4 Raad Werkgelegenheid en Sociaal Beleid

Aan de orde is het VAO Raad Werkgelegenheid en Sociaal Beleid 7 maart 2016 (AO d.d. 3/3). 

De voorzitter:

Het algemeen overleg over de Raad Werkgelegenheid en Sociaal Beleid heeft tot een paar minuten geleden geduurd. Ik heet de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van harte welkom. Er zijn twee sprekers en als eerste geef ik het woord aan mevrouw Schut-Welkzijn namens de VVD. 

Mevrouw Schut-Welkzijn (VVD):

Voorzitter. Ik wil één motie indienen. 

Motie

De Kamer, 

gehoord de beraadslaging, 

overwegende dat uitkeringen als de kinderbijslag bedoeld zijn als tegemoetkoming in de kosten van levensonderhoud van kinderen die in Nederland wonen; 

overwegende dat de Kamer al op 5 december 2013 de motie-Heerma heeft aangenomen waarin het kabinet wordt opgeroepen om te komen tot een exportverbod van kinderbijslag in de EU; 

overwegende dat de conclusie van de Europese Raad op 19 februari 2016 is om het woonlandbeginsel te gaan toepassen op de export van kindregelingen als het Verenigd Koninkrijk in de Europese Unie blijft; 

overwegende dat het kabinet ook heeft aangegeven dat er mooie elementen in het VK-pakket zitten; 

overwegende dat in vele landen van de Europese Unie de kosten van levensonderhoud lager zijn dan in Nederland; 

constaterende dat voor een dergelijke wijziging van EU-beleid geen wijziging van het verdrag nodig is; 

verzoekt de regering, zich hard te maken voor het zo snel mogelijk toepassen van het woonlandbeginsel bij de export van alle kindregelingen binnen de EU, 

en gaat over tot de orde van de dag. 

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Schut-Welkzijn en Pieter Heerma. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. 

Zij krijgt nr. 394 (21501-31). 

De heer Ulenbelt (SP):

Voorzitter. Ook ik wil de Kamer om een uitspraak vragen. 

Motie

De Kamer, 

gehoord de beraadslaging, 

overwegende dat na het referendum in het Verenigd Koninkrijk mogelijk de EU-verordening vrij verkeer van werknemers en de EU-verordening coördinatie sociale zekerheid aangepast zullen worden; 

verzoekt de regering, het standpunt in te nemen dat alle legaal verblijvende werkenden voor de wet gelijk behandeld zullen blijven worden, 

en gaat over tot de orde van de dag. 

De voorzitter:

Deze motie is voorgesteld door de leden Ulenbelt en Kerstens. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. 

Zij krijgt nr. 395 (21501-31). 

Mevrouw Schut-Welkzijn (VVD):

Wij hebben net een algemeen overleg gehad. Daarin is geconstateerd dat iedereen voor de wet gelijk behandeld zal blijven worden. In Nederland hebben we wetgeving en een Grondwet waarin staat dat niemand mag worden gediscrimineerd. Wat is voor de heer Ulenbelt de aanleiding om deze motie toch in te dienen? 

De heer Ulenbelt (SP):

Dat heb ik vanochtend omstandig uiteengezet. Het komt erop neer dat er in het Verenigd Koninkrijk kennelijk gespeeld wordt met de gedachte dat in de sociale zekerheid in het Verenigd Koninkrijk onderscheid gemaakt zou kunnen worden naar nationaliteit. Dat wil ik niet. Als het zover komt, moeten daarvoor de regels in Europa veranderd worden. Daarom lijkt het me verstandig om vast te leggen dat wij dat onderscheid niet willen. 

De voorzitter:

Ik begrijp dat dit debat al in het algemeen overleg is gevoerd. 

De heer Ulenbelt (SP):

Ja. 

De voorzitter:

Mevrouw Schut, tot slot. 

Mevrouw Schut-Welkzijn (VVD):

Die conclusie deel ik niet. Volgens mij is heel sterk verworpen dat een onderscheid wordt gemaakt op basis van nationaliteit. Dat is juist niet het geval. Wij hebben in Nederland al een ingroeimodel voor de sociale zekerheid voor mensen van buiten de EU. De VVD wil dat ook voor mensen van binnen de EU. Dat betekent dat iedereen dezelfde rechten houdt die in de Nederlandse wet zijn vastgelegd. Ik vind dit dus een totaal overbodige motie. Ik begrijp ook niet waarom de heer Ulenbelt de noodzaak ziet om deze in te dienen. 

De heer Ulenbelt (SP):

Inhoudelijk is mevrouw Schut-Welkzijn het de motie eens, dus dan nodig ik haar uit om deze motie te steunen. Dan is de Nederlandse positie voor gelijke behandeling van werkenden onder gelijke omstandigheden enzovoorts heel erg helder. Als mevrouw Schut-Welkzijn tegen deze motie zou stemmen, heeft ze iets uit te leggen. 

Minister Asscher:

Voorzitter. Het heeft zo zijn voordelen om zo uit een algemeen overleg naar de plenaire zaal te gaan, want dan is de discussie heel vers. 

Ik heb over het eerste punt, de motie op stuk nr. 394 van mevrouw Schut-Welkzijn en de heer Heerma, net gezegd dat de motie-Heerma het uitgangspunt is voor de regering. Die motie wordt hier in feite opnieuw bij de kop genomen en met de actualiteit verbonden. Dit betekent wel dat de regering hier nu niets mee zal doen, in ieder geval niet tot de uitkomst van het brexitreferendum. Dat was ook niet het betoog van mevrouw Schut in het algemeen overleg, maar ik zeg hier wel duidelijk dat als de motie wordt aangenomen, het begrip "zo snel mogelijk" in ieder geval niet betekent: voordat de Britten een uitspraak hebben gedaan in hun referendum. Daarna ontstaat een nieuwe situatie. De premier heeft al gezegd dat het pakket afspraken met de Britten ook goede elementen bevat. Hij heeft onder meer gewezen op de positie van de nationale parlementen en op een aantal andere elementen. Wij moeten dan met elkaar bekijken wat die situatie met zich brengt. Als ik de motie zo mag uitleggen, laat ik het oordeel aan de Kamer. Als dat niet zo is, ontraad ik de motie. 

De tweede motie, de motie van de heren Ulenbelt en Kerstens op stuk nr. 395, is geheel in lijn met het debat dat wij zojuist hebben gevoerd en de opvatting van de regering dat er altijd een rechtvaardigingsgrond moet zijn om mensen anders te behandelen. Dat moet ook tot uitdrukking komen in de voorstellen van de Europese Commissie. Dus ook voor deze motie geldt dat ik het oordeel aan de Kamer laat. 

De beraadslaging wordt gesloten. 

De voorzitter:

Wij zullen bij aanvang van de middagvergadering stemmen over beide moties. 

De vergadering wordt van 10.58 uur tot 11.48 uur geschorst. 

Naar boven