Regeling van werkzaamheden
De voorzitter:
Het woord is aan mevrouw Timmer.
Mevrouw Timmer (PvdA):
Voorzitter. Wij hebben op 17 maart een algemeen overleg over verslavingszorg
gehad met de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Ik wil graag
het verslag daarvan op de plenaire agenda zetten. Ik weet dat ik niet over
de planning ga, maar wat mij betreft hoeft het niet deze week.
De voorzitter:
Ik stel voor, aan dit verzoek te voldoen en dit punt toe te voegen aan
de agenda voor volgende week of de week daarna.
De voorzitter:
Het woord is aan mevrouw Van Heteren.
Mevrouw Van Heteren (PvdA):
Voorzitter. Vorige week heeft een algemeen overleg plaatsgevonden over
externe veiligheid en ketenstudies, met de staatssecretaris van VROM en de
minister van V&W. Ik verzoek u om het verslag hiervan op de plenaire agenda
te zetten.
De voorzitter:
Ik stel voor, dit punt toe te voegen aan de agenda van volgende week.
De voorzitter:
Het woord is aan de heer Dijsselbloem.
De heer Dijsselbloem (PvdA):
Voorzitter. Wij zijn zondagavond weer opgeschrikt door brandstichting
bij de islamitische basisschool Bedir. Op 24 februari hebben collega
Van Heemst en ik Kamervragen gesteld over de navolging van de inmiddels meer
dan honderd incidenten die sinds de aanslag op de heer Van Gogh op 2 november
zijn gepleegd, maar die Voorzittervragen zijn nog steeds niet beantwoord.
Wij vragen het kabinet om die vragen snel te beantwoorden en
de twee aanslagen van dit weekend daarbij te betrekken.
De voorzitter:
Ik stel voor, het stenogram van dit gedeelte van de vergadering door te
geleiden naar het kabinet, in het bijzonder naar de minister van Justitie
en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
De voorzitter:
Het woord is aan de heer Bos.
De heer Bos (PvdA):
Voorzitter. Afgelopen weekend zijn er nadere afspraken gemaakt tussen
de coalitiepartijen over het regeringsbeleid. Deze zijn vastgelegd in een
document dat feitelijk functioneert als een aanvulling c.q. correctie op het
bestaande hoofdlijnenakkoord. Wat ons betreft is dit aanleiding om op zo kort
mogelijke termijn te debatteren met de minister-president over de inhoud en
de consequenties van de gemaakte afspraken.
De voorzitter:
Ik stel voor om in te stemmen met dit verzoek en het debat nog heden te
houden en wel meteen na de stemmingen. Ik schat dat dit over een kwartier
à twintig minuten zal zijn; omstreeks kwart over drie. Ik stel voor
om als spreektijd te hanteren ongeveer vijf minuten per fractie.
De voorzitter:
Dat betekent voor de agenda van vandaag dat wij na de stemmingen het debat
over het akkoord hebben. Na de dinerpauze, waarvan ik niet precies kan inschatten
hoe laat deze zal zijn, hebben wij het debat over de Europese Top. Ik sluit
niet uit dat wij vanavond later dan 23.00 uur zullen moeten vergaderen, hetgeen
mij spijt, vooral voor alle medewerkers, maar zo zal de agenda eruitzien.
Ik merk op dat de Groep Wilders en de Groep Lazrak niet aanwezig zijn
bij de stemmingen en zich hebben afgemeld.