Regeling van werkzaamheden
De voorzitter:
Ik stel voor, toestemming te verlenen tot het houden notaoverleg met stenografisch
verslag op maandag 21 april 2008 van 13.00 uur tot 17.00 uur van de vaste
commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de beleidsnota Uitwerking
werkleerplicht voor jongeren tot 27 jaar (29544, nr. 132).
De voorzitter:
Het woord is aan mevrouw Ouwehand.
Mevrouw Ouwehand (PvdD):
Voorzitter. Tijdens het debat over het Europese klimaatpakket heb ik een
motie over de klimaateffecten van de afschaffing van het melkquotum ingediend.
De minister van VROM wilde nog niet op de motie reageren, omdat zij eerst
met haar collega van LNV wilde overleggen. Wij zijn nu ruim een maand verder –
volgende week is het volgende AO – maar ik heb nog steeds geen reactie
gekregen. Ik weet derhalve nog steeds niet wat ik met de motie moet doen.
Ik doe een dringend beroep op de minister om uiterlijk aanstaande maandag
een reactie op de genoemde motie te geven.
De voorzitter:
Ik stel voor, het stenogram van dit gedeelte van de vergadering door te
geleiden naar het kabinet.
De voorzitter:
Het woord is aan de heer De Wit, maar dat wordt mevrouw Van Velzen, als
Kamerlid van dienst, naar ik begrijp.
Mevrouw Van Velzen (SP):
Als steun en toeverlaat, voorzitter.
De SP-fractie zou graag een brief krijgen waarin de minister van Defensie
en de minister van VROM verslag doen van de NAVO-bijeenkomst die in maart
jongstleden heeft plaatsgevonden. De bijeenkomst ging over de AWACS-vliegtuigen,
de businesscase en in het bijzonder de vervanging van de luidruchtige motoren.
Wij zouden graag een verslag van de genoemde bijeenkomst, het standpunt van
het kabinet ter zake en ook een reactie op de aangenomen motie van mijn fractiegenoot
de heer De Wit (31200, nr. 71) krijgen.
De heer Knops (CDA):
Ik zou daar ook bij willen betrekken de antwoorden op de schriftelijke
vragen, die door de heer De Wit en mijzelf over dit onderwerp zijn gesteld.
Mevrouw Van Velzen (SP):
Uiteraard.
De voorzitter:
Ik stel voor, het stenogram van dit gedeelte van de vergadering door te
geleiden naar het kabinet.
De voorzitter:
Het woord is aan mevrouw Neppérus.
Mevrouw Neppérus (VVD):
Voorzitter. In een aantal kranten werd vanochtend uitgebreid melding gemaakt
van het Ruimtelijk perspectief Noordzee, een kennelijk uitgelekt plan van
het kabinet. Ik zou over deze zaak graag heel snel, als het kan binnen twee
weken, een brief van de ministers van VROM en van EZ en van de staatssecretaris
van Verkeer en Waterstaat willen hebben om helder te krijgen wat er aan de
hand is. Bij deze zaak zijn ruimtelijke ordening, windenergie en veiligheid
in het geding; dat is nogal wat, dunkt mij.
De voorzitter:
Ik stel voor, het stenogram van dit gedeelte van de vergadering door te
geleiden naar het kabinet.
De voorzitter:
Het woord is aan de heer Polderman.
De heer Polderman (SP):
Voorzitter. Op 4 maart heb ik samen met de heer Irrgang schriftelijke
vragen gesteld aan de minister van LNV over de onduidelijkheid en onzekerheid
over natuursubsidies. De termijn voor beantwoording daarvan is verstreken.
De voorzitter:
Ik stel voor, het stenogram van dit gedeelte van de vergadering door te
geleiden naar het kabinet.
De voorzitter:
Het woord is aan de heer Irrgang.
De heer Irrgang (SP):
Voorzitter. Gisteren zijn volgens berichtgeving, onder andere op de site
allafrica.com, gevechten uitgebroken in Tsjaad tussen de rebellen en regeringstroepen.
De situatie is vrij onduidelijk. Er wordt gesproken over mogelijke betrokkenheid
van Sudan. Anderzijds is dit wellicht het begin van een groot offensief. De
SP-fractie zou graag een brief van de ministers van Buitenlandse Zaken, voor
Ontwikkelingssamenwerking en van Defensie krijgen met een nadere duiding van
de situatie en de gevolgen voor de ontplooiing en het opereren van EUFOR.
Mevrouw Van Gennip (CDA):
Voorzitter. Wij steunen dat verzoek. Wij zouden graag zien dat in de brief
specifiek wordt ingegaan op de verschillende zorgen die de fracties naar voren
hebben gebracht in het algemeen overleg over de uitzending van troepen.
De voorzitter:
Heeft u een termijn in gedachten, mijnheer Irrgang?
De heer Irrgang (SP):
Zo spoedig mogelijk, lijkt mij, voorzitter. Volgens mij moet het deze
week nog kunnen.
De voorzitter:
Ik stel voor, het stenogram van dit gedeelte van de vergadering door te
geleiden naar het kabinet.
De voorzitter:
Het woord is aan de heer Graus.
De heer Graus (PVV):
Voorzitter. Ik zou graag het VAO over de grootschalige opslag van energie
op de agenda zetten. Dit verzoek wordt mede ingediend namens mijn Limburgse
medestrijder, de heer Hessels van het CDA.
De voorzitter:
Wij zullen het verslag van dit algemeen overleg toevoegen aan de agenda
van volgende week.
De vergadering wordt van 14.06 uur tot 16.00 uur geschorst.