Op grond van de maatstaven in artikel 27, onderdeel b, is de verdeling over alle gemeenten van het WMO-budget voor het jaar 2010 vastgesteld en voor het jaar 2009 gewijzigd (Artikel I, onderdeel I). Op grond van de maatstaven in artikel 29xx, onderdeel a, is de verdeling over alle gemeenten van het MO-budget voor het jaar 2010 vastgesteld (Artikel I, onderdeel X). Voor alle overige uitkeringen betreft het besluit het jaar 2012. Terugwerkende kracht levert geen nadeel op voor de provincies en de gemeenten. Zij hebben de uitkeringen reeds bij voorschot ontvangen op basis van artikel 15 van de Financiële-verhoudingswet. Over de voorlopig vastgestelde omvang ervan waren zij reeds bij circulaires voor de fondsen op de hoogte gesteld.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, R.H.A. Plasterk


X Noot
1

Tweede Kamer, vergaderjaar 2012–2013, nr. 33 400 B, nr. 18

X Noot
2

Tweede Kamer, vergaderjaar 2013–2014, nr. 33 750 B, nr. 13

XHistnoot
histnoot

Het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State wordt met de daarbijbehorende stukken openbaar gemaakt door publicatie in de Staatscourant.

Naar boven