9 Regeling van werkzaamheden

Regeling van werkzaamheden

Devoorzitter:

Ik stel voor, de spreektijden bij het debat over de aanpak van de Q-koorts vast te stellen op 4 minuten per fractie.

Daartoe wordt besloten.

Devoorzitter:

Ik deel aan de Kamer mee dat de fractie van GroenLinks met ingang van 16 december 2010 het lid Sap tot haar fractievoorzitter heeft gekozen. Van harte gefeliciteerd.

Op verzoek van het lid Slob stel ik voor, zijn motie op stuk 29398, nr. 238 opnieuw aan te houden. Dit betekent dat de in artikel 69, tweede lid, genoemde termijn van twee maanden voor deze motie opnieuw gaat lopen.

Daartoe wordt besloten.

Devoorzitter:

Op verzoek van de fractie van GroenLinks benoem ik:

  • - in de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken het lid Sap tot plaatsvervangend lid in plaats van het lid Halsema;

  • - in de contactgroep Duitsland het lid Braakhuis tot lid.

Op verzoek van de SP-fractie benoem ik:

  • - in de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken het lid Paulus Jansen tot lid in plaats van het lid Irrgang en het lid Jasper van Dijk tot plaatsvervangend lid in de bestaande vacature en het lid Rik Janssen tot plaatsvervangend lid in plaats van het lid Paulus Jansen;

  • - in de vaste commissie voor Veiligheid en Justitie het lid Rik Janssen tot plaatsvervangend lid in de bestaande vacature;

  • - in de algemene commissie voor Immigratie en Asiel het lid Rik Janssen tot lid in de bestaande vacature en het lid Jasper van Dijk tot plaatsvervangend lid in plaats van het lid De Wit.

Op verzoek van de PVV-fractie benoem ik:

  • - in de contactgroep Duitsland de leden Helder en Van Vliet tot lid;

  • - in de contactgroep België de leden Driessen en Hernandez tot lid;

  • - in de contactgroep Duitsland het lid De Boer tot lid.

Op verzoek van de CDA-fractie benoem ik in de contactgroep Verenigd Koninkrijk het lid Haverkamp tot lid.

Het woord is aan mevrouw Koşer Kaya.

MevrouwKoşer Kaya (D66):

Voorzitter. 2011 is nog maar net begonnen en minister Kamp heeft al een gat in zijn begroting van ongeveer 210 mln. Ik wil graag een debat met hem houden. Hoe wil hij dat gat dichten?

MevrouwDezentjé Hamming-Bluemink (VVD):

Voorzitter. Ik denk dat een debat wat prematuur is. In de eerste plaats heeft de minister aangegeven met een nieuw voorstel naar de Tweede Kamer te komen, en in de tweede plaats denk ik dat hij eerst met een brief moet komen over hoe hij denkt hiermee om te gaan. Ik pleit ervoor, eerst de informatie van de minister af te wachten.

De heerVan Hijum (CDA):

Voorzitter. De CDA-fractie houdt ook niet van gaten in de begroting, maar het lijkt haar goed om daarover eerst een brief te vragen. Voor het overige ga ik ervan uit dat er bij de Voorjaarsnota ook voorstellen zullen liggen om die gaten te dichten.

De heerKlaver (GroenLinks):

Voorzitter. Steun voor het verzoek, maar ik zie wel graag een brief van de minister, waarin hij erop ingaat hoe hij de AOW-toeslag anders gaat regelen.

De heerUlenbelt (SP):

Voorzitter. Natuurlijk moeten we erover debatteren, maar laat de minister eerst maar komen met zijn voorstel.

MevrouwHamer (PvdA):

Voorzitter. Ik steun het verzoek, gecombineerd met een brief van de minister hoe hij de gaten gaat vullen. Dan hebben we iets om over te praten. Ik steun het verzoek.

Devoorzitter:

Mevrouw Koşer Kaya, u hebt geen steun van 76 leden. Wel is er ruime steun om eerst informatie te vragen aan de minister. Op basis van de binnengekomen informatie kunnen we dan alsnog beslissen om al of niet een debat te houden. Spreekt die werkwijze u aan?

MevrouwKoşer Kaya (D66):

Dan wil ik de brief graag voor komende week vrijdag ontvangen, zodat we in ieder geval een spoeddebat kunnen houden. Weliswaar is er geen steun voor een debat, maar wel voor een spoeddebat.

Devoorzitter:

De beslissing daarover nemen we op het moment dat de brief binnen is. Dat lijkt me ordelijk.

MevrouwKoşer Kaya (D66):

Ik zal de dinsdag daarop wederom een spoeddebat aanvragen.

Devoorzitter:

Wij zullen dit deel van het stenogram doorgeleiden naar het kabinet.

Het woord is aan mevrouw Ouwehand.

MevrouwOuwehand (PvdD):

Voorzitter. Zojuist was het al aan de orde in het vragenuur: het gebruik van landbouwgif en de effecten daarvan op omwonenden. De staatssecretaris van ELI heeft toegezegd, hierover een brief te sturen, maar ik wil ook een reactie van de minister van VWS op ons voorstel om een moratorium op het middelengebruik af te kondigen, en een algemene reactie van VWS op de discussie die nu speelt. Ik zou het voorstel willen doen om die aanvullende informatie via u te vragen. Als de brief er is, kunnen we besluiten of we er ofwel een apart debat voor moeten inplannen ofwel dat we het kunnen betrekken bij een algemeen overleg. Ik zeg hier wel alvast dat ik waarschijnlijk een motie zal indienen. Dan moet het even op deze manier.

Devoorzitter:

Het lijkt mij verstandig dat wij eerst de aanvullende informatie vragen aan het kabinet, dus dat wij het stenogram van dit deel van de vergadering doorgeleiden naar het kabinet. Op het moment dat de informatie er is, kunt u alsnog beslissen om al of niet een debat te houden.

MevrouwOuwehand (PvdD):

Ja, prima.

Voorzitter. Ik heb nog een tweede verzoek dat hiermee samenhangt, hoewel ik dat niet had aangekondigd. Ik ben benieuwd naar de visie van de minister-president op de omgang tussen ministeries en journalistiek. De minister-president heeft gezegd dat Kamerleden voortaan weer ambtenaren kunnen bellen, maar de uitzending van Zembla afgelopen zaterdag liet toch wel een erg gesloten beeld zien van ministeries. Er zou zijn afgesproken dat ambtenaren op geen enkele manier met journalisten in contact mogen treden over een gevoelig dossier, zoals het gebruik van landbouwgif. Ik verzoek dan ook om een brief van de minister-president over zijn wellicht hernieuwde visie op de omgang van ministeries met journalistiek. Wat mij betreft is dat zo open mogelijk.

Devoorzitter:

Ik begrijp dat u van de gelegenheid gebruikmaakt nu u er toch staat, maar normaal gesproken zou de procedure anders gelopen zijn. Maar laten wij nu geen procedurediscussie met elkaar voeren. Als de collega's het goed vinden, geleid ik beide verzoeken door via het doorgeleiden van het stenogram.

MevrouwOuwehand (PvdD):

Dank u wel.

Devoorzitter:

Het woord is aan de heer Van Gerven.

De heerVan Gerven (SP):

Voorzitter. Wie gisteren de uitzending heeft gezien van Radar over de gevolgen van het handelen van een orthopeed die 25 jaar heeft kunnen werken in het Waterlandziekenhuis, zal zeggen dat het een schande is dat dit mogelijk is in Nederland. Daarbij spelen ook talloze vragen. Waar was de Inspectie voor de Gezondheidszorg? Waar was de directie? Waar waren de collega-artsen? Wie helpt de patiënten die massaal in de kou blijven staan?

Daarom wil ik een spoeddebat met de minister van Volksgezondheid over deze onverkwikkelijke kwestie.

MevrouwDille (PVV):

Voorzitter. De PVV steunt dit verzoek.

De heerMulder (VVD):

Voorzitter. De vragen van de heer Van Gerven zijn allemaal terecht. Aanstaande donderdag hebben wij een algemeen overleg met de minister over de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Daar hoort dit onderwerp volgens mij zeer thuis.

MevrouwDijkstra (D66):

Voorzitter. D66 sluit zich aan bij de woorden van de VVD.

De heerVan der Veen (PvdA):

Voorzitter. De Partij van de Arbeid voelt ook voor de suggestie van de VVD.

MevrouwBruins Slot (CDA):

Voorzitter. Ik zou hier namens mijn fractie aan willen toevoegen de vraag of het wellicht niet goed is om hierover een brief van de minister van VWS te krijgen.

De heerDibi (GroenLinks):

Ook de fractie van GroenLinks steunt het voorstel van de VVD.

Devoorzitter:

Er is een ruime meerderheid die graag wil dat u dit punt deze week in een reeds geplande vergadering aan de orde stelt. Tevens ligt er het verzoek om van tevoren een reactie van het kabinet te krijgen.

De heerVan Gerven (SP):

Er is voldoende steun voor een spoeddebat. Dus dat kan gehouden worden. Ik vind het ook goed om het te betrekken bij het algemeen overleg van aanstaande donderdag over de inspectie, maar dan wil ik wel eerst een brief van de minister waarin zij klip-en-klaar aangeeft dat het ziekenhuis er garant voor staat dat alle patiënten van het Waterlandziekenhuis die een procedure willen voeren en daarvoor een medisch adviseur en een advocaat nodig hebben, daarover ook inderdaad kunnen beschikken, dus dat de minister in die brief de toezegging doet dat de positie van de patiënten wordt gewaarborgd. Daarover wil ik graag een uitspraak van de minister. Die brief moet dan, laat ik zeggen, morgen komen, zodat wij donderdagmorgen dat debat kunnen voeren in het algemeen overleg. Als dat gesteund wordt door de Kamer, dan trek ik mijn verzoek om een spoeddebat vooralsnog in.

Devoorzitter:

Ik zal dit deel van het stenogram doorgeleiden naar de minister. Wat zij in de brief schrijft, is iets waar zij zelf over gaat. Dat kan daarna weer onderdeel uitmaken van het debat dat u zult voeren. Daarna is er een algemeen overleg waarin dit onderwerp met elkaar besproken kan worden. Als er nadien nog behoefte blijft om er een plenair debat of een spoeddebat van te maken, zien wij u ongetwijfeld weer terug.

De heerVan Gerven (SP):

Dank u, voorzitter.

Devoorzitter:

Het woord is aan de heer Paulus Jansen.

De heerPaulus Jansen (SP):

Voorzitter. Na de grote chemiebrand in Moerdijk, waarbij wij door het oogje van de naald zijn gekropen, is er daadkracht en snelle actie van het kabinet nodig om de gezondheids- en milieueffecten zo veel mogelijk te beperken. Om die reden vraagt de SP-fractie, mede namens de fracties van de Partij voor de Dieren en GroenLinks, om een debat deze week nog met de minister van VWS en de staatssecretaris voor Milieu over deze problematiek, en wat ons betreft hoe eerder hoe beter.

MevrouwKuiken (PvdA):

Voorzitter. Ook wij hebben natuurlijk zorgen over de gezondheidsschade en -risico's voor omwonenden, hulpverleners en journalisten. Daarom steunen wij het verzoek om een spoeddebat dan ook graag. Ik stel voor om het spoeddebat donderdag te houden en om het kabinet te vragen om voor morgen 12.00 uur te komen met een brief, waarin wordt ingegaan op de maatregelen die zijn genomen voor nu en voor de langere termijn als het gaat om de gezondheidsrisico's. Tevens stel ik voor om in overweging te nemen om de minister van Veiligheid en Justitie bij dat debat uit te nodigen, zodat wij ook vragen kunnen stellen over het wat bredere proces van de rampenbestrijding.

MevrouwDijkstra (D66):

Voorzitter. Wij steunen het verzoek om een spoeddebat.

MevrouwWiegman-van Meppelen Scheppink (ChristenUnie):

Voorzitter. Ook steun, maar vooral ook steun voor de aanvullingen die zijn gedaan door de PvdA-fractie, zeker wat betreft de aanwezigheid van minister Opstelten, ook vanwege zijn uitspraken en zijn inschatting van wat er is gebeurd in Moerdijk.

De heerVan Bochove (CDA):

Voorzitter. Ik steun de lijn die door mevrouw Kuiken namens de fractie van de Partij van de Arbeid is verwoord.

MevrouwVan Tongeren (GroenLinks):

GroenLinks steunt uiteraard het verzoek, want wij hebben het mede ingediend, maar het lijkt mij ook een heel goed plan om te vragen om een brief en om minister Opstelten erbij te vragen. Wij willen graag dat in die brief ook aandacht wordt besteed aan wat er is gebeurd in de communicatie en of deze nu wel op orde is, want zo'n ramp kan ook volgende week gebeuren.

MevrouwHennis-Plasschaert (VVD):

Steun voor het voorstel van mevrouw Kuiken van de PvdA, dus een brief voor morgen 12.00 uur. Ik pleit er wel voor om het debat over de organisatie en de Wet veiligheidsregio's los te trekken van het debat over de gezondheids- en milieueffecten en minister Opstelten daar niet bij te betrekken. Ik vind het echt van belang dat wij dat hier scheiden.

De heerElissen (PVV):

Voorzitter. Ik sluit mij graag aan bij de woorden van de VVD-fractie.

MevrouwOuwehand (PvdD):

Voorzitter. Als medeaanvrager van het debat kan ik mij vinden in het ook uitnodigen van minister Opstelten. Ik heb nog een laatste verzoek aan het kabinet, namelijk om het rapport van het RIVM dat vandaag is verschenen, mee te sturen met de brief die is gevraagd.

Devoorzitter:

Mijnheer Jansen, u kunt niet ontevreden zijn over de reacties.

De heerPaulus Jansen (SP):

Ik dank de collega's voor de brede steun. Ik heb ook wel begrip voor hun nadere verzoeken. De SP-fractie heeft haast, omdat wij weten dat de dagen tellen bij het uitstellen van gezondheidsonderzoeken. Het is wel behoorlijk urgent, maar een of twee dagen moet kunnen. Het is inderdaad goed als het RIVM-rapport snel wordt toegestuurd, als er voor morgen 12.00 uur een brief komt en als de minister van Veiligheid erbij wordt betrokken. Prima.

Devoorzitter:

Oké. Ik had een debat voor hedenavond om zeven uur in de aanbieding, maar goed, soepel als wij altijd zijn, veranderen we dat weer. Wij leiden het stenogram door. We vragen het kabinet om zo snel mogelijk een brief toe te zenden. We zullen kijken of we het organisatorisch donderdag in uitgebreide vorm rond krijgen, inclusief de minister van Veiligheid en Justitie.

De heerPaulus Jansen (SP):

Dank voor uw soepelheid, voorzitter. Zou er wat betreft de spreektijd rekening gehouden kunnen worden met de grote interesse, het belang dat de fracties eraan hechten en het feit dat er nu drie bewindspersonen zijn uitgenodigd?

Devoorzitter:

Ja, enige rekening. We gaan van drie naar vier minuten.

Het woord is aan mevrouw Helder.

MevrouwHelder (PVV):

Voorzitter. Ik heb begrepen dat er vanavond nog een gaatje in de agenda is.

Devoorzitter:

Nee.

MevrouwHelder (PVV):

Het was het proberen waard. Nu de definitieve cijfers bekend zijn, blijkt dat het aantal tegen hulpverleners gerichte geweldsincidenten tijdens de jaarwisseling met maar liefst 25% is toegenomen. Afgelopen weekend waren er maar liefst drie incidenten waarbij geweld werd gepleegd tegen de politie: in Steenbergen, Hoorn en Almere is de politie belaagd door uitgaanspubliek. De PVV-fractie wil dan ook graag een spoeddebat met de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie over het nog steeds toenemende aantal geweldsincidenten tegen hulpverleners.

Devoorzitter:

Wat is daarop de reactie van uw collega's? Wordt dit verzoek gesteund?

MevrouwHennis-Plasschaert (VVD):

De VVD-fractie steunt dit verzoek.

De heerÇörüz (CDA):

Wij sluiten ons daarbij aan.

De heerDibi (GroenLinks):

Het had van mij ook een AO mogen zijn, maar ik zie dat er een meerderheid is voor een spoeddebat. Dan wil ik wel graag een brief van de minister waarin hij aangeeft hoe hij wil omgaan met het toenemende geweld tegen hulpverleners.

Devoorzitter:

In dit geval is dat een brief van de staatssecretaris. Mevrouw Helder, een brief van de staatssecretaris en daarna een spoeddebat?

MevrouwHelder (PVV):

Ik denk dat een brief van de staatssecretaris niet nodig is, want er staan voldoende concrete punten in het gedoog- en het regeerakkoord. Ik vind die brief dus niet nodig.

De heerDibi (GroenLinks):

Voor de GroenLinks-fractie is een brief wel nodig. Wij willen namelijk van de staatssecretaris weten of hij aanleiding ziet om nieuwe maatregelen te nemen en hoe hij aankijkt tegen de toename van het geweld.

MevrouwHelder (PVV):

Ik vind de brief nog steeds niet nodig, want de staatssecretaris heeft in de Telegraaf al aangegeven hoe hij aankijkt tegen de toename van het geweld. Hij wil een zerotolerancebeleid.

Devoorzitter:

Wij communiceren niet via de kranten. Het lijkt mij dus verstandig om de staatssecretaris te vragen om die brief en om het debat daarna zo snel mogelijk te plannen.

MevrouwHelder (PVV):

Mag ik dan wel een termijn stellen voor die brief? Ik wil die brief namelijk wel zo snel mogelijk.

Devoorzitter:

Die brief proberen wij per omgaande te krijgen.

MevrouwHelder (PVV):

Dank u wel.

Devoorzitter:

Wij zullen dit deel van het stenogram doorgeleiden.

Het woord is aan mevrouw Albayrak, als voorzitter van de commissie voor Buitenlandse Zaken.

MevrouwAlbayrak (PvdA):

Voorzitter. De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken heeft vanmiddag in een extra vergadering gesproken over Afghanistan. In die vergadering hebben wij de procedure vastgesteld voor de behandeling van de brief van het kabinet over de voorgenomen missie naar Kunduz in Afghanistan. In dat verband wil ik u vragen om rekening te houden met een plenair debat in februari, maar in ieder geval nog voor het krokusreces. Het tijdstip daarvan is afhankelijk van het tijdstip van de hoorzitting waarmee wij nu bezig zijn. Ik wil u vragen om bij dat debat de minister-president, de minister van Buitenlandse Zaken, de minister van Defensie, de minister van Veiligheid en Justitie en de staatssecretaris van Buitenlandse Zaken uit te nodigen.

Devoorzitter:

Dank voor uw vooraankondiging. Wij zullen daar bij de planning rekening mee houden.

Het woord is tot slot aan de heer Van der Ham.

De heerVan der Ham (D66):

Voorzitter. Er wordt bezuinigd op het hoger onderwijs en 2500 hoogleraren en docenten dreigen hun baan te verliezen. Ik zou daarover graag een spoeddebat willen hebben. Dit spoeddebat wordt mede aangevraagd door mevrouw Jadnanansing van de PvdA, de heer Jasper van Dijk van de SP en de heer Klaver van GroenLinks. Ik zou dit spoeddebat natuurlijk graag met de staatssecretaris willen doen, maar die is deze week lastig te bevragen. Wij zouden dit spoeddebat graag uiterlijk volgende week willen hebben.

Devoorzitter:

Ik hoef niet meer te vragen hoe hierover wordt gedacht, want er is al meer dan genoeg steun.

MevrouwJadnanansing (PvdA):

Ik heb alleen nog een hieraan gekoppeld verzoek. Vorige week heeft de PvdA-fractie schriftelijke vragen gesteld over deze kwestie. Ik zou graag zien dat de beantwoording daarvan plaatsvindt voorafgaand aan het debat.

Devoorzitter:

Wij zullen dit deel van het stenogram doorgeleiden, om die wens te benadrukken. Wij zullen bekijken wanneer dit spoeddebat kan worden gepland. Bij het debat geldt een spreektijd van drie minuten per fractie.

Sluiting 15.15 uur.

Naar boven