Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2011-2012nr. 25, item 16

16 Noten Schriftelijke antwoorden van de minister voor Immigratie en Asiel op vragen gesteld in de eerste termijn vande behandeling van de begroting van het ministerie van Binnenlandse Zaken, onderdeel Immigratie en Asiel (33000-VII).

Noot 1 (zie item 4)

Fractie VVD

Vraag

U heeft toegezegd de Kamer voor de zomer 2011 te informeren over het wegnemen van knelpunten met betrekking tot kennismigratie. Waarom heeft u dit niet gedaan en wanneer komt deze brief?

Antwoord

Wat betreft de toezegging inzake knelpunten in de kennismigrantenregeling verwijs ik naar de brief van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en mijzelf van 11 april 2011. Daarin is aangegeven dat Nederland volgens het onderzoeksinstituut SEO een bijzonder efficiënte toelatingsregeling voor kennismigranten heeft. Knelpunten zijn er met name op het punt van handhaving. In de brief van 11 april is dit aangegeven en zijn maatregelen aangekondigd. In juni jl. heb ik de toets op het marktconform salaris van kennismigranten doorgevoerd. Ook het bedrijfsleven en instellingen voor hoger onderwijs en onderzoek zien geen knelpunten in de huidige regeling.

Vraag

Hoe worden de onvolkomenheden in de B-9 regeling opgelost? De VVD vraagt aandacht voor misbruik en omvang daar van. Hoe staat het met de informatievoorziening omtrent de B-9 regeling?

Antwoord

Bij brief van 15 november jl. heb ik uw Kamer geïnformeerd over maatregelen tegen het misbruik van de verblijfsregeling voor slachtoffers van mensenhandel, de zogenoemde B-9 regeling. Bestrijding van mensenhandel is een prioriteit van dit kabinet. Daar hoort ook een adequate bescherming van slachtoffers van mensenhandel bij. In mijn brief van 15 november jl. heb ik maatregelen aangekondigd die als doel hebben te voorkomen dat enkel aangifte wordt gedaan van mensenhandel om een verblijfsvergunning te verkrijgen. Eind 2012 zal ik de Kamer nader informeren over eventuele mogelijkheden om de inrichting van de B9-regeling te wijzigen en de toegang tot voorzieningen te beperken.

Vraag

Bespreekt de minister met de minister van Veiligheid en Justitie en de Europese collega's hoe een vuist gemaakt kan worden richting het beleid van Turkije inzake de visumvrije toegang aan Arabische landen?

Antwoord

Het kabinet is op de hoogte van de druk die illegale migratie vanuit Turkije geeft op de EU-buitengrenzen. Turkije is echter een souverein land. De EU (of NL) kan Turkije niet verbieden akkoorden over visumvrij verkeer af te sluiten met derde landen. Maar Turkije zou als buurland van de EU wel moeten meewerken om de migratiedruk op de EU-buitengrenzen te verlichten. Belangrijk in dit verband is ook dat Turkije de overeengekomen Terug- en Overname overeenkomst ratificeert en implementeert. Hiermee wordt de feitelijke uitzetting van vreemdelingen naar Turkije vergemakkelijkt en neemt de migratiedruk af.

Zowel bilateraal als in EU verband wordt Turkije daarom aangespoord om zijn grenstoezicht te verbeteren en de terugnameovereenkomst te ondertekenen, te ratificeren en vervolgens te implementeren.

Fractie SP

Vraag

Bezorgdheid over afschaffen tolkenvergoeding door het Ministerie van VWS. De inspectie op de gezondheidszorg heeft in haar rapport over de toegankelijkheid van de huisartsenzorg voor asielzoekers deze zorg gedeeld. De IGZ stelt dat dit plan een hoog risico met zich meebrengt. Deelt de minister deze bezorgdheid?

Antwoord

De afschaffing van de tolkenvergoeding door VWS geldt niet voor asielzoekers. De inzet van tolken voor de gezondheidszorg voor asielzoekers wordt vergoed door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers.

Vraag

Asielzoekers moeten de mogelijkheid hebben om op z'n minst dezelfde medische zorg te krijgen als Nederlanders. Wordt deze mogelijkheid wel geboden en hebben de huisartsen wel de juiste kennis en ervaring om met deze specifieke groep om te gaan? Hoe denkt de minister hierover?

Antwoord

De medische zorg voor asielzoekers is vergelijkbaar met de medische zorg voor Nederlandse ingezetenen. In de Regeling Zorg Asielzoekers is een overzicht opgenomen van de zorg en diensten waarop asielzoekers aanspraak kunnen maken. Bij het contracteren van huisartsen wordt door zorgverzekeraar Menzis rekening gehouden met de specifieke achtergrond van de doelgroep.

Daarnaast zijn er voor de zorg voor asielzoekers diverse aanvullende voorzieningen geregeld zoals de spreekuren op het centrum, de inzet en vergoeding van tolken als ook de inzet van speciale praktijkondersteuners.

Voor asielzoekers geldt dat deze zorg wordt vergoed door de overheid via het contract dat het Centraal Orgaan opvang asielzoekers en zorgverzekeraar Menzis hebben gesloten. De toegang tot medische zorg is ook voor bewoners van de gezinslocaties gewaarborgd. Voor alle minderjarige kinderen geldt dat de zorg op dezelfde wijze is geregeld als voor asielzoekers op een regulier asielzoekerscentrum. De medische zorg voor volwassenen in de gezinslocatie, is net als voor andere vreemdelingen zonder rechtmatig verblijf, de medisch noodzakelijke zorg. De arts bepaalt of de zorg voor een vreemdeling noodzakelijk is en als dat zo is, zal deze zorg worden geboden. Het criterium van medisch noodzakelijke zorg sluit niet bij voorbaat bepaalde vormen van zorg in of uit.

Vraag

Hoe denkt de minister erover om DT&V meer mogelijkheden te geven om uitgeprocedeerden één op één terug te kunnen begeleiden naar hun land van herkomst?

Antwoord

Op 1 juli heb ik mijn brief met maatregelen voor het terugkeerbeleid naar uw Kamer gestuurd. Hierin is onder meer opgenomen welke mogelijkheden de DT&V meer krijgt om vreemdelingen te laten terugkeren naar het land van herkomst. Enkele mogelijkheden zijn:

  • het bevorderen van zelfstandige terugkeer conform de Terugkeerbrief

  • verbeterde medewerking van de autoriteiten van landen van herkomst ten aanzien van gedwongen terugkeer, bijvoorbeeld het maken van werkafspraken over het proces ten aanzien van (vervangende) reisdocumenten en gedwongen terugkeer.

Daarnaast wordt ingezet op verdere intensivering van het vreemdelingentoezicht waarmee verwacht kan worden dat een groter aantal vreemdelingen zal worden overgedragen aan de DT&V.

Ten aanzien van het één op één begeleiden van een vreemdeling naar het land van herkomst wil ik benadrukken dat de DT&V op basis van casemanagement werkt. Dit betekent dat de aanpak specifiek op de desbetreffende persoon gericht is. Iedere vreemdeling die onder de verantwoordelijkheid van de DT&V komt, krijgt een regievoerder toegewezen. Deze regievoerder voert vertrekgesprekken met de vreemdeling over de terugkeer naar het land van herkomst. Per individu wordt bekeken wat de mogelijkheden en voorwaarden zijn voor het vertrek. Door persoonlijk contact met de vreemdeling en overleg met de ketenpartners beoordeelt de regievoerder vertrek hoe het vertrek kan worden 'geregisseerd'.

Vraag

Het kabinet doet weinig tot helemaal niets aan de echte migratieproblemen: arbeidsmigranten uit Oost-Europa. Vanwaar die keuze? Uit het rapport van het CBS van mei 2011 blijkt dat het aantal arbeidsmigranten is toegenomen en aantal asielmigranten is afgenomen. Arbeid staat ook op de eerste plaats als migratiemotief. Legt het kabinet haar focus dan niet compleet verkeerd?

Antwoord

Binnen Europa bestaat vrij verkeer van werknemers. Dit vrij verkeer heeft tot een toename van de arbeidsmigratie geleid. Arbeidsmigranten hebben de afgelopen jaren hun nut voor onze economie bewezen.

Enerzijds onderkent het kabinet een aantal knelpunten dat het vrij verkeer van werknemers en personen met zich mee brengt. In dat kader heeft het kabinet samen met de gemeenten een aantal maatregelen getroffen waarover u in april dit jaar bent geïnformeerd en waarover u binnenkort een stand van zaken ontvangt.

Anderzijds moet Nederland een aantrekkelijk land blijven voor kennismigranten die een positieve bijdrage leveren.

Buiten het vrij verkeer van werknemers voert het kabinet een restrictief beleid voor laaggeschoolde arbeidsmigranten en ligt de focus op de toelating van kennismigranten die een positieve bijdrage leveren aan de Nederlandse samenleving.

Fractie D66

Vraag

Wat gaat de minister extra doen om de afspraken uit het Regeer- en Gedoogakkoord te realiseren?

Antwoord

Bij brief d.d. 14 november 2011 heb ik uw Kamer geïnformeerd over de inzet die dit kabinet pleegt voor ombuiging, beheersing en vermindering van de immigratiestromen. Ik wil u daar graag naar verwijzen.

Fractie PVV

Vraag

Hoe zit het met de dubbelcheck op concept-verblijfsvergunningen door het auditteam bij IND?

Antwoord

Zoals ik eerder meldde heeft de IND organisatie-onderdelen ingericht om te handhaven, fraude te bestrijden en kwaliteit te meten. Ik doel hierbij op de Centrale Verificatie Unit (CVU), de Afdeling Handhaving en de Afdeling Kwaliteit en Dienstverlening. Deze organisatie-onderdelen geven tezamen invulling aan de doelstellingen van een dubbelcheck-unit.

De Centrale Verificatie Unit voert trajectcontroles uit in individuele dossiers. Indien er aanwijzingen zijn dat er niet langer aan de voorwaarden wordt voldaan wordt de verblijfsvergunning bezien op intrekking.

De Afdeling Handhaving behandelt geen individuele dossiers, maar heeft een tactische rol ten aanzien van handhaving en fraudebestrijding binnen de IND. De Afdeling Handhaving ontwikkelt handhavingsinstrumenten vor de IND, zoals bijvoorbeeld het simultaan horen van zowel de vreemdeling als de referent bij gezinsmigratie. Daarnaast onderhoudt de Afdeling de contacten met de partners  op het gebied van handhaving en strafrecht, zoals de Vreemdelingenpolitie en de Arbeidsinspectie. 

De Afdeling Kwaliteit en Dienstverlening meet de kwaliteit van beslissingen die de IND neemt. In het kader van het Regeerakkoord is het werkterrein van de Afdeling Kwaliteit en Dienstverlening uitgebreid. Zo wordt de juistheid van de beslissingen van de IND scherper bewaakt.  

Vraag

Wil de minister er zorg voor dragen dat het aantal adrescontroles i.v.m. verstrekken verblijfsvergunning sterk wordt opgevoerd? Dit ter ontmoediging en bestrijding van schijnrelaties.

Antwoord

Ik zet al sterk in op het voorkomen en opsporen van schijnhuwelijken en schijnrelaties. Zaken waarin indicaties bestaan dat sprake is van een schijnhuwelijk of schijnrelatie onderwerp ik aan intensieve controle, zoals het stellen van nadere vragen aan de vreemdeling en zijn of haar partner nog voordat de verblijfsvergunning is verleend. De IND richt zich in toenemende mate op het uitvoeren van trajectcontroles waarbij in de periode nadat de vreemdeling is toegelaten wordt gecontroleerd of nog steeds aan de voorwaarden voor de verblijfsvergunning wordt voldaan. Afhankelijk van het verblijfsdoel bestaan de controles uit een check van externe (bron)systemen op het gebied van de openbare orde, middelen van bestaan en samenwonen. Daarnaast verricht de Vreemdelingenpolitie adrescontroles.

Handhaving en toezicht zijn speerpunten van dit kabinet. Daarover maak ik afspraken met de minister van Veiligheid en Justitie, bijvoorbeeld om de politie sterker in te zetten om identiteitsonderzoek en migratiecriminaliteit te bestrijden.

Fractie ChristenUnie

Vraag

Met betrekking tot geweldplegingen tegen homo's / christenen in asielzoekerscentra heeft het vorig jaar toegezegde onderzoek reeds resultaat opgeleverd?

Antwoord

De resultaten van het onderzoek naar geweld tegen homoseksuelen en christenen op asielzoekerscentra zullen nog dit jaar aan mij worden gepresenteerd. Vervolgens zal ik uw Kamer zo spoedig mogelijk berichten.

Vraag

Kunnen vluchtelingen die voor een vergunning voor onbepaalde tijd in aanmerking willen komen dit tegen het verlaagde (gezins)tarief verkrijgen?

Antwoord

Voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde en onbepaalde tijd worden momenteel geen leges gevraagd. Er ligt een wetsvoorstel bij de Eerste Kamer om het wel mogelijk te maken om leges te gaan heffen voor de verblijfsvergunning asiel onbepaalde tijd. Men blijft de keuze houden om de vergunning asiel bepaalde tijd te verlengen en daarvoor behoeven geen leges betaald te worden.

Vraag

Verzoek aan de minister om nog eens goed te kijken naar de uitgeprocedeerde asielzoekers die wel terug willen, maar niet kunnen omdat het land van herkomst geen medewerking verleent. Deze groep heeft nu geen recht op opvang/zorg. Graag uw reactie.

Antwoord

Uitgangspunt van het terugkeerbeleid is dat een vreemdeling die niet langer in Nederland mag blijven, zelf verantwoordelijk is voor het vertrek uit Nederland.

De ervaring leert dat vreemdelingen die daadwerkelijk terug willen keren, in de regel ook terug kunnen keren. De problemen die zich voordoen rondom de afgifte van vervangende reisdocumenten door vertegenwoordigingen van landen van herkomst zien primair op gedwongen terugkeer.

Desalniettemin kunnen zich bijzondere situaties voordoen waarin een vreemdeling buiten zijn schuld niet uit Nederland kan vertrekken omdat hij de benodigde reisdocumenten niet kan bemachtigen, terwijl er geen twijfel bestaat omtrent de door hem verstrekte gegevens en documentatie over zijn identiteit en nationaliteit. In die gevallen wordt een verblijfsvergunning gegeven.

Fractie SGP

Vraag

Welke concrete vooruitgang is er geboekt bij het realiseren van toetsing en opvang in de regio (dichtbij de landen van herkomst) i.p.v. in Nederland?

Antwoord

Dit kabinet draagt allereerst bij aan opvang en toetsing in de regio door concreet te investeren in versterking van vluchtelingenbescherming in de regio. Nederland is bijvoorbeeld in de laatste fase van onderhandeling over een groot project in Kenia dat dient ter ondersteuning van UNHCR bij het versterken van de lokale asielcapaciteit in Kenia.

Daarnaast hervestigt dit kabinet onder meer vanuit landen waar kan worden bijgedragen aan lokale integratie en aldus aan de verbetering van de positie van de achterblijvende vluchtelingen.

In Europees verband steunt Nederland de inzet op regionale beschermingsprogramma’s (RPP’s). Het meest recente RPP waaraan wordt gewerkt is die in Noord-Afrika.

Vraag

De SGP wil graag meer inzicht krijgen in de duur van de vreemdelingenprocedures, zodat de Tweede Kamer vinger aan de pols kan houden. Hoeveel mensen zijn in procedure langer dan 5 jaar?

Antwoord

In mijn voor begin 2012 geplande brief over de uitwerking van de maatregelen tot stroomlijning van toelatingsprocedures zal ik uw Kamer hierover informeren.