Handeling

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarVergadernummerDatum vergadering
Tweede Kamer der Staten-Generaal2012-2013nr. 91, item 4

4 Regeling van werkzaamheden

Regeling van werkzaamheden

De voorzitter:

Op verzoek van de aanvrager stel ik voor, het dertigledendebat over het bericht dat het aantal woninginbraken opnieuw is gestegen, van de agenda af te voeren.

Ik stel voor, toe te voegen aan de agenda van de Kamer:

  • - het wetsvoorstel Wijziging van de Paspoortwet in verband met een andere status van de Nederlandse identiteitskaart, het verlengen van de geldigheidsduur van reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaarten, een andere grondslag voor de heffing van rechten door burgemeesters en gezaghebbers en het niet langer opslaan van vingerafdrukken in de reisdocumentenadministratie (Wijziging van de Paspoortwet in verband met onder meer de status van de Nederlandse identiteitskaart) (33440 (R1990));

  • - het wetsvoorstel Wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 in verband met het recht van vrij verkeer en verblijf op het grondgebied van de lidstaten voor de burgers van de Unie en hun familieleden (33286);

  • - het wetsvoorstel Wijziging van de Wet op de naburige rechten in verband met de omzetting van Richtlijn 2011/77/EU van het Europees Parlement en de Europese Raad van 27 september 2011 tot wijziging van de Richtlijn 2006/116/EG betreffende de beschermingstermijn van het auteursrecht en bepaalde naburige rechten (33329);

  • - het Voorstel van wet van het lid Bontes tot wijziging van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek in verband met het beperken van de duur van partneralimentatie en tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering in verband met het desverzocht verstrekken van berekeningen van draagkracht en behoefte in zaken betreffende partneralimentatie (33311);

  • - het Voorstel van wet van de leden Van Raak, Heijnen, Schouw, Voortman, Segers en Ouwehand, houdende de oprichting van een Huis voor klokkenluiders (Wet Huis voor klokkenluiders) (33258).

Ik stel voor, toestemming te verlenen tot het houden van wetgevings- c.q. notaoverleg met stenografisch verslag op:

  • - maandag 1 juli 2013 van 18.00 tot 23.00 uur van de vaste commissie voor Economische Zaken over gewasbeschermingsmiddelen.

Op verzoek van het lid Elias stel ik voor, de motie (31936, nr. 127) opnieuw aan te houden. Dit betekent dat de in artikel 69, tweede lid, van het Reglement van Orde genoemde termijn van twee maanden voor deze motie opnieuw gaat lopen.

Ik stel voor, het VAO JBZ-Raad van 6 en 7 juni aan de agenda van morgen toe te voegen, met als eerste spreker de heer Fritsma. Morgen zullen ook de stemmingen zijn. Dit betekent dat de stemmingen die eerder voor vandaag waren aangekondigd, niet zullen doorgaan.

Overeenkomstig de voorstellen van de voorzitter wordt besloten.

De voorzitter:

Het woord is aan mevrouw Leijten van de SP, die spreekt namens mevrouw Gesthuizen.

Mevrouw Leijten (SP):

Voorzitter. Mijn collega Gesthuizen heeft heel goede vragen gesteld aan de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie over het Nederlandse visitatiebeleid in vreemdelingendetentie. Wij willen daar graag antwoord op.

De voorzitter:

Ik zal het stenogram van dit gedeelte van het debat doorgeleiden naar het kabinet.

Het woord is opnieuw aan mevrouw Leijten.

Mevrouw Leijten (SP):

Voorzitter. Aanstaande maandag hebben wij een belangrijk notaoverleg over de veranderingen in de langdurige zorg. Wij hebben meerdere keren gevraagd om een reactie op een rapport dat stelt dat de bezuinigingen die zijn ingeboekt, niet worden gehaald. Dit is nu echt al de vierde keer dat ik hierom vraag. Wij hebben dit nodig voor het debat van maandag. Ik vraag bovendien al vanaf november om een overzicht van de wachtlijsten in de AWBZ. Ook dat heb ik nog steeds niet gekregen. Langs deze weg wil ik dus graag aan u, voorzitter, vragen om hier druk op te zetten, want wij moeten dit wel hebben voor dat debat.

De voorzitter:

Ik zal het stenogram van dit gedeelte van het debat, inclusief het klemmende beroep, doorgeleiden naar het kabinet.

Het woord is aan de heer Schouw van D66.

De heer Schouw (D66):

Voorzitter. Morgen praten wij hier de hele dag over het masterplan van de heer Teeven. Vanmorgen lazen wij in het Algemeen Dagblad dat zijn eigen ambtenaren op het ministerie daar gehakt van maken, daar geen fiducie in hebben. Om dat debat met elkaar morgen goed te kunnen voeren, zou ik graag een reactie willen hebben van staatssecretaris Teeven op die interne ambtelijke notities, die nu kennelijk in de krant staan.

De voorzitter:

U verzoekt om een uitgelekte notitie met een reactie daarop, naar de Kamer te sturen, en dit allemaal vóór de aanvang van het debat?

De heer Schouw (D66):

Mijn verzoek is iets anders genoteerd dan ik bedoelde. We kunnen namelijk een hele discussie voeren over de vraag of uitgelekte notities hier wel mogen komen. Ik wil een reactie van de staatssecretaris op die geheime notities. De staatssecretaris zou er verstandig aan doen om die notities mee te sturen, maar ik denk niet dat ik dat van hem kan eisen.

De voorzitter:

Het gaat om een reactie op de berichten dat er een notitie zou bestaan en op de inhoud daarvan.

Mevrouw Van Toorenburg (CDA):

Onder normale omstandigheden zou ik dat verzoek steunen, maar in dit geval niet. Ik denk namelijk dat wij dan een circus krijgen waarin ambtenaren ineens iets anders moeten gaan zeggen dan zij in een notitie hebben opgeschreven, die niet bij ons is gekomen. Ik vind het een veelzeggend geluid. Het past ook bij het geluid van de hele sector. Ik wil gewoon een helder debat voeren over de mediaberichten die zozeer passen in de kritiek. Ik hoef er niets meer aan toegevoegd te krijgen door de staatssecretaris.

De voorzitter:

Ik heb wel een vraag. U geeft geen steun, maar betekent dit dat u het verzoek blokkeert? Als iemand hier een verzoek doet, wordt het meestal stilzwijgend doorgeleid. Als u het verzoek echt wilt blokkeren, moet u dat uitspreken.

Mevrouw Van Toorenburg (CDA):

Ik vind het belangrijk om te laten weten dat ik het signaal heb begrepen, maar dat ik mij afvraag of het verstandig is om er een reactie op te krijgen. Wij weten precies wat er dan gebeurt; dan krijgen wij een sociaal wenselijk verhaal. Ik wil er morgen gewoon een helder debat over voeren.

De voorzitter:

Ik ga nu eerst de andere meningen inventariseren. Misschien kom ik daarna bij u terug. Voor mij is het op dit moment niet helemaal helder of u het verzoek wel of niet blokkeert.

Mevrouw Voortman (GroenLinks):

GroenLinks steunt het verzoek van D66. Wij willen inderdaad een reactie hierop. Ik deel de mening van de heer Schouw dat het verstandig zou zijn dat de staatssecretaris de notities naar de Kamer stuurt.

De heer Segers (ChristenUnie):

Ik heb ook geen hoge verwachtingen van wat de staatssecretaris gaat zeggen, maar ik steun het verzoek, want ik wil een en ander wel lezen en ik wil de reactie zien.

Mevrouw Helder (PVV):

Ik betwijfel zelfs of het is uitgelekt. Ik denk dat het de staatssecretaris misschien wel goed uitkomt, gezien wat er gisteren in Nieuwsuur werd bepleit door gevangenisdirecteuren. Ik steun wel het verzoek van de collega.

De heer Recourt (PvdA):

Ook mijn fractie heeft twijfels over het effect en het nut. Maar wij willen de oppositie graag ter wille zijn, met alleen een brief met een reactie.

De heer Klein (50PLUS):

Namens 50PLUS zeg ik dat ik veel waardering heb voor de wijze waarop de heer Schouw van D66 het voorstel formuleert, namelijk om niet de notitie te sturen, maar om daadwerkelijk te kijken, naar aanleiding van de berichtgeving, naar wat de staatssecretaris daarvan vindt. Wij steunen dus het verzoek.

Mevrouw Leijten (SP):

Het debat gaat morgen over het plan, maar ook over alternatieven. Als blijkt, via allerlei wegen, dat er meerdere alternatieven zijn op het ministerie, die de Kamer blijkbaar niet heeft gekregen, lijkt het mij wel zinvol om daarover nadere informatie te vragen. Wat ons betreft, mogen er ook conceptnotities komen, want dan kunnen wij kennis nemen van de opties die op tafel hebben gelegen. Wij kunnen die dan in onze alternatieven meewegen.

De heer Van der Steur (VVD):

Mevrouw Van Toorenburg heeft natuurlijk gelijk als zij zegt dat de Kamer zich niet moet laten leiden door allerlei stukken die willekeurige ambtenaren al dan niet laten uitlekken naar de media. Tegelijkertijd heeft de heer Schouw gelijk als hij zegt: nu het eenmaal bekend is, willen wij graag een reactie van de staatssecretaris. Dat steunt de VVD-fractie, een reactie van de staatssecretaris op de berichtgeving over een al dan niet uitgelekt document.

De heer Dijkgraaf (SGP):

Wij steunen het verzoek om een reactie van de staatssecretaris op het uitlekken van de notitie.

De voorzitter:

Mijnheer Schouw, u hebt brede steun voor uw verzoek.

De heer Schouw (D66):

Ik dank de collega's. Misschien kan mevrouw Van Toorenburg zich daar nu bij aansluiten, want haar inbreng is een beetje een vreemde dissonant in deze bespreking.

Mevrouw Van Toorenburg (CDA):

Omdat wij het inhoudelijk heel erg met elkaar eens zijn, begrijp ik wel waarom de heer Schouw dit zegt. Wat ik dan wel graag wil, is het volgende. Ik doe daarbij ook een beroep op u, voorzitter. Als er dan stukken zijn uitgelekt naar de media, moeten die naar de Kamer. Ik hoef niet alleen een verhaal van de staatssecretaris waarin hij dit kan afdoen als zijnde niet waar. Want dat gebeurt straks natuurlijk, en daar heb ik helemaal geen zin in. Dan wil ik ook de onderliggende stukken, die blijkbaar wel in de media zijn verschenen.

De voorzitter:

Ik zal dit gedeelte van het stenogram doorgeleiden naar het kabinet.

De heer Recourt (PvdA):

Met "dit gedeelte" bedoelt u toch het verzoek van de heer Schouw, maar niet de aanvulling van mevrouw Van Toorenburg?

De voorzitter:

Alles, van het begin tot het einde.

De heer Van der Steur (VVD):

Dan wil ik opgemerkt hebben dat ik in ieder geval namens de VVD-fractie de aanvulling van mevrouw Van Toorenburg om het daadwerkelijke document te krijgen, absoluut niet steun, om de simpele reden dat het niet zo kan zijn dat de agenda en de inhoud van de discussies hier in de Kamer worden geleid door ambtenaren die vinden dat het ergens anders over moet gaan dan waar het over moet gaan.

De voorzitter:

Ook het stenogram van dit gedeelte van de vergadering zal ik toevoegen aan het stenogram dat wordt doorgeleid. Ik zal het in zijn geheel doorsturen naar het kabinet en vragen om voor aanvang van het debat van morgen met de gevraagde reactie te komen.

Het woord is aan mevrouw Voortman, die namens haar collega Van Ojik een verzoek wil doen.

Mevrouw Voortman (GroenLinks):

Voorzitter. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft vandaag met 97% van de stemmen een motie aangenomen waarin staat dat het sociaal akkoord en het zorgakkoord op dertien punten moeten worden aangepast voordat zij überhaupt wil kijken naar de uitvoering van beide akkoorden. Het kabinet kan niet zowel gemeenten als sociale partners tevredenstellen. De vraag is dan ook wat er van beide akkoorden overblijft. Om die reden willen wij graag op korte termijn een debat met de minister-president, de minister van Sociale Zaken en de staatssecretaris van VWS.

De voorzitter:

Mevrouw Voortman verzoekt om steun voor een debat.

Mevrouw Hamer (PvdA):

Wij hebben begrepen dat de VNG het kabinet om overleg vraagt. Dat overleg zal er ongetwijfeld komen. Het lijkt ons goed dat het kabinet ons in een brief op de hoogte stelt als dat overleg heeft plaatsgevonden. Op dat moment kunnen we kijken of een debat nodig is, maar vooralsnog lijkt me dat prematuur. Laat eerst dat overleg maar tot stand komen.

De voorzitter:

Geen steun voor een debat op dit moment.

Mevrouw Karabulut (SP):

Ik steun absoluut het verzoek om een debat. Mevrouw Hamer kan doen alsof er wederom niets aan de hand is, maar die bom onder het sociaal akkoord komt gewoon tot ontploffing. Gemeenten willen totaal iets anders. Ook dit akkoord dreigt weer te mislukken. Ik zou zeggen: doen dat debat!

De heer Van Weyenberg (D66):

Ook de fractie van D66 steunt het verzoek om een debat. De VNG heeft terecht eisen gesteld. Zij is er helemaal niet bij betrokken. Ik wil graag weten wat het kabinet met dat eisenpakket gaat doen. Dit lijkt me de plek om daarover met het kabinet van gedachten te wisselen.

Mevrouw Van Nieuwenhuizen-Wijbenga (VVD):

Ik geef geen steun aan het verzoek om een debat. Wel geef ik steun aan het verzoek om een brief, want ook ik ontvang graag een schriftelijke reactie van het kabinet op deze situatie.

De heer Klein (50PLUS):

Ik geef duidelijk steun aan dit debat. We moeten wel eerst duidelijkheid hebben, want uiteindelijk liggen de consequenties van het zorgakkoord bij de gemeenten. Als de gemeenten dat niet kunnen waarmaken, moeten we daarover eerst met de minister-president spreken. Als de minister-president het op prijs stelt om een brief te schrijven, dan is dat natuurlijk heel wenselijk voor het voeren van het debat.

Mevrouw Agema (PVV):

Steun.

De heer Oskam (CDA):

De CDA-fractie steunt het verzoek ook.

De heer Bisschop (SGP):

Als ik de motie goed lees, gaat het niet zozeer om het ter discussie stellen van het sociaal akkoord, als wel om de uitvoering van de decentralisatieopgave. In die zin denk ik dat het verstandiger is dat we het gesprek tussen de minister en de VNG afwachten en dat we op basis van die uitkomsten het debat voeren. Ik vind het prematuur om nu een discussie te voeren, een debat te houden, over het wel of niet uitvoeren van het sociaal akkoord. Als je kijkt naar de motie, is dat volgens mij niet aan de orde. Ik geef dus geen steun aan dit verzoek om een debat.

Mevrouw Voortman (GroenLinks):

Ik wil tegen de heer Bisschop zeggen dat een aantal punten toch echt haaks staat op het sociaal akkoord en het zorgakkoord. Ik kan dat nu wel toelichten maar dat kost redelijk wat tijd. Ik constateer dat veel fracties vragen om een brief. Komende maandag debatteren de woordvoerders langdurige zorg over het zorgakkoord en over de brief over de langdurige zorg. Ik wil vragen om die brief uiterlijk morgen naar de Kamer te sturen, zodat die betrokken kan worden bij het debat hierover.

De heer Bisschop (SGP):

Ik wil even reageren omdat mevrouw Voortman mij daarop aansprak. Natuurlijk telt de motie enkele punten die betrekking hebben op het sociaal akkoord en enkele punten die betrekking hebben op het zorgakkoord. Ze zijn daaraan gekoppeld. In wezen gaat het, lees maar na, over de uitvoering van de taken en niet over het ter discussie stellen van het sociaal akkoord als zodanig. Je kunt het niet helemaal los van elkaar zien, maar uiteindelijk gaat het om de bestuurlijke ruimte van gemeenten. Dat is de kern van de motie.

De voorzitter:

Ik zal dit gedeelte van het stenogram doorgeleiden naar het kabinet.

Daarmee zijn we aan het einde gekomen van deze regeling van werkzaamheden.

De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.