Aan de orde zijn de stemmingen over vier moties, ingediend
in het notaoverleg over de nota Transport in balans, te weten:
- de motie-Valk/Van 't Riet over intermodaal vervoer bij afstanden van meer
dan 150 km (25022, nr. 5);
- de motie-Reitsma
c.s. over de bijdrage van de binnenvaart in de modal split (25022,
nr. 6);
- de motie-M.B. Vos over ontkoppeling van economische
groei en groei van het goederenvervoer (25022, nr. 7);
- de motie-Van 't Riet c.s. over de kosten van overslag bij intermodaal vervoer
(25022, nr. 8).
(Zie notaoverleg van 24 februari 1997.)
In stemming komt de motie-Valk/Van 't Riet (25022, nr. 5).
De voorzitter:
Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van GroenLinks,
de SP, de PvdA, D66, het GPV, de RPF, de groep-Nijpels, de Unie 55+ en het
lid Hendriks voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties
ertegen, zodat zij is verworpen.
In stemming komt de motie-Reitsma c.s. (25022, nr. 6).
De voorzitter:
Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van GroenLinks,
de SP, de PvdA, D66, het GPV, de SGP, de RPF, het CDA, de groep-Nijpels, het
AOV, de Unie 55+ en het lid Hendriks voor deze motie hebben gestemd en die
van de overige fracties ertegen, zodat zij is aangenomen.
In stemming komt de motie-M.B. Vos (25022, nr. 7).
De voorzitter:
Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van GroenLinks,
de SP, de RPF en het lid Hendriks voor deze motie hebben gestemd en die van
de overige fracties ertegen, zodat zij is verworpen.
In stemming komt de motie-Van 't Riet c.s. (25022, nr. 8).
De voorzitter:
Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fractie van de VVD tegen
deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties ervoor, zodat zij
is aangenomen.
Mevrouw Van 't Riet (D66):
Voorzitter! Ik heb een vraag over de stemming over de motie op stuk nr.
5. Alleen de VVD en het CDA waren tegen deze motie. U zegt echter dat de motie
verworpen is. Weet u dat zeker?
De voorzitter:
Ik ben te rade gegaan bij de tellers achter mij. Ter nadere zekerheid
wil ik met genoegen opnieuw laten stemmen. Dat betreft de motie-Valk/Van 't
Riet over intermodaal vervoer bij afstanden van meer dan 150 km (25022, nr.
5).
Ik constateer, dat de aanwezige leden van de fracties van GroenLinks,
de SP, de PvdA, D66, het GPV, de RPF, de groep-Nijpels, de Unie 55+ en het
lid Hendriks voor deze motie hebben gestemd en die van de overige fracties
ertegen, zodat de stemmen zouden staken.
Dat betekent dat ik de uitslag niet kan vaststellen. Dat biedt de mogelijkheid
om volgende keer nog eens te stemmen of om nu hoofdelijk te stemmen. Als wij
nu niet hoofdelijk stemmen, lopen wij het risico dat er volgende week hoofdelijk
moet worden gestemd.
De heer Rosenmöller (GroenLinks):
Voorzitter! Het is niet mijn motie, maar als niemand het zegt, wijs ik
erop dat de aanwezige leden van de fracties van de PvdA, D66, GroenLinks,
de SP, de RPF, het GPV, de groep-Nijpels, het AOV en het lid Hendriks voor
de motie hebben gestemd. Dan telt iedereen hier dat de motie is aangenomen.
De voorzitter:
Nee, u telt anders. Er zijn 75 stemmen vóór de motie geteld.
Als wij daar verschil van mening over houden, is de enige mogelijkheid dat
er nu hoofdelijk wordt gestemd. Ik stel voor, dat de leden hun plaatsen innemen
en dat wij nu hoofdelijk over de motie stemmen.
De heer Bolkestein (VVD):
Voorzitter! Mag ik u vragen of er volgende week niet opnieuw kan worden
gestemd en om nu niet hoofdelijk te gaan stemmen?
De voorzitter:
Wij hebben twee keer gestemd. Ik stel voor om het nu af te doen en om
nu hoofdelijk te stemmen.
De heer Van Zijl (PvdA):
Voorzitter! U vergist zich echt.
De heer Ybema (D66):
Het klopt niet, hoor. Het zijn echt meer dan 75 stemmen. U kunt dat zo
uittellen. Zal ik het voortellen?
De voorzitter:
Moet u eens luisteren: ik ga af op de mensen achter mij die de stemmen
tellen.
De heer Ybema (D66):
Het spijt mij, maar wij kunnen allemaal tellen: de PvdA 37 stemmen en
D66 24 stemmen, maakt samen 61 stemmen, GroenLinks 5 stemmen, maakt 66, de
SP 2 stemmen, maakt 68, het GPV 2 stemmen, maakt 70, de RPF 3 stemmen, maakt
73, de groep-Nijpels 3 stemmen, maakt 76, de Unie 55+ 1 stem en het lid Hendriks
maken 78 stemmen.
De voorzitter:
Onze waarneming was dat de fracties van de SGP en de RPF niet hebben voorgestemd.
Of heeft de SGP-fractie wel voorgestemd?
De heer Van der Vlies (SGP):
De SGP-fractie heeft tegengestemd, maar de RPF-fractie heeft voorgestemd.
De voorzitter:
De SGP-fractie heeft drie stemmen; dan komen wij van 78 stemmen op 75
stemmen.
De heer De Graaf (D66):
Voorzitter! De heer Ybema heeft zojuist geteld en heeft daarbij niet de
stemmen van de SGP-fractie meegenomen, maar wel de stemmen van de fracties
van de RPF en het GPV.
De voorzitter:
Goed. Ik leg mij graag neer bij de meerderheid van de Kamer, die dan uiteindelijk
toch gezegd heeft dat de motie is aangenomen.