Handeling
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Vergadernummer | Datum vergadering |
|---|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | nr. 69, item 10 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Vergadernummer | Datum vergadering |
|---|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2025-2026 | nr. 69, item 10 |
Inzet internationale kindontvoering India
Aan de orde is het tweeminutendebat Inzet internationale kindontvoering India (29279, nr. 1019).
De voorzitter:
Ik stel voor dat we meteen doorgaan met het volgende tweeminutendebat. Dat betreft het tweeminutendebat Inzet internationale kindontvoering India. Ik wil de staatssecretaris Rechtsbescherming en Gevangeniswezen en de minister van Buitenlandse Zaken, die in ons midden blijft, van harte welkom heten. Als zij zover is, geef ik het woord aan mevrouw Van der Plas voor haar bijdrage als eerste spreker bij dit tweeminutendebat. Gaat uw gang.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Dank u wel. Ik begin gelijk even, want ik heb toch een aantal moties.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat Insiya, Nederlands staatsburger en zonder enige andere nationaliteit, inmiddels bijna tien jaar geleden met geweld uit Nederland naar India is ontvoerd en nog altijd niet is teruggekeerd;
constaterende dat jarenlange diplomatieke inzet tot op heden niet heeft geleid tot terugkeer, contactherstel of uitvoering van Nederlandse rechterlijke uitspraken;
overwegende dat er tijdens het bezoek van de Indiase minister-president Modi waarschijnlijk een nieuw strategisch partnerschap wordt aangekondigd;
overwegende dat staatssecretaris Van Bruggen op 16 april 2026 in een commissiedebat heeft gezegd dat India nu eindelijk moet voelen dat het genoeg is geweest;
verzoekt de regering de woorden "anders handelen" concreet te maken en een eventueel nieuw strategisch partnerschap of andere nieuwe bilaterale samenwerking met India in de ijskast te zetten totdat Insiya daadwerkelijk is teruggekeerd naar Nederland,
en gaat over tot de orde van de dag.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat Insiya bijna tien jaar geleden met geweld uit Nederland naar India is ontvoerd en nog altijd niet bij haar moeder is;
overwegende dat niemand deze zaak beter onder woorden kan brengen dan haar eigen moeder;
verzoekt de regering tijdens het bezoek van premier Modi een persoonlijk gesprek tussen hem en de moeder van Insiya te organiseren,
en gaat over tot de orde van de dag.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
verzoekt de regering Zijne Majesteit de Koning te vragen de zaak-Insiya tijdens het werkbezoek onder de aandacht te brengen bij de Indiase premier,
en gaat over tot de orde van de dag.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
verzoekt de regering India met een beroep op het geldende uitleveringsverdrag uit 1898 te verzoeken om uitlevering van de vader van Insiya aan Nederland en de Kamer (vertrouwelijk) te informeren over de reactie van India,
en gaat over tot de orde van de dag.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat jarenlange diplomatieke inzet niet heeft geleid tot de terugkeer van Insiya;
overwegende dat druk pas geloofwaardig is wanneer duidelijk is welke consequenties volgen bij uitblijvend resultaat;
verzoekt de regering een escalatieladder op te stellen en deze, desnoods vertrouwelijk, met de Kamer te delen, waarin wordt vastgelegd welke vormen van samenwerking met India worden afgebouwd zolang Insiya niet is teruggekeerd naar Nederland,
en gaat over tot de orde van de dag.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Dank u wel.
De voorzitter:
Dank u wel, mevrouw Van der Plas. Het woord is aan mevrouw Kröger namens GroenLinks-Partij van de Arbeid.
Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Voorzitter. Namens mijn collega Mutluer, die er nu niet bij kan zijn, dien ik de volgende motie in. Wij steunen ook de motie die de VVD zo zal indienen.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat na internationale kindontvoering adequate hulp moet worden geboden aan de ouder;
overwegende dat juist voortdurende hulpverlening kan bijdragen aan de-escalatie, schadebeperking en veilige terugkeer van kinderen;
constaterende dat landelijke duidelijkheid hierover ontbreekt;
verzoekt de regering te borgen dat hulpverlening wordt geboden na internationale kindontvoering en hiervoor een landelijke werkwijze te hanteren,
en gaat over tot de orde van de dag.
Dank u wel. U heeft een interruptie van mevrouw Van der Plas; ik sta twee interrupties toe bij dit tweeminutendebat.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Gaat het belang van mensenrechten, het belang van een kind, boven bijvoorbeeld economische en strategische partnerschappen? Ik vind dat het eigenlijk een beetje pappen en nathouden is, ook met deze motie. De diplomatieke weg heeft al tien jaar niks uitgehaald. Ik vraag me af hoe GroenLinks-PvdA daarnaar kijkt, ook in het licht van mijn eerste motie.
Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Ik heb net een motie ingediend om ouders en mensen bij te staan als er sprake is van kindontvoeringen. Wij vinden deze praktijk verschrikkelijk. Mijn collega zet zich hier ook altijd keihard voor in. Ik denk dat het heel belangrijk is dat we zorgen dat ouders ondersteund worden, maar ook dat het inderdaad onderwerp is van diplomatiek gesprek en diplomatieke betrekkingen en dat er druk is om te zorgen dat landen meewerken, in de hoop dat wij kinderen terug kunnen krijgen.
De voorzitter:
Afrondend.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
We hebben een schriftelijk overleg gehad.
Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Ja.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Daarin is duidelijk gebleken dat al tien jaar de diplomatieke weg wordt bewandeld, maar Insiya, die 2 was toen ze werd ontvoerd, zit daar nog steeds in een gewelddadige omgeving. Haar moeder zit al tien jaar zonder haar kind in Nederland, ondanks vier rechterlijke uitspraken. De diplomatieke weg is toch allang bewandeld? Dat heeft gewoon niet geholpen. Waarom denkt GroenLinks-PvdA dan dat dat nu wel zou helpen?
Mevrouw Kröger (GroenLinks-PvdA):
Volgens mij zijn er een heleboel mensen in deze Kamer — mevrouw Van der Plas, mijn collega Mutluer — die intens meeleven met het lot van dit gezin, maar het is natuurlijk ook veel breder. Dit is helaas iets dat op een heleboel plekken speelt. Dan is het ongelofelijk belangrijk dat we dit kabinet oproepen om daar heel stevig werk van te maken en om druk op te voeren en op te blijven voeren. Dat is ook precies wat we doen, maar mevrouw Van der Plas gaat zo luisteren naar de motie die daarover ingediend wordt.
De voorzitter:
Dank u wel. Het woord is aan de heer Bikkers namens de VVD.
De heer Bikkers (VVD):
Dank u wel, voorzitter. Een kind dat al sinds 2016 gescheiden is van haar thuisland, ondanks alle rechterlijke uitspraken, dat raakt ons allemaal. Juist in een tijd waarin we onze banden met India versterken, mogen we deze zaak niet los zien van onze waarden. Daarom de volgende motie.
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat Insiya in 2016 met geweld naar India is ontvoerd en nog altijd niet is teruggekeerd;
constaterende dat de Nederlandse rechterlijke uitspraken en de uitspraken over contactherstel tot op heden niet tot uitvoering hebben geleid;
overwegende dat de Europese Unie en India recent een vrijhandelsakkoord hebben gesloten en hun strategische samenwerking verder verdiepen;
overwegende dat samenwerking tussen de EU en India mede is gebaseerd op respect voor rechtsstatelijkheid en mensenrechten;
overwegende dat internationale kinderontvoering en het niet naleven van rechterlijke uitspraken raken aan deze fundamentele principes;
verzoekt de regering om de zaak-Insiya en de bredere problematiek van internationale kinderontvoering expliciet te betrekken bij de verdere gesprekken over de strategische samenwerking tussen de EU en India en optimale diplomatieke inspanningen in te zetten om Insiya terug te laten keren,
en gaat over tot de orde van de dag.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Hoelang moet er nog gepraat worden voordat Insiya terugkomt? Er is al tien jaar een diplomatieke weg bewandeld. Dat heeft niets geholpen, het meisje zit er nog steeds en de moeder heeft haar dochter nog steeds niet terug. Het dochtertje was 2 toen ze wegging, een peuter. Mocht ze al terugkomen, dan krijgt de moeder een kind van 12 terug, als ze geluk heeft. Hoelang moet er nog gepraat worden voordat de VVD bereid is om echt actie te ondernemen?
De heer Bikkers (VVD):
Ik denk dat wij met deze motie extra druk uitoefenen. Ook het Europees Parlement heeft richting de Europese Commissie aangegeven hier een zaak van te maken. Als wij gezamenlijk druk uitoefenen en de Europese Unie inzetten in plaats van te denken dat wij het vanuit Nederland wel kunnen organiseren, dan kunnen we diplomatiek het meest effectief zijn.
De voorzitter:
Tot slot.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Wij maken hier politieke keuzes en wij kunnen hier gewoon de keuze maken om nu hardere maatregelen te nemen om Insiya terug te krijgen, bijvoorbeeld door de strategische samenwerking in de ijskast te zetten. Landen als India lachen hierom, die zeggen "prima, we gaan ernaar kijken", maar vervolgens gaan er weer tien jaar voorbij. Is de heer Bikkers dat met mij eens?
De heer Bikkers (VVD):
De vraag of India daar om lacht of niet, laat ik graag aan mevrouw Van der Plas. Tegelijkertijd ben ik op zoek naar de meest effectieve inzet om ervoor te zorgen dat het meisje zo snel mogelijk terugkomt bij haar moeder. Als die effectieve manier via de motie van mevrouw Van der Plas loopt en het kabinet zegt dat dat voor hen essentieel is om het gesprek aan te gaan om ervoor te zorgen dat het meisje terugkeert, dan ben ik van harte bereid om daarnaar te kijken. Maar mijn inschatting is dat het veel effectiever is als we in Europees verband het gesprek met India aangaan dan wanneer we dat alleen vanuit Nederland zouden doen.
De voorzitter:
Dank u wel. Ik schors de vergadering tien minuten voor de beantwoording van de zijde van het kabinet.
De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.
De voorzitter:
Ik heropen de vergadering en geef het woord aan de staatssecretaris Rechtsbescherming en Gevangeniswezen.
Staatssecretaris Van Bruggen:
Voorzitter, dank u wel en dank ook aan de Kamer voor de gestelde vragen, en dan natuurlijk vooral voor die uit de schriftelijke ronde. Juist dat steunt het kabinet en het beleid van het kabinet op dit punt. Deze zaak raakt mensen heel diep. Dat geldt voor de moeder. Dat geldt voor de familie. Dat geldt voor de Kamer, voor mijzelf en voor het hele kabinet. Juist daarom blijven we ons ten volle inzetten voor het terug laten keren van Insiya.
Ik wil de Kamer danken voor de voortdurende steun en betrokkenheid. Wij ervaren dat als kabinet ook echt als steun. De suggesties en de aandachtspunten die Kamerleden de afgelopen week en ook nu weer in het debat hebben geuit, helpen ons en kunnen alleen maar een grotere betrokkenheid teweegbrengen in het gesprek dat Nederland met India voert. Het kabinet is doorlopend aan de slag om juist in deze zaak te komen tot een zo snel mogelijke terugkeer van Insiya naar Nederland.
Ik begin de appreciatie van de moties met de motie op stuk nr. 1025 en ik ga daarna verder met de motie op stuk nr. 1027. De motie op stuk nr. 1025 verzoekt opnieuw om de uitlevering van de vader van Insiya. Dat verzoek geef ik graag oordeel Kamer. In de motie staat "verzoekt de Kamer vertrouwelijk te informeren over de reactie" en ik zeg daar nog wel over dat we dat daadwerkelijk vertrouwelijk zullen doen. Dat doen we dus niet in de schriftelijke reactie die we uit zullen doen gaan naar aanleiding van het bezoek van premier Modi aanstaand weekend.
De voorzitter:
De motie op stuk nr. 1025: oordeel Kamer.
Staatssecretaris Van Bruggen:
De motie op stuk nr. 1027 krijgt ook oordeel Kamer, voorzitter.
De voorzitter:
Dank u wel.
Staatssecretaris Van Bruggen:
Dank u wel.
De voorzitter:
Dankjewel. Dan is het woord aan de minister van Buitenlandse Zaken.
Minister Berendsen:
Dank u wel, voorzitter. Ik sluit me helemaal aan bij de woorden van de staatssecretaris over de wijze waarop deze zaak ons allemaal aangrijpt en over de onverminderde inzet die het kabinet pleegt om via alle wegen er mogelijk voor te zorgen dat Insiya zo snel mogelijk terugkeert.
De eerste motie, de motie op stuk nr. 1022, ontraden wij, omdat de samenwerking met India in de ijskast zetten wat ons betreft niet bijdraagt aan het vinden van een oplossing.
De motie op stuk nr. 1023 ontraden wij ook. Dat betreft het gesprek van de moeder met premier Modi. De minister-president heeft een gesprek gevoerd met de moeder. Ik heb dat zelf ook gedaan en de minister-president zal dit opbrengen bij Modi. Maar een gedwongen gesprek tussen de moeder en Modi op het moment dat hij hier is, is diplomatiek gezien niet de juiste oplossing.
De voorzitter:
Ik stel voor dat de minister zijn appreciaties even afrondt. Daarna geef ik ruimte voor het debat.
Minister Berendsen:
De motie op stuk nr. 1024 verzoekt de regering Zijne Majesteit de Koning te vragen de zaak op te brengen, onder de aandacht te brengen. Deze motie geven wij oordeel Kamer.
De motie op stuk nr. 1026 over de escalatieladder ontraden we. Daarvoor verwijs ik naar mijn uitleg bij de motie op stuk nr. 1022. Uiteindelijk zijn wij van mening dat juist de samenwerking met India en de vele gesprekken die we voeren, uiteindelijk zouden kunnen leiden tot beweging, hoewel de frustratie bij het kabinet wel degelijk aanwezig is, omdat we die beweging nog steeds onvoldoende zien.
De motie op stuk nr. 1028 geven wij oordeel Kamer.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Weet u wie er gefrustreerd is? Dat is de moeder van Insiya! Die is gefrustreerd. Nog meer dan dat: die zit al tien jaar zonder haar dochtertje. Die heeft ze voor het laatst gezien toen het meisje nog in de luiers zat. Dat meisje is nu 12 en god knows, god weet, wanneer en of ze ooit terugkomt. Wij hebben net antwoord gekregen op de vragen die nog waren blijven liggen. Daarin zegt de minister: "De enige route die we hebben, is de diplomatieke, en die bewandelen we al jaren zeer intensief op het hoogste niveau. Ook de koning en de koningin hebben de zaak al opgeworpen, zonder enig resultaat." Hoe kan de diplomatieke weg die nu bewandeld gaat worden, tot resultaat leiden als het al tien jaar niet is gelukt?
Minister Berendsen:
Ik heb zelf ook een gesprek gevoerd met de moeder van Insiya. Dat was een heel emotioneel gesprek. Die frustratie is er volledig. Ik begrijp heel goed dat dat voor ons nog een heel ander verhaal is dan voor de moeder en voor het kind. Zeker als vader kan ik mij de pijn goed voorstellen. Tegelijkertijd is het ongelofelijk wat deze situatie met zich meebrengt. Dit kabinet is van mening dat juist de gesprekken die we hebben en het bezoek van Modi, en in zijn kielzog ook mijn collega-minister van Buitenlandse Zaken, de momenten zijn waarop we dit onder de aandacht kunnen brengen. Ook het debat dat we hier vandaag over voeren, de schriftelijke vragen die we hebben beantwoord en de mediaberichten daarover, laten zien hoe dit publiekelijk bij iedereen in Nederland leeft en laten zien dat het ons aangrijpt. Ook dat proberen we over te brengen. Het is inderdaad zo dat diplomatieke inspanningen tot op heden geen resultaat geboekt hebben, maar we gaan daar wel mee door. Dat zal uiteindelijk de weg zijn waardoor we enige beweging moeten kunnen gaan krijgen.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ik citeer nog een keer: "en zonder enig resultaat". Dat is nét geantwoord aan de Kamer. Zonder enig resultaat. En wat zegt de minister? "We gaan dezelfde weg weer bewandelen, want dat geeft misschien wat beweging." Nee, dat geeft geen beweging. Dat heeft al tien jaar geen beweging gegeven. Er is geen enkele reden om aan te nemen dat dat nu wel beweging zal geven. De enige manier waarop je dit soort landen kunt aanpakken, is via de weg van bijvoorbeeld een strategische samenwerking waar India voordelen bij heeft. Dat is de minister toch met mij eens? Mijn tweede vraag sluit daarop aan. De minister zegt dat een gedwongen gesprek met de moeder en de premier geen zin heeft en niet gaat helpen. Misschien gaat het juist wel een doorbraak geven als de premier de moeder in de ogen kan kijken en ziet dat daar een vrouw zit die al tien jaar lijdt onder het feit dat haar kind gewelddadig is ontvoerd en nooit meer is teruggekomen.
Minister Berendsen:
Ik deel de interpretatie van mevrouw Van der Plas als het gaat om wat zo'n gesprek doet. Ik heb dat gesprek zelf ook gevoerd met de moeder. Ik ben me daar dus volledig bewust van. Mijn punt daarbij is dat we in het programma dat we hebben, diplomatiek gezien dat gesprek niet kunnen forceren. Wij doen er alles aan om de gesprekken die ik voer met mijn counterpart en die de premier en ook het Koninklijk Huis voeren met premier Modi onder de aandacht te brengen. We hebben net oordeel Kamer gegeven aan de motie. Het is tegelijkertijd ook zo dat we, gezien de stappen die de afgelopen jaren gezet zijn — denk aan de uitspraken van de rechter bijvoorbeeld, met een onherroepelijke situatie, met bestraffing van de vader, en aan de publieke aandacht die er nu wederom voor de zaak is — wij wel degelijk geloven dat dit allemaal bouwsteentjes zijn voor het diplomatieke spoor dat wij uitvoeren. Dat doen we nu ook. India komt hierheen; laten we deze kans alsjeblieft ook aangrijpen om dit nog eens heel nadrukkelijk onder de aandacht te brengen. Dat blijven wij als kabinet ook doen.
De voorzitter:
Tot slot.
Mevrouw Van der Plas (BBB):
Ik kan alleen maar hopen dat dit gebeurt. Maar als ik naar de historie van de afgelopen tien jaar kijk, is er gewoon niets gebeurd, in die zin dat India er niet voor heeft gezorgd dat Insiya kan terugkeren naar haar moeder. Ik kan het alleen maar hopen. Wij zullen hier ook op blijven drukken. Ik hoop echt dat het kabinet bereid is om, als het weer niet lukt binnen afzienbare tijd, toch hardere en strakkere stappen te zetten hierin en India gewoon te dwingen om Insiya terug te brengen naar haar moeder.
Minister Berendsen:
Het kabinet deelt de frustratie en is daarom ook extra gemotiveerd om dit te blijven doen, met hernieuwde energie. Het kabinet wil, nu India hierheen komt, de kans aangrijpen om dit nadrukkelijk onder de aandacht te brengen.
Mevrouw Piri (GroenLinks-PvdA):
Ik heb een vraag over de motie op stuk nr. 1024. Mijn fractie is zeer blij om ook in de media te vernemen dat de premier van plan is om deze zaak zelf te bespreken met de premier van India. Ik denk dat het ook goed is als de koning dit doet. Maar ik wil hier toch iets bij noteren. Volgens mij scheppen we hier wel een precedent in de Kamer, dat we per motie het kabinet opdragen om de koning iets te vragen. Ik vraag aan de minister: klopt dat? Is dit wel echt een precedent, of is dit eigenlijk een gebruikelijk iets, wat we voortaan dus ook vaker kunnen doen?
Minister Berendsen:
Ik denk dat mevrouw Piri hier gelijk in heeft. Het is natuurlijk niet gebruikelijk dat we dit doen. Daarom hebben we dit even zorgvuldig gewogen en getoetst. In dit geval gaat het om iets waarvan ook publiekelijk bekend is dat het in het verleden ook al gedaan is. Dat betekent dat we met z'n allen kunnen aannemen dat dit weer gaat gebeuren. Laat ik het zo zorgvuldig formuleren richting ons Koninklijk Huis.
De voorzitter:
Ik dank de minister en de staatssecretaris voor de beantwoording van de gestelde vragen en de appreciaties van de ingediende moties.
De beraadslaging wordt gesloten.
De voorzitter:
We zijn aan het einde gekomen van dit tweeminutendebat. Ik schors de vergadering tot 17.00 uur, waarna we zullen gaan stemmen.
De vergadering wordt van 16.45 uur tot 17.00 uur geschorst.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/h-tk-20252026-69-10.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.