Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Eerste Kamer der Staten-Generaal2012-2013nr. 25, item 5

5 Stemmingen

Aan de orde zijn de stemmingen over moties, ingediend bij de algemene Europese beschouwingen 2013,

te weten:

  • - de motie-De Vries c.s. over een geloofwaardige Europese aanpak van belastingfraude (33551, letter B);

  • - de motie-De Vries c.s. over de sociale gevolgen van werkloosheid in de Europese Unie (33551, letter C);

  • - de motie-Kuiper c.s. over een algemene wettelijke regeling in het kader van besluitvormingsprocedures over Europese aangelegenheden (33551, letter D).

(Zie vergadering van 16 april 2013.)

De voorzitter:

Er is nog geen bewindspersoon aanwezig. Maar goed, het is geen voorschrift dat er iemand van het kabinet bij is, dus ik stel voor dat wij gewoon doorgaan met de vergadering.

De heer Thissen (GroenLinks):

Voorzitter, even een punt van orde: als dit wat wij nu doen in de Eerste Kamer mag van de collega's van de VVD …

De voorzitter:

Het is een beetje de eigenheid van de Eerste Kamer, zou je kunnen zeggen. Ik kan mij niet voorstellen dat ze het aan de overkant zo doen.

In stemming komt de motie-De Vries c.s. (33551, letter B).

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de VVD, de PvdA, het CDA, de SP, D66, GroenLinks, de ChristenUnie, de SGP, 50PLUS, de PvdD en de OSF voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de fractie van de PVV ertegen, zodat zij is aangenomen.

In stemming komt de motie-De Vries c.s. (33551, letter C).

De voorzitter:

Ik geef gelegenheid tot het afleggen van een stemverklaring vooraf.

De heer Marcel de Graaff (PVV):

Voorzitter. De motie van de heer De Vries over de bestrijding van jeugdwerkloosheid kan in hoge mate rekenen op de sympathie van de leden van mijn fractie, maar uit het dictum zou ook kunnen worden gelezen dat de regering ertoe wordt opgeroepen om zich wat meer in te zetten voor de bestrijding van de jeugdwerkloosheid in Unieverband. Het is dat aspect dat wij niet toejuichen. Wij juichen vanzelfsprekend wel de inzet toe van de Nederlandse regering voor de bestrijding van de jeugdwerkloosheid in Nederland, buiten welk EU-verband dan ook. In die zin hadden wij sterk de neiging om voor deze motie te stemmen, maar gegeven dat specifieke aspect moeten de leden van mijn fractie helaas hun steun aan deze motie onthouden.

De voorzitter:

Ik constateer dat de aanwezige leden van de fracties van de VVD, de PvdA, het CDA, de SP, D66, GroenLinks, de ChristenUnie, de 50PLUS, de PvdD en de OSF voor deze motie hebben gestemd en de aanwezige leden van de fracties van de PVV en de SGP ertegen, zodat zij is aangenomen.

De heer Kuiper heeft het woord gevraagd over de motie op letter D.

De heer Kuiper (ChristenUnie):

Voorzitter. Tijdens en na het debat hebben enkele leden aangegeven het opportuun te vinden om over dit onderwerp, dat zij belangrijk vinden, in de commissie verder te spreken. Daarom willen mede-indiener de heer Thom de Graaf en ik deze motie aanhouden.

De voorzitter:

Op verzoek van de heer Kuiper stel ik voor, zijn motie (33551, letter D) aan te houden.

Daartoe wordt besloten.