De motie motie-Örgü/Atsma (29800-VIII, nr. 172) is in die zin
gewijzigd dat zij thans luidt:
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat er momenteel door de kabelmaatschappijen geen vergoeding
wordt betaald voor de openbaarmaking van de programma's van de publieke omroep
via de kabel;
constaterende dat de publieke omroep aan kabelbedrijven een vergoeding
wil gaan vragen voor openbaarmaking van die programma's;
van mening dat de burger niet via kabeltarieven of de tarieven van andere
distributiekanalen met extra kosten voor doorgifte en auteursrechten van die
publieke-omroepprogramma's geconfronteerd mag worden en daarmee tweemaal,
als belastingbetaler en als consument, voor kosten ten behoeve van de publieke
omroep moet betalen;
spreekt uit dat de publieke omroep uit de haar ter beschikking staande financiële middelen de consument niet via de kabeltarieven
of de tarieven van andere distributiekanalen met extra kosten voor openbaarmaking
van haar programma's confronteert;
verzoekt de regering, de publieke omroep duidelijk te maken dat deze kosten
voor zijn rekening zijn en dat dit besloten ligt in de bedoelingen van de
wetgever;
verzoekt de regering tevens, de kabelmaatschappijen en andere distributeurs
duidelijk te maken dat de consument niet een bijdrage mag worden gevraagd
voor de te leveren programma's van de publieke omroep (Nederland 1, 2 en 3
en Radio 1 tot en met 5),
en gaat over tot de orde van de dag.
Deze gewijzigde motie is voorgesteld door de leden Örgü en Atsma.
Naar mij blijkt, wordt zij voldoende ondersteund.
Zij krijgt nr. 173 (29800-VIII).
De motie is rondgedeeld. Ik constateer dat er geen bezwaar is om direct
over deze motie te stemmen.