33 640 Voorjaarsnota 2013

Nr. 1 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 24 mei 2013

1. Inleiding

De Voorjaarsnota 2013 is de eerste rapportage van het kabinet over de uitvoering van de begroting 2013. Hierin geeft het kabinet een overzicht van de wijzigingen voor het begrotingsjaar 2013 ten opzichte van de Startnota van 7 december 2012. Deze bijstellingen zijn gebaseerd op nieuwe macro-economische ramingen uit het Centraal Economisch Plan (CEP) 2013 van het Centraal Planbureau (CPB) en inzichten over de begrotingsuitvoering.

De uitvoering van de begroting 2013 wordt gekenmerkt door tegenvallers, met name als gevolg van hogere werkloosheidsuitkeringen. Ondanks de problematiek is het gelukt het uitgavenkader voor dit jaar te sluiten. Daarnaast is sprake van tegenvallende belastinginkomsten hetgeen zich vertaalt in een verslechtering van het EMU-saldo.

Het EMU-saldo 2013 komt naar verwachting uit op een tekort van 3,3 procent van het bruto binnenlands product (bbp). De EMU-schuld 2013 komt naar verwachting uit op 73,6 procent bbp. Op 29 mei komt de Europese Commissie met een aanbeveling voor Nederland ten aanzien van de buitensporigtekortprocedure. De Tweede Kamer zal hier apart over worden geïnformeerd.

Deze Voorjaarsnota is als volgt opgebouwd: paragraaf 2 gaat in op het economisch beeld voor dit jaar. Vervolgens gaat paragraaf 3 in op de uitgavenzijde van de begroting en kijkt paragraaf 4 naar de inkomstenkant. Dit resulteert in paragraaf 5 in het EMU-saldo en de EMU-schuld voor 2013. Tot slot worden in paragraaf 6 de gevolgen voor de begroting van de laatste ontwikkelingen van de economische en financiële crisis besproken.

Bijlage 1 geeft een overzicht van budgettaire kerngegevens voor dit jaar. Vervolgens geeft bijlage 2 een overzicht van interventies in de financiële sector. Bijlage 3 bevat de verticale toelichtingen op de individuele begrotingen.

2. Economisch beeld

In deze paragraaf wordt ingegaan op de ontwikkeling van de Nederlandse economie. De Voorjaarsnota is gebaseerd op het CEP 2013. Ten opzichte van het beeld van de Startnota waar deze Voorjaarsnota tegen wordt afgezet is het actuele economisch beeld voor zowel 2012 als 2013 aanzienlijk verslechterd. Vorig najaar werd gerekend op een krimp van ½ procent in 2012; dit is uitgekomen op een krimp van 1 procent. Voor 2013 werd gerekend met een economische groei van ¾ procent; in het Centraal Economisch Plan (CEP) heeft het CPB deze groeiraming met 1¼ procentpunt neerwaarts bijgesteld naar – 1/2 procent. Deels volgt dit uit de overloop van de forsere krimp in de laatste kwartalen van 2012; voor de tweede helft van 2013 verwacht het CPB herstel van de economische groei. Per saldo leveren alle binnenlandse bestedingscomponenten in 2013 een negatieve groeibijdrage. Alleen de uitvoer (binnenlands geproduceerd en wederuitvoer) levert een positieve bijdrage.

Dit verslechterde macro-economische beeld werkt door in de inkomsten en uitgaven van het Rijk. De lager dan verwachte binnenlandse consumptie en productie van nieuwbouwwoningen leidt tot minder BTW-inkomsten. De krimp van de binnenlandse productie heeft ook gevolgen voor de arbeidsmarkt: in 2013 wordt per saldo een krimp van de werkgelegenheid verwacht. Samen met een groei van het arbeidsaanbod leidt dit tot een relatief sterk oplopende werkloosheid in de CEP-raming. Dit impliceert een tegenvaller voor de uitgavenzijde van de begroting. Ook de raming van de contractloonontwikkeling is neerwaarts bijgesteld ten opzichte van vorig jaar. Dit leidt tot minder ontvangsten uit de inkomstenbelasting maar gelijktijdig tot een meevaller bij de uitgaven. De actuele raming van de lange rente laat wel een bescheiden meevaller zien voor de Nederlandse begroting.

3. Uitgaven

Totaalkader

Op diverse begrotingen is sprake van uitvoeringsproblematiek. Daarnaast leidt de verslechterde macro-economische ontwikkeling tot tegenvallers bij met name de uitgaven aan werkloosheidsuitkeringen. Ondanks de problematiek is het gelukt het uitgavenkader voor dit jaar te sluiten, onder andere door het inhouden van de prijsbijstelling.

Tabel 1 laat de mutaties per deelkader zien ten opzichte van de Startnota; het totale uitgavenkader sluit. De mutaties per deelkader worden onderstaand toegelicht. In bijlage 3 en in de suppletoire begrotingen worden de mutaties in meer detail toegelicht ten opzichte van Miljoenennota 2013. Hierin worden ook de mutaties uit hoofde van het Regeerakkoord (inclusief sociaal akkoord) meegenomen.

Tabel 1: Toetsing totaalkader

(+ = tegenvaller in miljarden euro)

2013

Totaalkader Startnota

0,0

Totaalkader Voorjaarsnota 2013

0,0

   

Kader RBG-eng Startnota

0,0

Besluitvorming Voorjaarsnota

– 0,5

Kader RBG-eng Voorjaarsnota 2013

– 0,5

   

Kader SZA Startnota

0,0

Besluitvorming Voorjaarsnota

0,6

Kader SZA Voorjaarsnota 2013

0,6

   

Kader zorg Startnota

0,0

Besluitvorming Voorjaarsnota

– 0,1

Kader zorg Voorjaarsnota 2013

– 0,1

Kader Rijksbegroting in enge zin

Onder het kader RBG-eng hebben zich ten opzichte van de Startnota diverse mutaties voorgedaan, hetgeen resulteert in onderstaande kadertoetsing.

Tabel 2: Uitvoeringsbeeld kader RBG-eng

(+ = tegenvaller in miljarden euro)

2013

Kadertoets Startnota

0,0

Macro-economische mutaties

 

Ruilvoet

0,2

GF/PF

– 0,4

HGIS

– 0,1

EU-afdrachten

0,5

Beleidsmatige en overige mutaties

 

Prijsbijstelling

– 0,6

HGIS beleid

0,1

Rechtspraak, Rechtsbijstand en DJI

0,2

Huurtoeslag

0,1

MEP

– 0,1

Woonpakket

0,1

Havenbedrijf Rotterdam

– 0,3

Overige mutaties

– 0,1

Kadertoets Voorjaarsnota 2013

– 0,5

Macromutaties

De ruilvoet laat een tegenvaller zien. In 2013 daalt de prijs nationale bestedingen harder dan de daling van uitgaven aan loon- en prijsbijstelling onder het kader ten opzichte van de verwachting bij Startnota. Dit effect zorgt voor een ruilvoetverlies.

De accresmutatie bestaat uit twee componenten. Ten eerste zijn de voor het accres 2012 relevante Rijksuitgaven bij Financieel Jaarverslag Rijk 2012 lager uitgekomen dan bij Startnota werd geraamd. Dit leidt tot een afrekening in 2013. Ten tweede neemt het accres 2013 af ten opzichte van de Startnotastand. Deze daling is onder andere het gevolg van de lagere nominale ontwikkeling, het inhouden van de prijsbijstelling en de restitutie van het Havenbedrijf Rotterdam.

Verder is sprake van een neerwaartse aanpassing van de uitgaven aan ontwikkelingssamenwerking als gevolg van een lager bruto nationaal product ten opzichte van de raming bij Startnota.

In december 2012 is overeenstemming bereikt tussen de Raad, het Europees Parlement en de Europese Commissie over een aanvullende EU-begroting 2012 (wijziging samenhangende met de Najaarsnota, Kamerstukken II, 2012–2013, 33 480-V, nr. 4) en de EU-begroting 2013. De betaling van de Nederlandse bijdrage aan de aanvullende begroting voor 2012 van 0,1 miljard euro heeft in januari 2013 plaatsgevonden. Voorts levert de vastgestelde EU-begroting 2013 een meevaller van 0,1 miljard euro op, omdat deze in omvang 2,5 miljard euro lager was dan initieel geraamd. Daarnaast wordt een aantal mutaties ingepast naar aanleiding van aanvullende begrotingsvoorstellen van de Europese Commissie voor begrotingsjaar 2013. Het betreft een mogelijke aanvullende begroting van maximaal 11 miljard euro, de toetreding van Kroatië en een technische mutatie die voortvloeit uit de EU-begroting 2012. Op basis van de voorstellen zou de additionele Nederlandse bijdrage maximaal 0,5 miljard euro incidenteel in 2013 bedragen. Hiervoor geldt dat nog overeenstemming dient te worden bereikt tussen de Raad en het Europees Parlement. De Raad heeft op 14 mei jl. met gekwalificeerde meerderheid ingestemd met een aanvullende EU-begroting 2013 van 7,3 miljard euro, mits het EP instemt met het Meerjarig Financieel Kader. Definitieve besluitvorming hierover vindt naar verwachting in de zomer plaats. Behoedzaamheidhalve is de maximale tegenvaller ingepast onder het uitgavenkader. Besluitvorming over het resterende bedrag is naar het najaar verschoven.

Beleidsmatige en overige mutaties

Het kabinet heeft besloten om de prijsbijstelling tranche 2013 voor het jaar 2013 volledig in te houden om te zorgen dat het totaalkader niet wordt overschreden. De Staten-Generaal en Overige Hoge Colleges van Staat krijgen, op grond van de bijzondere staatsrechtelijke positie in de Comptabiliteitswet, de prijsbijstelling tranche 2013 wel uitgekeerd. Ook de prijsbijstelling aan de BES is uitgekeerd.

Doordat de toerekening aan ODA van schuldkwijtschelding aan ontwikkelingslanden lager uitvalt, is in 2013 sprake van een tegenvaller van 150 miljoen euro. Hier tegenover staat dat in 2013 100 miljoen euro wordt afgeroomd van de vrije ruimte binnen het non-ODA deel van de HGIS.

VenJ ziet zich geconfronteerd met problematiek, onder andere op het terrein van de Raad voor de Rechtspraak, de Rechtsbijstand en DJI. De komende jaren wordt een stijging van de instroom bij de rechtspraak voorzien. Daarnaast stijgt de behoefte aan rechtsbijstand. Ook vallen de ontvangsten bij boeten en transacties in 2013 tegen. Om de problematiek te dekken wordt bij de rechtspraak en bij de rechtsbijstand een breed pakket aan maatregelen genomen. Ook worden verschillende beleidsbudgetten gekort. Het Masterplan DJI voorziet de sluiting van een aanzienlijk aantal gevangenissen hetgeen leidt tot een omvangrijke besparing in latere jaren. In 2013 wordt een deel van het boekwaardeverlies dat optreedt door het afstoten gereserveerd.

De huurtoeslag valt tegen. Omdat een aanpassing van de huurtoeslag in het lopende jaar niet mogelijk is, wordt de tegenvaller van 0,1 miljard euro ingepast onder het kader.

De uitgaven voor de inmiddels beëindigde subsidie Milieukwaliteit Elektriciteitsproductie (MEP) vallen lager uit vanwege een geringere te subsidiëren productie van duurzame energie. Deze lagere productie heeft geen consequenties voor het bereiken van de doelstelling voor duurzame energie in 2020.

In het Woonakkoord is afgesproken dat het Rijk de bijdrage aan startersleningen verhoogt. Daarnaast wordt een revolverend fonds ingesteld voor energiebesparende maatregelen. Het Woonakkoord is ingepast onder het uitgavenkader.

Als gevolg van een aantal meevallers bij het Havenbedrijf Rotterdam, waaronder meevallers bij de aanleg van de eerste fase van de Tweede Maasvlakte en de gedurende de realisatie afgenomen risico’s (en het navenant vervallen van de noodzaak van daarvoor benodigde risicoreserveringen) is met het Havenbedrijf Rotterdam afgesproken dat de onderneming in 2013 290 miljoen euro restitueert aan de Staat (zie ook Kamerstukken II, 2012–2013, 24 691, nr. 118).

Kader Sociale Zekerheid en Arbeidsmarkt

In het kader SZA hebben zich ten opzichte van Startnota diverse mutaties voorgedaan, hetgeen resulteert in onderstaande kadertoetsing.

Tabel 3: Uitvoeringsbeeld kader Sociale Zekerheid en Arbeidsmarkt

(+ = tegenvaller miljarden euro)

2013

Kader SZA Startnota

0,0

Macro-economische mutaties

 

w.v. Ruilvoet

0,1

w.v. WW

0,6

w.v. WWB

– 0,2

Uitvoeringsmutaties

 

w.v. Export MKOB en AO-tegemoetkoming

0,3

w.v. WWB uitkeringshoogte

0,1

w.v. Kinderopvangtoeslag

– 0,2

w.v. Ontvangsten inburgering gemeenten

– 0,1

Kader SZA Voorjaarsnota 2013

0,6

De ruilvoetmutatie is beperkt van omvang: de bijstelling van de uitgaven onder het SZA-kader als gevolg van lagere contractloonontwikkeling is nagenoeg gelijk aan de bijstelling van het kader zelf naar aanleiding van de lagere prijs nationale bestedingen. De raming van de WW-uitgaven wordt opwaarts bijgesteld, dit wordt voornamelijk veroorzaakt door hogere werkloosheidscijfers. De WWB-uitgaven worden neerwaarts bijgesteld. Dit betreft een saldo van hogere uitgaven als gevolg van een hogere werkloosheidsraming en lagere uitgaven doordat het aantal WWB-uitkeringen vorig jaar fors lager was dan verwacht.

Bij de uitvoeringsmutaties doet zich een tegenvaller voor van per saldo 0,1 miljard euro. Onderliggend is sprake van verscheidene mee- en tegenvallers. Zo is er een incidenteel besparingsverlies op de MKOB en de AO-tegemoetkoming omdat deze met terugwerkende kracht geëxporteerd worden. Verder blijkt uit uitvoeringsinformatie van de gemeenten dat de gemiddelde uitkering in 2012 hoger lag dan verwacht, wat leidt tot een opwaartse bijstelling van bijstandsuitgaven.

Hiertegenover staan meevallers op onder andere de kinderopvangtoeslag en de ontvangsten van gemeenten met betrekking tot inburgering. Op basis van uitvoeringsinformatie van de belastingdienst zijn de uitgaven aan de kinderopvangtoeslag naar beneden bijgesteld. Zowel het aantal kinderen als de afgenomen uren per kind zijn lager, de gemiddelde toeslag is juist iets hoger. Verder is sprake van een meevaller op de ontvangsten in het kader van de afrekening met gemeenten over voorgaande jaren in verband met de financiering van inburgeringvoorzieningen.

Budgettair Kader Zorg

In het BKZ hebben zich ten opzichte van Startnota diverse mutaties voorgedaan, hetgeen resulteert in onderstaande kadertoetsing.

Tabel 4: Uitvoeringsbeeld Budgettair Kader Zorg

(+ = tegenvaller in miljarden euro)

20131

Kader zorg Startnota

0

Macro-economische mutaties

0,1

Saldo mee- en tegenvallers

– 0,3

Kader zorg Voorjaarsnota 2013

– 0,1

X Noot
1

Wegens afronding wijkt de som der delen af van het totaal.

Het BKZ kent een onderschrijding van 0,1 miljard euro. Deze onderschrijding is het saldo van een ruilvoettegenvaller en mee- en tegenvallers. Bij de Zvw is per saldo sprake van een uitvoeringsmeevaller van ruim 0,4 miljard euro die grotendeels wordt veroorzaakt door lagere uitgaven aan geneesmiddelen. Bij de AWBZ is sprake van een uitvoeringstegenvaller van ruim 0,2 miljard euro. Deze tegenvaller doet zich met name voor bij zorg geleverd door AWBZ-instellingen. Verder zijn er bij de AWBZ verschillende ramingsmeevallers van in totaal 0,2 miljard euro.

Niet relevant

Bij de rente-uitgaven in de begroting van de staatsschuld is een eenmalige mutatie van 78 miljoen euro opgenomen. De mutatie betreft een administratieve correctie die betrekking heeft op de periode 2006–2012 en heeft daarom geen gevolgen voor het EMU-saldo in 2013. De mutatie wordt verder toegelicht in de eerste suppletoire begroting van IX.

4. Inkomsten

In 2013 komen de belasting- en premieontvangsten op EMU-basis volgens de huidige inzichten per saldo 8,3 miljard euro lager uit dan verwacht bij de Startnota.

Tabel 5: Belasting- en premieontvangsten 2013 op EMU-basis (in miljarden euro)
 

Stand Startnota

Stand VJN 2013

Mutatie

Belastingen en premies volksverzekeringen

182,7

175,1

– 7,6

wv. belastingen

140,8

134,2

– 6,6

wv. premies volksverzekeringen

41,9

40,9

– 1

Premies werknemersverzekeringen

54,7

54

– 0,8

Totaal

237,4

229,1

– 8,3

Tabel 6 geeft een uitsplitsing van de tegenvaller in de belasting- en premieontvangstenraming 2013 ten opzichte van de stand bij Startnota. Allereerst zijn de ontvangsten over het jaar 2012 nog 2,5 miljard euro lager uitgekomen dan werd verwacht bij Startnota. Deze tegenvaller over het vorig jaar werkt in zijn geheel door naar de ontvangsten over 2013.

Vervolgens zorgt een fors negatiever economisch beeld op basis van het CEP 2013 ten opzichte van het beeld bij Startnota voor 6,3 miljard euro lagere ontvangsten. De tegenvallende inkomsten betreffen vrijwel alle belasting- en premiesoorten, waarvan de belangrijkste bijstellingen hierna worden toegelicht.

Tabel 6: Overzicht mutaties inkomsten sinds Startnota (in miljarden euro)

Belasting- en premieontvangsten

Stand Startnota

237,4

Mutatie

– 8,3

wv. doorwerking realisatie 2012

– 2,5

wv. economisch beeld

– 6,3

wv. beleidswijzigingen

0,5

Stand Voorjaarsnota 2013

229,1

De belangrijkste tegenvallers betreffen de ontvangsten uit de vennootschapsbelasting (vpb), omzetbelasting (btw) en de loon- en inkomensheffing. De tegenvaller bij de vpb (– 2,0 miljard euro) volgt uit een fors lagere winstontwikkeling dan eerder verwacht en worden gestaafd door de realisaties over het eerste kwartaal 2013. De lagere winstontwikkeling leidt – vanwege IB-ondernemers – ook tot lagere ontvangsten uit de loon- en inkomensheffing. Aanvullend zorgen een negatievere ontwikkeling van de werkgelegenheid en een lagere loonontwikkeling voor lagere ontvangsten uit de loon- en inkomensheffing (– 2,4 miljard euro). Verder zijn er tegenvallende ontvangsten bij de btw als gevolg van lagere investeringen in nieuwe woningen en een neerwaarts bijgestelde verwachting over de particuliere consumptie (– 2,1 miljard euro). Ook de ontvangsten uit de accijnzen zijn neerwaarts bijgesteld met 0,6 miljard euro. Ten slotte is er sprake van een relatief grote tegenvaller bij de ontvangsten (0,5 miljard euro) uit de belasting op personenauto’s en motorrijwielen (bpm) op basis van een negatievere verwachting over het aantal (nieuwe) autoverkopen en tegelijkertijd een verdere vergroening van het nieuwe wagenpark.

Ten slotte is er sprake van 0,5 miljard euro hogere ontvangsten als gevolg van beleidswijzigingen die na Startnota tot stand zijn gekomen. Deze beleidswijzigingen betreffen met name de gewijzigde overgangsregeling voor de levensloopregeling en de tijdelijke btw-verlaging per 1 maart 2013 op renovatie, herstel en tuinonderhoud woningen.

5. EMU-saldo en EMU-schuld

EMU-saldo

Tabel 7 geeft de ontwikkeling van het EMU-saldo weer ten opzichte van de raming bij Startnota.

Tabel 7: Verticale toelichting EMU-saldo

(in percentage bbp)

20131

EMU-saldo Startnota

– 2,6

Inkomsten

– 1,4

Nominale ontwikkeling

0,2

Inhouden prijsbijstelling

0,1

EU-afdrachten

– 0,1

Accres GF/PF

0,1

Werkloosheidsuitgaven

– 0,1

Aardgasbaten

0,1

Crisisgerelateerde winst DNB

0,1

4G-veiling

0,6

SNS REAAL

– 0,6

EMU-saldo lokale overheden

0,1

Overige mutaties

0,2

Noemereffect

– 0,1

EMU-saldo Voorjaarsnota 2013

– 3,3

X Noot
1

Wegens afronding wijkt de som der delen af van het totaal

Het EMU-saldo laat een verslechtering zien van 0,7 procent bbp ten opzichte van de raming bij Startnota. Deze verslechtering is met name het gevolg van de afname van de belasting- en premie-inkomsten – zie voorgaande paragraaf. De uitgavenbijstellingen verbeteren per saldo het EMU-saldo.

De uitgaven voor de loon- en prijsbijstelling vallen lager uit dan geraamd bij Startnota. Dit is het gevolg van met name lagere prijzen. Dit verbetert het EMU-saldo. Ook het inhouden van de prijsbijstelling leidt tot een verbetering van het EMU-saldo – zie eveneens de toelichting bij de kadertoets RBG-eng.

De EU-afdrachten hebben een saldoverslechterend effect als gevolg van de bij de kadertoets RBG-eng genoemde mutaties. Verder heeft de mutatie in het accres – zoals toegelicht bij de kadertoets RBG-eng – een verbetering van het EMU-saldo met 0,1 procentpunt tot gevolg.

De hogere uitgaven aan werkloosheidsuitkeringen worden veroorzaakt door de hogere werkloosheid.

De raming van de aardgasbaten voor 2013 is naar boven bijgesteld door een hogere verwachte olieprijs en een hogere productie, vanwege een hogere vraag.

Aan DNB is een garantie verstrekt op zogenaamde crisisgerelateerde activa die afloopt op het moment dat de risico’s weer tot normale niveaus zijn gedaald. Deze afspraak leidt tot een hogere winstafdracht in 2013 van € 813 miljoen euro. (zie ook Kamerstukken II, 2012–2013, 33 584, nr. 8)

De frequentieveiling voor mobiele telefonie en mobiel internet vergunningen is in 2013 afgerond. Tele2 heeft zich als nieuwkomer geschaard naast de bestaande partijen KPN, Vodafone en T-Mobile om de vierde aanbieder van mobiele communicatie in Nederland te worden. De opbrengst van de veiling is 3,8 miljard euro (zie ook Kamerstukken II, 2012–2013, 24 095, nr. 328).

Op 1 februari 2013 is besloten tot nationalisatie van SNS REAAL. Het negatieve effect van deze nationalisatie op het EMU-saldo bedraagt in 2013 0,6 procent bbp (zie ook Kamerstukken II, 2012–2013, 33 532, nr. 1).

De bijstelling in het EMU-saldo lokale overheden vloeit voort uit de beter dan verwachte realisatie van het EMU-saldo van de lokale overheden over 2012. De verwachting is dat de verbetering van het EMU-saldo zich voortzet in 2013.

De overige mutaties leiden tot een verbetering van het EMU-saldo in 2013. Dit wordt grotendeel verklaard door lagere rentelasten. Tenslotte is sprake van een negatief noemereffect, omdat de raming van het bbp neerwaarts is aangepast sinds Startnota.

EMU-schuld

De EMU-schuld komt dit jaar naar verwachting uit op 73,6 procent bbp. Dit is 3,3 procentpunt hoger dan de raming bij Startnota. Tabel 8 geeft de ontwikkeling van de EMU-schuld weer ten opzichte van de raming bij Startnota.

Tabel 8: Verticale toelichting EMU-schuld

(in percentage bbp)

2013

EMU-schuld Startnota

70,3

Doorwerking schuld 2012

– 0,1

Noemereffect

1,8

Mutatie EMU-saldo

0,6

EFSF

0,1

Mutatie ING back-up faciliteit

– 0,1

Garantieverlening en overbruggingskrediet SNS

1,0

EMU-schuld Voorjaarsnota 2013

73,6

Ten eerste is de schuld in miljarden euro in 2012 beperkt lager uitgekomen dan waar in Startnota rekening mee werd gehouden, waardoor de startpositie in 2013 is verbeterd.

Daarnaast is sprake van een negatief noemereffect als gevolg van een lager bbp ten opzichte van de raming bij Startnota. Hierdoor neemt de schuld als percentage van het bbp toe.

Verder heeft de verslechtering van het EMU-saldo een verhogend effect op de schuld. Deze mutatie wijkt af van de verslechtering van het EMU-saldo in tabel 7 omdat het noemereffect apart wordt weergegeven.

De toerekening aan het EFSF is in 2013 hoger dan waar in Startnota rekening mee werd gehouden. Dit heeft een schuldverhogend effect. Voorts zorgt de mutatie in de ING back-up faciliteit voor een verbetering van de Nederlandse schuldpositie. De omvang van deze in dollar luidende verplichting is onder andere afgenomen doordat de euro is geapprecieerd ten opzichte van de dollar. Daarnaast leidt de nationalisatie van SNS REAAL tot een additionele verslechtering van de schuld.

Figuur 1 plaatst het Nederlandse EMU-saldo en de EMU-schuld in Europees perspectief.

Figuur 1: EMU-saldo en EMU-schuld 2013 (eurozone, in percentage bbp)

Figuur 1: EMU-saldo en EMU-schuld 2013 (eurozone, in percentage bbp)

Bron: European Economic Forecast – Spring 2013 (Europese Commissie), met uitzondering van Nederland, waarvoor de ramingen uit de Voorjaarsnota 2013 zijn gebruikt.

Het Nederlandse EMU-tekort is groter dan het gemiddelde van de eurozone; de schuldpositie van Nederland is beter dan het gemiddelde van de eurozone.

6. Budgettaire ontwikkelingen in het kader van de economische en financiële crisis

Om tegenwicht te bieden aan de gevolgen van de crisis voor het economische en financiële klimaat, heeft het kabinet een aantal maatregelen genomen om het financiële stelsel gezond te houden, de rust te herstellen en om de economie te ondersteunen. Deze ingrepen en hun budgettair effect worden besproken in deze paragraaf. Naast deze ingrepen hebben ook de nationalisatie van SNS REAAL en de verhoogde winstafdracht van DNB een effect op het EMU-saldo en de EMU-schuld, zoals reeds eerder vermeld. Bijlage 2 geeft een totaaloverzicht van de interventies in de financiële sector.

Lening Griekenland

In december 2012 is besloten tot het verlagen van de rentemarge op de bilaterale leningen aan Griekenland en het uitkeren aan Griekenland van de SMP-inkomsten. Deze mutaties hebben ook gevolgen voor 2013 (zie ook Kamerstukken II, 2012–2013, 33 400-IX, nr. 9).

Cyprus

Naast de bestaande leenprogramma’s voor landen uit het EFSF en ESM heeft de Eurogroep een akkoord bereikt over een steunprogramma voor Cyprus op 25 maart 2013. Cyprus zal in een periode van 3 jaar maximaal 10 miljard euro aan leningen uit het ESM en IMF ontvangen. Dit akkoord heeft geen gevolgen voor de Nederlandse schuld; leningen via het ESM zijn in tegenstelling tot leningen via het tijdelijke noodfonds EFSF niet relevant voor de schuldpositie (zie ook Kamerstukken II, 2012–2013, 21 501-07, nr. 1030).

De minister van Financiën, J.R.V.A. Dijsselbloem

BIJLAGE 1 BUDGETTAIRE KERNGEGEVENS

(in miljarden euro)

2013

Inkomsten (belastingen en sociale premies)

229,1

   

Netto uitgaven onder het uitgavenkader

242,3

Rijksbegroting in enge zin

103,1

Sociale Zekerheid en Arbeidsmarktbeleid

73,5

Budgettair Kader Zorg

65,7

Overige netto uitgaven

4,1

Gasbaten

– 12,6

Rentelasten

9,3

Zorgtoeslag

4,8

Overig

2,5

Totale netto uitgaven

246,3

   

EMU-saldo centrale overheid

– 17,3

   

EMU-saldo lokale overheden

– 2,7

   

Feitelijk EMU-saldo

– 20,0

Feitelijk EMU-saldo (in percentage bbp)

– 3,3

   

EMU-schuld (miljarden euro)

449

EMU-schuld (in percentage bbp)

73,6

   

Bruto binnenlands product (bbp)

610

BIJLAGE 2 BUDGETTAIR OVERZICHT INTERVENTIES

Tabel 1a. Budgettair overzicht interventies kredietcrisis (in miljoenen euro)

Sinds het najaar van 2008 heeft het kabinet interventies gepleegd om het financiële stelsel gezond te houden en de rust te helpen herstellen in de financiële wereld. Deze gebruikelijke bijlage geeft middels een aantal tabellen een overzicht van de verschillende interventies gerelateerd aan de kredietcrisis en eurocrisis. Het overzicht geeft de kasstromen die met de interventies gepaard gaan integraal weer. De gevolgen van de maatregelen op het EMU saldo en schuld blijven buiten beschouwing. De cijfers komen voort uit begroting (hoofdstuk IX) per stand Voorjaarsnota.

Voorjaarsnota 2013

2008–2011

2012

2013

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

     

1. ABN AMRO Group – ASR Verzekeringen

27.971

27.955

27.955

– RFS Holdings (incl. Z-share en residual N-share)

     

2. Overbruggingskrediet (voormalig) Fortis

3.750

3.750

3.750

3. Aflossingen overbruggingskredieten Fortis

 

0

0

4. Renteontvangsten overbruggingskredieten Fortis

– 1.543

– 152

– 107

5. Dividend ABN Amro Group

– 200

– 50

– 394

6. Dividend ASR Verzekeringen

0

– 71

0

7. Dividend RFS Holdings

– 22

0

0

       

Capital Relief Instrument ABN-AMRO (CRI)

     

8. Garantieverlening (geëffectueerd)

32.611

   

9. Afname voorwaardelijke verplichting (zonder uitgaven)

– 32.611

   

10. Premieontvangsten Capital Relief Instrument

– 193

   
       

Counter Indemnity ABN-AMRO (garantie)

     

11. Garantieverlening (geëffectueerd)

950

   

12. Premieontvangsten counter indemnity

– 52

– 26

– 26

       

B. Verwerving SNS Reaal

     

13. SNS Reaal (kapitalisatie holding en bank)

   

2.200

14. Overbruggingskrediet SNS Reaal

   

1.100

15. Aflossingen overbruggingskredieten SNS Reaal

     

16. Renteontvangsten overbruggingskredieten SNS Reaal

   

– 7

17. Dividend SNS Reaal N.V.

   

0

       

Vastgoedbeheerorganisatie (VBO)

     

18. Vastgoedbeheerorganisatie

   

500

19. Garantieverlening

   

5.000

20. Afname voorwaardelijke verplichting (zonder uitgaven)

     

21. Premieontvangsten garantie vastgoedbeheerorganisatie

     
       

∆ Staatsschuld (2013: 3 t/m 7 + 12 t/m 18 + 21)

29.608

– 299

3.266

       

C. Kapitaalverstrekkingsfaciliteit (€ 20 mld.)

     

22. Verstrekt kapitaal ING

10.000

   

23. Verstrekt kapitaal Aegon

3.000

   

24. Verstrekt kapitaal SNS Reaal

750

   

25. Aflossing ING

– 7.000

– 750

– 750

26. Aflossing Aegon

– 3.000

   

27. Aflossing SNS Reaal

– 185

   

28. Afboeking securities SNS Reaal

 

– 565

 

29. Couponrente ING

– 684

– 34

 

30. Couponrente Aegon

– 177

   

31. Couponrente SNS Reaal

– 39

   

32. Repurchase fee ING

– 1.347

– 341

– 375

33. Repurchase fee Aegon

– 910

   

34. Repurchase fee SNS Reaal

0

   
       

∆ Staatsschuld (2013: 22 t/m 27 + 29 t/m 34)

408

– 1.125

– 1.125

       

D. Back-up faciliteit ING EUR/USD wisselkoers:

 

1,32

1,31

35. Funding fee (rente + aflossing)

11.490

2.644

1.859

36. Management fee

145

33

29

37. Portefeuille ontvangsten (rente + aflossing)

– 10.889

– 2.434

– 1.667

38. Garantiefee

– 317

– 73

– 64

39. Additionele garantiefee

– 282

– 110

– 97

40. Additionele fee

– 146

– 46

– 42

41. Verhandelbaarheidsfee

– 

– 15

– 18

42. Saldo Back-up faciliteit

0

0

0

43. Meerjarenverplichting aan ING

10.264

7.655

6.130

44. Alt-A portefeuille

13.934

11.140

10.082

       

∆ Staatsschuld (2013: 42)

0

0

0

       

E. Garantiefaciliteit bancaire leningen (€ 200 mld.)

     

45. Garantieverlening (geëffectueerd)

50.275

   

46. Afname voorwaardelijke verplichting

– 

17.100

– 15.933

0

47. Stand openstaande garanties (cumulatief 45–46)

33.175

17.242

17.242

48. Premieontvangsten garanties bancaire leningen (saldo)

– 884

– 230

– 169

49. Schade-uitkeringen

0

0

0

       

∆ Staatsschuld (2013: 48+49)

– 884

– 230

– 169

       

F. IJsland

     

50. Uitkeringen depositogarantiestelsel Icesave

1.428

   

51. Uitvoeringskosten IJslandse DGS door DNB

7

   

52. Vordering op IJsland (oorspronkelijke hoofdsom)

919

649

649

Tussenrekening «recovery oude topping up'

33

21

 

53. Opbouw rente op vordering

93

27

25

Totale vordering (52 + cumulatief 53)

1.012

769

794

54. Ontvangsten lening IJsland (i.) aflossing

– 443

– 291

 

55. Ontvangsten lening IJsland (ii.) rente

0

0

 
       

∆ Staatsschuld (2013: 50+51+54+55)

992

– 291

0

       

∆ Staatsschuld (excl. rentelasten)

30.124

– 1.945

1.972

Staatsschuld cumulatief (excl rentelasten)

30.124

28.180

30.152

Toerekenbare rentelasten

5.173

1.040

1.061

Toelichting:

posten 13 en 14 kapitalisatie SNS Reaal N.V. en overbruggingskrediet:

In het kader van de nationalisatie van SNS Reaal N.V. zal de Staat een bedrag van 2,2 miljard aan kapitaal injecteren. Verder verstrekt de Staat een overbruggingskrediet van 1,1 miljard aan de holding.

post 18. kapitalisatie vastgoedbeheerorganisatie:

Voor het beheer van de uit te plaatsen vastgoedportefeuille zal de Staat een zelfstandige beheerorganisatie oprichten. Aan deze organisatie zal de Staat 500 miljoen aandelenkapitaal verstrekken.

post 19. garantieverstrekking vastgoedbeheerorganisatie:

De Staat garandeert de schulden van de vastgoedbeheerorganisatie voor een totaal van 5 miljard. Hiervoor zal de Staat een marktconforme premie ontvangen welke op moment van verstrekking zal worden vastgesteld.

posten 25 en 32 aflossing securities ING

ING zal in 2013 750 miljoen aan securities aflossen. Hiervoor betaalt ING de Staat een «repurchase fee» ter waarde van 375 miljoen.

post 28. Afboeking securities SNS Reaal N.V.

In navolging van de nationalisatie van SNS Reaal N.V. (1 februari 2013) boekt de Staat de in bezit zijnde securities met een nominale waarde van 565 miljoen af. De afboeking is reeds verantwoord in het departementaal jaarverslag IXB 2012.

post 43. Meerjarenverplichting aan ING Group N.V. (IABF)

De verplichting uit hoofde van de IABF luidt in dollar. De omvang van de verplichting uit hoofde van de IABF per ultimo 2013 in euro is onder andere afgenomen door de stijging van de eurodollar wisselkoers die gebruikt wordt voor de omrekening (appreciatie van de euro ten opzichte van de dollar).

Tabel 1b: Budgettair overzicht interventies Europa (in miljoenen euro)

Voorjaarsnota 2013

2008–2011

2012

2013

G. Griekenland

     

56. Lening Griekenland

3.194

5

0

57. Vordering op Griekenland

3.194

3.199

3.199

58. Ontvangsten lening Griekenland (i.) aflossing

0

0

0

59. Ontvangsten lening Griekenland (i.) premie incl. servicefee

– 145

– 41

– 32

60. Rentevergoeding Griekenland (ANFA)

 

13

13

61. Teruggave winsten SMP

   

126

       

∆ Staatsschuld (2013: 56+58 t/m 61)

 

– 23

107

       

H. Europese instrumenten

     

62. Garantieverlening NL-aandeel EU-begroting

2.826

6

 

63. Garantieverlening NL-aandeel EFSF (hoofdsom en rente)

97.782

   

64. Garantieverlening NL-aandeel ESM

0

35.445

 

65. Garantie aan DNB

0

 

5.700

66. Garantieverlening aan DNB i.v.m. ophoging middelen IMF

13.610

   

67. Stand openstaande garanties (cumulatief 62 t/m 66)

114.218

149.669

155.369

68. Stortingen EFSF

2

   

69. Stortingen ESM

0

1.829

1.829

70. Crisisgerelateerde winst DNB

0

 

– 1.034

       

∆ Staatsschuld (2013: 68 t/m 70)

2

1.829

795

       

∆ Staatsschuld (excl. rentelasten)

3.052

1.806

902

Staatsschuld cumulatief (excl rentelasten)

3.052

4.858

5.760

Toerekenbare rentelasten

86

120

173

Tabel 2: Overzicht uitstaande interventies (in miljoenen euro)

In de onderstaande tabel staan de vorderingen en verplichtingen welke vanwege de crisis (kredietcrisis en Europa) zijn aangegaan.

Balansonderdelen zijn hierbij opgenomen tegen historische aankoopprijs, conform de bepalingen van de RBV die van toepassing zijn op het onderliggende departementale jaarverslag IX.

Omschrijving:

t/m 2012

2013

Omschrijving:

t/m 2012

2013

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

             

ABN AMRO Group N.V. – ASR Nederland N.V. – RFS Holdings B.V. (incl. Z-share en residual N-share)

27.955

 

27.955

Financiering staatsschuld (ex. rentelasten)

33.038

2.874

35.912

       

Financiering uit resultaat (tabel 3)

169

784

953

       

Uitvoeringskosten

42

12

54

Overbruggingskrediet Fortis

3.750

 

3.750

       
       

Toerekenbare rente (cumulatief)

6.419

1.234

7.653

B. Verwerving SNS Reaal

             

SNS Reaal N.V.

– 

2.200

2.200

       

Overbruggingskrediet SNS

– 

1.100

1.100

C. Back-up faciliteit ING

     

Vastgoedbeheerorganisatie (VBO)

– 

500

500

Meerjarenverplichting aan ING

7.655

– 1.525

6.130

               

C.Kapitaalverstrekkingsfaciliteit (€ 20 mld.)

     

Voorziening incl. onverdeeld resultaat en transitorische posten

3.485

467

3.952

Uitstaand kapitaal ING

2.250

– 750

1.500

       

Uitstaand kapitaal SNS Reaal

– 

– 

– 

       
               

D. Back-up faciliteit ING

             

Alt-A portefeuille

11.140

– 1.058

10.082

       

Te ontvangen rente

             
               

F. IJsland

             

Oorspronkelijke vordering op IJsland

1.329

 

1.329

       

Opgebouwde rente op vordering

120

25

145

       

Ontvangsten lening IJsland

– 734

 

– 734

       

Recovery topping up

54

 

54

       

Totale vordering op IJsland

770

 

794

       
               

G. Griekenland

             

Vordering op Griekenland

3.199

– 

3.199

       
               

H. Europese instrumenten

             

Deelneming EFSF / ESM

1.831

1.829

3.660

       
       

Technische correcties

     
       

Aansluiting incl. afronding

87

– 

87

Totaal uitstaande activa:

50.895

3.846

54.740

Totaal uitstaande passiva:

50.895

3.846

54.740

Door tussentijdse afronding kan de som der delen afwijken van het totaal.

Toelichting op balansmutaties:

De totaal uitstaande activa nemen in 2013 toe met 3,8 miljard tot een totaal van 54,7 miljard.

De toename wordt verklaard uit: de verstrekking van kapitaal aan: SNS Reaal N.V. en SNS bank N.V. (2,2 mld.), de vastgoedbeheerorganisatie (0,5 mld.) en het ESM (1,8 mld.).

Aan leningen verstrekt de Staat 1,1 miljard aan SNS Reaal N.V. Op de securities betaalt ING de Staat dit jaar 750 miljoen terug. Na terugbetaling resteert een bedrag van 1,5 miljard aan hoofdsom.

Verder neemt de omvang van de Alt-A portefeuille (IABF) naar verwachting af met ca. 1 miljard. Omdat de Staat alle inkomende kasstromen benut om af te lossen op zijn verplichting aan ING, daalt de verplichting (passivazijde) eveneens.

Tot slot neemt als gevolg van renteaangroei de vordering op IJsland dit jaar toe met 25 miljoen.

Tabel 3: Overzicht toerekenbare kosten en opbrengsten (in miljoenen euro)

In deze tabel geeft een overzicht van kosten en opbrengsten van interventies. Het resultaat betreft het jaarlijkse saldo van de baten en de lasten die op kasbasis gerealiseerd worden en vallen toe te schrijven aan de crisismaatregelen. Eventuele afwaarderingen van activa (tabel 2.) worden eveneens in het resultaat meegenomen maar pas op het moment dat deze daadwerkelijk gerealiseerd zijn. Deze behandeling wijkt af van de systematiek van het EMU saldo.

(toerekenbare) Kosten

2008–2012

2013

(toerekenbare) Opbrengsten

2008–2012

2013

Omschrijving:

   

Omschrijving:

   
     

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

   

Toerekenbare rentelasten

6.419

1.234

Renteontvangsten overbruggingskredieten Fortis

1.695

107

     

Dividend RFS Holdings B.V.

22

– 

F. IJsland

   

Premieontvangsten Capital Relief Instrument

193

– 

Kosten i.v.m. topping up

52

 

Premieontvangsten counter indemnity

78

26

     

Dividend ABN Amro Group N.V. / ASR Nederland N.V.

321

394

           
     

B. SNS Reaal

   
     

Rente overbruggingskrediet

– 

7

     

Premie garantie VBO

– 

 

Overige

         

Uitvoeringskosten

42

12

C. Kapitaalverstrekkingsfacili-teit (€ 20 mld.)

   
     

Ontvangen couponrente

934

 
     

Ontvangen repurchase fees

2.598

375

G. Griekenland

         

Rentevergoeding Griekenland

13

13

D. Back-up faciliteit ING

   

Teruggave winsten SMP

 

126

Resultaat IABF (na vorming voorziening)

0

 
           

C. Kapitaalverstrekkingsfaciliteit (€ 20 mld.)

   

E. Garantiefaciliteit bancaire leningen (€ 200 mld.)

   

Afboeking SNS Reaal securities

565

 

Premieontvangsten garanties bancaire leningen (saldo)

1.114

169

           
     

F. IJsland

   
     

Opbouw rente op vordering

120

25

           
     

G. Griekenland

   
     

Ontvangsten lening Griekenland (premie & servicefee)

186

32

           
     

H. Europese instrumenten

   
     

Crisisgerelateerde winst DNB

 

1.034

           

Totale kosten:

7.091

1.385

Totale opbrengsten:

7.260

2.169

           

Saldo:

169

784

     

Door tussentijdse afronding kan de som der delen afwijken van het totaal.

Toelichting:

Het saldo van toerekenbare kosten en opbrengsten in 2013 bedraagt 784 miljoen positief. Dit saldo is niet vergelijkbaar met het EMU saldo. Van de 784 miljoen valt 30 miljoen te relateren aan de kredietcrisis en 754 miljoen aan Europese maatregelen. De Europese maatregelen zijn positief vanwege de crisisgerelateerde winst, die DNB dit jaar aan de Staat zal afdragen. De reguliere DNB winstafdracht valt buiten het kader van dit overzicht.

Tabel 4: Overzicht uitstaande garanties (in miljoenen euro)

In onderstaand overzicht staan de uitstaande garanties die in het kader van de kredietcrisis en Europa verstrekt zijn.

Omschrijving:

2008–2012

2013

A. Verwerving Fortis/RFS/AA

     

Counter indemnity

950

 

950

       

B. Verwerving SNS Reaal

     

Garantie Vastgoedbeheerorganisatie

 

5.000

5.000

       

E. Garantiefaciliteit bancaire leningen (€ 200 mld.)

     

Garantieloket

17.242

– 

17.242

       

H. Europa

     

Garantie EU-begroting

2.832

– 

2.832

Garantie EFSF

97.782

– 

97.782

Garantie ESM

35.445

– 

35.445

Garanties aan DNB

13.610

5.700

19.310

       

Saldo openstaande garanties:

167.861

10.700

178.561

BIJLAGE 3: VERTICALE TOELICHTING

De verticale toelichting bevat een cijfermatig overzicht voor alle begrotingen van budgettaire veranderingen die zich hebben voorgedaan in de uitgaven en niet-belastingontvangsten sinds de Ontwerpbegroting 2013, zodoende inclusief alle mutaties die hebben plaatsgevonden n.a.v. het regeerakkoord en de herverkaveling van de begrotingen. Dit sluit aan op de mutaties zoals gepresenteerd in de suppletoire begrotingen van de departementen. Onderstaande tabel geeft inzicht in het totaal van mutaties per begroting. Verder wordt per begroting een cijfermatig overzicht gepresenteerd van de voornaamste mutaties, gevolgd door een toelichting hierop. Voor een meer gedetailleerde toelichting op de mutaties wordt verwezen naar de afzonderlijke suppletoire begrotingen.

De verticale toelichting onderscheidt drie categorieën mutaties:

  • 1. mee- en tegenvallers;

  • 2. beleidsmatige mutaties;

  • 3. technische mutaties.

Alle overboekingen, desalderingen, statistische correcties en mutaties die niet tot een ijklijn behoren, zijn in de laatste categorie technische mutaties geclusterd. Overigens hebben vrijwel alle overboekingen en desalderingen wél een beleidsmatig karakter. Dit komt tot uitdrukking in de toelichtingen. Ingeval samenhangende mutaties in meerdere categorieën voorkomen, worden deze eenmaal toegelicht.

De totalen per begroting worden in eerste instantie gepresenteerd exclusief de bedragen die onder de Homogene Groep Internationale Samenwerking (HGIS) vallen. Door middel van een aansluitregel wordt het deel van de begroting dat onder HGIS valt, zichtbaar gemaakt. De veranderingen die optreden binnen het HGIS-deel van de begroting worden gepresenteerd en toegelicht in de verticale toelichting van alle HGIS-uitgaven.

De laatste regel geeft per begroting de totaalstand inclusief HGIS aan.

De ondergrens is afhankelijk van de omvang van de begroting en verschilt voor de verschillende categorieën mutaties. De post diversen bevat de mutaties die onder de ondergrens vallen en wordt in principe alleen toegelicht, indien zich bijzonderheden voordoen.

Samenvattend overzicht mutaties per begroting

 

Bedragen in miljoenen euro’s

Mutaties uitgaven

Mutaties ontvangsten

Mutaties totaal 2013

Departementale begrotingen

I

De koning

0

0

0

IIA

Staten Generaal

5

2

3

IIB

Hoge Colleges van Staat

8

1

7

III

Algemene Zaken

2

2

– 1

IV

Koninkrijksrelaties

14

0

14

V

Buitenlandse Zaken

474

– 33

508

VI

Veiligheid en Justitie

905

– 113

1.018

VII

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

– 3.954

– 617

– 3.337

VIII

Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

449

– 32

481

IXA

Nationale Schuld

654

241

413

IXB

Financiën

3.930

761

3.169

X

Defensie

– 26

– 24

– 2

XII

Infrastructuur en Milieu

93

1

92

XIII

Economische Zaken

– 132

4.406

– 4.537

XV

Sociale Zaken en Werkgelegenheid

331

96

235

XVI

Volksgezondheid, Welzijn en Sport

25

73

– 48

XVII

Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

0

33

– 33

XVIII

Wonen en Rijksdienst

3.171

626

2.545

Overig

 

Sociale Zekerheid

581

143

438

 

Budgettair kader Zorg

– 226

– 105

– 121

 

Gemeentefonds

– 74

0

– 74

 

Provinciefonds

390

0

390

 

Infrastructuurfonds

66

66

0

 

Diergezondheidsfonds

5

5

0

 

Accres Gemeentefonds

0

0

0

 

Accres Provinciefonds

0

0

0

 

BES fonds

2

0

2

 

Deltafonds

67

67

0

 

Prijsbijstelling

– 911

0

– 911

 

Arbeidsvoorwaarden

– 427

0

– 427

 

Koppeling Uitkeringen

4

0

4

 

Wet Indexering Studiefinanciering

– 81

0

– 81

 

Aanvullende Post Algemeen

– 1.423

0

– 1.423

Homogene Groep Internationale Samenwerking

94

0

94

I De Koning

I DE KONING: UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

39,9

39,8

39,7

39,6

39,6

Mee- en tegenvallers

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

0,2

0,3

0,3

0,3

0,3

 

0,2

0,3

0,3

0,3

0,3

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

0,2

0,3

0,3

0,3

0,3

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

40,2

40,1

40,0

39,9

39,9

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

40,2

40,1

40,0

39,9

39,9

IIA Staten-Generaal

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

135,9

133,9

135,8

135,5

132,5

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

1,4

0,0

0,0

– 1,1

– 2,3

 

1,4

0,0

0,0

– 1,1

– 2,3

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

3,3

3,3

3,3

3,5

3,5

 

3,3

3,3

3,3

3,5

3,5

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

4,7

3,3

3,3

2,4

1,2

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

140,6

137,1

139,1

137,8

133,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

140,6

137,1

139,1

137,8

133,7

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

3,0

3,0

3,0

3,0

3,0

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

2,2

2,2

2,2

2,2

2,2

 

2,2

2,2

2,2

2,2

2,2

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

2,2

2,2

2,2

2,2

2,2

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

5,2

5,2

5,2

5,2

5,2

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

5,2

5,2

5,2

5,2

5,2

Beleidmatige mutaties – Diversen

Onder deze post valt onder andere de maatregel A1 uit het regeerakkoord.

Technische uitgavenmutaties – Diversen

Onder deze post valt onder andere de uitgekeerde prijsbijstelling tranche 2013.

IIB Overige Hoge Colleges van Staat

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

111,9

111,0

106,3

105,8

105,6

Mee- en tegenvallers

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

2,5

1,6

1,6

1,6

1,7

 

2,5

1,6

1,6

1,6

1,7

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

4,1

2,2

2,7

0,8

– 1,0

 

4,1

2,2

2,7

0,8

– 1,0

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

1,4

0,8

1,0

1,0

1,0

 

1,4

0,8

1,0

1,0

1,0

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

7,9

4,6

5,2

3,4

1,7

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

119,9

115,6

111,5

109,2

107,3

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

119,9

115,6

111,5

109,2

107,3

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

5,3

5,3

5,3

5,3

5,3

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

0,7

0,4

0,4

0,4

0,4

 

0,7

0,4

0,4

0,4

0,4

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

0,7

0,4

0,4

0,4

0,4

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

6,0

5,7

5,7

5,7

5,7

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

6,0

5,7

5,7

5,7

5,7

Mee- en tegenvallers mutaties – Diversen

In 2013 en verder is een hoger aantal beroepszaken binnen de vreemdelingenketen voorzien. Hiervoor is extra capaciteit nodig in die jaren. Mutaties op het budget voor het hoger beroep vreemdelingen onderdeel asielzaken, die tot nu toe automatisch generaal verwerkt werden, zullen in de toekomst onder het reguliere (specifieke) regime vallen, gelijk aan de rest van de asielketen.

Beleidsmatige mutaties – Diversen

Onder deze post valt onder andere de maatregel A1 uit het regeerakkoord.

Technische mutaties – Diversen

Onder deze post valt onder andere de uitgekeerde prijsbijstelling tranche 2013.

III Algemene Zaken

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

62,2

60,9

62,2

61,8

61,5

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

0,6

0,0

0,0

0,0

0,0

 

0,6

0,0

0,0

0,0

0,0

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

0,9

– 1,3

0,1

0,1

0,1

 

0,9

– 1,3

0,1

0,1

0,1

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

1,5

– 1,3

0,1

0,1

0,1

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

63,7

59,6

62,2

61,9

61,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

63,7

59,6

62,2

61,9

61,6

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

6,6

6,5

6,5

6,5

6,5

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

2,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

2,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

 

0,1

0,0

0,0

0,0

0,0

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

2,2

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

8,8

6,5

6,5

6,5

6,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

8,8

6,5

6,5

6,5

6,5

IV Koninkrijksrelaties

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

277,5

257,1

256,5

240,0

272,9

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Eindejaarsmarge

14,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

– 1,0

 

14,0

0,0

0,0

0,0

– 1,0

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

 

0,1

0,1

0,1

0,1

0,1

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

14,1

0,1

0,1

0,1

– 0,9

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

291,6

257,2

256,6

240,1

272,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

291,6

257,2

256,6

240,1

272,0

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

32,9

32,2

31,8

31,8

31,8

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

32,9

32,2

31,8

31,8

31,8

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

32,9

32,2

31,8

31,8

31,8

Eindejaarsmarge

In 2012 zijn diverse budgetten niet volledig tot besteding gekomen. Deze middelen (6,2 mln.) gaan via de eindejaarsmarge over naar 2013. Daarnaast is door een storing in het betalingsverkeer een betaling aan het Fondo Desaroyo Aruba (FDA) ter waarde van 7,8 mln. niet in 2012 uitgevoerd. Het benodigde bedrag is daarom van 2012 overgeheveld naar 2013.

V Buitenlandse Zaken

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

7.389,7

7.794,6

8.097,4

8.354,2

8.551,4

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

EU-afdrachten

474,3

0,0

0,0

0,0

0,0

 

474,3

0,0

0,0

0,0

0,0

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

474,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

7.864,0

7.794,6

8.097,4

8.354,2

8.551,4

Totaal Internationale samenwerking

1.417,5

1.673,1

1.667,5

1.564,4

1.569,7

Stand Voorjaarsnota 2013

9.281,6

9.467,6

9.764,9

9.918,5

10.121,1

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

718,5

725,2

731,3

739,8

754,6

Technische mutaties

         

Niet tot een ijklijn behorend

         

Herverkaveling

– 33,2

– 27,5

– 20,9

– 16,4

– 18,1

 

– 33,2

– 27,5

– 20,9

– 16,4

– 18,1

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

– 33,2

– 27,5

– 20,9

– 16,4

– 18,1

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

685,3

697,7

710,4

723,3

736,5

Totaal Internationale samenwerking

101,9

101,9

101,9

101,9

101,9

Stand Voorjaarsnota 2013

787,2

799,6

812,3

825,2

838,4

EU-afdrachten

In december 2012 is overeenstemming bereikt tussen de Raad, het Europees Parlement en de Europese Commissie over een aanvullende EU-begroting 2012 (wijziging samenhangende met de Najaarsnota, kamerstuk 33 480 V nr. 4) en de EU-begroting 2013. De betaling van de Nederlandse bijdrage aan de aanvullende begroting voor 2012 ad 0,1 miljard euro heeft in januari 2013 plaatsgevonden. De vastgestelde EU-begroting 2013 levert een meevaller van 0,1 mld. op, omdat deze in omvang 2,5 mld. lager was dan initieel geraamd. Daarnaast wordt een aantal mutaties ingepast naar aanleiding van aanvullende begrotingsvoorstellen van de Europese Commissie voor begrotingsjaar 2013. Het betreft een aanvullende begroting van ruim 11 mld., de toetreding van Kroatië en een technische mutatie die voortvloeit uit de EU-begroting 2012. Op basis van de voorstellen zou de additionele Nederlandse bijdrage 0,5 mld. bedragen. Hiervoor geldt dat nog overeenstemming dient te worden bereikt tussen de Raad en het Europees Parlement. Naar verwachting vindt in de zomer definitieve besluitvorming hierover plaats.

Herverkaveling

Dit betreft een technische mutatie in het kader van de herverkaveling tussen de begroting van BuZa en de begroting van BH&OS.

VI Veiligheid en Justitie

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

11.157,8

10.918,3

10.759,9

10.721,8

10.622,9

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

A1 rijksoverheid (incl.zbo's)

0,0

0,0

0,0

– 109,0

– 245,0

B11 doelmatiger strafrechtsketen

0,0

– 30,0

– 60,0

– 60,0

– 60,0

Eindejaarsmarge 2012

55,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Inzet eindejaarsmarge

– 55,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Inzet prijsbijstelling

– 66,1

– 2,2

0,0

0,0

0,0

Kasschuif dji

28,8

10,5

38,8

26,2

– 39,2

Leges ind

24,0

24,0

36,0

36,0

36,0

Maatregelen rechtsbijstand: overige maatregelen rechtsbijstand

– 5,0

– 17,0

– 25,7

– 26,0

– 23,0

Oda-toerekening eerstejaars asielopvang (naar buza)

– 26,3

– 32,0

– 31,2

– 31,4

– 31,4

Ova tranche 2013

23,5

23,5

23,5

23,5

23,5

Pontons dji

37,5

0,0

0,0

0,0

0,0

Reorganisatiemiddelen nationale politie

30,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Trendmatige ontwikkeling rechtspraak en rechtsbijstand

– 26,0

98,9

108,1

127,9

159,0

Diversen

5,3

– 32,7

– 28,9

– 38,9

– 39,5

 

25,7

43,0

60,6

– 51,7

– 219,6

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Ejm dgvz (van bzk)

38,5

0,0

0,0

0,0

0,0

Invlechten dg vz (van bzk)

814,2

788,5

693,3

673,2

651,4

Diversen

26,2

14,7

15,9

15,8

15,5

 

878,9

803,2

709,2

689,0

666,9

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

904,6

846,2

769,9

637,3

447,3

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

12.062,3

11.764,5

11.529,8

11.359,1

11.070,3

Totaal Internationale samenwerking

46,4

48,3

42,4

40,3

34,1

Stand Voorjaarsnota 2013

12.108,8

11.812,8

11.572,2

11.399,3

11.104,4

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

1.362,1

1.364,8

1.343,2

1.355,2

1.365,2

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Boetes en transacties

– 65,0

– 34,9

– 33,2

– 33,8

– 26,7

I91 doorberekenen kosten strafzaken en detentie aan veroorzaker

0,0

0,0

60,0

60,0

60,0

Trendmatige ontwikkeling rechtspraak en rechtsbijstand

– 47,0

– 23,4

– 6,2

9,8

26,7

 

– 112,0

– 58,3

20,6

36,0

60,0

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

– 1,3

– 1,3

– 1,3

– 1,3

– 1,3

Niet tot een ijklijn behorend

         

Diversen

0,0

0,0

10,0

10,0

10,0

 

– 1,3

– 1,3

8,7

8,7

8,7

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

– 113,3

– 59,6

29,3

44,7

68,7

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

1.248,8

1.305,2

1.372,5

1.399,9

1.433,9

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

1.248,8

1.305,2

1.372,5

1.399,9

1.433,9

A1 Rijksoverheid (incl. ZBO’s)

Dit betreft maatregel A1 uit het regeerakkoord.

B11 Doelmatiger Strafrechtsketen

Dit betreft maatregel B11 uit het regeerakkoord.

Eindejaarsmarge 2012

Bij Voorjaarsnota 2013 wordt de eindejaarsmarge van 2012 aan de begroting van VenJ toegevoegd.

Inzet Eindejaarsmarge

De eindejaarsmarge wordt ingezet om VenJ-brede problematiek te dekken, onder andere voor de afstoting van detentiepontons door de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI).

Inzet Prijsbijstelling

De prijsbijstelling die nog gereserveerd stond op de begroting van VenJ wordt ingezet om een deel van de VenJ-brede problematiek te dekken.

Kasschuif DJI

Op 22 maart is de Kamer geïnformeerd over het Masterplan DJI (zie TK 24 587 nr. 490). In het Masterplan wordt onder meer ingezet op elektronische detentie en uitbreiding van het aantal meerpersoonscellen. De uitvoering van het Masterplan DJI brengt naast de frictiekosten ten aanzien van vastgoed (zie Verticale Toelichting van de Aanvullende Post) ook andere frictiekosten met zich mee, onder andere frictiekosten die gepaard gaan met het inkrimpen van het personeelsbestand van DJI. Deze kosten worden volledig gedragen door VenJ en ingepast door middel van een kasschuif. Deze schuif heeft betrekking op de periode 2013 tot en met 2018.

Leges IND

De leges die de IND heft voor onder andere gezinsmigratie moeten vanwege uitspraken van het Europees Hof van Justitie en de Raad van State worden verlaagd. Hierdoor ontstaat een structurele tegenvaller op de legesontvangsten. De bijdrage van VenJ aan de IND wordt daarom structureel verhoogd.

Maatregelen rechtsbijstand: overige maatregelen rechtsbijstand

Om de geraamde stijging in de kosten bij de rechtspraak en rechtsbijstand te dekken worden verschillende maatregelen ingevoerd. De meeste van deze maatregelen zullen vanaf 2014 tot besparingen leiden, deze worden bij Miljoenennota gepresenteerd. Enkele maatregelen zullen reeds in 2013 tot lagere uitgaven leiden. Voorbeelden hiervan zijn een tweede tranche verlaging van de vergoeding van rechtsbijstandverleners en een generieke verhoging van de eigen bijdrage.

ODA-toerekening eerstejaars asielopvang

Door lagere asielinstroom vallen de uitgaven aan de eerstejaars asielopvang lager uit. Hierdoor worden er minder uitgaven toegerekend voor ontwikkelingssamenwerking (ODA)

OVA (Overheidsbijdrage in de Arbeidskostenontwikkeling) tranche 2013

Deze indexeringsafspraak is vastgelegd in het zogenaamde OVA-convenant. Een deel van de loonkosten die door de VenJ-begroting worden gedragen valt onder het OVA-convenant. Hierin is geregeld dat de lonen in de zorgsectoren jaarlijks worden geïndexeerd volgens de gemiddelde stijging van de lonen in de marktsector. Dit heeft betrekking op onder andere het zorgpersoneel in het gevangeniswezen. Deze automatische indexering zorgt voor jaarlijks 23,5 mln. aan hogere loonkosten bij VenJ.

Pontons DJI

Voor de besluitvorming over het Masterplan DJI had plaatsgevonden, was reeds besloten de drijvende gevangenissen in Zaandam, ook wel detentiepontons of «de bajesboten» genoemd, te sluiten en af te stoten. Er is geen andere aanwending gevonden voor deze pontons. De afstoot en uiteindelijke sloop van de pontons brengen kosten ter grootte van 37,5 mln. met zich mee. Deze tegenvaller wordt gedekt uit de eindejaarsmarge.

Reorganisatiemiddelen nationale politie

De vorming van de nationale politie gaat gepaard met een personele reorganisatie, waar alle (voormalige) medewerkers van de 25 regionale korpsen, het KLPD (korps Landelijke Politiediensten) en de VtSPN (Voorziening tot samenwerking Politie Nederland) bij betrokken zijn. Voor deze kosten is bij het Regeerakkoord van het Kabinet Rutte I een bedrag gereserveerd op de Aanvullende Post algemeen. Het in 2013 beschikbare bedrag van 30 mln. wordt bij eerste suppletoire begroting aan de begroting van VenJ toegevoegd.

Trendmatige ontwikkeling Rechtspraak en Rechtsbijstand

De komende jaren wordt een stijging van de instroom bij de rechtspraak voorzien. Ook de behoefte aan Rechtsbijstand blijft stijgen. Het totale tekort voor de Rechtspraak en de Rechtsbijstand in 2018 bedraagt 137,5 mln.

Diversen

De post diversen is een optelling van verschillende kleinere mutaties. Voor het grootste deel betreft dit besparingen door de verlaging van diverse programmabudgetten. Zo wordt bijvoorbeeld het grensmanagementsysteem PARDEX niet doorgezet en zullen verschillende subsidies worden afgebouwd. Deze middelen worden ingezet ter dekking van de problematiek op de VenJ-begroting. Daarnaast is er sprake van overlopende verplichtingen uit 2012 die worden betaald in 2013. Als laatste wordt ter dekking van de kosten samenhangend met de reorganisatie van het CJIB, waarbij de personele capaciteit (neerwaarts) wordt aangepast aan de huidige werkzaamheden, een voorziening getroffen ter grootte van 7,5 mln. Deze voorziening is bestemd voor sociaal flankerend beleid (afvloeiingsregeling, omscholing, bijscholing, begeleiding van werk naar werk, wachtgeldregeling).

EJM DG VZ (van BZK)

In verband met de overgang van Vreemdelingenzaken van BZK naar VenJ wordt het deel van eindejaarsmarge van BZK dat betrekking had op Vreemdelingenzaken toegevoegd aan de begroting van VenJ.

Invlechten DG VZ

In het Regeerakkoord is besloten dat de verantwoordelijkheid voor asiel en immigratie overgaat van het ministerie van BZK naar het ministerie van VenJ. Het budget op de BZK begroting dat betrekking had op Vreemdelingenzaken wordt toegevoegd aan de begroting van VenJ.

Diversen

De post diversen is het saldo van verschillende mutaties. De grootste mutatie betreft een gedeelte van de loonbijstelling dat structureel aan de begroting wordt toegevoegd. De loonbijstelling bestaat alleen uit een vergoeding voor gestegen sociale lasten.

VII Binnenlandse Zaken

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

4.789,8

4.541,0

4.484,4

4.556,5

4.648,2

Mee- en tegenvallers

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Huurtoeslag

0,0

6,0

13,0

55,0

110,8

 

0,0

6,0

13,0

55,0

110,8

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

A1 rijksoverheid (incl zbo's)

0,0

0,0

0,0

– 43,0

– 97,0

B12 aivd

0,0

– 10,0

– 23,0

– 35,0

– 45,0

J102 maatregel huurmarkt

45,0

135,0

225,0

315,0

420,0

Diversen

10,5

3,0

– 14,0

– 28,6

– 30,6

 

55,5

128,0

188,0

208,4

247,4

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Ejm naar v&j

– 38,5

0,0

0,0

0,0

0,0

Herverkaveling

– 3.974,1

– 4.080,5

– 4.124,5

– 4.325,7

– 4.581,0

Herverkaveling a1 rijksoverheid (incl zbo's)

0,0

0,0

0,0

14,5

33,7

Negatieve ejm ht

30,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

23,4

11,9

11,7

11,8

11,8

Niet tot een ijklijn behorend

         

Herverkaveling

– 20,2

– 35,2

– 35,2

– 35,2

– 35,2

Vut-fonds

– 30,0

70,0

0,0

0,0

0,0

 

– 4.009,4

– 4.033,8

– 4.148,0

– 4.334,6

– 4.570,7

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

– 3.953,8

– 3.899,8

– 3.947,0

– 4.071,1

– 4.212,5

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

836,0

641,3

537,4

485,4

435,7

Totaal Internationale samenwerking

1,0

1,0

0,5

0,4

0,4

Stand Voorjaarsnota 2013

836,9

642,2

537,8

485,8

436,1

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

712,7

985,5

1388,7

698,7

668,6

Mee- en tegenvallers

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

– 0,2

– 0,5

– 4,6

– 0,4

0,0

 

– 0,2

– 0,5

– 4,6

– 0,4

0,0

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Herverkaveling

– 602,6

– 586,1

– 581,5

– 582,1

– 601,4

Diversen

– 9,8

0,0

0,0

0,0

0,0

Niet tot een ijklijn behorend

         

Liquiditeitsbehoefte vut-fonds

0,0

10,0

30,0

0,0

0,0

Diversen

– 4,0

– 4,0

– 4,0

– 1,0

– 3,0

 

– 616,4

– 580,1

– 555,5

– 583,1

– 604,4

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

– 616,6

– 580,6

– 560,1

– 583,5

– 604,4

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

96,1

404,9

828,6

115,1

64,1

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

96,1

404,9

828,6

115,1

64,1

Huurtoeslag

De oploop van de werkloosheid en de in het regeerakkoord voorgenomen verkorting van de WW leiden tot hogere uitgaven voor de huurtoeslag. Als gevolg van de herverkaveling zijn deze middelen overgeheveld naar de begroting van W&R.

A1 Rijksoverheid (incl. ZBO’s)

Dit betreft de maatregel A1 van het regeerakkoord. Als gevolg van doorverdelingseffecten heeft er een wijziging plaatsgevonden in de reeks van de taakstelling op de bedrijfsvoering.

B12 AIVD

Dit betreft maatregel B12 van het regeerakkoord.

J102 Maatregel huurmarkt

In het woonakkoord is besloten om het budget voor de huurtoeslag te verhogen conform het regeerakkoord, waarmee de laagste inkomensgroep wordt ontzien voor de inkomensafhankelijke huurverhoging. Als gevolg van de herverkaveling zijn deze middelen overgeheveld van BZK naar de begroting van W&R.

Diversen

Onder deze post valt onder andere de regeerakkoord maatregel A3 verlaging topinkomens publieke sector. Alle departementen delen mee met de invulling van de maatregel, afhankelijk van het aandeel topinkomens per departement.

EJM naar V&J

Als gevolg van de herverkaveling van BZK is het aandeel van het Directoraat Generaal Vreemdelingenzaken in de totale eindejaarsmarge van BZK overgeboekt naar VenJ.

Herverkaveling

Als gevolg van de herverkaveling zijn middelen overgeboekt van BZK naar de begrotingen van VenJ, SZW en W&R. Tevens heeft BZK middelen ontvangen van Financiën.

Herverkaveling A1 rijksoverheid (incl ZBO’s)

Als gevolg van de herverkaveling is een deel van de apparaattaakstelling overgeboekt van BZK naar de begrotingen van VenJ en SZW. Tevens heeft BZK een deel van de apparaattaakstelling ontvangen van het ministerie van FIN.

Negatieve EJM Huurtoeslag

BZK heeft het aandeel van het Directoraat Generaal Wonen en Bouwen in de totale eindejaarsmarge van BZK overgeboekt naar de begroting van W&R.

Diversen

Sinds 1 januari 2013 is Doc-Direkt geen agentschap meer. Hierdoor komen de uitgaven (voornamelijk personeel en materieel) ten laste van het centraal apparaatsartikel van BZK en zijn de uitgaven geen bijdrage aan een baten-lastendienst meer.

VUT-fonds

Op grond van nadere analyses blijkt dat steeds meer mensen besluiten later gebruik te maken van FPU. De leenbehoefte van het VUT-fonds wijzigt derhalve. In 2016 is het volledige leenbedrag van het VUT-fonds terugbetaald aan het Rijk.

Diversen

Met de in beheer name van de online raadpleegbare reisdocumentenadministratie (ORRA) door het agentschap basisadministratie persoonsgegevens en reisdocumenten (BPR) was in het financieringsarrangement modernisering GBA/ORRA een opbrengst voorzien van 25 mln. Nu de ORRA niet doorgaat, zal er ook geen ontvangst binnenkomen. Het geraamde bedrag wordt derhalve van de begroting van BZK afgehaald.

VIII Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

34.007,0

34.257,6

34.210,7

34.283,1

34.564,1

Mee- en tegenvallers

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Bijstelling autonome raming studiefinanciering

– 70,9

– 70,9

– 70,9

– 70,9

– 70,9

Leerlingen volume referentieraming 2013

60,0

60,0

60,0

60,0

60,0

 

– 10,9

– 10,9

– 10,9

– 10,9

– 10,9

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

A1 rijksoverheid (incl. zbo's)

0,0

0,0

0,0

– 24,0

– 54,0

D17 schrappen subsidies

0,0

– 100,0

– 200,0

– 200,0

– 200,0

D19 leerwegondersteunend onderwijs

0,0

0,0

– 15,0

– 50,0

– 50,0

D20 afschaffen maatschappelijke stages

0,0

0,0

0,0

– 50,0

– 55,0

D21 afschaffen gratis schoolboeken

0,0

0,0

– 85,0

– 275,0

– 275,0

D22 minder opleidingen en macrodoelmatigheid mbo

0,0

0,0

0,0

0,0

– 60,0

D23 samenvoegen kenniscentra mbo

0,0

0,0

– 40,0

– 80,0

– 80,0

D24 minder opleidingen ho (incl. kunstopleidingen)

0,0

0,0

0,0

– 70,0

– 90,0

D25 verminderen overhead ho

0,0

– 15,0

– 33,0

– 50,0

– 65,0

D26 sociaal leenstelsel

0,0

0,0

0,0

– 15,0

– 55,0

D27 ov kaart – kortingskaart

0,0

0,0

0,0

– 5,0

– 45,0

D30 verdubbeling intensivering leerkrachten vo (bèta, jong academisch)

15,0

20,0

30,0

35,0

0,0

D31 schrappen maatregel langstudeerders

263,0

220,0

230,0

230,0

230,0

Digitale collectie nationaal archief

28,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Eindejaarsmarge (toevoeging)

227,1

0,0

0,0

0,0

0,0

I92 publieke omroep

0,0

0,0

0,0

– 50,0

– 100,0

I92 publieke omroep (overheveling pf)

0,0

142,0

142,0

142,0

142,0

Intertemporele compensatie eindejaarsmarge (kasschuiven)

– 57,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Intertemporele compensatie langstudeerders

– 62,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Intertemporele compensatie ov kaart

125,0

– 125,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

– 60,0

58,2

4,9

– 17,8

– 41,8

 

479,0

200,2

33,9

– 479,8

– 798,8

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Loonbijstelling werkgeverslasten tranche 2013

41,4

41,3

41,2

41,1

41,4

Diversen

– 23,9

– 8,2

– 5,1

8,3

12,4

Niet tot een ijklijn behorend

         

D26 sociaal leenstelsel

0,0

– 25,0

– 165,0

– 220,0

– 255,0

D27 ov kaart – kortingskaart

0,0

0,0

0,0

– 270,0

– 250,0

Diversen

– 36,9

– 36,9

– 36,9

– 36,9

– 36,9

 

– 19,4

– 28,8

– 165,8

– 477,5

– 488,1

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

448,7

160,5

– 142,8

– 968,2

– 1.297,8

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

34.455,7

34.418,1

34.067,9

33.314,9

33.266,3

Totaal Internationale samenwerking

69,0

62,8

62,8

62,8

57,7

Stand Voorjaarsnota 2013

34.524,7

34.480,8

34.130,6

33.377,6

33.324,0

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

1.190,5

1.251,2

1.296,2

1.356,2

1.402,8

Mee- en tegenvallers

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Renteontvangsten

– 47,3

– 49,9

– 53,4

– 55,3

– 51,9

Diversen

17,0

17,0

17,0

17,0

17,0

 

– 30,3

– 32,9

– 36,4

– 38,3

– 34,9

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

– 10,0

10,0

0,0

0,0

0,0

 

– 10,0

10,0

0,0

0,0

0,0

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

10,8

9,3

6,0

6,0

6,0

Niet tot een ijklijn behorend

         

Diversen

– 2,3

– 2,3

– 2,3

– 2,3

– 2,3

 

8,5

7,0

3,7

3,7

3,7

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

– 31,8

– 15,9

– 32,7

– 34,6

– 31,2

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

1.158,7

1.235,3

1.263,5

1.321,6

1.371,6

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

1.158,7

1.235,3

1.263,5

1.321,6

1.371,6

Bijstelling autonome raming studiefinanciering

De raming voor studiefinanciering laat lagere kader relevante uitgaven zien ten opzichte van de in de OCW-begroting 2013 verwerkte raming van het voorjaar 2012. Dit is het gevolg van de verwerking van nieuwe uitvoeringsgegevens van DUO.

Leerlingen volume referentieraming

Dit betreft de budgettaire verwerking van de referentieraming 2013.

A1 Rijksoverheid (incl. zbo’s).

Dit betreft maatregel A1 uit het regeerakkoord.

D17 Schrappen subsidies

Dit betreft maatregel D17 uit het regeerakkoord.

D19 leerwegondersteunend onderwijs

Dit betreft maatregel D19 uit het regeerakkoord.

D20 afschaffen maatschappelijke stages

Dit betreft maatregel D20 uit het regeerakkoord.

D21 afschaffen gratis schoolboeken

Dit betreft maatregel D21 uit het regeerakkoord.

D22 minder opleidingen en macrodoelmatigheid mbo

Dit betreft maatregel D22 uit het regeerakkoord.

D23 samenvoegen kenniscentra mbo

Dit betreft maatregel D23 uit het regeerakkoord.

D24 minder opleidingen ho (incl. kunstopleidingen)

Dit betreft maatregel D24 uit het regeerakkoord.

D25 verminderen overhead ho

Dit betreft maatregel D25 uit het regeerakkoord.

D26 sociaal leenstelsel

Dit betreft maatregel D26 uit het regeerakkoord.

D27 ov kaart – kortingskaart

Dit betreft maatregel D27 uit het regeerakkoord.

D30 verdubbeling intensivering leerkrachten vo (bèta, jong academisch)

Dit betreft maatregel D30 uit het regeerakkoord.

D31 schrappen maatregel langstudeerders

Dit betreft maatregel D31 uit het regeerakkoord.

Digitale collectie nationaal archief

Door de digitalisering van de informatiehuishouding van het rijk staat het Nationaal Archief de komende jaren voor een substantiële taakverzwaring. Dit wordt grotendeels en incidenteel tot en met 2015 gedekt, mede met behulp van een kasschuif.

Eindejaarsmarge (toevoeging)

Dit betreft de toevoeging van de eindejaarsmarge 2012 aan de begroting van OCW.

I92 publieke omroep

Dit betreft maatregel I92 uit het regeerakkoord.

I92 publieke omroep (overheveling provinciefonds)

Dit betreft maatregel I92 uit het regeerakkoord.

Intertemporele compensatie eindejaarsmarge (kasschuiven)

Dit betreft het deel van de eindejaarsmarge dat is bedoeld voor overlopende verplichtingen.

Intertemporele compensatie langstudeerders

De langstudeerders-maatregel voor studenten is teruggedraaid. HO-instellingen is verzocht om te stoppen met de inning van het verhoogd collegegeld en het reeds geïnde verhoogd collegegeld terug te betalen. Om de betreffende korting op de rijksbijdrage ongedaan te maken, was een kasschuif van 2013 naar 2012 nodig.

Intertemporele compensatie OV-kaart

Ter optimalisatie van het kasritme van de staat wordt een deel van de verplichtingen aan de vervoersbedrijven voor de OV-studentenkaart vooruitbetaald.

D26 sociaal leenstelsel

Dit betreft maatregel D26 uit het regeerakkoord.

D27 OV-kaart – kortingskaart

Dit betreft maatregel D27 uit het regeerakkoord.

Renteontvangsten

De raming voor studiefinanciering laat lagere renteontvangsten zien ten opzichte van de in de OCW-begroting 2013 verwerkte raming van het voorjaar 2012. Zowel de spontane ontvangsten als de termijnontvangsten worden lager geraamd. Conform de begrotingsregels worden mutaties in de renteontvangsten generaal verwerkt.

IXA Nationale schuld

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

19.119,4

20.053,7

23.681,3

26.187,9

29.299,9

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Regeerakkoord

– 10.261,0

– 10.354,2

– 11.210,0

– 12.758,6

– 13.891,2

Diversen

5,0

8,6

1,6

1,6

1,6

 

– 10.256,0

– 10.345,6

– 11.208,4

– 12.757,0

– 13.889,6

Technische mutaties

         

Niet tot een ijklijn behorend

         

Mutatie in rekening-courant en deposito

1.071,7

– 348,6

– 2.049,4

– 1.787,3

– 3.157,4

Mutatie rente vaste schuld

78,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Regeerakkoord

10.261,0

10.354,2

11.210,0

12.758,6

13.891,2

Rente vaste schuld

– 326,6

– 663,2

– 849,1

– 1.004,1

– 1.352,3

Rente vlottende schuld

– 123,1

– 282,1

– 59,5

– 275,1

– 304,2

Rentelasten

– 73,0

– 60,1

– 14,5

20,6

55,7

Verstrekte leningen

0,0

50,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

21,6

30,6

2,3

3,7

39,7

 

10.909,9

9.080,8

8.239,8

9.716,4

9.172,7

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

653,9

– 1.264,8

– 2.968,7

– 3.040,6

– 4.716,9

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

19.773,3

18.789,0

20.712,6

23.147,3

24.583,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

19.773,3

18.789,0

20.712,6

23.147,3

24.583,0

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

2.042,3

3.333,5

2.770,7

3.657,0

4.126,7

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Regeerakkoord

– 478,1

– 399,0

– 1.154,1

– 1.586,8

– 1.484,3

 

– 478,1

– 399,0

– 1.154,1

– 1.586,8

– 1.484,3

Technische mutaties

         

Niet tot een ijklijn behorend

         

Aflossingen op leningen

256,5

141,4

175,7

316,4

183,6

Regeerakkoord

478,1

399,0

1.154,1

1.586,8

1.484,3

Rente vaste schuld

0,0

44,1

319,6

342,5

392,8

Rentebaten

– 13,0

– 112,2

– 54,7

– 214,3

– 344,9

Diversen

– 3,0

– 5,5

0,0

– 7,1

– 6,3

 

718,6

466,8

1.594,7

2.024,3

1.709,5

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

240,5

67,9

440,6

437,6

225,2

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

2.282,8

3.401,4

3.211,2

4.094,6

4.352,0

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

2.282,8

3.401,4

3.211,2

4.094,6

4.352,0

Regeerakkoord

Omdat de rentelasten niet meer in het uitgavenkader meetellen, zijn deze overgeboekt. Dit geeft zowel een beleidsmatige mutatie als ook een technische mutatie (de tegenboeking).

Mutatie in rekening-courant en deposito

De inleg van de sociale fondsen is gewijzigd als gevolg van mutaties in de premieontvangsten en de premiegefinancierde uitgaven.

Mutatie rente vaste schuld

Dit betreft een boekhoudkundige mutatie vanwege een te lage toerekening van rentelasten in het verleden.

Rente vaste schuld

Bij de uitgaven is er een wijziging van de raming voor de rentelasten vaste schuld als gevolg van bijstellingen van de rentetarieven en de financieringsbehoefte. Bij de ontvangsten bestaan de rentebaten vaste schuld (nagenoeg volledig) uit baten op afgesloten swaps. Nieuw afgesloten swaps leiden hier tot mutaties op de baten.

Rente vlottende schuld

De raming van de rentelasten vlottende schuld wijzigt als gevolg van bijstellingen van de rentetarieven en de financieringsbehoefte.

Rentelasten

De raming voor rentelasten kasbeheer is aangepast, als gevolg van een wijziging van de rekenrente en veranderingen bij de aangehouden middelen.

Verstrekte leningen

Gewijzigde inzichten in het leengedrag van agentschappen en RWT’s (Rechtspersonen met een wettelijke taak) leiden tot een aanpassing van de voorziene uitgaven.

Aflossing op leningen

Gewijzigde inzichten in het leengedrag van agentschappen en RWT’s (Rechtspersonen met een wettelijke taak) leiden tot een aanpassing van de voorziene ontvangsten.

Rentebaten

De raming voor rentebaten kasbeheer is aangepast, als gevolg van een wijziging van de rekenrente en veranderingen bij de aangehouden middelen.

IXB Financiën

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

10.891,0

9.253,3

8.121,3

7.870,8

7.637,1

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

A1 rijksoverheid (incl. zbo's)

0,0

0,0

0,0

– 50,0

– 112,0

Continuering btw-compensatiefonds

0,0

0,0

3.079,5

3.079,3

3.079,2

G82 doorberekenen kosten toezicht afm/dnb

0,0

0,0

– 38,0

– 38,0

– 38,0

Kasschuif apparaat

35,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Versterking toezicht belastingdienst

108,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

56,3

8,0

8,7

10,1

11,2

 

199,3

8,0

3050,2

3001,4

2940,4

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Heffings- en invorderingsrente

– 50,0

– 50,0

– 50,0

– 50,0

– 50,0

Herverkaveling rvob

– 86,6

– 85,2

– 84,6

– 84,5

– 84,5

Diversen

33,5

28,0

23,7

22,1

22,5

Niet tot een ijklijn behorend

         

A10 btw-compensatiefonds

0,0

0,0

– 3.079,5

– 3.079,3

– 3.079,2

Iabf

– 91,0

12,0

83,0

71,0

61,0

Kapitaalinjectie sns bank nv

1.900,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Kapitaalinjecties sns reaal nv

300,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Kapitaalinjecties vastgoedbeheerorganisatie

500,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Overbruggingskrediet sns

1.100,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Teruggeven winsten smp

126,0

112,0

87,0

65,0

51,0

Diversen

– 1,2

0,0

0,0

0,0

0,0

 

3.730,7

16,8

– 3.020,4

– 3.055,7

– 3.079,2

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

3.930,0

24,9

29,9

– 54,3

– 138,7

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

14.821,0

9.278,1

8.151,2

7.816,5

7.498,4

Totaal Internationale samenwerking

185,6

82,3

342,4

316,0

209,7

Stand Voorjaarsnota 2013

15.006,6

9.360,4

8.493,6

8.132,5

7.708,1

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

6.620,2

5.445,7

5.096,8

3.636,1

3.343,9

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Havenbedrijf rotterdam rijksbijdrage landwinning

295,5

0,0

0,0

0,0

0,0

I90 taakstelling mrb

0,0

50,0

70,0

70,0

70,0

I93 belasting-en invorderingsrente

0,0

21,0

99,0

144,0

178,0

Winstafdracht dnb

– 157,9

– 91,0

– 128,0

19,8

63,5

Diversen

11,9

0,7

0,8

0,7

0,6

 

149,5

– 19,3

41,8

234,5

312,1

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Heffings- en invorderingsrente

– 50,0

– 50,0

– 50,0

– 50,0

– 50,0

Herverkaveling rvob

– 175,4

– 174,5

– 174,0

– 174,0

– 174,0

Diversen

20,9

10,3

10,3

10,3

10,3

Niet tot een ijklijn behorend

         

Correctie renteontvangsten griekenland

– 31,7

– 31,7

– 31,7

– 31,7

– 31,7

Iabf

– 91,0

13,0

84,0

71,0

61,0

Opbrengst verkoop vermogenstitels

132,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Winstafdracht dnb

796,1

828,6

668,1

433,4

343,1

Diversen

10,5

– 6,6

0,0

0,0

0,0

 

611,4

589,1

506,7

259,0

158,7

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

761,0

569,7

548,5

493,5

470,8

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

7.381,2

6.015,4

5.645,3

4.129,6

3.814,6

Totaal Internationale samenwerking

7,8

3,7

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

7.389,0

6.019,1

5.645,3

4.129,6

3.814,6

A1 rijksoverheid (incl. zbo’s)

Dit betreft maatregel A1 uit het regeerakkoord.

Correctie btw-compensatiefonds & A10 btw-compensatiefonds

Dit betreft maatregel A10 uit het regeerakkoord. In het bestuurlijk overleg met VNG en IPO van 18 januari is besloten het btw-compensatiefonds te continueren. De regeerakkoordmaatregel beoogde naast opheffing van het btw-compensatiefonds ook een korting; deze is doorgevoerd op het gemeente- en provinciefonds.

G82 doorberekenen kosten toezicht AFM/DNB

Dit betreft maatregel G82 uit het regeerakkoord.

Kasschuif apparaat

Deze mutatie betreft een kasschuif bij de apparaatsuitgaven van de Belastingdienst. De kasschuif van 2012 naar 2013 bedraagt 35 mln. en was onder anderen voor noodzakelijke uitgaven – zoals investeringen in detectiesystemen ten behoeve van douanecontroles – die in 2013 in plaats van in 2012 worden gerealiseerd.

Versterking toezicht Belastingdienst

Betreft de middelen voor de Belastingdienst in 2013 van maatregel J110 uit het regeerakkoord.

Heffings- en invorderingsrente (uitgaven en ontvangsten)

Betreft een actualisatie van de verwachte uitgaven en ontvangsten bij de heffings- en invorderingsrente op basis van recente renteramingen.

Herverkaveling RVOB (uitgaven- en ontvangsten)

Betreft de herverkaveling van het RVOB van FIN naar BZK, zoals afgesproken in het regeerakkoord.

IABF (Illiquid Asset Back-up Faciliteit; uitgaven en ontvangsten)

De raming van de aflossing van de IABF (funding fee) is bijgesteld aan de hand van de geraamde ontvangsten. Deze zijn naar aanleiding van een wijziging van de euro/dollar-rekenkoers bijgesteld.

Kapitaalinjecties en overbruggingskrediet SNS

Betreft de nationalisatie van SNS. Zie voor meer informatie de betreffende incidentele suppletoire begroting.

Teruggeven winsten SMP

Betreft het teruggeven van een deel van de winstafdracht DNB aan Griekenland, zoals gemeld in de Tweede Nota van Wijziging van de Begroting 2013.

Havenbedrijf Rotterdam rijksbijdrage landwinning

Betreft de restitutie van een lening aan het Havenbedrijf Rotterdam. Zie voor meer informatie TK 24 691 nr. 118.

I90 taakstelling motorrijtuigenbelasting

Dit betreft maatregel I90 uit het regeerakkoord.

I93 belasting- en invorderingsrente

Dit betreft maatregel I93 uit het regeerakkoord.

Winstafdracht DNB (beleidsmatige mutaties)

Bijstelling van de Winstafdracht DNB zoals vastgesteld in de ISB DNB-winstafdracht (TK 33 548 nr. 2).

Correctie renteontvangsten Griekenland

Betreft een correctie van de renteontvangsten van Griekenland, zoals gemeld in de Tweede Nota van Wijziging van de Begroting 2013.

Opbrengst verkoop vermogenstitels

Begin 2013 is het laatste pakket aandelen van Connexxion verkocht voor 131,9 mln. De verkoop is niet kaderrelevant en niet EMU-saldorelevant, maar draagt wel bij aan schuldreductie.

Winstafdracht DNB (niet tot een ijklijn behorend)

Bijstelling van de Winstafdracht DNB zoals vastgesteld in de ISB DNB-winstafdracht (TK 33 548 nr. 2).

X Defensie

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

7.566,4

7.580,1

7.504,0

7.503,9

7.510,0

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

A1 rijksoverheid (incl. zbo's)

0,0

0,0

0,0

– 6,9

– 15,9

A1 rijksoverheid (incl. zbo's)a1 rijksoverheid (incl. zbo's)

0,0

0,0

0,0

– 8,0

– 18,4

Afroming ivent

35,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Allocatie energie, bewaking & beveiliging

24,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Allocatie ereschuld

36,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijdrage buza bescherming ambassades door bsb

15,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Doorwerking eindejaarsmarge def

121,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Doorwerking verkoopopbrengsten

– 73,6

– 14,6

– 15,9

– 13,3

– 9,8

H86 vrijgave tbv nieuw budget internationale vrede en veiligheid

0,0

– 59,5

– 59,5

– 59,5

– 59,5

Kasschuif 2013 naar 2015 t/m 2017

– 95,0

0,0

30,0

21,0

44,0

Kasschuif sbk

– 40,0

40,0

0,0

0,0

0,0

Uitdelen allocatie gelden

– 60,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

14,3

3,0

– 1,0

– 3,0

– 5,7

 

– 22,7

– 31,1

– 46,4

– 69,7

– 65,3

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

– 3,6

5,0

5,3

5,2

5,1

Niet tot een ijklijn behorend

         

Diversen

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

– 3,6

5,0

5,3

5,2

5,1

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

– 26,3

– 26,1

– 41,1

– 64,6

– 60,2

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

7.540,1

7.554,0

7.462,9

7.439,3

7.449,8

Totaal Internationale samenwerking

248,4

18,4

16,7

15,4

14,0

Stand Voorjaarsnota 2013

7.788,5

7.572,4

7.479,6

7.454,7

7.463,8

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

372,4

345,3

306,1

272,1

265,0

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Afroming ivent

35,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Bijstelling verkoopbrengsten

– 73,6

– 14,6

– 15,9

– 13,3

– 9,8

Diversen

14,2

0,0

0,0

0,0

4,5

 

– 24,4

– 14,6

– 15,9

– 13,3

– 5,3

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

– 24,4

– 14,6

– 15,9

– 13,3

– 5,3

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

348,0

330,7

290,2

258,8

259,7

Totaal Internationale samenwerking

1,4

1,4

1,4

1,4

1,4

Stand Voorjaarsnota 2013

349,4

332,1

291,6

260,2

261,1

A1 rijksoverheid (incl. ZBO’s)

De taakstelling «rijksoverheid» uit het regeerakkoord Rutte 2 is verwerkt op de artikelonderdelen van de ondersteunende diensten van het Commando dienstencentrum en Directie materieelorganisatie.

Afroming IVENT

Dit betreft de afdracht van de winst in 2012 van het agentschap IVENT aan het moederdepartement.

Allocatie energie, bewaking & beveiliging

Voor 2013 is het exploitatiebudgettekort voor energie en water afgedekt (21,6 mln.). Ook is aan de personeelsexploitatie van de Defensie Bewakings- en Beveiligingsorganisatie extra budget toegekend (2,5 mln.).

Allocatie ereschuld

Dit betreft de uitvoering van de regeling ereschuld veteranen waarbij zich hoger dan geplande uitgaven voordoen van 36 mln.

Bijdrage BuZa bescherming ambassades door BSB

Van het ministerie van Buitenlandse Zaken is 15,3 mln. ontvangen voor de uitvoering van de bescherming van ambassadepersoneel door de Brigade Speciale Beveiligingsopdrachten (BSB) van het CKmar.

Doorwerking eindejaarsmarge

Het defensiebudget wordt bijgesteld met een bedrag van 121,3 mln. Dit betreft de definitieve eindejaarsmarge als gevolg van de gerealiseerde bedragen in 2012.

Doorwerking verkoopopbrengsten

De lagere ontvangsten worden vooral veroorzaakt door het verschuiven van de verkoopontvangsten (– 73,6 mln.) van roerende en onroerende goederen naar latere jaren als gevolg van afnemende mogelijkheden op de markt.

H86 korting tbv nieuw budget internationale vrede en veiligheid

Dit betreft maatregel H86 uit het regeerakkoord.

Kasschuif 2013 naar 2015 t/m 2017

Door middel van deze kasschuif is er een neerwaartse bijstelling van gereedstelling en materiële exploitatie DMO in 2013. Hiermee worden de budgetten voor investeringen grootmaterieel verhoogd met 30 mln. In 2015, met 21 mln. in 2016 en met 44 mln. in 2017.

Kasschuif SBK

Door vertraging in het personele reorganisatietraject wordt een deel van de budgetten (40 mln.) voor de SBK regelingen doorgeschoven naar 2014, omdat dan naar verwachting een hogere instroom is te verwachten in de desbetreffende regelingen.

Uitdelen allocatie gelden

Vanuit het artikel nominaal zijn het exploitatiebudgettekort voor energie en water (– 21,6 mln.) en ereschuld (– 36 mln.) afgedekt.

Diversen

Dit betreft onder andere de uitkering van de component sociale lasten ontwikkeling van de loonbijstelling voor 2013 en diverse budgetoverhevelingen met andere departementen.

XII Infrastructuur en Milieu

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

9.858,8

10.575,5

9.573,2

9.923,0

9.816,7

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

A1 rijksoverheid (incl.zbo's)

0,0

0,0

0,0

– 43,0

– 98,0

Aanvullende post ov en spoor

25,0

100,0

100,0

100,0

100,0

Eindejaarsmarge

24,5

0,0

0,0

0,0

0,0

Korting if

0,0

– 250,0

– 250,0

– 250,0

– 250,0

Nota van wijziging

75,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

0,2

– 1,6

– 1,6

– 1,7

– 1,7

 

124,7

– 151,6

– 151,6

– 194,7

– 249,7

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

– 32,1

– 14,9

– 9,9

– 3,6

– 2,8

 

– 32,1

– 14,9

– 9,9

– 3,6

– 2,8

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

92,7

– 166,5

– 161,5

– 198,2

– 252,5

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

9.951,5

10.409,0

9.411,7

9.724,8

9.564,2

Totaal Internationale samenwerking

55,7

24,0

19,4

18,3

18,1

Stand Voorjaarsnota 2013

10.007,1

10.433,0

9.431,1

9.743,1

9.582,3

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

176,1

258,2

241,4

219,9

213,3

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

1,1

– 0,4

– 0,5

– 0,5

– 0,5

 

1,1

– 0,4

– 0,5

– 0,5

– 0,5

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

1,1

– 0,4

– 0,5

– 0,5

– 0,5

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

177,2

257,7

240,9

219,5

212,9

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

177,2

257,7

240,9

219,5

212,9

Eindejaarsmarge

De eindejaarsmarge van 2012 wordt toegevoegd aan de begroting van IenM.

A1 rijksoverheid

De taakstelling A1 uit het regeerakkoord op het apparaat is verdeeld over hoofdstuk XII, het Infrastructuurfonds en het Deltafonds.

Aanvullende post OV en spoor & Nota van wijziging

In het lenteakkoord is een intensivering van 100 mln. afgesproken voor het openbaar vervoer en spoor. In 2013 gaat er 25 mln. naar het spoor artikel (Infrastructuurfonds). De overige 75 mln. is per nota van wijziging toegevoegd voor het openbaar vervoer (Brede doeluitkering). Vanaf 2014 wordt 50 mln. naar het Infrastructuurfonds en Brede Doeluitkering geboekt.

Korting IF

In de motie Zijlstra en Samson (TK 33 410, nr. 32) is vanaf 2014 een taakstelling van 250 mln. structureel op het Infrastructuurfonds afgesproken. Met deze mutatie wordt de taakstelling ingeboekt.

Diversen – beleidsmatige mutaties

De diversen beleidsmatige mutaties bestaan uit het toevoegen van een deel van de loonbijstelling en de taakstelling voor het topsectorenbeleid uit Rutte 2.

Diversen – technische mutaties

De diversen technische mutaties bestaan uit overboekingen naar andere departementen en de decentralisatie van de Nota ruimte en BIRK budgetten.

Diversen – niet belasting ontvangsten

De niet-belastingontvangsten bestaan hoofdzakelijk uit lagere EU ontvangsten, en een terugontvangst in 2013 voor BIRK budgetten.

XIII Economische Zaken

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

5.049,6

4.678,5

4.447,0

4.372,5

4.305,8

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

A1 rijksoverheid (incl.zbo's)

0,0

0,0

0,0

– 35,0

– 79,0

C15 cova

18,0

18,0

18,0

18,0

18,0

C15 sde+ regeling

0,0

0,0

20,0

80,0

395,0

D18 beëindiging spec.subs.onderw.vernieuwing groen onderw.na 2015

0,0

0,0

0,0

– 55,0

– 55,0

Eindejaarsmarge mep

26,4

0,0

0,0

0,0

0,0

Eindejaarsmarge sde

23,9

0,0

0,0

0,0

0,0

G81 beperken subs.bedrijfslevenbeleid en topsectoren

0,0

– 46,0

– 52,0

– 52,0

– 52,0

G81 verlagen uitgaven ondernemerspleinen

0,0

– 5,0

– 15,0

– 15,0

– 15,0

G83 afschaffen pbo's

0,0

31,0

31,0

31,0

31,0

Innovatiefonds

1,5

5,1

5,9

18,6

11,5

Intensivering natuur

200,3

0,0

0,0

0,0

0,0

Mep meevaller

– 53,4

– 22,0

– 8,0

– 5,0

– 2,0

Nvwa

24,2

7,3

5,7

3,0

3,8

Ruimtevaart 2015

0,0

0,0

20,0

33,0

33,0

Ruimtevaart kasschuif

– 18,8

15,6

18,9

– 0,7

– 15,0

Tki toeslag

0,0

110,0

110,0

110,0

110,0

Uitkoop

0,0

0,0

0,0

0,0

28,0

Diversen

3,0

0,3

– 4,5

– 3,2

– 7,4

 

225,1

114,3

150,0

127,7

404,9

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Garantie ondernemingsfinanciering

– 31,8

– 1,0

2,0

13,0

13,0

Overboeking naar provinciefonds decentralisatieakkoord

– 393,6

– 40,3

0,0

0,0

0,0

Diversen

68,5

22,3

14,0

0,9

– 3,8

 

– 356,9

– 19,0

16,0

13,9

9,2

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

– 131,6

95,3

166,1

141,6

414,2

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

4.918,0

4.773,8

4.613,1

4.514,1

4.719,9

Totaal Internationale samenwerking

72,1

54,7

48,7

44,9

43,0

Stand Voorjaarsnota 2013

4.990,1

4.828,5

4.661,7

4.559,0

4.762,9

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

12.806,0

12.586,4

12.793,7

12.673,3

12.212,5

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

G84 boetes marktwerking nma

0,0

75,0

100,0

100,0

125,0

Diversen

1,6

0,0

0,0

0,0

0,0

 

1,6

75,0

100,0

100,0

125,0

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Garantie ondernemingsfinanciering

– 31,8

– 1,0

2,0

13,0

13,0

Diversen

13,7

– 0,1

– 0,1

0,0

0,0

Niet tot een ijklijn behorend

         

Aardgasbaten

600,0

0,0

– 800,0

– 1.050,0

– 1.050,0

C15 sde+ regeling

0,0

0,0

20,0

80,0

395,0

Ontvangsten frequentieveiling

3.804,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Diversen

18,0

18,0

18,0

18,0

18,0

 

4.404,0

16,9

– 760,1

– 939,0

– 624,0

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

4.405,7

91,9

– 660,1

– 839,0

– 499,0

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

17.211,6

12.678,3

12.133,6

11.834,3

11.713,5

Totaal Internationale samenwerking

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Stand Voorjaarsnota 2013

17.211,6

12.678,3

12.133,6

11.834,3

11.713,5

C15 Cova

Dit betreft maatregel C15 uit het regeerakkoord.

C15 SDE+ regeling

Dit betreft maatregel C15 uit het regeerakkoord.

D18 beëindiging specifieke subsidies onderwijs vernieuwing groen onderwijs na 2015

Dit betreft maatregel D18 uit het regeerakkoord.

Eindejaarsmarge MEP

De onderuitputting van de subsidie Milieukwaliteit Elektriciteitsproductie (MEP) uit 2012 wordt in 2013 aan de EZ begroting toegevoegd.

Eindejaarsmarge SDE

De onderuitputting van de SDE uit 2012 wordt in 2013 aan de EZ begroting toegevoegd.

G81 beperken subsidiesbedrijfslevenbeleid en topsectoren

Dit betreft maatregel G81 uit het regeerakkoord.

G81 verlagen uitgaven ondernemerspleinen

Dit betreft maatregel G81 uit het regeerakkoord.

G83 afschaffen pbo's

Dit betreft maatregel G83 uit het regeerakkoord.

Innovatiefonds

In het Innovatiefonds MKB+ is in 2012 44,8 mln. onbesteed gebleven en er is 4,4 mln. meer ontvangen dan geraamd. Dit bedrag wordt met het in de tabel weergegeven kasritme afgestemd op de uitfinancieringsbehoefte in de komende periode. Door deze kasschuif kunnen de Seedregeling en de Innovatiekredieten rond het niveau 2012 gehandhaafd blijven.

Intensivering Natuur

Vanuit de aanvullende post worden middelen voor het jaar 2013 overgeheveld naar de begroting van EZ ten behoeve van intensivering van Natuur. Over de besteding hiervan is de Kamer geïnformeerd (TK 30 825, nr. 189).

MEP meevaller

De uitgaven van de inmiddels beëindigde subsidie Milieukwaliteit Elektriciteitsproductie (MEP) vallen lager uit vanwege een geringere te subsidiëren productie van duurzame energie. Deze lagere productie heeft geen consequenties voor het bereiken van de doelstelling voor duurzame energie in 2020, omdat de MEP-productie vrijwel volledig voor 2020 zal plaatsvinden. Het aflopen van projecten, die aan het einde van hun levensduur zijn gekomen, wordt opgevangen door nieuwe verplichtingen in de SDE+ in de komende jaren, zoals meegenomen in het Regeerakkoord. De meevaller in de kasuitgaven MEP wordt ingezet als dekking voor problematiek bij de NVWA, groen onderwijs en ruimtevaart. Ook naar de huidige inzichten volstaan de resterende middelen voor duurzame energie om via het bestaande en het voorgenomen instrumentarium de doelstelling 2020 te bereiken.

NVWA

Er worden middelen toegevoegd aan het budget van de NVWA om de kwaliteit van uitvoering, handhaving en toezicht te waarborgen. De met de Tweede Kamer eerder gewisselde problematiek bij de NVWA wordt hiermee structureel opgelost.

Ruimtevaart 2015

Met deze reeks zijn voor de periode 2015 tot 2017 middelen beschikbaar gemaakt zodat er voldoende budgettair mandaat is om aan de European Space Agency (ESA) Ministersconferentie in het voorjaar van 2014 te kunnen deelnemen en de belangen van Nederland op het terrein van Ruimtevaart goed te vertegenwoordigen.

Ruimtevaart kasschuif

Tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen 2012 is toegezegd dat de inzet voor de Ministersconferentie van het ESA incidenteel wordt verdubbeld. Met deze reeks wordt de beschikbare dekking in lijn gebracht met het verwachte ritme van de uitfinanciering.

TKI toeslag

In samenhang met de beperking van de fiscale innovatieregelingen (oplopend tot 160 mln. structureel) is in het regeerakkoord 110 mln. vrijgemaakt om samenwerking tussen bedrijven en kennisinstellingen in het kader van het topsectorenbeleid verder te stimuleren. Deze middelen worden nu conform afspraak overgeboekt vanuit de aanvullende post.

Uitkoop

Er wordt in totaal 140 mln. (28 mln. per jaar) voor een periode van 5 jaar aan de EZ-begroting toegevoegd, startend in 2017. Dit geld is beschikbaar voor een regeling die als doel heeft om bewoners van woningen uit te kopen met daarna herbestemming en/of sloop van de woning. Het gaat hierbij om woningen die direct onder de geleiders (de hoogspanningslijnen) staan van 220 en 380 kV verbindingen. Voor woningen buiten de bevolkingskernen gaat het om 110 en 150 kV verbindingen (zie ook TK 31 574, nr. 29).

Diversen

De posten diverse bestaat hoofdzakelijk uit twee posten. Allereerst uit de afrekening van de bijdrage Zeeland in verband met de afronding van het Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG). Ten tweede uit de bijdrage van I&M en OCW ten behoeve van de ESA. Vorig jaar is tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen van 2012 toegezegd dat de inzet voor de Ministersconferentie van het ESA incidenteel wordt verdubbeld en dat OCW en I&M hier beide 15 mln. aan bijdragen.

Garantie Ondernemingsfinanciering

In het regeerakkoord Rutte 2 is afgesproken dat de garantieregeling Garantie Ondernemingsfinanciering structureel wordt met een jaarlijks plafond van 400 mln. In dit kader moeten ook de ontvangsten en uitgaven structureel worden geraamd. Een raming van ontvangsten en uitgaven van 13 mln. lijkt hierbij reëel. De eerste jaren worden hierbij naar beneden bijgesteld zodat met ingang van 2013 de ontvangsten structureel op 13 mln. gehandhaafd kunnen worden.

Overboeking naar provinciefonds decentralisatieakkoord

De overboeking in 2013 betreft 216 mln. voor de afronding van de huidige ILG-periode en 177,5 mln. voor intensivering van Natuur. In totaal is ongeveer 200 mln. in 2013 beschikbaar voor intensivering van Natuur. De resterende middelen van 22,5 mln. worden besteed aan het project Marker Wadden (15 mln.) en natuurprojecten in Caribisch Nederland (7,5 mln.).

G84 boetes marktwerking NMa

In het regeerakkoord Rutte 2 is afgesproken dat de boetes marktwerking (NMa) worden verhoogd omdat de NMa meer kartelboetes gaat opleggen. De ontvangsten worden geraamd op 75 mln. in 2014 oplopend naar 125 mln. structureel. Deze bezuiniging wordt taakstellend ingeboekt op de EZ begroting. Bij eventuele besparingsverliezen kunnen de middelen uit maatregel 81 binnen het EZ domein gebruikt worden.

Aardgasbaten

De raming van de aardgasbaten voor 2013 wordt verhoogd. Dit komt doordat er een hogere olieprijs wordt verwacht en omdat er een hogere productie wordt verwacht vanwege een hogere vraag. Op de lange termijn wordt echter een lagere olieprijs verwacht waardoor de raming naar beneden moet worden aangepast.

Ontvangsten frequentieveiling

De frequentieveiling is in 2012 begonnen en in 2013 afgerond. De veiling heeft een technisch efficiëntere verdeling tot stand gebracht. Tele2 heeft zich als nieuwkomer geschaard naast de bestaande partijen KPN, Vodafone en T-Mobile om de vierde aanbieder van mobiele communicatie in Nederland te worden. Met de veiling is het aantal beschikbare frequenties voor mobiele communicatie met 40% toegenomen. Met de nieuwe frequenties kunnen 4G netwerken worden aangelegd waarmee snelheden tot boven de 100 megabit per seconde (Mpbs) kunnen worden geleverd.

XV Sociale Zaken en Werkgelegenheid

UITGAVEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

30.224,5

31.451,6

32.169,4

32.165,4

32.256,8

Mee- en tegenvallers

         

Sociale zekerheid

         

Bijstand

– 96,8

– 28,3

82,7

255,1

303,7

Export mkob

300,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Inburgering

18,4

40,8

40,8

40,8

40,8

Kinderopvangtoeslag

– 221,0

– 271,0

– 308,0

– 296,0

– 276,0

Kindgebonden budget

23,4

93,0

169,0

267,1

351,7

Toeslagenwet

103,0

93,6

91,1

89,8

84,8

Diversen

– 2,0

3,1

11,3

14,4

16,7

 

125,0

– 68,8

86,9

371,2

521,7

Beleidsmatige mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Diversen

1,4

– 1,6

0,9

2,2

0,1

Sociale zekerheid

         

A1 rijksoverheid incl zbo's

0,0

0,0

0,0

– 23,0

– 52,0

Aanpak jeugdwerkloosheid

35,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Arbeidsparticipatie ouderen

16,8

33,5

16,8

0,0

0,0

Dekking beeld sza

– 88,9

– 30,0

– 30,0

– 31,0

– 33,0

E53 schrappen eigen bijdrage jeugdzorg

0,0

0,0

– 18,0

– 18,0

– 18,0

Eindejaarsmarge sza

39,0

0,0

0,0

0,0

0,0

F64 hervorming kindregelingen

0,0

30,0

442,0

299,0

142,0

F65 ombuiging re-integratie

0,0

– 48,0

– 73,0

– 97,0

– 121,0

F67 naleving + soll plicht wwb

0,0

– 13,0

– 45,0

– 90,0

– 95,0

F69 overbruggingsregeling

0,0

50,0

19,0

9,0

– 15,0

F74 terugdraaien geen mkob bij onvolledige opbouw

0,0

8,0

16,0

16,0

16,0

F76 huishouduitkeringstoets

0,0

0,0

– 80,0

– 80,0

– 80,0

F78 anw naar max 1 jaar

0,0

0,0

17,0

47,0

72,0

F80 ahk temporiseren

0,0

5,0

10,0

14,0

18,0

Intensivering armoedebeleid

20,0

0,0

0,0

0,0

0,0

J106 invoering winstbox

0,0

0,0

– 16,0

– 16,0

– 16,0

J95 terugdraaien reiskostenaftrek

26,0

26,0

26,0

26,0

26,0

J98 witteveen opbouwpercentage – 0,4%

0,0

0,0

– 30,0

– 50,0

– 60,0

Kasschuiven

10,5

– 57,3

7,3

0,9

24,4

Kot 2 mnd regel

30,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Neutrale schuif uwv uitvoeringskosten

11,3

22,6

27,2

29,0

28,9

Sa baangarantie

0,0

– 10,0

– 25,0

– 50,0

– 90,0

Sa iow/ioaw

0,0

10,5

15,6

26,0

41,5

SA kostendelersnorm

0,0

5,0

100,0

100,0

100,0

SA loonkostensubsidie

0,0

0,0

85,0

140,0

205,0

SA ruimere overbruggingsregeling

0,0

61,0

53,0

73,0

72,0

SA sectorplannen/vwnw

0,0

300,0

300,0

0,0

0,0

SA wajong

0,0

40,0

45,0

– 20,0

– 250,0

SA wsw en beschut werk

0,0

0,0

– 60,0

– 140,0

– 210,0

Diversen

3,0

– 14,0

– 13,7

– 7,6

1,3

 

104,1

417,7

790,1

159,5

– 292,8

Technische mutaties

         

Rijksbegroting in enge zin

         

Dubbeling participatiebudget

– 73,7

0,0

0,0

0,0

0,0

Inburgering

– 45,5

– 45,2

– 44,4

– 44,1

– 45,6

Van bzk herverkaveling

160,7

93,9

85,5

84,3

86,3

Diversen

15,0

– 2,2

2,6

3,8

4,8

Sociale zekerheid

         

Inburgering

50,0

45,2

44,4

44,1

45,6

Diversen

– 4,0

20,0

19,0

18,1

17,3

Niet tot een ijklijn behorend

         

Bikk aow

– 3,5

23,4

5,8

78,9

141,5

Inburgering

– 20,2

– 35,2

– 35,2

– 35,2

– 35,2

Van bzk herverkaveling

20,2

35,2

35,2

35,2

35,2

Diversen

2,6

3,7

5,6

6,8

7,7

 

101,6

138,8

118,5

191,9

257,6

           

Totaal mutaties sinds Miljoenennota 2013

330,9

487,6

995,5

722,5

486,4

Stand Voorjaarsnota 2013 (subtotaal)

30.555,4

31.939,2

33.164,9

32.887,9

32.743,2

Totaal Internationale samenwerking

0,7

0,7

0,7

0,7

0,7

Stand Voorjaarsnota 2013

30.556,1

31.939,9

33.165,7

32.888,6

32.743,8

NIET-BELASTINGONTVANGSTEN

bedragen in miljoenen euro's

 

2013

2014

2015

2016

2017

Stand Miljoenennota 2013 (excl. IS)

1.758,5

1.640,3

1.624,7

1.629,2

1.629,4

Mee- en tegenvallers

         

Sociale zekerheid

         

Afrekening gemeenten

92,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Kinderopvangtoeslag

6,0

– 18,0

– 18,0

– 18,0

– 18,0

Kindgebonden budget

– 3,6

– 3,4

10,4

72,5

112,0

Diversen

20,0

0,0

0,0

0,0

0,0

 

114,4

– 21,4

– 7,6

54,5

94,0

Beleidsmatige mutaties

         

Sociale zekerheid

         

Waarborgfonds