Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Justitie en Veiligheid | Staatsblad 2026, 15 | AMvB |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Ministerie van Justitie en Veiligheid | Staatsblad 2026, 15 | AMvB |
Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid van 14 november 2025, directie Wetgeving en Juridische Zaken, nr. 6772099.
Gelet op artikel 391a, tweede lid, onderdeel e, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 10 december 2025, nr. W16.25.00339/II);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, van 19 januari 2026, directie Wetgeving en Juridische Zaken, nr. 7050433;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 2 van het Besluit inhoud bestuursverslag komt te luiden:
Als gedragscode bedoeld in artikel 391a, tweede lid, onderdeel e, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek wordt aangewezen de Nederlandse corporate governance code van 20 maart 2025, gepubliceerd in Staatscourant nr. 36698 d.d. 30 oktober 2025.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
’s-Gravenhage, 23 januari 2026
Willem-Alexander
De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, A.C.L. Rutte
Uitgegeven de tweede februari 2026
De Minister van Justitie en Veiligheid, F. van Oosten
Dit besluit wijzigt het Besluit van 23 december 2004 tot vaststelling van nadere voorschriften omtrent de inhoud van het jaarverslag (hierna: Besluit inhoud bestuursverslag) in verband met de aanwijzing van de in 2025 geactualiseerde Nederlandse corporate governance code (hierna: code).
Op grond van artikel 2:391a, tweede lid, onderdeel e, van het Burgerlijk Wetboek (BW) kunnen bij algemene maatregel van bestuur nadere voorschriften worden gesteld omtrent de inhoud van het bestuursverslag, in het bijzonder wat betreft de naleving van een in de algemene maatregel van bestuur aan te wijzen gedragscode. Dat artikel ziet op EU-implementatie en is hier van toepassing omdat het rapporteren in het bestuursverslag over de naleving van een gedragscode (de corporate governance code) voortvloeit uit artikel 20 van de EU-richtlijn jaarrekening1, waarin is vastgesteld dat vennootschappen verplicht zijn een verklaring inzake corporate governance op te stellen. In 2004 is de code aangewezen als gedragscode voor beursvennootschappen (Stb. 2004, 747). De code is inmiddels herhaaldelijk gewijzigd, namelijk in 2008 (Stb. 2009, 545), 2016 (Stb. 2017, 332) en 2022 (Stb. 2023, 333). De meest recente geactualiseerde versie van de code is in maart 2025 aangepast en gepubliceerd door de Monitoring Commissie Corporate Governance Code. Het Besluit inhoud bestuursverslag verwijst nog naar de vorige versie van de code en daarom is een wijziging nodig.
Het aanvullen van de code met richtsnoeren over de verklaring omtrent risicobeheersing (hierna: VOR) is een indirect gevolg van een aanbeveling uit het onderzoek «Versterking verantwoordingsketen» uit 2021.2 Dit onderzoek is in opdracht van het ministerie van Financiën uitgevoerd door de Universiteit Leiden, naar aanleiding van het eindrapport Vertrouwen op controle van de Commissie toekomst accountancysector. In dit rapport zijn aanbevelingen gedaan ter verbetering van de kwaliteit van de wettelijke accountantscontrole. Als reactie hierop heeft de minister van Financiën de Universiteit Leiden verzocht onderzoek te verrichten naar onder meer de wijze waarop de verantwoordelijkheid van de gecontroleerde entiteit kan worden versterkt. In dit vervolgonderzoek van de Universiteit Leiden hebben de onderzoekers gepleit voor een wettelijke verankering van de VOR. Bij brief van 9 juli 2021 heeft de toenmalige minister van Financiën aan de Tweede Kamer gemeld dat wettelijke verankering van de VOR op dat moment niet opportuun was.3 Omdat de VOR vervolgens in de code is opgenomen, ziet de minister van Financiën ook geen aanleiding meer om over te gaan tot wetgeving.4
Om die reden heeft de Monitoring Commissie Corporate Governance Code op verzoek van de schragende partijen (CNV, Eumedion, Euronext, VEB, VEUO en VNO-NCW) de code uit 2022 aangevuld met richtsnoeren over de VOR. Met deze wijziging wordt tevens voldaan aan de motie-Romke de Jong/Van Weyenberg.5 In die motie is de regering verzocht om te bevorderen dat in de code een bepaling wordt opgenomen die de VOR verplicht stelt bij iedere accountancycontrole bij grote bedrijven. Naar aanleiding van deze motie is een werkgroep gestart om tot een voorstel te komen voor een VOR-bepaling in de code omdat er op dat moment geen Monitoring Commissie Corporate Governance Code actief was. De werkgroep bestond uit de schragende partijen, de FNV, de NBA en twee leden op persoonlijke titel en werd voorgezeten door de heer Van Manen.6 Het doel van de VOR, die nu in de code is opgenomen, is om te waarborgen dat bestuurders verantwoording afleggen over de beheersing van operationele, compliance- en verslaggevingsrisico’s en de effectiviteit van hun interne risicobeheersing- en controlesystemen. Op grond van de vorige versie van de code moet het bestuur van een vennootschap al verklaren dat de interne risicobeheersings- en controlesystemen een redelijke mate van zekerheid geven dat de financiële verslaggeving geen onjuistheden van materieel belang bevat (onderdeel ii van bepaling 1.4.3. van de code). De geactualiseerde versie van de code voegt daaraan toe dat het bestuur ook moet verklaren dat interne risicobeheersings- en controlesystemen ten minste een beperkte mate van zekerheid geven dat de duurzaamheidsverslaglegging geen onjuistheden van materieel belang bevat (onderdeel iii van bepaling 1.4.3. van de code) en welk niveau van zekerheid deze systemen geven dat de operationele en compliance risico’s effectief worden beheerst (onderdeel iv). Dit draagt bij aan het vertrouwen in ondernemingen.7
Vanwege de technische aard van het besluit heeft er geen Internetconsultatie plaatsgevonden.
Er zijn in Nederland ongeveer 140 beursvennootschappen, waarvan bijna 90 met een notering aan Euronext Amsterdam en iets meer dan 50 met een notering aan een niet-Nederlandse beurs. Beursvennootschappen zijn al verplicht te rapporteren over de naleving van de principes en bepalingen van de code. Daarom worden geen extra administratieve lasten verwacht en slechts beperkte eenmalige nalevingskosten. Die vloeien voort uit het feit dat deze vennootschappen moeten gaan rapporteren over de naleving van de VOR-bepaling in de code. Bij de verankering van de herziene code in 2023 is voor de nalevingskosten uitgegaan van vier mandagen per vennootschap. Aangezien de wijzigingen door de meest recente actualisatie beperkter van omvang zijn dan bij actualisatie in 2023, omdat nu slechts van één aanvullende bepaling sprake is, wordt bij deze actualisatie uitgegaan van drie mandagen per vennootschap. Per mandag wordt uitgegaan van kosten van € 432 (op basis van het tarief hoogopgeleide kenniswerker). De totale kosten voor de rapportage over het naleven van de VOR-bepaling bedragen daarmee € 181.440 (€ 432 x 3 dagen x 140 vennootschappen). Aangezien de code een product van zelfregulering is en de vennootschappen zich via de schragende partijen hebben gecommitteerd aan de naleving ervan, worden de nalevingskosten voor de helft beschouwd als bedrijfseigen lasten. De eenmalige nalevingskosten als gevolg van dit besluit worden daarom voor beursvennootschappen in totaal geschat op (€ 181.440 / 2 =) € 90.720. Voor de overheid worden geen kosten verwacht.
De regeldruk is voldoende in kaart gebracht, ATR heeft het dossier niet geselecteerd voor een formeel advies omdat het geen significante gevolgen voorziet voor de regeldruk.
De in artikel 2 opgenomen verwijzing is aangepast naar de actuele geldende code uit 2025. Ten behoeve van de kenbaarheid voor de betrokken ondernemingen, aandeelhouders en andere belanghebbenden is de code gepubliceerd in de Staatscourant.
Het besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad en de verslagleggingsplicht op grond van de geactualiseerde code is van toepassing op bestuursverslagen die zien op boekjaren die aanvangen op of na 1 januari 2025. Dat betekent dat vennootschappen voor het eerst in 2026 verslag doen over de naleving in boekjaar 2025 van de geactualiseerde code. Omdat de VOR op basis van zelfregulering al is opgenomen in de geactualiseerde code die geldt met ingang van boekjaar 2025, sluit de toepasselijkheid van dit besluit daarop aan. Om deze reden bestaat er geen bezwaar om bij de inwerkintreding af te wijken van de vaste verandermomenten.
De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, A.C.L. Rutte
Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad.
Universiteit Leiden, Versterking Verantwoordingsketen – Een wetenschappelijk onderzoek naar de versterking van de verantwoordelijkheid van gecontroleerde entiteiten zelf rondom de accountantscontrole en de jaarverslaggeving. Te raadplegen via: Versterking verantwoordingsketen.
Brief van de voorzitter VOR-werkgroep aan de minister van Financiën, d.d. 20 december 2023, Voorstel+voor+een+VOR+in+de+Code.pdf.
Richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad.
Universiteit Leiden, Versterking Verantwoordingsketen – Een wetenschappelijk onderzoek naar de versterking van de verantwoordelijkheid van gecontroleerde entiteiten zelf rondom de accountantscontrole en de jaarverslaggeving. Te raadplegen via: Versterking verantwoordingsketen.
Brief van de voorzitter VOR-werkgroep aan de minister van Financiën, d.d. 20 december 2023, Voorstel+voor+een+VOR+in+de+Code.pdf.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stb-2026-15.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.