Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend
bij de behandeling van het wetsvoorstel Vaststelling van de begrotingsstaten
van de begroting Wonen, Wijken en Integratie (XVIII) voor het jaar 2010 (onderdeel
Wonen en Wijken) (32123 XVIII), te weten:
- de motie-Van Bochove c.s. over een integrale aanpak van de krimpproblematiek
(32123 XVIII, nr. 16);
- de motie-Depla/Van
Bochove over ongedaan maken van overgebleven bezuiniging op de huurtoeslag
(32123 XVIII, nr. 18);
- de motie-Fritsma over
stoppen met uitgeven van belastinggeld aan Vogelaarwijken (32123 XVIII, nr. 19);
- de motie-Fritsma over halvering van de
overdrachtsbelasting (32123 XVIII, nr. 20);
- de motie-Van Gent over het opnemen van een energienorm voor woningen in de
Crisis- en herstelwet (32123 XVIII, nr. 22).
(Zie vergadering van 28 oktober 2009.)
De voorzitter:
De motie-Van Bochove c.s. (32123-XVIII, nr.16) is in die zin gewijzigd
dat zij thans luidt:
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat de bevolkingsontwikkelingen in Nederland ongelijk zijn
verdeeld in groei- en krimpregio's;
constaterende dat de regering reeds met een Randstadvisie 2040 is gekomen
waarin bekeken wordt op welke manier de verwachte groei kan worden geaccommodeerd,
maar een dergelijke visie op ruimtelijke en woningvraagstukken tot op heden
voor andere gebieden niet is uitgebracht;
constaterende dat een krimpende bevolkingsomvang leidt tot ruimtelijke
en woningmarktvraagstukken die zowel het lokale bestuurlijke niveau als de
financiële spankracht van lokale partijen, waaronder woningcorporaties,
ontstijgen;
overwegende dat een gezamenlijk optreden van gemeenten en provincies noodzakelijk
is om te komen tot (regio)specifiek beleid om de bevolkingsontwikkeling op
te vangen, zowel op het terrein van Wonen en Wijken als op andere beleidsterreinen;
overwegende dat in krimpregio's het verdienend vermogen onder druk staat;
verzoekt de regering om in het actieplan de financiering van experimenten
op te nemen die kunnen leiden tot een spoorboekje naar structurele financiering,
waarbij de solidariteit en de draagkracht van gebieden mee worden genomen;
verzoekt de regering om te zorgen voor een transparante (bestuurlijke)
afstemming van betrokkenheid en verantwoordelijkheden binnen de regio's omdat
het probleem van de krimp integraal moet worden aangepakt,
en gaat over tot de orde van de dag.
Naar mij blijkt, wordt de indiening van deze gewijzigde motie voldoende
ondersteund.
Zij krijgt nr. 25 (32123-XVIII).
Ik stel vast dat wij hierover nu kunnen stemmen.
In stemming komt de gewijzigde motie-Van Bochove c.s. (32123-XVIII, nr.
25, was nr. 16).
De voorzitter:
Ik constateer dat deze gewijzigde motie met algemene stemmen is aangenomen.
In stemming komt de motie-Depla/Van Bochove (32133-XVIII, nr. 18).
De voorzitter:
Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, de PvdA,
GroenLinks, D66, de PvdD, de ChristenUnie, de SGP, het CDA, de PVV en het
lid Verdonk voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de fractie
van de VVD ertegen, zodat zij is aangenomen.
In stemming komt de motie-Fritsma (32123-XVIII, nr. 19).
De voorzitter:
Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de VVD, de PVV
en het lid Verdonk voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van
de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.
In stemming komt de motie-Fritsma (32123-XVIII, nr. 20).
De voorzitter:
Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de VVD, de SGP,
de PVV en het lid Verdonk voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden
van de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.
In stemming komt de motie-Van Gent (32123 XVIII, nr. 22).
De voorzitter:
Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van GroenLinks, D66
en de PvdD voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen,
zodat zij is verworpen.