Aan de orde zijn de stemmingen in verband met het
wetsvoorstel Vaststelling van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten
van het Ministerie van Justitie (VI) voor het jaar 1999 (26200 VI), en over:
- de motie-Van de Camp/Halsema over extra uitgaven
in verband met asielzoekers (26200 VI, nr. 21);
- de motie-Van de Camp c.s. over het geweldsniveau van het videospel 'Carmaggedon
II' (26200 VI, nr. 22);
- de motie-Van de Camp
over geweld op straat en alcoholgebruik (26200 VI, nr. 23);
- de motie-De Wit over de uurvergoeding voor gefinancierde
rechtshulp (26200 VI, nr. 24);
- de motie-Dittrich
over de gemiddelde uurvergoeding voor asielzaken (26200 VI,
nr. 25);
- de motie-Halsema over het horen van buitenlandse
opsporingsambtenaren (26200 VI, nr. 26);
- de motie-Halsema c.s. over de overdracht van het beheer over de politie (26200 VI, nr. 27);
- de motie-Halsema over kwaliteitsverbetering
in de asielprocedure (26200 VI, nr. 28);
- de motie-Halsema over een onderzoek van de Algemene Rekenkamer naar het functioneren
van de IND (26200 VI, nr. 29).
(Zie vergadering van 5 november 1998.)
De artikelen 1 t/m 4, de begrotingsstaat, onderdeel uitgaven en verplichtingen,
de begrotingsstaat, onderdeel ontvangsten, de begrotingsstaat, onderdeel agentschappen,
en de beweegreden worden zonder stemming aangenomen.
De voorzitter:
Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen vooraf.
De heer Van de Camp (CDA):
Mevrouw de voorzitter! De CDA-fractie heeft vorige week bij de begrotingsbehandeling
van Justitie gewezen op een ernstig financieel probleem in deze begroting.
Naar alle waarschijnlijkheid zullen de uitgaven voor de opvang en onderzoek
van asielzoekers de thans voorgestelde begroting met een aanzienlijk bedrag
overschrijden. Wij verwachten dat het zal gaan om een bedrag van 800 mln.
Wij hebben voorgesteld om een nota van wijziging op de begroting in te dienen.
Het kabinet heeft echter laten weten daar op voorhand niet toe bereid te zijn.
Wij betreuren dat. Van de andere kant lijkt het de CDA-fractie niet verantwoord
om die reden tegen de begroting te stemmen. Er komt dus helaas geen nota van
wijziging. Wij zullen het kabinet kritisch volgen bij de Voorjaarsnota en
vervolgens voor de begroting van Justitie stemmen.
In stemming komt het wetsvoorstel.
De voorzitter:
Ik constateer, dat het wetsvoorstel met algemene stemmen is aangenomen.
Op verzoek van de heer Van de Camp stel ik voor, de motie-Van de Camp
c.s. (26200-VI, nr. 22) en de motie-Van de Camp (26200-VI, nr. 23) van de
agenda af te voeren.
Mevrouw Halsema (GroenLinks):
Voorzitter! Gezien de reacties van de minister en de staatssecretaris
in tweede termijn, wil ik niet al mijn moties in stemming brengen. Minister
Korthals toonde zich gevoelig voor de klacht dat de feitelijke overdracht
van politie pas zou plaatsvinden voorafgaand aan bespreking van herziening
van de Politiewet door de Tweede Kamer. Hij zegde toe hierover in het kabinetsberaad
te spreken. In afwachting van de brief die hij hierover naar de Kamer zendt,
wil ik de motie op stuk nr. 27, mede namens de heren Schutte en Rouvoet, aanhouden
tot uiterlijk de tweede week van december.
Ik trek de motie op stuk nr. 28 over kwaliteitsverbetering in de asielprocedure
in. De toezegging van de heer Cohen om dit te bezien bij herziening van de
Vreemdelingenwet, komt voldoende tegemoet aan de wens van GroenLinks.
Wat de motie op stuk nr. 29 betreft, dient naar het oordeel van GroenLinks
de staatssecretaris in staat te worden gesteld zijn plannen voor verbetering
van de kwaliteit van de werkwijze en organisatie van de IND uit te voeren.
De geschiedenis van de IND van de afgelopen jaren leert echter
dat zorg over het effect van maatregelen op zijn plaats blijft. Ik houd daarom
ook deze motie tot nader orde aan.
De voorzitter:
Mevrouw Halsema trekt haar motie (26200-VI, nr. 28) in.
Op haar verzoek stel ik voor, de motie-Halsema c.s. (26200-VI, nr. 27)
en de motie-Halsema (26200-VI, nr. 29) van de agenda af te voeren.
De heer Dittrich (D66):
Voorzitter! Mijn opmerking gaat over de motie op stuk nr. 25, de gemiddelde
uurvergoeding voor asielzaken aan advocaten die asielzoekers bijstaan. De
staatssecretaris heeft toegezegd een brief aan de Kamer te sturen. We hebben
die nog niet ontvangen. Ik houd de motie aan totdat wij de brief hebben gekregen.
Ik ga ervan uit dat dit op korte termijn zal zijn.
De voorzitter:
Op verzoek van de heer Dittrich stel ik voor, zijn motie (26200-VI, nr.
25) van de agenda af te voeren.
In stemming komt de motie-Van de Camp/Halsema (26200-VI, nr. 21).
De voorzitter:
Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van de SP, GroenLinks,
het CDA, het GPV, de RPF en de SGP voor deze motie hebben gestemd en die van
de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.
In stemming komt de motie-De Wit (26200-VI, nr. 24).
De voorzitter:
Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van de SP en GroenLinks
voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ertegen, zodat
zij is verworpen.
In stemming komt de motie-Halsema (26200-VI, nr. 26).
De voorzitter:
Ik constateer, dat deze motie is verworpen met dezelfde stemverhouding
als de vorige.
Ik geef gelegenheid tot het afleggen van een stemverklaring achteraf.
Justitie (begroting)
De heer Vos (VVD):
Voorzitter! Ik heb gevraagd namens de VVD-fractie iets te mogen zeggen
over de motie op stuk nr. 21. De VVD heeft die motie afgewezen. De VVD heeft
begrip voor het feit dat nu niet alle financiële informatie over de asielzoekersproblematiek
direct op tafel kan komen. Dat laat echter onverlet dat de VVD er groot belang
aan hecht dat de Kamer periodiek en met grote regelmaat geïnformeerd
wordt over de financiële perikelen. De VVD zal de vinger strak aan de
pols houden. Samengevat, was er geen reden om nu voor deze motie te stemmen.
De vergadering wordt van 15.15 uur tot 15.30 uur geschorst.